CConstaterende datEersel
Koppel je AI →
Document · PDF

[20.18612] - Bijlage. B transponeringstabel Weerstandsvermogen en risicomanagement (2007) P&C

Raadsvergadering 23 februari 2021, gemeente EerselBij agendapunt: Actualisatie financieel beleid, waaronder de Financiële Verordening Gemeente Eersel 20212.245 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage B Transponeringstabel “Weerstandsvermogen en risicomanagement”

(intrekken “Nota Weerstandsvermogen en risicomanagement 2007” en opnemen in artikel 15 Financiële verordening 2021) Nota Weerstandsvermogen en risicomanagement 2007

Inleiding (par. 1): - Nota vloeit rechtstreeks voort uit de financiële verordening - Verplichte paragraaf Weerstandsvermogen en risicomanagement bij de begroting en rekening (incl. risico’s en weerstandscapaciteit) - Opsomming relevante artikelen BBV Doelstellingen (par. 2): a. Kaderstelling door de raad b. Impact van risico’s reduceren c. Deze nota formuleert beleid d. Actualisatie en nadere invulling e. Toetsen weerstandsvermogen

Definities (par. 3): 1. Weerstandsvermogen: 2. Weerstandscapaciteit 3. Risico’s 4. Risicomanagement

Uitgangspunten (par. 4): -

voor een gezond financieel beleid is het noodzakelijk een minimale omvang voor de algemene reserve (vrij besteedbaar) te bepalen

Toelichting op schrappen beleidsuitgangspunten (reeds opgenomen in het BBV) of omzetten beleidsuitgangspunten naar Financiële Verordening (indien niet of onvoldoende geborgd in het BBV) Deze (wettelijke) uitgangspunten (BBV en art.212 GW) gelden altijd en is dus expliciet opnemen hiermee overbodig (de relevante artikelen BBV staan in bijlage D)

Expliciet opnemen van deze doelstelling in de Financiële verordening is overbodig aangezien deze doelstellingen reeds twee keer per jaar ruimschoots aandacht krijgen in de reeds bestaande paragraaf Weerstandsvermogen en risicomanagement (verplicht bij de begroting en jaarrekening). Voor zover nodig wordt de nadere uitwerking van deze doelstellingen vanuit de andere paragrafen verankerd in het nieuwe artikel 15 van de Financiële verordening (zoals bijv. de gewenste ratio) Expliciet opnemen van de punten 1 t/m 3 is overbodig aangezien deze zaken reeds zijn vastgelegd in artikel 11 van het BBV en/of in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicomanagement (verplicht bij de begroting en jaarrekening) Expliciet opnemen van het volgende is overbodig omdat: - Dit uitgangspunt reeds is opgenomen in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicomanagement

1 20.18612

Nieuw artikel 15 “Paragrafen” in de Financiële verordening 2021

Punt 4 risicomanagement opnemen in artikel 15, lid 2c Financiele verordening

Voorgestelde verankering in de Financiële verordening: - In artikel 15, lid 2a opnemen dat de raad de minimale omvang van de algemene reserve (vrij besteedbaar) minimaal één keer per jaar vaststelt bij de Uitgangspunten voorjaarsnota/begroting”

-

als minimum voor de algemene reserve (vrij besteedbaar) wordt aangehouden de provinciale norm

-

De provinciale norm bestaat niet meer. Het minimum wordt jaarlijks bepaald bij de “Uitgangspunten voorjaarsnota/begroting”

-

Zie hierboven

-

op te heffen reserves en voorzieningen worden in beginsel toegevoegd aan de algemene reserve (vrij besteedbaar) en de berekende rente over de voorzieningen worden middels resultaatbestemming toegevoegd aan de algemene reserve (vrij besteedbaar)

-

Het opheffen van reserves is altijd een bevoegdheid van de raad (zie voorgesteld artikel 10, lid1 Reserves en voorzieningen), zodat op het moment van opheffen de raad gelijktijdig te toevoeging aan de algemene reserve of anderszins kan besluiten. Berekende rente over voorzieningen (bespaarde rente): voorgesteld wordt deze niet meer toe te passen (conform aanbeveling commissie BBV)

-

bestemmingsreserves dienen binnen 5 jaren gerealiseerd te worden. Is dit niet het geval valt de bestemmingsreserve vrij ten gunste van de algemene reserve (vrij besteedbaar)

-

Dit uitgangspunt is komen te vervallen. Hiervoor in de plaats is gekomen artikel 10 lid 2: “Het aantal bestemmingsreserves blijft omwille van de transparantie beperkt tot een minimum.

-

voor een gezond financieel (grond)beleid is het noodzakelijk om een minimale omvang voor de algemene reserve bouwgrondexploitatie te bepalen

-

Dit uitgangspunt is reeds opgenomen in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicomanagement

-

De provinciale norm bestaat niet meer. Het minimum wordt (middels de zogenaamde IFLO-norm) bepaald in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicomanagement (zowel de begroting als de jaarrekening)

-

In artikel 15, lid 2b opnemen dat de raad de minimale omvang van de algemene reserve bouwgrondexploitatie bepaalt in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicomanagement (zowel bij de begroting als de jaarrekening) Zie hierboven

-

als minimum voor de algemene reserve bouwgrondexploitatie wordt de provinciale norm aangehouden

-

2 20.18612

Weerstandscapaciteit (par. 5): -

De weerstandscapaciteit is de verzamelterm van al die bronnen waaruit niet voorziene financiële tegenvallers bekostigd kunnen worden. Het gaat om buffers in het eigen vermogen respectievelijk in de exploitatie die kunnen worden vrijgemaakt om niet begrote kosten te dekken, zonder dat dit gevolgen heeft voor het beleid en de uitvoering van taken.

-

De gemeente Eersel heeft haar weerstandscapaciteit als volgt berekend: Van de exploitatie worden de volgende posten meegenomen:  de stelpost onvoorzien;  saldo van de jaarschijf;  stelpost nieuw beleid. Bij de vermogenspositie gaat het om de volgende zaken:  de omvang van de algemene reserve (vrij besteedbaar);  de omvang van de algemene reserve bouwgrondexploitaties -

Expliciet opnemen van het volgende is overbodig omdat: - In artikel 11, lid 1a van het BBV de weerstandscapaciteit wordt gedefinieerd

-

In het BBV is niet voorgeschreven welke bestanddelen behoren tot de weerstandscapaciteit. Daarom expliciet opnemen in de Financiële verordening

In artikel 15, lid 2d opnemen welke bestanddelen behoren tot de weerstandscapacitiet (stelpost onvoorzien, saldo van de jaarschijven, algemene reserve vrij besteedbaar en algemene reserve bouwgrondexploitatie)

In artikel 15, lid 2d de volgende mogelijkheid opnemen: Indien blijkt dat de weerstandscapaciteit uitgebreid dient te worden, kan er ook voor gekozen worden eventuele bestemmingsreserves mee te nemen.

Voorgestelde verankering in de Financiële verordening:

Er zijn drie stappen in het proces van risicomangement te onderscheiden, namelijk: a. identificatie van risico’s;

3 20.18612

-

-

Wanneer blijkt dat de weerstandscapaciteit uitgebreid dient te worden, kan er ook voor gekozen worden eventuele bestemmingsreserves mee te nemen. De bestemming van een bestemmingsreserve kan namelijk door de Raad veranderd worden.

Risicomanagement (par. 6): -

Voorgestelde verankering in de Financiële verordening:

b. analyse, beoordeling en beheersing van risico’s; c. structurele inpassing in het beleid. Ad a: Identificatie van risico’s In deze fase worden alle potentiële risico’s geïnventariseerd en per risico een risicoverantwoordelijke en omschrijving gegeven. Risico’s kunnen als volgt worden ingedeeld:. - het eigen beleid; - het beleid van hogere overheden; - samenwerking met andere gemeenten of instanties; - voor de gemeente autonome ontwikkelingen ( bijv. economische en maatschappelijke ontwikkelingen); - het doen en/ of nalaten van anderen.

Dit onderscheid is reeds opgenomen in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicomanagement. Het te maken onderscheid kan worden verankerd in het nieuwe artikel 15 van de Financiële verordening

We onderscheiden twee soorten risico’s: a.concrete risico’s: Als regel dienen deze risico’s te worden afgedekt met voorzieningen. b.latente risico’s: Dit zijn de risico’s die in aanmerking kunnen worden gebracht voor de weerstandscapaciteit.

In artikel 11 lid1b van het BBV geeft aan om welke risico’s het gaat: “Alle risico's waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie”

Risico’s relevant voor de weerstandscapaciteit dienen van materiële betekenis te zijn voor het balanstotaal of de financiële positie. Wij rekenen met een ondergrens van € 25.000,- als minimale tegenvaller. Grote risico’s met extreme gevolgen, die zich slechts in zeer zeldzame gevallen voordoen (zoals natuurrampen), worden niet meegenomen.

In het BBV is geen ondergrens aangegeven zodat deze in artikel 15 van de Financiële verordening dient te worden opgenomen. Dit geldt ook voor de grote risico’s met extreme gevolgen

In artikel 15 de minimale ondergrens van € 25.000 opnemen en tevens opnemen dat grote risico’s met extreme gevolgen (zoals natuurrampen) niet worden meegenomen

In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicomanagement wordt een tabel gehanteerd welke is gebaseerd op de nota Weerstandsvermogen en risicomanagement. Om de basistabel te kunnen blijven hanteren dient de verankering plaats te vinden in artikel 15 van de Financiële verordening 4

In artikel 15, lid 2g (zie ook bijlage in de verordening) vastleggen dat in de paragraaf per risico de volgende zaken in een tabel dienen te worden aangegeven:

Ad b: Analyse, beoordeling en beheersing van risico’s Per risico dienen in een tabel de volgende zaken aangegeven te worden: 1. Omschrijving van het risico 2. Een inschatting van de kans dat een gebeurtenis optreedt. Hierbij moet worden aangegeven hoe 20.18612

In artikel 15 opnemen dat de risico’s als volgt worden ingedeeld: a. het eigen beleid b. het beleid van hogere overheden c. samenwerking met andere gemeenten of instanties d. voor de gemeente autonome ontwikkelingen e. het doen en/of nalaten van anderen

1. Omschrijving van het risico 2. Een inschatting van de kans dat een gebeurtenis

vaak een risico zich zal voordoen: a. vierjaarlijks risico (factor 1) b. driejaarlijks risico (factor 1,33) c. tweejaarlijks risico (factor 2) d. jaarlijks risico (factor 4)

optreedt. Hierbij moet worden aangegeven hoe vaak een risico zich zal voordoen: a. vierjaarlijks risico (factor 1) b. driejaarlijks risico (factor 1,33) c. tweejaarlijks risico (factor 2) d. jaarlijks risico (factor 4)

3. In hoeverre het financiële gevolg van een risico is in te schatten, in termen van goed, redelijk, slecht of niet 4. Inschatting van de mogelijke financiële gevolgen als het risico zich voordoet. Hierbij wordt een zestal categorieën onderscheiden, namelijk: a. risico’s met een indicatie > € 25.000,- < € 50.000,(€ 37.500,-); b. risico’s met een indicatie > € 50.000,- < € 250.000,(€ 150.000,-); c. risico’s met een indicatie > € 250.000,- < € 750.000,(€ 500.000,-); d. risico’s met een indicatie > € 750.000,- < € 1.250.000,(€ 1.000.000,-); e, risico’s met een indicatie > € 1.250.000,(geschat indicatief risico); f. risico’s waarvoor geen indicatie is aan te geven (PM) Tussen haakjes is aangegeven hoe het financiële gevolg wordt meegenomen in de berekening. Het aangegeven bedrag wordt vermenigvuldigd met de risicofactor (zie punt 2).

3. In hoeverre het financiële gevolg van een risico is in te schatten, in termen van goed, redelijk, slecht of niet 4. Inschatting van de mogelijke financiële gevolgen als het risico zich voordoet. Hierbij wordt een zestal categorieën onderscheiden, namelijk: a. risico’s met een indicatie > € 25.000,- < € 50.000,(€ 37.500,-); b. risico’s met een indicatie > € 50.000,- < € 250.000,(€ 150.000,-); c. risico’s met een indicatie > € 250.000,- < € 750.000,(€ 500.000,-); d. risico’s met een indicatie > € 750.000,- < € 1.250.000,(€ 1.000.000,-); e, risico’s met een indicatie > € 1.250.000,(geschat indicatief risico); f. risico’s waarvoor geen indicatie is aan te geven (PM) Tussen haakjes is aangegeven hoe het financiële gevolg wordt meegenomen in de berekening. Het aangegeven bedrag wordt vermenigvuldigd met de risicofactor (zie punt 2).

5. Hoe met het risico omgegaan wordt in termen van vermijden, verminderen, overdragen of accepteren:

5. Hoe met het risico omgegaan wordt in termen van vermijden, verminderen, overdragen of accepteren:

a. Vermijden: beleid waardoor een risico ontstaat wordt beëindigd of op een andere manier vormgegeven; b. verminderen: risico wordt afgedekt middels een verzekering, een voorziening of een ander budget in de programmabegroting; c. overdragen: het beleid dat een risico met zich

a. Vermijden: beleid waardoor een risico ontstaat wordt beëindigd of op een andere manier vormgegeven; b. verminderen: risico wordt afgedekt middels een verzekering, een voorziening of een ander budget in de programmabegroting; c. overdragen: het beleid dat een risico met zich 5

20.18612

meebrengt, laten uitvoeren door een andere partij, die daarbij ook de financiële risico’s overneemt; d. accepteren: wanneer het risico niet beïnvloedbaar is en niet op een andere wijze wordt afgedekt, dient eventuele financiële schade volledig middels de weerstandscapaciteit afgedekt te worden.

meebrengt, laten uitvoeren door een andere partij, die daarbij ook de financiële risico’s overneemt; d. accepteren: wanneer het risico niet beïnvloedbaar is en niet op een andere wijze wordt afgedekt, dient eventuele financiële schade volledig middels de weerstandscapaciteit afgedekt te worden.

6. Het “reële” financiële gevolg (kans maal geschat financieel gevolg) van de niet-reguliere risico’s.

6. Het “reële” financiële gevolg (kans maal geschat financieel gevolg) van de niet-reguliere risico’s.

Uit de tabel zal een bedrag voortvloeien dat relevant is voor de berekening van het weerstandsvermogen, namelijk het totale reële financiële gevolg.

Uit de tabel zal een bedrag voortvloeien dat relevant is voor de berekening van het weerstandsvermogen, namelijk het totale reële financiële gevolg.

Ad c: Structurele inpassing in het beleid Om het risicomanagement ook een structurele plaats in het gemeentelijk beleid te geven, zullen de volgende dingen moeten gebeuren: - Opnemen in de B&W- en raadsvoorstellen - Opnemen in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicomanagement - Periodiek actualiseren

Deze structurele inpassing heeft inmiddels plaatsgevonden zodat dit niet expliciet in de verordening hoeft te worden opgenomen

Berekening en beoordeling weerstandsvermogen (par. 7) In deze paragraaf wordt een relatie gelegd tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de niet afgedekte risico’s, met behulp van de ratio weerstandsvermogen. Ratio weerstandsvermogen = beschikbare weerstandscapaciteit/ benodigde weerstandscapaciteit In gemeenteland wordt de ratio weerstandsvermogen als volgt beoordeeld:

In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicomanagement wordt een ratio gehanteerd welke is gebaseerd op de nota Weer6

20.18612

In artikel 15 de ratiotabel opnemen en tevens bepalen dat de streefratio ligt tussen de 1,0 en de 2,0 (zijnde voldoende tot ruim voldoende)

Ratio: > 2,0 1,4 – 2,0 1,0 – 1,4 0,8 – 1,0 0,6 – 0,8 < 0,6

Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende

standsvermogen en risicomanagement. Om de basistabel te kunnen blijven hanteren dient de streefratio voor de gemeente Eersel te worden vastgelegd in artikel 15 van de Financiële verordening

Hoe hoger de ratio weerstandsvermogen, hoe meer (onvoorziene) tegenvallers kunnen worden opgevangen. Echter, ook een hoge ratio weerstandsvermogen is niet altijd ideaal. Wanneer de ratio hoog oploopt, bijvoorbeeld boven de 2,0, kan de kritische vraag worden gesteld of de gemeente het geld wel juist inzet. De gemeente Eersel streeft naar een ratio weerstandsvermogen tussen 1,0 en 2,0. Samenvatting, conclusies en aanbevelingen (par. 8)

alle conclusies en aanbevelingen zijn - voorzover relevant – reeds verwerkt in de paragrafen 1 t/m 7 en worden - indien noodzakelijk opgenomen in artikel 15

7 20.18612

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Eersel&id=6d409532-dfc8-4617-aeb8-58866ffcb5fc