CConstaterende dateemnes
Koppel je AI →
Document · PDF

Wijzigingen verordening sociaal domein gemeente Eemnes 2018

Raadsessie & Raad 27 maart 2023, gemeente eemnesBij agendapunt: Wijzigingen verordening sociaal domein gemeente Eemnes 20183.762 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BESLISVOORSTEL RAAD EEMNES Besluitvormend orgaan Gemeente Eemnes - Gemeenteraad Gemeentecode Eemnes Onderwerp Wijzigingen verordening sociaal domein gemeente Eemnes 2018 Portefeuillehouder Havinga, M. Openbaar Ja Korte inhoud De verordening sociaal domein 2018 dient gewijzigd te worden vanwege het invoeren van de inkomenstoets bij huishoudelijke hulp, een aantal verhelderingen/vereenvoudigingen in de verordening bij Hoofdstuk 7 Wmo en een aantal wijzigingen in de verordening naar aanleiding van wijzigingen van landelijke regelgeving, kaders of jurisprudentie. Besluiten De raad besluit: 1. In te stemmen met het model raadsbesluit wijziging verordening sociaal domein Eemnes 2018, zoals bijgevoegd bij dit voorstel. 2. Kennis te nemen van de intrekking van de “Beleidsregels behorende bij de Verordening sociaal domein gemeente Eemnes 2018” en de “Beleidsregels bekostiging

Leerlingenvervoer Eemnes 2022” en deze te vervangen door de “Beleidsregels sociaal domein gemeente Eemnes 2023”. Aanleiding voorstel In het collegeprogramma Eemnes 2022-2026 staat opgenomen onder 2.4.1 dat met ingang van 1 januari 2023 een inkomenstoets wordt ingevoerd op basis waarvan bepaald Pagina 1 van 11

wordt of er recht is op huishoudelijke hulp. Hiervoor is aanpassing van de verordening sociaal domein Eemnes 2018 nodig. Daarnaast stellen we een aantal verhelderingen of vereenvoudigingen voor in de verordening bij de afdeling Wmo (hoofdstuk 7), zoals het gebruik maken van tegemoetkomingen voor inwoners, het benoemen dat begeleiding als algemene voorziening mogelijk is en het verduidelijken van de term gebruikelijke hulp. Tenslotte wordt een aantal wijzigingen in de verordening voorgesteld naar aanleiding van wijzigingen van landelijke regelgeving, kaders of jurisprudentie. Doel 1. Financiële houdbaarheid Wmo met behoud van de ondersteuning voor degenen, die het minst zelfredzaam zijn; 2. Verduidelijken van hoofdstuk 7 (Wmo) van de verordening sociaal domein gemeente Eemnes 2018; 3. Hoofdstuk 7 van de verordening sociaal domein waar nodig aanpassen op basis van jurisprudentie; 4. Actualiseren van de verordening door middel van enkele technische wijzigingen. Toelichting besluit (argumenten) -

In hoofdstuk 1 wordt voorgesteld enkele begrippen te veranderen of toe te voegen als gevolg van de aanpassingen in hoofdstuk 6 (leerlingenvervoer) en hoofdstuk 7 (Wmo), zoals hieronder nader wordt toegelicht.

-

In hoofdstuk 4 moeten de artikelen 4.2.1, 4.2.2, 4.2.3, 4.2.4, 4.2.5 worden verwijderd als gevolg van de herziening van de individuele studietoeslag in de Participatiewet per 1 april 2022. Dit betreft een technische wijziging. In 2021 werd de Verzamelwet SZW 2022 aangenomen. Onderdeel hiervan is de herziening van de individuele studietoeslag in de Participatiewet per 1 april 2022. De studietoeslag is vanaf die datum geen bijzondere bijstand meer, maar een zelfstandige uitkering binnen de Participatiewet. De artikelen over de studietoeslag in de verordening zijn per 1 april 2022 van rechtswege vervallen doordat de wettelijke grondslag voor dit onderdeel in de verordening (artikel 8 lid 1 onderdeel c en lid 3 Participatiewet) is vervallen. Voor de duidelijkheid adviseren we om de genoemde artikelen uit de verordening te verwijderen.

-

In hoofdstuk 6 (leerlingenvervoer) is gekozen om artikel 1 definities te laten vervallen en de ontbrekende begrippen toe te voegen aan hoofdstuk 1 artikel 1.1 begrippen. De nummering is aangepast (artikel 1 is gewijzigd in artikel 6.1.1 enz).

-

We maken van de gelegenheid gebruik om ook de tekst van de verordening (met name in hoofdstuk 6 leerlingenvervoer) te redigeren.

-

In de gemeentelijke praktijk is er soms onduidelijk wat er beschouwd wordt als ‘gebruikelijke hulp. Daarom stellen we voor om de tekst uit bijlage 1 “Gebruikelijke Pagina 2 van 11

hulp Wmo 2015” van de verordening sociaal domein uit te breiden. De oorspronkelijke tekst van bijlage 1 is samen met de tekst van hoofdstuk 7 bij dit raadsvoorstel gevoegd. De nieuwe tekst van bijlage 1 van de verordening is te vinden in het bijgevoegde raadsbesluit. In hoofdstuk 7 is de volgorde van artikelen soms gewijzigd naar een logischere

-

indeling en zijn er daarnaast tekstuele wijzingen aangebracht voor een betere leesbaarheid. Daarom stellen we voor om hoofdstuk 7 uit de verordening in zijn geheel te vernieuwen en niet te werken met een ‘was’ ‘wordt’ lijst. Ter kennisname is het huidige hoofdstuk 7 van de verordening bijgevoegd. Hieronder benoemen we de voorgestelde wijzigingen in hoofdstuk 7: 1. Wijziging financiële zelfredzaamheid Voorstel inkomensafhankelijke toegang hulp bij het huishouden In overeenstemming met het collegeprogramma stellen we voor om aan de hand van een draagkrachtnorm te toetsen of iemand financieel zelfredzaam genoeg is om zelf particuliere hulp bij het huishouden te regelen. Dit willen we doen we door lid 4 toe te voegen aan artikel 7.1.3 Weigeringsgronden: inwoners met een inkomen boven de draagkrachtnorm komen niet meer in aanmerking bij een nieuwe aanvraag voor hulp bij het huishouden via de Wmo door één van de leveranciers waarmee we een inkoopcontract hebben. Inwoners, die al hulp bij het huishouden via de Wmo krijgen behouden hun indicatie. Met deze plannen lopen we vooruit op het regeerakkoord, waarin de afspraak staat om in 2025 tot een “eerlijk systeem” voor eigen bijdrage Wmo te komen (lees: afhankelijk van inkomen).

Gelet op de financiële houdbaarheid van de Wmo voorzieningen en de aanzuigende werking die het abonnementstarief tot gevolg heeft gehad, stellen we voor om niet te wachten tot 2025. De huidige staatssecretaris heeft aangegeven om in het kader van interbestuurlijk toezicht niet bestuurlijk in te grijpen wanneer bezwaar- en/of beroepsprocedures open staan voor inwoners (kamerbrief interbestuurlijk toezicht Wmo 2015 d.d. 22-4-2022).

Motivering -

Met een inkomensafhankelijke toegang voor de Wmo voorziening hulp bij het huishouden sluiten we aan bij het collegeprogramma.

-

Al enige tijd is er sprake van personeelskrapte bij de gecontracteerde aanbieders voor hulp bij het huishouden. Met het invoeren van een draagkrachtnorm houden we deze voorziening beter toegankelijk voor de inwoners die deze voorziening nodig hebben, maar die financieel minder zelfredzaam zijn.

-

We houden de uitvoering van de Wmo 2015 financieel houdbaar. Inwoners die hulp bij het huishouden zelf kúnnen betalen, móeten dit ook zelf betalen. Ook gelet op Pagina 3 van 11

alles wat landelijk nog moet worden geregeld om de inkomensafhankelijke eigen bijdrage vanaf 1 januari 2025 in te voeren voor hulp bij het huishouden, is het goed denkbaar dat deze datum zal worden uitgesteld. Dit maakt dat we adviseren om 2025 niet af te wachten, maar in 2023 een draagkrachtnorm in te voeren. -

Hoewel een weigeringsgrond op basis van inkomen niet volgens de letter van de wet is, past dit wel bij de geest van de Wmo, waarin het begrip zelfredzaamheid centraal staat.

-

Hulp bij het huishouden is de voorziening met de grootste aanzuigende werking als gevolg van invoering van het abonnementstarief. De landelijke plannen voor een inkomensafhankelijke bijdrage beperken zich dan ook tot de voorziening hulp bij het huishouden.

-

Een met het inkomen meestijgende bijdrage voor hulp bij het huishouden vanuit de gemeente is praktisch niet goed uitvoerbaar. Ook is nog niet bekend bij welk inkomen de eigen bijdrage voor hulp bij het huishouden met welk bedrag zal stijgen in 2025. Dit maakt dat we momenteel nog niet goed bij de kabinetsplannen kunnen aansluiten. Een weigeringsgrond bij een hoog inkomensniveau is het beste alternatief tot 2025.

Voorgenomen kabinetsplannen In een kamerbrief van 4 november 2022 (Kamerbrief over uitwerking stelselonderwerpen Wmo 2015 | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl) zijn de plannen voor herinvoering van een inkomensafhankelijke bijdrage voor hulp bij het huishouden verder toegelicht: het is de bedoeling dat inwoners met een inkomen boven 185% van het sociaal minimum1 een eigen bijdrage gaan betalen bovenop het abonnementstarief voor de voorziening hulp bij het huishouden. Daarbij stijgt de hoogte van de eigen bijdrage mee met de hoogte van het inkomen. Bij een inkomen van € 1000,- per jaar boven 185% sociaal minimum,

bedraagt de eigen bijdrage ca. € 6,70 per maand bovenop het abonnementstarief. Bij een inkomen van meer dan ca. € 66.000,- bedraagt de eigen bijdrage maximaal € 255,-

bovenop het abonnementstarief. Door indexeringen kunnen deze bedragen nog wijzigen. Voorstel hoogte draagkrachtnorm Gelet op het voornemen van het kabinet, stellen we een draagkrachtnorm voor van 200% van het geldend minimumloon vanaf 21 jaar inclusief vakantiegeld2. Medio 2022 komt dit neer op een bedrag van zo’n € 44.500,- bruto per jaar. Bij dit inkomensniveau wordt er 1 In 2021 lag 185% van het sociaal minimum voor een alleenstaande met AOW op een bedrag van

ca. €30.000,2 De draagkrachtnorm wordt bepaald door bij een inkomen van 200% of meer van het minimum de

zorgkosten af te trekken van het inkomen. Wanneer blijkt dat het inkomen daardoor onder de draagkrachtnorm zakt, wordt hulp bij het huishouden alsnog toegekend.

Pagina 4 van 11

na invoering van de landelijke inkomensafhankelijke bijdrage namelijk geen financieel voordeel van hulp bij het huishouden verwacht: 2 uur per week particuliere hulp bij het huishouden kost (afhankelijk van het uurtarief) ongeveer € 125 tot € 145 per maand.

Daarnaast is hulp bij het huishouden via de Wmo ‘sober en doelmatig’ en gericht op ‘een voldoende schoon huis’. Via een particuliere hulp kan desgewenst voor een hoger

kwaliteitsniveau worden gekozen. Een ander voordeel van particuliere hulp is dat een inwoner niet per se thuis hoeft te zijn op het moment dat de hulp er is. Dit biedt meer vrijheid. Een inwoner met bijvoorbeeld een inkomen van € 34.000,- per jaar (150% minimum inkomen) zal ook met een inkomensafhankelijke eigen bijdrage bovenop het abonnementstarief nog steeds voordeliger uit zijn met hulp bij het huishouden via de Wmo dan wanneer hij dit volledig zelf moet financieren. Wanneer deze inwoners op basis van hun inkomen niet in aanmerking komen voor hulp bij het huishouden, zullen ze vermoedelijk sneller in bezwaar gaan of anders vanaf 2025 opnieuw aankloppen voor hulp bij het huishouden via de Wmo. Dit betekent een extra beroep op de ambtelijke capaciteit. Risico Ondanks de zorgvuldige keuze voor een draagkrachtnorm van 200% is er een reëel risico dat inwoners bezwaar maken tegen de financiële toetsing, die formeel nog niet is toegestaan conform de Wmo 2015. Hoewel een draagkrachtnorm vanuit sociaal opzicht verdedigbaar is, is deze juridisch kwetsbaar. In de gemeente Laren (die vanaf april 2021 met een inkomenstoets werkt) is er tot nu toe een enkele inwoner geweest, die een bezwaar heeft ingediend, dat door de bezwaarschriftencommissie is behandeld.

Daarbij is het besluit dat vanwege een te hoog inkomen geen hulp bij het huishouden is toegekend in stand gebleven, omdat de bezwaarcommissie de beschikking heeft getoetst aan de lokale verordening. Geen enkele inwoner is tot nu toe in hoger beroep gegaan. De kans bestaat echter dat een rechter anders oordeelt, omdat deze toetst aan de Wmo 2015 en niet aan een lokale verordening. In eerdere uitspraken van de rechter was de situatie overigens niet 1 op 1 te vergelijken met ons voorstel: -

het ging om een herindicatie (bij ons gaat het alleen om nieuwe indicaties) of; het ging om een uitspraak in 2019, toen de nieuwe kabinetsplannen voor een inkomensafhankelijke eigen bijdrage nog niet bekend waren of;

-

er was niet goed getoetst of een inwoner ook het organisatorische vermogen had om hulp bij het huishouden zelf te regelen (dit is bij ons wel geregeld) of;

-

er was niet duidelijk opgenomen dat hulp bij het huishouden op de markt wordt aangeboden en passend is (dit is bij ons wel geregeld).

Pagina 5 van 11

Op basis van de uitspraak van een rechter is het echter mogelijk dat afwijzingen op basis van inkomen terug gedraaid moeten worden. 2. Wijziging begrip persoonlijk plan Het begrip “persoonlijk plan” wordt nog wel in de verordening gebruikt, maar in de

communicatie met inwoners wordt in de uitvoeringsdienst gesproken over het “plan van aanpak. Daarom wordt voorgesteld om dit ook te wijzigen in lid 17 van artikel 1.1 (begrippen) uit Hoofdstuk 1 van de verordening. 3. Wijzigingen met betrekking tot financiële tegemoetkoming We stellen voor om voortaan een tegemoetkoming in de kosten te geven aan inwoners bij een verhuizing, een woningaanpassing, het bezoekbaar maken van een woning, het gebruik van een eigen auto en een sportvoorziening. Voorheen werd dit via een pgb geregeld. Met een tegemoetkoming in de kosten hoeven cliënten niet te voldoen aan de eisen, die er aan het beheren van een pgb worden gesteld. Een tegemoetkoming in de kosten is eenvoudiger aan te vragen en af te handelen. De voorzieningen, waarvoor een tegemoetkoming in de kosten aangevraagd kan worden zijn opgenomen in paragraaf 4 van hoofdstuk 7 van de verordening. Ze zijn grotendeels vergelijkbaar met de eerdere artikelen in paragraaf 2 van hoofdstuk 7 (regels voor het pgb). Hiertoe moet ook een definitie van een financiële tegemoetkoming worden toegevoegd aan de verordening. Dit gebeurt door de toevoeging van lid 27 aan artikel 1.1 van de verordening (“begrippen”). 4.

Wijziging naar aanleiding van jurisprudentie In februari 2022 is er een uitspraak geweest over woonvormen voor bewoners met een Wlz-indicatie, waarbij wonen en zorg onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn en waarbij geen sprake is van zelfstandig wonen. In die situaties, hoeven voorzieningen, die op basis van de aard van de doelgroep periodiek nodig zijn, niet via de Wmo te worden toegekend. Die zouden tot de standaard uitrusting moeten behoren. Dit ondanks het feit dat een dergelijke woonvorm zonder de functie verblijf geen toelating en erkenning voor de Wet toelating zorginstellingen (WTZi) heeft en daarom op grond van de Wlz geen aanspraak kan maken op roerende goederen. Een voorbeeld van zo’n voorziening is een tillift in een woonvorm voor bewoners met dementie, omdat zij regelmatig ook lichamelijke beperkingen hebben, waarbij een tillift nodig is. Voor de duidelijkheid richting inwoners stellen we voor om aan artikel 7.1.3. lid 2 sub h toe te voegen aan de verordening. Wanneer het gaat om een unieke voorziening, die zeer specifiek voor één enkele bewoner nodig is, dan beschouwen wij zo’n

voorziening als “niet voorzienbaar” en dan kan wel een beroep gedaan worden op verstrekking vanuit de Wmo.

Pagina 6 van 11

Deze wijziging als gevolg van de uitspraak, betekent een bezuiniging voor de gemeente en een kostenverhoging voor woonvormen, waarbij sprake is van scheiden van wonen en zorg, omdat voorzieningen, die regelmatig nodig zijn voor de bewoners, voortaan zelf aangeschaft moeten worden en niet vanuit de Wlz vergoed worden. Gelet op de toename van dergelijke woonvormen, onder andere voor ouderen met dementie en het feit dat de bewoners vooral mensen zijn met een hoger inkomen, adviseren we om de verordening in overeenstemming met de uitspraak aan te passen. 5. Wijziging kilometervergoeding Landelijk wordt de onbelastbare kilometervergoeding in 2023 verhoogd van € 0,19 naar € 0,21 per kilometer. Mede gelet op de hoge brandstofprijzen, adviseren wij om artikel 6.3.5 en 7.4.5 in de verordening hierop aan te passen. 6. Verduidelijking van het gebruik van algemene voorzieningen in de Wmo In de verordening worden algemene voorzieningen tot nu toe bij de Wmo niet benoemd, terwijl steeds meer gebruik wordt gemaakt van de inzet van algemene voorzieningen vanuit de Wmo. Een voorbeeld hiervan is ondersteuning door gemeentelijke begeleiders, die zonder indicatie als algemene voorziening geboden wordt.

Door in de verordening de mogelijkheid van algemene voorzieningen te benoemen en dat deze voorliggend zijn aan maatwerkvoorzieningen, wordt aan inwoners meer duidelijkheid gegeven over de inzet van algemene voorzieningen. 7. Tekstuele wijzigingen en wijziging in toelichting De noodzakelijke aanpassing van de verordening vanwege de financiële zelfredzaamheid bij hulp bij het huishouden hebben we aangegrepen om hoofdstuk 7 van de verordening leesbaarder te maken. Hiervoor hebben we enkele tekstuele wijzigingen aangebracht en overbodige artikelen geschrapt (bv. 7.2.1 lid 3 onder f omdat dit én nauwelijks voorkomt én al geregeld wordt in artikel 7.2.1 lid 3 onder b en lid 4 onder a aangepaste verordening). Omdat een verordening een juridisch document is, waar zowel inwoners als ambtenaren houvast aan ontlenen, is het niet mogelijk om een verordening op B1 taalniveau te schrijven. Wel hebben we bij verschillende artikelen een toelichting opgenomen, zodat vooral voor inwoners duidelijk is hoe een bepaald artikel geïnterpreteerd moet worden. Deze toelichting is in de bijlage terug te vinden. Daarnaast is er gratis cliëntondersteuning beschikbaar voor inwoners. Aanpassing beleidsregels Gelijktijdig met de wijzigingen in de verordening, worden de beleidsregels behorende bij de verordening sociaal domein gewijzigd. Dit is een bevoegdheid van het college, dat hiermee heeft ingestemd.

Ter kennisname zijn de “Beleidsregels Sociaal gemeente Eemnes 2023” bij dit

raadsvoorstel gevoegd. Deze dienen ter vervanging van de “Beleidsregels behorende bij Pagina 7 van 11

de Verordening sociaal domein gemeente Eemnes 2018” en de “Beleidsregels bekostiging Leerlingenvervoer Eemnes 2022”. Omdat we een integrale verordening sociaal domein

hebben, is ervoor gekozen om ook integrale beleidsregels aan te houden, die betrekking hebben op deze verordening. Naast de procedurele aanpassing vanwege de keuze voor één integrale set beleidsregels, zijn er een aantal inhoudelijke aanpassingen van de beleidsregels: het benoemen van algemeen gebruikelijke voorzieningen bij hulp bij het

-

huishouden, uitgangspunten voor eigen kracht en uitgangspunten bij wasverzorging, personeelstekort en niet uitstelbare taken. Deze veranderingen hebben betrekking op hoofdstuk 7 (Wmo). De grootste verandering is dat strijken in principe niet langer meer tot de wasverzorging behoort. de vanaf de invoering van het abonnementstarief gehanteerde werkwijze over

-

pauzeren van het abonnementstarief Wmo formeel is nu als beleidsregel opgenomen. Ook deze aanpassing heeft betrekking op hoofdstuk 7 van de verordening. de beleidsregel (art. 4.3) behorende bij de artikelen over de individuele

-

studietoeslag (4.2.1 t/m 4.2.5) in de verordening sociaal domein gemeente Eemnes 2018 is verwijderd omdat de artikelen over de studietoeslag in de verordening per 1 april 2022 van rechtswege zijn vervallen. Voor de duidelijkheid is dit artikel ook uit de beleidsregels verwijderd. Vastgesteld wettelijk- en beleidskader -

Gemeentewet

-

Wet maatschappelijke ondersteuning 2015

-

Participatiewet

Relatie BEL-gemeenten en BEL Combinatie In alle gemeenten wordt een voorstel wijzigingen verordening sociaal domein aangeboden aan de raden. Voor Laren geldt dat de inkomenstoets daar al was ingevoerd, dus de verordening wordt op dit punt niet aangepast. Kanttekeningen Gelet op het juridische advies van de afdeling Juridische Zaken Huizen af te zien van het invoeren van een weigeringsgrond voor hulp bij het huishouden op basis van inkomen door het toevoegen van lid 4 aan artikel 7.1.3 van de verordening, omdat dit in strijd is met de wet. De betrokken juristen adviseren om te wachten tot het kabinet de inkomensafhankelijke bijdrage heeft ingevoerd. Het afhouden van de toegang tot de Wmo is blijkens jurisprudentie en de wetgever zelf thans onrechtmatig.

Pagina 8 van 11

De inkomensafhankelijke eigen bijdrage is gepland voor januari 2025. Hiervoor moet er zowel op juridisch, organisatorisch als op ICT-gebied nog veel geregeld worden. Het is dan ook goed denkbaar dat deze datum zal worden uitgesteld. Gelet op het tekort aan medewerkers hulp bij het huishouden, het feit dat we willen dat de minst (financieel) zelfredzame inwoners een beroep kunnen blijven doen op hulp bij het huishouden en dat we de Wmo financieel houdbaar willen houden, adviseren we om 2025 niet af te wachten, maar om in 2023 een draagkrachtnorm in te voeren. Financiën

Wijziging kilometervergoeding De wijziging van de kilometervergoeding van € 0,19 naar € 0,21 per km leidt slechts tot een marginale toename van kosten (paar honderd euro per jaar per gemeente). Deze zullen bij de opstelling van de begroting 2024 worden meegenomen.

Invoering inkomensafhankelijke toegang huishoudelijke hulp De invoering van een inkomensafhankelijke toegang voor huishoudelijke hulp zal leiden tot minder meerkosten voor 2023 en volgende jaren. Aangezien geen inkomensgegevens worden vastgelegd, kan slechts een inschatting worden gemaakt van het voordelig effect. Op basis van gegevens vanuit het CBS en de inkomenstoets in de gemeente Laren kan op basis van de jaarlijks nieuwe instroom de volgende schatting worden gemaakt. Deze schatting is aan de voorzichtige kant. Gemeente

Verwachte effecten door inkomenstoets

besparing

(afwijzingen en minder aanvragen)

Blaricum

8 tot 13 maal per jaar

Eemnes

7 tot 12 maal per jaar

Huizen

34 tot 57 maal per jaar

Laren

ca. 7 maal per jaar

Verwachte jaarlijkse

€ 21.000 tot € 35.500

€ 19.500 tot € 32.500

€ 96.000 tot €160.000 ca. € 20.000

Deze besparingen (minder meerkosten) zullen zich jaar op jaar voordoen. 3 Gezien de door het rijk geplande invoering in 2025 van de inkomensafhankelijke bijdrage voor de huishoudelijke hulp, de overlap met de inkomensafhankelijke toegang en de juridische houdbaarheid hiervan, zullen bovengenoemde jaarlijkse financiële effecten niet vooraf maar achteraf bij de actualisering van de begroting worden opgenomen.

3 Er wordt bij de geschatte besparingen geen rekening gehouden dat dit ook jaarlijks tot 100

bezwaren kan opleveren met alsnog de verplichting om huishoudelijke hulp tot 2025 door te blijven leveren en de kosten van bewaar en de juridische afhandeling.

Pagina 9 van 11

Overigens zijn gemeenten door het rijk vanaf 2025 reeds gekort voor invoering van de inkomensafhankelijke bijdrage. Deze korting is doorgevoerd via de meicirculaire 2022. Deze korting is budgetneutraal verwerkt in de begroting aangezien er vanuit wordt gegaan dat deze maatregel zal leiden tot enerzijds vraaguitval en anderzijds een hogere ontvangst eigen bijdrage huishoudelijke hulp. De komende 1,5 jaar zal blijken wat de werkelijk gerealiseerde besparingen zijn van de inkomensafhankelijke toegang. In de tussentijd zal meer duidelijkheid komen omtrent de invoering door het rijk van de inkomensafhankelijk bijdrage en de juridische houdbaarheid van de inkomensafhankelijke toegang. Bij de opstelling van de begroting 2025 kan dan structurele vertaling in de begroting plaatsvinden. Begrotingswijziging nodig? Nee Uitvoering Zoals gebruikelijk bij het aanpassen van de verordening sociaal domein, hebben we de adviesraad sociaal domein HBEL actief om advies gevraagd. Het advies van de adviesraad is als bijlage bij dit raadsvoorstel gevoegd. In het algemeen komt het er op neer dat de adviesraad van mening is dat de inkomenstoets uit sociaal oogpunt verdedigbaar is, maar juridisch zwak vindt. Mede daarom vroeg de adviesraad op enkele onderdelen om een betere onderbouwing. In de eveneens bijgevoegde reactie aan de adviesraad kunt u lezen hoe dit advies in de verordening verwerkt is.

Op basis van ervaringen, jurisprudentie en wetswijzigingen zal worden bepaald wanneer actualisatie nodig is. Communicatie De gewijzigde verordening sociaal domein gemeente Eemnes 2018 wordt na instemming van de raad gepubliceerd in het elektronisch gemeenteblad en treedt in werking de 8 e dag na bekendmaking. Na besluitvorming door de raad, wordt de website www.maatschappelijkezaken.nl waar nodig aangepast aan de wijzigingen in de verordening en de beleidsregels en worden de inwoners via de lokale gemeentelijke kanalen geïnformeerd over de aanpassing van de verordening en in het bijzonder over het invoeren van de draagkrachtnorm voor hulp bij het huishouden. Bijlagen 1. Raadsbesluit wijzigingen verordening sociaal domein Eemnes2018 2. Beleidsregels verordening sociaal domein Eemnes 2023

Pagina 10 van 11

3. Huidige tekst verordening sociaal domein Eemnes 2018 Hoofdstuk 7 Wmo en bijlage 1 Gebruikelijke Hulp Wmo 2015 4. Toelichting verordening sociaal domein Eemnes 2018 5. Advies adviesraad wijzigingen verordening 6. Reactie op advies adviesraad Steller L. Broeze(lbroe). Registratiedatum 18 januari 2023

Pagina 11 van 11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12559684/1