Treffen GR ODU en zienswijze ontwerp bijdrageverordening en ontwerp programmabegroting 2026 ODU
Tekst van het document
BESLISVOORSTEL RAAD EEMNES Besluitvormend orgaan Gemeente Eemnes - Gemeenteraad Gemeentecode Eemnes Onderwerp Treffen GR ODU en zienswijze ontwerp bijdrageverordening en ontwerp programmabegroting 2026 ODU Portefeuillehouder Eek, J. Openbaar Ja Korte inhoud De algemeen besturen van de Omgevingsdienst Regio Utrecht (hierna: ODRU) en Regionale Uitvoeringsdienst Utrecht (hierna: RUD Utrecht) hebben het college en de gemeenteraad het voorstel voor het treffen van Gemeenschappelijke regeling (hierna: GR) Omgevingsdienst Utrecht (hierna: ODU) en de ontwerp bijdrageverordening en ontwerp programmabegroting 2026 voor de ODU toegezonden. Voorgesteld wordt te besluiten de GR te treffen en een zienswijze in te dienen op de ontwerp bijdrageverordening en ontwerp programmabegroting 2026. Besluiten De raad besluit: 1. Kennis te nemen van het voorstel tot het treffen van GR ODU, de concept Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht (ongemarkeerde en gemarkeerde versie), reactie op de zienswijze ontwerp Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht en Toelichting Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht;
Pagina 1 van 10
2. Kennis te nemen van de ontwerp bijdrageverordening en ontwerp programmabegroting 2026 van GR ODU en de bijbehorende aanbiedingsbrieven; 3. Het college toestemming te verlenen tot het treffen van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht; 4. De algemeen besturen van de ODRU en RUD Utrecht te verzoeken tot een evenwichtige samenstelling van het dagelijks bestuur van de ODU en het inzichtelijk maken van efficiëntiewinst en kostenbesparingen; en 5. In te stemmen met de zienswijze en deze kenbaar te maken bij de algemeen besturen van de ODRU en RUD Utrecht middels bijgevoegde brief. Aanleiding voorstel De algemeen besturen van de ODRU en RUD Utrecht hebben het voorstel voor het treffen van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht en de ontwerp bijdrageverordening en ontwerp programmabegroting 2026 van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht aangeboden aan het college en de raad. Verzocht wordt om: - uiterlijk 8 oktober 2025 te besluiten over het treffen van de gemeenschappelijke regeling, en - uiterlijk 17 oktober 2025 een zienswijze inzake de ontwerp bijdrageverordening en ontwerp programmabegroting 2026 kenbaar te maken. Na besluitvorming door de provincie en gemeenten zal door de algemeen besturen worden bepaald of de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht tot stand is gekomen.
In dit geval zal in november een oprichtingsvergadering van de Omgevingsdienst Utrecht plaatsvinden waaraan de door de provincie en gemeenten aangewezen (plaatsvervangende) leden van het AB deelnemen. De ontwerp bijdrageverordening en ontwerp programmabegroting 2026 zullen door het Algemeen Bestuur van de ODU worden vastgesteld op 10 november 2025. Doel De oprichting van één nieuwe omgevingsdienst in de provincie Utrecht die voldoet aan de wettelijke robuustheidscriteria, in staat is in te spelen op maatschappelijke ontwikkelingen, bijdraagt aan een gezondere, veiligere en duurzamere leefomgeving en zorgt voor een gelijk speelveld voor inwoners en bedrijven in de gehele provincie Utrecht. Toelichting besluit (argumenten)
1.1 De voorgestelde Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht wordt breed gesteund. De deelnemende gemeenten en provincie Utrecht hebben in hun zienswijze een brede steun en betrokkenheid uitgesproken naar de besturen van de ODRU en RUD Utrecht. Pagina 2 van 10
1.2 U heeft een inhoudelijke reactie ontvangen die recht doet aan uw zienswijze. Uw college heeft een zienswijze ingediend waarin uw input is meegenomen. De beantwoording van deze zienswijze komt volledig tegemoet aan het verzoek om tijdig de financiële consequenties voor gemeente Eemnes in beeld te brengen. Het proces en de planning zijn zodanig aangepast dat het college nu inclusief de financiële consequenties het verzoek aan de raad kan doen om toestemming te verlenen tot het treffen van de nieuwe gemeenschappelijke regeling (en deelname hierin). De (financiële) consequenties voor de gemeente als gevolg van de nieuwe Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht zijn helder.
1.3 Uit de zienswijzen van twee gemeenten volgen enkele aanpassingen in de concept GR. De gemeenten Bunnik en De Bilt hebben opmerkingen geplaatst die tot tekstuele aanpassingen hebben geleid van de ontwerp-Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht. De overweging en wijzigingen zijn opgenomen in bijlagen 1.2., 1.3. en 1.4.
2.1 De ontwerp bijdrageverordening en ontwerp programmabegroting 2026 zijn zorgvuldig tot stand gekomen. De basis voor deze ontwerp programmabegroting en ontwerp bijdrageverordening zijn de bestuurlijke afspraken zoals verwoord in het Richtingsplan. Ook is ingegaan op kwaliteitsverbetering, innovatie en de actuele robuustheidscriteria waar Omgevingsdiensten per 1 april 2026 aan moeten voldoen. Voor gemeente Eemnes is in de basis uitgegaan van het ten minste voortzetten van de taken met bijbehorende inzet conform de Dienstverleningsovereenkomst RUD Utrecht 2025. De ontwerp bijdrageverordening en ontwerp programmabegroting 2026 onderbouwen de gemeentelijke bijdrage. De bijdrage voor 2026 door gemeente Eemnes bedraagt € 300.300.
Pagina 3 van 10
2.2 De ontwerp programmabegroting 2026 bevat een aanvullende taakophoging als
gevolg van het inbrengen van regionale en gezamenlijke opdrachten. De ODU heeft de ambitie om actief bij te dragen aan opgaven die gemeentegrenzen overstijgen. Hiervoor is een financieringssystematiek ontwikkeld waarmee structureel ruimte wordt gecreëerd voor het uitvoeren van taken en projecten met een regionaal of gezamenlijk belang. Deze systematiek is in lijn met uitgangspunten uit het richtingsplan en biedt een geborgde manier om samenwerking te faciliteren en te bekostigen. Het betreft een vast bedrag van € 500.000 dat naar rato verdeeld wordt onder de deelnemers (circa 0,7% of € € 3.500 voor Eemnes) en een bijdrage in uren van 4% van de uren uit het DVO van de deelnemers, tot een maximum van 350 uren (56 uren, circa € 4.578 voor Eemnes). 2.3 De basis voor de ontwerp bijdrageverordening zijn de bestuurlijke afspraken zoals
verwoord in het Richtingsplan en wijkt weinig tot niet af van de Bijdrageverordening RUD Utrecht. Financieringssystematiek Net als de RUD Utrecht hanteert de ODU een (gemengde) output-financieringssystematiek waarbij de variabele bijdrage wordt gebaseerd op de afname van het aantal producten en diensten. Elk product/dienst heeft een prijskaartje, gebaseerd op het aantal uren dat dit product/dienst kost. Op deze wijze wordt het variabele deel van de bijdrage (uurtarief € 81,75) van de deelnemers vastgesteld. Samen met het vaste deel (naar rato), ter financiering van de vaste kosten, wordt de totale bijdrage per deelnemer bepaald. Deze totale bijdragen zijn verwerkt in de ontwerp programmabegroting 2026. Voor aanvullende of projectmatige opdrachten geldt dat het uurtarief wordt verhoogd met 15% of tot het minimaal verwachte inhuurtarief (indien dit hoger is), en bij een overschrijding van het aantal uur dat meer is dan 10% van de meerjarige dienstverleningsovereenkomst vindt een herrekening van de vaste bijdrage plaats. Facturatie De ODU factureert, net als de RUD Utrecht, per kwartaal een voorschot van de jaarlijkse bijdrage aan de gemeente.
Pagina 4 van 10
Verdeelsleutel bij een negatief exploitatiesaldo Is er sprake van een negatief exploitatiesaldo dan wordt dit saldo onttrokken aan de algemene reserve, tenzij het algemeen bestuur een andere resultaatverdeling vaststelt. Als het negatieve exploitatiesaldo niet kan worden opgevangen door de algemene reserve van de Omgevingsdienst, dan dragen de deelnemers bij naar rato. Het dagelijks bestuur informeert de deelnemers wanneer een negatief exploitatiesaldo dreigt, zo spoedig mogelijk na de constatering daarvan, en wanneer dit effect zal hebben op de deelnemersbijdragen. Verdeelsleutel bij een positief exploitatiesaldo Is er sprake van een positief exploitatiesaldo, dan wordt dit saldo toegevoegd aan de algemene reserve als weerstandsvermogen. Bereikt de algemene reserve een niveau van meer dan 7% van het totaal van de opbrengsten zoals opgenomen in de jaarrekening van het desbetreffende jaar, dan wordt het overschot terugbetaald aan de deelnemers.
2.4 Inzicht in de eventuele efficiëntievoordelen als gevolg van de fusie zijn in deze fase nog niet in te schatten, maar op termijn is dit inzicht wél wenselijk. Een fusieproces heeft tijd nodig om volledig tot ontplooiing te komen. Hoewel efficiëntievoordelen een logisch gevolg kunnen zijn van schaalvergroting, is het op dit moment niet passend om deze direct te onderzoeken. De prioriteit ligt bij een stabiele overgang en het garanderen van een hoogwaardige dienstverlening. Binnen een termijn van twee à drie jaar moeten schaalvoordelen en procesoptimalisaties hebben bijgedragen aan een efficiëntere uitvoering van taken. Dat is het moment waarop van de nieuwe dienst een uitgebreide evaluatie kan worden gevraagd waarbij alle mogelijkheden tot kostenbesparing in kaart worden gebracht.
3. Het treffen van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht zorgt voor een nodige kwaliteitsverbetering en efficiëntie. De huidige omgevingsdiensten in Utrecht, de ODRU en RUD Utrecht, voldoen niet aan de robuustheidscriteria voor omgevingsdiensten. Dit houdt in dat zij onvoldoende in staat zijn hun werkzaamheden met voldoende kwaliteit uit te voeren en zo bij te dragen aan een schone, veilige en duurzame leefomgeving. De doel van het treffen van de Omgevingsdienst Utrecht is om uiterlijk 1 april 2026 aan alle wettelijke robuustheidscriteria te voldoen. Naast een kwaliteitsverbetering zal de nieuwe Omgevingsdienst naar verwachting ook schaalvoordelen bieden, wat tot lagere financiële lasten voor de deelnemers leidt ten opzichte van de voortzetting van de ODRU en RUD Utrecht. Pagina 5 van 10
De fusie en schaalvergroting hebben reeds geleid tot substantiële efficiëntiewinst. Hierdoor kunnen in 2026 nieuwe taken worden opgenomen, waaronder de uitvoering van de robuustheidscriteria (ca. €450.000) en de gezamenlijke voorzieningen (ca. €500.000), zonder dat dit heeft geleid tot extra lastenstijging voor de deelnemers. De beoogde kwaliteitsverhoging is daarmee binnen een beperkte lastenontwikkeling gerealiseerd.
4. Het college heeft toestemming van de raad nodig voordat zij de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht kan treffen. Het college is volgens artikel 51, eerste lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) bevoegd een gemeenschappelijke regeling te treffen tussen gemeenten en de provincie. Hiervoor is op grond van artikel 51, vierde lid Wgr voorafgaand toestemming nodig van de raad. De raad kan deze toestemming alleen weigeren op grond van strijd met het recht of strijd met het algemeen belang. Zij kan geen voorwaarden aan de toestemming verbinden.
5. Het indienen van een zienswijze op de ontwerp bijdrageverordening en ontwerp programmabegroting 2026 is een bevoegdheid van de raad. Verschillende gemeenten zijn voornemens in een zienswijze aandacht te vragen voor een evenwichtige samenstelling van het Dagelijks Bestuur van de Omgevingsdienst Utrecht en het op termijn inzichtelijk maken van efficiëntiewinst en mogelijke kostenbesparingen. Duurzaamheid Omgevingsdiensten voeren voor de deelnemers taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht, handhaving en advies uit die te maken hebben met milieu en leefomgeving. Doordat de nieuwe omgevingsdienst leidt tot een kwaliteitsverbetering van deze taken wordt een bijdrage geleverd aan een duurzamere, schonere en veiligere gemeente. Vastgesteld wettelijk- en beleidskader Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Relatie BEL-gemeenten en BEL Combinatie De BEL Combinatie is als ambtelijke uitvoeringsorganisatie namens de gemeente regievoerder voor de Omgevingsdiensten en stemt de voor de gemeente te verrichten werkzaamheden af. De Omgevingsdienst voert haar werkzaamheden uit namens de gemeente.
Pagina 6 van 10
Kanttekeningen 1. De bijlagen C, D en E bij de aanbiedingsbrief treffen Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht zijn niet bijgevoegd, omdat dit concepten voor college- en raadsvoorstellen zijn waarvan geen gebruik is gemaakt. 2.1. De kosten voor het traject om te komen tot Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht in 2024 en 2025 zijn deels bekostigd door middel van subsidies. Voorwaardelijk voor deze subsidies is dat de Omgevingsdienst Utrecht uiterlijk 1 april 2026 voldoet aan de wettelijke robuustheidscriteria voor omgevingsdiensten. In het geval de Omgevingsdienst Utrecht na deze datum niet als robuust is beoordeeld, bestaat de kans dat de subsidies worden teruggevorderd en de deelnemers aan de ODU deze moeten dekken. Ook wanneer de GR niet getroffen zou worden, zouden de subsidies komen te vervallen en de kosten voor het traject moeten worden bekostigd door de deelnemers aan de huidige gemeenschappelijke regelingen ODRU en RUD Utrecht.
2.2. In het najaar volgt nog een liquidatieplan van de RUD Utrecht. Als gevolg van de oprichting van de ODU zullen de ODRU en RUD moeten worden geliquideerd. Uit de eerste resultaten van een financiële quickscan (SWOT-analyse) blijkt dat de financiële risico’s en gevolgen beperkt zijn. Eventuele financiële gevolgen zijn voor de oorspronkelijke deelnemers van de betreffende diensten en incidenteel. Het liquidatieplan wordt naar verwachting in het najaar door het AB vastgesteld en ter zienswijze aangeboden.
2.3. De gemeentelijke financiële bijdrage staat voor de aankomende twee 2 jaar vast. Wel is in de GR ODU een regeling opgenomen dat na de vaste periode van twee jaar weer wijzigingen mogelijk zijn. Hieraan zijn net als in de huidige GR RUD Utrecht in bepaalde situaties voorwaarden en verplichtingen gekoppeld, zoals bijvoorbeeld een doorrekening van frictiekosten.
2.4. Bij niet voorziene grote ontwikkelingen en/of milieucalamiteiten kan de bijdrage hoger uitvallen. Wanneer op jaarbasis het aantal afgesproken DVO-uren wordt overschreden met 10% of meer, vindt er tevens een herrekening plaats van de vaste bijdrage. Door monitoring en zo mogelijk prioritering houden we dit risico beperkt.
3.-4. In principe is er geen realistisch alternatief Indien de raad niet instemt met het treffen van de gemeenschappelijke regeling, dan is de gemeente per 1 januari 2026 geen deelnemer in de Omgevingsdienst Utrecht. De gemeente is verplicht om de aangewezen wettelijke milieutaken te beleggen bij een Omgevingsdienst in de provincie waarin zij zich bevindt. Dat is binnen de provincie
Pagina 7 van 10
Utrecht alleen de ODU, omdat de RUD en ODRU op dat moment niet meer operationeel zijn. Financiën Conform de ontwerp programmabegroting 2026, in samenhang met de ontwerp bijdrageverordening, wordt jaarlijks 2.296 uur afgenomen en bedraagt de jaarlijkse bijdrage van gemeente Eemnes aan de Omgevingsdienst Utrecht € 300.300,-. Dit is een toename van € 22.300 (ca. 8%) ten opzichte van de jaarlijkse bijdrage aan de RUD Utrecht in 2025. Deze toename is onder meer het gevolg van een combinatie van loon- en prijsstijgingen ((indexatie) circa € 8.340) ten opzichte van 2025 en het inbrengen van regionale en gezamenlijke opdrachten (circa € 8.078). De overige kostenstijging, circa € 5.882, is het gevolg van een wijziging van de vaste bijdrage. Dit betreffen vaste kosten welke naar rato van het aantal DVO-uren van de deelnemer over de deelnemers worden verdeeld. De genoemde indexatie zou de kostenstijging betreffen als de urenafname van de deelnemers in 2026 gelijk zou zijn gebleven. Deze is bepaald om te onderbouwen dat de indexatie, voor Eemnes circa 3%, en ‘binnen inflatie’ blijft. Opgemerkt wordt dat de bijdrage aan de RUD Utrecht in 2026 naar verwachting hoger zou zijn geweest als deze Omgevingsdienst zonder te fuseren maatregelen had moeten treffen om uiterlijk 1 april 2026 te voldoen aan de wettelijke robuustheidscriteria.
De eventuele financiële gevolgen van de liquidatie van de RUD Utrecht zijn nog niet bekend, maar zijn incidenteel en naar verwachting beperkt. Begrotingswijziging nodig? Nee. In de meerjarenbegroting 2025 is een structurele bijdrage van €272.000 opgenomen voor de omgevingsdienst (RUD Utrecht). In de kadernota 2026 is daar structureel € 20.000 aan toegevoegd, waarmee de opgenomen structurele bijdrage voor de meerjarenbegroting 2026 in totaal € 292.000 bedraagt. Wanneer het treffen van de Omgevingsdienst Utrecht definitief is geworden, zal in de kadernota 2027 een ontwikkeling worden opgenomen waarin de nieuwe bijdrage wordt uitgewerkt. Uitvoering De Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht komt tot stand nadat de in de ODRU en RUD Utrecht deelnemende colleges hebben ingestemd en na toestemming van zijn raad/staten. De tekst van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht wordt bekendgemaakt in het Provincieblad Utrecht. Tevens draagt het provinciebestuur Pagina 8 van 10
zorg dat de gewijzigde tekst wordt gepubliceerd bij de decentrale regelgeving op overheid.nl. De dag na de bekendmaking in het Provincieblad treedt de regeling Omgevingsdienst Utrecht in werking. Na de inwerkingtreding van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht kunnen de benodigde inschrijvingen bij de Kamer van koophandel, Belastingdienst, UWV, BNG, etc. worden gerealiseerd. Per 1 januari 2026 zal de taakuitvoering voor de deelnemers dan worden uitgevoerd door de nieuwe Omgevingsdienst Utrecht. Na de start van Omgevingsdienst Utrecht per 1 januari 2026 worden de colleges en raden/staten betrokken in het besluitvormingsproces om de gemeenschappelijke regelingen ODRU en RUD Utrecht te heffen. Daartoe stellen het algemeen bestuur van de ODRU en het algemeen bestuur van de RUD Utrecht een liquidatieplan (en een begroting voor 2026) op. Communicatie De algemeen besturen van de ODRU en RUD Utrecht ontvangen de college- en raadsbesluiten en de zienswijzebrief per mail. Hierna kan worden gestart met de stappen benoemd onder ‘uitvoering’. Bijlagen 1.1.
Aanbiedingsbrief treffen Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht
1.2.
Concept gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht ongemarkeerd
1.3.
Concept gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht gemarkeerd
1.4.
Reactie op zienswijze ontwerp gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht
1.5.
Toelichting Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht
2.1.
Aanbiedingsbrief Ontwerp bijdrageverordening Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht
2.2.
Ontwerp bijdrageverordening Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht
2.3.
Aanbiedingsbrief ontwerp programmabegroting 2026 Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht
2.4.
Ontwerp programmabegroting 2026 Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Utrecht
3.
Concept zienswijzebrief
4.
Concept raadsbesluit
Pagina 9 van 10
Steller B. Salome(bsalo). Registratiedatum 6 augustus 2025
Pagina 10 van 10