CConstaterende dateemnes
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript Gemeenteraad 24.02.2025

Gemeenteraad 24 februari 2025, gemeente eemnesBij agendapunt: Opening6.175 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

TRANSCRIPT VAN DE GEMEENTERAAD VAN EEMNES 24 februari 2024

1.

Opening De voorzitter: Goed, dames en heren, het is acht uur. En zoals gebruikelijk beginnen we voor aanvang van de vergadering in Eemnes altijd met een ogenblikje stilte. Dus ik verzoek u allen ook een ogenblikje stilte in acht te nemen. Goed. Dank u wel. Hierbij open ik dan de raadsvergadering van maandag 24 februari. We hebben bericht van verhindering van de burgemeester, als plaatsvervangend voorzitter zit ik dus in zijn hoedanigheid hier. Voor de rest is vanuit de raad iedereen compleet. De heer Raben had even een spoedtelefoontje, maar die komt zo meteen terug en vanuit het college mevrouw Havinga, de heer Ten Have en de heer Reijn, welkom.

2.

Vaststellen agenda De voorzitter: Dan kom ik bij het vaststellen van de agenda. Er is een motie vreemd aan de orde van de PvdA, VVD, D66 inzake het dorpscafé. En met uw welnemen, wil ik die als tweede bespreekstuk agenderen. Dat wordt dus 6.02. En voor de rest denk ik dat de agenda kan worden vastgesteld zoals die nu voorligt. Ik kijk even die kant op. Dat is het geval en die kant ook. Dan is bij deze de agenda vastgesteld. Dan moet ik deze gebruiken.

3.

Vaststellen besluitenlijst d.d. 27 januari 2025 De voorzitter: Dan kom ik bij het vaststellen van de besluitenlijst van de raadsvergadering van 27 januari. Er zijn geen op- of aanmerkingen bij de griffier ingediend. Ik kijk wederom of dat het geval blijft. Aan die kant blijft het geval en aan die kant ook het geval. Dan is de besluitenlijst bij deze ook vastgesteld.

4.

Vragenhalfuur De voorzitter: Dan kom ik bij het vragenhalfuurtje. Er zijn geen vragen ingediend. En dan vervolgens is het richting… De heer …: Voorzitter, ogenblik. Ik heb via de griffier van het weekend graag gezegd dat ik graag gebruik wilde maken van het vragenhalfuurtje. De voorzitter: Ja, maar die moet u dan wel schriftelijk. De heer …: In de mail stonden de vragen, naar mijn weten. Ik heb daarop weer gereageerd. De voorzitter: Goed, wat ik heb begrepen, is dat de griffier u heeft geantwoord dat die een deel van die vragen zijn beantwoord in de commissie en een deel van de vragen die u heeft gevraagd, dat die nog openstaan en dat die nog door het college op een nader moment worden beantwoord. De heer …: Oké. Dan heb ik dat niet gelezen. De voorzitter: Oké. Prima. Goed. Dan hebben we het vragenhalfuurtje bij deze dan gehad.

5.

Hamerstukken De voorzitter: Dan kom ik over naar de hamerstukken, dat betreffen er twee.

Zienswijze Startnotitie Bescherming & Opvang 2026-2033 De voorzitter: Dat is de zienswijze Startnotitie Bescherming en Opvang 2026-2033. Kadernota VRU 2026 De voorzitter: En de kadernota van de VRU 2026, dat blijven en zijn hamerstukken. Bij deze vastgesteld. 6.

Bespreekstukken De voorzitter: Dan kom ik bij de bespreekstukken. a.

Ontwerp-Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst (ODU).

De voorzitter: En als eerste wat we gaan bespreken is het Ontwerp-Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdiensten ODU. En ik wou eerst het woord geven aan Dorpsbelang. Of is dat de heer Raben toevallig? De heer De Zeeuw. De heer De Zeeuw: Nu is die wel aan. Sorry dat het even tijd nodig had om de technieker vooraan te zetten. Nee. We hebben gezien dat er een hele kleine wel hele beperkte aanpassing van de zienswijze is geweest, die nogmaals extra benadrukt dat, gezien de financiële situatie, dat er geen ruimte is om verhoging van het budget te kunnen uitvoeren. Dus om de verwachtingen goed te managen, willen we vooraf aangeven dat het in het huidige situatie onvoldoende ruimte is om deze verhogingen te realiseren. Dat is de zin die is toegevoegd. Ja, dat is voldoende. De voorzitter: Goed, dus u kunt instemmen. Dan ga ik naar D66, de heer Defferding. De heer Defferding: Ja, dank u wel, voorzitter. Wij kunnen instemmen met de zienswijze. Dank u wel. De voorzitter: En dan over naar de PvdA. De heer Van den Brink. De heer Van den Brink: Ja, even ter verduidelijking, in de commissie hebben we gevraagd om een aanscherping van de zienswijze, omdat het gaat om de fusie van twee identieke organisaties die ook nog eens een keer in hetzelfde pand zitten, waarvan je zou mogen verwachten dat het op termijn misschien enig efficiencyvoordeel oplevert.

Dan gaat het niet aan, je hebt mijn telefoon je telefoon. Dat zag ik, de heer Overbeeke. Dan mag je toch verwachten dat het efficiencyvoordeel bereikt wordt? En wat dat betreft, zijn we het op zich eens met de zienswijze dat die niet ingediend wordt, zodat we tijdig weten wat de financiële consequenties zijn, maar dat we toch ook hopen dat het in ieder geval niet veel duurder wordt. En wat ons betreft had het nog wel iets scherper gemogen. Maar akkoord, laten we het zo. De boodschap is, denk ik, duidelijk. De voorzitter: Goed. Ook akkoord. En dan de VVD, de heer Schade. De heer Schade: Ik dank u wel, voorzitter. Ja, in de commissie heeft ook ons commissielid Roorda nogal wat vragen gesteld en gevraagd om behandeling als bespreekstuk, niet alleen omdat we dan iets langer kunnen genieten van uw voorzitterschap dan met alleen hamerstukken, maar ook omdat het wel een belangrijk punt is. Het werd zojuist verwoord door mijnheer Van den Brink. En ik sluit me daarbij aan. Het is toch wat jammer

als je denkt aan de redenen om te fuseren, is dat efficiencyverbetering, is dat bezuiniging, is het in ieder geval kostenefficiency. En als we niet heel veel verder komen in onze zienswijze, dan zeggen we dat we het jammer vinden dat dat onvoldoende benadrukt wordt. Dan is dat zo. Ik maak er verder geen punt van. We kunnen ons vinden in de zienswijze. We denken wel dat het goed is dat onze vertegenwoordiger in het AB of in het brede overleg, dat in … verband wordt gevoerd en waar we dan waarschijnlijk ook weer 1,7 procent van de stemmen hebben, toch een keertje aandacht vraagt voor dit punt. Dank u wel. De voorzitter: Goed. Dank u wel. Dan ga ik als laatste over naar mevrouw Bunt van het CDA. Mevrouw Bunt: Dank u wel, voorzitter. We hebben in de aangepaste zienswijze ook de extra's ingezien. We verwachten eigenlijk dat het iets scherper zou zijn. Maar we kunnen wel instemmen met de zienswijze. De voorzitter: Goed, dan vraag, ik heb niet echt een vraag gehoord. Ik heb wel nog de oproep over de efficiency, maar mag ik concluderen dat we dit met algemene stemmen kunnen aannemen? Dan is dit aangenomen. En dan kom ik bij het volgende bespreekstuk. b.

Motie dorpscafé

De voorzitter: Dat is de motie over dorpscafé die ingediend is door de PvdA, D66 en VVD. Welke fractie mag ik als eerste het woord geven? Er wordt naar u verwezen, mijnheer Van den Brink, dus dan geef ik u ook het woord. De heer Van den Brink: Er wordt om onbegrijpelijke redenen naar mij gekeken. Maar goed, laat ik eerst even de motie voorlezen. En hem dan even proberen te verdedigen. Al enkele jaren geleden is een initiatief genomen voor de vestiging van een café aan de Vaartsteeg. Vorig jaar is voor dat initiatief een formele vergunningaanvraag ingediend. Op verzoek van de gemeente overigens. De gemeente heeft de aanvraag aangehouden in afwachting van het zogenoemde horecaonderzoek. Dat onderzoek is inmiddels afgerond zonder dat dit tot nieuwe inzichten heeft geleid. Dat onderzoek is ook niet aan de raad ter besluitvorming voorgelegd. Derhalve is de grond voor het aanhouden van de vergunning vervallen. De initiatiefnemer heeft nu dan ook recht op een duidelijk standpunt van de gemeente. De vergunningaanvraag is in strijd met het huidige omgevingsplan ter plekke en de wethouder heeft aangegeven dat voor een verdere procedure een raadsvoorstel nodig is. Of een raadsbesluit, zou ik eigenlijk moeten zeggen. Het initiatief is nooit formeel aan de raad ter besluitvorming voorgelegd. De BOPA-procedure. Dat is dus de buitenplanse omgevingsplan afwijking, die voorziet daar wel in.

Vroeger was dat een bestemmingsplanwijziging, zonder dat het aangaan van die procedure op voorhand impliceert dat de raad instemt met het initiatief. Een kernland visie, zoals bij de begroting door de meerderheid van de raad in de begroting opgenomen, is alleen zinnig voor een groter gebied met meerdere ontwikkelingen en is derhalve in dit geval niet relevant. Wat ik eigenlijk zou willen zeggen, is dat deze motie is een beetje van onder het motto nee is ook een antwoord. Ik denk dat na vier jaar de initiatiefnemer wel recht heeft op een duidelijk standpunt van de gemeente. En ook het aanhouden van een vergunning kan niet eindeloos zo blijven gaan. De motie zegt niet dat we op voorhand voor een initiatief, een horeca initiatief op die plek, in wat voor vorm, dan ook zijn. Nee. We zeggen alleen maar, we willen het de kans geven. Maar als raad gaan we wel over de kaders. En in die BOPA-procedure is er ook de gelegenheid voor participatie, die overigens volgens de nieuwe omgevingswet door de initiatiefnemer zelf georganiseerd moet worden, maar wel op basis van de participatienota zoals we die samen hebben vastgesteld. Bovendien zal er in die procedure ook de nodige onderzoeken plaats moeten vinden.

En uiteraard ook overleg met de provincie, waarbij de wethouder dan nu wel serieus met de provincie kan praten waarbij die, als deze motie wordt aangenomen, tegen de gedeputeerde kan zeggen van ja, ik heb een meerderheid van de raad die dit wel een kans wil geven. Maar uiteraard gaan wij over de kaders en gaan wij erover wat wij daar dan wel of niet acceptabel vinden. Dus daarom bepleit ik ook, bij de andere partijen, om in deze motie mee te gaan. Het alternatief, als u zegt nee, we gaan niet in deze motie mee, dan is dat eigenlijk een antwoord, ook een helder

antwoord richting de initiatiefnemer. Dan vinden we op voorhand dat dit initiatief geen kans verdient. Dat die plek aan de Vaartsteeg, dat we daar geen ontwikkelingen willen. Dat mag ook, dat is ook een antwoord. Dank u wel. De voorzitter: Goed. Dank u wel. Dan kijk ik toch nog even naar de andere twee indieners, D66, de heer Defferding. De heer Defferding: Ja, dank u wel. Nou, mijnheer Van den Brink heeft het uitgebreid besproken. Wat het in dit geval ook wel een beetje is. Het lijkt wel een beetje kip-eiverhaal over de afgelopen periode, want er is heel veel energie in gestopt, ook door de wethouder. Die heeft daar van alles en nog wat in gedaan. Maar goed, het is voor de initiatiefnemer op dit moment nog steeds niet helemaal duidelijk waar die staat en wat nu de volgende stap is. En dat heeft mijnheer Van den Brink volgens mij net ook uitgelegd, dat met ook de steun van de raad, dit een volgende stap zou kunnen krijgen. En de wethouder heeft al aangegeven dat hij afscheid gaat nemen, dat hij nog een aantal mooie stappen wil zetten en dat wil afronden. Dus hoe mooi zou het zijn als die dit dossier ook nog een laatste zetje kan geven richting een duidelijk antwoord voor de initiatiefnemer. Dank u wel. De voorzitter: Goed. Dank u wel. En dan de heer Schade van de VVD. De heer Schade: Dank u wel, voorzitter.

Deze fractie zit helemaal niet zo op de lijn dat er een dorpscafé moet komen. Bij ons weten staat nergens in de grondwet dat iedere inwoner van Nederland recht heeft op een café binnen kruipafstand en in de gemeentewet staat nergens dat de gemeente verplicht is om een dorpscafé mogelijk te maken. Wat wel in de wet staat en wat wel fatsoenlijk bestuur is, is dat als er een inwoner komt, een ondernemer in dit geval, met een initiatief, dat die binnen een redelijke termijn een antwoord krijgt. Dat antwoord, daar wordt, zoals door de heer Van den Brink al verwoord, al vier jaar op gewacht. Het wordt tijd dat deze raad een antwoord gaat geven en dat moet gedaan worden op basis van een voorstel wat uit het college komt en in dit huis wordt voorbereid. Dank u wel. De voorzitter: Goed. Dank u wel. En dan ga ik over naar het CDA. En dat is de heer Van Schaik. De heer Van Schaik: Dank u, voorzitter. Ja, vooraf eventjes het een en ander. Want waarom staat het initiatief nog op hold? Waarom is dit nog steeds zo? Het onderzoek naar de mogelijke locaties is geweest en de uitkomst is duidelijk. Een BOPA kan in onze optiek gewoon opgestart worden. Daar is geen motie voor nodig. De BOPA zal op een gegeven moment leiden tot een bindend advies van de raad, maar deze motie op zich leidt niet tot een raadsbesluit.

Dus wat gaat het college doen als morgen de initiatiefnemer bij u op de stoep staat, start dan een BOPA op? En zo ja, is dan de motie nodig om dit te bewerkstelligen? Start u dan een … op met deze initiatiefnemer, zodat u over de kosten kan praten? En wat dat betreft staat ook de gebiedsvisie nog gewoon daarnaast, want inhoudelijk gezien, naar deze motie kijkend, is het verzoek aan het college in het amendement van november al geweest om in een begroting geld te reserveren en dat was niet voor een kernrandzonevisie à la Gooyergracht, zoals in de motie nu staat, maar in een gebiedsvisie beperkt tot het gebied rondom het evenemententerrein. Een minimale variant die uitdrukkelijk nodig is om de provincie mee te krijgen in een ontwikkeling rondom het gebied bij het evenemententerrein. Dus wat ons betreft is het op zich prima om een BOPA-procedure op te starten. Maar start daarnaast en dus ook het uitwerken van die gebiedsvisie op, die toch procedureel nodig is om een ontwikkeling mogelijk te maken. Wat behelst dan deze motie? Want dat zien we daar niet in. Want in de tekst van de motie gaat uit met een kernrandvisie, het stopzetten van het uitwerken van gebiedsvisie kunnen wij niet steunen. Omdat wij enerzijds niet zuiver vinden dat na deze lange tijd van besluit van geen besluitvorming de kosten van een visie bij een initiatiefnemer neer te leggen.

En anderzijds de slagen van het kunnen realiseren van een horecaonderneming in onze ogen beredend moet worden gekeken en dat is ook zo volgens het onderzoeksbureau dat het locatieonderzoek

heeft gedaan. Dit komt omdat het initiatief buiten de rode contour ligt en alleen op deze manier een kans verslagen heeft bij de provincie als het een gebiedsvisie dus is. De voorzitter: Goed. Dank u wel. Als laatste Dorpsbelang. Dat is de heer Kouwenhoven. De heer Kouwenhoven: Dank u wel, voorzitter. Ja, ook wij kunnen ons aansluiten bij het pleidooi wat aan de overkant gehouden is door het CDA. Ook wij denken dat deze motie overbodig is, omdat een BOPA-procedure gewoon opgestart kan worden. En in de motie die onlangs is ingediend voor de kernrandzonevisie en niet de kernrandvisie houdt dat in dat dat voor een klein gebied zal zijn en niet voor een groot gebied zoals dat hier in deze motie is genoemd. Ik ben het wel met jullie eens dat de initiatiefnemer recht heeft op antwoorden. Ik denk alleen niet dat dat snel gegeven kan gaan worden, omdat de provincie hierover gaat. Omdat het buiten de rode contouren ligt en in hun verordening staat dat daar een en kernrandzonevisie of een kernrandvisie voor benodigd is. Dus voordat dat opgesteld is, kunnen ook wij geen antwoord geven aan deze initiatiefnemer. Dus wat dat aangaat, denk ik dat de motie overbodig is.

En ook al zouden wij hier niet in meegaan, dan is dat nog steeds geen negatief antwoord, omdat als de kernrandzonevisie wordt uitgevoerd, dat daar ook nog steeds uit zou kunnen komen, dus dat dat initiatief van deze initiatiefnemer kans verslagen heeft. Dus dat staat buiten deze positieve of negatieve motie om. De voorzitter: Goed. Dank u wel. En dan kijk ik naar het college. Ik ga er niet staan. Dus de heer Reijn. De heer Reijn: Ik hoop dat ik met dit dossier niet met 25-jarig jubileum als wethouder ga meemaken. Maar ik moet u wel melden, ik laat het aan de raad, deze motie. Het college staat op het standpunt dat we eerder hebben gezegd van als er een verzoek wordt ingediend, dan gaan we een anterieure overeenkomst opstellen. En als die opgesteld is, dan gaan we de procedure starten, een buitenplanse omgeving planactiviteit, mijnheer Van den Brink. Zo heet dat tegenwoordig. We hebben een opa en een BOPA. En dus de BOPA en die komt dan voor een bindend advies weer naar u toe. Maar het besluit dat u wel of niet vanavond gaat nemen, is niet het besluit wat ik nodig heb voor het gesprek met de provincie, want dat is een besluit de raad wil op die plek een café hebben. Dat is een ander besluit. Dit is alleen een besluit, ga eens even aan het werk. Geen besluit van, wij willen op die plek een café hebben.

En die heb ik nodig om de discussie te voeren over het opbreken van de rode contour. En de provincie is op dit moment bezig met de hele regelgeving te actualiseren, zoals ze dat noemen. Dus de verordening waar wij ons aan moeten houden. En daar hebben we wel aangegeven van, we zouden bij het evenementenplein die rode contour wat opgeschoven willen hebben en ook aan de noordkant, want we hebben natuurlijk ook nog een locatieonderzoek. Maar voordat dat door de hele molen bij de provincies en of ze dat honoreren, moet ik ook allemaal maar afwachten. Dus ja, prima om die BOPA op te starten. Dan gaan we het eerste gesprek voeren over de verdeling van de kosten. En ja, het is eigenlijk een antwoord wat ik u al meerdere keren heb gegeven. En dan gaan we aan de slag. En dat betekent dat ambtelijk het langste lat wordt gelegd, zeg ik maar even. En dan moet het afgewezen worden in verband met de provinciale verordening. Dan komt het college bij u terug. En u zegt, ik heb een negatief advies. En kan u zeggen ja, dat is mooi, maar wij willen het toch en overrulen we het negatieve advies. Dat kan, dat is aan uw raad. Dus er zijn nog wel een paar stappen te doen. Maar als u zegt, waar is van deze motie, ga aan de slag. Dan gaan we aan de slag. De voorzitter: Goed. Dank u wel, wethouder, voor de eerste termijn. En dan gaan we nog een tweede rondje.

Ja, we gaan zeker nog een tweede rondje doen. Dus de heer Van den Brink, aan u weer het woord. De heer Van den Brink: Ja, ik ben blij met het antwoord van de wethouder. Je zou haast denken dat hij de motie omarmt. Wat ik wel opvallend vond, is dat hij het woord gebiedsvisie niet liet vallen. Want volgens mij is zo'n gebiedsvisie niet echt nodig om een rode contour op te schuiven, want dat hebben we in de Zuidbuurt ook niet gedaan. Dus en die gebiedsvisie is alleen maar weer een vertragende stap die volgens mij ook niet echt nieuwe inzichten op zal leveren, het is weer weggegooid geld. Dat hebben we met het horeca onderzoek

ook gezien. Heeft niets opgeleverd. Dus ja, ik ben blij met het antwoord van de wethouder. En ik hoop ook dat de fractie van het CDA en de fractie van Dorpsbelang de wethouder de ruimte geven om in overleg met de initiatiefnemer een anterieure overeenkomst op te stellen en met een BOPA-procedure te beginnen en met de provincie in gesprek te gaan. En met deze motie heeft de wethouder dan een steuntje in de rug. En ik zie iemand een geldgebaar maken. Ja, dat geld voor de gebiedsvisie besparen we ons uit. Dank u wel. De voorzitter: Goed. De heer Defferding, D66. De heer Defferding: Ja, dank u wel. Volgens mij is de stand van zaken met betrekking tot het initiatief ook dat op advies van college van de wethouders is gezegd van, druk even een pauzeknop in totdat we meer weten en dat we daar verder over kunnen praten. Nou, we hebben er een paar keer verder over gepraat. Begrijp ik het nou goed dat u zegt van nou, als de initiatiefnemer die pauzeknop weer uitdrukt, dan gaan we verder. Dat is toch wat u heeft gezegd? Oké, dank u wel. De voorzitter: De heer Schade, VVD nog. De heer Schade: Nee. De mede-indieners hebben het prima verwoord en de vraag die belangrijk is, gesteld. Dank u wel. De voorzitter: Helder. En dan het CDA. De heer Van Schaik. De heer Van Schaik: Het is net al kenbaar gemaakt door de heer Defferding.

Mijn vraag was en die heb ik niet goed beantwoord gekregen, wel een beetje eromheen, maar niet direct, waarom staat het initiatief nog op hold bij u? Heeft u de initiatiefnemer dus benaderd van goh, we kunnen weer verder, want ik weet niet waarom het nog op hold staat, zeg maar. En, want u kan dus gewoon een BOPA opstarten. Daar heeft u de motie niet voor nodig. En ik hoor u ook wel enerzijds zeggen, de provincie moet wel akkoord gaan en wij hebben gelden vrijgemaakt in november om een, hoe heet het, gebiedsvisie neer te leggen rondom het evenemententerrein, zodat hij, ondersteund, met een eventueel raadsbesluit naar de provincie kan. Want u zegt zelf, die grens moet opgeschoven worden en dan moeten we wel een gedachte hebben over wat we willen bij het evenemententerrein, want anders gaat die grens niet opgeschoven worden. Want de provincie wil ook graag, zeg maar, maatschappelijk en groen et cetera et cetera dan in ontwikkeling zien en niet alleen maar een stuk gebouw. Want dan zullen ze niet gaan handelen. Dus ik ben nog steeds zoekend naar die vraag waarom u niet de gebiedsvisie heeft opgestart als er geen bezwaar meer is, om morgen bij zo'n spreken met dit initiatief aan de gang te gaan. Als ik u goed beluisterd heb, concluderend, dan heb ik u eigenlijk horen zeggen, ik neem het dictum over. Klopt dat? Heb ik dat beantwoord.

Heb ik dat goed gehoord? De voorzitter: Ik ga er zo meteen achter komen, maar ik geef eerst Dorpsbelang nog het woord. De heer Kouwenhoven. De heer Kouwenhoven: Ik ben het met mijnheer Van den Brink niet eens dat het een vertragende factor zou zijn, want het staat nou eenmaal in de verordening van de provincie dat er een kernrandzonevisie opgesteld zou moeten gaan worden. En op het moment dat je nu eerst een BOPA-procedure opstart, zal dat, denk ik, eerder een vertragende factor zijn dan dat je nu meteen begint met die kernrandzonevisie op te stellen die toch voor de provincie nodig is. En daarbuiten, op het moment dat de BOPA opgestart wordt, liggen alle kosten bij de initiatiefnemer en anders is dat geld daarvoor vrijgemaakt bij de gemeenten. Dus ik betwijfel of dat een vertragende factor is. Ik denk dat het juist andersom is. De voorzitter: Interruptie van de heer Van den Brink.

De heer Van den Brink: U zegt dat het een vertragende factor is. Maar die BOPA-procedure moet even goed. Dus als je nu direct met een BOPA-procedure start, is dat sneller als wanneer je eerst een gebiedsvisie maakt en daarna nog eens een keer die hele BOPA-procedure door moet. En uw pleidooi om de gemeente geld uit te laten geven in plaats van de initiatiefnemer, ik weet niet of ik dat zo'n goed idee vind. De heer Kouwenhoven: Goed, dat vind ik niet zo… Maar ik denk dat dat niet, die kernrandzonevisie moet je toch opstellen. Dus dat staat in de verordening van de provincie. Dat staat in de regels. De voorzitter: De heer Van den Brink weer. De heer Van den Brink: Hoe kan het dan dat in de Zuidbuurt wel de rode contour is opgerekt, zonder dat er in de gebiedsvisie wel eens… De heer Kouwenhoven: Maar dat is toch een heel ander verhaal? De heer Van den Brink: Nee, dat is toch ook buiten de rode contour? De voorzitter: De wethouder daar zo meteen ook nog even antwoord op kan geven, want als voorzitter mag ik daar niet inhoudelijk op ingaan. Ik zie nog een interruptie van de heer... De heer …: Voorzitter, ik hoor nu een volgordelijkheid hier over tafel komen, maar volgens mij is het gewoon een kwestie van de dingen parallel laten lopen. Dit is helemaal niet vertragend bedoeld. Volgens mij hebben we gewoon die gebiedsvisie nodig.

Ik denk dat het gebiedsvisie genoemd moet worden, niet kernrandzonevisie, maar gebiedsvisie. Omdat het een zeer beperkt gebied is waar het om gaat en niet een hele lange strook, zoals we ook bij de Gooyergracht hebben. Dat is een kernrandzonevisie geweest en dit is echt een klein stukje gebied. En die dingen moeten gewoon parallel lopen. Als de wethouder straks beantwoordt dat er geen reden is om dat initiatief nog op hold te hebben, want dat is de eerste vragenronde geweest, dan kan die BOPA gewoon opgestart worden. En volgens mij heeft de wethouder, heb ik horen zeggen, van dat dictum neem ik dus over. En die dingen kunnen gewoon parallel lopen, want ik heb ook de wethouder gehoord dat de provincie niet zomaar akkoord zou gaan. De voorzitter: Goed. Was de heer Kouwenhoven klaar? Ja, dat is goed. Dan heb ik het rondje gehad. En dan kijk ik weer even naar de portefeuillehouder. De heer …: Ik heb een aantal vragen. Maar u heeft zelf ook een briefje. De heer …: Ik heb niet alles meegeschreven. De heer …: Ik heb wel meegeschreven, dus ik zal u zo meteen wel helpen herinneren nog. De heer …: Dat weet ik. Daarom. Dus het college neemt hem niet over. Ik heb gezegd, ik laat het aan u. En hoe hij mijn woorden interpreteert, dat laat ik ook aan u. En wat mij betreft kan de kernrandzonevisie, kernvisie, gebiedsvisie of wat u het ook noemen wil, parallel lopen. Dat is geen probleem.

Waarmee wij het on hold, wat getemperd gezegd, omdat wij verwachten dat aan het eind van de rit en dan zijn we een paar jaar verder, het antwoord negatief zal zijn omdat dat niet voldoet aan de provinciale verordening en de provincie echt niet voor een café de provinciale verordening gaat veranderen. Wat anders dan de bouw van 500 woningen. Ik heb dat ook meermalen gezegd. En als een initiatiefnemer door wil zetten, dan gaan we gewoon die BOPA starten. Maar wel vooraf hebben we de waarschuwing gegeven, past u op, dit gaat u behoorlijk wat geld kosten als dat zelfs nog in de kosten inclusief de kosten moet zijn van de kernrandvisie. Dan gaat het u heel veel behoorlijk wat geld kosten. En de garantie voor het resultaat is er niet, kunnen wij niet geven. De kernrandzonevisie, gebiedsvisie, hoe u het ook noemen wilt, is wel handig in ons overleg wat we nu hebben om die rode contour

wat op te schuiven, want dan hebben we daar een stukje onderbouwing voor. Nu zeggen we gewoon tegen de provincie, het lijkt ons goed om daar eens naar te kijken. Kunnen we dat daar niet … opschuiven? Nou, dat is een ambtelijk verhaal geweest. En dat hebben wij bestuurlijk twee weken geleden geaccordeerd, van ga daar nou naar kijken. Dus dat kan wel helpen. Maar garantie kunnen wij niet geven. En gelet op de verordening van de provincie, dat een café een stedelijke functie is die in een stedelijk gebied hoort, lijkt en ik zeg het heel voorzichtig, lijkt de kans daar niet zo heel groot op. Maar anderen dat anderen zien en zeggen, nou ik wil dat risico aangaan en daar wil ik de kosten voor nemen, prima, dan stappen we de BOPA op. En daar heb ik inderdaad deze motie niet voor nodig, want dat kunnen we gewoon opstarten. Heb ik alles gehad, voorzitter? De voorzitter: Ja, ik heb overal een vinkje achter gezet bij mijn vragen. De heer …: Ja? Dan heb ik het goed gedaan. De voorzitter: Dank voor de beantwoording in de tweede termijn. We gaan toch nog een derde rondje doen, want zo laat gaat het vanavond niet worden. Dus alle tijd, zou ik zeggen. De heer Van den Brink. De heer Van den Brink: Dat tijdsaspect was ook een van de argumenten om deze motie nu in te dienen. Ik denk, daar zitten we hier een beetje voor Jan met de korte achternaam.

Dus twee antwoorden op de opmerkingen van de wethouder. Ten eerste de suggestie dat we geen garanties krijgen. Heb ik ook bij de inleiding al gezegd. Het opstarten van een BOPA-procedure is altijd voor rekening van de initiatiefnemer tegenwoordig. En het is zeker geen garantie, want daar gaan we als raad uiteindelijk over welke kaders we meegeven en of we het uiteindelijk wel willen of niet willen. We geven met een uitspraak over deze motie de wethouder een beetje een zetje in de rug, waar die ook om gevraagd heeft, dat hij de raad achter zich heeft dat we deze procedure willen opstarten als hij met de provincie gaat praten. De wethouder had het er ook over dat de kosten van de gebiedsvisie dan misschien ook voor rekening van initiatiefnemer zouden komen. Dat lijkt me toch echt niet de bedoeling. Een meerderheid van de raad heeft bij de begroting, wij hebben daar niet mee ingestemd, een bedrag gereserveerd voor die gebiedsvisie. En zo’n gebiedsvisie, het kan geen gebiedjesvisie zijn waarbij je dan zegt, het beperkt zich tot een initiatief en die moet dan maar mee betalen. Dat lijkt me niet een juiste gang van zaken. En ja, ik blijf er toch bij dat het een steuntje in de rug zou zijn voor de wethouder als deze motie aangenomen wordt. En hij zei ook in het begin van zijn betoog, ja, ik laat het aan de raad over. Dus bij deze.

De voorzitter: Goed, de heer Defferding niet, VVD niet, CDA. De heer Van Schaik. De heer Van Schaik: Als ik het goed begrijp, heeft de wethouder in zijn laatste woorden gezegd, morgen kan ik gewoon op gaan starten. Daar heeft u een motie niet voor nodig. En dat is wat ik, denk ik, opgevangen heb. De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Van den Brink. De heer Van den Brink: Dat klopt. Dat zei hij aan het eind van zijn betoog. En aan het begin van het betoog zei hij, dat laat ik aan de raad. De heer Van Schaik: Ja, dat snap ik ook. Maar ik heb ook goed gehoord en de wethouder knikte op hetgeen wat ik net zei. En ik vind het niet de weg dat een initiatiefnemer voor ook een gebiedsvisie kosten op zal draaien, omdat het nou heel lang al loopt. En daarom hebben wij in november gelden gereserveerd om dat gebied en dan hebben we het over evenemententerrein die directe omgeving daarvan, want we hebben zes initiatieven gezien in het onderzoek. Of locaties of mogelijke situaties, laten we zo... Ik wil het zo breed mogelijk zeggen. En daar is dat geld voor gereserveerd. En ik vind dat we als gemeente nu eens duiden moeten wat we daar willen en wat we daar niet willen en een café is zeer welkom wat mij betreft, maar dan wel volgens de regels van de provincie, spelend op alles wat nodig is.

De voorzitter: Goed en dan is het laatste nog de fractie van Dorpsbelang. De heer Kouwenhoven. De heer Kouwenhoven: Nou, ik sluit me aan bij de woorden van mijnheer Van Schaik. De voorzitter: Goed. Dan ga ik de motie in, ik zie de heer Seldenrijk. De heer Seldenrijk: Voordat we overgaan tot stemming, zou ik graag een momentje willen schorsen. Dank u wel. De voorzitter: Goed. Dan schors ik de vergadering tien minuten voldoende of kwartiertje? Tot kwart voor negen schors ik de vergadering. Goed, dames en heren, paar minuutjes verder dan kwart voor, maar ik heropen bij deze de vergadering en de heer Seldenrijk heeft de schorsing aangevraagd, dus ik geef ook als eerste het woord aan de heer Seldenrijk. De heer Seldenrijk: Dank u wel, voorzitter. Ja, we hebben inderdaad de schorsing even benut voor overleg over de indieners van de motie. En als het goed is begrepen, wordt die aangepast. Dus ik wou de heer Van den Brink waarschijnlijk het woord geven om, als u dat wil natuurlijk. De heer Van den Brink: Ja, zeker wil ik dat. De heer Seldenrijk: Om de aangepaste motie nog even toe te lichten. De voorzitter: Dan geef ik gelijk het woord aan de heer Van den Brink. De heer Van den Brink: In overleg hebben wij de motie enigszins aangepast. We hebben bij de overwegingen de zin over dat de gebiedsvisie, kernrandvisie heette het toen nog, eruit laten halen.

En de letterlijke tekst is nu, ik gok een beetje of het helemaal precies is wat er opgeschreven is. Misschien kan de griffier hem eventjes voorlezen, de letterlijke tekst, zoals die... De voorzitter: Ik heb hem ook voor me, dus... De heer Van den Brink: Of de voorzitter, nog beter. De voorzitter: Zoals ik hem door heb gekregen, dat is dan, draagt het college op om in overleg te treden met de initiatiefnemer voor het opstellen van de anterieure overeenkomst ten behoeve van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, “BOPA”. En de laatste bullet uit uw overwegingen met betrekking tot de kernrandvisie, daar gaat een streep doorheen, had ik begrepen. De heer …: Nog een kleine toelichting, we hopen hiermee dus het hele proces van de pauzeknop af te halen en zoals de wethouder zei, er zijn geen garanties, maar we hopen wel dat het proces weer voortgang vindt. Dank u wel. De voorzitter: Goed. Helder. Kijk ik even nog aan die kant of er nog iemand. Ik zie de heer Van Schaik. De heer Van Schaik: Ja. Ik wil een kleine stemverklaring afgeven. Dat tot stemming komt. De voorzitter: Voordat we stemmen. De heer Van Schaik: Ja. De voorzitter: Oké.

De heer …: Wij willen ook een stemverklaring afgeven. De voorzitter: Goed. Dan breng ik in stemming. En de stemverklaring is altijd kort en krachtig en niet weer uitnodigend op een discussie. Dus ik geef eerst... College mag nog iets vinden, want hij is aangepast. U heeft helemaal gelijk. Ik vergeet de heer Reijn. Neem me niet kwalijk. De heer Reijn: Ik wil voorkomen, voorzitter, dat ik dit dossier meedraag tot mijn afscheid. Maar ik zat ondertussen te denken van, als ik nou toch een afscheid borrel geef, dat weet ik nog niet of ik dat ga doen, dan wil ik dat opblaasbare café wil hebben zo meteen, om in dat café die afscheidsborrel te houden. Nogmaals, ik laat het inderdaad, maar het college vind dit wel een helder verhaal. De voorzitter: Goed. Dan ga ik over tot de besluitvorming. Dan constateer ik dat D66 voor is, PvdA voor, VVD voor en bij het CDA een stemverklaring. Wie mag ik het woord geven? De heer …. De heer …: … persoonlijke stemverklaring, voorzitter. De voorzitter: Een verklaring, dat is duidelijk. De heer …: Kijk, het is aan een kant mij niet duidelijk waarom dit nog op hold staat, deze procedure. En ik kan niet tegen de motie zijn, maar er is gewoon onbegrip bij mij waarom deze procedure nog op hold staat.

Er is tijdelijk een verzoek gedaan om hem op hold te zetten en volgens mij zijn de voorwaarden daarvan nu niet meer geldig en had die allang opgestart kunnen worden als de initiatiefnemer dat wenst. Dus dat is mijn stemverklaring. De voorzitter: En mag ik… Wat moet ik hier dan uit concluderen? Dat u dan als … raadslid voor of tegen stemt? De heer …: Hij kan niet tegen zijn, dus ik stem voor. De voorzitter: Voor bij deze stemverklaring. De heer …: Met enig onbegrip waarom deze motie voorligt? De voorzitter: Duidelijk. Helder. Dan kijkt naar de rest van de... De heer …: De rest van het CDA is dus voor de motie zonder stemverklaring. Dank u. De voorzitter: Goed. Ga ik naar Dorpsbelang. De heer …: Wij zijn niet tegen het opstarten van het BOPA, maar steunen de motie niet, omdat deze overbodig is. Er zullen compenserende maatregelen genomen moeten worden en dat kan niet op het perceel zelf. Dus dat kan je beter meenemen in een gebiedsvisie waar deze maatregelen wel in meegenomen kunnen worden. De voorzitter: Goed. Helder. Dan concludeer ik het volgende dat deze motie met stemmen van de fractie van PvdA, D66, VVD, CDA, inclusief de stemverklaring voor en stemmen van het CDA of neem me niet kwalijk, Dorpsbelang, inclusief stemverklaring tegen, is aangenomen. Ja? 7.

Sluiting De voorzitter: En dan ben ik beland bij het laatste agendapunt en dat is de sluiting. En dan dank ik u allen hartelijk voor deze vergadering en wel thuis. En ik weet niet of er nog... Hoewel de deur dicht is, is er nog in

het, zoals de burgemeester altijd zegt, bedrijfsrestaurant nog een kleine versnapering en een drankje. Dank u wel. Wel thuis.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15222067/2