Transcript Commissie BSM 16.09.2024
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE BSM VAN EEMNES 16 september 2024
1.
Opening De voorzitter: Het is acht uur, dus ik open hierbij de vergadering van de commissie BSM. Ik heet u van harte welkom allemaal. Ik heb voordat wij starten een bericht van verhindering van mevrouw Wierbos van D66 en die wordt vervangen door mevrouw Wiering. Wie-wie. En bij de fractie van Dorpsbelang is de heer Raben afwezig en die wordt verder niet vervangen. En daarmee zijn we compleet.
2.
Vaststellen agenda De voorzitter: Dan kom ik bij het vaststellen van de agenda. We hebben een korte agenda, maar we hebben voor de participatienota ambtelijke ondersteuning, indien dat nodig is, dus ik wou die als eerste behandelen en daarna de wijziging van de Verordening sociaal domein. Ik neem aan dat u daarmee akkoord bent. Dan is agenda bij deze vastgesteld.
3.
Vaststellen besluitenlijst d.d. 17 en 24 juni 2024 De voorzitter: Dan kom ik bij het vaststellen van de besluitenlijst van twee vergaderingen die van 17 juni en van 24 juni, van voor de vakantie. Er zijn geen op- of aanmerkingen bij de griffie ingediend. Ik kijk nog even of dat het geval is en blijft. Die kant en die kant, oké. Dan bij dezen zijn beide besluitenlijsten vastgesteld.
4.
Inventariseren spreekrecht De voorzitter: Dan kom ik bij de inventarisatie van het spreekrecht. Er hebben zich geen sprekers aangediend en als ik de zaal in kijk, blijft het daar ook bij.
5.
Te bespreken onderwerpen 05.02 Participatienota en online participatieplatform De voorzitter: Dan gaan we over naar de twee onderwerpen die we gaan bespreken. Zoals net aangekondigd beginnen we dan eerst bij de participatienota en het online participatieplatform en daarvoor is er ambtelijke ondersteuning van mevrouw Bos. Dus als u wil, mag u al plaatsnemen. Ik had begrepen dat u net al had getest of de microfoon het doet en hoe die werkt, maar we gaan eerst het rondje af. Bij wie zal ik eens beginnen. Ik kijk naar de VVD. De heer Schade, gaat uw gang. De heer Schade: Dank u wel voorzitter. En dat is een hele wijze beslissing van u, want het zal een korte bijdrage zijn die wij gaan leveren aan deze discussie. Een korte bijdrage. Ik wilde tijdens het presidium een compliment maken aan de opsteller en aan de portefeuillehouder over de buitengewoon korte, kernachtige boodschap die werd geleverd in het raadsstuk. Maar dat ik dacht, dat doe ik liever in een wat meer openbare setting dus ik bewaarde dat voor deze commissie. Dat is een compliment wat ik niet hoef te maken nu, want uiteindelijk zijn het toch weer vijf pagina's geworden en dat is voor een raadsstuk erg lang. Maar ik was er wel blij mee, want het hele korte raadsvoorstelletje of raadsstuk wat we in het presidium zagen, was duidelijk.
En daarna las ik het hele verhaal in de onderliggende stukken en ook dat is een heel duidelijk verhaal. Daar had ik één vraag bij die ik aan de portefeuillehouder wilde stellen. Hoe gaat u dit inbedden in de BEL-organisatie?
Nou de drieënhalve pagina die zijn toegevoegd, geven daar buitengewoon helder antwoord op. Stellen mij volstrekt gerust. Dus een compliment aan mevrouw Bos voor datgene wat ze heeft toegevoegd aan het stuk. Voor wat betreft de VVD-fractie: wij kunnen ons vinden in de inhoud van dit beleidsstuk en wij hebben vol vertrouwen in de uitvoering die binnen dit huis daaraan gegeven gaat worden. Dan zal de toekomst ons leren in hoeverre dit een levend onderwerp in deze gemeenschap gaat worden. Maar voor wat betreft de documenten die eraan de grondslag liggen: alle vertrouwen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel heer Schade. Dan ga ik over naar de PvdA. Wie van de heren? De heer Overbeeke. De heer Overbeeke: Dank u wel voorzitter. Wat betreft het compliment kan ik me daarbij aansluiten. Het is een uitermate helder stuk. Het wordt ook een heel spannend proces. Het is een kadernota, het is nog niet het uiteindelijke beleid natuurlijk. Dat komt later pas. Maar ik vind het wel een heel spannend proces wat we in gaan. Het vergt enerzijds regie en anderzijds zie je, de participatie vraagt natuurlijk ook om ruimte, vooral bij inwoners, om ook te willen participeren en te kunnen participeren. Anderzijds moet je vanuit de gemeente ook wel weer regie brengen en dat is best wel best wel moeilijk.
Want wat dat stuk ook een beetje ademt, dat zijn hele processen die aan de kant van de gemeente gedaan worden op dit moment en dat is best indrukwekkend. Met werkgroepen, een extra ambtenaar is daarvoor aangesteld en er komt zelfs een website voor, dus dat ziet er allemaal heel erg goed uit. Zelfs meervoudige cursussen. Maar aan de andere kant, de inwoners moet je natuurlijk ook mee krijgen daarin, dus dat wordt nog wel een uitdaging. Maar daar hebben we nog even tijd voor, want de wet gaat pas 1 januari 2025 in en dan is er nog twee jaar om uiteindelijk beleid te maken daarvoor. Dus dat komt wel goed, denk ik. Wat ik een beetje moeilijk vond, dat was – even kijken hoor, ik had daar aantekeningen van gemaakt - die inwonersparticipatie en overheidsparticipatie. Ik denk: lees ik het nou verkeerd? Zou het nou net andersom zijn? Maar ik heb het blijkbaar toch goed gelezen, want inwonersparticipatie ligt het initiatief wel bij de gemeente in eerste instantie. Gaat ook het stuk eigenlijk over. En bij overheidsparticipatie ligt het initiatief juist bij de inwoners. Dus op een of andere manier... Maar goed, die woordkeuze is wel goed, bleek later ook uit het stuk, was wel goed. Maar is een beetje verwarrend, vind ik da. Voor de rest, wat ik ook al gezegd heb, het is een helder stuk. En dat moet in de toekomst maar blijken.
Goed evalueren, goed kijken hoe het gaat, om die kaders ook goed in te vullen. Tot zover voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Ook aan u dank. Dan ga ik over naar D66, de heer Defferding. De heer Defferding: Dank u wel voorzitter. Ik kan me erbij aansluiten dat het op zich heldere stukken zijn. Alleen de vraag die wij wel hadden, is: wat is nu eigenlijk de noodzaak voor de raad om dit stuk vast te stellen? Ook omdat er nog nieuwe dingen aan zitten te komen, er moet nog een verordening worden gemaakt en dat lijkt mij iets waar we als raad meer over gaan, om die kaders vast te stellen. En deze nota, hoe prima die verder ook is, lijkt mij meer een handleiding voor de ambtelijke organisatie om de participatie aan te toetsen. En dat wordt nog een beetje versterkt door het stukje wat er in het voorstel staat bij de kanttekeningen: de participatienota doet geen dwingende uitspraak over de manier... Enzovoort, enzovoort. Het is maatwerk en dat is ook volstrekt logisch. Dus wat is eigenlijk de toegevoegde waarde dat wij deze nota in de raad gaan vaststellen? Dat is eigenlijk de enige vraag die wij nog even hebben hierover. Dank u wel. De voorzitter: Ook aan u dank. En dan kijk ik naar het CDA. De heer Seldenrijk, gaat uw gang. De heer Seldenrijk: We waren aan het participeren hier en het bleek dat ik het werd deze keer.
Goed in ieder geval om te zien ook dat de gemeente Eemnes relatief goed scoort qua tevredenheid bij onze inwoners. Dat is op zich wel… Als je het vergelijkt met Laren en Blaricum, komen wij natuurlijk heel positief eruit. Als je puur
kijkt naar de onderliggende cijfers, dan zie je natuurlijk wel iets andere zaken naar voren komen. Het bereiken van onze inwoners vraagt nog best wel wat inspanning. En wij zien dat ook met name natuurlijk met de Omgevingswet, die pas in werking is getreden, waar participatie natuurlijk een groot onderwerp is. En dan zien we toch wel, als je deze nota erbij pakt, dat we daar toch een hele weg nog moeten slaan. Hoe bereik je de inwoners? Je blijft zoekende. Welke methodes ga je bij elk onderwerp gebruiken? Dat mis je natuurlijk wel, als je de stukken ook leest: die burgerbetrokkenheid of tevredenheid is hoog, maar de burgerbetrokkenheid is eigenlijk heel laag in verhouding. Dus dat is best wel een uitdaging die we met elkaar hebben. Wat ik wel jammer vond ook in dit stuk eigenlijk een beetje: met name die punten waar we natuurlijk relatief slecht scoren, op welk onderdeel is dat nou precies? Het blijft een beetje oppervlakkig. Ik denk ook in de toekomst, zeker als we met die Omgevingswet verder gaan, dat we daar nog eens een keer een slag in maken om precies te kijken van: waar ligt dat nu? Bereiken we op die onderwerpen wat wij belangrijk vinden op dat moment, bereiken we daar de burgers mee? Maar voor de rest een goed en helder stuk. En ik sluit me eigenlijk ook wel aan: wat stellen we nu eigenlijk vast in het hele stuk? Want dat is mij ook niet helder. Dank u wel.
De voorzitter: Dank u wel. Als het laatste de heer De Zeeuw van Dorpsbelang. Wel het microfoontje aandoen. De heer De Zeeuw: Nu staat hij wel aan. In principe zijn de belangrijkste dingen natuurlijk gezegd. Het belangrijkste vind ik altijd: we hebben al behoorlijk goed functionerende participatie hier gehad. Dat klopt. Ook omdat de mensen zich zelf melden. Over het algemeen is men tevreden. Als ik nou naar dit voorstel kijk, dan zie ik dat een groot deel toch te maken heeft met het opleiden van de BEL-organisatie in het geheel. We hebben het over een participatie-gereedschapskist, een vaste participatie-adviseur, een werkgroep participatie. En er wordt ook training uitgevoerd. Dus er is aardig wat werk aan de winkel, schijnbaar ook omdat we de drie gemeentes nu gezamenlijk laten optrekken, om dat allemaal voor elkaar te krijgen. Dus dat verbaasde me wel een beetje. Want wij weten zelf vanuit de Omgevingswet dat er langzamerhand ook een juridisch kader is. Bij ons is het altijd een beetje vrijblijvend gebeurd, zou je kunnen zeggen. Maar er is nu een juridisch kader en die andere wet kende ik nog niet, de Wet participatie op decentraal niveau, dat die versterkt moest worden. Maar goed, beide dingen doen dat, dus die regelen dat netjes voor elkaar. Maar nogmaals, de uitvoering focust heel erg op de BEL-combinatie.
Ik denk dat dat ook wel de reden is dat daar de nodige kennis komt. En dan zullen we wel zien… Er komt er een online platform, maar dat is meer voor de burgers. Hoe gaat het heten? Onseemnes.nl, wat een mooie naam hebben we ervoor gekozen. Dus dat zal wel goedkomen. Maar communicatie blijft een punt waar we wel heel goed naar moeten kijken en hoe we de mensen mee kunnen trekken. Maar in principe zijn we wel voor deze nota. Dank u wel. De voorzitter: Dan gaan we over naar de portefeuillehouder, de heer Van Benthem. De heer Van Benthem: Dank u wel voor alle complimenten en waarderende woorden. Mevrouw Anne-Claire Bos, inwoner van een van de drie BEL-gemeenten - de duurste, dus dat is Blaricum - is als een van onze inwoners hier bij de BEL komen werken. Dus dat is hartstikke mooi. En die is ons participatie-adviseur. Dan begin ik gelijk bij het laatste: het opleiden van de BEL-medewerkers, is dat nodig? Ja, want zij wordt soms veel te laat betrokken bij onze participatieprocessen. En er loopt een weggetje dwars door Eemnes, dat is één voorbeeld waarbij zij wat laat, of eigenlijk helemaal niet werd betrokken. Dan weten jullie allemaal waarschijnlijk welke weg ik bedoel. Die hele doorgaande mooie weg.
Het doel van de participatienota is natuurlijk om - en dat is denk ik ook waarom de vorige volgens mij ook door de raad is vastgesteld - om te zeggen: dit is het algemene beleidskader, zo gaan wij werken, en vervolgens gaan we dat in een verordening allemaal nog helemaal concreet uitwerken. Maar dit is wel het kader zoals we met elkaar willen werken en daarom is het goed om dat als raad ook vast te stellen. Het belangrijkste is, zoals de VVD zegt, dat we het
moeten inbedden. Dus het moet een levend houden, dus het moet een logische toolbox zijn voor onze ambtenaren en medewerkers. Daarom hebben we ook gekeken naar een participatietool, zoals dat zo mooi heet – dat is eigenlijk gewoon een website. We hebben gekeken bij andere gemeenten wat werkt en wat voor ervaringen hebben zij opgedaan. Hoe moeten we dat ook aan de achterkant bemensen? We hebben het team alle vrijheid gegeven om de participatietool te kiezen waarvan zij denken: dat kunnen we bemensen, dat kunnen we aan. Dus daar gaan wij binnenkort ook in het najaar mee starten met een project. En jij mag zo vertellen welke, want ik ben vergeten welke. Een dingetje, de inwoners meekrijgen dat is soms moeilijk. Ik denk, als het om de Wmo gaat, dat de adviesraad nog wel een poging doen, maar dat de gemiddelde inwoner denkt: het is ver-van-mijn-bedshow. Tegelijkertijd, zodra wij iets doen in de nabijheid van onze inwoners, dus bijvoorbeeld het opknappen van een speeltuintje, dan zien we toch een hoge opkomst. Dus wat dat betreft, het ‘in my backyard’, dat zorgt in ieder geval voor een behoorlijke opkomst.
Nou is de uitdaging: hoe krijgen we, als we bepaalde wat hoogover zaken willen, hoe krijgen we dan die inwoner betrokken? We hebben een paar jaar geleden - sommigen weten dat misschien nog - rondom de verkiezingen hebben wij ook profielen gekregen van onze inwoners, van wat voor type. Daar moet je ook een beetje op inspelen. Sommigen willen naar een inloopavond komen. Heel veel mensen, zeker als ze kinderen hebben, zeggen: aansluitend aan het werk tot acht uur, want dan moeten de kinderen naar bed, maar zeker niet 's avonds een hele avond. Dus je moet op andere momenten ook willen participeren en proberen ze mee te krijgen. Het is niet dwingend, omdat we nu juist zeggen: we maken per beleidsterrein of per ingreep een afweging van hoe gaan we participeren, hoe betrekken we die burger. Vervolgens staat het als het goed is in het voorstel dat u als raad krijgt hoe we het participatie proces voor ons zien. De participatie in de Omgevingswet vind ik nog best een hele spannende, omdat: ik zou dat graag heel goed willen toetsen, hoe de initiatiefnemers het doen, maar daar geldt best een grote vorm van vormvrijheid voor. In het verleden hebben we hier ook wel eens discussies gehad. Hoe groot is nou de cirkel die je moet trekken? Daar kun je natuurlijk… Die kun je heel eng nemen en zeggen ‘ik heb geparticipeerd’, of je kunt hem heel groot nemen en dan heb je meer mensen betrokken.
Dus ik vind dat nog best een spannende, hoe we initiatiefnemers gaan toetsen op de manier waarop zij hebben geparticipeerd. Zonder dat we het dwingend kunnen voorschrijven, want dat mogen we eigenlijk niet doen. Uit de peiling blijkt dat onze inwoners redelijk tevreden zijn over hoe we ze betrekken. Het kan natuurlijk altijd beter. En de doelstelling van de Participatienota en het meer participeren en het opleiden van de medewerkers is dat als het goed is, we straks minder stroperige procedures hebben, minder bezwaren en als het goed is meer acceptatie ook van besluit die hier worden genomen. Dus als we dat nou goed met elkaar samen doen, dan hebben we het idee dat mensen als het een ‘nee’ is, dat eerder aanvaarden als we een goede participatie hebben gehad en het uitleggen dan wanneer we dat zeggen: ‘komt u maar inspreken’ en dan staat het toch wel een beetje vast. Dus we willen dat moment eigenlijk naar voren halen. Dan heb ik al uw kanttekeningen volgens mij meanderend enigszins beantwoord. Anneke, wil jij nog een pitch doen? Wat is het eerste waar we mee gaan beginnen met onze participatietool? Mevrouw Bos: Hai allemaal. Wij zijn nu momenteel inderdaad heel druk bezig met ons platform. Dat hebben we gekozen voor Mett. Dat is een van de groten. Die hebben ook heel veel grote gemeentes, andere grote steden hebben hetzelfde platform ook.
We hebben goed onderzoek daarnaar gedaan. Hiermee kunnen we echt alle instrumenten, alle verschillende vormen van participatie, waar we ook verschillende doelgroepen mee kunnen bereiken, allemaal op één website. Waar we nu mee bezig zijn, is het bouwen nog. In oktober willen we online echt live gaan, dus dat mensen echt kunnen kijken: waar kunnen dan aan meedoen? Nou is er inderdaad nog een heel leuk onderwerp, die grote lange weg hier in Eemnes, waar we misschien dus ook veel meer mensen kunnen bereiken, veel meer uit kunnen leggen, maar ook waar ze per fase in verschillende trajecten kunnen participeren op verschillende manieren. Dus je bereikt verschillende doelgroepen en dat is veel breder, veel ruimer en dus ook achteraf gezien een beter beeld dat mensen hebben. Staat ook voor op
mijn... Dit is dan de gereedschapskist. Ik heb het de BEL-PA genoemd, de BEL-Participatieaanpak. Dit is inderdaad voor intern, maar ik zet hem ook online. Hierop staat ook heel goed: goede participatie kost tijd, slechte participatie of geen participatie kost nog veel meer tijd. Dus het is echt de moeite waard om daar goed in te investeren, om goed te kijken: wie zijn de doelgroepen, wat zijn alle belangen, wat willen we eigenlijk vragen, wat zijn de kaders, wat is mogelijk? En dat staat allemaal ook hierin. Op dit platform is het niet alleen voor de dorpen. We hebben dus één platform en daaronder hangen de drie dorpen. Dus je kunt ook even bij de buren kijken, van wat hebben zij allemaal. Is ook wel leuk misschien. Daarnaast heb ik nog een extra soort website erachter hangen voor de mensen hier binnen de BEL. Daar staat dus ook deze BEL-PA, dus de aanpak, maar ook de opleiding die wij hebben gedaan. Dus alles daar, een soort BEL-academie, qua participatie kunnen ze daar ook in vinden. Alle kennis die we nu opdoen, die blijft daar en als er een nieuwe medewerkers komen: die kant op wijzen, dan kunnen ze dus ook alles daar weer terugvinden. Ik hoorde ook nog: hoe toetsen we dat? Ik heb hier, naast de BEL-PA hebben we ook de handreiking. Dat is met name voor mensen die zelf willen… Voor initiatiefnemers.
Dus dat zijn mensen die willen verbouwen of die - in verschillende gradaties. Eerst de lage gradaties van: ik wil een dakkapel, ik wil een boom uit mijn tuin. Moet ik participeren, is dan de vraag. Of ik wil een hele woonwijk uit de grond stampen. Dan heb je hier ook alle vragen: waar moet je aan denken, hoe moet je participeren? En daar hebben we ook voorbeelden bij, zoals, denk aan een brief begint of een gesprek met je buren, inloopmoment. Maar ga je groter, dan moet je ook nog andere mensen uit de buurt uitnodigen, instanties moet je uitnodigen. Je gaat steeds groter, je wordt eigenlijk helemaal begeleid met: wie moet je dat uitnodigen? En hoe groot is dan inderdaad die cirkel wie allemaal bij dit ene participatiemoment horen? Dus dat zou je dan ook eventueel kunnen toetsen. Dat doen ze ook bij de vergunningafdeling ook bijvoorbeeld. Die werkgroep ben ik zelf heel blij mee, want ik ben in mijn eentje voor drie gemeentes, dus het is nogal veel, maar we doen het met zijn allen. En ik heb iedere afdeling ook iemand uitgekozen, of uitgenodigd, om bij mij dan in de werkgroep te zitten. En die zijn ook ambassadeur op hun afdeling. Dus als er een gesprek is van we beginnen met een project, dat zij al begin of aan kunnen zeggen: leuk, maar wat doen we met de participatie? Want ik kan niet bij alle projecten en alle overleggen zitten. Dat erg fijn. Ook zij worden goed opgeleid.
En hopelijk blijft het dus ook allemaal binnen de BEL en doen we het met elkaar. De voorzitter: Ik denk dat het… Ja, ik wou net zeggen, zo veel enthousiasme. Mevrouw Bos: Ja, ik ben zelf echt… Ik vind het ontzettend leuk en ik doe het met plezier. Ik ben dus zelf ook inwoner en dat helpt je wel meedenken. En dat is wel fijn: hoe zou ik het dan willen? En hoe wil ik benaderd dan worden? Dus dat helpt wel een klein beetje om dat mee te nemen. De voorzitter: Goed. Ik dank u in ieder geval voor de toelichting. Ik kijk nog even rond of er nog… De heer Defferding. De heer Defferding: Dank u wel voorzitter. Ook bedankt voor de beantwoording en ook bedankt voor de enthousiaste bijdrage. Ik blijf wel een beetje bij mijn punt. Want de portefeuillehouder ging er wel snel overheen: we hebben het de vorige keer ook in de raad vastgesteld dus nu ook weer. En ik kan me voorstellen dat mevrouw Bos het hartstikke leuk vindt om hier te zijn en ze is van harte welkom natuurlijk, maar ik denk dat ze beter bezig kan zijn met dat participatietraject in plaats van raadsvoorstellen schrijven en dingen als een hamerstuk erdoorheen gaan gooien. Want voor mij is het niet echt van heel veel toegevoegde waarde dat wij dat als raad vaststellen, behalve als zo meteen niet verordening komt, waar we natuurlijk wel over gaan.
Maar goed, het is er en volgens mij gaan we het vaststellen en dan kunnen we weer een paar jaar vooruit. Dank u wel.
De voorzitter: Ik zie de heer Seldenrijk nog. De heer Seldenrijk: Dank u wel voorzitter. Ik begon juist in eerste termijn ook over die Omgevingswet. We hebben natuurlijk participatie vanuit de gemeente vandaan, dat is ons eigenlijk wel bekend natuurlijk. Maar participatie vanuit de Omgevingswet, dan wordt dus degene die gaat indienen, vrijgehouden. De gemeente kan niet opleggen wat voor participatie je doet. Daar ben je... Feitelijk heb je daar best wel veel ruimte in. Alleen de gemeente c.q. raad - ligt net wat voorligt – moet straks wel toetsen of er een juiste participatie heeft plaatsgevonden. En daar zoek ik het dus ook een beetje: is dit voldoende voor ons om een toetsing naar aanleiding van dit stuk te kunnen laten plaatsvinden? Dus een buitenstaander, projectontwikkelaar of wie dan ook die met een aanvraag komt. Is dat voldoende voor zoals nu de afdeling er tegenaan kijkt? De voorzitter: De heer De Zeeuw nog, zie ik. De heer De Zeeuw: Ja, nog een klein beetje. We zitten nu naar het proces van participatie te kijken, maar een van de dingen die bij mij bij de Omgevingswet is blijven hangen, dat er dan, als die participatie geweest is, dat er een behoorlijke tijdsdruk komt op de implementatiekant, het uitvoeren, zeg maar het goedkeuren van het geheel.
Als je die tijd, die korte tijd, niet haalt, dan helaas, dan is dat zo gebeurd en dan is de invloed van de raad zeer beperkt. Dus dat is nog wel een punt waar ik mee zit. Hier zitten we meer naar het voorproces te kijken, maar uiteindelijk moeten er beslissingen genomen gaan worden. Dus misschien dat u daar nog iets over kan zeggen. De voorzitter: Geef ik eerst aan de heer Van Benthem nog het woord en die geeft het dan wel door aan de overkant. De heer Van Benthem: Wij publiceren op onze website een leidraad hoe je onder de Omgevingswet de participatie zou kunnen inrichten en aan de hand van die leidraad toetsen wij. Alleen het is geen dwangmatig iets wat we kunnen voorschrijven. Dat is een beetje het spannende. Dus als ik vind dat… Stel… Laatst hadden we aan de Noordersingel een initiatief voor dertig extra units om daar te bouwen, kantoorunits. Nou vraag ik: hoe is er nou geparticipeerd? Zijn de omwonenden geïnformeerd? Hoe groot is die cirkel geweest? Dat soort dingen. Dan blijkt dat best, in mijn ogen, een beperkte schaal te zijn, terwijl ik vind dat als daar een extra uitrit komt, dat dat best grote impact heeft op de doorstroming en drukte. Maar kan daar op dit moment helemaal niks mee. En dat is een beetje het lastige zo meteen bij de Omgevingswet.
Als de initiatiefnemer zegt: ik heb goed geparticipeerd, wie ben ik dan als overheid om vervolgens te zeggen: nee, want ik heb hier een lijstje. Daar ga ik dan vervolgens in het bezwaarproces enorm last van krijgen als zij heel slecht geparticipeerd hebben. Dus met die leidraad proberen we ze op te voeden: hier toetsen we aan en dit vinden wij eigenlijk normaal. Dat zal ook de commissie Bezwaar en beroep gebruiken en dat zal ook een rechter gebruiken. Alleen het zou heel veel schelen als ze dat aan de voorkant ook zich eigen maken en bij ons komen buurten van: hoe willen jullie graag dat wij participeren en hoe groot moet die cirkel zijn en op welke manier? Alleen om dat af te dwingen is een lastige en in die Omgevingswet staan een paar dwingende termijnen. Die kan ik misschien een keer verdagen, maar dan houdt het wel op en dan wordt er net als nu van rechtswege op een gegeven moment een vergunning verleend. Dat moeten we zeker niet willen. Dan maar de bezwaar en beroep-fase in, maar dan ben ik heel veel ambtelijke uren straks weer kwijt aan al die zittingen die daaruit voortvloeien. Een te goeder naam en faam bekendstaande initiatiefnemer zal natuurlijk altijd bij de gemeente even langsgaan van: hoe zou u het participatieproces willen zien? En dan krijgen ze keurig de leidraad en dan gaan we met ze in gesprek. Maar ik kan het vervolgens niet afdwingen.
Want als u het niet zo gedaan heeft zoals wij het graag zien, maar u heeft het op uw eigen manier gezien en er is een of ander communicatiebureau die zegt van dat is goed gecommuniceerd, dan wordt het een hele lastige discussie.
De heer Seldenrijk: Nee maar dan kan u hem wel afwijzen. De heer Van Benthem: Dan kun je hem wel afwijzen. De heer Seldenrijk: Nee maar goed, dat is natuurlijk een beetje mijn punt. We hebben het vaak hier ook in de commissie gehad. Dan zit de hele tribune vol met mensen. Dat wil niet zeggen dat de participatie verkeerd is gegaan, alleen de tegenstander is niet overtuigd. Dan weet je precies hoe het traject hier gaat lopen. Dan gaat het weer van voor af aan. Dus vandaar, ik was een beetje zoekende om een beetje meer handvaten te krijgen met name op dat onderdeel. Dan zit er inderdaad voor een tegenstander, zoals u eigenlijk al benoemd heeft: als je het heel strak neerzet, dan kan je in je vingers snijden. Mevrouw Bos: Wat wel kan, als ze hier komen met vragen: is er goed geparticipeerd? En wij denken van nou, het is niet echt genoeg, dan kunnen wij wel vragen stellen, aan de hand van dit en dan kunnen we zeggen: u krijgt nog meer tijd om te participeren of anders gaan wij dan doen. Dat kan ook. De heer Van Benthem: Volgens mij, als een initiatiefnemer iets indient en hij zegt geparticipeerd te hebben, kunnen wij het niet overnemen. Nee. Dan kunnen we hooguit zeggen: we keuren het af en u moet het opnieuw doen. Maar dat moet dan wel ergens straks in onze regeltjes staan dat we dat ook met redenen omkleed kunnen.
En volgens mij heeft u donderdagavond weer een avond over het omgevingsplan, geloof ik. En er moeten allemaal verordeningen straks vastgesteld worden. Dus daar moet het in geregeld worden, dat we ook een haakje hebben om dat te kunnen afwijzen. De voorzitter: En er zit natuurlijk een verschil of iets al in het bestemmings- of althans het omgevingsplan mag of nog niet mag, want bij een wijziging dan kunnen ze, als ze dan niet goed hebben geparticipeerd, dan kan je: ligt de bevoegdheid of des colleges of des raads, daar hebben we een lijstje voor. Dat klopt, hetzelfde geldt met het voorbeeld wat u gaf: dat mag binnen het bestemmingsplan. Ik kijk, ik zie de heer Schade nog, afsluitend. De heer Schade: Het gesprek gaat nu heel erg over de verordening en dat is volgens mij de tweede trap van dit hele proces. Waar wij over praten is een beleidsnota. Die heb ik gelezen - en misschien dat anderen in deze commissie het anders gezien hebben - maar ik heb hem gelezen als kaderstellend verhaal, de visie die de gemeente heeft voor participatie. Op basis daarvan wordt een verordening vastgesteld. Ik voel mij vereerd dat het college de visie die zij hebben over het beleid ten aanzien van participatie aan deze raad voorleggen. Ik denk dat het ook heel belangrijk is, want daarmee leggen wij vast wat wij als raad belangrijk vinden voor een verordening die over een tijdje bij ons langs komt.
Dat was het. Dank u wel De voorzitter: Dan denk ik dat we met deze woorden dit onderwerp wel kunnen afsluiten. Ik dank als eerste mevrouw Bos voor uw aanwezigheid en uw enthousiasme. Hij gaat naar de raad en ik gok dat het een hamerstuk wordt. Ja, oké, dan is bij dezen. Dat is mooi dan. 05.01 Wijzigingen Verordening sociaal domein gemeente Eemnes 2018 De voorzitter: Dan gaan we door naar het volgende agendapunt. Ja, ik ben van het hameren. Dat weet u. Dat is de wijzigingen van de Verordening sociaal domein gemeente Eemnes 2018. Laat ik eens beginnen bij het CDA en dat is wederom de heer Seldenrijk, zo te zien. Gaat uw gang.
De heer Seldenrijk: Daar krijgen we die participatie. Krijg je van alles in je schoenen geschoven. We kunnen instemmen met de wijziging Verordening sociaal domein gemeente Eemnes. Het zijn natuurlijk vooral technische wijzigingen, dus op zich allemaal prima wat ons betreft en op zich ook helder. We hebben natuurlijk dit al eens eerder aan de orde gehad, een aantal stukken, dus heel veel dingen lees je natuurlijk voor de tweede keer. Ik zat wel even naar het raadsbesluit te kijken. Daar had ik even: hoe zit dat dan precies? Dan ging het met name over puntje 2 van het raadsbesluit. Daar staan eigenlijk - dat heb ik wel eens vaker gezien daar staan twee dingen in één zin. Dus dat is even mijn vraag hoe deze te lezen. Hoofdstuk 5 gaat dus met terugwerkende kracht en de rest na bekendmaking, als ik hem goed gelezen heb. Maar voor mijn gevoel, ik heb hem ook twee keer gelezen omdat je er zo overheen leest: in het vervolg zou graag zien dat je die dingen ook scheidt. Trek ze even uit elkaar. Daar staat het er veel helderder in. Maar goed, dat is mijn enige opmerking. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar de heer De Zeeuw, Dorpsbelang. De heer De Zeeuw: Dank u wel. Wat de heer Seldenrijk ook al zei, het gaat met name om technische veranderingen.
En een ding wat natuurlijk ook wel belangrijk is, dat er met terugwerkende kracht iets aan de beloning wordt gedaan. Dus we gaan af van minimumloon-zaken. Het wordt allemaal wat beter financieel benaderd in het geheel, dus dat is iets waar we wel… Dat gaat met terugwerkende kracht, begreep ik. Tot wanneer is dat? 1 juli 2023. Het pgb-uurtarief wordt dan aangepast en is niet langer het minimumloon. Ik neem aan dat we daar weinig over kunnen zeggen, zelfs met de begrotingsproblemen die op ons afkomen. Het is zoals het is. Maar we hebben er ook geen bezwaren tegen, dus we gaan daarmee akkoord. Dank u wel. De voorzitter: Dan kijk naar D66, Mevrouw Wiering. Mevrouw Wiering: Dank u wel voorzitter. Prima dat de verordening wordt aangepast. Dat kan natuurlijk ook niet anders. Wat D66 wel heel bijzonder vindt, is dat dat allemaal met terugwerkende kracht naar 1 januari van het vorig jaar, dan wel 1 juli van het vorig jaar is. Dat heeft gewoon heel erg lang geduurd. Maar het zij zo. Wat heel fijn is om te lezen, is dat het ingaan van deze verordening geen nadelige gevolgen heeft gehad voor de inwoners. Dat is een gunstig gegeven. Het voorstel wordt in Blaricum en Laren aan het college aangeboden. Ik neem aan dat dat de raden moeten zijn. En voor de rest kunnen wij instemmen hiermee. De voorzitter: Dan ga ik naar de PvdA. De heer Van der Vegt. De heer Van der Vegt: Dank u wel voorzitter.
Het heeft inderdaad wel even geduurd, maar volgens mij is het doel wel bereikt. Helder stuk, goed leesbaar en ook mooi dat de adviesraad erin mee is genomen, de punten die ze hebben aangedragen. Ik had nog wel een, nou ja, opmerking, vraag en dat is dan vooral… Ik weet ook niet hoe ver ik hier op de inhoud in mag gaan. Het stukje maatwerk, dat klinkt natuurlijk goed, maar in de praktijk is dat ook vaak weer een punt van discussie. En uit het werkveld hoor ik wel eens dat het toch wel moeilijk is om bepaalde zaken voor elkaar te krijgen. Bijvoorbeeld avondtaallessen op B2-niveau, wat vaak weer een voorwaarde is om een baan te krijgen, dat dat erg lastig is om daar geld voor te krijgen. Net zoals een deelcertificaat om een bepaalde baan of een bepaalde functie uit te kunnen oefenen. En vraag ik me af of het dan de bedoeling is dat de werkgever dat betaalt, of dat er gewoon geen budget voor is. Dan had ik nog een vraag over een speciale groep, statushouders, gezinsmigranten - die hebben vaak te maken met een vrij complexe casus om aan het werk te komen - of het COA daarbij betrokken is. En ten slotte had ik nog één vraagje over wat de gemeente zelf doet om mensen richting betaald werk te krijgen. Bijvoorbeeld de Tomingroep, die mis ik helemaal in dit stuk. Maar voor de rest een goed, helder te lezen stuk.
De voorzitter: Dan mevrouw Van der Linde van de VVD. Mevrouw Van der Linde: Dank u wel voorzitter. We zullen net als de andere partijen instemmen met dit voorstel gezien de met name technische wijzigingen. Normaal gesproken wilde ik dan ook altijd zeggen: we zijn blij dat er advies is ingewonnen, adviezen zijn overgenomen. Maar in dit geval vond ik het eigenlijk een beetje jammer dat de eerste zin van het stuk is aangepast naar de zin die de Sociale Raad graag wilde. Want de eerste zin die opgesteld was, is eigenlijk sterker dan de zin die ervan gemaakt is en dat vind ik wel een beetje jammer. De zin was: de HBEL-gemeenten richten zich op de beweging van personen in deze gemeente naar zelfredzaamheid. En ik denk dat dat belangrijk is, dat die zelfredzaamheid gestimuleerd wordt. Dus wij vinden dat eigenlijk wel belangrijk om dat in plaats van ervan te maken ‘we gaan u begeleiden naar’. Natuurlijk gaan we helpen. Dat is heel goed. Maar het is ook wel de bedoeling dat de mensen zelf helpen om daar te komen, zelf iets doen om daar te gaan komen.
Om dan nog even een keer een hele andere draai aan het verhaal te geven, wilde ik eigenlijk vragen of de gemeente ook voldoende mogelijkheden heeft om indien mensen niet genoeg meewerken aan het bereiken van die zelfredzaamheid, of er dan ook maatregelen genomen kunnen worden om hier iets tegenover te stellen of iemand hiertoe meer te pushen. Dat is eigenlijk mijn vraag in dit geheel. En ik kan nog één vraagje. Er staat dat de huishoudelijke hulp van 19 euro naar het landelijke gemiddelde toe gaat. Wat is momenteel ongeveer dat landelijke gemiddelde? Want ik heb geen idee waar we naartoe gaan. Dank u wel. De voorzitter: Dan heb ik het rondje gehad en dan ga ik naar de portefeuillehoudster, mevrouw Havinga. Mevrouw Havinga: Dank u wel voorzitter. Op de laatste vraag: ik heb geen idee, dus dat moet ik even navragen. Dan kom ik daar op terug. Het raadsbesluit in tweeën zou misschien leesbaarder zijn. In dit geval sluiten we dan enerzijds aan bij: vaak zijn het gewoon wetswijzigingen of per 1 januari of per 1 juli. Er staat altijd wat op stapel, zeker richting dat soort momenten, half jaar, 1 januari. Dan duurt het soms even voordat we daadwerkelijk de verordening aanpassen. In dit geval wordt er ook nog het een en ander verzameld. En dan gaat er wat tijd overheen en dan zat er in ons geval ook nog een zomerreces tussen. Want als u het stuk ziet, dan ziet u dat het van mei is.
Dat is dan net Q2, maar dan zit er ook nog wat tijd tussen om het op een vergadering te krijgen. Dus ja, dit is wat het is. En vooral het feit dat er geen inwoners last van hebben, geeft dan ook de ruimte dat we soms denken: het kan wel iets later aangepast worden. Maar het liefst hebben we het op tijd bij u en hebben we het zelf ook tijdig ingeregeld. We houden ons in ieder geval aan de wet, dus dat is belangrijk, maar vandaar dus die data. Ik zal de volgende keer kijken of we het misschien kunnen opsplitsen, dat het nog helderder is. Het is inderdaad een raadsbesluit, ook in de andere gemeenten. Dus dat klopt zoals u het geïnterpreteerd heeft. Dan maatwerk. Ik kan inderdaad... Ik heb geen idee van individuele casussen, maar in principe zijn er wel mogelijkheden ook voor budgetten voor extra bijscholing, nascholing, omscholing. We hebben RMT-budgetten, die liggen weer bij de regio. Dus het is soms wel een beetje puzzelen waar we dan naartoe moeten met een inwoner en dat vraagt maatwerk en aandacht. Dus als er vastgelopen wordt, dan hoor ik het ook graag, want dan kan ik kijken of we daar iets aan kunnen doen. Maar ik kan hier niet op individuele casuïstiek ingaan. In principe gaan we zo ver mogelijk mee als we kunnen, zeker als iemand bereid is om richting zelfredzaamheid te gaan. Want dat is natuurlijk het allermooiste als het lukt.
Dus ik kan wel voorstellen dat u denkt: laat dat er alsjeblieft gewoon in staan, want daar gaat het immers om dat we mensen zoveel mogelijk in die zelfredzaamheidsstand krijgen en houden. Hebben we dan een pressiemiddel? Je blijft zoveel mogelijk met mensen in gesprek om te kijken waar je ze wel krijgt. Je kan ze ook niet dingen afnemen, dus we kunnen ook geen uitkering afpakken van mensen of we hebben gewoon mensen te geven waar ze minimaal recht op hebben. En het is jammer als ze niet meewerken. Op een gegeven moment trek je je handen er dan vanaf. Je kan mensen niet dagelijks gaan ophalen om naar een bepaalde cursus of scholing of
iets te komen om ze richting zelfredzaamheid te krijgen. We proberen ons daar wel zoveel mogelijk voor te blijven inspannen. Misschien wel eens tegen beter weten in. Dan dacht ik nog wel even op de vraag van de PvdA, binnenkort hebben we een presentatie van Zicht op Werk en dan gaan we echt in op: wie is nou bij welke trajecten betrokken? Dus ook bijvoorbeeld als het gaat om inburgeringsplichtigen, die begeleiden naar werk. Mensen vanuit een uitkering begeleiden naar werk. Dus dan komen al die trajecten, want dat zijn er heel veel vanuit Zicht op Werk, die komen ook terug. Misschien is dat een goed moment om daar ook nog wat inhoudelijke vragen te stellen. Tarief, zei ik al, daar kom ik nog op terug. Ik krijg nu een appje, dus als daar het tarief instaat dan... Nee. Er staat nog wel in dat er soms wel maatregelen worden opgelegd als het niet lukt. Maar wat die precies zijn, dat weet ik nu ook niet. Dus als u zegt: die wil ik wel graag weten, dan moet ik daar even technisch op terugkomen. Mevrouw Van der Linde: Ja, ik ben daar best wel benieuwd naar, als dat kan. Mevrouw Havinga: Dan doe ik dat even tegelijk met het tarief. De voorzitter: Ik kijk nog even of er aanvullende vragen zijn voor de tweede termijn. Die kant niet, die kant niet. De heer Van der Vegt: Ik had één vraag nog over wat de gemeente zelf doet om mensen naar gepast werk te helpen, zoals met een Tomingroep.
En als ik die klachten nou eens hoor, om zo'n taalles te krijgen. Waar kunnen die mensen dan het beste zo'n klacht neerleggen? Wat is de beste weg? De voorzitter: Doe maar meteen op reageren. Mevrouw Havinga: In principe hebben we gewoon een manier om een klacht in te dienen, dat is gewoon een klachtenprocedure. Maar als ze een vaste consulent hebben, dan moeten vooral gewoon daar neerleggen: ik ben gewoon niet tevreden over hoe ik geholpen ben en ik zou graag nog verder willen kijken. Dat is de beste route, iemand die gewoon al betrokken is. En er was nog een vraag. De heer Van der Vegt: In hoeverre de gemeente zelf ook meewerkt om mensen aan het werk te krijgen, via de Tomingroep. Mevrouw Havinga: Ja. Onder andere Tomingroep is een van onze uitvoeringsorganisaties. Maar vooral via alle trajecten van Zicht op Werk. Dat zijn trajecten: Ik ben, ik word-trajecten, maar daar is op zich wel vaker over geïnformeerd. Dus dat gaat vooral over leren op tijd op een afspraak komen, soms zijn het ook arbeidsmatige dagbestedingen, tot dat we echt met een soort jobcoaching mensen echt naar werk gaan begeleiden. Dus ik denk dat het goed is dat u bij de avond van Zicht op Werk bent. De voorzitter: Mevrouw Van der Linde nog.
Mevrouw Van der Linde: Ik wilde nog even doorgeven dat het eigenlijk best gebruikelijk is dat werkgevers contractueel opnemen dat een werknemer taalcursussen kan volgen, deze ook betaalt en de werkgever kan dan ook wel als tegenprestatie stellen dat een bepaald niveau gehaald moet worden. Wordt betaald door de werkgever.
De heer Van der Vegt: Maar ja, als dat dus niet gebeurt, dan krijg je denk ik vaak een beetje dat getouwtrek dat men vanuit de gemeente zegt, de werkgever moet dat betalen en die werkgever betaalt niet. Uiteindelijk is natuurlijk degene die op zoek is naar werk de dupe daarvan. De voorzitter: Maar goed, de wethouder heeft al aangeven dat… Mevrouw Van der Linde: In de huidige arbeidsmarkt valt dat reuze mee. De voorzitter: De wethouder heeft aangegeven dat er binnenkort uitgebreide presentaties op Zicht op Werk. Ik kan u garanderen dat al deze facetten daar langskomen. Dus dat lijkt me ook een goed moment. Dan heb ik als toezegging van de wethouder dat zij nog terugkomt op wat het landelijke gemiddelde is van de huishoudelijke hulp en dat zij nog kort zou beschrijven welke maatregelen de gemeente heeft om mensen die, laat ik het maar in mijn woorden zeggen, niet mee willen werken, toch nog iets te kunnen pushen of er iets tegenover kunnen stellen. Dan wil ik deze op deze wijze afconcluderen, maar voordat ik dat doe, ga ik altijd nog even langs of dit een bespreekstuk of een hamerstuk wordt. Hamer, hamer, hamer, hamer, hamer. Dan wordt dit ook een hamerstuk. 6.
Mededelingen college De voorzitter: Dan gaan we naar het volgende agendapunt en dat is de mededelingen vanuit het college. Ik kijk even. Mevrouw Havinga: Een aanmoediging vooral. Volgende week zaterdag is burendag en is onder andere onze AMV-locatie open om te bezoeken. En Tergooi maar ook Baarn. Dus schroom niet om eens een keer te komen kijken op een van onze plekken waar asielzoekers, mensen met een vergunning, tijdelijk worden opgevangen. Vooral een aanmoediging.
7.
Toezeggingenlijst De voorzitter: Dan hebben we toezeggingen ook gehad. Nee, de mededeling ook gehad. Dan gaan we nu naar de toezeggingen. Even voordat we die langslopen wil ik even, net zoals ik bij de commissie Ruimte heb gedaan, dat het even nieuw is als de tekst zeg maar te lang is, wordt dat gevoegd in de memo en die memo's worden standaard nu erbij gezet. Dus niet dat u denkt: dat ga ik eens even leuk bespreken, maar dat is de toelichting waarvoor iets gereed is. Dan kom ik nu inhoudelijk bij de toezeggingenlijst en dan zie ik staan dat er een memo is toegevoegd over de geluidsoverlast van de dieren. Ik neem aan dat dat afdoende is. De heer Seldenrijk: Nou dat is een verhaal bij ons vandaan. De memo is natuurlijk helder. Daar kun je weinig van zeggen. Er staat alleen: notitie is in de maak en dan is die gereed. Nou is mijn vraag aan de voorzitter: op het moment dat het college zegt, notitie is in de maak, gaat hij dan van de toezeggingenlijst af? Zo lees ik hem nu. De voorzitter: Maar die memo zit er toch bij? De heer Seldenrijk: Die memo gaat over dierenpensions. En in het antwoord van het college, de laatste opmerkingen, daar staat: RUD stelt een korte memo op, die hebben we nu gekregen, en notitie is in de maak. Dus mijn vraag aan de voorzitter is: moet hij dan van de toezeggingenlijst af op het moment dat het college zegt, we komen binnenkort met een notitie.
De voorzitter: Als u als over dat puntje nog een notitie verwacht en die zit er niet bij dan is het heel formeel nog niet gereed. Daar heeft u een punt, dat klopt. Maar ik heb hem geïnterpreteerd - en ik moet eerlijk toegegeven, ik heb hem niet op de letter, punt, komma gelezen. Maar de memo dierenpension… Dan laten we hem nog even staan, want ik begrijp dat u nog een aanvullende memo wil waar u op wacht. De heer Seldenrijk: Er staat in het antwoord: een notitie is in de maak. Vandaar, wanneer gooi je hem van de lijst af? Bij de volgende staat bijvoorbeeld: in juli komt er een notitie, of weet ik veel wat, maar die blijft wel staan. Dus vandaar, we moeten wel even een lijn in het geheel houden. Dus dat is even procesmatig in plaats van inhoudelijk. De voorzitter: Misschien dat de heer Van Benthem nog iets... De heer Van Benthem: Er is geen notitie in de maak over een gedragsaanwijzing met geluidsnormen. We kunnen het onderwerp wel meenemen bij de komende wijziging van de APV medio volgend jaar. Dan kunnen we dit onderwerp ook meenemen van: stel er is geluidsoverlast van dieren, welke maatregelen zijn er? Want in het memootje van de RUD staan een paar voorbeelden wat je zou kunnen doen. Dat kunnen we dan ook bij de APV aan het betreffende artikel hangen van als er overlast is, dan zijn dit de dingen die je kunt doen.
Maar een afzonderlijke notitie? Ik denk dat het scherper is als we hem bij de APV gelijk meenemen. De heer Seldenrijk: Dan kan hij wat mij betreft eraf. De voorzitter: Goed, dan gaat hij eraf. Dan kom ik bij de volgende, dat is de… De heer : Voorzitter, over die notities, om het even heel duidelijk hebben. Als we daar nou nog vragen over hebben, hoe gaan we daarmee om? De voorzitter: Die notities zijn allemaal, als het goed is, het presidium gepasseerd. In het presidium waar u de laatste keer zelf ook aanwezig was, heeft u de mogelijkheid om elk ingekomen stuk, dus ook dit soort memo’s en notities, te agenderen. Maar dan moet u wel in het presidium aangeven wat u graag dan wil weten, zodat ten eerste de portefeuillehouder, maar ook uw mede-commissieleden zich ook een beetje kunnen voorbereiden vanwege het gelijk speelveld. De heer : Dan is de procedure mij duidelijk. De voorzitter: Het staat u altijd vrij om nog achteraf, als u zegt, ik heb er toch nog eens goed over nagedacht, maar dan moet u het via het presidium weer opnieuw agenderen. De heer : Gaan we dat zo doen. Dank u wel. De voorzitter: Dan gaan we nu toch echt naar het volgende. Dat is de kosten-batenanalyse van Baarn. Daar is ook een RIB bij. Ik heb persoonlijk wel iets, maar daar mag ik als voorzitter niks van zeggen. De heer Seldenrijk: Ik ga daar toch een opmerking over maken.
Als je deze RIB leest, lijkt het net van: op vakantie word je gebeld, je zit lekker op Ibiza met een piña colada in de hand en de gemeentesecretaris belt op van, er moet nog even een evaluatie geschreven worden. Want dat is een beetje het niveau van wat hier in staat. Als je praat over kosten-batenanalyse, je weet dat er een kostenoverschrijding is, fors, dat je daar wat verder op ingaat, dat vind ik wel gepast. En voor de rest, ik kan er weinig over zeggen, want uiteindelijk, hij zit erbij. Ik vind hem in ieder geval onvoldoende.
De voorzitter: Als u hem opnieuw wil agenderen of dat u toevoeging wil, ook aan u, dat kan dan via het presidium. Niet dat we hem nu inhoudelijk… De heer Seldenrijk: Dat is correct. Dan gaat ie er in elk geval niet van af. Ik dacht, laat ik er gelijk een motivatie bij geven. De voorzitter: Dat is goed. Het volgende is de lening van Deo et Arti is in de subsidieverordeningen en die is reeds vastgesteld, dus die kan er wel denk ik zonder discussie van af. Dan hebben we alle puntjes waar gereed bij staat, gehad. Dan is de lijst op twee puntjes na opgeschoond. 8.
Rondvraag De voorzitter: Dan kom ik bij het een na laatste agendapunt en dat is de rondvraag. Dan begin ik bij D66. Niet? Partij van de Arbeid, de heer Overbeeke. De heer Overbeeke: Dank u wel voorzetter. Via de raad van Laren, in dit geval, lezen we dat de publiekshal in het BEL-kantoor vanaf 1-1-2025, dus 1 januari, niet meer beschikbaar is voor exposities. De Stichting BEL-Art is inmiddels geïnformeerd, heb ik begrepen daaruit en het zou te maken hebben, in het kader van het Findproject om de ruimtes flexibeler en multifunctioneler in te lichten. Althans, zo staat het in die notitie. Naar aanleiding daarvan hebben we toch een aantal vragen. We zijn daar benieuwd hoe het staat met de herinrichting van het BEL-kantoor. We vragen ons ook af: zijn er dan al meer acties genomen als alleen het leegmaken van deze ruimte? Zo ja, wordt dat dan ook in de raad besproken? Tot zover. Ik begrijp trouwens ook dat die informatienota gericht is aan de gemeenteraden van Blaricum, Eemnes en Laren, maar ik heb hem hier nog niet gezien in ieder geval. Maar dat kan een timingskwestie zijn. De voorzitter: Nou ben ik niet de meest strengste, vervelendste voorzitter, maar dit is niet echt een vraag voor de rondvraag. Had u misschien schriftelijk kunnen doen. Maar ik denk, gezien de tijd, kan de burgemeester vast het een en ander over toelichten.
De heer Van Benthem: Bij het vorige presidium zat deze mededeling namens het BEL-bestuur in een RIB. Dus daar werd inderdaad uitgelegd waarom dat is en dat is omdat wij de zichtlijnen beter willen hebben en meer ontmoetingsruimte willen creëren, et cetera. Als het gaat om de herinrichting van het gebouw zijn wij bezig met verschillende fasen. De eerste fase is inmiddels geweest en dat heeft geleid tot nieuwe bureaustoelen die arbotechnisch verantwoord zijn. Want die waren inmiddels vijftien jaar oud. De volgende fase is dat we bezig zijn met het aanschaffen van ik noem dat even hoog-laagbureaus, dus die dingen, staan, zitten op je arbo. In het hele proces, want dit gebouw is vijftien jaar oud, wordt er op basis van het meerjaren-onderhoudsplan voorzien in het vervangen van de armaturen, het vervangen van de plafonds, het vervangen van de vloerbedekking, het schilderen van de muren, dus het hele gebouw krijgt een opfrissing. Daarnaast wordt er gekeken of we wat meer stilteruimtes in het gebouw kunnen aanbrengen. Dus het is niet zo dat het gebouw gestript gaat worden en er miljoenen geïnvesteerd worden, maar dit is eigenlijk meer het uitvoeren meerjarig onderhoudsplan, waarbij we ook kijken naar: waar kunnen we een aantal nieuwe ideeën over hoe je in een kantooromgeving werkt, implementeren, zonder dat er al te veel wordt omgebroken, doorgebroken.
Dat betekent dat er ook gekeken wordt naar de inrichting van deze raadszaal, waarbij ook gekeken wordt naar de microfoons en dat soort dingen. Die zijn inmiddels ook vijftien jaar oud. En een afzonderlijk traject is dat we dan ook gaan naar camera's, zodat we ook uitgezonden kunnen worden en dat dat ook gekoppeld is gelijk aan de Archiefwet, zodat we dat op een juiste manier doen. Dus dat zijn alle dingen die we gaan doen en daarmee heeft u ingestemd bij de BEL-begroting. Daar zijn dit soort maatregelen in opgenomen en dat zijn grotendeels
aanpassingen die na vijftien jaar aan een gebouw een keertje moeten. Onderdeel daarvan is het ook benutten van de publiekzaal om meer… De voorzitter: Maar dan neem ik aan dat de vraag is van de exposities, dat is dus… De heer Van Benthem: En het bedrijfsrestaurant heeft natuurlijk een enorme upgrade ook nog een keer gekregen vorig jaar. Dat was ik vergeten. Dat was natuurlijk de allereerste fase die we wilden doen. Dus die ziet er ook beter uit dan die was. Het zijn allemaal kleine fasen en projectjes. Daarbij is er heel veel discussie geweest over BEL-Art en de noodzaak om dat wel of niet te behouden en dat soort dingen. Uiteindelijk heeft het BEL-bestuur ingestemd met de wens van de directie om daar een einde aan te maken. De voorzitter: Ik denk dat de vraag goed beantwoord is. Of het antwoord helemaal, dat laat ik in het midden. Mevrouw Van der Linde, VVD. Mevrouw Van der Linde: Dank u wel. We zijn vanavond zo enthousiast bezig geweest met participatie. Daar kreeg ik ook nog te horen dat vooral de in my backyard-participatie het heel goed doet. Dus ik dacht, laat ik dan toch maar even een vraag stellen bij dezen, over mijn eigen backyard.
Nadat ik op de app van MijnOverheid gezien had dat er een wijziging van de vergunning voor De Wel was aangevraagd, heb ik een vraag gesteld van: kan ik die wijziging zien? Wat houdt het precies in? Heb ik een paar dagen later keurig antwoord op gekregen, dat ging heel goed. Tegelijkertijd werd er ook een brief in de hele wijk bezorgd met plannen en voornemens voor De Wel. Op zich denk ik dat dat prima is. De brief was wel redelijk kort? Er werd niet echt veel informatie gegeven. Hoe lang? Ik neem aan dat het nu gezinnen worden, want er stond niet meer bij alleen vrouwen. Er staat niet meer bij, is er nog bewaking? Alle externe factoren zijn niet benoemd. Dus ik denk als we het dan over participatie hebben, dat dit ook een mooi onderwerp is om toch de wijk voor uit te nodigen. Daar komt bij dat dit de tweede keer is dat het specifiek in dit gebouw wordt gedaan. Er is niet gezegd: is dit het enige gebouw in Eemnes wat ervoor in aanmerking komt? Zijn er ook andere ondernemers benaderd? Want het heeft ook een bepaald verdienmodel. Als laatste punt wilde ik naar voren brengen in dit geval: het gaat cycli zo voor kinderen spelen in de speeltuin. Momenteel wordt de speeltuin vrij veel benut door kinderen.
Mijn vraag is dan ook: wat wordt er dan gedaan voor de kinderen die niet meer naar deze speeltuin kunnen? Want als het gebouw in gebruik wordt genomen, houdt dat ook in dat er buiten wasrekken komen, dat er fietsen komen te staan en dat de speeltuin een beetje wordt beschouwd als de tuin van het gebouw zelf. Dus dat is eigenlijk mijn vraag, hoe hiermee omgegaan wordt. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Havinga. Mevrouw Havinga: Dank u wel. Nou dat is niet in uw backyard maar in uw vooryard volgens mij. Dat is de andere kant. Heel veel dingen weten we ook nog niet precies, want dat hangt er nu van af hoe die vergunning, hoe dat uitpakt, dus dat wordt nu getoetst. Dus bijvoorbeeld: is er weer beveiliging of dat soort dingen. Dat hangt ook samen met wat wel of niet nu aangepast moet of kan worden aan het gebouw. Onder andere is de brandweer daarvoor betrokken. Dus die informatie komt nog. Ook als we het hebben over de duur. Inderdaad, de conclusie is goed dat het niet alleen vrouwen zijn, maar gezinnen. Dat is ook de vraag vanuit de eigenaar, vanuit de kerk. Is er met andere ondernemers gesproken? Nee. Dit gesprek was makkelijk op te starten natuurlijk, doordat het hier al eerder heeft plaatsgevonden en zij zelf ook aangaven daar graag weer voor te gaan. Maar als u nog andere plannen heeft.
Er zijn nog heel veel vragen vanuit de overheid voor het opvangen van mensen, dus als u nog plekken weet voor ons, dan hoor ik ze graag. En die speelvoorzieningen. Dat is een goede vraag, dat moeten we zeker meenemen in het vervolg. En kijken of we daar misschien óf een andere
plek voor de wasrekken en de fietsen moeten bedenken, of misschien wat extra speelmogelijkheden. Maar die neem ik zeker mee voor hoe we nu verder gaan. Maar die vergunning moet eerst even behandeld worden. De voorzitter: Dank u wel. Nog andere rondvraag van de VVD? Nee. Dorpsbelang geen rondvraag en het CDA ook geen rondvraag. Dan hebben we de rondvraag gehad. 9.
Sluiting De voorzitter: Dan kom ik bij het laatste agendapunt, dat is de sluiting. En dan is het bijna negen uur, dus dat is mooi. Dan dank ik u voor uw aanwezigheid en wel thuis en nog een fijne avond.