RHDHV rapport Verkeersstudie oostelijke Aansluiting 27 Eemnes 5 aug 2020
Tekst van het document
RAPPORT Verkeersstudie oostelijke Aansluiting A27 te Eemnes Ten behoeve van Verkenning Quick Wins A27 Almere-Eemnes
Verkeersstromen, verkeersafwikkeling en maatregelen Klant:
Gemeente Eemnes
Referentie: BH3902-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001 Status:
S1/P01
Datum:
5 augustus 2020
Projectgerelateerd
HASKONINGDHV NEDERLAND B.V.
Laan 1914 no.35 3818 EX AMERSFOORT Transport & Planning Trade register number: 56515154 +31 88 348 20 00 T +31 33 463 36 52 F info@rhdhv.com E royalhaskoningdhv.com W
Titel document: Verkeersstudie oostelijke Aansluiting A27 te Eemnes
Ten behoeve van Verkenning Quick Wins A27 Almere-Eemnes Ondertitel: Referentie: BH3902-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001 Status: P01/S1 Datum: 5 augustus 2020 Projectnaam: Projectnummer: BH3902 Auteur(s): Albert Nauta, Arno Lambregtse en Sander Brouns
Opgesteld door: Gecontroleerd door: Datum: Goedgekeurd door: Albert Nauta Datum: AN 05-08-2020
Classificatie Projectgerelateerd
Behoudens andersluidende afspraken met de Opdrachtgever, mag niets uit dit document worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt of worden gebruikt voor een ander doel dan waarvoor het document is vervaardigd. HaskoningDHV Nederland B.V. aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor dit document, anders dan jegens de Opdrachtgever.Let op: dit document bevat persoonsgegevens van medewerkers van HaskoningDHV Nederland B.V. en dient voor publicatie of anderszins openbaar maken te worden geanonimiseerd.
5 augustus 2020
BH3902-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
i
Projectgerelateerd
Inhoud 1
Inleiding
1
2
Verkeersmodel en verkeersstromen
2
2.1
Uitgangspunten
2
2.2
Modelresultaten
3
2.2.1 2.2.2
Basisjaar 2017 en Referentie 2030 2040 Variant 1 en 2040 Variant 2
3 5
3
Verkeersafwikkeling en maatregelen
8
3.1
Uitgangspunten
8
3.2
Verkeersafwikkeling in 2017 en 2030 en 2040 variant 1 en 2
10
3.3
Analyse oplossingsrichtingen
12
3.4
Verkeersafwikkeling oplossingen in 2040 variant 1 en 2
14
4
Conclusies en aanbevelingen
19
Bijlagen Bijlage 1: Bijlage 2: Bijlage 3:
5 augustus 2020
Verkeersstromen Verkeerssimulaties Analyse opstellengtes bij de VRI’s nabij de oostelijke aansluiting A27
BH3902-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
ii
21 36 49
Projectgerelateerd
1
Inleiding
In opdracht van het programma Samen Bouwen aan Bereikbaarheid is onderzocht welke slimme maatregelen/Quick Wins de problematiek op de A27 helpen aan te pakken. Hierbij is gekeken naar het gedeelte tussen knooppunt Eemnes en knooppunt Almere. Rijk en regio stemmen in met de conclusie dat de aanpassing van de oostelijke aansluiting A27 te Eemnes een no-regret maatregel betreft, om vervolgens gezamenlijk met Samen Bouwen aan Bereikbaarheid en de betrokken Utrechtse partijen overeenstemming te bereiken over de uitvoering. Het betreft een reconstructie van het kruispunt onderaan de afrit met de Zuidersingel, waarvan ook het nabijgelegen kruispunt Zuidersingel/ Stadwijksingel integraal deel uitmaakt. De gemeente Eemnes heeft Royal HaskoningDHV (RHDHV) de opdracht gegeven om de verkeersstromen en verkeersafwikkeling te analyseren en op basis hiervan een voorstel te maken van een kruispuntoplossing bij de oostelijke aansluiting A27. In de analyses wordt gebruik gemaakt van het beschikbare BEL-model met als basisjaar 2017 en planjaar 2030. In deze studie is 2017 bijgesteld op basis van aanvullende tellingen en het model 2030 is geactualiseerd. Daarnaast is er een model 2040 gemaakt met 2 varianten voor de ontsluiting van Zuidpolder. De analyses voor de problemen en mogelijke maatregelen zijn uitgevoerd voor 2030 en 2040.
Voor dit project is een projectgroep ingesteld, met als deelnemers: • Rijkswaterstaat Midden-Nederland; de heren M. Edelbroek en L. Pluim; • Gemeente Eemnes; de heer P. de Cocq; • RHDHV: de heren A. Nauta, A. Lambregtse en S. Brouns. In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op het verkeersmodel en de verkeersstromen. Hoofdstuk 3 gaat nader in op de verkeersafwikkeling en de mogelijke maatregelen. Tenslotte worden in hoofdstuk 4 conclusies en aanbevelingen gegeven.
5 augustus 2020 1
Projectgerelateerd
2
Verkeersmodel en verkeersstromen
2.1
Uitgangspunten
Voor deze studie is gebruik gemaakt van het verkeersmodel BEL. Dit verkeersmodel is ontwikkeld voor de gemeenten Blaricum en Laren. Het vigerend verkeersmodel van de gemeente Eemnes is in dit model geïntegreerd. Het verkeersmodel BEL bevat de verkeersstromen voor auto-en vrachtverkeer. In deze studie is gebruik gemaakt van een gemiddeld één uurs ochtendspits en een gemiddeld één uurs avondspits. Deze perioden zijn maatgevend (het drukst) voor de verkeersafwikkeling Basisjaar 2017 Startpunt voor het bijstellen van het basisjaar zijn de matrices van het basisjaar en de aanwezige tellingen in het BEL-model. Op de toe- en afritten van aansluiting 34 van de A27 zijn 2017 telgegevens van Rijkswaterstaat toegevoegd en op de Laarderweg in Eemnes twee tellingen uit 2017. Ook zijn de kruispuntstromen op de aansluiting 34 aan de oost- en westkant getoetst met de kruispuntstromen uit een verkeersonderzoek van eind 2015. Binnen Eemnes zijn de verkeersstromen van een tweetal locaties handmatig toegevoegd. Dit betreft in de ochtendspits het halen en brengen van kinderen bij de Clusterschool en voor beide spitsen het tankverkeer van/naar het BP-benzinestation. Clusterschool Op aangeven van de gemeente is de school in het model gebracht met een vooringang en een achteringang. Hierbij is uitgegaan van 81% van de aankomsten en vertrekken via de hoofdingang en 19% via de achteringang.
BP-benzinestation Voor het benzinestation is uitgegaan van 50 aankomsten en 50 vertrekken in de ochtend- en avondspits. In de ochtendspits zijn 50 auto’s vanuit het dorp naar het benzinestation ingebracht en 25 auto’s van het benzinestation richting Almere en 25 richting Utrecht. In de avondspits zijn 25 auto’s vanuit richting Almere en 25 auto’s vanuit richting Utrecht naar het benzinestation ingebracht en 50 auto’s van het benzinestation naar het dorp. Planjaar 2030 Startpunt voor het berekenen van het planjaar 2030 zijn de matrices 2030 in het BEL-model. Het model 2030 is geactualiseerd en de matrices voor 2030 zijn gecorrigeerd met de kalibratie van het basisjaar. Planjaar 2040 Het verkeer in het BEL-model groeit fors tussen 2017 en 2030 door de groei van ruimtelijke ontwikkelingen (o.a. groei Almere) en de extra infrastructuur tussen 2017 en 2030 op de snelwegen (project A1-A27 en project knooppunt A1-A28 Hoevelaken). Het verkeer op de snelwegen groeit fors, vooral op de tegenspitsrichting. Hierdoor is er op de snelwegen nauwelijks restcapaciteit aanwezig om nog meer verkeer te kunnen verwerken in de spitsen. Een eventuele extra groei van verkeer na 2030 uit bijvoorbeeld Almere betekent dat het verkeer uit Almere vooral vaststaat aan de zijde van Almere of andere routes kiest.
Het verkeer uit de regio kan niet meer groeien richting Almere, daar het verkeer al op de A27 nabij knooppunt Eemnes moeizaam afstroomt (o.a. beperkte capaciteit op de A27 van knooppunt Eemnes naar Almere en op de A1 ten westen van knooppunt Eemnes). Dit betekent dat na 2030 het verkeer op de snelwegen in de spitsen nauwelijks meer groeit.
5 augustus 2020 2
Projectgerelateerd
De projectgroep heeft samen besloten om voor de robuuste berekeningen van de aansluiting A27 Eemnes in 2040 uit te gaan van de groei van alle ruimtelijke ontwikkelingen in Eemnes en daarbovenop het externe en doorgaande verkeer in het verkeersmodel met 5% op te hogen. Als later besloten wordt om de A27 tussen knooppunt Eemnes en Almere te verbreden zal naar verwachting het verkeer op de snelwegen gaan toenemen en zal er een mogelijke reductie van het sluipverkeer (gezien de toename van verkeer in 2030 door Laren en via de Wakkerendijk) komen. Voor 2040 zijn voor Eemnes de volledige woningbouwprogramma’s tot 2050 meegenomen (robuuste doorrekening). Belangrijke ontwikkelingen zijn o.a. de wijk Zuidpolder (800 woningen) en Eemnes-Noord (200 woningen). Voor de uitbreiding van het bedrijventerrein langs de A27 is uitgegaan van 90 arbeidsplaatsen (3 hectare). Voor 2040 zijn twee varianten berekend. Variant 1 is zonder verbindingsweg naar de Wakkerendijk, Variant 2 is met verbindingsweg naar de Wakkerendijk.
2.2
Modelresultaten
2.2.1
Basisjaar 2017 en Referentie 2030
In bijlage 1 zijn weergegeven plots met de verkeersstromen (1 uurswaarde) voor de ochtendspits en avondspits 2017 en verschilplots met de tellingen en de resultaten van de T-toets. De modelintensiteiten komen goed overeen met de tellingen. De statistische T-toets geeft aan dat de modelwaarden een betrouwbare voorspelling geven en dat alle modelresultaten geen significante afwijking hebben op de telwaarden. De verkeersstromen 2030 ochtendspits en avondspits (1 uurswaarde) staan weergegeven in bijlage 1. Om een indicatie te geven van de groei van het verkeer in 2030 t.o.v. 2017 is een verschilplot weergeven tussen de intensiteiten 2030 en 2017 voor het ochtendspitsuur in Figuur 2.1 en voor het avondspitsuur in Figuur 2.2. (groen is afname van verkeer en rood is toename van verkeer). Voor 2030 nemen de intensiteiten op de snelwegen fors toe. De snelwegen zijn al druk en hebben weinig restcapaciteit, hierdoor gaat er ook verkeer sluipen. Vanaf de A1 uit de richting Amsterdam rijdt een deel van het verkeer via het onderliggend wegennet van Laren naar Eemnes en Huizen. Op de Verlegde Laarderweg ten westen van de rotonde in Laren is de toename ca. 250 motorvoertuigen per uur op doorsnede in beide spitsen. Daarnaast rijdt er een deel vanuit de richting Amersfoort via de Wakkerendijk, dit gebeurt vooral in de avondspits (toename van ca. 120 motorvoertuigen in een uur op doorsnede).
Ook richting Huizen sluipt een deel van het verkeer via de Meentweg, dit gebeurt vooral in de avondspits richting Huizen en in de ochtendspits vanaf Huizen. Op doorsnede op de Meentweg nemen de intensiteiten in 2030 in de ochtendspits met ca. 70 motorvoertuigen in een uur toe en in de avondspits met ca. 190 motorvoertuigen. Daarnaast is er in Eemnes vooral een groei van verkeer te zien aan de zuidzijde en nabij de westelijke en oostelijke aansluiting op de A27.
5 augustus 2020 3
Projectgerelateerd
Figuur 2.1 Verschilplot Referentie 2030 en basisjaar 2017 ochtendspitsuur
Figuur 2.2 Verschilplot Referentie 2030 en basisjaar 2017 avondspitsuur
5 augustus 2020 4
Projectgerelateerd
Er is een indicatieve berekening gemaakt van de verandering van de snelheden op de snelwegen in de spitsen in 2030 (naar 100 km/uur). In bijlage 1 zijn verschilplots opgenomen van de situatie met 100 km/uur op de snelwegen en met de oorspronkelijke snelheden. Uit de verschilplots blijkt dat de verschillen in intensiteiten in de spitsen zeer gering zijn en bij de aansluiting van Eemnes op de A27 zelfs nihil. De snelheidswijziging naar 100 km/uur op de snelwegen heeft dan ook geen invloed op de keuze van maatregelen bij de oostelijke aansluiting op de A27.
2.2.2
2040 Variant 1 en 2040 Variant 2
De verkeersstromen 2040 ochtendspitsuur en avondspitsuur staan weergegeven in bijlage 1 voor twee varianten. De varianten zijn: • 2040 Variant 1: Doortrekking van nieuwe wegverbinding tot in de nieuwbouwontwikkeling van Zuidpolder. • 2040 Variant 2: Doortrekking van nieuwe wegverbinding via Zuidpolder naar de Wakkerendijk. Om een indicatie te geven van de groei van het verkeer in 2040 t.o.v. 2030 is een verschilplot weergeven tussen de intensiteiten 2040 Variant 1 en Referentie 2030 voor de ochtendspits in Figuur 2.3 en voor de avondspits in Figuur 2.4. (groen is afname van verkeer en rood is toename van verkeer). Er is nog een groei te zien op de snelwegen. Doordat de snelwegen al vol staan gaat ook nog een deel van het verkeer sluipen via het onderliggend wegennet. Enerzijds is er op meerdere wegen in Laren een kleine groei van verkeer te zien. Daarnaast valt er nog een duidelijke groei van verkeer te zien op de Wakkerendijk (ca. 140 motorvoertuigen op doorsnede in een uur in ochtendspits en 70 in avondspits) en de Meentweg (ca. 100 motorvoertuigen op doorsnede in een uur in ochtendspits en ca. 80 motorvoertuigen in avondspits). In de kern Eemnes valt vooral de groei van verkeer van en naar Zuidpolder op naar en van de aansluitingen op de A27. In het ochtendspitsuur komen er ca.
240 motorvoertuigen op doorsnede bij in 2040 waarvan het grootste deel in de richting van de aansluitingen en in het avondspitsuur komen er ca. 300 motorvoertuigen waarvan het grootste deel richting Zuidpolder. Om een beeld te geven van de verschillen in intensiteiten tussen de varianten is een verschilplot weergeven tussen de intensiteiten 2040 Variant 2 en 2040 Variant 1 voor de ochtendspits in Figuur 2.5 en voor de avondspits in Figuur 2.6. (groen is afname van verkeer en rood is toename van verkeer). In 2030 Variant 2 rijden er in beide spitsuren op doorsnede ca. 280 motorvoertuigen op de Zuidersingel nabij de Wakkerendijk. Door deze nieuwe wegverbinding is er een duideijk positief effect te zien voor Eemnes aan de oostzijde richting de Wakkerendijk. Op de Wakkerendijk is er op doorsnede een afname van ca. 100 motorvoertuigen in het ochtendspitsuur en ca. 60 motorvoertuigen in het avondspitsuur. Op de Laarderweg is aan de oostzijde een afname van ca. 60 motorvoertuigen in ochtendspitsuur en ca. 30 motorvoertuigen in avondspitsuur. Ook is er een afname van verkeer te zien op de Raadhuislaan (ca. 40 motorvoertuigen in ochtendspitsuur en 20 motorvoertuigen in avondspitsuur). Daarnaast zijn er vooral afnames in verkeer te zien op de A27/A1.
Door deze nieuwe wegverbinding neemt het verkeer licht toe op de Zuidersingel/Verlegde Laarderweg, omdat ander verkeer (uit Eemnes en Laren) dit weer gaat opvullen. Op de toe- en afritten van de A27 richting Utrecht neemt het verkeer iets af omdat dit verkeer weer deels via de nieuwe wegverbinding rijdt. Uit het verkeersbeeld blijkt dat de verkeersstromen bij de aansluitingen met de A27 niet significant wijzigen qua omvang. In het hoofdstuk verkeersafwikkeling wordt nader geanalyseerd of deze gewijzigde verkeersstromen ook leiden tot andere maatregelen bij de aansluiting van Eemnes op de A27. 5 augustus 2020 5
Projectgerelateerd
Figuur 2.3 Verschilplot 2040 Variant 1 en Referentie 2030 ochtendspitsuur
Figuur 2.4 Verschilplot 2040 Variant 1 en Referentie 2030 avondspitsuur 5 augustus 2020 6
Projectgerelateerd
Figuur 2.5 Verschilplot 2040 Variant 2 en 2040 Variant 1 ochtendspitsuur
Figuur 2.6 Verschilplot 2040 Variant 2 en 2040 Variant 1 avondspitsuur 5 augustus 2020 7
Projectgerelateerd
3
Verkeersafwikkeling en maatregelen
3.1
Uitgangspunten
Voor de beoordeling van de verkeersafwikkeling en de keuze van maatregelen zijn kruispuntberekeningen en simulaties toegepast. Bij de berekeningen is gebruik gemaakt van de verkeersintensiteiten uit het verkeersmodel BEL, zie ook hoofdstuk 2. Bij de kruispuntberekeningen zijn drie pakketten toegepast: 1. Cocon. Voor het berekenen van een kruispunt met verkeerslichten. Hiermee zijn ook de benodigde opstelstroken berekend en de lengtes van de opstelstroken. 2. Meerstrookse rotondeverkenner. Hiermee is getoetst of een rotonde oplossing kan. 3. Methode Harders. Hiermee is getoetst of het kruispunt Stadwijksingel/Zuidersingel als een voorrangskruispunt gehandhaafd kan blijven op basis van berekende wachttijden. Voor de simulaties is gebruik gemaakt van het simulatiepakket Aimsun. Hiermee wordt de verkeersafwikkeling gesimuleerd in de verschillende situaties, rekening houdend met alle verkeersdeelnemers en de aanwezige infrastructuur. In Figuur 3.1 staat het studiegebied weergeven en in Figuur 3.2 het totale simulatiegebied. In de simulatie zijn alle op- en afritten naar de A27 meegenomen en ook de rotonde in Laren en de kruispunten met het HOV. Het verkeer op de A27 is niet gesimuleerd, de studie gaat vooral om de aansluiting A27.
Figuur 3.1: Studiegebied (bron: Google Maps)
Figuur 3.2: Totale simulatiegebied (bron: Google Maps) 5 augustus 2020 8
Projectgerelateerd
Voor het HOV is het definitief Ontwerp HOV-halte A27 Eemnes/Laren – West en Oost (15 maart 2019) meegenomen, zie Figuur 3.3 (links West en rechts Oost).
Figuur 3.3: Definitief Ontwerp HOV-halte A27 Eemnes/Laren – West en Oost In Figuur 3.4 is het simulatienetwerk getoond, zoals opgenomen in Aimsun.
Figuur 3.4: Totale simulatienetwerk in Aimsun
5 augustus 2020 9
Projectgerelateerd
Het openbaar vervoer is ingebracht volgens de dienstregeling en voor het HOV is in 2030 en 2040 de beoogde regeling van het HOV opgenomen, volgens de openbaar vervoer concessie 2022 Gooi en Vechtstreek. Bij de westelijke aansluiting heeft het HOV prioriteit in de regeling gekregen. Op de oostelijke aansluiting moet het HOV voorrang verlenen aan het verkeer op de toerit. De voetgangers zijn op de kruispunten zeer beperkt aanwezig en zijn daarmee niet maatgevend. Voor de fietsers is een aanname gedaan: • Op de ongeregelde kruispunten moeten fietsers voorrang geven. Het aantal fietsers is daarbij niet bepalend voor de verkeersafwikkeling voor het gemotoriseerd verkeer; • Op de kruispunten met verkeerslichten gaan we uit van de worst-case situatie dat fietsers elke cyclus een groentijd krijgen. • Bij de rotondes is op de fietsoversteken uitgegaan van 20 fietsers per richting per uur in beide spitsen. Opmerking: Als op het kruispunt Zuidersingel/Stadwijksingel verkeerslichten komen wordt de fietsoversteek naar de HOV over de Zuidersingel verplaatst naar dit kruispunt, zodat fietsers via de verkeerslichten kunnen oversteken. Tenslotte is er ook nog rekening gehouden met 2 carpoolplaatsen aan de Verlegde Laarderweg.
Voor de carpoolterreinen zijn de volgende aankomsten en vertrekken per uur per spits gehanteerd: Grote carpoolterrein nabij de rotonde Laren Voor 2030: Ochtendspitsuur: 0 vertrekken en 20 aankomsten Avondspitsuur: 20 vertrekken en 0 aankomsten Voor 2040 (uitgangspunt is dat na 2030 het parkeerterrein nog uitgebreid wordt): Ochtendspitsuur: 0 vertrekken en 40 aankomsten Avondspitsuur: 40 vertrekken en 0 aankomsten Kleine carpoolterrein nabij de rotonde Zuidersingel/Verlegde Laarderweg Voor 2030 en 2040: Ochtendspitsuur: 0 vertrekken en 9 aankomsten Avondspitsuur: 9 vertrekken en 0 aankomsten De simulatie is voor de ochtendspits van 7-9 uur en voor de avondspits van 16-18 uur.
3.2
Verkeersafwikkeling in 2017 en 2030 en 2040 variant 1 en 2
Voor alle situaties (2017, 2030 autonoom en 2040 variant 1 en 2) zijn simulaties uitgevoerd voor beide spitsen voor een gemiddelde werkdag. Om een beeld te geven van de verkeersafwikkeling is voor een druk moment in de ochtend- en avondspits een foto (snapshot) van de simulatie gemaakt. In bijlage 2 zijn de beelden weergegeven. In Figuur 3.5 is een snapshot van 2030 avondspits getoond.
5 augustus 2020 10
Projectgerelateerd
Figuur 3.5: Snapshot van druk moment in avondspits 2030 In de ochtendspits zijn de problemen niet zo groot. In 2017 is er soms een kleine wachtrij te zien bij de rotonde Zuidersingel/Verlegde Laarderweg aan de noordzijde en deze is iets langer in 2030 en 2040, maar het verkeer kan nog goed afgewikkeld worden. In de simulaties van 2040 zijn er echter lange wachtrijen op de Afrit A27 van de oostelijke aansluiting te zien. In de avondspits is er in 2017 al sprake van wachtrijen op de Afrit A27. Maar in 2030 (zie ook Figuur 3.5) en 2040 worden deze wachtrijen zeer lang waardoor verkeer ook op de A27 gehinderd wordt en het HOV meerdere minuten vertraging oploopt, waardoor de dienstregeling van het HOV niet uitgevoerd kan worden en de kwaliteit niet gewaarborgd kan worden (in 2040 geldt dit ook voor de ochtendspits). Door deze lange wachtrijen is het beeld op het overige netwerk minder druk. Voor het kruispunt met de westelijke aansluiting op de A27 loopt de verkeersafwikkeling goed. Het linksafvak naar de A27 staat regelmatig vol, maar er ontstaan geen wachtrijen op de Verlegde Laarderweg. Kortom: Er is een knelpunt op de afrit A27 op de oostelijke aansluiting in de huidige situatie in de avondspits en dit knelpunt wordt zeer groot in beide spitsen in 2030 en 2040. 5 augustus 2020 11
Projectgerelateerd
3.3
Analyse oplossingsrichtingen
Voor 2030 en 2040 zijn kruispuntberekeningen uitgevoerd voor beide spitsen (gemiddelde werkdag) voor: - Kruispunt Zuidersingel/Stadwijksingel: o Huidige voorrangskruispunt o Voorrangskruispunt met brede middenberm. - Oostelijke afrit A27/Zuidersingel: o Een rotonde o Een kruispunt met verkeerslichten. Uit de kruispuntberekeningen blijkt dat voor het kruispunt Zuidersingel-Stadwijksingel de wachttijden bij de huidige vormgeving nog acceptabel zijn (tot 20 seconden), maar voor 2040 in de avondspits niet meer. Met een brede middenberm zijn de wachttijden wel acceptabel door het oversteken in 2 etappes (lager dan 20 seconden). Bij de berekeningen voor een kruispunt oplossing Oostelijke afrit A27/Zuidersingel kan zowel een rotonde als een kruispunt met verkeerslichten. Het kruispunt met verkeerslichten heeft duidelijk meer restcapaciteit en met verkeerslichten kun je beter inspelen op de sterk wisselende verkeersstromen op de afrit als gevolg van de drukte op de snelwegen. Om een beter beeld te krijgen van de werking van de maatregelen, is voor 2030 een tweetal maatregelpakketten gesimuleerd: Maatregelpakket A. 1. Een rotonde op de oostelijke aansluiting A27 Eemnes/Zuidersingel 2. Verbreding van de middenberm bij kruispunt Zuidersingel/Stadwijksingel Maatregelpakket B. 1. Verkeerslichten op de oostelijke aansluiting A27 Eemnes/Zuidersingel 2.
Verbreding van de middenberm bij kruispunt Zuidersingel/Stadwijksingel Bij de berekeningen is uitgegaan van een robuuste situatie 2030 (worst-case), door uit te gaan van: - De hoogste intensiteiten van 2030 op de toe -en afritten van de A27 van de situatie zonder verbreding A27 (model 2030 BEL) en de situatie 2030 met verbreding van de A27 (van de studie van 4Cast over verbreding A27 variant 2; verbreding van de A27 tussen Almere-Haven/Zeewolde en knooppunt Eemnes met 1 rijstrook extra in beide richtingen), - Een drukke werkdag i.p.v. een gemiddelde werkdag (10% extra verkeer). Uit de simulaties blijkt dat het verkeer op het kruispunt Oostelijke Afrit A27/Zuidersingel bij beide maatregelpakketten goed afgewikkeld wordt maar dat er vooral verschillen optreden op bovenliggende kruispunten. Bij een kruispunt met verkeerslichten komt het verkeer in colonnes op het netwerk waardoor er bij de bovenliggende kruispunten meer hiaten ontstaan, dat zorgt voor een betere afwikkeling. Bij een rotonde oplossing valt op dat de bovenliggende kruispunten moeilijker afwikkelen. Op de rotonde Zuidersingel/Verlegde Laarderweg komen in de ochtendspits lange wachtrijen te staan, zie Figuur 3.6.
Om een beeld te geven van de problematiek op de bovenliggende kruispunten zijn voor beide maatregelpakketten in tabel 3.1 de gemiddelde verliestijden weergegeven bij het kruispunt Stadwijksingel/Zuidersingel en in tabel 3.2 op de rotonde bij Zuidersingel/Verlegde Laarderweg. 5 augustus 2020 12
Projectgerelateerd
Figuur 3.6. Voorbeeld van lange wachtrij op rotonde Zuidersingel/Verlegde Laarderweg als er een rotonde wordt toegepast bij de Oostelijke aansluiting A27 (moment opname 2030 ochtendspits).
Tabel 3.1 Gemiddelde verliestijden (in seconden) bij kruispunt Stadwijksingel/Zuidersingel
Tabel 3.21Gemiddelde verliestijden (in seconden) bij Rotonde Zuidersingel/Verlegde Laarderweg 5 augustus 2020 13
Projectgerelateerd
Uit de tabellen valt op dat bij het toepassen van een rotonde bij de oostelijke Aansluiting A27 Eemnes de verliestijden (wachttijden) bij het kruispunt Zuidersingel/Stadwijksingel veel te hoog worden en de verliestijden op de rotonde Zuidersingel Verlegde Laarderweg veel te hoog worden op de noordelijke tak. Bij het toepassen van een kruispunt met verkeerslichten bij de oostelijke Aansluiting A27 Eemnes zijn de verliestijden op beide kruispunten nog acceptabel, maar kan het kruispunt Zuidersingel/Stadwijksingel geen extra groei van verkeer bij deze vormgeving meer hebben (dan ontstaan er te lange wachttijden).
3.4
Verkeersafwikkeling oplossingen in 2040 variant 1 en 2
Vanuit paragraaf 3.3 blijkt dat op het kruispunt Zuidersingel/Stadwijksingel ook bij voorkeur geregeld moet worden met verkeerlichten of dat er een rotonde moet komen. Echter een rotonde op zo’n korte afstand tot de Afrit van de A27 is ongewenst. Om toch zeker van te zijn dat alleen verkeerslichten werken, wordt daarom in de projectgroep besloten om ook een ovonde (ovale rotonde) te onderzoeken. Gezien de korte afstand van beide kruispunten zijn 2 afzonderlijke rotondes ongewenst. Voor 2040 worden daarom de volgende maatregelpakketten onderzocht: - Maatregelpakket I. o Het toepassen van een ovonde tussen de oostelijke Afrit A27 en de Stadwijksingel - Maatregelpakket II. o Het toepassen van verkeerslichten op beide kruispunten (oostelijke aansluiting A27 Eemnes/Zuidersingel en bij kruispunt Zuidersingel/Stadwijksingel), waarbij iedere rijrichting een eigen opstelstrook krijgt en er enkele harde koppelingen zijn op de hoofdrichtingen. Opmerking: Van beide T-aansluitingen is niet 1 kruispunt te maken vanwege de aanwezige bebouwing aan de Roodzwenk.
Bij de berekeningen is uitgegaan van een robuuste situatie 2040 (worst-case), door uit te gaan van: - Per variant de hoogste intensiteiten van 2040 op de toe -en afritten van de situatie zonder verbreding A27 (model 2040 Variant 1 en Variant 2) en de situatie 2040 met verbreding van de A27 (van de studie van 4Cast over verbreding A27 variant 2; verbreding van de A27 tussen Almere-Haven/Zeewolde en knooppunt Eemnes met 1 rijstrook extra in beide richtingen); - Een drukke werkdag i.p.v. een gemiddelde werkdag (10% extra verkeer). De simulatiebeelden voor beide varianten 2040 zijn sterk vergelijkbaar. In 2040 Variant 2 lijkt de afwikkeling iets beter, maar de verschillen zijn beperkt. Voor 2040 Variant 1 zijn snapshots weergegeven in de figuren 3.7 en 3.8 voor een druk moment in de ochtendspits respectievelijk avondspits bij de ovonde oplossing en in figuren 3.9 en 3.10 voor de ochtendspits respectievelijk avondspits voor de oplossing met verkeerslichten. In bijlage 2 staan de snapshots van 2040 Variant 2.
5 augustus 2020 14
Projectgerelateerd
Figuur 3.7: Snapshot van druk moment in drukke ochtendspits 2040 Variant 1 ovonde oplossing
5 augustus 2020 15
Projectgerelateerd
Figuur 3.8: Snapshot van druk moment in drukke avondspits 2040 Variant 1 ovonde oplossing
5 augustus 2020 16
Projectgerelateerd
Figuur 3.9: Snapshot van druk moment in drukke ochtendspits 2040 Variant 1 oplossing met verkeerslichten
5 augustus 2020 17
Projectgerelateerd
Figuur 3.10: Snapshot van druk moment in drukke avondspits 2040 Variant 1 oplossing met verkeerslichten De oplossing met een ovonde lost het probleem op de oostelijke afrit niet op. In de ochtendspits staan er lange wachtrijen op oostelijke afrit en op de noordelijke tak van de rotonde Zuidersingel/Verlegde Laarderweg. In de avondspits staan er zeer lange wachtrijen op de westelijke afrit, waarbij ook het HOV sterk gehinderd wordt. De oplossing met verkeerslichten biedt in beide spitsen voor beide varianten 2040 een goede afwikkeling zelfs voor een zeer robuuste situatie 2040. De kruispunten zijn wel druk maar er staan geen lange wachtrijen. Alleen bij de westelijke aansluiting van de A27 staan op sommige momenten van de spits langere wachtrijen, maar deze lossen meteen weer op. In bijlage 3 is nog een analyse gemaakt van de benodigde opstellengtes bij de oplossing met verkeerslichten. Als de fietsers over de Zuidersingel elke cyclus aanwezig zijn dan loopt de benodigde opstellengte tot net voorbij de aansluiting met Bramenberg Noord. Maar als er geen fietsers aanwezig zijn dan is de benodigde lengte korter dan de afstand. Gezien de worst-case berekening voor 2040 en de verwachting dat fietsers niet elke cyclus aanwezig zijn lijkt het toepassen van opstelstroken tot net voor de T-aansluiting met de Bramenberg Noord voldoende te zijn. 5 augustus 2020 18
Projectgerelateerd
4
Conclusies en aanbevelingen
Het toepassen van een rotonde of een ovonde op de oostelijke aansluiting A27 Eemnes is niet robuust, lost het probleem van de terugslag op de afrit van de A27 niet op. En in 2030 en in 2040 wordt ook de afwikkeling van het HOV ernstig gehinderd. Bovendien zorgt deze oplossing ervoor dat op de rotonde Verlegde Laarderweg/Zuidersingel op de noordelijke tak lange wachtrijen komen. Met het toepassen van verkeerslichten komt er een robuuste oplossing (goede verkeersafwikkeling voor nu en in de toekomst), waarbij ook sterk wisselende verkeersstromen als gevolg van drukte op de snelwegen goed verwerkt kunnen worden. Voorgesteld wordt om op beide kruispunten verkeerslichten te plaatsen met voor elke rijrichting een opstelstrook en harde koppelingen tussen de hoofdrichtingen van beide kruispunten. Ten behoeve van de verkeersafwikkeling heeft het geen meerwaarde om beide kruispunten dichter bij elkaar te brengen (kostenverhogend). Het toepassen van verkeerslichten heeft bovendien een positief effect op de verkeersafwikkeling op de rotonde Verlegde Laarderweg/Zuidersingel. Voor deze rotonde zijn er op basis van de huidige verkeersprognoses (ontwikkelingen) in combinatie met de voorgestelde oplossing van verkeerslichten op beide kruispunten op de Zuidersingel geen aanvullende maatregelen nodig.
Voor de opstellengtes van de opstelstroken bij de kruispunten met verkeerslichten wordt voorgesteld: • op de oostelijke aansluiting A27 op de afrit de opstellengtes op de maximale waardes te ontwerpen (beide opstelstroken 90 meter lengte). • op de oostelijke aansluiting A27 op de zuidtak de opstelstroken te verlengen tot aan de Bramenberg Noord. Uit de berekeningen komt een iets langere lengte, maar omdat we al uitgegaan zijn van een zeer robuuste 2040 berekening en uitgegaan zijn van dat elke cyclus fietsers aanwezig zijn (worst-case), lijkt deze maatvoering acceptabel. • op de Stadwijksingel opstelstroken toepassen welke nodig zijn (minimaal 40 meter), tenzij vanuit verkeersveiligheid langere opstelstroken gewenst zijn. • op de noordelijke tak van het kruispunt Zuidersingel/Stadwijksingel wordt voorgesteld om het linksafvak te verlengen tot de benodigde opstellengte voor rechtdoor (dus linksafvak van ca. 85 meter lengte). In bijlage 3 staan de benodigde opstellengtes weergegeven voor 2040. Voor het kruispunt bij de westelijke aansluiting A27 wordt de verkeersafwikkeling in 2040 met verbreding A27 wel enigszins kwetsbaar. Het is daarom gewenst om ruimte te reserveren voor een 2e linksafstrook op de Verlegde Laarderweg. Hierdoor kan later (bij een eventuele verbreding van de A27) het kruispunt relatief eenvoudig worden aangepast.
Bij de (schets)uitwerking van de maatregelen is het gewenst om ook geluidberekeningen uit te voeren voor de woningen op de Roodzwenk. Voor 2017 en 2030 zijn alleen spitsintensiteiten beschikbaar vanuit het verkeersmodel. Deze kunnen op basis van tellingen verrijkt worden voor de geluidberekeningen. De keuze van het doortrekken van de Zuidersingel naar de Wakkerendijk (variant 2 in 2040) maakt voor de maatregelen bij de oostelijke aansluiting A27 niets uit. In beide varianten zijn verkeerslichten nodig met hetzelfde aantal rijstroken en de benodigde opstellengtes zijn vrijwel gelijk. Het doortrekken van de Zuidersingel op de Wakkerendijk is wel positief voor Eemnes. De bereikbaarheid van Zuidpolder wordt beter door een goede verkeersontsuiting in twee richtingen. Daarnaast komt er minder sluipverkeer via de Wakkerendijk en daarmee neemt ook de verkeersdruk af in de straten aan de oostzijde van Eemnes. 5 augustus 2020 19
Projectgerelateerd
Bijlagen Bijlage 1: Bijlage 2: Bijlage 3:
Verkeersstromen Verkeerssimulaties Analyse opstellengtes bij de VRI’s nabij de oostelijke aansluiting A27
5 augustus 2020 20
Projectgerelateerd
Bijlage 1
Verkeersstromen
In bijlage 1 zijn de volgende plots opgenomen: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.
Verkeersintensiteiten 2017 gemiddeld ochtendspitsuur Verschilplot ochtendspitsuur 2017 met tellingen T-waarden plot voor 2017 ochtendspitsuur Verkeersintensiteiten 2017 gemiddeld avondspitsuur Verschilplot avondspitsuur 2017 met tellingen T-waarden plot voor 2017 avondspitsuur Verkeersintensiteiten Referentie 2030 gemiddeld ochtendspitsuur Verkeersintensiteiten Referentie 2030 gemiddeld avondspitsuur Verschilplot ochtendspitsuur Referentie 2030 met aanpassing snelheden op snelwegen naar 100 km/uur met Referentie 2030 10. Verschilplot avondspitsuur Referentie 2030 met aanpassing snelheden op snelwegen naar 100 km/uur met Referentie 2030 11. Verkeersintensiteiten 2040 Variant 1 gemiddeld ochtendspitsuur 12. Verkeersintensiteiten 2040 Variant 1 gemiddeld avondspitsuur 13. Verkeersintensiteiten 2040 Variant 2 gemiddeld ochtendspitsuur 14. Verkeersintensiteiten 2040 Variant 2 gemiddeld avondspitsuur
5 augustus 2020 21
Projectgerelateerd
Verkeersintensiteiten 2017 gemiddeld ochtendspitsuur
5 augustus 2020 22
Projectgerelateerd
Verschilplot ochtendspitsuur 2017 met tellingen
5 augustus 2020 23
Projectgerelateerd
T-waarden plot voor 2017 ochtendspitsuur
5 augustus 2020 24
Projectgerelateerd
Verkeersintensiteiten 2017 gemiddeld avondspitsuur
5 augustus 2020 25
Projectgerelateerd
Verschilplot avondspitsuur met tellingen
5 augustus 2020 26
Projectgerelateerd
T-waarden plot voor 2017 avondspitsuur
5 augustus 2020 27
Projectgerelateerd
Verkeersintensiteiten Referentie 2030 gemiddeld ochtendspitsuur
5 augustus 2020 28
Projectgerelateerd
Verkeersintensiteiten Referentie 2030 gemiddeld avondspitsuur
5 augustus 2020 29
Projectgerelateerd
Verschilplot ochtendspitsuur Referentie 2030 met aanpassing snelheden op snelwegen naar 100 km/uur met Referentie 2030
5 augustus 2020 30
Projectgerelateerd
Verschilplot avondspitsuur Referentie 2030 met aanpassing snelheden op snelwegen naar 100 km/uur met Referentie 2030
5 augustus 2020 31
Projectgerelateerd
Verkeersintensiteiten 2040 Variant 1 gemiddeld ochtendspitsuur
5 augustus 2020 32
Projectgerelateerd
Verkeersintensiteiten 2040 Variant 1 gemiddeld avondspitsuur
5 augustus 2020 33
Projectgerelateerd
Verkeersintensiteiten 2040 Variant 2 gemiddeld ochtendspitsuur
5 augustus 2020 34
Projectgerelateerd
Verkeersintensiteiten 2040 Variant 2 gemiddeld avondspitsuur
5 augustus 2020 35
Projectgerelateerd
Bijlage 2
Verkeersafwikkeling
In bijlage 2 zijn de volgende plots opgenomen: 1. Snapshot van druk moment in ochtendspits 2017 2. Snapshot van druk moment in avondspits 2017 3. Snapshot van druk moment in ochtendspits 2030 4. Snapshot van druk moment in avondspits 2030 5. Snapshot van druk moment in ochtendspits 2040 Variant 1 6. Snapshot van druk moment in avondspits 2040 Variant 1 7. Snapshot van druk moment in ochtendspits 2040 Variant 2 8. Snapshot van druk moment in avondspits 2040 Variant 2 9. Snapshot van druk moment in drukke ochtendspits 2040 Variant 2 ovonde oplossing 10. Snapshot van druk moment in drukke avondspits 2040 Variant 2 ovonde oplossing 11. Snapshot van druk moment in drukke ochtendspits 2040 variant 2 Oplossing met verkeerslichten 12. Snapshot van druk moment in drukke avondspits 2040 variant 2 Oplossing met verkeerslichten
5 augustus 2020 36
Projectgerelateerd
Snapshot van druk moment in ochtendspits 2017
5 augustus 2020 37
Projectgerelateerd
Snapshot van druk moment in avondspits 2017
5 augustus 2020 38
Projectgerelateerd
Snapshot van druk moment in ochtendspits 2030
5 augustus 2020 39
Projectgerelateerd
Snapshot van druk moment in avondspits 2030
5 augustus 2020 40
Projectgerelateerd
Snapshot van druk moment in ochtendspits 2040 Variant 1
5 augustus 2020 41
Projectgerelateerd
Snapshot van druk moment in avondspits 2040 Variant 1
5 augustus 2020 42
Projectgerelateerd
Snapshot van druk moment in ochtendspits 2040 Variant 2
5 augustus 2020 43
Projectgerelateerd
Snapshot van druk moment in avondspits 2040 Variant 2
5 augustus 2020 44
Projectgerelateerd
Snapshot van druk moment in drukke ochtendspits 2040 Variant 2 ovonde oplossing
5 augustus 2020 45
Projectgerelateerd
Snapshot van druk moment in drukke avondspits 2040 Variant 2 ovonde oplossing
5 augustus 2020 46
Projectgerelateerd
Snapshot van druk moment in drukke ochtendspits 2040 variant 2 oplossing met verkeerslichten
5 augustus 2020 47
Projectgerelateerd
Snapshot van druk moment in drukke avondspits 2040 variant 2 oplossing met verkeerslichten
5 augustus 2020 48
Projectgerelateerd
Bijlage 3: Analyse opstellengtes bij de VRI’s nabij de oostelijke aansluiting A27 Voor de beide kruispunten oostelijke aansluiting A27 Eemnes en Zuidersingel/Stadwijksingel zijn voor beide varianten 2040 voor de robuuste situatie de benodigde opstellengtes berekend per rijrichting/signaalgroep. In onderstaande tabel staan de benodigde opstellengtes weergegeven voor de ochtend- en avondspits per variant met ernaast een afbeelding met de signaalgroep nummers. Bij de berekeningen is ervan uitgegaan dat elke cyclus fietsers aanwezig zijn. Naar verwachting zal het aantal overstekende fietsers op de Zuidersingel (signaalgroep 127 en 128) niet elke cyclus aanwezig zijn. Daarom is voor de drukste spits (avondspits) bij variant 1 ook een berekening gemaakt van de situatie zonder fietser op de oversteken bij 127/128. Variant 1 Variant 2 Voorstel min.
ochtend avond avond** ochtend avond waarde FC05 75 80 65 65 80 65 *** FC06 50 55 60 50 60 65 *** FC07 60 65 65 40 50 90 FC09 60 90 90 50 90 90 FC10* nvt nvt nvt nvt nvt 65 FC11* nvt nvt nvt nvt nvt 65 FC101 40 25 25 40 25 40 FC103 20 30 30 20 30 40 FC104* nvt nvt nvt nvt nvt 65 FC105* nvt nvt nvt nvt nvt 65 FC111 85 80 75 80 90 85 FC112 30 45 45 30 45 85 * opstellengte in cocon niet representatief vanwege aanwezige koppelingen ** obv fasediagram zonder realisatie 127+128 *** passend maken tussen aansluiting en Braamkamp > afstand 65-70 meter Signaalgroep
Voor de opstellengtes van de opstelstroken bij de kruispunten met verkeerslichten wordt voorgesteld: • op de oostelijke aansluiting A27 op de afrit de opstellengtes op de maximale waardes te ontwerpen (beide opstelstroken 90 meter lengte). • op de oostelijke aansluiting A27 op de zuidtak de opstelstroken te verlengen tot aan de Bramenberg Noord. Uit de berekeningen komt een iets langere lengte, maar omdat we al uitgegaan zijn van een zeer robuuste 2040 berekening en uitgegaan zijn van dat elke cyclus fietsers aanwezig zijn (worst-case), lijkt deze maatvoering acceptabel. • op de Stadwijksingel opstelstroken toepassen welke nodig zijn (minimaal 40 meter), tenzij vanuit verkeersveiligheid langere opstelstroken gewenst zijn. • op de noordelijke tak van het kruispunt Zuidersingel/Stadwijksingel kan gekozen worden om de huidige lengte van het linksafvak te handhaven, maar robuuster (heeft voorkeur) is om het linksafvak ook te verlengen tot de benodigde opstellengte voor rechtdoor (dus linksafvak van ca. 85 meter lengte).
5 augustus 2020 49