CConstaterende dateemnes
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3a Beleidsplan bermen polder Eemnes

Raadsessie & Raad 27 maart 2023, gemeente eemnesBij agendapunt: Uitvoering Beleidsplan bermen polder Eemnes3.266 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beleidsplan bermen polder Eemnes

Samenvatting In 2019 hebben diverse belanghebbenden aangegeven meer aandacht te willen voor natuur in de polder van Eemnes. Dit beleidsplan geeft invulling aan een van de wensen: kruidenrijke bermen. Voor deze bermen streven we naar begroeiing met kruiden die hier van nature voorkomen, zonder ongewenste soorten als zuring, distel en exoten. Dat is gunstig voor de biodiversiteit en de weidevogels. De hier van nature voorkomende kruiden blijven vrij laag en bloeien niet al te opvallend. Kleurrijk/bloemrijk is geen doel op zich, dat heeft meer recreatieve dan natuurwaarde). De bermen in de polder van Eemnes zijn voedselrijk en daardoor groeien er op dit moment nauwelijks gewenste soorten. Door ander beheer van de bermen en oevers willen we daar verandering in brengen, maar we weten niet of / hoe snel dat gaat. Daarom starten we op de meest geschikte bermen in het noordelijke deel van de polder. Zo sluiten we aan op de terreinen van Natuurmonumenten en de Kampen. Het beheer van de kruidenrijke bermen wordt zo snel mogelijk toegevoegd aan het integraal onderhoudsbestek van SIGHT. De overige bermen (dit is het overgrote deel) worden op de tot nu toe gebruikelijke manier onderhouden. Daarbij kunnen (hernieuwde) afspraken gemaakt worden met de aangrenzende eigenaren over zelfbeheer/onderhoud van deze bermen.

Het onderhoud van de overige bermen wordt vanaf 2022 meervoudig onderhands aanbesteed. Beide groenaannemers stellen een uitvoeringsplan op met daarin ieder geval de beheermethoden, planning en kostenraming.

Inleiding In 2019 hebben diverse belanghebbenden aangegeven meer aandacht te willen voor natuur in het buitengebied, in de polder van Eemnes. Om meer duidelijkheid te krijgen over deze wens is eind 2019 een bijeenkomst geweest met alle belanghebbenden (bijlage 1). Een van de wensen was: meer kruidenrijke bermen in de polder. Dit beleidsplan is een uitwerking van die wens en gaat onder andere in op: - Wat erstaa e o der ee kruidenrijke er ? - Waar is het gewenst en welke bermen zijn geschikt? - Welk beheer / onderhoud is daarvoor nodig en wie gaat dat uitvoeren? Waar in dit beleidsplan gesproken wordt van bermen, bedoelen we het vlakke deel van de berm (van de zijkant weg tot de insteek sloot). Met oevers bedoelen we het schuine gedeelte, zowel boven als onder water (vanaf de insteek sloot tot aan de slootbodem). Huidige situatie Gemeente, waterschap en andere (particuliere) grondeigenaren zijn elk verantwoordelijk voor een deel van het onderhoud. Als een sloot tussen percelen van twee eigenaren loopt is ieder (praktisch en financieel) verantwoordelijk voor zijn eigen helft. Met enkele eigenaren zijn in het verleden afspraken gemaakt voor gezamenlijk onderhoud, maar deze liggen nergens vast. Soms wordt (gewenst of ongewenst) onderhoud gepleegd op terrein van een ander zonder afspraak. Zo is een lappe deke a aai eheer o tstaa .

Het huidige beheer van de meeste bermen in het buitengebied van de gemeente Eemnes is maaien en laten liggen. Over het maaibeleid van de gemeente zijn regelmatig klachten ontvangen, met name van de agrariërs. In 2019 is gestart met een pilot ecologisch beheer op sommige bermen.

Op de Stachouwerweg en de Noord Ervenweg is gestart met het verschralen1. Op deze locaties wordt de berm gemaaid en het maaisel afgevoerd en wordt ook het slootafval afgevoerd. Helaas is eind 2020 het slootafval op sommige plekken vrij lang blijven liggen, waardoor er niet echt sprake is van verschraling. Langs de Eemnesservaartsteeg, tussen Noord Ervenweg en Eemnesser Sluis, maait een agrariër al meerdere jaren de bermen voor hooi (maaien en afvoeren). Wel blijft hier het slootafval in de berm liggen waardoor er ook niet echt sprake is van verschraling. Tijdens de evaluatie van deze pilot bleek dat niet iedereen hetzelfde beeld heeft van ecologisch beheer. Aan de andere kant is uit de gesprekken met de belanghebbenden wel een gezamenlijk doel/beeld af te leiden. De meesten zijn voorstander van ecologische / kruidenrijke bermen, maar hebben wel eigen wensen. Voor de weidevogels is kruidenrijk gras van belang, maar het mag niet te hoog zijn (anders kunnen de kuikens er niet in foerageren en kan het een schuilplek zijn voor predatoren). Agrariërs willen liever geen soorten in de berm die schadelijk zijn voor de bedrijfsvoering, zoals distels en Jacobskruiskruid. De gemeente wil zo min mogelijk invasieve exoten zoals de Japanse duizendknoop in de bermen, om verdere verspreiding te voorkomen.

Fietsers en wandelaars willen vaak een kleurrijke berm, ook al zijn dat misschien soorten die niet bij de plaatselijke biodiversiteit passen. In dergelijke bermen worden vaak pionierssoorten gezaaid zoals klaproos, korenbloem en margriet. Doel Een beleidsplan voor het maaien van de bermen in de polder Eemnes, waarmee toegewerkt kan worden naar kruidenrijke bermen met soorten die hier van nature voorkomen, passend bij het weidevogelgebied en gunstig voor de biodiversiteit, rekening houdend met: - Mogelijke voor- en nadelen voor de agrarische bedrijfsvoering; - De plaatselijke situatie, zoals de voedselrijkdom en formaat van de berm; - Mogelijke voor- en nadelen voor de weidevogels; - Uitgangspunten voor biodiversiteit, zoals insectenconvenant, ecologische verbinding en microreliëf; - Onderhoudsplicht van de diverse eigenaren; - Het beschikbare budget. Afbakening Dit beleidsplan gaat over het onderhoud van de bermen en sloten langs de polderwegen van Eemnes, ten oosten van de A27 en ten noorden van de A1. In vervolg op dit beleidsplan wordt een uitvoeringsplan voor het onderhoud van de bermen opgesteld.

In de gesprekken met de belanghebbenden zijn ook andere aandachtspunten voor de polder besproken, zoals onduidelijkheid over wat het stiltegebied precies betekent voor de verschillende gebruikers, de overlast door verschillende soorten gebruikers op de Noord Ervenweg en de optie om op de plek van de tijdelijke brug een vaste brug te maken. Deze punten staan los van het berm- en slootonderhoud en zijn daarom niet opgenomen in Beleidsplan Bermen. Ze worden apart aangepakt. Inventarisatie wensen Diverse belanghebbenden hebben in 2019 aangegeven meer aandacht te willen voor natuur in de polder van Eemnes. In november 2019 is er een bijeenkomst geweest met de belanghebbenden. Doel as o o s eeld e ideeë oor het uite ge ied et elkaar te dele e aar ogelijk ieu e er a de reëre . Ee a de e se as: eer kruidenrijke bermen in de polder.

1

Verschralen: voedingsstoffen onttrekken aan de bodem door het afvoeren van berm- en slootmaaisel. Op een voedselarmere bodem groeien meer verschillende soorten kruiden.

Om hier meer duidelijkheid over te krijgen zijn eind 2020 nogmaals gesprekken gevoerd met de belanghebbenden. Dit keer in kleinere groepjes, met de wethouder en de beleidsmedewerker. Met zeven vragen als leidraad is een beeld ontstaan van de wensen van, en de overeenkomsten en verschillen tussen de belanghebbenden. Deze gesprekken vormen de basis van dit plan om te komen tot meer kruidenrijke bermen in de polder van Eemnes en duidelijkheid over het maaibeleid van de gemeente. In bijlage 2 zijn de hoofdlijnen van de gesprekken weergegeven. De wensen van de belanghebbenden komen grotendeels overeen op deze punten: - Streef naar een kruidenrijk mengsel met soorten die hier van nature voorkomen. Dat is gunstig voor de biodiversiteit en de weidevogels. De hier van nature voorkomende kruiden blijven vrij laag, bloeien niet al te opvallend en zullen (op termijn) weinig ongewenste soorten bevatten. Kleurrijk/bloemrijk is geen doel op zich, dat is meer voor de mensen. - Het is belangrijk dat alle belanghebbenden weten wat er gebeurt en waarom. Wat is het einddoel en wat is het proces om daar te komen. Welk onderhoud plegen we op welke bermen? En achtergrondinfo: waarom doen we wat we doen? - Er ligt veel zwerfvuil in de bermen en sloten.

Dat is ongewenst vanwege het beeld, maar ook omdat het maaisel daardoor bijvoorbeeld ongeschikt is om op het land van de agrariërs te verwerken, als veevoer te gebruiken of op een nieuwe manier als grondstof in te zetten ( zoals het maken van papier). De agrariërs willen kruidenrijk, afvalvrij maaisel wel op hun land ontvangen. Dat is een win-win situatie, want het scheelt afvoer- en verwerkingskosten. - Het inzetten van vrijwilligers wordt als oplossing genoemd voor het zwerfvuil. Voor het maaibeheer is ruimen vlak voor de maaibeurt van belang. - Slootvuil2 moet na het schonen van de sloten niet op de bermen gelegd worden. Door het uitlopende water en het verterende gewas worden de bermen voedselrijker, terwijl we juist willen dat ze voedselarmer worden. Op voedselrijke grond groeien meer ongewenste soorten zoals distels en zuring. Maar ook grassen houden van voedselrijke bodem. Ook het slootvuil willen de agrariërs wel op hun land ontvangen, mits er geen afval in zit. - Niet alle bermen zijn geschikt. Smalle bermen, hondenuitlaatstroken, drukke stukken en dergelijke zijn niet kansrijk. Sommige bermen liggen bol of zijn te nat, daar kun je niet goed maaien en afvoeren. Bermen die van nature voedselarm zijn (zandig) zijn meer geschikt dan andere bermen. - De ongewenste soorten zullen waarschijnlijk grotendeels verdwijnen door verschraling en ander maaibeheer.

Maar sommige ongewenste soorten en de exoten blijven een probleem. Daar is speciale aandacht voor nodig. Verschillen: - De kruiden in de bermen moeten laag blijven. Zo is het geen schuilplaats voor predatoren zoals ratten. Aan de andere kant is het ook gewenst om hogere gedeelten te hebben die in de winter blijven staan. Hier kunnen insecten, larven, eitjes de winter overleven. - In grote lijnen is iedereen het eens met de uitgangspunten: wanneer is een berm geschikt/ongeschikt. Maar iedereen noemt andere weggedeelten daarbij. En wat voor de ene partij geschikt lijkt, vind de ander soms juist ongeschikt. - Roundup wordt genoemd als enig mogelijke oplossing bij sommige ongewenste soorten / exoten. Gemeentelijk beleid is om geen Roundup te gebruiken. Landelijk worden diverse proeven gedaan naar de meest effectieve methode.

Gewenste situatie kruidenrijke bermen 2

Slootvuil: plantaardig afval dat vrijkomt bij het schonen van de sloten (onderhoudswerkzaamheden aan oppervlaktewater of aan de waterkant), zoals waterplanten, kroos, ingevallen bladeren, overhangende takken, drijfvuil en gezonken voorwerpen.

1. Wat erstaa e o der ee kruidenrijke ber ? Kruidenrijke bermen zijn er in vele soorten en met vele doelen. Ons hoofddoel is: biodiversiteit in de vorm van een bermbeplanting die hoort bij het open poldergebied. Dus verschillende soorten kruiden die van nature in deze bermen voorkomen en de bijbehorende vlinders, wilde bijen, andere insecten en kleine zoogdieren. Specifiek voor de weidevogels sturen we aan op lage beplanting om schuilplekken voor predatoren te voorkomen. Aan de andere kant wordt ook voor overwinterings- en schuilgelegenheid gezorgd voor kleine zoogdieren en insecten / larven / eitjes. Daarvoor wordt een beperkte hoeveelheid steeds wisselende plekken overgeslagen met maaien. 2. Waar zijn kruidenrijke bermen gewenst en welke bermen zijn geschikt? Om te bepalen waar we kruidenrijke bermen willen, is gekeken naar: - De input van de belanghebbenden. Er zijn meerdere mogelijkheden genoemd. Over het algemeen heeft het de voorkeur om te starten in de noordelijke polder. - Voedselrijkdom bodem: De grondsoort is bijna overal in de polder hetzelfde. Er is wel een oude stroomrugwal, deze is zandiger en daardoor minder voedselrijk. Soms kruisen de bermen de oude stroomrugwal. Maar dat zijn maar korte stukjes. - Op het gedeelte van de Eemnesservaartsteeg ten westen van de Noord Ervenweg lopen veel mensen met honden en er is een vissteiger.

Daardoor is dit gedeelte niet geschikt. - De berm moet voldoende breed zijn. Bij een smalle berm en een drukke weg rijden er te vaak auto’s door de er , aardoor de kruidenrijke berm niet tot ontwikkeling kan komen. - We willen een redelijk aaneengesloten geheel. Te grote onderbrekingen kunnen door insecten niet / moeizaam overgestoken worden. We komen dan tot de volgende wegen/bermen (zie bijlage 3): - Noord Ervenweg - Corsrijkseweg westelijk van Noord Ervenweg - Volkersweg - Eemnesservaartsteeg oostelijk van Noord Ervenweg (deze bermen wordt deels al ecologisch beheerd door derden) 3. Welk beheer / onderhoud is nodig voor kruidenrijke bermen? Het beheer van de bermen en oevers is er op gericht om de gewenste soorten te bevorderen en ongewenste te beperken. De keuze voor de beheermethode laten we over aan de (gespecialiseerde) aannemer. Zo kan het beheer goed afgestemd worden op de plaatselijke omstandigheden, het weer en de snelheid waarin de (gewenste) ontwikkeling plaatsvindt. Hieronder is een beeld gegeven van de mogelijke beheermethode. Herstellen. Herstel kan nodig zijn bij gedeelten met veel riet of exoten, een niet-vlakke berm, erg voedselrijke bodem. Het kan lonen om kleine gedeelten van een verder goede berm aan te pakken en zo in een keer een goede uitgangssituatie te krijgen.

Ontwikkelen Beheer om tot de gewenste groeiomstandigheden voor een kruidenrijke bermen en oevers te komen. In dit geval moeten we komen tot een minder voedselrijke berm met minder ongewenste soorten. Dat doen we door enkele jaren te maaien vlak voor de bloei en het maaisel af te voeren. Indien gewenst kan een maai-zuig combinatie worden gebruikt. Daarbij wordt het gras gemaaid en gelijk opgezogen. Dat is efficiënt, maar heeft als nadeel dat eventuele zaden en insecten ook worden opgezogen. Omdat er op dit moment in de bermen weinig gewenste soorten staan/weinig insecten zijn, is de schade hiervan beperkt.

Ook bij het maaien van de natte oevers wordt het maaisel direct afgevoerd. Zo voorkomen we dat voedselrijk water en verterend gewas op de berm terecht komen. Na enkele jaren (naar verwachting minimaal 3 jaar) is de berm minder voedselrijk geworden. Dan zal het beheer worden aangepast, om de gewenste kruidenrijkdom te bevorderen. Dat kan bijvoorbeeld door hooilandbeheer: maaien, het gras kort laten liggen zodat zaden kunnen afrijpen en vallen en insecten weg kunnen kruipen, en daarna afvoeren. De zaden van de gewenste kruiden die nog in de ondergrond zitten kunnen nu tot ontwikkeling komen. Als die soorten op termijn toch uitblijven zoeken we in overleg met de aannemer en een ecoloog naar een goede oplossing. We kunnen de kruiden dan bijvoorbeeld zaaien door het neerleggen van hooi uit omgeving, hooi van bermen met de gewenste soorten. Een andere optie is het zaaien van ratelaar. Deze soort parasiteert op gras, waardoor er minder gras komt en meer ruimte voor de kruiden. Daarnaast is het ontwikkelbeheer er op gericht om gewenste soorten te bevorderen en de (overlast van) ongewenste soorten zo veel mogelijk te voorkomen. - Door de verschraling zal al een deel van de ongewenste soorten verdwijnen: veel van deze soorten groeien in voedselrijke omstandigheden. - Bij het bepalen van het maaitijdstip wordt rekening gehouden met de bloei van de gewenste en ongewenste soorten.

We maaien vóór de zaadzetting van de ongewenste soorten, om verspreiding te voorkomen. Haarde worden aangepakt. Er is aangepast beheer op plekken met veel ongewenste soorten. - Verstoring en kale plekken worden zo veel mogelijk voorkomen. Veel ongewenste soorten groeien goed op zulke plekken. Om schuilgelegenheid te bieden aan kleine zoogdieren en insecten / larven / eitjes wordt steeds een a der gedeelte a de epla ti g o ergeslage ij het aaie . Dit is 10 tot 20% van de bermen en de (droge en natte) oevers. Daarbij kiezen we zo veel mogelijk voor plekken zonder ongewenste soorten, die niet ongunstig zijn voor de weidevogels zoals orridors oor predatore , houde e rekening met verkeersveiligheid (op hoeken) en dergelijke. Bij voorkeur laten we bij sloten die onder de keur vallen ook 10% staan, dit in overleg met het waterschap. De o ergeslage gedeelte orde altijd de eerstvolgende maaibeurt wél gemaaid, en blijven dus maximaal een jaar staan.. In stand houden Beheer dat langjarig kan worden uitgevoerd en dat is toegespitst op het behouden van de ontstane gewenste biodiversiteit. Afhankelijk van de voedselrijkdom van de bodem zal dat 1x of 2x per jaar maaien zijn, het maaisel kort laten liggen zodat zaden kunnen vallen en insecten kunnen wegkruipen en daarna afvoeren. Het maaitijdstip wordt afgestemd op de zaadzetting van de gewenste soorten.

Uitvoering Kruidenrijke bermen, oevers en naastliggende sloten Het onderhoud van de kruidenrijke bermen, oevers en bijbehorende sloten moet door één partij uitgevoerd worden. Het is voor de biodiversiteit belangrijk dat het onderhoud langjarig over het gehele tracé door één partij wordt uitgevoerd . Door een goede monitoring kan in de ontwikkelfase op het juiste moment worden overgestapt naar de volgende fase in het beheer. Het onderhoud van deze tracés gaan wij bij SIGHT Landscaping onderbrengen. Het contract met SIGHT loopt tot eind 2023 met een optie op nog 2 jaar. Hierdoor is langjarige continuïteit gewaarborgd.

SIGHT heeft ervaring met ecologisch beheer van bermen en zal naar verwachting dit najaar het certificaat Kleurkeur behalen. Kleurkeur is een keurmerk gericht op goed ecologisch (maai)beheer van bermen en groenstroken. SIGHT heeft een eigen ecoloog in dienst die de werkzaamheden begeleid. Dit waarborgt het op de juiste manier werken volgens de Gedragscode. Kwetsbare plekken en locaties met ongewenste/invasieve soorten worden voorafgaande aan de werkzaamheden gemarkeerd en krijgen een daarop aangepaste aanpak. De ecoloog draagt zorg voor een goede monitoring. Hierdoor kan in de ontwikkelfase op het juiste moment worden overgestapt naar de volgende fase in het beheer. Het beheer van deze bermen kan relatief eenvoudig aan het lopende bestek worden toegevoegd, waardoor al bij de eerste maaironde dit jaar op de nieuwe manier kan worden beheerd. Stachouwerweg en Eemnesservaartsteeg Voor de bermen langs de Stachouwerweg en Eemnesservaartsteeg is onlangs een bruikleenovereenkomst aangegaan (met gesloten beurs). Deze bermen worden al meerdere jaren door de bruiklener ecologisch beheerd. Overige bermen en droge oevers Dit is het overgrote deel van de bermen in het gebied: in gemeentelijk eigendom en niet aangewezen als kruidenrijke berm. Deze bermen worden op de gebruikelijke wijze beheerd, het maaisel hoeft niet te worden afgevoerd.

Het onderhoud van deze bermen wordt meervoudig onderhands aanbesteed bij plaatselijke partijen. We weten dat er belangstelling is voor het zelf onderhouden van de bermen door aangrenzende eigenaren. Daarom bestaat ij de o erige er e de mogelijkheid om (hernieuwde) afspraken te maken over beheer/onderhoud van deze bermen. De beheerder kiest de methode van bermbeheer (ecologisch beheer, klepelen of een andere vorm). Uiteraard moet wel worden voldaan aan bv eisen van verkeersveiligheid, natuurwetgeving en dergelijke. Afhankelijk van de situatie wordt een bruikleenovereenkomst afgesloten of een zelfbeheerovereenkomst aangegaan. Natte oevers en sloten Ook over de natte oevers en sloten die gedeeltelijk van de gemeente en gedeeltelijk van derden zijn kunnen afspraken gemaakt worden. Zowel over het onderhoud als over het ontvangen van slootvuil. Zo kan praktisch en financieel een win-win situatie ontstaan. Uitzondering hierop zijn de schouwsloten, daar wordt immers door het waterschap op gecontroleerd en worden de eigenaren zo nodig op aangesproken. Oude (mondelinge) afspraken over het ontvangen van slootvuil op de aangewezen kruidenrijke bermen komen in ieder geval te vervallen omdat we deze bermen willen verschralen. Uitvoeringsplan Voor het onderhoud van bermen en sloten wordt door de uitvoerder een meerjaren uitvoeringsplan opgesteld.

Daarin zijn in ieder geval de beheermethoden, planning en een kostenraming opgenomen, en waar van toepassing de afvoer van maaisel en slootvuil en monitoring. Daarnaast wordt aandacht besteed aan de benodigde afstemming met eigenaren van aangrenzende percelen. Zwerfafval Er ligt veel zwerfvuil in de bermen en sloten. Dat is ongewenst vanwege het beeld, maar ook omdat het maaisel daardoor ongeschikt is om op het land van de agrariërs te verwerken. In de gesprekken is het inzetten van vrijwilligers vaak als oplossing genoemd. Deze zouden dan vooral vlak voor de maaibeurt afval moeten ruimen. Op dit moment loopt in heel Eemnes een onderzoek naar het zwerfafvalprobleem. We verwachten het onderzoek in het eerste kwartaal van 2021 af te ronden. Met de uitkomsten en conclusies van het onderzoek gaan we aan de slag.

Communicatie Het is belangrijk alle belanghebbenden te informeren, maar ook inwoners en bezoekers van de polder. Op meerdere momenten gedurende het hele traject worden deze doelgroepen geïnformeerd. In overleg met (de ecoloog van) SIGHT wordt het communicatiemateriaal opgesteld. We laten weten wat er gebeurt en waarom, wat het einddoel is en hoe we daar willen komen. Communicatie vindt plaats via de gebruikelijke middelen zoals het persgesprek, de gemeentelijke website en social media.

Bijlagen: Bijlage 1: Verslag van bijeenkomst sept 2019 Bijlage 2: Hoofdlijnen van de gesprekken met belanghebbenden (okt 2020). Bijlage 3: Kaart kruidenrijke bermen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12559672/1