CConstaterende dateemnes
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Ontwerp Omgevingsvisie Eemnes

Commissie WenR 2 juni 2025, gemeente eemnesBij agendapunt: Ontwerp omgevingsvisie Eemnes14.610 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

47

op circulair, natuurinclusief, klimaatadaptief en duurzaam bouwen. Het gaat onder andere om goede isolatie en de afkoppeling van regenwater. Verder willen we initiatiefnemers stimuleren om in verband met de netcongestie, netbewust te bouwen en gebruik te maken van lokale opwek. We beschermen dieren die in gebouwen verblijven (o.a. vleermuizen en huismussen). Ook werken we toe naar een circulaire economie waarbij de hoeveelheid restafval wordt beperkt en de recycling van grondstoffen wordt gestimuleerd. Inwoners worden gefaciliteerd in het scheiden van hun huishoudelijk afval. Uitgangspunt hierbij is een evenwichtige balans tussen kostenefficiëntie en gemak voor de inwoner. 48

Mogelijkheden voor zonne-energie Voor duurzame energie zetten we in op zonneenergie op daken van woningen, bedrijven, stallen, publieke gebouwen, boven parkeerplaatsen en in twee zoekgebieden voor zonnevelden bij knooppunt A27-A1. Ook kijken we in regionaal verband naar de mogelijkheden voor zonneenergie langs snelwegen. We vinden het belangrijk dat inwoners mee kunnen delen in de opbrengsten van energieprojecten. Windmolens vinden we niet wenselijk in verband met behoud van het karakteristieke polderlandschap. Route naar aardgasvrij Om van het aardgas af te gaan, hanteren we een buurtgerichte aanpak waarin we samen met

inwoners en belanghebbenden de mogelijkheden voor duurzame warmte gaan verkennen. Net als bij alle ontwikkelingen is bij de warmtetransitie behoud van het karakter van de woningen en de omgeving het uitgangspunt. Ook voeren we regie op de ordening van de ondergrond. De ruimte in de bodem is schaars en met de duurzaamheidsdoelen stijgt de vraag naar ruimte voor kabels en leidingen. Dit vraagt een goede afstemming en regie.

49

Afbeelding 8. We stimuleren en ondersteunen onze inwoners bij het verduurzamen en vergroenen van hun woning en tuin.

Visie op thema’s

4.6. Gezonde en veilige leefomgeving

houden van geluid) te nemen bij de snelwegen.

Wat we willen bereiken en waarom

Specifieke aandacht hebben we voor onze verantwoordelijkheid om samen met partners te zorgen voor een veilige leefomgeving. We streven naar het voorkomen en beperken van veiligheidsrisico’s. We bestrijden branden, rampen en crises en vergroten de zelfredzaamheid van mensen die aan deze veiligheidsrisico’s zijn blootgesteld. Het gaat dan om de volgende risico’s: natuurbranden, hittestress, hoogwater/wateroverlast, de opwek, opslag, transport en gebruik van energie, het gebruik, opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen, uitval van vitale infrastructuur zoals elektriciteit, telecommunicatie en ICT, evenementen, bluswatervoorzieningen en bereikbaarheid voor hulpdiensten. Vitale en kwetsbare functies zoals de energie-infrastructuur en de drinkwatervoorziening zijn essentieel voor de samenleving en moeten bestand zijn tegen klimaatrisico’s. Verder blijven we met regelgeving inzetten op acceptabele waarden van geurhinder van bedrijvigheid en agrarische activiteiten. Daarnaast zetten we ons in om de polder zo donker en rustig mogelijk te houden.

We streven naar een gezonde en veilige omgeving voor alle (toekomstige) generaties en de flora en fauna. De gemeente stelt in het omgevingsplan regels en normen op voor milieu aspecten (lucht, geluid, trillingen, geur, licht, bodem en omgevingsveiligheid). We nemen de landelijke normen over en kijken bij het opstellen van het omgevingsplan waar mogelijke aanscherping van de normen en het bieden van maatwerk gewenst en/of nodig is. Daarbij vragen vooral luchtkwaliteit, verkeersgeluid en omgevingsveiligheid om extra aandacht.

50

We zijn aangesloten bij het Schone Luchtakkoord. We doen mee aan de landelijke ambitie om door schonere lucht in 2030 50% gezondheidswinst te boeken ten opzichte van 2016. Voor een betere luchtkwaliteit zijn we deels afhankelijk van bronnen buiten de gemeente zoals industrie in de randstad en snelwegen die de gemeente doorkruisen. De verwachting is dat de luchtkwaliteit wat kan verbeteren door elektrisch rijden. Belangrijke lokale bron van slechte luchtkwaliteit is houtstook. Daarom zetten we ons lokaal in voor vermindering van luchtvervuiling door houtstook. Wat betreft geluid zorgt vooral het verkeer op snelwegen en lokale wegen voor overlast. We streven ernaar om waar mogelijk de geluidsbelasting terug te brengen door middel van bronmaatregelen bij lokale wegen en pleiten ervoor om waar mogelijk overdrachtsmaatregelen (voor het tegen-

Ruimtelijke keuzes

Tot 2040 zetten we in op de volgende keuzes om bij te dragen aan een gezond, schoon en veilig milieu: · Afname overlast houtstook · Beperken geluidsbelasting snelwegen · Beperken geluidsbelasting lokale wegen · Duisterins en stilte in de polder · Aanpak ondermijnende criminaliteit · Aandacht voor waterveiligheid

Afname overlast houtstook We zetten in op de beperking van de overlast van houtstook door middel van bewustwording en gedragswijziging. De stookwijzer is daarbij een goed communicatiemiddel. Bijvoorbeeld in het bewustmaken van wanneer het geen goed moment is om te stoken. Als gemeente blijven we op de hoogte van nieuwe ontwikkelingen op dit gebied en onderzoeken we of in de toekomst een stookverbod bij code rood van de Stookwijzer mogelijk en gewenst is. We willen ook graag de luchtkwaliteit monitoren, bijvoorbeeld in samenwerking met burgerinitiatieven. Wat betreft de landbouw zetten we in op verduurzaming van boerenbedrijven waardoor eventuele geurhinder en luchtvervuiling gaat afnemen. Beperken geluidsbelasting snelwegen Onze ambitie is om de geluidsbelasting van de snelwegen niet te laten toenemen en waar mogelijk te verminderen. In overleg met onze partners (o.a. Rijkswaterstaat, provincie) gaan we op zoek naar mogelijkheden voor extra geluidswerende maatregelen zoals geluidsschermen en deze tegelijk te benutten voor de opwek van zonne-energie. Beperken geluidsbelasting lokale wegen Om geluidsoverlast van lokale wegen te beperken streven we op lange termijn naar een maximale snelheid van 30 km/h binnen de bebouwde kom en een inrichting die daarbij past. Een lagere snelheid leidt tot minder geluid en minder geluidsoverlast op aanliggende woningen.

Visie op thema’s

Duisternis en stilte in de polder In de polder streven we naar behoud van stilte en duisternis. Duisternis en stilte draagt in hoge mate bij aan de unieke belevingswaarde en de natuurwaarden in de polder. Voorlopig bijven we de landelijke normen en regels voor licht en geluid hanteren. Op termijn kijken we of er aanleiding is om deze te wijzigen. Aanpak ondermijnende criminaliteit Ondermijnende criminaliteit leidt tot het verweven van de onder en bovenwereld en heeft nadelige gevolgen voor de fysieke leefomgeving. Bijvoorbeeld door brandgevaar in een hennepkwekerij, overlast bij illegale kamerverhuur of drugsafval in de natuur. Samen met onze inwoners, ondernemers en veiligheidspartners zoals politie en openbaar ministerie werken we aan het tijdig signaleren, voorkomen en aanpakken van ondermijnende criminaliteit. Door deze aanpak werken we aan een veilige gemeente en een eerlijke concurrentie positie voor ondernemers. Aandacht voor waterveiligheid In het verleden hebben we te maken gehad met vele (bijna) overstromingen vanuit de Eemmeer en de Eem. Daar moeten we ons goed tegen blijven beschermen en van bewust zijn bij nieuwe ontwikkelingen. De functie van de Westelijke Eemkades en Wakkerendijk als waterkeringen blijven we continu beschermen.

Het buitengebied van de Eempolder heeft een lager beschermingsniveau dan het gebied achter de Wakkerendijk (primaire waterkering) Bij ontwikkelingen in dit buitendijkse gebied moet daar rekening mee worden gehouden.

51

5. Visie op gebieden

53

Visie op gebieden

5.1. Kloppend dorpshart Wat willen we bereiken en waarom

54

Eemnes heeft een aangenaam dorpscentrum met een compleet aanbod aan dagelijkse benodigdheden. We zetten in op behoud en doorontwikkeling van het centrumgebied tot kloppend multifunctioneel dorpshart van onze gemeente. Daarbij hebben we de volgende doelen en ambities: · Het dorpscentrum is de plek waar elke generatie zich thuis voelt, kan voorzien in basisbehoeften en waar ruimte is voor onderlinge ontmoeting binnen en tussen generaties. · Het is de centrale plek waar alle benodigde basisvoorzieningen bij elkaar gevestigd zijn. Niet alleen detailhandel maar ook horeca, diensten, maatschappelijke functies en andere publieke voorzieningen. Clustering van voorzieningen zorgt voor onderlinge kruisbestuiving en draagt bij aan onderlinge (toevallige of geplande) ontmoeting. · Voldoende mogelijkheden voor (startende) ondernemers in publieke sectoren zoals detailhandel, horeca, diensten etc. We vinden het belangrijk om ruimte te bieden voor ondernemerschap en het dorpshart is een van de vestigingsmilieus. · Het centrum biedt een veilige en aangename openbare ruimte voor alle generaties met voldoende ruimte voor wandelen, fietsers en klein elektrisch vervoer. Het moet veilig en aangenaam zijn om het dorpshart te bezoeken.

· Een goede bereikbaarheid vanuit alle delen van Eemnes en omgeving met zowel de auto, fiets als te voet. Een goede bereikbaarheid is een belangrijk onderdeel in een gunstig vestigingsklimaat voor ondernemers en bedrijven. · In het dorpshart is de identiteit en historie van Eemnes voelbaar, in bebouwing en in de openbare ruimte. Waardevolle gebouwen blijven behouden en worden hergebruikt.

Ruimtelijke keuzes

Om dit te bereiken zetten we in op de volgende ruimtelijke keuzes voor het dorpshart: · Duidelijke afbakening centrumgebied · Behoud winkel- en bedrijfsbestemmingen · Veilig en comfortabel voor wandelen en fietsen · Dorpshart voor evenementen · Levendige centrale ontmoetingsplek · Versterken (kwaliteit) van het groen Duidelijke afbakening centrumgebied Het dorpshart heeft een duidelijke afbakening met de publiekstrekkers, voorzieningen en historische iconische gebouwen als ankers. Het dorpshart bestaat uit het gebied Kerkstraat, Torenstraat, Braadkamp, deel Laarderweg, Minnehof en de Noordersingel tot aan het Huis van Eemnes. In dit gebied concentreren we publieke voorzieningen (detailhandel, horeca, maatschappelijke voorzieningen) die een functie hebben voor het hele dorp. Dat betekent dat we nieuwvestiging van bijvoorbeeld detailhandel buiten het centrum

Afbeelding 9. Afbakening en hoofdstructuur dorpshart Eemnes

55

Visie op gebieden

niet gewenst vinden. Uitzondering maken we in Zuidpolder zuid waar we een buurtgerichte locatie maken met ruimte voor basisvoorzieningen zoals ontmoeten en zorg. Behoud winkel- en bedrijfsbestemmingen We gaan terughoudend om met het ombouwen van commerciële ruimte naar wonen omdat we het belangrijk vinden dat er op lange termijn voldoende ruimte beschikbaar blijft voor voorzieningen en (startende) ondernemers, ook rekening houdend met de verwachte groei van het aantal inwoners en daarmee de vraag naar voorzieningen.

56

Veilig voor wandelen en fietsen Het doorgaande verkeer wordt in het dorpshart vertraagd door een inrichting die past bij 30 km/h. Wandelaars en fietsers krijgen de ruimte om veilig en aangenaam te kunnen verplaatsen. Binnen het dorpshartgebied blijven we ons inzetten voor het behoud van de buslijnen, ruim voldoende (bak) fietsstallingen en parkeerplaatsen, vooral bij de publiekstrekkers zoals het winkelcentrum en het Huis van Eemnes. Dorpshart voor evenementen In het dorpshart is ook ruimte voor evenementen (o.a. markten) waarbij we rekening houden met omwonenden en eventuele overlast. Evenementen dragen in toenemende mate bij aan ontmoeting tussen groepen en dat vinden we belangrijk. We stimuleren generatieoverstigjende en verbindende evenementen.

Levendige centrale ontmoetingsplek We zetten in op het verhogen van de levendigheid en aantrekkelijkheid van het centrum met De Minnehof, Braadkamp als centrale ontmoetingsplekken en ruimte voor bankjes, spelaanleidingen en terrasjes. Specifiek zoeken we voor jongeren naar mogelijkheden om een aantrekkelijke ontmoetingsplek te creëren. In overleg met hen kijken we naar de voor hen meest geschikt vorm. Dat kan zijn in de openbare ruimte, eventueel als onderdeel van Het Huis van Eemnes of op een andere manier.

Versterken (kwaliteit) van het groen Waar het kan versterken we de kwaliteit van het groen in de openbare ruimte met mogelijkheden voor verblijf en creëren we extra ruimte voor het vasthouden en infiltreren van (schoon) water. Het dorpshart wordt aangepast aan klimaatverandering met voldoende ruimte voor waterberging en schaduw (voor koelte en bescherming tegen UV-straling). Waar het kan doen we dat door verhard oppervlak te vergroenen. Verbetering van de kwaliteit van het groen draagt ook bij aan de uitstraling van het dorpshart van Eemnes als geheel.

57

Visie op gebieden

5.2. Aangename woonwijken Wat willen we bereiken en waarom

58

In de woonwijken staat het aangenaam wonen als hoofdfunctie vanzelfsprekend centraal. Onze ambitie is behoud en waar mogelijk versterking van een aangenaam woon- en leefklimaat in alle woonwijken. Daarbij hebben we de volgende doelen en ambities: · Woningen van goede kwaliteit voor elke generatie en portemonnee die bijdragen aan een aangename, gezonde en duurzame woonsituatie en dienen als goede thuisbasis vanwaar je jezelf kunt zijn en jezelf ontplooien. · Een woonomgeving waar mensen elkaar kennen, waar ruimte is voor ontmoeting in een groene, aangename en veilige omgeving en waar het buitengebied nooit ver weg is. · Een woonomgeving waar je makkelijk kunt komen maar die ook bewegen en een gezonde levensstijl stimuleert en een veilige verkeerssituatie biedt voor elke verkeersdeelnemer.

Ruimtelijke keuzes

Om dit te bereiken zetten we in op de volgende ruimtelijke keuzes voor de woonwijken: · Ontwikkelprincipes inbreiding en splitsing · Groene, veilige en sociale openbare ruimte · Mogelijkheden voor bedrijf aan huis · Verduurzamen woningen en vergroenen tuinen

Ontwikkelprincipes inbreiding en splitsing In de woonwijken is eventueel op kleine schaal en in een gepast tempo woningbouw mogelijk op inbreidings- en transformatielocaties. Daarnaast zijn er mogelijkheden voor het beter benutten van de bestaande woningvoorraad. Dat kan door woningdelen, woningsplitsen, bijwoning plaatsen, kavelsplitsen of een woongebouw optoppen. We zien dat het aantal bewoners per woning afneemt en dat veel woonruimte onbenut blijft. Het beter benutten van bestaande woningen biedt mogelijkheden om vooral voor jongeren en/of senioren woningen toe te voegen. Bij zowel inbreiding als splitsing willen we dat de toename van woningen gecontroleerd plaats vindt. Een te grote toename in korte tijd is niet wenselijk. We monitoren het aantal splitsingen en kijken steeds naar de gevolgen voor het dorp als geheel. Voor zowel inbreiding als splitsing van kavels en woningen, hanteren we de volgende principes waarop wordt getoetst: · Behoud en waar mogelijk versterking van het groene straatbeeld en behoud van zoveel mogelijk kwalitatief en waardevol groen zoals waardevolle bomen, parken, engen, akkers en andere bijzondere groene plekken. · Bijdragen aan een toename van betaalbare woningen. · Het (ver)binden van generaties door woningen te realiseren voor jongeren en/of senioren en mogelijkheden te bieden voor gezamenlijke woonvormen.

Manieren voor het beter benutten van de bestaande woningvoorraad

Mogelijkheden per type woning

Woning delen

Vrijstaande woning

Twee onder één kapwoning

Rijwoning

Woning splitsen

Bijwoning toevoegen

Kavel splitsen

Mogelijk, mits wordt bijgedragen aan: • • • • • • • • • •

Behoud van zoveel mogelijk waardevol groen Toevoegen van betaalbare woningen Toevoegen van woningen voor jongeren en/of senioren Eventueel het creëren van gezamenlijke woonvormen Geen onevenredige aantasting privacy en woongenot buren Energieneutraal en zoveel mogelijk natuurinclusief en circulair (ver)bouwen Aansluiten op en bijdragen aan de (groene) beeldkwaliteit Voorkomen van aantasting van waardevol erfgoed Stimuleren wandelen, fietsen en deelmobiliteit Parkeren op eigen terrein

Appartement

Afbeelding 10. Schematische en indicatieve weergave van de mogelijkheden en voorwaarden voor het beter benutten van de bestaande woningvoorraad.

Visie op gebieden

59

60

· Geen onevenredige aantasting van de privacy en het woongenot van buren. · Er wordt energieneuraal en zoveel mogelijk op circulaire en natuurinclusieve wijze gebouwd. · Aansluiten op en bijdragen aan de typische Eemnesser beeldkwaliteit. Dat betekent dat nieuwbouw past bij de aard, schaal en basisprincipes van de architectuur in het dorp. · Het voorkomen van aantasting van waardevol erfgoed zoals karakteristieke bebouwing en/of oorspronkelijke verkavelingsstructuren. · Wandelen, fietsen en OV-gebruik wordt bevorderd, deelmobiliteit wordt in samenwerking met de initiatiefnemer gestimuleerd en/of de parkeerbehoefte wordt op eigen terrein opgelost. Zo voorkomen we een te grote toename van parkeerdruk in de straat. Als parkeren op eigen terrein niet mogelijk is, dragen initiatiefnemers bij aan het aantrekkelijker maken van deelautogebruik. Deze ontwikkelprincipes gebruiken we bij de uitwerking en weging van initiatieven. Het blijft altijd maatwerk waarbij gemeentelijke medewerking steeds per initiatief wordt bepaald. Openbare ruimte: groen, gezond, veilig en sociaal Rondom gevoelige locaties zoals scholen, sportlocaties en het centrum kijken we steeds naar mogelijkheden om de openbare ruimte veiliger te maken voor alle (kwetsbare) weggebruikers en zorgen we voor voldoende ruimte voor fietsen,

wandelen en (bak)fietsstallen. In de woonbuurten biedt de openbare ruimte voldoende ruimte en mogelijkheden om te spelen, bewegen en ontmoeten. Liefst zijn ontmoetingsplekken geschikt voor meerdere generaties en voor minder validen. Ook zorgen we voor voldoende kwalitatief goed groen. Dat is cruciaal voor een aantrekkelijke, klimaatbestendige, biodiverse en gezonde leefomgeving. Groen draagt bij aan de (fysieke en mentale) gezondheid doordat het zorgt voor koelte en het aantrekkelijker wordt om te bewegen, te spelen en elkaar te ontmoeten. Ook vinden we het belangrijk dat er voor bewoners voldoende en passende gezondheids- en zorgvoorzieningen (o.a. huisarts, fysio) dichtbij aanwezig zijn. Mogelijkheden bedrijf aan huis We bieden mogelijkheden om als bewoner een eigen bedrijf aan huis te beginnen, mits dat geen onevenredige verstoring van het woongenot en afbreuk doet aan de ruimtelijke kwaliteit van de buurt. Werken in de wijk levert een bijdrage aan ontplooiing en levendigheid maar moet in balans en ondergeschikt blijven aan het aangenaam wonen. Verduurzaming woningen en vergroenen tuinen We stimuleren circulair, natuurinclusief en klimaatadaptief bouwen en het vergroenen van tuinen. Dit doen we door deze aspecten mee te nemen bij de behandeling van bouwaanvragen en we informeren inwoners en andere partijen actief over de mogelijkheden. Het verduurzamen en vergroenen

van woningen en tuinen draagt ook bij aan aangename woonwijken. De woningen zelf worden aangenamer en het straatbeeld en leefklimaat in de straten is gebaat bij groene tuinen. We vinden het belangrijk dat installaties voor verduurzaming zoveel mogelijk aan het zicht vanaf de straat onttrokken worden of geïntegreerd/meeontworpen worden met de woning. Inwoners worden zo goed mogelijk gefaciliteerd in het scheiden van hun huishoudelijk afval.

61

Visie op gebieden

5.3. Vitale bedrijventerreinen Wat willen we bereiken en waarom

Ondanks dat we vooral een woongemeente zijn, vinden we het belangrijk om voldoende ruimte te bieden voor werk en ondernemen en zo bij te dragen aan werk- en ontplooiingskansen van inwoners, en jonge generaties in het bijzonder.

62

Het bedrijventerrein Zuidbuurt en het terrein tussen Bisschopsweg en de Eem in Eembrugge bieden een aantrekkelijk vestigingsmilieu voor bedrijvigheid. Het is niet de bedoeling om nieuwe bedrijvigheid vanuit elders aan te trekken, maar wel om lokale bedrijven voldoende ruimte te bieden en werklocaties te laten meegroeien met woonlocaties. We zien graag dat de bedrijventerreinen zich ontwikkelen in een duurzame richting met een voldoende ruimtelijke kwaliteit. Om dat te bereiken zetten we in op: · Verduurzaming van bebouwing. Bij het besparen van energie en het behalen van onze duurzaamheidsdoelstellingen is ook veel winst te halen bij het verduurzamen van bedrijfspanden. · We vinden het belangrijk dat er voor werknemers een gezonde werkomgeving is. Dat betekent voldoende groen, voorkomen van geluidsoverlast en mogelijkeden om even een ommetje te maken tijdens de pauze.

· Een goede bereikbaarheid voor zowel auto’s en vrachtverkeer als voor de fiets en het openbaar vervoer.

Ruimtelijke keuzes

Voor het bieden van locaties voor bedrijven zetten we in op de volgende ruimtelijke keuzes: · Verduurzamen bestaande terreinen · Mogelijke versterking bedrijfszone A27 Verduurzamen bestaande terreinen We behouden het bedrijventerrein Zuidbuurt en het terrein tussen Bisschopsweg en de Eem in Eembrugge voor bedrijvigheid. Zuidbuurt breiden we uit naar het zuiden, als onderdeel van de plannen voor Zuidpolder Zuid. De bedrijventerreinen zijn ook de plek voor eventuele verplaatsing van hinderlijke bedrijven die nu in woongebieden gelegen zijn. Zo kan worden bijgedragen aan de mogelijkheden voor een goede bedrijfsvoering van het betreffende bedrijf als aan een gezonde woonomgeving. We zien graag dat de bedrijventerreinen zich ontwikkelen in een duurzame richting met een hoge ruimtelijke kwaliteit. Om dat te bereiken zetten we in op: · Duurzame bouw. Voor het behalen van onze duurzaamheidsdoelstellingen is ook veel winst te halen door het verduurzamen van bedrijfspanden, besparen van energie en minder (drink)watergebruik.

· Een klimaatbestendige inrichting van het terrein met voldoende groen en het tegengaan van onnodige verharding. · We vinden het belangrijk dat er voor werknemers een gezonde werkomgeving is. Dat betekent voldoende groen, voorkomen van geluidsoverlast en mogelijkeden om even een ommetje te maken tijdens de pauze. · Een goede bereikbaarheid voor zowel auto’s en vrachtverkeer als voor de fiets en het openbaar vervoer. Bedrijvenzone langs A27 We kijken naar mogelijkheden om de zone langs de A27 te versterken als bedrijfszone. Van oudsher is deze zone bestemd voor bedrijvigheid en andere niet-woonfuncties. Daarmee bieden we naast wonen ook ruimte voor werkfuncties. Bovendien dient deze bedrijfszone als buffer tussen snelweg en woonbuurt en wordt snelwegoverlast beperkt. Deze hoofdzonering blijft ons uitgangspunt en wordt waar mogelijk en gewenst geïntensiveerd met meer ruimte voor lichte bedrijvigheid. Hierbij kunnen we niet alleen bijdragen aan de grote behoefte aan bedrijfsruimten maar kan de overlast van snelweggeluid in het dorp, verder worden beperkt. Binnen deze zone kijken we naar mogelijkheden om de bedrijfszone langs de snelweg rondom de HOV-halte intensiever te gaan benutten voor bedrijvigheid. Hiermee kunnen we mogelijk een

Visie op gebieden

bijdrage leveren aan de regionale behoefte van vestigingslocaties voor kantoren en kleinschalige bedrijvigheid. Daarnaast dragen we met de ontwikkeling van werken rond HOV-knooppunten bij aan een duurzame ontwikkeling en het stimuleren van het openbaar vervoer.

63

5.4. Balans in het buitengebied Wat willen we bereiken en waarom

64

Om ons unieke buitengebied op lange termijn aantrekkelijk en gezond te houden, zetten we in op verbetering van de balans tussen natuur-, belevings- en gebruikswaarden van het landschap met de agrariërs als spil. De nadruk ligt op behoud van het polderlandschap met de stilte, openheid, weidevogels en wandel- en fietsroutes als belangrijke kenmerken. We streven naar: · Een flexibel watersysteem van goede waterkwaliteit en met de capaciteit om droogte en hevige regenval op te vangen. Verdere bodemdaling en oxidatie voorkomen we door te zorgen voor een gezonde bodem met een voldoende hoge grondwaterstand en grondgebruik dat hierbij past. · Verhogen van de biodiversiteit en kwaliteit van natuur, een afname van de verzuring en verrijking van de bodem door stikstof en andere schadelijke stoffen en agrarisch natuurbeheer. · Duurzame natuurinclusieve landbouw met voldoende toekomstperspectief door nieuwe verdienmodellen en beheervergoedingen. · Ruimte voor extensieve recreatie, passend bij de aard van het landschap (rust, ruimte, openheid). · Bijdrage aan de energietransitie door het realiseren van zonnevelden en zon op daken. · Behoud en versterken van de polder als uniek en zeer waardevol gebied voor weidevogels.

Ruimtelijke keuzes

Binnen onze samenwerking met de gemeenten Laren en Blaricum (BEL-gemeenten) onderscheiden we de volgende type buitengebieden:

· Buitengebied type 1: beschermde natuur · Buitengebied type 2: gemengde kernrandzone · Buitengebied type 3: open landbouwpolder Eemmeer en Eem: beschermde natuur Buitengebied type 1 bestaat uit de beschermde natuurgebieden Eemmeer en de Eem (Natura2000 en Natuurnetwerk Nederland). Hier staat bescherming, ontwikkeling en verdere verbinding van natuurgebieden centraal zodat de biodiversiteit verhoogd kan worden. Water wordt vastgehouden en krijgt de kans om te infiltreren. Agrarische activiteiten zijn ook mogelijk maar wel ondergeschikt, natuurinclusief en dragen bij aan beheer van natuur en landschap. Recreatie is extensief, stil, kleinschalig en moet altijd in balans zijn met de natuur. In samenwerking met onze buurgemeenten (andere gemeenten rondom de randmeren) blijven we ons inzetten om een goede balans te vinden tussen het ruimte bieden aan zowel de mens als de natuur op het Gooimeer en het Eemmeer. We bieden mogelijkheden voor (veilige) recreatie, en werken tegelijkertijd ook (mee) aan de bescherming van de natuur en de watersystemen in het gebied. Om de klimaatbestendigheid van natuurgebieden te vergroten, zetten we in op een robuust en veerkrachtig landschap dat bestand is tegen droogte, hitte en wateroverlast. Dit kan door aanpassingen in vegetatie- en natuurbeheer, de keuze van beplanting en door waterbergingsmaatregelen te integreren in natuurbeheer.

Dit draagt bij aan de samenhang en hydrologische balans.

Eempolder: open landbouwpolder Het overige deel van de Eempolder is buitengebied type 3. Hier is de primaire functie landbouw die zich in een duurzame en natuurinclusieve richting ontwikkelt met agrarisch natuur als belangrijke nevenfunctie. Agrariërs zijn cruciaal voor behoud van het landschap en de weidevogelreservaten. We stimuleren hen om deze rol te versterken en om kringlopen te sluiten, bijvoorbeeld door natuurlijke bemesting en watergebruik te optimaliseren. We stimuleren ondernemers om maatregelen te nemen tegen droogte, hitte en wateroverlast. Dit kan onder andere door voldoende ruimte voor waterberging, de keuze van beplanting en gewassen en voldoende schaduwrijke plekken. Met behoud van de openheid, zicht, kenmerkende agrarische bebouwing en rust als belangrijke voorwaarden, staan we open voor aanvullende bedrijfstakken als verbreding van het boerenbedrijf met nieuwe verdienmodellen. Ter illustratie denken we aan de volgende mogelijkheden die nog altijd een eigen lokale afweging moeten krijgen: · Versterking van natuur- en waterbeheer met goede vergoedingen. · Kleinschalige recreatie dat past op een boerenbedrijf (denk aan boerenwinkel of -camping). · Nieuwe gewassen die passen bij de bodem. Dat kunnen ook gewassen zijn die door de circulaire bouwsector gebruikt kunnen worden. · Zorg en welzijnfuncties (denk aan kinderopvang, yogacentrum of zorgboerderij).

· De opwek van duurzame energie (denk aan zonnepanelen op daken, energieopslag of groen Visie op gebieden

gas uit mest). Zonnevelden zijn niet wenselijk in verband met het unieke open landschap. · Wonen op een erf is wellicht mogelijk bij transformatie van bestaande agrarische bebouwing (als dat past in de omgeving). · In combinatie met deze functies is het mogelijk om de toegankelijkheid van de polder te vergroten door meer wandelroutes. Gemengde kernrandzone Het gebied tussen de Gooiergracht en Wakkerendijk is buitengebied type 2: gemengde kernrandzone. Dit gebied heeft een gemengder en dynamischer karakter dan de andere buitengebieden. We zetten hier in op de ontwikkeling tot aantrekkelijk en levendig groen buitengebied met een wat hogere dynamiek en de Gooiergracht en Wakkerendijk als aantrekkelijke routes waar recreatieve functies aan gelegen zijn. Mits voldaan wordt aan de voorwaarden behoud van openheid, zichtlijnen, kenmerkende agrarische bebouwing en rust, is hier naast natuur en landbouw ook ruimte voor recreatieve, maatschappelijke en zorgvoorzieningen met een groen karakter (denk aan voedselbos, kinderboerderij, theetuin). Het zuidelijk deel (rondom Knooppunt A27 en A1 ) is zoekgebied voor zonnevelden om zo bij te dragen aan de energietransitie. Mogelijk is er ook ruimte voor ander gebruik van gronden zoals een paardenhouderij of andere dieren voor recreatief gebruik.

Ten zuiden van Zuidpolder Zuid realiseren we wijkoverstijgend extra mogelijkheden voor wandelen, spelen en tuinieren en waterberging.

65

6. Uitwerkingsagenda

6.1. Werken in de beleidscyclus Met de invoering van de omgevingswet op 1 januari 2024 werken we als gemeente Eemnes steeds meer volgens de beleidscyclus. Dat betekent dat we in een continu proces beleid maken, uitwerken, uitvoeren, monitoren, evalueren en waar nodig aanpassen. Zo kunnen we adequaat reageren op de snel veranderende wereld om ons heen. Als we merken dat beleid onvoldoende resultaten oplevert of niet meer aansluit op de praktijk, kunnen we het

beleid daarop aanpassen. Daarnaast werken we ook integraler. Dat betekent dat we niet elk thema zoals wonen of verkeer apart benaderen maar dat doen vanuit een samenhangende omgevingsvisie en in nauw overleg met onze partners zoals GGD, veiligheidsregio, provincie. De omgevingsvisie is de eerste stap in het werken in de beleidscyclus. In dit hoofdstuk bespreken we wat de volgende stappen zijn en hoe we elk onderdeel van de beleidscyclus verder invullen.

67

Afbeelding 11. Onderdelen van het werken in de beleidscyclus

Uitwerkingsagenda

68

6.2. Samenwerking en regie

6.3. Omgevingsprogramma’s

Het realiseren van de doelen en ambities in deze omgevingsvisie kunnen we als gemeente niet alleen. Daarvoor is continue samenwerking nodig met een breed scala aan (regionale) partners. Denk aan woningcorporaties, provincie, regio, buurgemeenten waterschap, drinkwaterbedrijf, veiligheidsregio, omgevingsdienst en GGD. Waar nodig en gewenst zullen we die samenwerking ook steeds actief opzoeken. Als gemeente nemen we een regierol waarbij we ook inzetten op het verbinden van partijen om de doelen te bereiken.

Na de omgevingsvisie is de volgende stap in de beleidscyclus het opstellen van omgevingsprogramma’s voor bepaalde thema’s en/of deelgebieden. Voor de gemeente is dit een belangrijk beleidsinstrument in de Omgevingswet om zelf aan de slag te gaan met het realiseren de doelen en ambities uit de omgevingsvisie. Het biedt de mogelijkheid om op een programmatische wijze te werken aan het realiseren van de doelen op de middellange termijn. Programma’s bestaan uit de volgende onderdelen: · Het uitwerken van de doelen en ambities in beleid voor een specifiek thema (of combinatie ervan) of deelgebied. · Het bepalen van meetbare doelen (indicatoren) met tijdshorizon zodat daar later op gemonitord kan worden. · Het vertalen van dit beleid naar een set van maatregelen en projecten om de doelen te realiseren.

Specifieke aandacht hebben we voor onze verantwoordelijkheid om samen met partners te zorgen voor een gezonde en veilige leefomgeving. Dat betekent het zoveel mogelijk voorkomen en beperken van veiligheidsrisico’s, het bestrijden van rampen en crises en het vergroten van de zelfredzaamheid van onze bevolking in tijden van crisis. Samen met onze partners zorgen we voor borging hiervan in ons beleid. Bij de uitwerking van de omgevingsvisie in de omgevingsprogramma’s en het omgevingsplan en ingediende initiatieven draagt de gemeente zorg voor een proces waarin in een vroegtijdig stadium in samenwerking met partners de gezondheids- en veiligheidsaspecten goed worden meegewogen.

De doelen en ambities uit de omgevingsvisie vormen het startpunt voor het opstellen van een programma. Tussentijds evalueren we in hoeverre het programma en de maatregelen die daarin zijn genoemd, bijdragen aan het realiseren van de doelen en ambities uit de omgevingsvisie. Zo nodig passen we de uitvoering aan. Ook kijken we op basis daarvan of eventuele herijking van de omgevingsvisie gewenst is.

Voor een aantal thema’s zijn gemeenten verplicht om een programma op te stellen (o.a. volkshuisvesting, geluid en warmtetransitie). Verder zijn gemeenten vrij om programma’s in te zetten. Na vaststelling van deze omgevingsvisie wordt bepaald of en voor welke thema’s en/of deelgebieden we een programma gaan opstellen. Daarna kan het college in elke raadsperiode en in overleg met de raad en de ambtelijke organisatie nieuwe programma’s aandragen.

aspecten altijd integraal meegewogen. Zo zorgen we voor een gezonde en veilige omgeving voor huidige en toekomstige generaties.

6.4. Projecten en initiatieven

Naast projecten die volgen uit gemeentelijk beleid zijn we ook afhankelijk van de samenleving om doelen en ambities te realiseren. We verwachten dat inwoners, ondernemers en organisaties ook een bijdrage leveren. De omgevingsvisie is mede bedoeld als inspiratie- en toetsinginstrument voor ruimtelijke initiatieven en ontwikkelingen. Het is een uitnodiging aan de samenleving om met plannen te komen die rekening houden met onze kernkwaliteiten (hoofdstuk 3) en bijdragen aan de ambities en doelen (hoofdstuk 4 en 5). De omgevingsvisie kan als inspiratie en kader gebruikt worden. Niet elke kernkwaliteit of doelstelling is relevant voor elk plan, we nodigen initiatiefnemers uit om te motiveren hoe ermee rekening wordt gehouden en hoe zij denken een bijdrage te kunnen leveren. Hoe beter het plan hierop scoort, hoe meer de gemeente open staat voor het verlenen van medewerking.

Het behalen van de doelen en ambities werken we als gemeente via programma’s uit in projecten in de leefomgeving. Denk aan woningbouw of (her) inrichting van straten. De projecten worden onder andere benoemd in programma’s voor bepaalde thema’s en deelgebieden die na de omgevingsvisie worden opgesteld. Bij de uitwerking van doelen en ambities in projecten worden milieu en veiligheids-

We gebruiken de omgevingsvisie bij het begeleiden en beoordelen van initiatieven. Duidelijk is dat niet alles overal kan, soms moeten keuzes gemaakt worden. We gebruiken de omgevingsvisie dan om de gewenste ontwikkelrichting te bepalen. Daarnaast ondersteunt, faciliteert en regisseert de gemeente waar nodig en zorgt voor de juiste randvoorwaarden. Denk aan een goede ruimtelijke

Voor diverse thema’s hebben we al actueel beleid dat mede aan de basis heeft gestaan van deze omgevingsvisie. Denk bijvoorbeeld aan de woonvisie, het groenbeleidsplan en duurzaamheidsprogramma. Dit bestaande beleid blijven we de komende tijd gebruiken. Op het moment van actualisatie zijn het potentiele programma’s, waarbij we eventueel kunnen kiezen voor een bredere of andere reikwijdte.

Uitwerkingsagenda

69

ordening, onderhoud van groen, straten en wegen, afvalverwerking, zorgen voor woningen, voorzieningen, een goed ondernemersklimaat, etc. Voor initiatiefnemers en de gemeente is het belangrijk om bij elke ontwikkeling in contact te komen met betrokkenen zoals omwonenden en ondernemers. Door een goed vroegtijdig participatieproces ontstaan betere plannen, voorkomen we dat betrokkenen worden verrast en koppelkansen onbenut blijven. We verwachten van elke initiatiefnemer dat deze in gesprek gaat met iedereen die gevolgen kan ondervinden van de ontwikkeling. Dit is geen garantie voor draagvlak maar vergroot wel de kans op een goed en haalbaar plan. 70

Verder is de omgevingsvisie van belang bij het bepalen van de kosten voor een initiatiefnemer om een initiatief mogelijk te kunnen maken. Denk aan planbegeleiding, binnenplanse of bovenwijkse voorzieningen. Dergelijke kosten moeten evenredig door een initiatiefnemer worden bijgedragen. We zetten daarvoor verschillende instrumenten in, zoals een vereveningsfonds voor betaalbare woningen. Naast het al bestaande kostenverhaal is de ‘financiële bijdrage’ een nieuw financieel instrument in de omgevingswet. Het is bedoeld om aan initiatiefnemers een bijdrage te vragen aan maatschappelijk relevante ontwikkelingen in de leefomgeving. Denk aan de ontwikkeling van natuur, landschap of een evenwichtige woningvoorraad. Bij de uitwerking van deze visie

gaan we als gemeente bepalen hoe we met de financiële bijdrage om willen gaan. Daarbij hanteren we in ieder geval behoud en versterking van de kernkwaliteiten (hoofdstuk 3) en de gewenste ontwikkelingen (hoofdstuk 4 en 5) zoals in deze omgevingsvisie zijn benoemd.

6.5. Omgevingsplan Iedere gemeente heeft onder de Omgevingswet één omgevingsplan. Het omgevingsplan bevat algemene regels voor bescherming en ontwikkeling van de fysieke leefomgeving. Sinds de invoering van de omgevingswet (1 januari 2024) hebben we automatisch een omgevingsplan dat bestaat uit alle (voormalige) bestemmingsplannen en verordeningen. Dit tijdelijke omgevingsplan zetten we stapsgewijs om tot een volledig omgevingsplan. Daarvoor hebben we de tijd tot 2032. De basis voor het omgevingsplan zijn de bestaande regels die we nu hebben. Daarnaast verwerken we de ambities en doelen waar nodig uit in nieuwe regels. Het omgevingsplan biedt de mogelijkheid om doelen en ambities juridisch te borgen. Dat doen we door voor elk deelgebied de te behouden kernkwaliteiten en de ontwikkeldoelen en ambities indien nodig te vertalen naar regels. Daarnaast worden projecten en initiatieven waar nodig juridisch verankerd in regels in het omgevingsplan.

6.6. Monitoring en evaluatie Om de beleidscyclus op een goede manier te kunnen sluiten gaan we aan de slag met een structurele monitoring en evaluatie van het beleid. Dat doen we op twee manieren: · Brede monitoring van de gezondheid en veiligheid in onze leefomgeving · Specifieke monitoring op het realiseren van doelen en ambities. Ten eerste gaan we structureel meten hoe de gezondheid en veiligheid in onze leefomgeving ervoor staat. Daarvoor hanteren we de Leefomgevingsfoto. Daar hebben we bij het opstellen van de omgevingsvisie al gebruik van gemaakt. De leefomgevingsfoto beschrijft de situatie van de leefomgeving in onze gemeente op een groot aantal thema’s (denk aan milieu aspecten zoals geluid, luchtkwaliteit) en laat zien hoe dit zich verhoudt tot landelijke normen en trends. We blijven de Leefomgevingsfoto gebruiken voor monitoring van de feitelijke situatie in de leefomgeving en doen dit om de vier jaar. Aan de hand van de resultaten bepalen we of aanpassing van maatregelen of beleid nodig is. Samen met onze partners (o.a. de provincie, GGD, omgevingsdienst) werken we continu aan verbetering van de indicatoren als het gaat om een gezonde en veilige leefomgeving.

Uitwerkingsagenda

Ten tweede gebruiken we het instrument omgevingsprogramma’s om doelen en ambities uit de omgevingsvisie uit te werken naar concrete, meetbare doelen. Vervolgens gaan we specifieke daarop monitoren om te bepalen in hoeverre de doelen en ambities ook bepaald worden. Afhankelijk van de resultaten worden de omgevingsvisie en/of het betreffende programma bijgesteld. Met de ontwikkeling van deze laatste stap in de beleidscyclus gaan we actief werken aan de uitwerking en realisatie van de doelen en ambities die in deze omgevingsvisie zijn benoemd.

71

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15623733/1