CConstaterende dateemnes
Koppel je AI →
Document · PDF

Beoordeling zienswijzen Van der Heiden

Raadsessie & Raad 10 juli 2023, gemeente eemnesBij agendapunt: Aanvraag omgevingsvergunning wijziging gebruik percelen Eemweg 31a en 78a736 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zienswijzennota Omgevingsvergunning Eemweg 31a en 78a van Gebr. Van der Heiden. Reclamant 1: Deze zienswijze is ingediend tegen ontwerpverklaring van geen bedenking (raadsbevoegdheid) en afwijken van het bestemmingsplan/Beheersverordening (bevoegdheid B&W). Samenvatting: Het planologisch toestaan van een loswal aan de kade van de Eemweg 78A wordt niet als een planologische verbetering beschouwd en gevraagd wordt om deze planologische regeling te schrappen. Beoordeling: Gebruik loswal In de Beheersverordening en bestemmingsplan is het aanleggen van schepen en het laden en lossen daarvan niet geregeld c.q. niet verboden. Dat betekent dat het afwijken van het bestemmingsplan/Beheersverordening c.q. deze procedure daar geen betrekking op heeft. Ook de veiligheid van het vaarverkeer is niet in het bestemmingsplan noch Beheersverordening geregeld. De Provincie Utrecht is in dit kader het bevoegde gezag. De Provincie heeft op 9 september 2021 toestemming verleend voor het gebruik van de loswal/kade voor schepen van maximaal 55 meter. Dit besluit is onherroepelijk. Conclusie: Deze zienswijze achten wij voor zowel de verklaring van geen bedenking als de ontwerpvergunning ongegrond. Reclamant 2: Deze zienswijze is gericht tegen de ontwerpvergunning. De beoordeling is een bevoegdheid van he college.

Samenvatting: Reclamant ervaart overlast van stof, geluid en verkeer door het in werking zijn van de inrichting van Gebr. Van der Heiden Transport BV. De voorzieningen die door de inrichtingshouder worden getroffen om stofoverlast tegen te gaan, worden niet als voldoende beschouwd door reclamant. De grens van de inrichting van Gebr. Van der Heiden Transport BV komt door de gedane uitbreiding ook dichter bij het erf van reclamant te liggen, waardoor de overlast van stof, geluid en verkeer alleen maar meer wordt. Bovendien ervaart reclamant geluidoverlast van de zeefmachine. Daarnaast is de loskade, waarvoor vergunning is aangevraagd door de inrichtingshouder, te klein voor de schepen die de inrichting gaan bezoeken. Schepen met een lengte van 55 meter zijn volgens

reclamant niet meer in de vaart. Deze zienswijze is alleen gericht op het afwijken van het bestemmingsplan/ beheerverordening en ontwerpmilieuvergunning. Dit betreft dus een bevoegdheid van het college. Beoordeling: Stofoverlast Dit onderdeel heeft betrekking op de ontwerpmilieuvergunning. Voor de overslag, opslag, laden, lossen, transport, mengen van de vaste inerte bulkgoederen en voor het zeven van zand en grond is paragraaf 3.4.3 (artikel 3.32, 3.37-t/m 3.39) van het Activiteitenbesluit van toepassing. Voor diffuse stofemissies van op- en overslag en transporteren en van vaste niet-inerte bulkgoederen gelden de regels van het Activiteitenbesluit en de Activiteitenregeling niet. In de ontwerpvergunning zijn hiervoor voorschriften opgenomen zoals hieronder verwoord onder paragraaf 9.1 Stuifgevoelige stoffen, behorende bij dit besluit. Zowel deze voorschriften als de voorschriften in het Activiteitenbesluit hebben ten doel om de overlast van stof vanwege de op-/overslag en de werkzaamheden met stuifgevoelige stoffen, tot een minimum te beperken, mits deze voorschriften op een juiste wijze worden nageleefd. Naar aanleiding van deze zienswijzen is op 25 januari 2023 de inrichting bezocht door medewerkers van de RUD. Tijdens dit bedrijfsbezoek is gebleken dat de opgeslagen hoeveelheden zand en grond, niet altijd onder de bovenzijde van de keermuren is opgeslagen.

Om te voorkomen dat er stofoverlast ontstaat doordat de opgeslagen hoeveelheden boven de keermuren uitkomen, wordt een extra maatwerkvoorschrift (9.1.7.) aan de omgevingsvergunning toegevoegd, dat voor zowel inerte als niet-inerte stoffen geldt. Dit voorschrift houdt in dat de opgeslagen hoeveelheden zand, grond en overig stuifgevoelig materiaal tenminste tot 1 meter onder de keermuur opgeslagen zijn. Hierdoor wordt voorkomen dat stuifgevoelig materiaal zich makkelijker verspreid. In de zienswijze wordt tevens aangegeven dat er overlast verwacht wordt van de grond/zeefinstallatie. Zoals in de considerans van de vergunning is aangegeven hebben de bedrijfsactiviteiten tot gevolg dat geluid wordt geproduceerd. Hieronder valt ook de aangevraagde grond-/zeefinstallatie. De veroorzaakte geluidsbelasting in de omgeving en de perioden waarin deze geluidproducties optreden zijn in kaart gebracht in een akoestisch rapport van Adromi, kenmerk: V201713 Versie: 02b, d.d. maart 2020. Hieruit blijkt dat ten aanzien van de optredende geluidsniveaus (waaronder de grond-/zeefinstallatie) de aangevraagde situatie milieu hygiënisch aanvaardbaar is. Wij hebben aan de vergunning voorschriften verbonden, waarin grenswaarden zijn gesteld. Indien er overlast wordt ervaren, dan zal er middels handhaving onderzocht moeten worden of er aan de gestelde geluidnormen wordt voldaan.

Op dit moment gaan wij uit van hetgeen in het akoestisch onderzoek is verwoord en berekend. Gebruik loswal Zie onder 1. Conclusie Wij achten deze zienswijze voor wat betreft stofoverlast gegrond en voor het overige ongegrond.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12989694/1