CConstaterende dateemnes
Koppel je AI →
Document · PDF

6. Zienswijzebrief Kadernota VRU 2027

Gemeenteraad 16 februari 2026, gemeente eemnesBij agendapunt: Zienswijze kadernota 2027 Veiligheidsregio Utrecht2.340 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zuidersingel 1 3755 AZ Eemnes

Veiligheidsregio Utrecht t.a.v. mevr. Van Aalst-Veldman postbus 3154 3502 GD UTRECHT

Postbus 71 3755 ZH Eemnes

Uw kenmerk

Zaaknummer

Doorkiesnummer

Uw brief van

Behandeld door

Bijlage(n)

9 december 2025

J. de Vries

-

14 035

Telefoon 14 035 Fax 035 – 79 90 121 info@eemnes.nl www.eemnes.nl

Datum

16 februari 2026 Betreft

Geachte mevrouw van Aalst-Veldman,

Op 9 december 2025 hebben wij van u de Kadernota 2027 Veiligheidsregio Utrecht voor een zienswijze ontvangen. Deze is in de raad van 16 februari 2026 behandeld. Algemene waardering De gemeenteraad van Eemnes onderschrijft het belang van een goed toegeruste Veiligheidsregio Utrecht (VRU), die in staat is haar wettelijke taken uit te voeren en adequaat kan inspelen op nieuwe en complexere risico’s zoals klimaatverandering, energietransitie, digitalisering en langdurige crises. De raad herkent het beeld dat de VRU na jaren van bezuinigingen tegen de grenzen van haar financiële en organisatorische mogelijkheden aanloopt Tegelijkertijd constateert de raad dat de voorgestelde keuzes en financiële effecten onevenredig zwaar kunnen uitpakken voor kleine gemeenten zoals Eemnes, die beperkte schaalvoordelen hebben en reeds onder grote financiële druk staan. Financiële gevolgen voor Eemnes De raad maakt zich zorgen over de structurele stijging van de gemeentelijke bijdrage als gevolg van de voorgestelde maatregelen. Hoewel Eemnes met circa 0,65% aandeel in het GBTP een relatief klein aandeel heeft, zijn de effecten op de gemeentelijke begroting aanzienlijk, juist omdat de financiële ruimte beperkt is en autonome kostenstijgingen (sociaal domein, jeugdzorg, indexeringen) zich opstapelen.

De raad vraagt nadrukkelijk aandacht voor de stapeling van effecten: loon- en prijsindexering, investeringen vanuit de toekomstscenario’s en mogelijke wijzigingen in de financieringssystematiek

1/7

(zoals afbouw van het compensatiemechanisme) kunnen samen leiden tot een disproportionele lastenverzwaring voor individuele gemeenten. De raad verzoekt het bestuur van de VRU om bij verdere uitwerking expliciet inzichtelijk te maken wat de cumulatieve meerjarige effecten zijn per gemeente, inclusief een doorkijk naar 2030. Beleidsarme kadernota 2027 en aangepaste begroting 2026 met materieel richtinggevende keuzes. 1. Vooruitlopen op besluiten toekomstscenario’s Wij hebben kennisgenomen van de inhoud van de kadernota 2027 en de geactualiseerde begroting 2026 VRU en stemmen in met de inhoud. De kadernota 2027 en de gewijzigde begroting 2026 geeft aanleiding tot het maken van de volgende opmerkingen: De gemeenteraad van Eemnes neemt kennis van de Kadernota VRU 2027 en de aangepaste begroting 2026 en de gepresenteerde toekomstscenario’s. De raad onderschrijft dat de kadernota in formele zin grotendeels beleidsarm is en primair dient als financieel-technisch kader voor de begroting. Tegelijkertijd constateert de raad dat in zowel de begrotingswijziging 2026 als de kadernota 2027 elementen uit de toekomstscenario’s inhoudelijk en beleidsmatig al worden verwerkt die vooruitlopen op latere integrale besluitvorming. Zeker gelet op de toekomstscenario’s hebben die potentieel ingrijpende financiële en organisatorische gevolgen.

De raad acht het van belang dat deze voorstellen integraal worden gepresenteerd en tijdig en transparant worden betrokken bij een zorgvuldige belangenafweging door gemeenten. Door de incidentele dekking in 2026 wordt dat effect nu minder zichtbaar, maar feitelijk wordt vooruit gelopen op de latere integrale afweging. 2. Inhoudelijke afwegingen en prioritering De raad begrijpt de noodzaak van investeringen in onder meer digitale veiligheid, arbeidsveiligheid en vakbekwaamheid. Tegelijkertijd vraagt de raad om strikte prioritering en een sobere benadering: • Richt investeringen primair op wettelijke taken en veiligheidsrisico’s met directe impact op inwoners. •

Beperk ambities die minder urgent zijn of vooral regionaal/landelijk van aard zijn, zolang de financiële positie van gemeenten onder druk staat.

•

Hanteer daadwerkelijk een gefaseerde invoering, waarbij gemeenten jaarlijks expliciet kunnen bijsturen.

3. Gemeentefonds Wij begrijpen dat de jaarlijkse actualisatie van de ijkpuntscores in het gemeentefonds inmiddels leidt tot blijvende verschillen tussen gemeenten, ook wanneer het compensatiemechanisme wordt toegepast. Daarmee ontstaat een situatie waarin een open einde-regeling niet langer doelmatig is. De aanbeveling in het rapport Cebeon, om geleidelijk af te bouwen achten wij in dat licht logisch en zorgvuldig. Wij kunnen instemmen met het voorstel om te onderzoeken of een andere financieringssystematiek, gekoppeld aan de groei van het aantal inwoners haalbaar is. Daarbij vragen wij wel aandacht voor de 2/7

(groei) ontwikkelingen die zijn gedaan in de afgelopen 10 jaar per gemeente. Dit maakt het verleden ook inzichtelijk en kan bijdrage aan een beter inzicht bij de veranderingen naar een andere systematiek. Ook de nieuwe indexeringssystematiek die gekoppeld is aan de groei van de algemene uitkering achten wij logisch, immers ook gemeenten worden op deze wijze gecompenseerd en moeten op zoek naar financiële ruimte als de indexering onvoldoende is. 4. Incidentele inzet jaarresultaat 2025 Hoewel creatief kunnen wij niet instemmen met het inzetten van het verwachte resultaat 2025 ter dekking van de gewijzigde begroting 2026. Hier wordt dan vooruit gelopen op een zienswijze die de raad op basis van de gecontroleerde jaarrekening wenst te geven en dat lijkt ons onwenselijk. Wij kunnen ons voorstellen dat bij het jaarresultaat 2025 wordt voorgesteld om het overschot in te zetten ter financiering van de toekomstscenario’s, zodat de gemeenten in de begroting 2027 – 2030 een lagere verhoging te verwerken krijgen. Dat helpt gemeenten meer, dan het nu in te zetten voor 2026. 5. Regionalisering van huisvesting De raad ziet in beginsel kansen in een verdere regionalisering van de huisvesting van de VRU, met name waar dit kan bijdragen aan doelmatigheid, risicospreiding en het beperken van grote incidentele investeringen voor individuele gemeenten.

Voor Eemnes kan dit potentieel een positief effect hebben. Tegelijkertijd stelt de raad vast dat de financiële, juridische en eigendom technische consequenties hiervan nog onvoldoende zijn uitgewerkt. De raad hecht eraan dat regionalisering niet leidt tot een onevenredige lastenverzwaring, verlies van zeggenschap of aantasting van bestaande gemeentelijke investeringen, en verzoekt de VRU om vóór besluitvorming een transparant afwegingskader te presenteren waarin kosten, baten, eigendom en risicoverdeling inzichtelijk worden gemaakt. De raad kan zich voorstellen dat wordt begonnen met een hybride model, waarbij de stip op de horizon duidelijk is, maar gemeenten in hun eigen tempo kunnen aanhaken. Dit is nu de 3e keer dat regionalisering van huisvesting op de bestuurlijke agenda staat en het is tijd voor een heldere keuze. 6. Korting op de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR) De gemeenteraad van Eemnes spreekt zijn zorg uit over de door het Rijk doorgevoerde structurele korting van 10% op de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR) voor veiligheidsregio’s. Deze korting staat op gespannen voet met de toenemende verwachtingen en taken die het Rijk juist bij veiligheidsregio’s neerlegt. De raad acht het onwenselijk dat deze rijkskorting direct of indirect wordt gecompenseerd via een hogere gemeentelijke bijdrage.

De raad verzoekt het bestuur van de VRU zich nadrukkelijk in te zetten voor herstel van deze rijksbijdrage, dan wel voor alternatieve structurele rijksfinanciering, en te borgen dat gemeenten niet worden geconfronteerd met het afwentelen van deze rijkskorting op lokale begrotingen.

3/7

Toekomstscenario’s De door het AB vastgestelde toekomstscenario’s zijn gedeeld met de gemeenteraden. De verwachte impact, ook financieel is aanzienlijk voor onze gemeente komende jaren. Wij realiseren ons dat verdere bezuinigingen directe gevolgen kunnen hebben voor de uitvoering van de brandweertaken en dit mogelijk de veiligheid van onze inwoners en het brandweer personeel in onze gemeente raakt. Ook het sluiten van brandweerposten, met als gevolg langere aanrijdtijden achten wij zeer onwenselijk. Ondanks het moeilijke moment waarin wij ons bevinden, zullen wij het vastgestelde beleid volgen. Wel willen we enkele kritische observaties delen. 1. Positie van kleine gemeenten en het vrijwilligersmodel Eemnes is in hoge mate afhankelijk van het vrijwilligersmodel van de brandweer, dat niet alleen kosteneffectief is maar ook een belangrijke maatschappelijke functie vervult. De raad onderschrijft het uitgangspunt van de VRU om dit model te koesteren, maar ziet tegelijkertijd risico’s: • Bij verdere groei van gemeenten in het VRU gebied dreigt verschuiving naar meer beroepsinzet, wat voor de andere gemeenten leidt tot hogere structurele kosten. •

Sluiting of verzwakking van vrijwilligersposten heeft niet alleen gevolgen voor opkomsttijden, maar ook voor lokale verbondenheid en weerbaarheid.

De raad verzoekt de VRU om: 1. Het effect van toekomstscenario’s specifiek voor kleine gemeenten inzichtelijk te maken. 2. Vrijwilligersposten in kleine gemeenten nadrukkelijk te betrekken bij keuzes over paraatheid en crisisbeheersing. 3. Te voorkomen dat noodzakelijke investeringen indirect leiden tot een uitholling van het vrijwilligersmodel.

2. Onevenredige effecten voor kleine, decentrale gemeenten De raad benadrukt dat de voorgestelde ontwikkelingen in hun samenhang onevenredig kunnen uitwerken voor kleine, decentraal gelegen gemeenten zoals Eemnes. Door beperkte schaal, een relatief kleine begroting en een sterke afhankelijkheid van de eigen brandweerpost hebben financiële en organisatorische wijzigingen een procentueel groter effect dan bij grotere gemeenten. De raad verzoekt de VRU om bij verdere uitwerking structureel oog te hebben voor deze verschillen en maatwerk expliciet te verankeren. In de voorstellen wordt gemist wat het herverdeeleffect per gemeente per inwoner mag zijn. Bij eerdere besluiten zijn gemeenten solidair geweest d.m.v. het compensatiemechanisme, hoe ziet die solidariteit er nu uit als de effecten cumuleren bij gemeenten. Bij de herverdeling gemeentefonds is bijvoorbeeld een in groeipad voorzien.

4/7

3. Doorbelasting TUO-vrijwilligers De gemeenteraad constateert dat in de toekomstscenario’s wordt voorgesteld om de kosten van TUO-vrijwilligers als maatwerk rechtstreeks bij individuele gemeenten in rekening te brengen. Deze beleidswijziging is op dit moment niet voorzien van een concrete financiële uitwerking per gemeente, noch van een ingangsdatum, fasering of overgangsregeling. Voor een kleine gemeente als Eemnes kan dit leiden tot een onevenredig en procentueel aanzienlijk financieel effect, dat thans niet kan worden betrokken bij een zorgvuldige besluitvorming. De raad acht besluitvorming over deze wijziging prematuur zolang geen transparante, meerjarige doorrekening per gemeente beschikbaar is, en verzoekt het bestuur van de VRU te borgen dat zonder dit inzicht geen onomkeerbare financiële verplichtingen voor gemeenten ontstaan. Overigens beschikte de gemeente Eemnes voor de vorming van de VRU over 30 vrijwilligers en vier beroepskrachten. Voor een forensengemeenten is een bezetting van 18 vrijwilligers in de praktijk niet realistisch. 4. Vrijwilligersbezetting bij decentrale posten De gemeenteraad onderstreept het cruciale belang van een voldoende en robuuste vrijwilligersbezetting voor een decentraal gelegen post als Eemnes.

De gemeente is voor de eerste inzet in hoge mate aangewezen op de eigen brandweerpost, aangezien ondersteuning vanuit andere VRU-posten in de praktijk niet binnen de vereiste opkomsttijden kan worden geleverd. Dit geldt met name tijdens dag-uren en in de zomerperiode, wanneer beschikbaarheid onder druk staat. De raad constateert dat het generieke paraatheids- en bezettingsmodel van de VRU onvoldoende recht doet aan deze lokale kwetsbaarheid. Een bezetting die regionaal als ruim kan worden gezien, is voor Eemnes lokaal noodzakelijk om te voldoen aan wettelijke vereisten en een verantwoord veiligheidsniveau te borgen. De raad verzoekt de VRU dit noodzakelijke maatwerk expliciet te erkennen en niet te ontmoedigen via financiële of beleidsmatige prikkels. Bij een afbouw van de TUO-vrijwilligers naar de VRU-norm kan hier sprake zijn van “penny wise, pound foolish” doordat het gebrek aan vrijwilligers dan door in Eemnes gestationeerde beroepskrachten moet worden ondervangen. Of kiest de VRU voor de RAVU -benadering, waardoor in individuele gemeenten de basisbrandweerzorg op een lager niveau uitkomt.

5/7

5. Samenwerking met Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek Gelet op de geografische ligging en feitelijke oriëntatie van Eemnes acht de gemeenteraad een verdere en intensievere samenwerking met de Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek vanuit het oogpunt van doelmatigheid en operationele effectiviteit wenselijk. De raad verzoekt de VRU om bij de verdere uitwerking van toekomstscenario’s en beleidskeuzes nadrukkelijk te onderzoeken waar interregionale samenwerking of afstemming kan bijdragen aan betere responstijden, efficiëntere inzet van capaciteit en versterking van de lokale veiligheid van Eemnes. De samenwerking lijkt nu te vrijblijvend inhoud te krijgen. Wij stellen voor om te onderzoeken of het haalbaar is om in 2027 een gezamenlijke bestuursconferentie te organiseren, zodat de samenwerking verder kan worden versterkt. 6. Overhead Dat de overhead in principe meegroeit of -krimpt met de uitvoeringstaken erkennen wij. Op dit moment zien wij die vaste koppeling onvoldoende terug. In de toekomstscenario’s lijkt iedere afdeling (inclusief overhead) eigen wensen en ambities te hebben geformuleerd. Vanuit de raad vinden wij het van belang dat er een heldere systematiek wordt afgesproken, waarin de ontwikkelingen van de overhead structureel wordt verbonden aan de toekomstige taken en ambities van de VRU organisatie.

Voor onze eigen organisatie hanteren we de Handleiding Overheidstarieven van het Rijk, waarin normbedragen zijn opgenomen voor de directe overhead per FTE. 7. Rijksopgaven en financiële verantwoordelijkheid De gemeenteraad van Eemnes constateert dat het Rijk in toenemende mate aanvullende taken en verwachtingen neerlegt bij veiligheidsregio’s, onder meer op het terrein van crisisbeheersing, weerbaarheid en langdurige maatschappelijke ontwrichting. De raad onderschrijft het belang van deze opgaven, maar benadrukt dat het uitgangspunt ‘wie bestelt, betaalt’ onverkort van toepassing moet zijn. Het kan niet zo zijn dat extra rijksopgaven structureel leiden tot een hogere gemeentelijke bijdrage aan de Veiligheidsregio. De raad verzoekt het bestuur van de VRU zich nadrukkelijk richting het Rijk in te spannen voor volledige en structurele rijksfinanciering van nieuwe taken en te borgen dat gemeenten niet worden geconfronteerd met het afwentelen van rijks verantwoordelijkheden op lokale begrotingen.

6/7

Tot slot Financiële doorkijk na 2030 De gemeenteraad constateert dat in de Kadernota VRU 2027 en de toekomstscenario’s een aanzienlijk deel van de financiële effecten van voorgestelde maatregelen gefaseerd wordt ingevoerd tot circa 2030. De raad stelt vast dat hiermee op korte termijn bestuurlijke en financiële ruimte en rust wordt gecreëerd, maar dat dit tevens betekent dat structurele lasten en investeringen in belangrijke mate worden doorgeschoven naar de periode na 2030. Het financiële belang voor gemeenten neemt daarmee na 2030 fors toe. De raad acht het onwenselijk dat gemeenten zich in deze fase impliciet committeren aan een beleidsrichting waarvan de volledige structurele financiële consequenties nog niet inzichtelijk zijn. De raad verzoekt het bestuur van de VRU daarom om vóór verdere besluitvorming een expliciete en transparante meerjarige doorkijk te presenteren, inclusief een scenarioanalyse van de effecten na 2030 per gemeente. Dit is noodzakelijk om te komen tot een zorgvuldige, evenwichtige en democratisch controleerbare besluitvorming.

Bij vragen kunt u contact opnemen met onze adviseur crisisbeheersing Jeroen de Vries.

Met vriendelijke groet, Namens de gemeenteraad van Eemnes,

Mevrouw A. de Graaf- Gerrits Griffier

7/7

R. van Benthem RA burgemeester

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16611923/1