CConstaterende dateemnes
Koppel je AI →
Document · PDF

5 advies van adviesraad SD HBEL mbt wijzigingen verordening SD Eemnes

Commissie BSM 13 maart 2023, gemeente eemnesBij agendapunt: Wijzigingen verordening sociaal domein gemeente Eemnes 2018862 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Adviesraad Sociaal Domein HBEL p/a Yvonne van Dam, voorzitter

Aan het college van B&W van de gemeente Eemnes, t.a.v. mevrouw M. Havinga-de Jong

Huizen, 24 november 2022

Betreft: voorstel invoering inkomenstoets Huishoudelijke Hulp

Geachte Mevrouw Havinga, geacht college, Van het voorstel tot aanpassing van de verordening Sociaal domein, waarbij de invoering van een inkomenstoets bij huishoudelijke hulp het hoofdpunt is, heeft onze Adviesraad kennis­ genomen, met belangstelling maar ook met enige zorg. Laren voerde eerder een inkomenstoets in voor de huishoudelijke hulp en in de college­ programma’s van Huizen, Eemnes en Blaricum wordt eveneens gesproken over het voornemen tot invoering van zo’n toets. De Adviesraad stelt graag vast dat na een mondeling overleg over een eerder concept nu beter is verduidelijkt dat de leidende gedachte achter het voorstel niet alleen een bezuiniging betreft, maar is gelegen in het idee dat de toets ertoe zal leiden dat hogere inkomens minder gebruik gaan maken van door de gemeente betaalde huishoudelijke hulp, zodat deze hulp beschikbaar kan blijven voor groepen met lagere inkomens. Deze motivering acht onze Adviesraad temeer van belang nu de voorgestelde inkomenstoets op dit moment in strijd is met de wet, in ieder geval in de interpretatie van de Centrale Raad van Beroep. (Zie diens uitspraak van 26 mei 2021 in het geval Zwijndrecht.) Het komt de Adviesraad overigens voor dat dit juridisch aspect van het voorstel wat transparanter kan worden gepresenteerd.

De suggesties in het voorstel dat wordt aangesloten bij ‘landelijke kaders’ en bij ‘jurisprudentie’, corresponderen niet met de omstandigheid dat het voorstel in sociaal opzicht kan worden verdedigd, maar in juridisch opzicht kwetsbaar is. In de motivering van het voorstel is verder opvallend dat verwezen wordt naar ‘voorgenomen kabinetsplannen’, terwijl op tenminste twee hoofdpunten de lokaal voorgestelde regeling van die voornemens afwijkt. In de eerste plaats wordt binnen het ministerie overwogen om een grens te leggen bij 1857o van het sociaal minimum terwijl in het lokale voorstel sprake is van 20007o van het minimumloon. In de tweede plaats gaat het in de kabinetsplannen bij overschrijding van de inkomensgrens om een verhoging van de eigen bijdrage, terwijl in de lokale plannen helemaal geen huishoudelijke hulp meer wordt verstrekt. Ook op dit punt komt het onze Raad voor dat het voorstel er sterker op wordt als daarin duidelijk is gemotiveerd waarom de gemeenten geen aansluiting zoeken bij de door het rijk voorgenomen wettelijke systematiek. Vooral in de bijgevoegde ‘werkinstructie’ mist onze Adviesraad een nadrukkelijke aanbeveling om de betrokken burgers altijd te wijzen op de mogelijkheid van gratis clientondersteuning.

Wij hebben al vaker gevraagd om aan die mogelijkheid meer ruchtbaarheid te geven, en menen dat dat in dit geval temeer op zijn plaats zou zijn (ook vanuit het gebod van ‘equal arms’) nu cliënten zonder ondersteuning meestal niet op de hoogte zullen zijn van hun juridische positie.

In het conceptvoorstel zoals de Adviesraad dat ontving zijn kwantitatieve gegevens opvallend afwezig. Dat betreft zowel de omvang van het probleem als de te verwachten effecten. De vraag of de voorgestelde regeling doelmatig is, kan daardoor eigenlijk niet worden beantwoord. Ook afwezig zijn de 'sociale' gegevens omtrent de consequenties voor de werknemers in de Huishoudelijke Hulp. Kunnen zij allemaal aan het werk blijven, en wat betekent het voorstel voor hun rechtspositie? Dit laatste is mede gerelateerd aan de zorg van de Adviesraad op het gebied van herindicaties. Als burgers al enige tijd noodzakelijke Huishoudelijke Hulp hebben, en bij een nieuwe aanvraag buiten de boot dreigen te vallen vanwege de inkomenstoets, is er dan voldoende zekerheid dat zij ‘op de markt’ eenvoudig vervangende ‘particuliere’ hulp kunnen krijgen? De Adviesraad vraagt zich op dit punt af of het globaal omschreven overgangsrecht echt voldoende is. Na de opmerkingen onzerzijds over een eerdere conceptversie is de leesbaarheid van het voorstel verbeterd. Toch meent onze Adviesraad dat het voorstel, evenals de voorgestelde regeling zelf, op onderdelen niet altijd even begrijpelijk is. Dat komt overigens mede omdat in de ons voorgelegde documenten het collegevoorstel, het raadsbesluit en de financiële paragraaf ontbreken.

Het is goed dat bij de verordening een artikelsgewijze toelichting is opgenomen, maar juist bij enkele van de ‘ingewikkeldste’ bepalingen (zoals artikel 7.3.2, eerste lid) ontbreekt een toelichting. De duidelijkheid die de regeling zou moeten bieden leidt soms ook onder de complexe ‘verwijsconstructies’. Zo verwijst het nieuwe artikel 7.2.1 van de verordening naar artikel 2.3.6, tweede en vijfde lid van de Wmo 2015, terwijl in die laatste bepaling weer wordt doorverwezen naar een derde bepaling, die nog weer verder doorverwijst naar een vierde bepaling, en zo verder. De lokale wetgever zou zich in onze ogen niet van zulke meervoudige verwijzingen moeten bedienen. Als het uitgangspunt in het voorstel is dat huishoudelijke hulp beschikbaar moet blijven voor lagere inkomensgroepen, dan is dat onze Adviesraad sympathiek. Maar al met al meent onze raad dat het voorstel in zijn huidige vorm niet genoeg is doordacht en gemotiveerd. Wij geven in overweging het te heroverwegen en te complementeren, alvorens het aan de gemeenteraad (of gemeenteraden) voor te leggen. Desgewenst is onze Raad uiteraard graag bereid tussentijds met u in contact te treden. Hoogachtend en met vriendelijke groet, iesraad,

Dra YvoaoeTŹan Dam, voorzitter.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12502814/1