260612 Aanvullende vragen Bewoners Eembrugge
Tekst van het document
Aanvullende vragen Bewoners Eembrugge Ten behoeve van de Commissie Ruimte — 15 juni 2026 Raadsvoorstel “Transformatie aan de Eem” | Raadsbesluit 29 juni 2026
Onderstaande vragen zijn gebaseerd op de formele raadsstukken, de verkeersrapporten van Goudappel (2022/2023 en update mei 2026), de impactanalyse van Movares (april 2024), de brief van Provincie Utrecht (8 december 2025), de brief van Gemeente Baarn (10 juni 2026) en het beslisvoorstel van het College van B&W (vastgesteld 19 mei 2026). Waar een bewering niet volledig door de stukken wordt gedekt, is dit in de toelichting aangegeven.
Blok 1 — De financiële constructie: wie draagt welk risico 1. In het beslisvoorstel staat dat de grondexploitatie bij álle doorgerekende varianten (69, 90 en 120 woningen, telkens met een nieuwe weg) een negatief eindsaldo opleverde. Nu het plan is teruggebracht naar 61 woningen — nog minder dan de slechtst-scorende eerdere variant — ontbreekt iedere herziene grondexploitatieberekening. Op welke financiele onderbouwing baseert de raad zijn besluit om a. het oude besluit ter herroepen en b. het nieuwe voorgenomen besluit te nemen? Uit het beslisvoorstel (p. 3) blijkt dat de gemeente in 2025 al op de hoogte was van de negatieve saldi, en erop vertrouwde dat de vastgoedexploitatie het tekort zou compenseren. Die aanname is bij 61 woningen structureel zwakker dan bij 120 woningen. Het raadsbesluit van 29 juni ontbeert een geactualiseerde exploitatieberekening die de raad in staat stelt deze aanname te toetsen. Bron: Beslisvoorstel Raad Eemnes, p. 3 (Ad 3 Kosten), vastgesteld B&W 19 mei 2026.
2. Wat zijn de geraamde kosten van de vereiste aanpassingen aan de Eemweg (bermverharding buiten de bebouwde kom, eventuele rijbaanverbreding, infrastructurele ingrepen in Eembrugge), en hoe verhouden die kosten zich tot de aanlegkosten van een alternatieve westelijke ontsluitingsweg? Een vergelijkende kostenraming ontbreekt volledig in de aan de raad voorgelegde stukken. Feike Siewertsz van Reesema van Waterland Real Estate heeft bij de informatiebijeenkomst van 2 juni 2026 zelf aangegeven dat de benodigde aanpassingen aan de Eemweg aanzienlijke kosten meebrengen. Ook het rapport van Movares (april 2024) wijst op substantiele ingrepen. Zonder deze vergelijking is het “te duur”-argument van de ontwikkelaars voor de raad niet controleerbaar. Bron: Movares Impactanalyse, april 2024; informatiebijeenkomst 2 juni 2026.
3. Er gaat het verhaal dat gemeente Eemnes circa €700.000 heeft geïnvesteerd in de bodemsanering van het Ocrietterrein. Klopt dit bedrag? En welke rechten of verplichtingen vloeien daaruit voort voor de gemeente — bijvoorbeeld in de vorm van een vordering op de grondeigenaar of
ontwikkelaars — en hoe verhoudt een eventuele openstaand financiële belang zich tot de onafhankelijkheid van de gemeentelijke besluitvorming? Transparantie hierover is relevant: indien de gemeente een vordering heeft op de ontwikkelaars, of omgekeerd een resultaatafhankelijke verplichting is aangegaan, heeft zij een direct financieel belang bij het slagen van de woningbouw. Dat belang dient kenbaar te zijn voor de raad alvorens zij stemt over het raadsvoorstel. Noot: het genoemde bedrag van circa €700.000 is niet terug te vinden in de openbare raadsstukken; wij verzoeken het college de feiten omtrent de bodemsanering — bedrag, rechthebbende en eventuele verplichtingen — openbaar te maken.
Blok 2 — De onhaalbaarheidsredenen zijn niet verifieerbaar 4. Waarom zijn de Westvarianten (West en West-2) na het raadsbesluit van 26 mei 2025 nooit opnieuw onderzocht of voorgelegd aan de provincie, terwijl Movares beide varianten in april 2024 als technisch uitvoerbaar heeft beoordeeld en zij bovendien minder grondeigenaren raken dan de zuidroute (1 respectievelijk 2 percelen, versus 5 particuliere percelen plus 1 bedrijfsperceel voor de zuidvariant)? Geen enkel bevoegd gezag, provincie, waterschap noch gemeente Eemnes, heeft de Westvarianten als aantoonbaar onhaalbaar onderbouwd. Zij zijn na mei 2025 simpelweg niet meer in het onderzoek meegenomen. Een inhoudelijke motivering voor dit besluit ontbreekt in alle aan de raad voorgelegde stukken. Dit levert een zelfstandig motiveringsgebrek op. Bron: Movares Impactanalyse, april 2024, Tabel 14 (eigendommen per variant); Beslisvoorstel 19 mei 2026.
Blok 3 — De verkeerskundige onderbouwing is intern tegenstrijdig 5. De Wegenscan van Goudappel gaf in 2022 een maximaal wenselijke verkeersintensiteit van 500 mvt/etmaal op de Eemweg buiten de bebouwde kom. In de update van mei 2026 is dat bijgesteld naar 400 mvt/etmaal, op basis van een gemeten rijbaanbreedte van 3,60 meter. Tegelijkertijd stelt datzelfde rapport dat 2.000 mvt/etmaal aanvaardbaar is na bermverharding: een verviervoudiging! Hoe verhoudt een smallere gemeten rijbaan zich tot een hogere toegestane intensiteit, en op welke nieuwe velddata is deze conclusie gebaseerd? De Wegenscan 2026 hanteert voor de Eemweg buiten de bebouwde kom een smallere rijbaanbreedte (3,60 m) dan in 2022 en komt desondanks tot een hogere toegestane intensiteit na maatregelen. Dit vereist een expliciete methodologische toelichting. De 2.000 mvt/etmaal-grens geldt in de update bovendien primair voor de Eemweg binnen de bebouwde kom (bij sociale interactie als maatgevend criterium), niet voor het smalle wegvak buiten de kom. Bron: Goudappel Verkeerskundig Onderzoek 2022, Fig. 4.4 (max. 500 mvt); Goudappel Update mei 2026, p. 15 (max. 400 mvt buiten kom; max. 2.000 mvt binnen kom).
6. Alle verkeerstellingen zijn uitgevoerd op gemiddelde werkdagen in het voorjaar (maart 2022 en april 2026). Goudappel erkent zelf in Tabel 2.1 van de update dat de fietsintensiteit in de zomer circa 70% hoger ligt dan in maart. Waarop is deze 70% gebaseerd? En als de zomerpiek de maatgevende situatie is voor veiligheid en leefbaarheid, waarom is die piek
dan niet als meetbasis gehanteerd voor de vervolgonderzoeken naar geluid, trillingen en weginrichting? Het rapport erkent de seizoensvariatie maar heeft geen duidelijke onderbouwing voor (‘slechts’) 70% verhoging en trekt er geen consequentie uit voor de berekeningen. De raad neemt een besluit gebaseerd op een meetmoment dat structureel de laagste verkeersdruk representeert. De recreatieve functie van de Eemweg (jachthaven, fietsroutes, visplekken, horeca) maakt juist de piekdag maatgevend voor de beoordeling van veiligheid en leefbaarheid. Bron: Goudappel Update mei 2026, Tabel 2.1 (zomer 2022 ca. 70% hogere fietsintensiteit).
7. Het raadsvoorstel vermeldt 450 voertuigbewegingen per etmaal als huidige verkeersintensiteit op de Eemweg. Het Goudappel-rapport hanteert 444 mvt/etmaal (telpunt locatie 3, april 2026 — één locatie, één meetperiode). Goudappel presenteert dit getal nergens als maatgevende waarde voor het gehele wegvak. Op welke grond hanteert het college dit getal als uitgangspunt in het raadsvoorstel? Het selectief presenteren van een gunstig telpunt als representatief kengetal, zonder toelichting op de meetmethode en de variatie over het jaar, ondermijnt de betrouwbaarheid van de verkeerskundige onderbouwing waarop het raadsbesluit rust. Bron: Goudappel Update mei 2026, Tabel 2.1; Beslisvoorstel 19 mei 2026, p. 6 (kanttekening 1.1).
Blok 4 — Ontbrekende onderzoeken 8. Movares heeft in april 2024 vastgesteld dat bij Variant Bestaand (ontsluiting via de Eemweg) risico bestaat op overschrijding van de SBR-B trillingsstreefwaarden, met mogelijke schade aan bestaande funderingen. Goudappel adviseert in de update van mei 2026 nader onderzoek naar trillingen. Waarom wordt dit onderzoek gepresenteerd als iets dat in een later stadium kan, terwijl het de grondslag vormt voor de vraag óf ontsluiting via de Eemweg verantwoord is? Het zorgvuldigheidsbeginsel vereist dat de raad een besluit neemt op basis van volledige informatie. Een besluit nemen voordat het verplicht gestelde onderzoek is uitgevoerd — terwijl dat onderzoek de uitkomst van het besluit kan beïnvloeden — is procedureel kwetsbaar. Bron: Movares Impactanalyse april 2024, par. 4.3 (trillingen, conclusie); Goudappel Update mei 2026, p. 20 (aanbeveling nader onderzoek).
9. De visie van de hulpdiensten (brandweer, ambulance) over bereikbaarheid en inzetbaarheid via de Eemweg ontbreekt volledig in alle aan de raad voorgelegde stukken. Hoe kan de raad een verantwoord besluit nemen over de ontsluiting van 61 nieuwe woningen zonder dit advies? Bij ruimtelijke planvorming is de bereikbaarheid voor hulpdiensten een standaard toetsingscriterium. De Eemweg is een smalle weg met beperkte passeermogelijkheden. Een advies van de Veiligheidsregio over de consequenties van extra verkeersdruk voor de inzetbaarheid van hulpdiensten ontbreekt. Bron: Beslisvoorstel 19 mei 2026 (geen vermelding hulpdiensten); Bewonersbrief 9 juni 2026.
Blok 5 — Bestuurlijke helderheid en de positie van gemeente Baarn 10. Het merendeel van de Eemweg ligt op grondgebied van gemeente Baarn. Gemeente Baarn heeft bij brief van 10 juni 2026 aan de gemeenteraad van Eemnes expliciet gesteld dat ontsluiting via de Eemweg voor haar niet acceptabel is. Hoe kan gemeente Eemnes een uitvoerbaar raadsbesluit nemen over een ontsluitingsroute via een weg die zij niet beheert, zonder voorafgaande instemming van de wegbeheerder? Een raadsbesluit dat afhankelijk is van de medewerking van een andere gemeente, die die medewerking formeel weigert, heeft een smal uitvoeringspad en introduceert een wezenlijk risico dat het besluit niet gerealiseerd kan worden. De raad dient te weten welke concrete toezeggingen gemeente Baarn heeft gedaan of bereid is te doen, alvorens te stemmen. Bron: Brief Gemeente Baarn aan Gemeenteraad Eemnes, 10 juni 2026; Beslisvoorstel 19 mei 2026, kanttekening 1.1.
11. Het raadsvoorstel constateert expliciet dat het plan van 61 woningen niet voldoet aan de gemeentelijke Woonvisie. De enige motivering voor de afwijking is een afdracht aan het vereveningsfonds. Hoe hoog is die afdracht, en hoe verhoudt die zich tot de kosten die de gemeente en/of gemeente Baarn moeten maken voor de aanpassing van de Eemweg? De hoogte van de bijdrage aan het vereveningsfonds is in het raadsvoorstel niet vermeld. Zonder dit getal kan de raad de afwijking van het eigen woonbeleid niet inhoudelijk beoordelen, noch vaststellen of de gemeenschap per saldo nadeel ondervindt van dit project. Bron: Beslisvoorstel 19 mei 2026, p. 6-7 (par. 1.5 en 1.3).
Blok 6 — Eigenaarschap en belangen 12. Het Sterk-terrein is eigendom van Waterland Real Estate; het Ocrietterrein is eigendom van VOF Wilma-Heilijgers. Beide terreinen worden in het raadsvoorstel als één ontwikkellocatie gepresenteerd. Welke afspraken zijn er gemaakt tussen Waterland Real Estate, VOF Wilma-Heilijgers en gemeente Eemnes over de onderlinge kostenverdeling van de infrastructuur? Zijn er ontbindende voorwaarden of resultaatafspraken die de belangen van de twee private partijen ten aanzien van de ontsluitingsroute beïnvloeden? Zo ja, welke? De raad stemt over een gecombineerd plan van twee juridisch afzonderlijke grondeigenaren. De onderlinge financiële verhoudingen tussen deze partijen, inclusief eventuele winstdeling, kostenverdeling of onderlinge garanties, zijn op geen enkel moment inzichtelijk gemaakt. Als de kosten van een nieuwe weg als argument worden gebruikt om géén nieuwe weg te maken, dan moet de raad zowel de berekende kosten als de kostenverdeling en onderlinge afspraken kennen. Bron: Gebiedsvisie Transformatie aan de Eem, april 2022 (colofon, eigendomsposities); Goudappel Update mei 2026, p. 1.
Blok 7 — Alternatieve financiering: onvoldoende onderzocht 13. Het beslisvoorstel (p. 7) stelt dat een gemeentelijke bijdrage aan de nieuwe ontsluitingsweg “onwenselijk is gezien de gemeentelijke financiële positie” en behandelt dit als de enige financieringsvariant. Welke externe financieringsbronnen zijn concreet onderzocht, bij welke instanties is een aanvraag of verkenning gedaan, en wat was de uitkomst? Het beslisvoorstel vermeldt tevens dat de gemeente wél bereid was een deel van de kosten te dragen. De combinatie van een gedeeltelijke gemeentelijke bijdrage met (bijvoorbeeld maar zeker niet beperkt tot) de onderstaande externe bronnen is nooit doorgerekend of gemotiveerd afgewezen: Provincie Utrecht: de provincie heeft een positieve grondhouding jegens het nieuwe zuidelijke tracé (brief 8 december 2025) en beschikt over woningbouwfondsen en infrastructuurprogramma’s. Nergens blijkt dat Eemnes een bijdrage heeft aangevraagd, voor geen één van de alternatieve routes. Rijksbijdrage: de Woningbouwimpuls is specifiek bedoeld voor situaties waarbij publieke infrastructuurkosten een woningbouwproject blokkeren. Nergens blijkt dat Eemnes een bijdrage heeft aangevraagd, voor geen één van de alternatieve routes. Kostenverhaalsysteem: de gemeente heeft het wettelijk instrument om infrastructuurkosten te verhalen op de beide grondeigenaren via een anterieure overeenkomst.
Dit instrument is in het dossier niet als serieuze optie gepresenteerd. Bijdrage jachthaven Kroeze: indien de jachthaven uitbreidt (tot circa 200 ligplaatsen, zoals vermeld in de mededelingenbrief van april 2026) mede dankzij verbeterde ontsluiting van het gebied, profiteert Kroeze rechtstreeks. Een kostenbijdrage is nooit voorgesteld. De vraag die het beslisvoorstel onbeantwoord laat: als een gedeeltelijke gemeentelijke bijdrage wordt gecombineerd met externe financiering en kostenverhaal op twee grondeigenaren, is de nieuwe weg dan nog steeds onhaalbaar? Die berekening is niet gemaakt en niet aan de raad voorgelegd. Bron: Beslisvoorstel 19 mei 2026, p. 7 (par. 1.3); Brief Provincie Utrecht 8 december 2025; Gebiedsvisie april 2022 (jachthaven).
Blok 8 — Betrouwbaarheid van het informatieproces 14. Het verslag van de informatiebijeenkomst van 2 juni 2026 — gepubliceerd op de gezamenlijke projectwebsite en ondertekend namens alle partijen waaronder gemeente Eemnes — stelt als antwoord op een vraag over de zuidelijke ontsluitingsroute: “Het Waterschap Vallei en Veluwe gaf ook aan dat een zuidelijke ontsluiting hoogstwaarschijnlijk niet door hun toetsingscriteria zou komen vanwege het aspect Waterveiligheid.” Heeft het Waterschap Vallei en Veluwe deze stelling daadwerkelijk ingenomen, in welke vorm en op welk moment? Zo niet, waarom heeft gemeente Eemnes deze onjuiste bewering laten staan in een document waaraan zij mede haar naam verbindt? De bewering is opvallend om twee redenen. Ten eerste is het Waterschap in de formele raadsstukken (beslisvoorstel 19 mei 2026, p. 3) juist opgevoerd als partij die éxtra eisen stelt aan de aanleg van een nieuwe weg, niet als partij die die weg op voorhand blokkeert vanwege waterveiligheid. Ten tweede werken waterschappen doorgaans niet met bindende toetsingscriteria die een ontsluitingsvariant op voorhand uitsluiten; zij toetsen
concrete plannen op concrete aanvragen. Een uitspraak van de strekking “hoogstwaarschijnlijk niet door onze toetsingscriteria” is geen formeel standpunt van een waterschap, tenzij dat standpunt schriftelijk is vastgelegd. De raad dient te weten of er een schriftelijk standpunt van het Waterschap bestaat, en zo niet, op welke grond deze uitspraak in een gezamenlijk verslag terechtgekomen is. Bron: Verslag informatiebijeenkomst 2 juni 2026, p. 2 (antwoord op post-it over rondweg); Beslisvoorstel 19 mei 2026, p. 3 (Ad 1 Provincie en Ad 2 Grondeigenaren); Bewonerscommissie Eembrugge, brief aan Waterschap Vallei en Veluwe, 11 juni 2026.
15. Gemeente Eemnes was mede-organisator van de informatiebijeenkomst van 2 juni 2026 en staat vermeld als medeondertekenaar van het gepubliceerde verslag. Dat verslag bevat antwoorden op vragen van bewoners die feitelijk onjuist, niet-verifieerbaar of aantoonbaar onvolledig zijn. Welke verantwoordelijkheid neemt het college voor de inhoudelijke juistheid van dit verslag, en heeft het college de onjuistheden gecorrigeerd alvorens het verslag als publiek document werd gepubliceerd? Het verslag bevat meerdere passages die vragen oproepen over de feitelijke juistheid. Naast de Waterschap-bewering (zie vraag 14) bevat het verslag de stelling dat “uitgebreid civieltechnisch onderzoek” is gedaan naar de rondweg en dat “alle grondeigenaren meerdere keren bezocht” zijn. Beweringen die niet zijn onderbouwd, en met uitkomsten die niet concreet zijn, in de aan de raad voorgelegde stukken. Een gemeente die haar naam verbindt aan een informatiedocument richting burgers, draagt medeverantwoordelijkheid voor de inhoud. Het is de vraag of gemeente Eemnes en/of het college de inhoud heeft getoetst vóór publicatie, en of het bereid is onjuistheden alsnog schriftelijk te corrigeren. Bron: Verslag informatiebijeenkomst 2 juni 2026, p. 1 (aanwezige partijen) en p. 2 (antwoorden op post-its); Beslisvoorstel 19 mei 2026, p. 3 (grondeigenaren en provincie).
Bewoners Eembrugge 12 juni 2026