2024 05 13 Gemeente Eemnes Commissie BSM
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE COMMISSIE BSM VAN EEMNES 13 mei 2024
1.
Opening De voorzitter: Goed, dames en heren, het is acht uur, dus ik open hierbij de vergadering van de commissie BSM. Van harte welkom allemaal. Ik heb als eerst een bericht van verhindering van mevrouw Van der Linde en we zien de heer Roorda weer, welkom mijnheer Roorda.
De voorzitter: Kom ik bij vaststellen van de agenda. We hebben een korte agenda en ik neem aan dat die zo kan worden vastgesteld zoals die voorligt. Dat is het geval. Dan is bij dezen de agenda vastgesteld.
De voorzitter: Dan kom ik bij het vaststellen van de besluitenlijst van de voorgaande vergadering van 15 april. We hebben geen op- of aanmerkingen ingediend bij de griffier. Ik kijk even rond op de dat het geval blijft. Dat blijft zo, dan is ook het besluitenlijst bij deze vastgesteld. De voorzitter: Dan kom ik bij de inventarisatie van het spreekrecht. Er hebben zich geen sprekers ingediend en als ik zo de zaal in kijk, blijft het erbij. De voorzitter: Dan komen we bij het eerste bespreekstuk. Dat is de conceptbegroting 2025, de conceptjaarstukken 2023 van de Tomingroep en daarvoor is er vanuit de HBEL ambtelijke ondersteuning. Dat is mevrouw Aarts en de heer De Goeij. We gaan dit onderwerp dus ik wil vragen of u plaats wil nemen. Mochten er vragen zijn dan zal de wethouder die doorspelen naar u. Er zijn door de fractie van het CDA vandaag nog aanvullende vragen gesteld. Die zijn beantwoord. Die staan ook bij de stukken. Kijk eens aan. Hartstikke snel allemaal. Dus ik wou dan ook maar als eerste het woord geven aan het CDA. Mevrouw Bunt, gaat uw gang. Mevrouw Bunt: Dank u wel voorzitter. Zelf vond ik de stukken eigenlijk best wel lastig leesbaar, maar ik kan er natuurlijk wel uit halen dat uiteindelijk het fijn is zowel de Tomingroep als de Werkvoorzieningsschap het jaar positiever heeft afgesloten dan vooraf was begroot. We hopen dat we dit kunnen vasthouden.
Er wordt aangegeven dat het komt wegens snellere uitstroom. In de toelichting op de begroting zien wij op bladzijde 1 in het derde bullet staan: Kortdurende werk-leertrajecten komen nauwelijks voor. Is het bekend waarom korte trajecten nauwelijks voorkomen? En: de nieuwe strategie geeft weer hoe men komende jaren in wil zetten. Dan lijken de eerder genoemde korte werk-leertrajecten juist heel passend. Gaat daar dan ook meer de focus op komen? Zoals al is aangegeven hebben we van voren schriftelijke vraag ingesteld en dank voor de snelle beantwoording daarvoor. Deze zijn naar onze mening naar tevredenheid gewoon beantwoord. Aanvullende vraag hierbij is of het wenselijk zou zijn dat de Tomin de rol van het nieuwe te vormen regionale Werkcentrum op zich te nemen. Zodat deze regio een voorsprong heeft in de oprichting en de uitvoering en niet met een blanco situatie start waarin samenwerking gezocht of bestaansrecht bevochten moet worden. Dat waren de vragen. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik over naar de fractie van Dorpsbelang. De heer Raben.
De heer Raben: Dorpsbelang kan zich volledig vinden in de voorgestelde zienswijze op de conceptbegroting. De Tomingroep heeft een stevig eigen vermogen opgebouwd. Hebben we dan helemaal geen zorgen? Zeker wel. Hoe hard de Tomingroep ook zijn werk doet, voor de in-, door- en uitstroom van SW-werknemers is de Tomingroep voor het overgrote deel afhankelijk van externe factoren, welke ze nauwelijks kunnen beïnvloeden. In de zienswijze bij de begroting 2024 heeft de gemeenteraad als de zorg uitgesproken over de financiële situatie van de Tomingroep. Of de in het bedrijfsplan Ketensamenwerking gestelde inhoudelijke en financiële doelstellingen nog haalbaar zijn, is de vraag. Het is echter een gezamenlijke verantwoordelijkheid dat de doelgroep van SW-medewerkers nooit tussen wal en schip mogen vallen. Dorpsbelang rekent op de Tomingroep en de participanten in de gemeenschappelijke regeling dat er een voldoende stabiel plan komt om spreekwoordelijk niet door het ijs te zakken, waardoor een kwetsbare groep in de kou komt staan. Wat Dorpsbelang betreft, is het voor de rest een hamerstuk voor de raad. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik over naar de VVD, de heer Roorda. De heer Roorda: Dank u wel voorzitter. Het doet mij deugd dat ik me nu eens rechtstreeks kan richten tot de vicevoorzitter van het algemeen bestuur. Dus als we een boodschap hebben, dan moet die dus nu wel aankomen.
Het Werkvoorzieningsschap, staat er, stelt jaarlijks een conceptbegroting op. Op de conceptbegroting kan de gemeenteraad een zienswijze indienen om zo aandachtspunten te geven. De gemeenteraad is dus nu van besluitvormend orgaan een gratis adviesorgaan geworden. Verder staat er: gelijktijdig wordt de conceptjaarrekening ter kennisneming aangeboden. Daarover kunnen geen zienswijzen worden ingediend. Dus gemeenteraad mag het lezen, dat vond ik leuk, maar we hebben er geen mening over. De zienswijze is niet inhoudelijk, omdat de financiële situatie van de BV en Schap op middellange termijn gewoon houdbaar lijkt. En dat is wel eens anders geweest. De vorige keer hebben we daar wat zorgen over gehad. Nu ziet dat er een stuk beter uit omdat er tussen het Schap en de BV op een net wat andere manier wordt omgegaan met het vermogen. Er zijn ook geen negatieve effecten op de begroting van Eemnes. Dus kunnen wij prima leven met dit concept. En het lijkt me ook voor de raad een hamerstuk. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel en dan ga ik naar de fractie van de PvdA, de heer Overbeeke. De heer Overbeeke: Dank u wel voorzitter. Het gaat goed met de Tomingroep, minder goed met de financiën. Dat lijkt een tegenstelling, maar dat is het niet.
De instelling vanuit de Wet sociale werkvoorziening is met de invoering van de Participatiewet in 2015 immers gestopt, waardoor het aantal SW'ers, socialewerkvoorzieningsmensen, in het Werkvoorzieningsschap, kortweg het schap genoemd, dat neemt gestaag af door natuurlijk verloop. We zien dat ook het aantal mensen met afstand tot de arbeidsmarkt afneemt, omdat in de huidige arbeidsmarkt meer mensen uit de Participatiewet een reguliere baan vinden. En dat vinden we eigenlijk een gunstige ontwikkeling. Echter, minder medewerkers in de BV betekent ook minder inkomsten en daardoor neemt ook de druk op de overheadkosten van de Tomingroep toe. Als de overhead hetzelfde blijft en je hebt minder inkomsten, dan heb je natuurlijk een probleem. Nou wordt de Tomingroep gevormd door het Schap enerzijds en het leer-werkbedrijf, de BV, anderzijds en die functioneren in feite als communicerende vaten. Dat betekent op dit moment dat de Schap in feite de BV subsidieert, zo zou je het kunnen noemen. We hebben al eerder, vorig jaar, als raad onze zorg geuit over de financiële situatie. De directie van de BV heeft ook maatregelen getroffen en de resultaten daarvan worden in een midterm interview beschreven. Helaas is dat midterm review nog niet beschikbaar, maar na behandeling in het algemeen bestuur, heb ik begrepen, komt dat wel beschikbaar.
Mijn vraag, daar kan de wethouder straks antwoord op geven, is: wanneer komt dat dan beschikbaar? Komt het ook hier op de agenda? Als Partij van de Arbeid zien we geen noodzaak om nu een zienswijze in te dienen. Het resultaat van de Tomingroep nopen niet
tot onmiddellijke actie. En als het algemeen bestuur het rapport vrijgeeft, dan is er tijd genoeg om daar verder over te discussiëren. Nou rest ons onze waardering uit te spreken voor het bestuur en de directie van de Tomingroep voor het bieden van werk en zingeving voor een grote groep inwoners van de regio die in de reguliere arbeidsmarkt moeilijk zelfstandig een baan kunnen vinden. En dat is immers het primaire doel van de sociale werkvoorziening. Dus we wensen Tomingroep veel succes bij de uitvoering van hun werkzaamheden. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan als laatste D66, mevrouw Wierbos. Mevrouw Wierbos: Dank u wel voorzitter. Op twee dagen na hebben we precies een jaar geleden hier ook bij elkaar gezeten en toen hebben we ook over de Tomingroep gesproken. Op dat moment gaf de wethouder aan dat er nog een aantal knoppen zouden zijn om aan te draaien, ondanks toen de tegenvallende cijfers. Nou daar is dus aan gedraaid. Buiten de inzet van de mensen is er ook ingezet op verhuur van panden om extra inkomsten te genereren. Op die middellange termijn, dat plan, daar ben ik toch nog wel een beetje benieuwd naar: wat komt daar dan uit? Wat voor adviezen zijn daar? Want dat krijgen we nog, maar misschien zijn er nu al wat ideeën die gegeven kunnen worden. Verder hebben wij geen echte opmerkingen over het plan en kunnen wij meegaan in de opgestelde zienswijze.
Dank je wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik over naar beantwoording vanuit het college. Mevrouw Havinga en eventueel vragen doorspelen naar de overkant. Aan u het woord. Mevrouw Havinga: Twee vragen zijn er gesteld door het CDA. Eentje over de korte trajecten, we zien dat die minder ingezet worden. Daar ga ik proberen een antwoord op te geven en anders dan word ik nog wel bijgevallen door ondersteuning aan die kant. Maar die kortdurende trajecten, wat we zien is dat de mensen die nu in trajecten komen richting werk, dat die een dusdanige grote afstand tot de arbeidsmarkt hebben dat een kort traject niet voldoende is om deze mensen duurzaam naar werk toe te begeleiden. Soms is het ook zo dat het ingezette traject nog helemaal niet passend is en dat iemand ook eigenlijk in die zin weer terug gemeld wordt bij de gemeente van: er is eerst nog iets anders nodig voordat we dit traject in kunnen zetten. Ik zie geknik aan de overkant. Is daar nog een aanvulling op? Nee. Dan is dat het. Dus dat hangt natuurlijk ook een beetje af van hoe de arbeidsmarkt er op dat moment uitziet. De heer Overbeeke gaf al aan: de arbeidsmarkt is nu zo dat voor veel mensen die eigenlijk een korte afstand hebben tot die arbeidsmarkt heel snel nu aan het werk zijn. Dan blijft dus de groep over waar we gewoon veel meer ondersteuning en begeleiding bij moeten bieden.
Op moment dat die markt er anders uit zou zien, dan betekent het ook dat je wellicht weer met kortere trajecten af zou kunnen, want dan is de mismatch misschien wat makkelijker te helen, zeg maar, tussen werk en wat iemand al in zijn mars heeft. Dan de vraag: zou Tomin niet dat Regionaal Werkcentrum kunnen doen, eigenlijk? Tomin is een onderdeel van het grote landschap als het gaat over werk en participatie. Dus deze doelgroep die speciaal nu, dat is dus die SW-doelgroep, nu ook nieuw beschut, maar daarnaast hebben we gezegd: Tomin kan ook andere trajecten gaan bieden, dat is natuurlijk juist het hele plan wat er ligt. Dat is een onderdeel van het totale landschap wat het Regionaal Werkcentrum straks ook als toegangsplek eigenlijk, waar Tomin dus een onderdeel van is, dat zou zover ik het zie nu niet helemaal bij Tomin kunnen liggen, omdat ook UWV een partner is van het Regionaal Werkcentrum. We hebben nu een werkgevers-servicepunt, we hebben een leer-werkloket, dat zijn allemaal onderdelen die straks ook onderdeel zijn van het Regionaal Werkcentrum die Tomin nu ook niet biedt. Het is wel zo dat we ook een werkkamer hebben, dat is een overleg waar Tomin nu wel aangehaakt is, maar niet formeel deelnemer.
En we moeten wel met elkaar goed gaan nadenken hoe we de governance van die nieuw te vormen Regionaal Werkcentrum in moeten vullen met elkaar en wie er dan straks in het bestuur zitten, eigenlijk in het regionaal beraad , zoals dat
heet. Dus die weg ernaartoe die gaan we nu helemaal lopen en zoals al in de beantwoording op de vragen stond, is Hilversum daar nu in de lead voor de projectgroep en zijn we daar als alle gemeentes in aan het samenwerken. Is daar nog een aanvulling op nodig? Nee. Dan begrijp ik het als het goed is goed genoeg. Dan geeft Dorpsbelang aan: we hebben een voldoende stabiel plan nodig voor de toekomst. Deze doelgroep mag en kan niet tussen wal en schip vallen. Dat is natuurlijk ook precies waar die hele ontwikkeling naartoe moet en waarom het zo belangrijk is dat we dat regionaal goed regelen met elkaar en dat die arbeidsmarktregio's nu ook aan zet zijn om dat goed voor elkaar te krijgen. Omdat we zien dat de doelgroep die nu niet aan het werk is echt veel ondersteuning nodig heeft. En inderdaad die SW-doelgroep die zal ook gewoon, die mensen blijven. We kunnen ze een andere naam geven of een ander stempeltje, maar het is zo dat de mensen die op deze manier een stuk dagbesteding of een manier van ontwikkelen richting werk gewoon nodig zullen blijven hebben, dat verandert niet. VVD geeft aan: de langere termijn ziet er wat meer uit in balans dan vorig jaar. Daar is ook inderdaad aan de knoppen gedraaid, zoals mevrouw Wierbos net al aangaf. Dat heeft tot een goed resultaat van ‘23 geleid.
Dus ik denk het positieve geluid wat de raad vorig jaar mee heeft gegeven richting Tomin met vertrouwen dat ze dat ook waar hebben gemaakt voor ‘23. Die MTR, die midterm review is nu naar de algemeen bestuursleden verstuurd, maar die hebben we nog helemaal niet met elkaar besproken. Dus het lijkt me ook wat voorbarig als ik daar nu al, en dat is dan het antwoord op de vraag van D66, een soort samenvatting ga geven van iets wat ik nog helemaal niet met mijn collega's ook heb besproken. Dus dat komt uw kant op, maar pas na het eerste algemeen bestuursoverleg. Dat is, maar dan kijk ik even, ik weet niet precies wanneer, maar dat weet Ivo wel: 27 juni hebben wij het eerste AB. Dus dat duurt ook echt nog wel tot ik verwacht dus na het zomerreces dat dat uw kant op komt. Volgens mij heb ik dan de vragen die gesteld waren beantwoord en is er geen verdere beantwoording nodig. De voorzitter: Nee klopt, u heeft alle vragen netjes beantwoord. Ik doe toch even een hele korte tweede rondje. Hoeft niet, mag wel. Mevrouw Bunt. Mevrouw Bunt: Bedankt voor de beantwoording en voor ons kan het dan ook een hamerstuk worden. De voorzitter: Dorpsbelang nog behoefte? Niet. VVD niet. PvdA niet. Nou volgens mij is het hamerstuk voor de raad. Dan dank ik u voor uw aanwezigheid. De voorzitter: Dan gaan wij door naar het volgende agendapunt.
Dat is het Raadsvoorstel Zienswijzeprocedure Ontwerp Programmabegroting van de RUD 2025. Dan kijk ik naar Dorpsbelang en dan denk ik de heer De Zeeuw. De heer De Zeeuw: Dank u wel voorzitter. Er wordt in het begin weer even aan de procedure gerefereerd dat we om tot een zienswijze te komen, 12 weken tijd hebben. Nou we hebben dat op een bepaald moment ontvangen, dat zou voor ons betekenen dat we tot 25 juni de tijd hebben om de zaak af te handelen. College geeft echter aan dat die datum niet gehaald kan worden, omdat het onderwerp pas in raad 8 juli behandeld wordt. Ik begrijp eigenlijk niet waarom, dus ik wil dadelijk wel even horen waarom de raad van 27 mei hiervoor niet gebruikt wordt. Dus dat is een vraag in het algemeen. Dan: inhoudelijk wijkt de ontwerpbegroting weinig af van de kadernota. Er zijn wat kleine verschillen. Ik zal ze maar niet noemen, maar het komt er eigenlijk op neer dat het nauwelijks iets voorstelt die veranderingen. In ieder geval is het helder dat RUD zich inzet voor een efficiënt milieutoezicht en handhaving. Met betrekking tot die raadsvoorstel voor de zienswijzen: de belangrijkste punten waar we naar gekeken is dat er nog steeds geen gevolg is gegeven aan een punt uit de zienswijze Kadernota om niet alleen naar de bezuiniging te kijken, maar ook naar extra kosten als we de kwaliteitseisen van het IBP versterking VTH zouden willen invoeren.
Het verbaast me trouwens wel, want het schijnt toch dat men toch eigenlijk aan de bezuinigingskant zit in plaats van de
kwaliteitsverbeteringskant. Het verbaast me een beetje dat al die andere grotere gemeentes met zeer ervaren mensen toch elke keer weer zitten te zeuren om te bezuinigen en dan naderhand de problemen over zich afroepen. Dus dat is ook een vraag: hoe kan het dat de meeste gemeentes druk uitoefenen om te besparen in plaats van de kwaliteit van het RUD in de toekomst op orde te krijgen? Voor de rest wordt er duidelijkheid gevraagd, want die is er ook nog niet, over incidentele en structurele kosten bij de implementatie van de Omgevingswet. Het is ook vrij laat dat er nog niks ligt. De financiering samenvoegen RUD en Omgevingsdienst regionaal Utrecht. Wordt ook nog niks mee gedaan, wordt ook naar voren geschoven. Het is wel goed dat er in de zienswijze ook nog wel even wordt op gewezen dat door die hele samenvoeging de organisatie straks hele grote gemeenten als Utrecht en Amersfoort moet bedienen, maar dat ook een kleine jongen die ertussen zit zoals Eemnes ook nog aan zijn trekken komt. Dus dat is ook een goed punt dat dat meegenomen is. Dus al met al kunnen we ons wel vinden in de zienswijze. Er is nog een heel klein puntje: er staat ergens wordt gerefereerd aan de raad op 3 juli. Ik neem aan dat dat een typo is, dat dat 8 juli moet zijn. Dat was mijn opmerking. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ga ik naar de VVD, de heer Roorda. De heer Roorda: Dank u wel.
Ik heb eigenlijk dezelfde opmerking als mijnheer De Zeeuw over die data, want dat was ook een beetje verwarrend. Ik zag een raad van 3 juli, leg even uit waarom en wanneer dat nou gaat gebeuren. Verder heb ik het proberen te lezen en dan kom je weer inderdaad jargon tegen zoals IBP VTH. Wat was het ook alweer? Dat is dan Interbestuurlijk Programma Versterking Vergunning Toezicht en Handhavingsstelsel. Dan krijg ik altijd een beetje vlekken, want dan gaat het om produceren van papier en voorschriften in plaats van uitvoeren en het is toch een uitvoeringsdienst eigenlijk. Maar ik heb het afgelopen jaar geleerd: je moet je niet druk maken over zaken waar je toch geen invloed op hebt. Dus de vlekken zijn weer weg. De begroting. Ik was eigenlijk net blij dat de kosten binnen de kaders van onze eigen begroting blijven. En dat er dus niet besluiten moesten worden genomen van daar moet weer geld bij waar we de beheersing niet over hebben. Alleen gaat het college in de aanhef van de zienswijze schrijven : we vragen ons af of het wel verstandig is om alle lucht uit de begroting te persen. Maar dan roep je dus wel over jezelf af dat je volgend jaar een begroting met lucht erin krijgt en dan zeggen ze: ja, dat heb je zelf gewild. Vervolgens gaan wij weer nat op onze begroting.
Dus misschien is dat niet zo handig om dat zo te zeggen en misschien kun je beter zeggen: we zijn blij dat jullie strak begroot hebben. Dat is duidelijk. Je kunt dus duidelijk zien waar straks de overschrijdingen zitten, als die er al zijn, en we zijn eigenlijk verheugd dat jullie het daarvoor kunnen doen. Dan heb je in ieder geval niet volgend jaar dat je om je oren krijgt: je hebt zelf gezegd dat het wel een beetje meer mag. Verder in de zienswijze staat er ook nog opmerking over het personeel, het behoud van personeel. Als je gaat fuseren is eigenlijk de insteek dat je efficiency gaat bereiken. Dat betekent in dit soort organisatie dat juist op personeel het mes erin gaat. Dan doe je dat verantwoord, want dat zijn dubbele functies, die ga je er uithalen. En ik kan me voorstellen dat het hier niet gaat om direct afvloeien van personeel , maar ik kan me wel voorstellen dat het gaat om minder openstaande vacatures, want door een fusie kun je dat efficiënter maken. Misschien is dan ook dat punt 4 wat handiger te verwoorden dat je daarop insteekt en zegt: wij verwachten dat het aantal openstaande vacatures of misschien het aantal uitbestede uren aan derden daarmee daalt. Met behoud van eigen personeel.
Dan geef je niet het verkeerde signaal op van: ja maar al het personeel moeten wel koste wat het kost blijven, want dat is eigenlijk ook weer een signaal wat eerder is voor kostenverhoging dan dat je zegt van we willen het strak hebben. De rest van de zienswijze vind ik prima, maar omdat ik vraag of er misschien wat aangepast kan worden in zienswijze, denk ik niet dat het een hamerstuk is. Dan vraag ik eerst even: is het college bereid om daar iets in te nuanceren op deze punten die ik aan heb gegeven? Dank u wel.
De voorzitter: Daar krijgen we zo antwoord op. Dan ga ik naar de PvdA, de heer Overbeeke. De heer Overbeeke: Dank u wel voorzitter. De meeste vragen die ik had, zijn inmiddels gesteld, dus die zal ik niet herhalen. Wij kunnen ons eigenlijk wel… Laat ik vooraf zeggen dat als je al die stukken leest, dan denk je enerzijds: dat heb ik toch allemaal al een keer gelezen, het lijkt wel of het drie keer langskomt. En het is wel erg veel en ik merk bij mezelf dat dat toch enige moed vraagt iedere keer, of enig uitstelgedrag bij mij veroorzaakt, om weer aan die stukken te beginnen. Maar goed, het is nu helemaal zo. Ik kan me wel vinden in zienswijze, maar tegelijkertijd ik kan me voorstellen dat dat weer nieuwe documenten oplevert. Dus we moeten daar misschien een klein beetje mee oppassen. Maar over de rol genomen: ik kan me vinden in de zienswijze en de vragen zijn al gesteld. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. En dan de heer Defferding van D66. De heer Defferding: Dank u wel voorzitter. Wij kunnen ons vinden in de zienswijze. Er staan wat kritische noten in en dat is ook wel terecht. De roep om efficiënter om te gaan met de begroting die is er natuurlijk altijd, maar het moet ook gewoon kwaliteit geleverd blijven worden en dat staat hier ook in verwoord. Mijnheer de Zeeuw die heeft al flink wat opmerkingen gemaakt. Daar kunnen we ons ook wel in vinden.
En wat punt 4 betreft, dat behoud van personeel wat de heer Roorda aangaf. Misschien zit het in de bewoording, maar ik heb de indruk dat de Omgevingsdiensten zitten te springen om personeel en dat ze liever mensen gaan houden. Dan zal het inderdaad zitten in het wegstrepen van vacatures in plaats van het wegdoen van mensen. Wat ons betreft is het een nuance in de tekst en kan het er zo ook prima in blijven staan. Dus wij kunnen ons hier in vinden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. En dan de heer Seldenrijk van het CDA. De heer Seldenrijk: Dank u wel voorzitter. Als laatste zijn de meeste vragen al gesteld dus ik kan me met de meeste vragen goed in vinden. Met een aantal kleine nuanceringen misschien. Laat ik beginnen met de opmerking van de heer Roorda over die lucht in de begroting. Laat ik hem wat breder stellen richting het college: wat is uw opstelling binnen de gemeenschappelijke regelingen hierover? Want uiteindelijk is dat natuurlijk wel een puntje. Straks in het volgende punt komt hetzelfde punt eigenlijk weer aan de orde: hoeveel lucht geef jij de gemeenschappelijke partijen om hun beleid uit te voeren en in hoeverre ga jij sturen op hun begrotingen? Op het moment dat je veel ruimte in de begroting krijgt dan is feitelijk al een stuk weggegeven.
Op het moment dat je hem strak zet, wat de heer Roorda bedoelt, denk ik, dan heb jij nog een sturing om in ieder geval daar je punt nog een keer te kunnen maken. Dus dat is even, want die discussie hebben we in het verleden ook al een keer gehad. En misschien goed om die nog even te nuanceren in zijn algemeenheid ook richting deze zienswijze. Ook vanuit de PvdA de vraag, of tenminste de opmerking: goh dit hebben we al eens een keer eerder gelezen. Ja dat klopt inderdaad. Dat gevoel hadden wij natuurlijk ook een beetje, ook bijvoorbeeld met de fusie met ODRU en de RUD, dat blijft een beetje hangen voor mijn gevoel. De opmerking wordt ook gemaakt natuurlijk in de zienswijze: pas op met je personeel, enzovoort, enzovoort. Maar uiteindelijk moeten er wel een keer stappen gemaakt worden. Dat mis ik wel een beetje in dit verhaal, want ik had eigenlijk toch verwacht dat nu iets meer zicht erop hadden hoe het eruit gaat zien. Boven de zienswijze zou ik eerder zetten: behoud het goede, want uiteindelijk draait het daarom. Dan zo in de zienswijze te benoemen, want uiteindelijk je wil het goede van beide diensten behouden. De vraag is natuurlijk wel: wat is dan het goede van beide partijen wat je dan graag wil behouden? Dat is natuurlijk wel misschien nuancering die het college nog kan aanbrengen. Maar ik denk dat wel van belang is dat we rust houden in de organisatie.
Maar goed, wel met de gemaakte opmerkingen die hier al gemaakt zijn erbij. Dank u wel voorzitter.
De voorzitter: Dan gaan we over naar de heer Van Benthem als portefeuillehouder. De heer Van Benthem: Dank u wel voorzitter. Laat ik met het makkelijkste beginnen. Waarom staat er nog hier en daar juli? Omdat de ambtenaar het keurig aanleverde volgens onze planning en dan zou het pas in de raad van juli kunnen, maar wij hebben gewoon gezegd als college: dit is voor de commissie BSM die al zoveel onderwerpen had vanavond, zou dit best als een nagekomen stuk toegevoegd kunnen worden en dat betekent dat overal in de brieven waar juli staat, dan de raad van 27 mei komt te staan. Dus dat passen we aan en dan hebben we gewoon een door uw raad vastgestelde zienswijze in plaats van een concept. Dan het belangrijkste punt uit de kadernota, maar ook vanuit deze zienswijze, zijn de kwaliteitscriteria. Het IBVTH, ook wel bekend als de commissie Van Aartsen, waarbij kwaliteitscriteria zijn geformuleerd om te zorgen dat de omgevingsdiensten robuuster worden. We hebben natuurlijk allemaal de afgelopen tijd kunnen lezen over Tata, over Dupont, over Chemours. En dan komt de schijnwerper wel steeds meer op de omgevingsdiensten te staan dat die het been moeten bijtrekken. Wij doen dat in het Utrechtse door te gaan fuseren met de andere dienst. Dan zijn nog niet alle gemeenten onderdeel uit van de omgevingsdienst. Dus dan heeft Woerden nog een eigen milieuafdeling bijvoorbeeld.
Dus we zijn er nog niet. Maar het zou wel goed zijn dat als je dat kader nu eenmaal hebt, dat je probeert als stip op de horizon te zeggen: wat betekent dat nou eigenlijk als wij inderdaad aan die kwaliteitscriteria willen voldoen met aantal controles en ook de deskundigheid in huis halen? Dat blijft een beetje mistig. Naar aanleiding van onze zienswijze in het algemeen bestuur is er ook waardering uitgesproken voor de zienswijze van Eemnes en zeiden ook verschillende wethouders: eigenlijk is de benadering van Eemnes wel een principieel goede. Dus wat dat betreft kunnen wij als Klein Duimpje misschien soms ook de goede vraag stellen. Maar een fusie alleen maar vanwege een fusie zou je niet moeten willen, je zou een fusie moeten willen om op termijn aan die kwaliteitscriteria te voldoen. Want je wilt gewoon dat de omgevingsdienst voldoende robuust is en aan die toetsing kan voldoen. Ik hoop dat het zaadje wat wij geplant hebben bij de kadernota ook gaat leiden tot wat andere zienswijzen vanuit andere gemeenten. Dus ik zou hem vooral zo laten staan en dan hopen dat anderen niet alleen het met de mond belijden, maar het ook in hun eigen raad durven te pleiten.
De Omgevingswet is gewoon laat, dus daar vragen we nogmaals aandacht voor, want ik snap dat het samen met kwaliteitscriteria, Omgevingswet en een fusie lastig is, maar ze zouden nu toch langzamerhand wel wat indicatie moeten hebben. Dan de financiën van de fusie. Men heeft een claim ingediend bij het ministerie en de staatssecretaris moet daarover besluiten. De provincie Utrecht heeft ook een potje toegezegd, alleen de vraag is als nou het ministerie wat zuiniger is of niet de portemonnee wil trekken, dan zullen de gemeenten het moeten doen en zo'n fusietraject kost wel een paar miljoen. Nou zijn wij maar een procentje van dat geheel, dus dat valt allemaal best wel weer mee, maar het gaat best wel om wat geld. Dus ik denk dat het gewoon handig is om een best case en een worst case. De best case is dan provincie Utrecht en het ministerie betalen alles en de worst case is alleen de provincie Utrecht geeft een bruidsschat mee voor de fusie en de gemeente moet het zelf opdokken. En die fusie vragen wij aandacht voor de verschillende groottes. Want we zitten natuurlijk met drie hele grote jongens. Dat is de provincie Utrecht, dat is de stad Utrecht en dat is de stad Amersfoort. Wij hebben nu ongeveer een procentje.
Dat zal na die fusie misschien een half procent worden, dus we zijn echt ieniemienie, maar dan is het wel belangrijk dat je in je accounthouderschap ook rekening houdt met: waar loopt nou een kleine gemeente tegenaan? En een kleine gemeente met niet een hele batterij aan ambtenaren die dat ook allemaal kunnen aansturen en behappen . Dat minder geld en dat lucht staat met name onder het kopje robuustheid. We kunnen natuurlijk zeggen: fantastisch, ten opzichte van de kadernota hoeven we maar 2000 euro minder te betalen. Tegelijkertijd, als je zegt: we moeten nog investeren om het been bij te trekken om robuuster te worden, is het wel gek dat je de kleine postjes gaat zitten schrappen. Ik heb liever dat je dat geld dan investeert in het robuuster maken van de dienst dan dat je zegt: voor de vorm doen we 2000 euro minder. Dat is een dusdanig marginaal bedragje dat ik denk: had dat dan geïnvesteerd. Maar als het woordje lucht misschien wat te veel negatieve associaties, hou ik
me aanbevolen voor een ander woordje voor lucht. Maar de boodschap is: ga niet overal dingetjes nu al schrappen terwijl je nog eigenlijk best wel een hele uitdaging hebt als het gaat om die kwaliteitscriteria te halen. Efficiency. Dat geldt een beetje... Ik snap dat u normaal gesproken denkt: bij een fusie levert het, gaan er banen geschrapt worden en wordt het efficiënter. Er zijn weinig fusies volgens mij die uiteindelijk hebben opgeleverd dat het echt efficiënter wordt, althans in overheidsland. Ik denk dat een fusie minder meerkosten op gaat leveren uiteindelijk. En ik sluit aan bij de heer Defferding: er is op dit moment een moordende concurrentie als het gaat om deskundigheid in de hoeken waar de omgevingsdiensten op dit moment actief in zijn. Dus ik heb niet zozeer angst voor het niet inhalen van efficiency voordelen als er bijvoorbeeld een hoofd Personeelszaken verdwijnt of een van de twee directeuren verdwijnt, dat geloof ik wel, maar ik ben veel banger dat bij onzekerheid over: wat wordt mijn nieuwe baan, wat wordt mijn nieuwe functie, wat worden de voorwaarden, dat er mensen om zich heen gaan kijken en dan zijn er helaas bij de Omgevingsdiensten heel veel vacatures elders. Mensen worden ineens, als ze geconfronteerd worden met fusies, dan gaan ze ook over hun eigen toekomst nadenken.
En als je daar niet echt aandacht voor hebt en investeert, met het pamperen van de medewerkers die je vooral wil behouden, dan zijn ze regisseur van hun eigen carrière en dan zijn ze voor je het weet weg. En dan wordt het per saldo nog duurder, want dan moeten we gaan inhuren. En inhuurjongens zijn helemaal duur. Dan de vraag van het CDA. Wij zijn bezig als Utrechtse gemeenten, omdat bijna iedere Utrechtse gemeente met ingang van 2026 een tekort heeft, behalve de gemeente Renswoude want die heeft nog een eigen woningbedrijf, om een gezamenlijke lijn af te spreken. De gezamenlijke insteek is: we gaan niet een gezamenlijke korting opleggen, dus zeggen u moet 3 procent inleveren, maar alle gemeenschappelijke regelingen krijgen het verzoek om met ingang van 2026 inzichtelijk te maken welke taken en daarbij welke kosten geschrapt zouden kunnen worden. Dus het wordt ingevlogen via een takendiscussie in plaats van een generieke korting van doe overal maar 4 procent minder, maar dat de gemeenten ook echt keuzes kunnen maken. Dan moeten we proberen als 26 gemeenten op enigerlei wijze op één lijn te komen. Dat wordt best een uitdaging. Dus er waren er ook die voorstander waren van doe maar gewoon 4 procent korting. En anderen zeggen: laten we nou gewoon dit aangrijpen, waar kun je echt taken weghalen? Dat zal naar alle gemeenschappelijke regelingen gaan.
Waarbij ik wel moet aangeven dat ik het idee hebt dat er niet heel veel gemeenschappelijke regelingen in het Utrechtse zijn die heel veel vet op de bot te hebben als het gaat om overtolligheid. Dus we moeten dan echt zeggen: dit gaan we niet meer doen en dit gaan we niet meer doen. Dus dat betekent echt keuzes. Als het goed is, krijgt u daar dan nog voorstel voor, maar ik weet niet of dat voor de zomer nog gaat. Dan: behoud het goede. Ja. Ik denk dat dat heel belangrijk is, want beide Omgevingsdiensten hebben natuurlijk een bepaalde werkwijze waar we best tevreden over zijn. Tegelijkertijd: wil je een fusie realiseren en wil je ook snelheid realiseren, dan is het heel verleidelijk om met een blanco vel te beginnen. Dat kan ik mij nog van een fusie van drie kleine BEL-organisaties herinneren, dat we ook dachten: we beginnen in blanco en droom, om Mao te citeren, 1000 dromen of zoiets, wat was het, of laat 1000 boeren… Dat is ons ook niet zo goed bevallen toen vervolgens het eerste halfjaar, dus ik zou zeggen: kijk nou gewoon wat het beste werkt en wat de beste methode is en doe de korte klap in plaats van dat je zegt laten we nou heel erg dromen en een leeg vel en iedereen mag het roepen want daar hebben wij leergeld voor betaald dus daar wou ik de Omgevingsdienst ook voor waarschuwen.
Dus als u het woordje lucht en bij efficiency een tekstvoorstel heeft, dan hou ik mij aanbevolen. De boodschap is wat ons betreft wel: die lucht zou je ook kunnen investeren juist in die robuustheid en als het gaat om efficiency personeel vind ik het belangrijker om te borgen dat het goede personeel behouden blijft in de uitvoering en in de overhead kan natuurlijk altijd wel een in potentie een efficiency zitten, maar dat, voorzitter. De voorzitter: Dat was hem inderdaad. U heeft alles netjes keurig beantwoord. Ik ga toch even denken voor dit onderwerp ook een korte tweede ronde. Ik was bij de eerste termijn begonnen bij Dorpsbelang. Ik weet niet of daar nog behoefte is.
De heer De Zeeuw: Dank u wel. Ik heb even nog… U refereerde net aan die taakbenadering om zichtbaar te maken waar eventueel bezuinigingen zouden kunnen liggen. Ik vraag me alleen af: we hebben bij de begroting van 2024 de discussie gehad wat de VNG onze aanraadde en die raadde aan om alles aan kosten zichtbaar te maken om het gat ook zichtbaarder te maken. En ik vraag me een beetje af of deze taakbenadering aansluit bij wat de VNG toentertijd heeft voorgesteld en wat wij ook door hebben gevoerd in onze begroting. Voor de rest moet ik zeggen u heeft alle vragen beantwoord en ik ben tevreden daarmee. Dank u wel. De voorzitter: De heer Roorda, VVD. De heer Roorda: Ik wil proberen om het dan even wat concreter te maken. De lucht, je zou kunnen zeggen dat je in het kader van de IBP VTH robuust zou willen begroten omdat het ook een robuust plan is. Dan laat je in ieder geval weg... Want lucht begroten is niet zo'n goed idee, want dan begroot je eigenlijk niks. Doe je eigenlijk alleen maar van: nou ik heb nog wel een potje. En dat wil je denk ik niet. Je doet het ergens voor en dan zou ik proberen om die link te leggen. Zeg in het kader van dat IBP, begroot dan ook dat mee. Dan wordt het vanzelf denk ik wat robuuster. Dan betalen we dat halve procent, dat is prima, maar dan heb je er ook wat voor. Met punt 4 behoud personeel zou je ook kunnen zeggen: behoud deskundigheid.
Ik denk dat je het dan gewoon gevangen hebt want dan is helemaal duidelijk waar het om gaat. Natuurlijk wil je die mensen binnen houden. Dan hoef je helemaal niks te veranderen verder, maar dan verander je alleen het kopje. De voorzitter: Duidelijk. PvdA nog. De heer Overbeeke: Als die aanpassingen op die manier gemaakt worden, is het wat ons betreft denk ik een hamerstuk. Ik heb echter toch nog wel één vraag. Als het belangrijkste punt nu is die kwaliteitscriteria, zoals u zegt, dan vraag ik me af: in hoeverre draagt een fusie daar dan aan bij? Want dat heb ik nog niet helemaal goed begrepen. Dat is het. Dank u wel. De voorzitter: D66 nog. De heer Defferding: Wij kunnen met een kleine aanpassing leven, maar zoals die nu ligt ook leven. We hebben zelfs een stukje Chinese geschiedenis gehad. Ook bedankt daarvoor dus tot zover bedankt. De voorzitter: Maar of die helemaal klopt, dat weet ik niet. Maar goed, dat zoeken we na de vergadering wel op. Het CDA dan, de heer Seldenrijk. De heer Seldenrijk: Dank u wel voorzitter. Ik was positief over de beantwoording van het college, moet ik eerlijk zeggen. Ook in ieder geval dat er binnen de gemeenschappelijke regeling wordt gekeken naar een takenbenadering zodat we daar een duidelijke keuze in kunnen maken plaats van de kaasschaafmethode, wat mij ook niet aanstaat, dat mag duidelijk zijn.
Op zich de suggestie van de heer Roorda om er robuust van te maken, dat vind ik op zich wel een hele aardige. Voor de rest denk ik dat we ook niet zo heel veel moeten doen, want het wordt toch een beetje spijkers op laag water zoeken denk ik. Dus wat dat betreft, die ene aanpassing dat zou prima zijn, maar voor de rest denk ik dat die zienswijzen goed in elkaar zitten. Dank u wel. De voorzitter: Er is opheldering over Mao. Dus laten we daar maar mee beginnen. De heer Van Benthem: Het zijn: laat 100 bloemen bloeien in plaats van 1000. Nou ja. Maar we weten ook wat er met die bloemen van Mao is geworden, hè? Dat weten we ook allemaal. Maar goed. Het VNG-advies, tekort voldoende zichtbaar, dat zal in ieder geval bij de kadernota nog in volle omvang zichtbaar blijven. Dan kiezen
we ervoor om helemaal niets te schrappen. Dus dan is het echt worst case. En vervolgens bij de begroting in augustus komen we dan met de voorstellen om hem sluitend te maken. Tegen die tijd zal er wellicht een nieuw kabinet zitten met de eerste contouren wat ze van plan zijn. Ik durf het nog niet helemaal te zeggen, maar wat er in ieder geval dan ligt, is een meicirculaire die waarschijnlijk begin juni zal verschijnen, op zijn vroegst. En die is best wel heel erg belangrijk. Ik ga nog even kijken naar het woordje lucht en de suggestie om dat te koppelen aan de robuustheid en behoud deskundigheid gaan we ook even in plaats van personeel anders verwoorden. De kwaliteitscriteria, wat helpt daarbij een fusie? Allereerst de robuustheid. Beide diensten hebben bijvoorbeeld nu op sommige specialismen maar één medewerker. Als die ziek zwak of misselijk is of een vacature is, dan is er even niemand. In die kwaliteitscriteria gaat het dus ook om: heb je voldoende achtervang, heb je voldoende specialisme in huis, kun je elkaar vervangen? Daarmee zetten we een eerste stap bij de fusie. De voorzitter: Dank u wel. Dan wil ik hem als volgt afconcluderen dat het college nog met een kleine tekstuele aanpassing komt wat betreft robuust en het behoud van deskundigheid.
Mag ik vrijblijvend dan het als hamerstuk noteren? En mocht u toch nog aanleiding zien, mag u hem in de raad altijd weer een hamerstuk eraf halen. Maar dan doen we hem voorlopig nu als hamerstuk erop zetten. Prima. Hamerstuk. De voorzitter: Dan gaan we door naar het volgende agendapunt. Dat is het raadselvoorstel van de VRU zienswijze jaarstukken 2023, ontwerpbegroting 2025 en de geactualiseerde begroting 2024. En ik was gebleven bij de VVD. Dit keer de heer Schade. De heer Schade: Mijn commissielid Roorda had zoveel vlekken na het lezen van de RUD dat ik zei van: nou dan doe ik die VRU wel even voor je. En ja dat is een duidelijk stuk. Het is eigenlijk een merkwaardig stuk in de zin dat in de begroting daar opeens ruim 4 miljoen euro overblijft en dat er dan 2 miljoen naar de reserves gaat , dat is begrijpelijk en 2 miljoen wordt teruggestort. En dat deze gelukkige gemeente dan opeens 15.000 euro mag bijschrijven. En ik zie de portefeuillehouder nog steeds grijnzend achter de microfoon zitten. Ik heb wel een vraag aan die portefeuillehouder: hoe kan het toch dat iets wat in deze begroting een majeur punt is, te weten de dekking voor Amersfoort Noord voor de brandweer, een gebied waar 50.000 mensen volgens de stukken nu wonen en die niet binnen de gestelde wettelijke termijnen kunnen worden bediend als er wat gebeurt in dat gebied. Daarvoor zijn 7 fte's nodig.
Denk niet, voorzitter, dat ik dat allemaal zelf verzin. Nee, ik citeer de stukken. Dus we hebben het over 50.000 mensen die onvoldoende bediend worden door de brandweer. De oplossing is in Amersfoort Noord een brandweerpost met 7 fte's. Er is 4 miljoen over in de begroting en nee dat geld dat stoppen we in de reserves en dat keren we uit aan de deelnemende gemeentes en we doen verder niks. Nee we gaan fase 2 en fase 3 in om te bekijken hoe wij het probleem van Amersfoort Noord kunnen oplossen. Mij ontbreken de woorden om uit te spreken wat ik denk over dit soort behandeling van een wezenlijk probleem. Ik hoor graag van de portefeuillehouder. En ik vraag niet wat hij ervan vindt, maar hoe dit kan gebeuren. Ik denk dat we hier te maken hebben met zaken die als die breed worden uitgemeten, het vertrouwen in de overheid ernstig schaden. Verder: de begroting deugt. Daar hebben wij geen opmerking over. Het is een heleboel papier en het ziet er allemaal prima uit. Er is een goede verklaring door onze gemeente door de ambtenaar opgesteld bij, dus dat maakt dat het lezen van de stukken onder begeleiding van de ambtenarij hier in het BEL-kantoor goed te doen is. Met de zienswijze kunnen we ons verenigen, maar de verbijstering blijft. Dank u wel. De voorzitter: PvdA, de heer Overbeeke. De heer Overbeeke: Dank u wel voorzitter. Wederom heel veel stukken.
Ik heb het gelezen en we kunnen daarmee instemmen. Ik heb het niet zo goed gelezen als mijn collega van de VVD, dus die vraag over
Amersfoort Noord die ontgaat mij even. Maar ik hoor zo meteen wel de toelichting. Wat ik wel erin zie, is dat de bijdrage van Eemnes 0,64 procent is, dus we zijn echt een Klein Duimpje in de hele regio. Dus in die zin moeten we ons maar een klein beetje gedragen ook als dusdanig. Wat ik me nog wel afvroeg: we hebben in een eerdere zienswijze al eens opmerking gemaakt over de uitrusting van de tweede brandweerspuit en ik ben eigenlijk wel benieuwd hoe dat afgelopen is met dat verhaal. Maar dat komt nu waarschijnlijk. De voorzitter: Ja hij komt nu… De heer Overbeeke: En verder volgen we het op. Als je even naar de cijfers kijkt, er zijn drie hoofdactiviteiten de brandweer, risicobeheersing en geneeskundige hulp, ruwweg gezegd. Dan zien we toch dat er 20 procent overhead is. Dat is eigenlijk best wel veel, vind ik, voor zo'n organisatie. Tot zover. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. D66, de heer Defferding. De heer Defferding: Dank u wel voorzitter. Het is mooi om te lezen dat er ook af en toe geld overblijft en dat dat deels wordt gestopt in de reserve en deels wordt teruggestort aan de gemeente. Dat vinden we eigenlijk wel een heel goed idee want zo kunnen de gemeenteraden weer over dat geld wat terugkomt beslissen natuurlijk. Dus op zich heb ik daar niet zo heel veel problemen mee. Het staat dan wel in de zienswijze dat dat wellicht in de reserve had gekund.
Misschien voor de oplossing van de heer Schade. Maar wij hebben er verder niet zo heel veel moeite mee hoe dat nu is georganiseerd. Dank u wel. De voorzitter: Het CDA, de heer Seldenrijk. De heer Seldenrijk: Dank u wel voorzitter. Om met hetzelfde punt maar verder te gaan. Dit jaar krijgen we dan 14k terug en in het jaar daarop gaat het 27k omhoog. Dus dat geeft ook een beetje aan: het is mooi dat er nu 4,5 miljoen gevonden is. Uiteindelijk is daar natuurlijk incidenteel wat geld tevoorschijn gekomen. Maar inderdaad ik ben het wel met het college eens: had het nou gewoon laten staan, want het is een beetje lood om oud ijzer. Volgend jaar mag je het dubbel en dwars weer overmaken en dan had je het gewoon mooi gelijk gehouden in je eigen begroting. Dus wat dat betreft, ik zie hem inderdaad ook niet zo. Ik had inderdaad ook liever dat aangehouden, dus wat dat betreft ben ik het wel met het college eens op dat punt. In de vorige zienswijze hebben wij natuurlijk ook gesproken over die tweede tankspuit. Daar is natuurlijk ook nu een mening over gegeven vanuit de VRU. Ik zat eigenlijk wel jammer dat er niks over gezegd in deze zienswijze. Nu lijkt het er een beetje op dat we ons neerleggen bij de mening van de VRU en that’s it. En ik zou er eigenlijk toch wel voor willen pleiten om daar toch nog even een opmerking over te maken.
Dat je het in ieder geval niet eens bent met de VRU en dan ook met name omdat wij natuurlijk aan de rand van de VRU zitten. We hebben genoeg voorbeelden gezien in het verleden van dat als er hier een brand is, dan mogen ze niet uit Laren vandaan komen, wel ergens aan de andere kant van Utrecht vandaan. Dus het is prima als ze daar geld in willen steken, de tweede brandspuit, maar zorg dan ook dat dat eerst eens voor elkaar komt, want uiteindelijk is dat de bottleneck die al heel wat jaren speelt. Op het moment dat er hier een brand is of in Laren brand is, mogen we elkaar niet helpen, want dat kan zogenaamd niet. Op het moment als we dat probleem getackeld hebben, dan wil ik best eens gaan praten over die tweede wagen. Maar ik denk wel dat het met name het dilemma is en ook waarom wij die tweede tankwagen hebben lopen, omdat wij aan de rand van het VRU zitten en gewoon ervaring is gewoon gebleken dat het meerdere malen toch niet helemaal lekker loopt met die samenwerking met de buurgemeentes. Dus ik zou er toch voor willen pleiten daar toch een opmerking over te willen maken in de zienswijze. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Helder. Dan Dorpsbelang, de heer De Zeeuw.
De heer De Zeeuw: Dank u wel voorzitter. Ik moet zeggen, over het algemeen ben ik dol op cijfertjes, maar deze nota van zes pagina's kwam ik niet doorheen. Ik vond het allemaal tegenstrijdige informatie en uiteindelijk kwam ik tot de conclusie dat dat korte paragraafje wat op pagina 1 staat, voor vijf zes regels, daar staat alles in. Dat is één. Dus ik heb al die andere bladzijden maar weggeschoven. Het tweede punt is dat, uiteindelijk wat mij het meeste geholpen heeft, is terug te gaan naar de zienswijze van de kadernota. Daar staan in feite de belangrijkste issues in en er staan ook af en toe al antwoorden op waar hier net vragen over gesteld zijn. Dus op die manier hebben we toch nog redelijk door deze brij van cijfers en meningen heen kunnen werken. Dus dan om even terug te gaan naar de zienswijze op de kadernota. Daar is in ieder geval één ding duidelijk geworden. Wacht even, ik zit even op de verkeerde pagina te kijken. Ja daar zijn een aantal dingen, er zijn eigenlijk vier dingen die in die zienswijze naar voren zijn gebracht. Eén is dat we akkoord zijn met de verhoging die te maken heeft met cao en inflatie. Nou dat is helder.
De dekkingsproblematiek van Amersfoort die hier aan de orde wordt gesteld die was in die zienswijze ook al aan de orde gesteld en het verzoek was eigenlijk van Eemnes om fase 2 en 3 mee te nemen en deze op te nemen in de meerjarenplanning, omdat deze onvermijdelijk is. Ik heb begrepen dat het bestuur inmiddels heeft toegezegd om die benadering te kiezen. Als ik dat verkeerd heb, dan weet ik het niet. Maar goed. Dat probleem zou dus opgelost moeten zijn. De gemeente vindt het op zich goed dat er oog is voor onze financiële problemen. Maar vraagt zichzelf ook tegelijkertijd af dat als dingen tegenzitten, hoe gaan we daar dan mee om? Dat noemen ze dan de trap af, als je de trap... Dat er een situatie komt dat de centen minder zijn vanuit gemeenschappelijke regelingen en al dat soort zaken, dan moet je daar ook op vooruitkijken. Dus dat is tot nu toe niet gebeurd. En dan het derde punt in die dingen was die tankautospuit. Ik moet eigenlijk zeggen dat ik het wel een beetje schandalig vind dat die regio nu aan het donderjagen is dat ze de bepakking van onze tankautospuit niet volgens de regels wil doen. Dat is één. En twee, worden we geschrapt uit de lijst van inzet van buurgemeentes. Dus waar zijn we nou in godsnaam mee bezig? En schijnbaar is men jaloers op die tweede spuitwagen die we hebben maar om op deze manier ermee om te gaan is dat.
Maar goed, dat is al in de zienswijze van de kadernota aan de orde gesteld. U komt er echter niet op terug. Mijnheer heeft er ook al aan gerefereerd. Hoe is nu de situatie? Heeft men die twee punten nu opgelost, geaccepteerd of moeten we ze weer opnieuw in deze zienswijze gaan opnemen, zoals de heer Seldenrijk voorstelt in principe? Dan over die zienswijze die dan nu voorligt. Wij wijzen er opnieuw op dat we het fijn vinden dat ze die financiële knelpunten hebben opgelost, maar we benadrukken nogmaals dat we toch wel heel prettig hadden gevonden als die reserve die van 4,5 miljoen in de reserve was gestopt in plaats van het geld die 2 miljoen weer terug te geven aan de gemeentes. Dus dat punt wordt nogmaals gemaakt, of in ieder geval heel duidelijk gemaakt hier en daar staan we ook achter, moet ik zeggen. Die 14.000 terugstorting zien we het nut niet zo erg van in. Dat was het. Dank u wel. De voorzitter: Portefeuillehouder Van Benthem voor de beantwoording. De heer Van Benthem: Dank u wel voorzitter. Het belangrijkste is denk ik die 4 miljoen over is voor een grootste gedeelte te wijten aan een nabetaling van het ministerie. Namelijk er kwam vanuit het algemeen bestuur een suggestie. We zullen geen namen noemen maar om ook de overheid van de VRU in rekening te brengen bij het ministerie voor de opvang Oekraïne. Want ze maken natuurlijk ook gebruik van de staande organisatie.
Ik zeg verder niks. En dat levert 4 miljoen op. Dus dat is mooi en ook terecht natuurlijk, want de organisatie werkt natuurlijk ook gewoon personeelszaken, ICT en dat soort dingen, die werken allemaal daarvoor. Bij de kadernota heeft u ook een hele inventarisatie gekregen van allemaal risico's. Ik geloof dat het een pagina of 10, 12 was met allemaal risico's die nog niet gedekt zijn en die eraan zitten te komen. En dan vind ik het heel raar dat je dan: de helft geven we terug en de helft reserveren we voor een deel van de risico's. Dan zeg ik: hou dan het hele gedoe op. Zeker als je weet dat bijna al Utrechtse gemeenten met ingang
van 2026 en na de besluitvorming van het kabinet waarschijnlijk met ingang van 2025 de broekriem moeten aanhalen. Dus ik snap dat ze aan de ene kant een wit voetje willen halen door wat geld terug te storten. Tegelijkertijd zeg ik, als je kijkt naar de risico's die je niet gedekt hebt: had het geld gehouden. We kunnen het keurig, we zullen het ook onder de aandacht brengen. Het zal in schoonheid sterven schat ik in, dat iedere gemeente denkt nou we boeken het lekker in. Dat heeft er natuurlijk ook mee te maken... Kijk ons 0,65 procent is maar 14.000 euro, dus voor ons is niet zo heel veel geld. Maar voor een grote gemeente dan gaat het ineens in de tienduizenden euro's en ik denk dat de stad Utrecht misschien wel 1 miljoen krijgt . Dus dan is het ineens, dan heb je het ook ergens over. Ik weet niet of het 1 miljoen is maar vele tonnen. En mijn grootste ergernis is inderdaad Amersfoort Noord. Want daar hebben ze wel op gezegd van neem het mee, maar financieel is het niet gedekt. Wat is daar de problematiek? Heel simpel. Vathorst, dat zijn allemaal tweeverdieners die 's morgens in de auto stappen, naar hun werk rijden en 's avonds terugkeren. En dat betekent dat je dus overdag geen vrijwilligers hebt. En dat is de dekkingsproblematiek die heel navenant speelt in Amersfoort Noord.
Die ook langzamerhand in andere gemeenten aan het spelen is, waarbij de overdagbezetting heel dun aan het worden is, omdat mensen elders werken. Daar zijn T4 en T2, we hebben een T6, dat is een bemanning, een tankautospuit met zes personen. Er is een oplossing met T4 dat je vier mensen alvast ernaartoe stuurt en twee mensen later naar achter laat rijden of je stuurt alleen eerst de T2 om even te kijken van is het echt nodig of is het een vlam in de pan en gooi er de deksel op. Dus daar zijn allemaal dingen. Het mooie van Eemnes is, en daarom is het die tweede tas natuurlijk ook zo mooi om die overal in te zetten: wij hebben ruim dertig man vrijwilligers personeel die die ook elke keer gewoon opkomt. Dus wij hebben een heel rijk bezit op dit moment als gemeente tegen alle regionale trends in. Dus wat dat betreft doen we het eigenlijk heel erg goed. Dus die tweede fase, die fase twee en drie. Als ik heel onaardig ben, zeg ik: het is een beetje struisvogelpolitiek om het niet op te nemen. Je weet dat die kosten eraan zitten te komen. Neem dan een stelpost op. Maar goed. Salamitactiek kan soms ook werken, hè? Elke keer een stapje voort. En het zal ongetwijfeld onderdeel worden straks van het nieuwe dekkingsplan waarbij er dan heel kritisch gekeken gaat worden: waar hebben we nog voldoende personeel, waar kunnen efficiency halen en dat soort zaken.
Dat dekkingsplan komt ergens in het najaar weer op tafel met de nieuwe bestuursagenda en dan komt ook de financiële claims dan wel oplossingen naar voren. En dan ben ik heel benieuwd wat daar allemaal in settings ergens in een hotel allemaal wordt weggemasseerd. Ik ben er nooit zo van, van dat soort bestuursconferenties en zo, maar goed, we zullen er maar naartoe gaan. Die tweede tas is toegezegd, maar ik denk dat het goed is om nog een keer te bevestigen wat ze in een afzonderlijke brief hebben gestuurd van dat de volledige bepakking gewoon wordt aangebracht, want er is nog steeds geen datum en een offerte ontvangen, dus laten we dat nog maar eens een keer bevestigen. En hetzelfde geldt ook voor de inzetbaarheid buiten de gemeentegrens. Want met 30 man die gewoon volledig inzetbaar is ook overdag is dat een groot goed wat ik ook aan andere gemeenten gun. Wat dat betreft lijkt me dat goed om dat op te nemen en gewoon te bevestigen wat ze formeel hebben toegezegd, maar waar het in de praktijk misschien nog wel wat lastig is om iedereen dezelfde kant op te krijgen binnen de VRU. 20 procent overhead. Dat zou mooi zijn om daar in ieder geval, als we de trap af moeten, in te gaan snijden. Ik weet niet of we dat nu al moeten doen of dat we dat bij straks het beleidsplan naar voren moeten brengen.
Want mijn insteek zou zijn: het mag niet ten koste gaan van de reguliere inzet en de overhead daar zou je misschien hier en daar wel wat in kunnen snijden. D66. Het teruggeven is de koninklijke weg. Dat is netjes. Maar ik heb liever dat je het houdt voor al die tegenvallers die we nog niet gedekt hebben. En die trap af, die discussies, dat gaat met de nieuwe bestuursagenda wel een ding worden, want ook bij de VRU is er natuurlijk steeds de neiging om de eisen nog hoger te stellen en de paraatheid nog hoger te stellen. En het wordt allemaal niet goedkoper. Maar uiteindelijk moeten die 26 gemeenten het allemaal wel kunnen betalen. Dus daar zit nog wel een uitdaging in. Voor nu denk ik dat als je kijkt naar de jaarstukken, daar kun je weinig over opmerken, behalve dan dat het mooi is dat er 4 miljoen over is gebleven. Dat zou ik in een potje stoppen, zoals we ook in de zienswijze hebben verwoord. En voor ‘25 gaan
we iets omhoog. Dat is grotendeels cao en dat is met de huidige ontwikkelingen niet eens zo heel schrikbarend. Dus wat dat betreft denk ik dat het goed is om die tweede tas daar nog een passage aan toe te voegen. En misschien wat scherper te zeggen: gebruik die 2 miljoen die je nu terugstort voor alle risico's die u bij de kadernota nog een keer moeite. Misschien we dat nog even benoemen, want ze hebben daar zo 12 pagina's aan ongedekt risico’s benoemd. De voorzitter: Kan ik daaruit opmaken dat u dus de zienswijze nog gaat aanpassen? Ja nee maar voorstelt om de zienswijze nog aan te passen dus de risico's, die bepakking en de inzet bij de grens van ons dorp. Prima. Dan ga ik ook voor dit nog even gauw een korte tweede ronde als daar behoefte is. Niet het geval, niet het geval, niet het geval, niet het geval, niet het geval. Nou dan. Oké, de heer De Zeeuw. De heer De Zeeuw: Die verwarrende zes pagina’s. Waarom staat daar zoveel informatie in die, wat ik al zei, in één paragraafje heb je alles gezegd. Dus ik moet zeggen het was onleesbaar. Dus dat verbaast me dan. Dus ik heb uiteindelijk maar in de kamernota gekeken, dat hele pakket van alle gemeentes, ik denk: gaat het daar nou eigenlijk allemaal over.
Dus is het mogelijk misschien om af en toe wat, ik weet niet of het zakelijker is, maar in ieder geval… De heer Van Benthem: Welke bijlage vond u onduidelijk? De heer De Zeeuw: Nee, het gaat me om het voorstel zelf, zes pagina's. De voorzitter: Uw presidiumafvaardiging heeft het wel goedgekeurd. Allemaal goedgekeurd. Ik hoef het toch niet te lezen. Geintje. Goed, dan krijgen we dus een aanvulling op de zienswijze en die zien we dan wel bij de raad tegemoet. De voorzitter: Dan gaan we naar het volgende agendapunt, dat is mededeling vanuit college. Die waren er niet, dat ik begrijp. Oké. De voorzitter: Dan gaan we naar toezeggingenlijst. Er is vlak voor aanvang van de vergadering een nieuwe versie met heel veel rood, maar nul kruisjes, niks gereed. Dus wat mij betreft is die akkoord en als u de recente aanvullingen wil lezen kan dat thuis of helemaal niet, wat u zelf wil. De voorzitter: Dan kom ik bij het een na laatste agendapunt, dat is de rondvraag. Dan kijk ik naar het CDA niet, Dorpsbelang de heer De Zeeuw. De heer De Zeeuw: Ik heb net als alle andere fractievoorzitters gisteren een memo gekregen van de heer Ralf de Bakker. En dat gaat over de jeugdzorg. Waar die als ik het goed begrijp al zo’n tien jaar gebruik van maakt. Grotendeels dacht ik in Eemnes.
Maar de nota gaat kijk je normaal gesproken moet ik zeggen om er dan meteen… De voorzitter: Mijnheer De Zeeuw, ik wil u vragen het algemeen te houden en niet namen of individuele persoonlijke dingen te benoemen. De heer De Zeeuw: Er wordt in ieder geval zorgen uitgesproken over het functioneren van MetMaya. Het is schijnbaar een nieuwe organisatie die grote tekorten aan personeel heeft, nieuwe mensen huurt die nog niet precies weten wat ze aanbieden, et cetera, et cetera. Hij claimt ook dat de jeugdconsuls zelf ook niet meer weten hoe ze de problemen moeten oplossen. Dus dit verbaasde me wel een beetje, want we hebben tot nu
toe weinig problemen over MetMaya gehoord. We weten dat het een nieuwe organisatie is en dat het opgezet moet worden, maar dat er zoveel praktische problemen zouden zijn. De voorzitter: Misschien dat u naar uw rondvraag toe kan gaan. De vraag is? De heer De Zeeuw: De vraag is hoe dit kan en of de wethouder het daarmee eens is en of er gewerkt wordt aan oplossingen. De voorzitter: Meteen maar naar de wethouder toe, mevrouw Havinga. Mevrouw Havinga: Ik heb deze mail ook gekregen en volgens mij alleen de fractievoorzitters, dus er zijn nu ook mensen hier aan tafel die geen idee hebben, maar er is een inwoner uit Eemnes die alle fracties een mail heeft gestuurd met zijn zorgen. Ik heb deze mijnheer vandaag een mail teruggestuurd om hem uit te nodigen op een gesprek en ik snap dat hij zorgen heeft, want het is inderdaad een organisatie in wording. Volgens mij gaan de zorgen niet zozeer over nu, want nu gaat het best wel goed. Dat komt ook omdat we zorgcontinuïteit hebben en we hebben afgesproken dat alle lopende contracten dit jaar door kunnen gaan. De vraag is natuurlijk: lukt het ze om in 2025 alles zelf te kunnen organiseren of zullen we daar nog een maatwerkafspraak over moeten maken? Maar we zijn pas net in de vijfde maand, dus ik vind het nog iets te vroeg om daar nu al uitspraken over te doen. Maar ik snap dat deze mijnheer er zorgen over heeft en ik heb hem uitgenodigd.
De voorzitter: Goed. Voor de rondvraag verder, de VVD. De heer Schade: Dank u wel voorzitter. Een simpele vraag. Vanochtend werd er gevlagd vanaf de kerktoren. Ik kan me niet voorstellen dat het was omdat er een commissie BSM vanavond is. Dus wat was de reden daarvan? Dank u wel. De heer Van Benthem: We hebben vandaag een memorial service gehad in de Grote of Nicolaaskerk en aansluitend hebben we bij de Wolfstedelaan, verbinding met de Streefoordlaan een herinneringsbord onthuld voor de Lancaster die neergestort is op het Vierkante Bosje. En daar hebben de Mariaschool en de Zuidwend die site geadopteerd. Er was een nabestaande uit Australië en een vertegenwoordiger vanuit Engeland aanwezig plus nog wat militairen en dat was de reden dat er vandaag gevlagd is. Het stond in de Rotonde, maar we hadden nog even misschien een verduidelijkende oproep misschien via, ik weet niet. Is hij niet in onze weekmail verschenen? Nee. De nieuwsbrief van de gemeente. Ik denk het niet hè? De voorzitter: Ik heb niks gezien. Ik weet dat het er wel was, omdat ik mensen dichtbij de Wolfstedelaan heb wonen, dus vandaar. Aanvullend nog hierop? De heer Schade: Dank u wel voor het antwoord. Een waardige reden om de vlag uit te steken. Ik heb wel het landje gezien met alle hekken eromheen zodat er geen hondenpoep zou liggen, zodat uw edelachtbare schoenen niet besmeurd zouden worden.