CConstaterende dateemnes
Koppel je AI →
Document · PDF

20201216 ministeriele-regeling-coronabanen

Gemeenteraad 28 juni 2021, gemeente eemnesBij agendapunt: raadsvoorstel Eemnes specifieke uitkering4.721 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Regeling van de Minister van Justitie en Veiligheid van 17 december 2020, nr 3146111, houdende een eenmalige specifieke uitkering voor gemeenten in verband met de ondersteuning van de toezichts- en handhavingstaak door tijdelijke arbeidskrachten (Regeling specifieke uitkering tijdelijke ondersteuning toezicht en handhaving) De Minister van Justitie en Veiligheid Gelet op artikel 17, vijfde lid, van de Financiële Verhoudingswet; Besluit: Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: minister: Minister van Justitie en Veiligheid. Artikel 2 Specifieke uitkering De minister kan op aanvraag aan een gemeente eenmalig een specifieke uitkering verstrekken ter bestrijding van de kosten die gemaakt worden voor het in dienst nemen van werknemers en voor de inhuur van ter beschikking gestelde arbeidskrachten om tijdelijk een deel van de toezicht- en handhavingstaken uit te voeren en daaraan rechtstreeks ondersteuning te bieden. Artikel 3 Hoogte specifieke uitkering De specifieke uitkering bedraagt ten hoogste het bedrag inclusief BTW, bij die gemeente opgenomen in de bijlage. Artikel 4:25, tweede en derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing. Artikel 4 Aanvraag 1. Een aanvraag bevat in ieder geval: a. de naam van de gemeente; b. de hoogte van de aangevraagde specifieke uitkering; c.

het IBAN-nummer waarop het bedrag kan worden overgemaakt.

2. De aanvraag ziet op de kosten die gemaakt zijn of gemaakt worden in de periode van 15 december 2020 tot en met 30 juni 2021. 3. De aanvraag wordt uiterlijk op 30 juni 2021 ingediend, met gebruikmaking van door de minister ter beschikking gesteld digitaal aanvraagformulier. Artikel 5 Verlening en bevoorschotting 1. De minister besluit over de aanvraag binnen dertien weken na ontvangst ervan. 2. De minister verstrekt een voorschot van 100% van de specifieke uitkering. Artikel 6 Voor vergoeding in aanmerking komende kosten 1. De uitkering wordt alleen verstrekt ter bekostiging van de over de periode van 15 december 2020 tot en met 30 juni 2021: a. verschuldigde loonkosten van werknemers en arbeidskrachten als bedoeld in artikel 2, tot een maximum van 120% van het wettelijk minimumloon per arbeidskracht; b. verschuldigd vakantiegeld, verschuldigde pensioenafdrachten en sociale zekerheidslasten, in verband met de loonkosten, bedoeld onder a; en c. verschuldigde BTW, voor zover deze verschuldigd is over de kosten bedoeld onder a en b; 2. Op grond van deze regeling wordt geen uitkering verstrekt voor: a. kosten voor activiteiten waarvan redelijkerwijs aangenomen moet worden dat deze geen bijdrage leveren aan het doel, bedoeld in artikel 2; b. kosten voor activiteiten waarvoor reeds een specifieke uitkering of een andere financiële bijdrage door het Rijk is verstrekt; c.

voor de kosten van activiteiten waarvoor op grond van de Wet op de omzetbelasting 1968 recht op aftrek van omzetbelasting bestaat, dan wel recht bestaat op compensatie op grond van de Wet op het btw-compensatiefonds; d. kosten voor verplichtingen die zijn aangegaan voor 15 december 2020. Artikel 7 Verantwoording 1. De gemeente legt aan de minister verantwoording af over de besteding van de specifieke uitkering op de wijze, bedoeld in artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet. 2. De gemeente voert alleen daadwerkelijk gemaakte kosten op voor de financiële verantwoording. 3. Indien de verantwoording, bedoeld in het eerste lid, naar het oordeel van de minister onvoldoende informatie bevat over de gedane uitgaven, stelt de minister binnen acht weken na de ontvangst van die verantwoording de gemeente binnen een door hem gestelde termijn in de gelegenheid die verantwoording aan te vullen.

4. De gemeenten nemen de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie in acht bij de besteding van de specifieke uitkering. Artikel 8 Vaststelling en terugvordering 1.De minister stelt de uitkering vast binnen zesentwintig weken na de ontvangst van de in artikel 7, eerste lid, genoemde verantwoording, respectievelijk van de in het derde lid van dat artikel genoemde aanvulling. 2. De minister stelt de uitkering overeenkomstig de verstrekking vast, tenzij: a. de uitkering niet of niet volledig is besteed aan de kosten, bedoeld in artikel 6, eerste lid; b. de gemeente waaraan de uitkering is verleend niet heeft voldaan aan de aan de uitkering verbonden verplichtingen; c. de gemeente onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag tot een specifieke uitkering zou hebben geleid, of d. de verlening van de uitkering onjuist was en de gemeente waaraan de uitkering is verleend dit wist of behoorde te weten. 3. De minister kan onverschuldigd betaalde bedragen terugvorderen. Artikel 9 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. Artikel 10 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling specifieke uitkering tijdelijke ondersteuning toezicht en handhaving.

De regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst. ’s-Gravenhage, 17 december 2020 De Minister van Justitie en Veiligheid,

Ferd Grapperhaus

BIJLAGE behorend bij artikel 3 Gemeente Schiermonnikoog Vlieland Rozendaal Ameland Terschelling Renswoude Baarle-Nassau Noord-Beveland Mook en Middelaar Zoeterwoude Eemnes Loppersum Oostzaan Scherpenzeel Beemster Vaals Alphen-Chaam Oudewater Simpelveld Boekel Mill en Sint Hubert Doesburg Laren (NH.) Landsmeer Blaricum Appingedam Sint Anthonis Opmeer Pekela Hattem Grave Voerendaal Kapelle Bergen (L.) Reusel-De Mierden Woudenberg Beesel Texel Uitgeest Montfoort Ouder-Amstel Gulpen-Wittem Haaren Lopik Westvoorne Westervoort Bunnik Hilvarenbeek Harlingen Landerd Beek (L.) Heeze-Leende Wormerland Valkenburg aan de Geul

Aantal inwoners 947 1155 1704 3716 4888 5444 6859 7392 7847 8605 9247 9537 9735 9880 10022 10105 10203 10230 10555 10785 10939 11077 11280 11491 11540 11642 11664 11836 12196 12209 12436 12475 12695 13085 13112 13362 13482 13575 13666 13917 14026 14171 14370 14467 14731 14971 15191 15518 15722 15730 15865 16152 16270 16367

Beschikkingsbedrag € 31.136,26 € 31.732,64 € 33.306,71 € 39.075,46 € 42.435,79 € 44.029,93 € 48.086,98 € 49.615,18 € 50.919,75 € 53.093,06 € 54.933,78 € 55.765,26 € 56.332,96 € 56.748,70 € 57.155,84 € 57.393,82 € 57.674,80 € 57.752,21 € 58.684,04 € 59.343,49 € 59.785,04 € 60.180,71 € 60.762,74 € 61.367,72 € 61.508,21 € 61.800,66 € 61.863,74 € 62.356,89 € 63.389,07 € 63.426,35 € 64.077,19 € 64.189,01 € 64.819,79 € 65.937,99 € 66.015,40 € 66.732,19 € 67.076,25 € 67.342,90 € 67.603,81 € 68.323,47 € 68.636,00 € 69.051,74 € 69.622,30 € 69.900,42 € 70.657,35 € 71.345,47 € 71.976,25 € 72.913,82 € 73.498,72 € 73.521,66 € 73.908,72 € 74.731,60 € 75.069,93 € 75.348,04

Heumen Asten Gennep Nederweert Zandvoort Staphorst Brielle Son en Breugel Waterland Waalre Ommen Olst-Wijhe Hardinxveld-Giessendam Heerde Enkhuizen Bergeijk Oirschot Meerssen Dantumadiel Druten Eersel West Maas en Waal Midden-Delfland Someren Westerveld Drechterland Weesp Rhenen Alblasserdam Bladel Roerdalen Brummen Urk Cranendonck Tubbergen Geertruidenberg Stede Broec Zundert Bunschoten Woensdrecht Veere Hillegom Laarbeek Zeewolde Losser Zwartewaterland Reimerswaal Borsele Koggenland Rucphen Lisse Elburg Sluis Borne Nuenen, Gerwen en Nederwetten Loon op Zand Bloemendaal Oldebroek

16454 16721 16921 17019 17116 17145 17271 17322 17424 17456 18009 18252 18295 18589 18591 18635 18714 18828 18922 18926 19313 19324 19341 19368 19460 19719 19738 20119 20165 20390 20574 20726 21031 21138 21275 21544 21726 21829 21866 21876 21880 22209 22523 22653 22683 22685 22730 22739 22749 22878 22955 23161 23210 23312 23383 23408 23571 23646

€ € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € €

75.597,49 76.363,02 76.936,46 77.217,44 77.495,55 77.578,70 77.939,97 78.086,19 78.378,64 78.470,39 80.055,94 80.752,66 80.875,95 81.718,90 81.724,63 81.850,79 82.077,29 82.404,15 82.673,67 82.685,13 83.794,73 83.826,27 83.875,01 83.952,42 84.216,20 84.958,80 85.013,28 86.105,67 86.237,56 86.882,67 87.410,23 87.846,04 88.720,53 89.027,32 89.420,12 90.191,39 90.713,21 91.008,53 91.114,62 91.143,29 91.154,76 92.098,06 92.998,35 93.371,08 93.457,10 93.462,83 93.591,85 93.617,66 93.646,33 94.016,20 94.236,97 94.827,60 94.968,10 95.260,55 95.464,12 95.535,80 96.003,14 96.218,18

Goirle Wijk bij Duurstede Maasgouw Heiloo Putten Haaksbergen De Wolden Neder-Betuwe Wijdemeren Steenbergen Wierden Voorst Delfzijl Oegstgeest Baarn Stein (L.) Maasdriel Duiven Cuijk Sliedrecht Aa en Hunze Ooststellingwerf Borger-Odoorn Albrandswaard Voorschoten Westerwolde Tholen Eijsden-Margraten Beuningen Weststellingwerf Dongen Oisterwijk Wassenaar Gilze en Rijen Dinkelland Vught Buren Ermelo Leiderdorp Aalten Heemstede Drimmelen Kaag en Braassem Veendam Hulst Brunssum Achtkarspelen Nunspeet Langedijk Dalfsen Nieuwkoop Winterswijk Zaltbommel Culemborg Sint-Michielsgestel Waddinxveen Boxmeer Uithoorn

23904 23914 23965 23968 24112 24311 24330 24339 24358 24416 24446 24552 24678 24840 24868 25007 25030 25126 25130 25220 25445 25469 25559 25590 25596 25733 25757 25768 25890 25914 26222 26245 26305 26431 26461 26558 26749 27008 27056 27121 27234 27272 27297 27384 27556 27821 27843 27851 28163 28587 28811 28854 28881 28955 29208 29291 29365 29478

€ € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € €

96.957,91 96.986,58 97.132,81 97.141,41 97.554,28 98.124,85 98.179,33 98.205,13 98.259,61 98.425,90 98.511,92 98.815,84 99.177,10 99.641,59 99.721,87 100.120,40 100.186,35 100.461,60 100.473,06 100.731,11 101.376,22 101.445,04 101.703,08 101.791,96 101.809,17 102.201,97 102.270,78 102.302,32 102.652,11 102.720,93 103.604,02 103.669,96 103.841,99 104.203,25 104.289,27 104.567,39 105.115,01 105.857,61 105.995,24 106.181,60 106.505,59 106.614,55 106.686,22 106.935,67 107.428,82 108.188,62 108.251,70 108.274,64 109.169,20 110.384,88 111.027,12 111.150,41 111.227,82 111.439,99 112.165,39 112.403,36 112.615,53 112.939,53

Krimpen aan den IJssel Oost Gelre Opsterland Bergen (NH.) Best Halderberge Leusden Gemert-Bakel Diemen Boxtel Valkenswaard Hendrik-Ido-Ambacht Bernheze Noordenveld Renkum Echt-Susteren Stadskanaal Oldenzaal Aalsmeer Tytsjerksteradiel Papendrecht Deurne Epe Midden-Drenthe Maassluis Lochem Twenterand Schouwen-Duiveland Tynaarlo Meppel IJsselstein Bodegraven-Reeuwijk Berg en Dal Hof van Twente Coevorden Leudal Hellendoorn Beekdaelen Castricum Montferland Bronckhorst Edam-Volendam Gorinchem Moerdijk Teylingen Landgraaf Raalte Goes Rijssen-Holten Oldambt Heemskerk Oude IJsselstreek Wageningen Geldrop-Mierlo Hellevoetsluis Wijchen Huizen Dronten

29526 29627 29733 29839 29988 30284 30401 30723 30780 30801 31193 31202 31240 31253 31419 31610 31686 31836 31859 32052 32136 32471 33178 33185 33213 33729 33743 33839 33887 33920 34109 34872 34992 35017 35297 35879 35916 35938 35986 36011 36055 36197 37022 37129 37440 37445 37712 38082 38177 38209 39182 39388 39664 39726 40142 41110 41273 41555

€ € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € €

113.077,15 113.366,73 113.670,65 113.974,57 114.401,78 115.250,47 115.585,92 116.509,15 116.672,58 116.732,79 117.856,72 117.882,53 117.991,48 118.028,75 118.504,70 119.052,33 119.270,24 119.700,31 119.766,26 120.319,62 120.560,47 121.520,97 123.548,06 123.568,13 123.648,41 125.127,87 125.168,01 125.443,26 125.580,88 125.675,50 126.217,39 128.405,05 128.749,11 128.820,79 129.623,59 131.292,29 131.398,37 131.461,45 131.599,08 131.670,75 131.796,91 132.204,05 134.569,46 134.876,25 135.767,94 135.782,28 136.547,81 137.608,67 137.881,05 137.972,80 140.762,55 141.353,19 142.144,53 142.322,30 143.515,04 146.290,46 146.757,81 147.566,35

Beverwijk Uden Tiel Horst aan de Maas De Bilt Nijkerk Peel en Maas Noordwijk Venray Berkelland Zevenaar Rheden Etten-Leur Zuidplas Molenlanden Steenwijkerland Vlissingen De Ronde Venen Heusden Zwijndrecht Medemblik Noardeast-Fryslân Veldhoven Kerkrade Waadhoeke Ridderkerk Schagen Lingewaard Soest Noordoostpolder Het Hogeland Overbetuwe Zutphen Harderwijk Hollands Kroon Waalwijk Barendrecht Middelburg (Z.) Utrechtse Heuvelrug Goeree-Overflakkee Weert Houten Heerenveen West Betuwe De Fryske Marren Woerden Kampen Terneuzen Rijswijk (ZH.) Pijnacker-Nootdorp Hoogeveen Altena Oosterhout Smallingerland Den Helder Krimpenerwaard Vijfheerenlanden Heerhugowaard

41626 42119 42159 42429 43137 43171 43425 43508 43614 43747 43750 43761 43878 43885 43909 44126 44360 44456 44692 44737 45101 45228 45466 45749 46090 46189 46483 46601 46606 47291 47801 47906 47934 48414 48432 48637 48714 48822 49580 50049 50105 50146 50493 51128 51564 52299 54319 54426 54450 55308 55699 55967 55982 56150 56296 56319 56811 57587

€ € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € €

147.769,92 149.183,44 149.298,12 150.072,26 152.102,22 152.199,70 152.927,96 153.165,94 153.469,86 153.851,19 153.859,79 153.891,33 154.226,79 154.246,86 154.315,67 154.937,85 155.608,77 155.884,02 156.560,67 156.689,69 157.733,34 158.097,47 158.779,86 159.591,27 160.568,97 160.852,82 161.695,77 162.034,10 162.048,43 164.012,45 165.474,70 165.775,76 165.856,04 167.232,28 167.283,89 167.871,66 168.092,43 168.402,08 170.575,40 171.920,10 172.080,67 172.198,22 173.193,13 175.013,78 176.263,87 178.371,24 184.162,92 184.469,71 184.538,52 186.998,56 188.119,62 188.888,02 188.931,03 189.412,72 189.831,32 189.897,27 191.307,92 193.532,84

Doetinchem Gooise Meren Roermond Barneveld Midden-Groningen Hardenberg Lansingerland Westerkwartier Nieuwegein Zeist Stichtse Vecht Katwijk Veenendaal Capelle aan den IJssel Bergen op Zoom Assen Velsen Almelo Hoorn Vlaardingen Gouda Leidschendam-Voorburg Roosendaal Lelystad Schiedam Hengelo (O.) Meierijstad Purmerend Nissewaard Heerlen Hoeksche Waard Súdwest-Fryslân Hilversum Amstelveen Oss Helmond Sittard-Geleen Deventer Venlo Delft Emmen Alkmaar Westland Alphen aan den Rijn Ede Dordrecht Maastricht Leeuwarden Leiden Zoetermeer Zwolle 's-Hertogenbosch Haarlemmermeer Zaanstad Amersfoort Enschede Arnhem Haarlem

58001 58055 58260 59082 60797 60948 62384 63329 63462 64905 64931 65753 66493 67122 67496 68599 68648 73107 73261 73397 73427 76534 77251 78598 78730 81140 81194 81249 85219 87086 87401 89987 90831 91675 91915 92423 92429 100719 101802 103595 107048 109436 110375 111897 117165 119284 121575 124084 125099 125285 128840 155111 156002 156794 157276 159640 161348 162902

€ € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € €

194.719,85 194.874,68 195.462,45 197.819,26 202.736,46 203.169,40 207.286,66 209.996,14 210.377,47 214.514,80 214.589,35 216.946,16 219.067,87 220.871,32 221.943,64 225.106,13 225.246,62 238.031,34 238.472,88 238.862,82 238.948,83 247.857,13 249.912,89 253.774,97 254.153,44 261.063,32 261.218,15 261.375,85 272.758,51 278.111,52 279.014,68 286.429,19 288.849,08 291.268,97 291.957,09 293.413,62 293.430,82 317.199,67 320.304,81 325.445,65 335.345,99 342.192,80 344.885,07 349.248,91 364.353,17 370.428,70 376.997,39 384.191,12 387.101,30 387.634,60 397.827,39 473.150,84 475.705,49 477.976,29 479.358,27 486.136,26 491.033,39 495.488,97

Apeldoorn Nijmegen Breda Almere Tilburg Groningen (gemeente) Eindhoven Utrecht (gemeente) 's-Gravenhage (gemeente) Rotterdam Amsterdam

163818 177659 184069 211893 219789 232874 234394 357597 545838 651157 872757

€ € € € € € € € € € €

498.115,30 537.799,82 556.178,39 635.954,56 658.593,74 696.110,68 700.468,78 1.053.712,87 1.593.432,04 1.895.399,65 2.530.764,78

TOELICHTING Algemeen deel Aanleiding en doel van de specifieke uitkering In de brief aan de Tweede Kamer van 17 december 2020 (Kamerstukken II, 2020-2021, is aangekondigd dat het Kabinet de gemeenten wil ondersteunen bij de uitvoering van toezicht en handhaving. In deze kamerbrief is gememoreerd aan de toegenomen werkdruk bij toezicht- en handhavingsorganisaties en de beperkingen die deze organisaties hebben in het licht van de benodigde kwalificaties. Deze regeling heeft het doel om de kosten te vergoeden, die gemeenten maken voor de inzet van extra arbeidskrachten. De inzet van deze arbeidskrachten zou gericht moeten zijn op het uitvoeren van een deel van de taken van handhavende functionarissen (BOA en de Politie) en toezichthouders. De inzet kan ook gericht zijn op het direct ondersteunen van de taakuitoefening door handhavers, toezichthouders en genoemde arbeidskrachten. Bij het uitoefenen van de taken van de handhavers en toezichthouders is niet beoogd dat het gaat om handhaving waarvoor een kwalificatie is vereist. In veel gevallen zullen de arbeidskrachten deze kwalificaties ontberen. Gemeentelijke toezicht- en handhavingsorganisaties zijn echter wel geholpen met toezichthouders die fungeren als gastheer/vrouw om bijvoorbeeld de weg te wijzen, aan te spreken, voorlichting te geven, of mondkapjes uit te delen.

Te denken valt bijvoorbeeld aan onder andere straatcoaches in de openbare ruimte. Daarnaast kan gedacht worden aan de inzet van tijdelijk extra mensen voor ondersteuning bij het verrichten van feitelijke werkzaamheden in het kader van bestuursrechtelijke handhaving. Bijvoorbeeld relatief eenvoudige taken zoals het verwijderen van fietsen of huisvuilzakkencontrole; taken waarbij geen contact nodig is met overtreders. De toezichthouders nemen daarmee een deel van de taken van boa’s en politiemensen uit handen, waardoor die laatsten zich kunnen richten op hun taken rondom de bestuursrechtelijke handhaving en in het bijzonder handhaving van de COVID-19 maatregelen. Een relevant nevendoel van deze regeling is het (tijdelijk) bieden van werkgelegenheid voor de genoemde taken. Gemeenten zetten zich ook al in op dit gebied en hebben functies zoals hierboven beschreven gecreëerd. Noodzaak voor specifieke uitkering De extra arbeidskrachten voor toezicht en handhaving leidt tot een toename van de lasten van de gemeenten. Ter bestrijding van die kosten worden middelen uit ’s Rijks kas ter beschikking gesteld. De terbeschikkingstelling van de middelen geschiedt middels een

specifieke uitkering (SPUK) aan gemeenten die daarvoor een aanvraag indienen. Om toezicht- en handhavingsorganisaties te ondersteunen stelt het kabinet ongeveer 60 miljoen euro beschikbaar voor deze specifieke uitkering. Verdelingsmechanisme De behoefte aan ondersteuning is, naar verwachting, in absolute zin groter naarmate de gemeente meer inwoners telt. De verwachting is ook dat de behoefte bij kleinere gemeenten, per inwoner iets groter zal zijn. Kleinere gemeenten beschikken over een minder toezichthouders en handhavers. In die gevallen kan ondersteuning bijdragen aan flexibiliteit van de inzet van deze toezichthouders en handhavers. Daarom is voorzien in een specifieke uitkering waarbij iedere gemeente, ongeacht de omvang, in aanmerking komt voor een vast bedrag van € 28.421,05. Daarbovenop komt de gemeente in aanmerking voor een bedrag dat gerelateerd is aan het aantal inwoners van de gemeente. Voor het aantal inwoners wordt uitgegaan van peildatum 1 januari 2020. Het bedrag per inwoner is € 2,86 en 70 honderdste van een cent. De bedragen per gemeente zijn opgenomen in de tabel in de bijlage. Flexibiliteit en vergoedbare kosten De behoefte aan inzet en ondersteuning kan per gemeente verschillen.

De specifieke uitkering stelt gemeenten in staat om arbeidskrachten tijdelijk in te zetten voor de toegenomen druk op toezicht en handhaving en de kosten daarvoor, binnen de kaders van deze regeling, vergoed te krijgen. De regeling schrijft niet het precieze moment of de duur van de inzet voor. Wel zijn de kosten gemaximeerd (zie artikel 3 en hierboven in de toelichting) en komen uitsluitend kosten die gemaakt zijn binnen de genoemde periode voor vergoeding in aanmerking (zie artikel 6 en de toelichting daarop). Verhouding tot bestaande regelgeving In artikel 4:21, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is bepaald dat titel 4.2 (Subsidies) van die wet niet van toepassing is op de aanspraak op financiële middelen die worden verstrekt op grond van een wettelijk voorschrift dat uitsluitend voorziet in verstrekking aan rechtspersonen die krachtens publiekrecht zijn ingesteld, zoals gemeenten. Omdat op grond van deze regeling specifieke uitkeringen worden verstrekt is de Financiëleverhoudingswet van toepassing. In artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet is de wijze van verantwoording van de specifieke uitkering geregeld.

Regeldrukgevolgen De verantwoording over de besteding van de specifieke uitkering is vormgegeven in de voor de gemeenten bekende methodiek van de SiSa-verantwoording (‘single information, single audit’) conform artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet. Adviezen en consultatie Er heeft geen internetconsultatie plaatsgevonden, omdat hier sprake is van een ministeriële regeling die geen significante veranderingen brengt in rechten en plichten van burgers, bedrijven en instellingen noch grote gevolgen heeft voor de uitvoeringspraktijk. Overeenkomstig het kabinetsstandpunt inzake internetconsultatie (Kamerstukken II 2009/10, 292749, nr. 114 en Kamerstukken II 2012/13, 29 362, nr. 224) is de internetconsultatie daarom achterwege gebleven. In de aanloop naar de totstandkoming van deze regeling is op hoofdlijnen overleg gevoerd met de VNG. De toegevoegde waarde van internetconsultatie is daarom als gering in te schatten. Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. Hiermee wordt afgeweken van het beleid inzake vaste verandermomenten, zoals opgenomen in aanwijzing 4.17 van de Aanwijzingen voor de regelgeving. Deze afwijking is gerechtvaardigd, omdat de specifieke doelgroep (gemeenten) gebaat is bij een spoedige inwerkingtreding. De regeling is eind 2023 functioneel uitgewerkt.

ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING Artikel 1 Begripsbepaling Dit artikel bevat de begripsbepalingen die van belang zijn voor deze regeling. Voor het begrip arbeidskrachten zijn er twee varianten. Het kan daarbij gaan om personen die (tijdelijk) in dienst zijn van de gemeente, maar ook om personen die ter beschikking zijn gesteld aan de gemeente, bijvoorbeeld door middel van een detacherings-of uitzendovereenkomst.

Artikel 3 Hoogte specifieke uitkering

Voor deze specifieke uitkering is ten hoogste 60 miljoen euro beschikbaar. Dat bedrag is volgens een verdeelsleutel toegerekend naar de gemeenten. De verdeelsleutel is toegelicht in het algemeen deel van de toelichting. Met ingang van 1 januari 2021 vinden er enkele gemeentelijke herindelingen plaats. Ook voor die gemeentelijke herindelingen wordt de peildatum van 1 januari 2020 aangehouden. Een enkele gemeente profiteert daarvan. Het grootste voordeel heeft de nieuwe gemeente Eemsdelta (tot 1 januari 2021 Appingedam, Delfzijl en Loppersum). Op grond van de peildatum zou deze nieuwe gemeente driemaal het vaste basisbedrag € 28421,05 kunnen ontvangen. Dit voordeel is te billijken. Op grond van artikel 3, aanhef en onder e, van de Wet van 8 juli 2020, houdende de splitsing van Haaren, komt de uitkering toe aan de Gemeente Oisterwijk. Een alternatieve peildatum (bijvoorbeeld 1 januari 2021) zou voor vroege aanvragers leiden tot onzekerheid of tot mogelijke overschrijding van het beschikbare budget. Daarom is van dit alternatief afgezien. Artikel 4 Aanvraag De aanvraag wordt gedaan bij het daarvoor bestemde loket. De aanvraag bevat ten minste de in het eerste lid genoemde gegevens. Het formulier op het portaal kan nadere gegevens verlangen.

Een aanvraag kan worden gedaan voor een bedrag dat gelijk is aan of lager dan de maximale hoogte van de specifieke uitkering, bedoeld in artikel 3. De aanvraag wordt afgewezen voor zover het bedrag dat maximum overschrijdt. De aanvraag moet uiterlijk op 30 juni 2021 zijn ingediend, maar kan worden ingediend met ingang van inwerkingtreding van deze regeling. Artikel 6 Voor vergoeding in aanmerking komende kosten De regeling maakt het mogelijk dat gemeenten de specifieke uitkering kunnen besteden aan activiteiten die voor de inwerkingtreding van deze regeling maar na 15 december 2020 zijn aangevangen, omdat in voornoemde brief aan de Tweede Kamer de onderhavige regeling is aangekondigd. Kosten voor arbeidskrachten De kosten die voor vergoeding in aanmerking komen zijn gerelateerd aan ‘personele kosten’, in verband met de tijdelijke uitoefening van toezichts- en handhavingstaken of de ondersteuning daarbij. Deze personele kosten zijn gemaximeerd, in de zin dat de loonkosten tot ten hoogste 120% van het wettelijk minimumloon, bedoeld in artikel 8 van de Wet op het minimumloon en de minimumvakantiebijslag, voor vergoeding in aanmerking komen.

Werknemers van gemeente De personele kosten kunnen betrekking hebben op personeel dat (na 15 december 2020) in dienst is getreden bij de gemeente. Deze werknemers zullen, gelet op de beperkte duur van de vergoedbare kosten, naar verwachting een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd krijgen. De kosten van het loon, en daarmee verband houdende andere kosten, komen niet voor vergoeding in aanmerking, voor zover deze verschuldigd zijn na 30 juni 2021. Als de gemeente tijdelijke medewerkers in dienst neemt, draagt de gemeente de werkgeverslasten daarvoor. In het eerste lid, onder b zijn de werkgeverslasten opgenomen die voor vergoeding in aanmerking kunnen komen. Het betreft dan het wettelijk verschuldigde vakantiegeld, de pensioenafdrachten of de sociale zekerheidslasten. Deze worden ook uitsluitend vergoed voor de loonkosten, voor zover deze vallen onder het maximum van 120% van het wettelijk minimumloon. Onder sociale zekerheidslasten wordt verstaan de premie- en eigenrisico-afdracht op grond van de Werkeloosheidswet en de kosten op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering. Terbeschikkinggestelde arbeidskrachten De gemeente kan ook door middel van detachering of uitzendovereenkomsten arbeidskrachten ter beschikking gesteld krijgen. In dat geval komen loonkosten die boven de 120% van het wettelijk minimumloon uitkomen niet voor vergoeding in aanmerking.

De kosten die overeengekomen zijn voor werving en selectie van ter beschikking gesteld personeel, en eventuele bemiddelingskosten, komen niet voor vergoeding in aanmerking. De BTW die verschuldigd is over de loonkosten komt in beginsel wel voor vergoeding in aanmerking (eerste lid, onder c). De BTW komt niet voor vergoeding in aanmerking als de gemeente daarover aanspraak kan maken op een vergoeding uit het BTW-compensatiefonds of teruggave op grond van de Wet op de Omzetbelasting (tweede lid, onder c). Tweede lid, onder a, Voor vergoeding komen niet in aanmerking de kosten voor arbeidskrachten die geen toezicht- of handhavingstaken uitoefenen of daaraan ondersteuning verlenen. Administratieve werkzaamheden kunnen ondersteunend zijn aan de toezicht- en handhavingstaken. Daarvan is sprake wanneer het betreft het inroosteren en aansturen van arbeidskrachten die tijdelijk toezicht en handhavingstaken uitoefenen. Van administratieve werkzaamheden als loonadministratie of het verwerken van boetes moet aangenomen worden dat deze geen bijdrage leveren aan de toezicht- en handhavingstaken of de ondersteuning daarvan; deze werkzaamheden komen niet voor vergoeding in aanmerking.

Verondersteld mag worden dat voor deze werkzaamheden de gemeente voorafgaand aan 15 december 2020 werknemers in dienst heeft. Op grond van artikel 6, tweede lid, onder d, komen kosten daarvoor ook niet voor vergoeding in aanmerking. Tweede lid, onder b Met deze regeling wordt geen dubbele vergoeding voor dezelfde arbeidskrachten beoogd. Voor zover een vergoeding is ontvangen op grond van andere regelingen of bijdragen, voor activiteiten die ook op grond van deze regeling vergoed zouden kunnen worden, bestaat geen grond voor vergoeding in het kader van deze regeling. Deze regeling laat onverlet de vergoeding op grond van de andere regeling of bijdrage. Verplichtingen aangegaan voor 15 december 2020 Kosten die verband houden met verplichtingen die zijn aangegaan voor 15 december 2020 komen niet voor vergoeding in aanmerking. Onder deze kosten wordt verstaan de kosten van werknemers die reeds in dienst zijn van de gemeente, voorafgaand aan 15 december 2020. Oproep- of uitzendovereenkomsten kunnen wel eerder overeengekomen zijn. Voor de inzet van deze arbeid geldt dat de laatste oproep om arbeid te komen verrichten niet eerder gedaan mag zijn dan 15 december 2020. Artikel 7 Verantwoording De verantwoording geschiedt via het systeem van single information, single audit, zoals bepaald in de ministeriële regeling informatieverstrekking SiSa.

De verantwoording kan gedeeltelijk betrekking hebben op het jaar 2020, maar wordt meegenomen bij de verantwoording over het jaar 2021. Zodoende is er niet reeds in 2021 verantwoording verschuldigd over (een deel van) deze specifieke uitkering.

Artikel 8 Vaststelling en terugvordering De vaststelling van de uitkering vindt plaats binnen 26 weken na de verantwoording. Omdat de uiterste datum van verantwoording 15 juli 2022 is, vindt de vaststelling plaats uiterlijk in 2023. Als sprake is van één of meer van de omstandigheden als omschreven in het tweede lid kan (een deel van) het bedrag dat is verstrekt worden teruggevorderd van de gemeente. ’s-Gravenhage, 17 december 2020 De Minister van Justitie en Veiligheid,

Ferd Grapperhaus

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10336881/1