20200313%20B5%20huidige%20installaties
Tekst van het document
Klimaatklachten Clusterschool Huidige installaties
BIJLAGE 5
1. Algemeen De volgende installaties zijn aanwezig t.b.v. regeling van het binnenklimaat: CV-installatie (hoofdstuk 2) Luchtbehandeling (WTW’s) (hoofdstuk 3) Regeltechniek (hoofdstuk 4)
2. CV-installatie Omschrijving installatie: De CV installatie bestaat uit 4 CV-ketels (2008). Deze leveren de warmte voor verwarming van 4, niet met elkaar verbonden, CV-leidingsystemen. De CV-systemen geven de warmte aan het gebouw af door middel van radiatoren. De CV-ketels worden aangestuurd door een centraal gebouwbeheerssysteem (zie regeltechniek). Knelpunten en bijzonderheden Het hoofdleidingsysteem is in vloeren ingestort. De leidingen zijn onvoldoende geïsoleerd, hierdoor geven de leidingen warmte af aan de vloeren. Dit leidt tot warmteklachten in meerdere ruimtes. Ieder CV-systeem verzorgt de warmte voor een deel van het gebouw. Per CV-systeem is geen verdere onderverdeling aangebracht. Hierdoor zijn verschillende delen van het CV-systeem niet apart te regelen. Een verschillende regeling kan soms wenselijk zijn in verband met verschil in warmtevraag of gebruikstijden, bijvoorbeeld: o Ruimtes begane grond t.o.v. eerste verdieping; o Ruimtes aan zon-kant t.o.v. schaduwkant; o Ruimtes met verschillende gebruikstijden, bijvoorbeeld KDV t.o.v. de scholen.
3. Luchtbehandeling (WTW’s) Omschrijving installatie: De luchtbehandeling bestaat uit 6 WarmteTerugWin units (WTW). Eén WTW is geplaatst tijdens de nieuwbouw (2007/2008), de andere 5 WTW’s zijn later geplaatst tijdens de aanpassingen aan de luchtbehandelingsinstallatie in 2010. Iedere WTW verzorgt de toevoer van verse buitenlucht naar meerdere ruimtes in het gebouw. De WTW’s zuigen verse buitenlucht aan. De buitenlucht wordt opgewarmd door een warmtewisselaar welke de warmte uit de afgezogen binnenlucht haalt (rendement ca. 90%). Een elektrische naverwarmer zorgt, indien nodig, voor verdere opwarming van de in te blazen lucht. De 5 WTW’s uit 2010 hebben een eigen regeling, deze is niet aangesloten op het centrale gebouwbeheerssysteem. Hiervoor is een centrale PC aanwezig. Op deze PC kan de regeling van ieder van de 5 WTW’s apart worden ingesteld. Met de regeling, NED AIR VMCII plus, kan het volgende worden uitgelezen/ingesteld: Kloktijden zijn instelbaar Temperaturen (inblaas/retourlucht) Regeling luchtbehandelingskast CO2-regeling De regeling kan vraag-gestuurd worden ingesteld (bijv. CO2), handmatig worden ingesteld of op basis van automatische klokschakeling. De bypass wordt automatisch geregeld op basis van temperatuur en voorziet ook in zomernachtventilatie.
1
Klimaatklachten Clusterschool Huidige installaties
BIJLAGE 5
Sinds Schreuder het onderhoud uitvoert voor de Clusterschool (2015), kon men niet inloggen op de centrale PC. Als oorzaak hiervoor werd genoemd dat de voormalige leverancier onderhoud de inlogcodes niet had afgegeven of dat de PC / applicatie niet zou werken. Op 16 december heeft overleg op locatie plaatsgevonden met NED Air, de oorspronkelijk leverancier van de WTW’s. In onderstaande het verslag van deze bijeenkomst. 1.
Inleiding a) Het is niet bekend hoe de WTW-units van de Clusterschool zijn ingesteld. b) Het is wenselijk te achterhalen of / op welke wijze verbetering van binnenklimaat mogelijk is door het optimaliseren van de regeling van de WTW’s. c) NedAir is de oorspronkelijk leverancier van de WTW’s en is gevraagd de situatie op locatie te beoordelen, in aanwezigheid van Schreuder, de partij die het onderhoud aan de installaties verzorgt.
2.
Installatie-configuratie a) De installatie bestaat uit: 1 oude WTW, deze stamt uit de tijd van de nieuwbouw van de Clusterschool (ca 2008) 5 WTW’s die aanvullend zijn geplaatst in 2010. Ieder WTW-systeem beschikt over een elektrische naverwarmer. b) 1 centrale PC met software applicatie. In de software applicatie kunnen instellingen worden ingesteld en uitgelezen. c) De centrale PC is door middel van busverbinding en omvormen aangesloten op de 5 WTW’s uit 2010. d) De oude WTW uit 2008 is niet aangesloten op de regeling. Nader uit te zoeken hoe deze wel wordt aangestuurd. Na het overleg werd bovendien duidelijk dat het onderhoud van deze oude kast geen onderdeel is van het contract van Schreuder. Aktie: Schreuder stemt af met de beheercommissie. e) De regeling van de WTW’s (print) is niet meer leverbaar. Als deze defect gaat moet de regeling, inclusief regelcomponenten, worden vervangen. f) Regelcomponenten (kleppen, temperatuuropnemers ed) zijn niet of nog zeer beperkt leverbaar. g) De WTW’s worden aangestuurd door een verouderde VMC2 regeling. Met de applicatie op de centrale PC kunnen setpoints in de regeling worden ingesteld en uitgelezen. NedAir heeft de applicatie sinds ca. 2016 niet meer voorzien van upgrades.
h) De regeling/ applicatie is verouderd, sinds 2016 worden geen upgrades meer geleverd voor de applicatie en sinds dat jaar worden de regelingen ook niet meer geleverd. i) Het wijzigen van de regeling is niet meer mogelijk (instellen setpoints nog wel). j) Storingen van de 5 WTW’s worden alleen gemeld op een kastje met 5 lampjes in de technische ruimte 2e verdieping, het extern doormelden van storingen is niet mogelijk met huidige configuratie. k) Storingen van de oude WTW worden in het geheel niet gemeld / gesignaleerd.
3.
Constateringen centrale PC en software applicatie a) De applicatie op de centrale PC is voor zover bekend al jaren niet gebruikt. Schreuder heeft de applicatie nog nooit gebruikt omdat deze niet geopend kon worden (sinds 2015). b) Op zich functioneert de applicatie, echter moet bij opstarten de systeemdatum van de PC handmatig worden verzet (2015), anders start de applicatie niet op. Dit was niet bekend bij Schreuder. Na het verzetten van de systeemdatum startte de applicatie op en kon deze gebruikt worden. c) Conclusies: de applicatie kan nog steeds gebruikt worden; wijziging van de manier van regelen is niet mogelijk; Setpoints kunnen wel worden uitgelezen en ingesteld.
4.
Constateringen t.a.v. de oude WTW (2008) a) De WTW staat al geruime tijd uit / in storing. Dit bleek al bekend bij de huismeester en bij de 2
Klimaatklachten Clusterschool Huidige installaties
BIJLAGE 5
storingsdienst van Schreuder. b) De instellingen/setpoints zijn nog onbekend omdat de WTW niet is aangesloten op de centrale PC, de instellingen moeten lokaal in de WTW worden uitgelezen. Aktie Schreuder. 5.
Constateringen t.a.v. de 5 WTW’s (2010)) Bij het beoordelen van de instellingen in de centrale applicatie is gebleken dat de instellingen op veel vlakken niet juist waren, met nadelige gevolgen voor het functioneren van de WTW’s. Gebleken is onder meer: a) De datum/tijd stond niet goed ingesteld. b) De WTW’s stonden ingeschakeld op 7 dagen per week aan tussen 03.00 en 17.00 uur. c) De WTW’s waren verschillend ingesteld voor luchthoeveelheid: variërend tussen 100% (maximaal vermogen) en 60% (deellast). Hierdoor werd niet overal maximaal ingeblazen en afgezogen. d) De WTW’s regelen alle op retourlucht. De ingestelde temperatuur was verschillend ingesteld, tussen 20°C en 21°C. e) De WTW’s kunnen of verse buitenlucht aanzuigen zonder gebruik van warmteterugwinning of verse buitenlucht aanzuigen met maximale warmteterugwinning. Dit kan met huidige regelcomponenten en besturing niet worden veranderd, het betreft hier een ontwerpuitgangspunt. Dit ontwerp heeft enkele belangrijke nadelen, zie toelichting in punt 6 “nadelen ontwerp WTW’s”. De ingestelde setpoints waren verschillend. Gemiddeld genomen wordt bij een buitentemperatuur van 15°C of hoger volledig gebruik gemaakt van buitenlucht en bij een lagere temperatuur volledig gebruik gemaakt van warmteterugwinning. f) Temperatuurmeters in het retourkanaal van twee WTWs waren defect (-40°C).
Het gevolg hiervan is dat de WTW’s nooit overschakelen naar alleen buitenlucht, maar altijd buitenlucht blijven verwarmen met de warmteterugwinning. Actie Schreuder: voorstel voor vervanging temperatuuropnemers. g) De mogelijkheid om te regelen op CO2 percentage was bij geen van de WTW’s actief. Op basis van een CO2 meting kan ingesteld worden dat de ventilatie naar vollast (100% wordt geregeld) of juist minder wordt geventileerd, naar een in te stellen percentage (deellast, bijv. 40%). De setpoints die hiervoor stonden ingesteld waren verschillend en in veel gevallen onjuist of onmogelijk. Het CO2 percentage waarop wordt gestuurd is gebaseerd op een CO2 meter in het retourkanaal, oftewel het CO2 percentage in de afgezogen lucht van meerdere ruimtes, het betreft dus een gemiddeld percentage. h) De instelling van de elektrische naverwarmers stonden voor een aantal systemen niet goed ingesteld. Een van de elektrische naverwarmers stond ingesteld op een temperatuur van 21°C, met deze temperatuur wordt lucht in de ruimte geblazen (terwijl de temperatuur van de ruimte zelf op dat moment 20°C bedroeg, op basis van retourtemperatuur). i) In WTW1 is geconstateerd dat te veel druk op de kast stond. Dit kan een gevolg zijn dat regelkleppen/brandkleppen dicht staan. Actie Schreuder: nader uitzoeken. j) In meerdere WTW’s zijn vervuilde filters aangetroffen.
Actie Schreuder: controle wanneer laatste keer filters zijn vervangen. k) Onbekend is wanneer temperatuurmeters en CO2 meters voor het laatst zijn gevalideerd. Actie Schreuder: valideren temperatuur en CO2-meters. l) Nachtventilatie is niet actief. Dit wordt ook afgeraden in verband met geluidsoverlast naar de omgeving van de school. In het verleden is hiervan ook sprake geweest, dit is bevestigd door de scholen.
6. Nadelen ontwerp WTW’s Het huidige ontwerp van de WTW’s (2010) kent een aantal wezenlijke nadelen. Deze kunnen met de huidige regelcomponenten en besturing NIET worden aangepast. a) Storingen worden niet extern gemeld, deze kunnen alleen op locatie in de technische ruimte worden gesignaleerd. b) Met de huidige regelcomponenten en besturing kan de warmteterugwinning alleen wel of niet gebruikt worden. Het mengen van onverwarmde buitenlucht met buitenlucht die door 3
Klimaatklachten Clusterschool Huidige installaties
BIJLAGE 5
warmteterugwinning wordt verwarmd is niet mogelijk. Bovendien kan maar 1 setpoint worden ingesteld, op basis van buitentemperatuur wordt overgeschakeld naar wel of niet gebruik van warmteterugwinning. Het is niet mogelijk om meerdere setpoints in te stellen, bijvoorbeeld voor zomer of winter. Nadelen hiervan zijn: c) In de zomer wordt altijd verse buitenlucht gebruikt, dit is niet wenselijk als de buitentemperatuur hoger is dan de binnentemperatuur. Het gebouw wordt hierdoor versneld opgewarmd. d) In de winter wordt bij een temperatuur van circa 15°C of lager altijd gebruik gemaakt van de warmteterugwinning. Hierdoor kan de situatie ontstaan dat door de efficiënte warmteterugwinning de temperatuur van de ingeblazen lucht hoger wordt dan de ruimtetemperatuur. Immers de afgezogen lucht is ook verwarmd door aanwezige personen en door het CV-systeem. e) Setpoints kunnen niet afhankelijk van het seizoen worden ingesteld. Veel setpoints zijn maar 1 keer in te stellen en gelden daarmee voor het gehele jaar. Ook kunnen bijvoorbeeld vakantieperiodes niet worden ingesteld. Dit leidt tot een hoger energieverbruik dan nodig, maar leidt ook tot beperkingen in de mogelijkheden het binnenklimaat beter af te stemmen op het seizoen en de behoeftes van gebruikers. f) CO2 regeling o.b.v. CO2 percentage in retourkanaal: gemiddeld percentage. Regeling per lokaal afzonderlijk is niet mogelijk. 7.
Aanpassingen in setpoints van de 5 WTW’s (2010) Besloten is om direct een aantal setpoints aan te passen om daarmee direct het binnenklimaat te verbeteren (uit oogpunt van energiebesparing). Volgende instellingen zijn gedaan: a) Tijd en datum instelling zijn correct ingesteld; b) De regeling is aangepast naar CO2 gestuurd, van maandag t/m vrijdag van 7.00 tm 18.00; c) Bij een CO2 percentage van 800PPM of hoger wordt de ventilatie op 100% ingeschakeld. Bij een lager CO2 percentage wordt de ventilatie verlaagd naar 40%; d) De warmteterugwinning wordt ingeschakeld bij een buitentemperatuur van 15°C of lager. Het setpoint van de retourtemperatuur is 20°C. Bij een temperatuur hoger dan 15°C wordt overgeschakeld op buitenlucht zonder warmteterugwinning; e) De elektrische naverwarmer wordt vrijgegeven bij een buitentemperatuur lager dan 10°C en kan de (in te blazen) lucht verwarmen tot 18°C; Indien gewenst kunnen bovengenoemde instellingen komende tijd proefondervindelijk verder worden geoptimaliseerd. Oude instellingen zijn geregistreerd zodat, mochten er onverhoopt klachten ontstaan, oude instellingen altijd teruggezet kunnen worden. 8. Vervanging van regelcomponenten, besturing en software De huidige regeling functioneert nog, conform ontwerpeisen uit 2010. Setpoints kunnen worden ingesteld.
Leverancier ondersteunt de besturing (print), de regelcomponenten en de softwarapplicatie niet meer sinds 2016. De besturingsprint is bij defect niet meer beschikbaar, op dat moment zou vervanging van besturing en alle regelcomponenten accuut noodzakelijk zijn (WTW staat dan stil). Regelcomponenten zijn niet of beperkt beschikbaar, vervanging bij defect is onzeker. De regelmogelijkheden van de huidige installatie zijn niet optimaal. Op basis hiervan lijkt vervanging van besturing, regelcomponenten en softwareapplicatie noodzakelijk. Mocht worden overgegaan tot vervanging, dan wordt aanbevolen om rekening te houden met: Het kunnen mengen van verse (onverwarmde) buitenlucht met door de warmteterugwinning verwarmde buitenlucht. Optie om ook te kunnen regelen op inblaastemperatuur. De oude WTW ook hierin mee te nemen zodat alle WTW’s op dezelfde wijze kunnen worden aangestuurd. Het GBS is nu niet gekoppeld aan de regeling van de WTW’s. Bij vervanging van de regeling van 4
Klimaatklachten Clusterschool Huidige installaties
BIJLAGE 5
de WTW’s kan rekening gehouden worden met toekomstige koppeling aan het GBS, vanaf dat het huidige GBS wordt vervangen. Bijvoorbeeld door BUS o.b.v. IP. Het extern signaleren / melden van storingen. Het mogelijk maken van op afstand inloggen (efficiënt / kostenreducerend). Meer uitgebreide mogelijkheden voor klokschakelingen. Het kunnen uitschakelen tijdens vakanties, bijv. door aanbrengen van schakelaars die de huismeester kan bedienen. Hierbij wel rekening te houden met verschillende gebouwgebruikers en daarmee variatie in vakantieperiodes. Vervanging kan gefaseerd, per WTW, worden uitgevoerd. Aanbevolen wordt eerst een systeem te vervangen om daarmee de effecten te beoordelen. Schreuder vraagt een offerte aan bij NedAir voor vervanging van de besturing, de regelcomponenten en de software. 9. Vervolgacties De volgende acties worden ondernomen: Schreuder: a) WTW oud: geen onderdeel huidig onderhoudscontract Schreuder. Afstemmen met beheercommissie; b) WTW oud: staat in storing.
Onderzoek naar status en voorstel doen voor herstel; c) WTW oud: wat zijn de instellingen/setpoints voor de WTW oud; d) Vervangen twee defecte temperatuuropnemers; e) Valideren temperatuur en vochtmeters WTW’s; f) Controle wanneer de filters van de WTW’s voor t laatst zijn vervangen; g) WTW1: te veel druk op de kast, onderzoek naar de oorzaak; h) Labels plakken bij “storingslampjes”, lamp 1 = “tbv …..”; i) Offerte voor vervanging regelcomponenten en besturing 5 WTW’s actualiseren en naar Gemeente sturen. Gemeente: j) Informeren betrokkenen; k) Resultaten verwoorden in eindrapportage. Geluidsklachten buren Clusterschool Naar aanleiding van klachten in januari 2020 werden aanvullende defecten ontdekt. Gebleken is dat: 1. Lagers en filters van enkele ventilatoren van WTW’s aan vervanging toe waren. 2. De klokschakeling van de besturing van de WTW’s defect was. Hierdoor kunnen de WTW’s niet meer (automatisch) in en uitgeschakeld worden. De WTW’s staan hierdoor continu in bedrijf. Dit is een zeer onwenselijke situatie. Reparatie blijkt niet mogelijk. Vervanging van de besturing is urgent en op korte termijn noodzakelijk.
4. Regeltechniek Omschrijving installatie Het gebouwbeheerssysteem (Saia, 2008) regelt onder meer het functioneren van de CV-ketels. Via een weersafhankelijke regeling kan de CV-watertemperatuur geautomatiseerd, afhankelijk van de buitentemperatuur, ingesteld worden. Knelpunten en bijzonderheden De regeltechniek wordt niet meer ondersteund door de leverancier. Het systeem functioneert. Het is nog wel mogelijk om instellingen (setpoints) te wijzigen. Het is niet meer mogelijk om andere
5
Klimaatklachten Clusterschool Huidige installaties
BIJLAGE 5
componenten toe te voegen in de software. Een aanpassing van bijvoorbeeld de CV-installatie kan hierdoor niet meer worden verwerkt in de regeltechniek. Op termijn moet rekening worden gehouden met vervanging van het gehele systeem.
6