CConstaterende dateemnes
Koppel je AI →
Document · PDF

1

Gemeenteraad 29 maart 2021, gemeente eemnesBij agendapunt: Besparingen sociaal domein: voortgang lokale maatregelen en zienswijze regionale maatregelen11.844 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Doelgroep Inwoners met een chronische aandoening en/of beperking met een inkomen tot 120% van de geldende bijstandsnorm. Op basis van een inkomensgrens van 120% van de geldende bijstandsnorm, wordt de omvang van de doelgroep in HBEL als volgt geschat.

Huizen Blaricum Eemnes Laren

935 96 64 114

Activiteiten: In de richtlijnen bijzondere bijstand wordt een aantal veel voorkomende bijzondere kosten opgenomen waarvoor geen andere voorliggende voorziening bestaat zoals een aanvullende verzekering of een vergoeding via de belastingdienst. De volgende kosten worden als bijzonder aangemerkt: - € 15,- per maand voor een maaltijdvoorziening - € 20,- per maand voor extra energiekosten - € 15,- per maand voor kledingslijtage - € 20,- per maand voor de kosten van een noodzakelijk speciaal dieet voor zover deze niet anderszins worden vergoed Met deze werkwijze: - Kan de toetsing vanuit de bijzondere bijstand op het gezinsinkomen worden gedaan in Suwinet, waardoor de middelen bij die mensen terecht komen die het hardst nodig hebben. - Vindt een onderbouwde toetsing plaats van de noodzaak van de vergoeding. - Behouden inwoners de vrije keuze voor de gewenste en mogelijk goedkopere zorgverzekering - Ontvangen inwoners een vergoeding voor bijzondere kosten die niet anderszins vergoed worden.

25

-

Wordt een besparing gerealiseerd, terwijl er gelijktijdig een passende vergoeding wordt geboden. Maken de forfaitaire vergoedingen een goede prognose mogelijk van het jaarlijks te begroten bedrag.

Implementatie Toetsing is het eerste jaar intensiever dan de huidige werkwijze bij de RTC en vraagt eenmalig meer van de uitvoeringsorganisatie. Omdat in Huizen bij het vaststellen van de begroting al is besloten tot (een eerste) versobering van de RTC en er een besparing is ingeboekt van € 360.000, is reeds rekening gehouden met een eenmalig implementatiebudget van € 100.000,- voor de invoering van de aangepaste regeling.

Resultaten in het land De meesten gemeenten hebben inmiddels een regeling voor hun chronisch zieke inwoners. Ruim 70% daarvan doet dit via de collectieve zorgverzekering, waarbij een onderbenutting lijkt op te treden. Andere gemeenten vergoeden een forfaitair bedrag tussen de 100 en 200 euro vanuit de WMO, waarbij geen correcte inkomenstoets kan worden gerealiseerd. Een klein deel van de gemeenten heeft geen regeling voor chronisch zieken.

Kosten en opbrengsten Voor de berekening wordt uitgegaan van een gemiddeld gebruik van 30% en van twee voorzieningen per belanghebbende. Dit project heeft eenmalige investering in 2021. De investering is als volgt: Huizen €100.000 Blaricum €7.000 Eemnes €7.000 Laren €7.000 De verwachte netto besparingen voor de HBEL-gemeenten zijn als volgt:

Netto besparing Huizen Blaricum Eemnes Laren

2021

2022

2023

2024

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

26

5.10

Versoberen mantelzorgcompliment

Aanleiding Een manier om te besparen, is het versoberen van activiteiten en daarmee uitgaven door de gemeente. Een versobering van het mantelzorgcompliment valt in deze categorie. Doelgroep en omvang In 2020 zijn er in Huizen 286 mantelzorgcomplimenten uitgedeeld aan mantelzorgers en 52 in Laren. Mantelzorgers ontvingen €150. De kosten hiervoor bedragen €42.900 voor Huizen en €7.800 voor Laren. Wettelijk kader In de Wmo 2015 staat dat gemeenten verplicht zijn mantelzorgers te waarderen. Iedere gemeente in Nederland heeft de vrijheid om deze waardering zelf vorm te geven. Tot op heden vindt deze waardering plaats via een mantelzorgcompliment en activiteiten tijdens de dag van de mantelzorg. Ongeveer 100 mantelzorgers nemen deel aan de dag van de mantelzorg en ruim 500 mantelzorgers ontvangen een mantelzorgcompliment (HBEL breed). In Nederland zien we veel verschillende vormen van het waarderen van mantelzorgers. Sommige gemeenten hebben ervoor gekozen alleen activiteiten te organiseren of mantelzorgers jaarlijks een bloemetje te sturen. Aangezien de HBEL-gemeenten naast het mantelzorgcompliment ook activiteiten organiseren om mantelzorgers te waarderen, is het mogelijk om het mantelzorgcompliment te laten vervallen. Indien de regeling per 1 januari 2021 wordt stopgezet, zal dat een besparing opleveren vanaf 2021.

Naast het waarderen van mantelzorgers zijn gemeenten ook verplicht mantelzorgers te ondersteunen. Dit vindt voornamelijk plaats via maatwerkvoorzieningen en door Versa Welzijn en wordt niet aangepast. Gevolgen versoberen mantelzorgcompliment Zowel mantelzorgers als professionals geven aan dat het mantelzorgcompliment erg gewaardeerd wordt. Vaak wordt het gebruikt als onkostenvergoeding voor de kosten die mantelzorgers maken om voor hun naasten te zorgen. Het is de verwachting dat de ruim 500 mantelzorgers die eerder een compliment hebben ontvangen, het erg jammer zullen vinden dat de gemeente via deze regeling de waardering niet meer uit. Het is niet aannemelijk dat het stopzetten zorgt voor een toename van het aantal maatwerkvoorzieningen. Ook is het niet aannemelijk dat hierdoor meer mantelzorgers overbelast raken. Financiën De verwachte besparingen zijn als volgt:

Netto besparing Huizen Laren

2021

2022

2023

2024

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

27

5.11 Analyse toegang: wijze van toewijzen en verlengen Aanleiding Bij de individuele voorzieningen zien we een aantal ontwikkelingen bij de indicaties, zoals een toename van indicaties, hogere indicaties, langere looptijd van indicaties en een stapeling van zorg. De indicaties worden vanuit de HBEL-uitvoeringsdienst afgegeven (bij Jeugd zijn er ook andere verwijzers). Reden om de werkwijze van de uitvoeringsdienst te analyseren en zo tot aangrijpingspunten te komen om ontwikkelingen die leiden tot ongewenste toewijzingen en kosten te beteugelen. Daarnaast kijken we in diverse projecten kritisch naar aanbieders om te komen tot meer efficiëntie en effectiviteit in de werkwijze. Met dezelfde kritische blik gaan we ook kijken naar onszelf: zijn er mogelijkheden in onze eigen uitvoeringsorganisatie voor verbeteringen. Ambitie en doelen Lagere kosten door het benutten van kansen in de werkwijze van de uitvoeringsdienst die leiden tot Minder snel indiceren Kortere en/of minder omvangrijke indicaties Efficiëntere werkwijze waarbij inwoners nog steeds de ondersteuning krijgen die nodig is. Afbakening Om focus aan te brengen, richten de analyses zich op die onderdelen waar naar verwachting de meeste winst te behalen is. Dit zijn de onderdelen waar de afgelopen jaren de grootste ontwikkelingen in aantallen, volumes en kosten zichtbaar zijn.

Bij de Wmo ligt de focus op de huishoudelijke hulp en de begeleiding. Bij Jeugd is onderzoek gericht op casussen waarbij sprake is van stapeling van zorg. Activiteiten Stap 1: Analyse De uitvoeringsdienst wordt vanuit verschillende invalshoeken doorgelicht, die elk verschillende aspecten in beeld kunnen brengen die invloed hebben op het functioneren en de resultaten van de organisatie: Dossieronderzoek Bij een aantal voorzieningen (zie afbakening) en bij een grote stapeling van voorzieningen, worden casussen geanalyseerd. Voor een representatief onderzoek worden er per voorzieningengroep 10 dossiers onderzocht of per onderdeel horizontale of verticale stapeling 25 dossiers. De inzet van voorzieningen per casus wordt onderzocht aan de hand van de volgende onderzoeksvragen: - Zijn de resultaten duidelijk en worden deze bereikt met de gekozen oplossing? Is het een oplossing waar we invloed op hebben? - Is er deugdelijk onderzoek gedaan naar de mogelijkheden van zelfredzaamheid, van voorliggende voorzieningen en van de algemene voorzieningen? - Er is duidelijke gemotiveerd waarom er voor deze oplossing is gekozen? Bij casussen waarbij ondersteuning is ingezet die buiten de regionale inkoop valt, wordt daarnaast gekeken of er deugdelijk onderzoek is gedaan naar mogelijkheden binnen de regionale inkoopafspraken. Het feit dat er meerdere toegangspoorten tot jeugdhulp bestaan (o.a.

gemeente, huisarts/medisch specialist/jeugdarts, gecertificeerde instelling), vergroot de kans op stapeling van zorg. Hier worden dan ook casussen geanalyseerd waarbij de zorg stapelt en wordt (ook) gekeken naar de ketensamenwerking, effectiviteit en kosten. Kaders waarbinnen geïndiceerd wordt Kaders bepalen de ruimte waarin geïndiceerd kan worden. Kaders worden onder meer uitgewerkt in de verordening en beleidsregels. Landelijke ontwikkelingen en (lokale) ervaringen in de praktijk kunnen aanleiding geven tot het aanpassen van kaders. Begeleiding en huishoudelijke hulp hebben als eerste hierbij de aandacht. 28

Bij begeleiding wordt hierbij de verbinding gelegd met de projecten om lichte begeleiding anders te organiseren. Wat kunnen we doen om aan de voorkant te voorkomen dat vragen worden opgepakt die niet vanuit de verantwoordelijkheid van de gemeenten opgepakt hoeven worden, en wat om de uitstroom uit deze voorziening te bevorderen. Een analyse van het kader bij de huishoudelijke hulp is onlangs al uitgevoerd. Hier geeft de landelijke ontwikkeling en juridische bevestiging van een nieuw normenkader aanleiding om de lokale kaders hiervoor te herzien. Dit wordt verder opgepakt in het betreffende project. Werkprocessen Vanuit een klantreis en medewerkersreis doorlopen we (administratieve) processen. Waar kunnen we het proces optimaliseren? Bijzondere aandacht gaat bij onderdelen uit naar ketensamenwerking. Daarnaast wordt gekeken naar het vier ogen principe: de meerwaarde van advies momenten of het samen kijken naar voorzieningen die een bepaalde hoogte of bedrag overschrijden. Cultuur, normen, waarden Via een traject ‘waardengericht werken’ wordt input gehaald in hoeverre we werken vanuit een gezamenlijke cultuur die passend is bij de opgave van deze tijd. In de werkcultuur zitten de normen en waarden verwerkt die leidend zijn voor ons gedrag en besluiten.

Werken we vanuit dezelfde waardes? Hebben we eenzelfde beeld van normaliseren, wat vinden we goed genoeg? Gaan we uit van de transformatiedoelen (bijvoorbeeld kinderen die zoveel mogelijk thuis opgroeien, zorg integraal en dichtbij huis, inzet van voorveld en voorliggende activiteiten, inzet van (economische) zelfredzaamheid). En wat betekent dat concreet voor onze keuzes? VNG visitatiecommissie We hebben een verzoek ingediend voor ondersteuning door de VNG-visitatiecommissie financiële beheersbaarheid sociaal domein. Deze commissie bekijkt het vraagstuk van grip hebben of krijgen op de financiën in het sociaal domein. Hiertoe voert een visitatiecommissie gesprekken met de gemeenten en volgt een rapportage van de VNG. De uitkomsten van onze interne analyses en ideeën voor aanpassingen worden gedeeld in dit proces. Zo krijgen we de meest waardevolle input vanuit de VNG. De uitkomsten van de VNG-rapportage nemen we vervolgens mee in het vervolg, zie hieronder. Stap 2: Voorstel en borging aanpassingen Op basis van de uitkomsten van de analyses volgen voorstellen voor aanpassingen. Deze voorstellen kunnen ook weer aanpassing van de diverse aspecten van een organisatie bevatten, zoals werkprocessen, automatisering, organisatie, kaders. Ook vanuit andere projecten, zoals het anders organiseren van begeleiding, volgen aanpassingen van de uitvoeringsdienst.

Deze activiteiten worden in samenhang bekeken.

29

5.12 Verhogen eigen bijdrage Wmo vervoer Aanleiding Een vergelijking met andere gemeenten laat zien dat onze tarieven voor de Wmo taxi niet hoog zijn. In 2020 bedraagt het opstaptarief en het tarief per zone voor reizigers met de Wmo-taxi € 0,65. Voor Latax is er geen instaptarief. Het tarief per zone voor Latax bedraagt € 1,30 voor gebruikers. Ambitie Extra inkomsten genereren door het verhogen van de reizigersbijdrage voor de Wmo taxi met 5 cent per zone. Dat betekent een verhoging van het tarief van 65 cent per zone naar 70 cent per zone. Doelgroep Gebruikers van het collectieve Wmo vervoer (de Wmo taxi en voor inwoners uit Laren Latax t/m juni 2021). Omvang Het aantal inwoners uit de HBEL-gemeenten met een pas voor collectief Wmo vervoer bedraagt ongeveer: Huizen: 1.540 Laren: 533 Blaricum: 286 Eemnes: 155 Activiteiten In het tweede kwartaal 2020 hebben de gemeenten in de regio besloten tot het inbesteden van onder meer de Wmo taxi per 1 januari 2021. Voor het verhogen van de tarieven boven op de jaarlijkse indexering, of het hanteren van verschillende tarieven door verschillende gemeenten, moeten dan ook op regionaal niveau afspraken worden gemaakt. Op dit moment is nog niet duidelijk in hoeverre andere gemeenten in de regio de afspraken willen aanpassen.

Het voorstel van het verhogen van tarieven, op basis van een uit te voeren bredere analyse van de mogelijkheden, ligt nu op regionaal niveau op tafel, en is opgenomen in het regionale document met voorstellen voor besparingsmaatregelen ‘Naar een financieel gezond sociaal domein’. Financiën

Netto besparing Huizen Blaricum

2021

2022

2023

2024

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

Verwachting Laren Het aantal inwoners met een pas voor het collectieve Wmo vervoer is in Laren 2 maal zo hoog als in Blaricum en tot ruim driemaal zo hoog als in Eemnes. Dit heeft te maken met het hoge percentage 80plussers in Laren (10,8%), in vergelijking met Blaricum (5,0%), Huizen (5,5%) en Eemnes (4,4%).

30

6. Grip op het Sociaal Domein De afgelopen periode zijn we geconfronteerd met forse tekorten binnen het Sociaal Domein waardoor het noodzakelijk is om bovenstaande maatregelen te nemen. Zonder deze maatregelen is de verwachting op basis van prognoses dat de tekorten verder zullen stijgen. Dit betekent voor de gemeentefinanciën een duidelijke uitdaging en maakt het noodzakelijk om inzicht te krijgen in de redenen van deze ontwikkeling en een beeld te krijgen bij de middelen die ingezet kunnen worden om dit positief te beïnvloeden. Kortom het is belangrijk dat we grip krijgen op het Sociaal Domein om sturing te kunnen geven aan inhoud en financiën. Dashboard, KPI’s, kwalitatieve monitoring Op dit moment zijn we bezig met het verhogen van de kwaliteit van onze informatievoorziening, zodat we tijdig inzicht hebben in de kostenontwikkelingen binnen Jeugd en Wmo. We zijn hiervoor een dashboard aan het ontwikkelen met diverse indicatoren zoals het gebruik van voorzieningen en financiën. Bij de ontwikkeling van dit dashboard staat de kwaliteit van deze informatie centraal (juistheid, volledigheid, tijdigheid, betrouwbaarheid en consistentie). Ook gaan we werken met kritieke prestatie indicatoren (KPI’s), hiermee willen we de doelstellingen meetbaar en concreet maken. Zowel het dashboard met indicatoren als de KPI’s zijn onderdeel van onze monitoring.

Monitoring gaat over het structureel bijhouden en inzichtelijk maken van de inzet van middelen, uitgevoerde activiteiten en behaalde prestaties. Hierin kan onderscheid gemaakt worden tussen kwantitatief en kwalitatief. Het is niet altijd mogelijk om de kwaliteit van de ingezette ondersteuning hard in cijfers uit te drukken. Kwaliteit kan in kaart gebracht worden door bijvoorbeeld onderzoek naar cliënttevredenheid en klachten. Naast deze twee methodes willen wij ook gebruik gaan maken van narratief waarderen. Narratief waarderen is een manier om de verhalen, ervaringen en beleving van inwoners een nadrukkelijke plek in het rechtmatig systeem van een lokale overheid te geven. Prognosetool Monitoring is gericht op data uit het verleden. Om grip te krijgen binnen het Sociaal Domein is het belangrijk om ook inzicht te hebben in prognoses. Wij gaan daarom een prognosetool voor Jeugd ontwikkelen in het dashboard. Dit geeft ons de mogelijkheid om te kunnen voorspellen hoe het gebruik en de financiën zich gaan ontwikkelen het komend jaar. Wanneer deze tool goed werkt, gaan we dit ook uitrollen naar de Wmo en de Participatiewet. Een adequate monitoring levert bruikbare sturingsinformatie op. Op basis van deze sturingsinformatie kunnen keuzes gemaakt worden om grip te krijgen en te houden op het Sociaal Domein.

6.2 Monitoring maatregelen Het is belangrijk om de maatregelen de komende jaren goed de monitoren en in kaart te brengen of de gewenste resultaten ook daadwerkelijk bereikt worden. In het dashboard dat gebouwd wordt nemen we diverse indicatoren op om de resultaten van de maatregelen te kunnen monitoren. Op basis van de opgestelde doelen hebben we de indicatoren bepaald die we gaan meten om in kaart te brengen of het gewenste resultaat bereikt is. Hieronder gaan we kort in op de doelstellingen en de indicatoren. Doelstellingen Binnen dit programma maken we onderscheid in twee soorten doelstellingen, namelijk programma breed en doelstellingen van de maatregelen binnen het programma. Programma breed staan de volgende doelstellingen centraal: 31

1. 2. 3. 4.

De kosten binnen het sociaal domein stijgen niet. Inwoners maken minder gebruik van maatwerkvoorzieningen. Inwoners maken meer gebruik van algemene voorzieningen. Inwoners maken minder lang en minder intensief gebruik van maatwerkvoorzieningen.

De bovengenoemde programma doelen zijn uitgewerkt in de projecten en focussen zich op: 1. Het versterken van de algemene voorzieningen, of 2. Het verminderen van de uitgaven van maatwerkvoorzieningen en minder gebruik van maatwerkvoorzieningen (intensiteit, duur en aantallen), of 3. Het verhogen van de inkomsten van maatwerkvoorzieningen (deze zullen in de monitoring niet opgenomen worden). Monitoring indicatoren maatregelen Op basis van bovenstaande doelstellingen hebben we voor een groot deel van de maatregelen indicatoren bepaald die we gaan monitoren. Per indicator hebben we aangegeven of we een toename of afname verwachten. Hierbij hebben we ons gericht op de opbouwfase tot 2024. Na 2024 verwachten we dat de indicatoren stabiel blijven. De meeste maatregelen worden het eerste halfjaar van 2021 ingevoerd, wij verwachten het tweede halfjaar de eerste resultaten van de monitoring.

Indicator

2021

2022

2023

2024

Conform begroting

Conform begroting

Conform begroting

Conform begroting

Conform begroting

Conform begroting

Conform begroting

Conform begroting

Conform begroting 2 50

Conform begroting 2,37 60

Conform begroting 3,46 87

Conform begroting 4,80 120

65 uur

65 uur

65 uur

65 uur

Conform begroting 0,6 84 (start 1 april)

Conform begroting 0,6 126

Conform begroting 0,6 126

Conform begroting 0,6 126

6 uur

6 uur

6 uur

6 uur

Overall Totaal kosten maatwerkvoorzieningen (wmo, jeugd, ook participatie) Kosten voorveld bezuinigingsmaatregelen (investeringen)

Begeleiding jeugd (18-) Totaal kosten begeleiding jeugdige individueel Aantal FTE lokale begeleiders (18-) Totaal aantal jongeren (18-) dat begeleid wordt door lokale begeleiders(caseload). Gemiddelde omvang traject (totaal aantal uur inzet)

Jeugdhulp POH-er (betreft alleen Huizen) Totaal kosten ambulante jeugd ggz maatwerk Aantal FTE POH-er Totaal aantal jongeren (18-) dat begeleid wordt door POH-er per jaar Gemiddelde omvang traject (totaal aantal directe uren inzet)

32

Begeleiding volwassenen (18+) Totaal kosten begeleiding jeugdige individueel Aantal FTE lokale begeleiders (18+) Totaal aantal mensen (18+) dat begeleid wordt door lokale begeleiders (caseload). Gemiddelde omvang traject (totaal aantal uur inzet) Participatieplekken Totaal kosten dagbesteding wmo licht Kosten lokale participatieplekken Totaal aantal mensen dat een plek heeft

Conform begroting

Conform begroting

Conform begroting

Conform begroting

5,84 146

9,66 242

12,20 305

14,64 366

65 uur

65 uur

65 uur

65 uur

Conform begroting PM PM

Conform begroting PM PM

Conform begroting PM PM

Conform begroting PM PM

PM

PM

PM

PM

Conform begroting 120

Conform begroting 120

Conform begroting 120

Conform begroting 120

Conform begroting Conform begroting Overgangsfase

Conform begroting Conform begroting 1200

Conform begroting Conform begroting 1200

Conform begroting Conform begroting 1200

Begeleiding specialistisch Indicatoren

HH Totale kosten HH maatwerkvoorziening Gemiddeld aantal minuten per week per inwoner (nieuwe indicaties en herindicaties)

Tegemoetkoming kosten chronisch zieken via BB ipv RTC Totale kosten RTC Kosten BB voor deze posten Aantal inwoners dat gebruik maakt van tegemoetkoming kosten chronisch zieken via BB (HBEL)

6.2 Communicatie over monitoring Twee keer per jaar informeren wij de raad door middel van een bestuursrapportage en tussentijdse rapportage over de financiën en het gebruik van voorzieningen binnen het Sociaal Domein. In deze rapportages zullen wij ook rapporteren over de voortgang van de maatregelen en zullen wij inzoomen op het voorveld. Aanvullend zullen wij in 2021 de gemeenteraden een toelichting geven over de maatregelen aan de hand van het dashboard. De portefeuillehouders zullen wij informeren door een vergelijkbare bespreking van het dashboard tijdens het portefeuillehouders overleg. 6.3 Financiën Om de monitoring goed op te zetten, is extra inzet nodig om systemen, werkprocessen en documentatie in te richten. Daarnaast is er extra inzet nodig om het datawarehouse en het dashboard te ontwikkelen dat nodig is om adequaat te kunnen monitoren. Hiervoor is de volgende extra inzet nodig:  Softwarekosten voor een prognosetool. 33

  

Extra inzet om dashboard te bouwen. Extra inzet om het datawarehouse in te richten en data te kunnen ontsluiten. Extra inzet voor het functioneel beheer van het dashboard.

Hiervoor is de volgende investering per gemeente noodzakelijk:

Investering Huizen Blaricum Eemnes Laren

2021

2022

2023

€

€

€

.

.

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

€

.

34

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9946838/1