Vragen fracties rapport Integis na bespreking op 30-11 2 met antwoorden Integis.pdf
Tekst van het document
Ingediende vragen rapport Integis 4. Vragen rapport Integis Vraag 1: rapport Integis Pagina 51, alinea’s 237-241 De door geïnterviewden geuite suggesties dat wethouder Koning geheimhoudingsbepalingen zou hebben overtreden werden niet geconcretiseerd en konden daarom niet verder onderzocht worden. Op grond van de onschuldpresumptie dienen zulke verwijten dan ook ingetrokken te worden. Toch zou het beter zijn als de correspondentie waar in noten 93 en 94 sprake van is, openbaar gemaakt zou worden, zodat betrokkene vrijgepleit kan worden. Kennelijk beschikt een van de subjecten van onderzoek over informatie (als geheim gekwalificeerde mails) die niet gedeeld zijn met de onderzoekers. Kan deze persoon alsnog overreed worden om de mails openbaar te maken, of tenminste het onderwerp en de intenties die daarin aan de orde waren? Wij hebben in casu (reeds) de gepaste acties ondernomen. Zouden dergelijke mails op grond van de vereiste openheid niet altijd op zijn minst vertrouwelijk ingezien moeten worden door de onderzoekers die de integriteit moeten beoordelen? Vertrouwelijke inzage verhoudt zich te doen gebruikelijk niet met een integriteitsonderzoek omdat wij alsdan niet over de bevindingen kunnen rapporteren.
Vertrouwelijke bescheiden kunnen ons immers in een onmogelijke positie brengen omdat wij niet kunnen rapporteren en anderen niet kunnen bevragen over hetgeen ons vertrouwelijk ter kennis is gebracht. Vraag 2: Pagina 27, alinea’s 130-131, alinea 136 Vraag : Zijn de UBO’s die genoemd worden in regel 131 en 136 (deels) dezelfde als de bestuurders genoemd in regel 130? Wij hebben inzage gekregen in, kort gesteld, de integrale concernstructuur van Project Lange Weeren BV en Scholtens Project II BV. Wij hebben het niet passend geacht de integrale concernstructuur, waaronder de UBO’s, in het rapport op te nemen, met name omdat dit niet relevant is in het kader van de opdrachtformulering en conclusie. Wij achten het dan ook niet passend dit separaat te delen in de vorm van een antwoord op deze vraag.
Vraag 3: Hoeveel UBO’s zijn geïdentificeerd? Zie het antwoord op vraag 2. Pagina 36, alinea 172 Vraag 4 Hoe kan dit uit de interviews geconcludeerd worden (dat geen politieke partij abnormale donaties heeft ontvangen)? De door ons gekozen formulering is negatief geformuleerd; wij hebben onze bevinding in het rapport immers als volgt verwoord: ‘Tot slot is uit de gehouden interviews niet gebleken dat de in de gemeenteraad vertegenwoordigde politieke partijen donaties hebben ontvangen die naar hun aard en omvang afwijken van reguliere en normale patronen.’