Vraag en Antwoord Integraal beleid sociaal domein.docx
Tekst van het document
Integraal beleid sociaal domein Datum
Fractie(s)
Vraag
GroenLinks
De buurtkamers gaan voor een groot deel
Antwoord
vraag 01-092022
draaien op vrijwilligers.
Antwoord 1: De opzet van de buurtkamers gaat in eerste instantie niet zozeer uit van
Vraag 1:
vrijwilligers. Buurtkamers zijn bedoeld als plek voor ontmoeting en activiteiten
Hoe zorgen we met het huidige
in de buurt voor en door buurtbewoners. Vanuit de wijksteunpunten is er
vrijwilligerstekort (dat ook genoemd wordt in dit stuk) dat er genoeg vrijwilligers zijn voor de buurtkamers?
vrijwillige en professionele ondersteuning mogelijk. Het aantal vrijwilligers dat nodig is voor deze wijksteunpunten is beperkt en valt onder de verantwoordelijkheid van de partij die de wijksteunpunten voor ons uitvoeren. Antwoord 2:
Vraag 2:
De exacte taak van buurtkamers stond als volgt beschreven in de
Wat is de exacte taak van de buurtkamers?
aanbestedingsleidraad: Om de zelfredzaamheid van onze inwoners in hun directe omgeving te versterken, eenzaamheid te bestrijden en samenkracht te bevorderen, faciliteert de gemeente daarnaast een aantal toegankelijke ontmoetingsplekken genaamd buurtkamers. De buurtkamers fungeren als informele wijkgebonden ontmoetingsruimten. Waarbij de inwoners dichtbij, laagdrempelig activiteiten kunnen ondernemen in de leeftijd van 0-100+ jaar. Zo wordt wijkgebonden samenkracht, sociale cohesie en vroegtijdige signalering bevorderd (waar nodig doorverwijzing van en naar de Wijksteunpunten). Waarbij de buurtkamers worden vormgeving naar wens van en door inwoners. De buurtkamers worden bij voorkeur gefaciliteerd in kwetsbare wijken. Antwoord 3:
Vraag 3:
De vrijwilligers zijn verantwoordelijk voor het bemensen van een
Welke verantwoordelijkheden krijgen
laagdrempelig (inloop) loket dat voor minimaal 2 uur en maximaal 3 uur per
vrijwilligers en welke verantwoordelijkheden worden opgepakt door professionals?
werkdag geopend is, inclusief 1 telefooncentrale. Op deze plek kunnen inwoners terecht voor informatie, hoogwaardig advies en verwijzing over hoe de zelfredzaamheid/ samenredzaamheid versterkt kan worden met behulp van voorliggende en algemene voorzieningen. Waarbij sprake is van een eenduidige boodschap, ongeacht bij welk loket (Breed Sociaal Loket/telefoonbalie/WSP) de vraag van de burger is binnengekomen. De vragen hebben betrekking op alle leefgebieden. De professionals zorgen voor ondersteuning en kwaliteitsbevordering van de vrijwilligers, pakken complexere casuïstiek op en leggen de noodzakelijke verbindingen met onder andere het Breed Sociaal Loket. Tijdens de openingstijden van de wijksteunpunten is er altijd een professional beschikbaar voor de vrijwilligers.
Vraag 4: Hoe waarborgen we genoeg professionaliteit als de buurtkamers zo sterk leunen op vrijwilligerswerk? De nieuwe visie gaat duidelijk uit van extra zorg die gedragen wordt door de samenleving (m.n. mantelzorg), waar deze zorg nu nog (deels) gedragen wordt door de gemeente. Tegelijkertijd wordt er geconstateerd dat onze inwoners al uitzonderlijk veel voor
Antwoord 4: Voor de wijksteunpunten maken we gebruik van een externe partij die verantwoordelijk is voor de uitvoering en professionaliteit van de vrijwilligers. Als opdrachtgever waarborgen we dit door expliciet te sturen op professionaliteit. Dit is ook omschreven in de opdracht die de externe partij voor de wijksteunpunten heeft gekregen. De buurtkamers zijn er voor en door buurtbewoners. Zij kunnen gebruik maken van de kern van vrijwilligers en professionals van het wijksteunpunt.
elkaar doen en dat veel mantelzorgers nu al respijtzorg nodig hebben. Antwoord 5:
Vraag 5:
Vanuit de nieuwe visie willen we bouwen aan een nieuwe balans in de
Is de nieuwe visie van samenkracht en eigen
samenleving. De bedoeling van maatwerkvoorzieningen in het sociaal domein
kracht wel realistisch in deze context? We zien dat sommige opgaven al redelijk concrete oplossingen noemen, terwijl andere opgaven vooral opgaven blijven. De opgave bestaanszekerheid is nu enorm actueel met
is een sociaal vangnet voor inwoners die het niet zelf of samen redden. Deze bedoeling zetten we centraal, dit betekent dat inwoners in eerste instantie zelf en samen aan zet zijn om uitdagingen in het leven aan te gaan. Dit vragen wij als gemeente ook van onze inwoners. Doordat we het vangnet niet weghalen waarborgen we dat de visie realistisch is en blijft.
stijgende inflatie en daardoor enorme koopkrachtdaling, die vooral de mensen die het al zwaar hadden raken. Bij de opgave bestaanszekerheid gaan de genoemde oplossingen vooral over onderzoek doen. Vraag 6: Zijn er genoeg kennis en middelen om nu al hulp te bieden aan de doelgroep van de opgave bestaanszekerheid? De gemeente wil, als het de partners niet zelf lukt, bijeenkomsten organiseren voor samenwerking. Verschillende partners hebben soms echter andere methoden en andere belangen (bijvoorbeeld zorgverleners en zorgverzekeringen). Daarnaast heeft de gemeente geen formeel middel om partners samen te laten werken als zij dit weigeren.
Antwoord 6: Kennis is op lokaal, regionaal en landelijk niveau voor de gemeente beschikbaar. In de uitvoering en bij beleid zit deze kennis bij onze partners, onze uitvoering en onze beleidsmedewerkers. Voor inflatie en koopkrachtdaling zijn we als gemeente voor een belangrijk deel afhankelijk van de maatregelen en middelen die het rijk aan gemeenten beschikbaar stelt. Hier hebben wij op dit moment nog geen concreet zicht op.
Vraag 7:
Antwoord 7:
Hoe wil de gemeente zulke
Vooropgesteld merken we dat de bereidheid om samen te werken in de regio
samenwerkingsbijeenkomsten vormgeven als
aanwezig is. Als gemeente zijn we op dit moment bezig om alle
het nodig is om deze te organiseren? Als een
samenwerkingsbijeenkomsten en overleggen met partners tegen het licht te
van de oplossingen voor eenzaamheid wordt het
houden. Hoe we het vervolg van deze bijeenkomsten vorm willen geven zal
buddyproject tussen ouderen en jongeren
afhangen van doelstellingen, behoeftes en de partners die onderdeel van de
genoemd. Wij denken dat eenzaamheid vooral
bijeenkomst zijn of zouden moeten zijn. Als gemeente blijven we vanuit onze
opgelost wordt door verbinding en erkenning
visie en missie telkens weer opnieuw de verbinding met onze partners leggen.
tussen mensen, wat wellicht makkelijker is met
Bij het organiseren van bijeenkomsten zetten we het doel en de gezamenlijke
leeftijdsgenoten.
belangen zoveel mogelijk centraal, om daaruit te komen tot goede structurele samenwerking.
Vraag 8: Is er ook een buddyproject voor jongeren met
Antwoord 8:
jongeren en ouderen met ouderen? In het
Er is geen specifiek buddyproject voor jongeren met jongeren en ouderen met
document wordt relatief veel aandacht besteed
ouderen. In de nieuwe opzet van het wijksteunpunt is voorzien dat inwoners
aan de uitdagingen en kenmerken van de
van alle leeftijden met ondersteuningsvragen laagdrempelig terecht kunnen en
Volendammer gemeenschap. Over de Zeevang
verder geholpen worden. Het wijksteunpunt is, samen met de buurtkamers, de
wordt met veel minder woorden geschreven.
plek voor inwoners om via laagdrempelige ontmoeting en informatie een
Ons lijkt dat vooral de kleine kernen andere
passend antwoord krijgen op hun ondersteuningsvragen. Hierin is ook alle
uitdagingen kennen dan het stedelijk gebied op
ruimte voor ontmoeting van specifieke doelgroepen.
het gebied van het sociaal domein. Antwoord 9: Vraag 9:
In het integraal beleidskader spreken we van de gemeente Edam-Volendam
In hoeverre wordt er in de opgaven rekening
daarin bedoelen we zowel het gebied van de Zeevang als het stedelijk gebied.
gehouden met het verschil tussen het stedelijk
De opgaven uit het integraal beleidskader zijn relevant voor de hele gemeente
gebied en het buitengebied in onze gemeente?
Edam-Volendam. Waar mogelijk en noodzakelijk sluiten we in de uitvoering
aan op de specifieke verschillen in uitdagingen tussen de verschillende gebieden in onze gemeente. 08-09-
GroenLinks
2022
In het raadsvoorstel staat dat het college het advies van de Koepel Sociaal Domein ''in de loop van het zomerreces'' verwacht. Dit moment is al ruim verstreken en het nieuwe beleidskader staat voor deze maand op de raadsagenda. We nemen daarom aan dat dit advies inmiddels is ontvangen en dat het wellicht per abuis nog niet bij de raadsstukken is gevoegd. Vraag 1: Kunt u ons het KSD-advies zo snel mogelijk toesturen zodat we het kunnen betrekken bij onze voorbereiding?
06-09-
PvdA
Antwoord 1: Het advies is inderdaad per abuis niet bij de raadsstukken toegevoegd en is alsnog met de griffie gedeeld. Deze is nu bij de stukken van de vergadering gevoegd.
Pag 4, par 2, (hoog)specialistische jeugdhulp:
2022 Vraag 1: Wordt er in regionaal verband ook
Antwoord 1:
samengewerkt met bijvoorbeeld MDA++ teams?
Ja, in regionaal verband werken we samen met MDA++ teams.
Vraag 2:
Antwoord 2:
Werken we regionaal samen in het programma
Ja, wij maken deel uit van het programma ‘Geweld hoort nergens thuis’.
"Geweld hoort nergens thuis"? (https://vng.nl/nieuws/tussenrapportage-
pilots-met-aanpak-mda) Pag 4, par 2, gesloten jeugdzorg:
Antwoord 3: Op korte termijn zijn de cijfers voor de plaatsingen in de gesloten jeugdhulp
Vraag 3:
op gemeenteniveau niet te achterhalen. Hier moet dan op casusniveau op
Hoeveel kinderen uit de gemeente verblijven
ingezoomd worden. Wel is het mogelijk het aantal plaatsingen van het eerste
momenteel in de gesloten jeugdzorg? Vraag 4: In hoeverre hebben we dit in de afgelopen tijd weten terug te brengen? Pag 4, par 2, Citaat: “Dit betekent niet alleen het tijdig signaleren van problematiek (ook bijvoorbeeld armoede in een gezin of overbelasting van een of beide ouders) en hierop een passend ondersteuningsaanbod creëren, maar ook het inzetten op preventie.”.
half jaar van 2022 te presenteren. Op Zaanstreek-Waterland niveau waren dat er in totaal 4. Hier zitten geen kinderen uit gemeente Edam-Volendam bij. Antwoord 4: Middels het bovenregionale plan ‘Een thuis voor Noordje’ hebben we, samen met 8 jeugdhulpregio’s in Noord-Holland, de ambitie uitgesproken om de gesloten jeugdhulp zo goed als af te bouwen en de overgang (transitie) te maken naar kleinschalige, zoveel mogelijk gezinsgerichte, woonvormen. Door hierover bovenregionaal af te stemmen en samen te werken zorgen we in Noord-Holland voor een blijvend dekkend hulpaanbod en tegelijkertijd voor een uniforme transformatie van het aanbod. De eerste effecten hiervan lijken al zichtbaar te worden in de cijfers van de plaatsingen van het eerste halfjaar (in 2020 waren dat er 142, in 2021 waren dat er 105 en in 2022 zijn dat er 72). Deze cijfers gaan over heel Noord-West Nederland. Op het niveau van Zaanstreek-Waterland zijn deze verschillen kleiner (2020 = 9, 2021 = 3 en 2022 = 4), maar de verwachting is wel met de opbouw van kleinschalige voorzieningen dat we hier effecten van gaan zien.
Vraag 5: Wat gaan we anders doen dan de afgelopen periode, bijvoorbeeld qua ondersteuningsaanbod? Pag 5, 1.3, par 1:
Antwoord 5: In de aanbestedingen voor bijvoorbeeld het wijksteunpunt en de buurtkamers en het buurtwerk zijn deze principes en het inzetten op preventie nadrukkelijk
meegenomen in de opdrachtformulering. Ook in komende aanbestedingen sturen wij als gemeente op preventie. In de doorontwikkeling van het Breed Sociaal Loket staat de ondersteuningsvraag van de inwoners centraal, waarbij Vraag 6: Wanneer kunnen we welke uitvoeringsprogramma’s tegemoet zien? Is er een lijst van de voorgenomen programma’s? Wat is de planning voor maken programma’s en uitvoering? Kan dit in een overzicht als bijlage worden toegevoegd? Pag 7, kopje “organiseren”: Wanneer een situatie te complex wordt voor "reguliere ondersteuning" staat de burger vaak weer alleen, hoe wordt dit vangnet geborgd? Mensen verzuipen in de complexiteit. Pag 7, par 2.3, kopje “We zetten de inwoner centraal.”. Vraag 7: Wie houdt toezicht en op welke wijze wanneer een gebrek aan regie wordt geconstateerd? De gemeente heeft een monopoliepositie als het gaat om het constateren welke regie een inwoner aankan. Dit vraagt om voorzichtigheid en een kritische houding op het eigen handelen.
het ondersteuningsaanbod volgend is op de vraag. Antwoord 6: De keuzes die in de programmabegroting gemaakt worden zijn leidend voor de uitvoeringsprogramma’s en acties die we als gemeente de komende tijd in gaan zetten. Via de P&C cyclus wordt de gemeenteraad op de hoogte gehouden van de vorderingen. Antwoord 6 deel 2: Voor inwoners wordt onafhankelijke cliëntondersteuning geboden die in het belang van de inwoner meedenkt en helpt in de complexiteit. Door deze cliëntondersteuning aan te bieden borgen we het vangnet en de route van reguliere ondersteuning naar maatwerkvoorzieningen.
Antwoord 7: Dat is afhankelijk van de aard en complexiteit van de casuïstiek. Wanneer er geïndiceerde zorg toegepast wordt is toezicht een taak die hoort bij de betreffende zorgverlener.
Vraag 8:
Antwoord 8:
Hoe denkt het College hier vorm aan te geven?
Dit doen we door onder andere een cliënt-ervaringsonderzoek uit te voeren.
Pag 7, par 2.3, kopje “We werken preventief en
Daarnaast zijn de consulenten van het Breed Sociaal Loket continu bezig met
outreachend”. Hier wordt het begrip
deskundigheidsbevordering.
buurtkamers geïntroduceerd zonder uitleg. Vraag 9:
Antwoord 9:
Wat zijn dit? Waar zijn die? Worden de kleinere
De buurtkamers zijn onderdeel van de aanbesteding van het wijksteunpunt.
dorpen ook bediend? Pag 7 + 8, figuur 1 en toelichting onderaan pag 7: de vier rollen zijn nogal verschillend, het stuk verklaart enkel dat er gebruik van wordt gemaakt.
Buurtkamers zijn bedoeld als laagdrempelige plek in de buurt voor en door buurtbewoners. Buurtkamers worden op initiatief van buurtbewoners geïnitieerd en het SMD biedt hiervoor passende ondersteuning. Zodoende worden, bij behoefte, ook de kleinere dorpen bediend.
Vraag 10: Wat wordt hiermee bedoeld? Wanneer welke rol? Waarom wordt niet verder uitgewerkt? Wat wil het College hiermee? Nu lijkt het een volkomen wazige toevoeging. Graag een toelichting. Pag 11, kopje “Doorontwikkeling van het Breed Sociaal Loket”. Hier wordt het begrip “voorveld” genoemd. De definitie ontbreekt echter. Vraag 11: Kan deze worden toegevoegd? Dit vergroot de leesbaarheid voor mensen die niet bekend zijn met dit jargon. Geleend van de gemeente
Antwoord 10: De organisatie maakt soms gebruik van dit model om positie te bepalen in vraagstukken. Een nadere toelichting op het model is hier terug te vinden: https://www.nsob.nl/denktank/overzicht-van-publicaties/sedimentatiesturing.
Zwolle: “Onder het voorveld verstaan we alle activiteiten, vrijwilligers, voorzieningen, onderwijs, (welzijns)organisaties, stichtingen en netwerken in een buurt, wijk of stad die helpen bij het welzijn van inwoners.” Pag 12, 1e alinea: Op 12 juli j.l. is de motie “Actieplan Energiebesparing” aangenomen. De laatste zin
Antwoord 11: Deze wordt toegevoegd aan het document.
van de alinea constateert slechts dat er een probleem is en dat dit breed moet worden opgepakt. Vraag 12: Kan het College hierin concreter zijn? Pag 12, kopje “Terugdringen schuldenproblematiek”. De PvdA mist hier de erkenning dat mensen met schulden ook vaak last hebben van een stigma in de samenleving, namelijk dat het “eigen schuld, dikke bult” is. Dit vergroot de schaamte en eenzaamheid. Daarnaast zorgen problematische schulden vaak voor apathie, psychische en fysieke gezondheidsproblemen en eenzaamheid. Daardoor wordt iets
Antwoord 12:
noodzakelijks zoals bijvoorbeeld solliciteren
Het integraal beleidskader is primair een visiedocument dat richting geeft aan
bijna onmogelijk. De PvdA vraagt het College
de grote opgaven binnen de gemeente en het sociaal domein. In
ook oog te hebben voor deze aspecten en deze
uitvoeringsprogramma’s en de programmabegroting wordt concreet gemaakt
mee te nemen in het uitvoeringsprogramma.
welke inzet er gepleegd zal worden.
Vraag 13:
Antwoord 13:
Onderschrijft het College onze vraag? Pag 12,
Het stigma herkennen we en daar hebben we oog voor.
kopje “Inburgeraars doen mee”. U stelt hier dat inburgeraars het beste integreren door betaald werk, taal en participatie. Bent u het met ons eens dat integratie het beste gaat door mee doen? Dat kan door betaald werk zijn, maar ook door vrijwilligerswerk. Elke zinvolle bijdrage aan de samenleving kan bijdragen aan de integratie. Door hier de nadruk te leggen op het woordje betaald sluiten we mensen uit die goed integreren via andere wegen. Vraag 14:
Antwoord 14:
Wil het College het woordje betaald tussen
Nee, de belangrijke bijdrage die vrijwilligerswerk kan leveren valt onder
haakjes plaatsen? Pag 13, kopje “Bevorderen toegankelijkheid leefomgeving door vergroten zelfredzaamheid”. U sluit de alinea af met de wens om de samenwerking te verbeteren. Wat de PvdA betreft is dit onvoldoende. Wij vinden dat in onze gemeente een inhaalslag nodig is om de toegankelijkheid te verbeteren en te voldoen aan de eisen van het VN-verdrag.
‘participatie’.
Vraag 15:
Antwoord 15:
Is het College bereid hiertoe een
Vanuit Openbare Werken wordt er in de volle breedte gewerkt aan het
uitvoeringsprogramma op te zetten zodat we
verbeteren van de toegankelijkheid van de openbare ruimte. Hier ligt geen
hier ook echt mee aan de slag gaan? Voor de
specifiek uitvoeringsprogramma onder. Bij grote projecten worden
PvdA is alleen samenwerking niet voldoende, wij
ervaringsdeskundigen betrokken bij de planvorming.
zien graag concrete verandering. Pag 14, kopje “Cultuur voor iedereen”. Het College constateert terecht dat cultuur vaak lastig toegankelijk is voor mensen met een smalle beurs. Vervolgens wordt gesteld dat de nieuwe website van de cultuuragenda helpt. Het is de PvdA niet duidelijkheid hoe vindbaarheid iets goedkoper maakt. Vraag 16: Kunt u dit toelichten? Pag 14, kopje “Cultuur voor iedereen”. Er is in onze gemeente een
Antwoord 16:
regeling voor mensen met een laag inkomen.
Toegankelijkheid en zichtbaarheid zijn twee verschillende zaken. Aan beide
Hieronder vallen ook een bijdrage in de kosten voor sport en cultuur voor kinderen. De PvdA is hier blij mee, maar hiermee helpen we sociale inclusie van de volwassenen nog niet. Veel gemeenten kennen een `Stadspas´ of ´Gemeentepas´ waarmee inwoners met een laag inkomen korting krijgen op dit soort zaken.
onderdelen werken we hard.
Vraag 17:
Antwoord 17:
Is het College bereid te onderzoeken of een
Op dit moment is een dergelijke pas geen speerpunt van het college. Als de
dergelijke pas in onze gemeente zou kunnen
gemeenteraad hier andere ideeën bij heeft kan zij voorstellen indienen bij de
worden ingevoerd, inclusief eventuele financiële
begroting.
consequenties? Pag 14, kopje “Blijf in beweging”, laatste zin: Het is de ambitie van het college om dit voor iedereen mogelijk te maken. De PvdA mist het “hoe” hierbij. Vraag 18: Hoe gaan we dit doen? Wordt dit ook een opgave? Wat willen we concreet bereiken? Pag 16, kopje “Een plek voor iedereen”. Mooie ambities die de PvdA zeker onderschrijft, maar ook hier horen we graag hoe we dit concreet maken en of dit een opgave zou moeten zijn.
Antwoord 18: De ambities van het college worden nader uitgewerkt in een uitvoeringsnota die eind Q4 2022 of begin Q1 2023 ter kennisname gedeeld wordt met de raad.
Verder wordt opgemerkt dat dit wordt meegenomen in de programma’s van scholen. Vraag 19: Ook hier is de PvdA zeker voorstander van, maar
Antwoord 19:
vinden onze scholen dit ook? Pag 16, kopje
Ja, de scholen vinden dit ook zo.
“Schaamte”. In uw laatste zin stelt u de belangrijkste vraag: Wat kunnen we doen? Helaas wordt de vraag niet beantwoordt.
Vraag 20:
Antwoord 20:
Kan het College aangeven wat zij hier aan wil
Het thema is onderdeel van de opgave samenkracht. Vanuit het CJG en haar
doen en met wie? Wordt ook dit een opgave?
partners besteden we hier projectmatig aandacht aan.