Vraag en antwoord begroting 2025 uit commissie P&C
Tekst van het document
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C ID
Fractie(s)
Datum
Vraag
Antwoord
vraag Algemeen, leeswijzer en uitgangspunten, pagina 3 196
Volendam|80
21-10-
Bij raming 2025 wordt een indexatie % van
Antwoord:
2024
2% genoemd. Was eerst 4%.
Uitgangspunt voor het begrotingsjaar 2025 is dat alle ramingen zo
Vraag:
reëel mogelijk geraamd worden. Hier is dus sprake van maatwerk.
Is dit % nog wel reëel?
Als dit inzicht op het moment van ramen ontbreekt wordt in 2025 een indexatie van 2% toegepast. De organisatie streeft ernaar om binnen deze geraamde bedragen te blijven. Als blijkt dat de geplande werkzaamheden niet gedaan kunnen worden binnen de geraamde bedragen dan kan dit leiden tot een verkapte bezuiniging. Lees minder of anders doen dan gepland. Daar waar dit niet mogelijk is zullen we moeten bijramen. Dit kan in de voorjaars-, najaars- of winternota.
197
Volendam|80
21-10-
Onderaan de pagina worden bij
Antwoord:
2024
Salariskosten en Indexatie 2025, 4
In de personele begroting wordt onderscheid gemaakt tussen
verschillende percentages genoemd.
bestuur, griffie en ambtelijke organisatie. Op de griffie en de ambtelijke organisatie is qua financiële rechtspositie de Cao
Vraag: Graag iets meer achtergrond waar die verschillen vandaan komen en wat ze betekenen.
Gemeenten van toepassing. De financiële rechtpositie van de burgemeester en de wethouder volgt die van de Cao Rijk. De inhoud van deze cao’s kunnen onderling verschillen qua looptijd en afspraken, waaronder loonontwikkeling. De (onkosten)vergoeding voor een raadslid wordt jaarlijks door Het Ministerie Bzk bepaald aan de hand van een indexatiemethode. Aan het eind van het kalenderjaar informeert het Ministerie vervolgens de
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C gemeente wat de toegepaste indexatie dan betekent voor de vergoeding en de onkostenvergoeding die elk raadslid ontvangt, en afhankelijk van de inkomensklasse die op het raadslid van toepassing is. Ook voor de jaarlijks te bepalen kostenvergoeding van collegeleden wordt een indexatiemethode toegepast door het Ministerie van Bzk. In de meeste gevallen wordt de gemeente (aan het eind van het kalenderjaar) tegelijkertijd geïnformeerd over de toe te passen nieuwe bedragen van de vergoedingen voor zowel de college- als de raadsleden. In een Cao Gemeenten wordt bij een overeengekomen loonontwikkeling ook aangegeven of die loonontwikkeling doorwerkt in bijvoorbeeld een bovenwettelijke uitkering van een voormalig medewerker, en zo ja in welke mate. Bestaat de loonontwikkeling uit bijvoorbeeld een procentuele loonsverhoging en een zgn. nominale loonsverhoging, dan kan het zijn, dat afgesproken wordt dat alleen de procentuele loonsverhoging doorwerkt in de uitkering. Het uiteindelijke percentage uitkeringsverhoging wijkt dan af van de loonsverhoging voor de actieve medewerker binnen de cao Gemeenten. Pensioenen van gewezen wethouders en nagelaten betrekkingen van gewezen wethouders worden bepaald door de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa). Deze pensioenen volgen
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C weer de pensioenindexatie van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP). Het ABP bepaalt aan de hand van haar dekkingsgraad en het daarop afgestemde beleid of zij de ABP pensioenen in enig jaar indexeert. Bij het bepalen van de Appa pensioenbedragen voor een nieuw kalenderjaar wordt dan die indexatie gevolgd. Kortom: bijna elke doelgroep die is vertegenwoordigd binnen de personele begroting heeft een eigen rechtspositie die weer bepalend is voor de uitwerking van de te ramen (loon)kosten binnen die begroting. Bij het bepalen van de te ramen bedragen (loon)kosten is dan ook geen sprake van één uniforme route, en daarbij te betrekken opslagpercentages. Dit verklaart dan ook de verschillende benoemde opslagpercentages, en die afgeleid worden van de informatie zoals die bij het opstellen van de personele begroting voor de doelgroep bekend is, danwel daaruit indicatief kan worden afgeleid. Algemeen, Financiën, pagina 15 211
Lijst Kras
22-10-
Begroting Bestuur fluctueert.
Antwoord:
2024
Trapje af, Trapje op.
Dit heeft veel verschillende oorzaken. De toename van 2023 naar
Met name 2024 – 2025 hoog met 2 miljoen.
2024 wordt veroorzaakt door hogere geraamde lasten voor
Vraag:
salarissen en inhuur op vacatureruimte en door de eenmalige waardevermindering door het afvoeren van kredieten naar de onderhoudsvoorzieningen (waardevermindering). Deze laatste draagt ook bij aan het verschil tussen de ramingen van 2024 en
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C Waar is de terugloop en vervolgens de
2025 (+€ 440k). Deze komt alleen in 2024 voor en niet in 2025. In
schommeling van kosten Overhead op
2024 is ook de toevoeging aan de voorzieningen € 332k hoger dan
gebaseerd?
in 2025. In 2024 is ook een eenmalige investering in ICT middelen geraamd van € 340k. Deze lasten mogen niet geactiveerd worden en komen ineens ten laste van de exploitatie. Als laatste oorzaak kan worden gewezen naar de toewijzing van exploitatielasten aan diverse (bouw)projecten. Deze ligt in 2025 veel hoger en zorgt voor een negatieve last in de exploitatie van 2025.
Bestuur, Beleidsindicatoren, pagina 16 212
Lijst Kras
22-10-
Vraag 1:
Antwoord 1:
2024
Waar is de afzet tegenover het gemiddelde
De gegevens daarvoor waren op het moment van oplevering nog niet
van Nederland?
beschikbaar.
Vraag 2:
Antwoord 2:
Heeft de gemeente door Berenschot wel eens een benchmark onderzoek gedaan om dit te onderzoeken?
De gemeente heeft tot op heden geen benchmark onderzoek gedaan. De belangrijkste reden is dat gemeenten onderling sterk verschillen in omvang en mate van in-uitbesteding. Daarbij kan een benchmark geen oordeel geven over de vergelijkende cijfers. Er bestaat geen ‘goed’ of ‘fout’ op organisatorische kosten.
Vraag 3: Waarom is er bij geen enkele indicator het gemiddelde van Nederland gepresenteerd? Publiek, veiligheid en juridische zaken, Financiën, pagina 23
Antwoord 3: De gegevens daarvoor waren op het moment van oplevering nog niet beschikbaar.
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C 213
Lijst Kras
22-10-
2.05 KCC/Burgerzaken kosten lopen tussen
Antwoord:
2024
2024 en 2028 op met 190K. De baten lopen
De kosten bij product 2.05 lopen op tussen 2024 -2028 door
met 142K terug in deze periode.
indexering van de diverse (personeels-)budgetten. Dit jaar (2024) is
Dit is een verschil van 332K.
de (verwachte) piek in vervanging van de reisdocumenten. De raming
Vraag:
voor de leges reisdocumenten is met € 142.000 verhoogd voor 2024
Graag een onderbouwing van deze kostenstijging en terugloop van de baten.
(in de Najaarsnota 2024). De overige baten zijn in 2024-2028 niet gewijzigd.
Begroting Ruimtelijke Ontwikkeling, Financiën, pagina 32 214
Lijst Kras
22-10-
3.07 Duurzaamheid.
Antwoord:
2024
Vraag:
Op het onderdeel Duurzaamheid wordt in de Winternota 2024 een
Graag een verklaring en onderbouwing voor
herijking uitgevoerd. De gevolgen hiervan zijn nog niet zichtbaar in
de enorme daling van de kosten en baten inzake Duurzaamheid
het document Begroting 2025, omdat de gevolgen van de herijking pas in december 2024 aan de gemeenteraad worden aangeboden. Gebleken is dat in de geraamde lasten voor duurzaamheid rekening is gehouden met uitgaven die ook al zijn meegenomen in de geraamde personeelskosten (Salarissen en inhuur). Hierdoor is in zekere zin sprake van het opnemen van dubbele lasten in het budget. In de Winternota wordt dit gecorrigeerd waardoor in 2024 eenmalig een bedrag vrijvalt naar het saldo begroting van € 720.000. Daarnaast is op het terrein van Duurzaamheid sprake van budgetten die een directe relatie hebben met Rijks- en provinciale subsidies. De looptijd van deze subsidies (voor zover nu bekend) heeft een einddatum die per beschikking varieert. (Ultimo 2025/2027/medio 2026/2027) Dit leidt tot fluctuaties in de budgetten van jaar tot jaar.
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C Ruimtelijk Beheer, Financiën, Uitbreiding krediet reconstructie Julianaweg, pagina 41 198
Volendam|80
21-10-
Er staat: "Binnen contracten is er sprake van
2024
een spreiding van risico’s voor opdrachtgever en aannemer. Als er sprake is van uitzonderingen, zoals in dit geval de Corona crisis, wordt bekeken wat acceptabel is. Hiervoor is vanuit het Rijk een handreiking geschreven. Deze handreiking is binnen alle contracten binnen Openbare Werken toegepast. Er volgt een raadsinformatiebrief met een uitgebreide toelichting op dit onderwerp." Vraag 1: Wanneer komt die RIB? Vraag 2: Betaalt het rijk dan mee? Vraag 3: Is het sowieso niet een idee om de spreiding van risico's opdrachtgever versus aannemer opnieuw te bekijken?
Antwoord 1: Dit onderwerp betreft extreme kostenverhogende omstandigheden en is behandeld door Inkoop. Er komt vanuit Openbare Werken geen RIB over dit onderwerp. Antwoord 2: Deze handreiking was intern opgesteld, niet vanuit het Rijk. Het Rijk betaalt niet mee, het college heeft deze handreiking vastgesteld. Antwoord 3: Voor de spreiding van risico’s is sprake van vigerende regelgeving. Die kunnen wij als gemeente niet eenzijdig bepalen.
Begroting, Sociaal Domein, Algemeen, pagina 45 199
Volendam|80
21-10-
Er staat: "We zullen de effectiviteit van de
2024
maatregelen waar mogelijk gaan meten aan
Antwoord 1:
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C de hand van diverse prestatie-indicatoren.
Binnen het sociaal domein hebben we veel contractpartners die
Deze zijn op veel gebieden nog in
dienstverlening voor ons uitvoeren. Denk bijvoorbeeld aan het
ontwikkeling."
activiteitenaanbod (zowel voor jeugd als volwassenen/ouderen), de dienstverlening van het Wijksteunpunt en het Centrum voor Jeugd en
Vraag 1: Hebben jullie hier voorbeelden van? Waar moeten we dan aan denken?
Gezin (CJG). Middels contractmanagement wordt gemonitord of de partijen de dienstverlening goed uitvoeren en of zij de gewenste resultaten bereiken. Bij de dienstverlening van het Wijksteunpunt en CJG wordt bijvoorbeeld gemonitord of de ingezette trajecten met een positief resultaat zijn afgerond (wat wil zeggen dat de hulpvraag is opgelost en geen verdere hulp meer nodig is). Aan de hand hiervan monitoren wij of we verwijzingen naar specialistische (en dus duurdere) hulp hebben voorkomen en of inwoners weer in hun eigen kracht staan. Bij activiteiten monitoren we hoeveel inwoners gebruik maken van een activiteit. Als dit er weinig zijn of steeds dezelfde, dan gaan we met de aanbieder in gesprek of de activiteit nog wel uitgevoerd moet worden of dat we het aanbod moeten aanpassen.
Vraag 2: Is dit Iets voor een themaraad?
Antwoord 2: Indien gewenst kan dit onderdeel zijn van een themaraad in 2025. Dit kan eventueel gecombineerd worden met de nieuwe verordeningen Wmo en Jeugd en de uitvoering van de kadernota op een aantal punten (denk aan de herinrichting van de toegang).
Begroting, Sociaal Domein, Toegankelijkheid, pagina 47 200
Volendam|80
21-10-
Er staat: "Doorontwikkelen van de basis
Antwoord 1:
2024
jeugd-GGZ en POH-functie ter voorkoming
Als gemeente hebben we vrij-toegankelijke GGZ voor jeugd en gezin
van toenemende kosten jeugdhulp." en we
ingekocht welke uitgevoerd wordt door een kinder- of
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C zetten regionaal in op het versnellen van
jeugdpsycholoog. Deze psycholoog biedt ondersteuning aan
afschalen en uitstromen in de
jeugdigen met psychische en/of psychosociale problemen. Het idee
specialistische jeugdhulp."
is dat deze psycholoog de spil is in de ondersteuningsstructuur tussen huisartsen (vanuit de POH-rol), het team Jeugd van het BSL en
Vraag 1: Zijn hier voorbeelden van? Waar moeten we dan aan denken?
de tweedelijns zorgaanbieders (de ingekochte aanbieders van de specialistische jeugdhulp). Omdat we al jaren zien dat veel verwijzingen naar de specialistische GGZ gedaan worden door onze huisartsen is het van belang dat deze psycholoog goed gevonden wordt door de huisartsen zodat deze verwijzingen, indien mogelijk worden voorkomen. Daarom wordt nu ingezet op nadere kennismaking en het beter inrichten van de POH-functie (meer aanwezig zijn op de locaties van de huisartsen en nauwere samenwerking tussen alle huisartsen en de psycholoog). Regionaal wordt met specialistische aanbieders gesproken over de wijze waarop afschalen en uitstromen meer bevorderd wordt. De invloed die wij daar lokaal op hebben is een zo sterk mogelijke toegang inrichten, bijvoorbeeld met de hierboven genoemde basis GGZ.
Vraag 2: Is dit iets voor een themaraad?
Antwoord 2: Indien gewenst kan dit onderdeel zijn van een themaraad in 2025. Dit kan eventueel gecombineerd worden met de nieuwe verordeningen Wmo en Jeugd en de uitvoering van de kadernota op een aantal punten (denk aan de herinrichting van de toegang, waar de basis jeugd-GGZ incl. de POH jeugd-functie onderdeel van is).
Begroting Sociaal Domein/Samenleving, Financiën, pagina 52
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C 215
Lijst Kras
22-10-
Op talentonwikkeling wordt bezuinigd. Ik
Antwoord 1:
2024
neem aan dat het hier gaat om YourTalent.
Zoals in die beantwoording van de raadsvragen met betrekking tot
De omschrijving van deze bezuiniging was vaag.
de kadernota al is aangegeven, willen we per 2026 de activiteiten van YourTalent en programma LEF gaan bundelen. Op die manier hopen we de wijze waarop het aanbod ingericht wordt efficiënter te
Vraag 1: Is er meer duidelijkheid over bezuiniging op YourTalent en LEF? Graag hier een uitleg over.
maken. De wijze waarop de bezuiniging exact gerealiseerd gaat worden is nog niet bekend, omdat met de uitwerking nog gestart moet worden. Vandaar dat er ook nog weinig duidelijk is over welk effect dit gaat hebben op het huidige aanbod. Hier gaan we nog met de huidige aanbieder over in gesprek. Hierover komen we in 2025 graag bij u terug. Hieronder volgt de beantwoording van de raadsvraag welke gesteld was tijdens het aanbieden van de kadernota. Dit ter informatie: Tot op heden werden de alternatieve activiteiten van Weekend Fun Nighs (programma LEF) en de georganiseerde vrijetijdsbesteding in het kader van talentontwikkeling vanuit verschillende budgetten betaald. Het bezuinigingsvoorstel schetst een situatie waarin de activiteiten in het kader van talentontwikkeling en programma LEF uit één pot, gefinancierd zullen worden. De bezuiniging houdt in dat het aanbod van alternatieve activiteiten, gefaciliteerd vanuit de gemeente, zal worden versoberd.
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C De component vrijetijdsbesteding is binnen programma LEF één van de drie pijlers die gezamenlijk moeten leiden tot het terugdringen van de startleeftijd van alcohol en het middelengebruik van jongeren tot 18 jaar in gemeente Edam-Volendam. Wanneer ouders aan de slag gaan met regels stellen, samen afspraken maken en toezicht houden en zij weten de tieners ervan te weerhouden naar “zitjes” te gaan of zelf “zitjes” te organiseren, is het van belang dat de jongeren wel passende alternatieve mogelijkheden hebben. Hetzelfde geldt in relatie tot de handhaving. Wanneer de horeca niet langer een optie is, is het van belang dat de jongeren een passend alternatief aangeboden krijgen. Het afschalen van het budget, betekent het afschalen van het aanbod van alternatieve activiteiten. Daarnaast betekent het, dat we ons huidige netwerk aan samenwerkingspartners in het veld niet op dezelfde wijze aangehaakt kunnen houden. De partners organiseren niet alleen de activiteiten, het zijn ook de vlaggendragers van de boodschap van LEF en de rolmodellen voor onze jeugd. Kansen en mogelijkheden Voor programma LEF betekent de bezuiniging dat de focus meer richting de component ouderbetrokkenheid zal gaan. Uit de meest recente cijfers uit de jeugd gezondheidsmonitor komt ook naar voren dat extra aandacht voor deze component wenselijk is.
De activiteiten voor Weekend Fun Nights (LEF) en talentontwikkeling zullen vanuit één pot en één organisatie opgetuigd worden. Dit kan
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C bijdragen aan efficiënter organiseren van activiteiten en een doorlopende lijn tussen de verschillende percelen en activiteiten. Korte toelichting op de invulling van talentontwikkeling Talentontwikkeling wordt binnen gemeente Edam-Volendam in de huidige situatie opgetuigd in drie percelen: I: De Your Talent trein die alle PO scholen bezoekt om kinderen de kans te bieden hun talenten te ontdekken binnen de competentiegebieden: technisch, creatief, cognitief, sociaalemotioneel en fysiek,. II: Het Your Talent vakantieaanbod. In de schoolvakanties worden activiteiten georganiseerd die aansluiting hebben op de competentiegebieden genoemd bij 1. III: Talentontwikkeling in de vrije tijd (naschoolse aanbod). Verenigingen, organisaties en ondernemers kunnen aanvullend op punt 1 en 2 een voorstel indienen om reeksen activiteiten te organiseren na schooltijd. Op die manier maken we de schakel tussen talentontdekking en talentontwikkeling en betrekken we onze lokale verenigingen en organisaties. Risico’s:
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C Het programma talentontwikkeling kan niet kunnen worden voortgezet in de huidige vorm. Er zal een nieuwe opdracht geformuleerd moeten worden waarin voor een lager bedrag, vrijetijdsbesteding opgetuigd dient te worden voor alle percelen van talentontwikkeling en Weekend Fun Nights (LEF). Het aanbod zal dus in zijn geheel minder uitgebreid zijn dan het huidige aanbod. Relatie Talentontwikkeling en LEF: Uit onderzoek weten we dat talentontwikkeling en georganiseerde vrijetijdsbesteding positief bijdragen aan het sociaal welbevinden, aan de weerbaarheid, betere schoolprestaties en identiteitsontwikkeling van kinderen/jongeren. Dit zijn allerlei zaken die ook weer van belang zijn als het gaat om bestand zijn tegen de groepsdruk die zich afspeelt rondom het vroegtijdig drinken van alcohol. Door al vanaf 4 jaar aan de slag te gaan met talentontdekking, -ontwikkeling en zinvolle vrijetijdsbesteding, gevolgd door het bieden van alternatieve activiteiten op de vrijdagen zaterdagavond wanneer de tienerjaren aanbreken, verkleinen wij de kans op het vroegtijdig organiseren en/of bezoeken van “zitjes” en drinken van alcohol. Kansen en mogelijkheden We kunnen een aanbod behouden binnen alle percelen van talentontwikkeling en Weekend Fun Nights.
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C
De activiteiten voor Weekend Fun Nights (LEF) en talentontwikkeling zullen vanuit één pot en één organisatie opgetuigd worden. Dit kan bijdragen aan efficiënter organiseren van activiteiten en een doorlopende lijn tussen de verschillende percelen en activiteiten. Onderdeel financiën: Situatie LEF 2024: €117.439 waarvan €60.000 voor Weekend Fun Nights Situatie Talentontwikkeling 2024: €588.700 waarvan €382.635 in aanbesteding Your Talent perceel I en II en €206.065 voor perceel III. Situatie na bezuinigingsvoorstel in 2026: LEF: €100.000 volledig te besteden aan beleid ten gunste van ouderbetrokkenheid, marketing en communicatie. Talentontwikkeling: €335.853 voor een nieuwe opdracht voor Talentontwikkeling breed, inclusief Weekend Fun Nights (LEF) Situatie na bezuinigingsvoorstel in 2027: LEF: €100.000 volledig te besteden aan beleid ten gunste van ouderbetrokkenheid, marketing en communicatie Talentontwikkeling: €320.367 voor een aangepaste opdracht voor Talentontwikkeling breed + Weekend Fun Nights
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C
Antwoord 2: Vraag 2: Welk effect heeft de bezuiniging op de activiteiten van YourTalent?
Dit is nog niet bekend omdat nog gestart moet worden met de uitwerking van de bezuiniging, daarom is het nog te vroeg hier een goed en gedegen antwoord op te geven. Hierover komen we in 2025 graag bij u terug. Vanzelfsprekend zal ook hierover het gesprek met de huidige aanbieder worden aangegaan.
Vraag 3: Is er rekening gehouden dat dit effect de ontwikkeling van kinderen kan beïnvloeden?
Antwoord 3: Dit zal onderdeel worden van de uitwerking van het bezuinigingsvoorstel rondom de activiteiten van talentontwikkeling en LEF. Vanzelfsprekend gaan we ervoor dat de wijze waarop het in de nieuwe situatie ingericht zal worden geen negatief effect zal hebben op de ontwikkeling van kinderen.
Paragraaf, Lokale heffingen, pagina 65 + 66 216
Lijst Kras
22-10-
Vraag: Waarom wordt voor grafrechten,
Antwoord:
2024
leges en havengeld niet een
Bij de grafrechten is er zeker een streven de tarieven voor de
kostendekkendheid nagestreefd?
diensten kostendekkend te laten zijn. Dit is ook aangegeven in de paragraaf Lokale Heffingen. Een verhoging van de tarieven voor de gemeentelijke havens tot kostendekkend niveau, maken het verblijf in de havens zeer prijzig en onaantrekkelijk. Het is niet reëel alle kosten die aan de exploitatie van de havens zijn verbonden te verhalen op de bezoekers aan de haven. In de tarieventabel leges zijn tientallen tarieven opgenomen. Voor veel specifieke diensten worden voor zover mogelijk kostendekkende tarieven geheven. Een aantal tarieven is aan een
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C maximum gebonden (bv. reisdocumenten en rijbewijzen). Opbrengsten voor andere diensten zijn zeer afhankelijk van de vraag (bv. omgevingsvergunningen). Volledig verhaal van alle kosten die aan de dienstverlening van de gemeente zijn verbonden, en waar de burgers alleen bij de gemeente voor terecht kunnen, vereist in sommige gevallen en voor zover mogelijk fors hogere tarieven. Paragrafen, Weerstandsvermogen en risicobeheersing, benodigde weerstandscapaciteit, pagina 70 202
Volendam|80
21-10-
De laatste kolom in de tabel toont de
2024
"gemiddelde weging" %. Die zijn veranderd t.o.v. vorig jaar. Vraag 1: Wat is daarvoor de reden. Vorig jaar werd gemeld dat de risicobeheersing verder geprofessionaliseerd kan worden dmv van bijvoorbeeld monte carlo simulaties
Antwoord 1: Elk risico hoort bij een categorie. De gemiddelde weging van een categorie hangt af van kans, impact en omvang van individuele risico’s. Omdat er steeds risico’s bij komen, of af gaan, of omdat kans en impact wijzigen, wijzigt dus ook de verdeling over de categorieën
Vraag 2:
Antwoord 2:
Wat is de status daarvan?
De monte carlo simulatie voeren wij nu uit bij de jaarrekening en hiermee toetsen wij onze eigen risicoanalyse. Een goede monte carlo analyse begint echter bij gestructureerd risicomanagement. De periodieke risico inventarisatie is bij de gemeente echter nog altijd een ad-hoc activiteit die niet gestructureerd plaatsvindt. Al een tijdje staat het actualiseren van de nota weerstandsvermogen en risicomanagement op de agenda, maar door de ontwikkelingen de
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C afgelopen jaren zoals een nieuw financieel pakket, uitbreiding P&C cyclus en vacatures, was hiervoor onvoldoende capaciteit beschikbaar. Momenteel wordt er een afstudeeronderzoek gestart door een student, die uiteindelijk een plan van aanpak zal presenteren voor de implementatie van risicomanagement bij onze gemeente. Begroting, Paragraaf, Weerstandsvermogen en risicobeheersing, Financiële kengetallen, pagina 72 218
Lijst Kras
24-10-
Gezien stijgende armoede en "stille"
Antwoord:
2024
armoede binnen onze gemeente ook een
Edam-Volendam kent de laagste armoedecijfers van Noord-Holland
probleem is, zou ik de volgende vraag nog beantwoord willen zien:
(bron; CBS oktober 2024) mede dankzij gerichte lokale inspanningen. De gemeente biedt ondersteuning op maat, zoals energiesubsidies voor huishoudens met een laag inkomen en andere
Vraag: Zijn er zorgen over draagkracht onder de bevolking? Graag een onderbouwing van het antwoord.
(minima)regelingen. Hoewel de armoede blijft bestaan, ligt de nadruk op vroegtijdige interventie. Daarvoor zijn 2 consulenten vroegsignalering/schuldhulpverlening actief en werken zij nauw samen met o.a. energieleveranciers, corporaties en ziektekostenverzekeraars wanneer er betalingsachterstanden (dreigen te) ontstaan, waardoor, ondanks financiële problemen, kansen worden geboden om in een vroeg stadium samen met de inwoner naar een oplossing toe te werken.
Paragraaf, Weerstandsvermogen en risicobeheersing, Financiële kengetallen, pagina 72 217
Lijst Kras
22-10-
De solvabiliteit daalt structureel van 45,1%
2024
in 2023 naar 22,9% in 2028. De belastingcapaciteit blijft relatief stabiel tot 2026, maar springt daarna significant naar 100,6% in 2027.
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C
Vraag 1:
Antwoord 1:
Hoe verwacht het college dat de
Onderdeel van de ombuigingsvoorstellen zijn ook extra verhogingen
belastingdruk zich verder zal ontwikkelen
van de OZB en andere belastingen. De Belastingsdruk zal, als de
na 2028?
voorstellen overgenomen worden, stijgen. De weging tussen
Zijn er zorgen over draagkracht onder de
benodigde financiering, investeringen in relattie tot
bevolking?
exploitatieruimte zal in de commissie P&C besproken worden met de behandeling van het voorstel over krediet en investeringsplafond.
De netto schuldquote en solvabiliteit wijzen op een verslechterende financiële positie, terwijl de belastingcapaciteit en exploitatieruimte relatief stabiel blijven. Vraag 2: Hoe weegt het college de balans tussen deze factoren, en welke risico’s ziet het college voor de financiële gezondheid van de gemeente?
Antwoord 2: Het college is zich bewust van de druk op de liquiditeit van de gemeente en de financieringsbehoefte die samenhangt met de ambities. Er worden verschillende alternatieven onderzocht voor de financieringsbehoeften, bijvoorbeeld door te kijken of wij de bouw van scholen en de daarbij behorende financiering kunnen decentraliseren naar de scholen, investeringen in aparte entiteiten kunnen onderbrengen met projectgebonden financiering, etc. Daarnaast komt er een voorstel voor een investeringsplafond. Met deze maatregelen hoopt de gemeente de financiële gezondheid te borgen.
Vraag 3:
Antwoord 3:
Welke scenario’s worden overwogen als de
Er zijn op dit moment nog geen scenario analyses gemaakt. Concern
netto schuldquote en solvabiliteit zich
control houdt de ontwikkeling van de liquiditeit nauwlettend in de
slechter ontwikkelen dan voorspeld? Zijn er
gaten en zoals hiervoor aangegeven onderzoeken zij ook
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C plannen om mogelijke tegenvallers op te
alternatieven. Zowel door kritisch te kijken naar de ambities als door
vangen?
het onderzoeken van alternatieve investeringsstructuren en financieringsmogelijkheden.
Paragrafen, Financiering, Algemeen, pagina 80 203
Volendam|80
21-10-
De laatste lening is afgesloten voor het
2024
financieren van grondaankopen in de Purmer.
Antwoord:
Vraag:
Met de andere lening is het oplopende tekort op de rekening-
Is aan te geven wat er met die andere lening
courant gefinancierd. Met de lening zijn dus alle andere uitgaven
gefinancierd gaat worden?
gefinancierd, zowel exploitatie als lopende projecten/investeringen.
Paragrafen, Financiering, Langlopende leningen, pagina 83 204
Volendam|80
21-10-
In de tabel met het overzicht van
2024
langlopende leningen zijn toekomstige leningen niet meegenomen.
Vraag 1: Enig idee hoeveel leningen er nog bij komen als we de grootste geplande projecten doorzetten en is er een wettelijk max
Antwoord 1: Uit gesprekken met de BNG is gebleken dat het maximum voor onze gemeente rond de € 120 - € 160 mln. ligt.
toegestaan % langlopende leningen? Vraag 2:
Antwoord 2:
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C Hebben we goed begrepen dat we met P&C
In een volgende commissie zal een voorstel voor een kredietplafond
hier tijdens een van de volgende
worden ingebracht.
vergaderingen kaders (bandbreedtes) voor gingen stellen? Begroting, Paragraaf, Bedrijfsvoering, Algemeen - Personeel, pagina 85/86 209
Lijst Kras
22-10-
Pagina 85
Antwoord 1:
2024
Vraag 1:
De werkelijke inhuurkosten na het derde kwaraal bedragen € 6,9
Wat is de werkelijke stand van de inhuur per
mln.
heden? Antwoord 2: Vraag 2:
In de personele begroting is een jaarlijks budget inhuur derden
Is het geraamde bedrag voor inhuur derden
opgenomen van € 500.000,-. Dit budget is bestemd voor de kosten
realistisch als we dit afzetten tegenover de werkelijke cijfers van voorgaande jaren?
inlening derden om zgn. personele frictie in een begrotingsjaar op te kunnen vangen. Personele frictie die wordt veroorzaakt door o.a. de vervanging in geval van langdurige uitval van medewerkers a.g.v. ziekte/arbeidsongeschiktheid en om onvoorziene pieken in het werkaanbod met tijdelijke extra inzet op te vangen (zoals bijvoorbeeld toen bij de uitvoering van de eenmalige energietoeslag). Daarnaast wordt een beroep gedaan op externe inlening/inhuur derden om een invulling te kunnen geven aan moeilijk vervulbare vacatures binnen de gemeentelijke organisatie. Voor de dekking van die inlening wordt de vacatureruimte binnen de personele begroting aangewend. Uitgangspunt bij die aanwending is om zo veel en zo goed als mogelijk binnen de daarvoor beschikbare dekking te blijven. Dit lukt niet altijd bij elke met een externe inlening tijdelijk
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C Pagina 86
ingevulde vacante formatieplaats, en daarin staat de gemeente niet
In juli was deze al 7,1%. Na het derde
alleen. De kosten verbonden aan een externe inlening overstijgen in
kwartaal is dit gedaald naar 6,8%. Waarbij overheidsinstellingen op 5,4 procent zijn
de meeste gevallen de aan een vacature verbonden dekking. Door de krapte op de arbeidsmarkt is dit een algemeen merkbare
gestegen. Het CPB beschrijft dat het
constatering.
aanpassingsproces van de lonen op de
Er wordt op ingezet om zoveel als mogelijk aan de bestaande (en
inflatieschok uit 2022 nog niet volledig
dus ook de moeilijkere invulbare vacatures) toch een invulling te
voltooid is en dat volgend jaar de
kunnen geven met eigen medewerkers, waardoor de uitgaven voor
verwachting is dat de loonstijging
de inhuur derden teruggebracht kunnen worden.
gemiddeld 4,3% zal zijn. Antwoord 3: Vraag 3:
Het CPB heeft in haar uitgave Centraal Economisch Plan 2024
Waarom wordt niet gekeken naar
aangegeven, dat de loonstijging in 2024 uitkomt op 6% en dat (naar
gemiddelde landelijke CAO-stijging?
verwachting) de loonstijging in 2025 afneemt tot 3,9%. Daarbij wordt aangetekend, dat de cijfers dan een gemiddelde zijn, waarbij ook rekening is gehouden met bedrijfstakken waarin de loongroei sinds de inflatieschok relatief beperkt is geweest en in de afgelopen periode bezig zijn met een inhaalslag. Binnen de lopende Cao Gemeenten is nog een loonontwikkeling afgesproken van 6% over de cao-duur van 1 januari 2024 tot 1 april 2025. De loonontwikkeling vanaf 2022 binnen de Cao Gemeenten was voor de lagere salarisschalen ongeveer 18% en voor de hogere salarisschalen 13%, waarmee redelijkerwijs in de achterliggende periode de inflatieschok al is opgevangen. Het voor de personele begroting 2025 gehanteerde uitgangspunt van een verwachte loonontwikkeling van 3% past binnen de verwachting van De
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C Nederlandse Bank v.w.b. de inflatieontwikkeling voor 2025 (< 3%) en het ingenomen standpunt van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten om voor de a.s. cao-onderhandelingen voor een nieuwe cao vanaf 1 april 2025 uit te gaan van een prudente loonontwikkeling die past bij de financiële ontwikkelingen voor gemeenten en gemeentelijke organisaties. Vraag 4:
Antwoord 4:
Is het niet verstandiger om het CAO
Met betrekking tot deze vraag wordt verwezen naar de
percentage voor 2025 aan te passen naar 5% om grote bijstellingen als dit jaar te
beantwoording van vraag 3.
voorkomen? De verwachting is namelijk dat de loonstijgingen boven de inflatie (3,2%) blijven vanwege het aanpassingsproces op de inflatieschok. Begroting, Paragrafen, Bedrijfsvoering, pagina 86 205
Volendam|80
21-10-
Er staat:
2024
"Binnen de primitieve raming personele uitgaven voor 2025 is, en naast de daarop afgestemde besluitvorming rond benodigde formatie, uitgegaan van de nog lopende Cao Gemeenten (met een duur tot 1 april 2025) en een verwachte loonkostenontwikkeling binnen een nieuw te sluiten cao vanaf 1 april 2025 van 3% ten opzichte van het huidige loonkostenpeil."
Antwoord 1: In de personele begroting wordt onderscheid gemaakt tussen bestuur, griffie en ambtelijke organisatie. Op de griffie en de ambtelijke organisatie is qua financiële rechtspositie de Cao Gemeenten van toepassing. De financiële rechtspositie van de burgemeester en de wethouder volgt die van de Cao Rijk. De inhoud
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C van die cao’s kunnen onderling verschillen qua looptijd en Vraag 1:
afspraken, waaronder loonontwikkeling.
Waar is die 3% op gebaseerd? De (onkosten)vergoeding voor een raadslid wordt jaarlijks door Het Ministerie Bzk bepaald aan de hand van een indexatiemethode. Aan het eind van het kalenderjaar informeert het Ministerie vervolgens de gemeente wat de toegepaste indexatie dan betekent voor de vergoeding en de onkostenvergoeding die elk raadslid ontvangt, en afhankelijk van de inkomensklasse die op het raadslid van toepassing is. Ook voor de jaarlijks te bepalen kostenvergoeding van de collegeleden wordt een indexatiemethode toegepast door het Ministerie van Bzk. In de meeste gevallen wordt de gemeente (aan het eind van het kalenderjaar) tegelijkertijd geïnformeerd over de toe te passen nieuwe bedragen van die vergoedingen van zowel de collegeleden als de raadsleden vanaf 1 januari van het nieuwe kalenderjaar. In een Cao Gemeenten wordt bij een overeengekomen loonontwikkeling ook aangegeven of die loonontwikkeling doorwerkt in bijvoorbeeld een bovenwettelijke uitkering van een voormalig medewerker, en zo ja in welke mate. Bestaat de loonontwikkeling uit bijvoorbeeld een procentuele loonsverhoging en een zgn. nominale loonsverhoging, dan kan het zijn, dat afgesproken wordt dat alleen de procentuele loonsverhoging doorwerkt in de uitkering. Het
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C uiteindelijke percentage uitkeringsverhoging wijkt dan af van de loonsverhoging voor de actieve medewerker binnen de cao Gemeenten. Pensioenen van gewezen wethouders en nagelaten betrekkingen van gewezen wethouders worden bepaald door de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa). Deze pensioenen volgen weer de pensioenindexatie van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP). Het ABP bepaalt aan de hand van haar dekkingsgraad en het daarop afgestemde beleid of zij de ABP pensioenen in enig jaar indexeert. Bij het bepalen van de Appa pensioenbedragen voor een nieuw kalenderjaar wordt dan die indexatie gevolgd. Kortom: bijna elke doelgroep die is vertegenwoordigd binnen de personele begroting heeft een eigen rechtspositie die weer bepalend is voor de uitwerking van de te ramen (loon)kosten binnen die begroting. Bij het bepalen van de te ramen bedragen (loon)kosten is dan ook geen sprake van één uniforme route, en daarbij te betrekken opslagpercentages. Dit verklaart dan ook de verschillende benoemde opslagpercentages die afgeleid worden van de informatie zoals die bij het opstellen van de personele begroting voor de doelgroep bekend is, danwel daaruit indicatief kan worden afgeleid. Vraag 2:
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C Realistisch?
Antwoord 2: Ja.
Financiën, Financiële positie, pagina 98 206
Volendam|80
21-10-
Gemeentefonds 2028.
Antwoord:
2024
Er wordt uitgegaan van een stijging van 1
De oorspronkelijke raming die was opgenomen in 2028 was
mln in 2028. Het is nog ver weg en het rijk
dezelfde raming als die van 2027. Bij de jaarovergang van het
is niet bepaald betrouwbaar gebleken bij
financiële systeem worden immers de waarden van het laatste jaar
het doen van gemeentefonds uitkeringen.
gekopieerd naar het nieuwe jaar. Uit eerdere circulaires was al
Vraag:
gebleken dat de uitkering in 2028 hoger zou uitvallen dan die van
Is deze 1 mln dan wel realistisch?
2027. Dit was dus een realistische raming. Na het uitkomen van de mei- en septembercirculaire is de uitkering van 2028 nog veel hoger uitgevallen. Of dit uiteindelijk zo blijft zal de toekomst uitwijzen.
Financiën, Financiële positie, Toelichting Kadernota - Bijlage 5 - Ombuigingen WMO/Jeugd, pagina 98 207
Volendam|80
21-10-
Er staat: "In bijlage 5 van de Kadernota
2024
wordt in het streven naar een sluitende exploitatie in de meerjarenbegroting 20252028 voorgesteld: - Aan de reserve Sociaal Domein in 2025 € 800.000 en in 2026 € 200.000 te onttrekken; - Aan de Reserve opvang Oekraïne in de jaren 2025 tot en met 2028 respectievelijk € € 800.00, € 700.000, € 700.000 en € 100.000 te onttrekken." Vraag 1:
Antwoord 1: Om een sluitende begroting te krijgen wordt een onttrekking aan de reserve in de begroting opgenomen. In de begroting is dit een Baten.
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C Hoe moeten we dit plaatsen/zien? Antwoord 2: Vraag 2:
Deze onttrekkingen zijn geen ombuigingen maar
Zijn dit extra door het college voorgestelde
dekkingsvoorstellen in de begroting.
ombuigingen? Antwoord 3: Vraag 3:
De onttrekkingen zijn gebaseerd op het geraamde tekort. Reserves
Waar zijn deze onttrekkingen op gebaseerd
zijn, voor de raad, vrij besteedbare middelen. In tegenstelling tot
en kan dit zomaar?
voorzieningen liggen hier geen verplichtingen onder.
Financiën, Overzicht Incidentele Baten en Lasten, pagina 101 208
Volendam|80
21-10-
Voor post 5.02, Onderwijs inc huisvesting
Antwoord:
2024
wordt voor 2025; -766 begroot en voor
Dit betreffen incidentele lasten onderwijs (1) en
2026 -290
onderwijshuisvesting (2) in de exploitatie.
Vraag: Graag iets meer achtergrond hierbij.
1. Incidentele lasten Onderwijs in 2025, te weten € 76.000 welke betrekking heeft op het budget voor inhalen covid-19 gerelateerde onderwijsvertragingen. Hier staat een rijksvergoeding tegenover (incidentele baat). 2. Dit zijn de ramingen van eenmalige exploitatiekosten onderwijshuisvesting. Deze kosten mogen wij volgens de regelgeving (BBV) niet activeren en worden gedekt uit de algemene reserve: 2025:
VRAAG EN ANTWOORD BEGROTING 2025 UIT COMMISSIE P&C € 158.000 voor sloop en overige kosten voor de vernieuwbouw van De Nieuwe School in Edam (raadsbesluit 22 juni 2023); € 45.000 voor de huur van de tijdelijke units bij het Koningspil in Oosthuizen; € 500.000 voor tijdelijke huisvesting van de 3 Edamse scholen (raming is gekoppeld aan het IHP). 2026: € 52.000 voor de huur van de tijdelijke units bij het Koningspil in Oosthuizen; € 250.000 voor tijdelijke huisvesting voor de 3 Edamse scholen (raming is gekoppeld aan het IHP).