CConstaterende datEdam-Volendam
Koppel je AI →
Document · PDF

Vraag en antwoord APV.docx

Raadsplein Bespreekronde Ib 16 december 2021, gemeente Edam-VolendamBij agendapunt: Voorstel tot herziening Algemene Plaatselijke Verordening.1.162 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

APV Datum

Fracti

Vraag

vraag

e(s)

16-12-

Groen

Een achterliggende gedachte van het voorstel is dat

2021

Links

minder regels gewenst zijn als de overheid voldoende

Antwoord

vertrouwen heeft in de samenleving. Het is echter ook de taak van de overheid om met regels te voorkomen dat mondige burgers een grotere ruimte opeisen dan burgers die minder sociaal en communicatief vaardig zijn. Als het gaat om zaken die op lokaal niveau spelen, zoals burenruzies, kan de afwezigheid van regels (denk aan geluidsoverlast) gemakkelijk leiden tot willekeur en kan de overheid zich niet beroepen op regels om te voorkomen dat de communicatief en sociaal zwakkere burger lijdt onder de mondige en brutale burger. Vraag 1: Zijn er naar het oordeel van het college situaties als deze waarin het wegnemen van regels de sociale ongelijkheid kan vergroten? Vraag 2: Wat gaat het college doen na inwerkingtreding van de Verordening Fysieke Leefomgeving om de geschetste situaties te voorkomen?

Antwoord 1: Op basis van de uitgangspunten, die door de raad zijn onderschreven, is het onderhavige voorstel voorbereid. Deze uitgangspunten maken dat de gemeenteregels stelt in het algemeen belang en zo min mogelijk regels voor situaties, die door de samenleving zelf gereguleerd kunnen worden, dan wel de relatie tussen burgers onderling betreffen. Het is de keuze van de raad om te bepalen of dit leidt tot mogelijk ongewenste situaties, waarbij de vraag blijft in hoeverre de gemeentelijke overheid zich moet mengen in bijvoorbeeld burenruzies. Dit laat onverlet dat de APV op onderdelen toch een vangnet zal blijven (denk aan artikel 4:6 Overige geluidhinder, waarbij het dan wel moet gaan om objectief vast te stellen geluidhinder). Antwoord 2: Verwezen wordt naar het antwoord op vraag 1. De Verordening fysieke leefomgeving wordt op een later moment aan de raad voorgelegd.

Opmerking: Voor burenruzies kan iedere burger, naast een beroep op

handhaving via de APV, Buurtbemiddeling inschakelen. Op die wijze zijn al vele succesvolle bemiddelingen tot stand gebracht 09-122021

VVD

Een toevoeging van een verbod op straatintimidatie aan

Antwoord 1:

de APV - bijvoorbeeld onder de passage 2.47 (Hinderlijk

Op het gebied van openbare orde en veiligheid is expliciet bezien of de

gedrag) - kan lokale handhavers meer ruimte geven om bedreigingen en intimidatie op straat tegen te gaan zoals gezien tijdens de ongeregeldheden in de Singelwijk en het Middengebied. Dit wordt in vele gemeenten met succes toegepast, zoals in Capelle a/d IJssel, Tilburg, Zaanstad, Almere, Alkmaar, Hilversum, Amsterdam, Rotterdam etc. Tijdens de themaraad van 27 mei is dit ter sprake gekomen, waarbij de gemeente aangaf welwillend naar deze materie te zullen kijken.

regels voldoende handvatten bieden om op te kunnen treden. Er is intensief overleg geweest met de sectie Veiligheid. Op onderdelen kunt u ook lezen dat regels zijn toegevoegd. Voor wat betreft het aan de orde gestelde in de themaraad op 27 mei jl. is geconstateerd dat de regels in de APV (met name de artikelen 2:1, 2:47, 2:49 en 2:50), de bevoegdheden van de burgemeester op grond van de Gemeentewet en het strafrecht voldoende basis bieden om zo nodig op te treden/te handhaven. Er is ook onderzoek gedaan naar de regels in Zaanstad en Alkmaar, waarnaar u verwijst. In de APV van Zaanstad is het door u genoemde artikel komen te vervallen (was artikel 2.1a). In de APV van Alkmaar is de tekst van het

Vraag 1:

betreffende artikel gelijk (artikel 2.47 is daar artikel 2.36). Het enige

Wat is er met deze suggestie gedaan?

verschil is dat straatintimidatie ook in de titel van het artikel wordt

Vraag 2:

toevoeging in de titel van het artikel voegt derhalve niets toe. Hierin zien

Is het college het met de VVD eens dat het nuttig is om dit instrument op te nemen in de APV om zo ongewenst

genoemd. De inhoud van het artikel is echter inhoudelijk gelijk en de wij een bevestiging van ons standpunt.

gedrag nog effectiever tegen te gaan? In art 2.29

Antwoord 2:

Sluitingstijd horeca staat dat "de huidige praktijk is

Zie het antwoord op vraag 1.

vastgelegd in algemene regels". En dat dit onderwerp is van (interne) studie.

Vraag 3:

Antwoord 3:

Zullen KHN afd. Edam-Volendam en andere betrokken

We hebben moeten constateren dat in de praktijk veel verschillende

ondernemers worden betrokken bij deze studie? Zo nee,

sluitingstijden in de loop der jaren zijn ontstaan. Voor het college is dit

waarom niet? Tevens zijn Paracommercie,

aanleiding om de ontstane praktijk tegen het licht te houden. Is een niet

Exploitatievergunning en sluitingstijden onderwerp van

meer eenduidige regeling mogelijk? Een zorgvuldige beoordeling en het

interne studie.

overleg daarover met belanghebbenden vergt tijd. Om het proces van de benodigde herziening van de APV niet te vertragen, is vooralsnog besloten de huidige praktijk in regels vast te leggen (ook al is daardoor sprake van een ingewikkeld artikel, vandaar ook de tabel in de toelichting). En uiteraard wordt dit met KHN en andere betrokkenen besproken. Uiteindelijk is het aan de raad om de in de APV opgenomen regeling t.z.t. al dan niet aan te passen (als het college tot een voorstel daartoe komt).

Vraag 4: Waarom is dit?

Antwoord 4: Voor wat betreft de sluitingstijden, zie het antwoord op vraag 3. We hebben op basis van informatie van de VNG geconstateerd dat de wijze waarop paracommercie geregeld kan worden zeer divers is. Van zeer stringent tot ruim. Elke keuze daarin heeft voor- en nadelen. Alvorens de raad voor te stellen de in de APV opgenomen regeling al dan niet te wijzigen, is het wenselijk dit goed in beeld te brengen. Ook hiervoor geldt dat daarmee de nodige tijd, capaciteit en overleg met belanghebbenden is gemoeid. Een van de uitgangspunten voor de herziening van de APV is dat de gemeente regels stelt als overheid (in het belang van openbare orde en veiligheid). Mede vanwege de discussie in de themaraad over de vraag of de bepalingen in de APV voldoende handvatten bieden om de openbare orde en veiligheid te kunnen waarborgen, is ook de vraag aan de orde

gekomen of de regels omtrent het voorkomen van verstoring van de openbare orde m.b.t. de horeca aanvulling behoeven en zo ja, op welke wijze. Is hiervoor het instrument “exploitatievergunning” gewenst dan wel noodzakelijk of kan dit op andere wijze gereguleerd worden? Ook hiervoor geldt dat dit zorgvuldig moet worden uitgezocht, met alle voor- en nadelen op een rijtje en dat overleg met belanghebbenden hierover zal moeten plaatsvinden. Uiteindelijk is het aan de raad om de in de APV opgenomen regeling t.z.t. al dan niet aan te passen/aan te vullen (als het college tot een voorstel daartoe komt). Vraag 5:

Antwoord 5:

Zullen de administratieve lasten van ondernemers (en

Omdat nadere studie nodig/wenselijk is, kan op deze vraag in dit stadium

gemeente) daardoor afnamen?

geen antwoord worden gegeven.

Vraag 6:

Antwoord 6:

Worden ook deze zaken vroegtijdig met betrokken

Uiteraard.

verenigingen/instanties en bedrijven geëvalueerd en besproken alvorens tot wijzigingsvoorstellen wordt gekomen?

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EdamVolendam&id=04b839fb-b963-4586-9216-38223bb65299