CConstaterende datEdam-Volendam
Koppel je AI →
Document · PDF

Voorstel zienswijze nieuwe GR GGDZW

Raadsvergadering 14 december 2023, gemeente Edam-VolendamBij agendapunt: Voorstel tot instemmen met de positieve zienswijze op de nieuwe Gemeenschappelijke Regeling GGD Zaanstreek-Waterland.1.390 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvergadering d.d. 14 december 2023 Voorstelnummer 93-2023 Agendanummer 12 Zaaknummer Z23129813 Onderwerp: Zienswijze (eerste aanleg) nieuwe gemeenschappelijke regeling GGD ZaanstreekWaterland Portefeuillehouder: wethouder V. Tuijp Aan de raad. Gevraagde beslissing In te stemmen met de positieve zienswijze ten aanzien van de nieuwe gemeenschappelijke regeling GGD Zaanstreek-Waterland. Samenvatting De aanpassing van de gemeenschappelijke regeling (GR) GGD Zaanstreek-Waterland (GGDZW) heeft twee aanleidingen. Enerzijds de gewijzigde wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr), anderzijds het verbetertraject GGD 3.0 dat de zeven deelnemende gemeenten en de GGDZW samen hebben doorlopen. Onderbouwing en alternatieven Nieuw in de Wgr is het ophalen van zienswijzen bij de raad als de tekst van een gemeenschappelijke regeling gewijzigd moet worden. Dit volgt uit het gewijzigde artikel 1 Wgr. Deze nieuwe procedure is alleen van toepassing bij regelingen die zijn getroffen tussen colleges, regelingen die zijn getroffen tussen burgemeesters en ‘gemengde’ regelingen. In die gevallen geeft de raad binnen acht weken aan het college bericht over het wel of niet indienen van een zienswijze. Uit de toelichting op de wet volgt dat het college deze zienswijzen formeel niet zou mogen ‘voorbereiden’. Immers: het college bereidt dan een zienswijze voor die aan het college zelf wordt toegezonden.

Formeel zou de raad zou geheel zelf een mening moeten vormen, bijvoorbeeld middels een raadswerkgroep met ambtelijke ondersteuning via de Verordening op de ambtelijke bijstand en fractieondersteuning. Dit lijkt niet praktisch. Het lijkt praktischer om – analoog aan de procedure voor zienswijzen op begrotingen van een GR – ook de zienswijzen bij tekstwijzigingen van gemeenschappelijke regelingen wel door het college te laten voorbereiden. Dit betekent – formeel – een ‘uitholling’ van het nieuwe juridische instrument. Wij willen daarom transparant zijn over het feit dat wij op dit punt afwijken. Twee wetten vormen het kader voor de gemeenschappelijke regeling (GR) GGDZW. Enerzijds de Wet publieke gezondheid. Die draagt de colleges op zorg te dragen voor de instelling en instandhouding van een regionale gezondheidsdienst (artikel 14). Anderzijds de Wet gemeenschappelijke regelingen (WGR). Die is in 2022 gewijzigd met als doel om gemeenteraden beter in de gelegenheid te stellen om hun kaderstellende en controlerende taak uit te oefenen. Bij een gemeenschappelijke regeling zijn immers meerdere gemeenten (en dus meerdere gemeenteraden) betrokken. Dat beperkt de invloed die elke individuele gemeente(-raad) heeft.

De gewijzigde wet geeft gemeenteraden onder andere de bevoegdheid om een gezamenlijke adviescommissie in te stellen en legt het bestuur van een gemeenschappelijke regeling een actieve

©ev 2020

informatieplicht op richting de raden. In het nu voorliggende concept is geen voorstel opgenomen om een gezamenlijke adviescommissie in te stellen. Het is aan de gemeenteraden zelf om hiertoe desgewenst te besluiten. Voor de goede orde melden wij dat een dergelijke adviescommissie alleen kan worden ingesteld als alle gemeenteraden daartoe unaniem besluiten. De directeur van de GGD en de colleges voeren graag het gesprek met de gehele raad, zodat alle raadsleden dezelfde informatie hebben. Daartoe is in de ontwerp GR opgenomen dat de directeur van de GGDZW eenmaal per jaar bij alle raden langsgaat om hen bij te praten. Zo hebben alle raadsleden de mogelijkheden om hun vragen direct aan de verantwoordelijken te stellen. Verder is erover nagedacht hoe de colleges het gesprek met de raadsleden over de GGDZW het beste kunnen voeren – op welke momenten, en met welke informatie. In de huidige situatie voeren we dat gesprek op basis van: • • • •

De Kadernota, die ter voorbereiding op de begroting dient; De daadwerkelijke begroting voor de GGDZW, Alle tussentijdse begrotingswijzigingen; De jaarstukken, waarin het bestuur verantwoording aflegt over het gevoerde beleid, inclusief een eventuele resultaatsbestemming indien er sprake is van een overschot.

In de nieuwe GR is het voorstel dat gesprek te voeren bij: • • • •

De jaarlijkse begroting voor de GGDZW; Begrotingswijzingen waaraan een beleidsinhoudelijke keuze ten grondslag ligt; Resultaatsbestemmingen indien er sprake is van een overschot van € 100.000,-of meer; Het jaarlijkse bezoek van de directeur van de GGDZW aan de gemeenteraden.

Het voorstel is om de volgende besluiten niet meer ter zienswijze aan de gemeenteraden voor te leggen: • •

•

•

De Kadernota. De Kadernota en de begroting bevatten nagenoeg dezelfde punten, wat de toegevoegde waarde van het ter zienswijze voorleggen van beide stukken gering maakt. Begrotingswijzingen die het gevolg zijn van loon- en prijsontwikkelingen of andere autonome ontwikkelingen, zoals veranderingen in de bevolkingsopbouw. Het zijn bijstellingen van de begroting die niet voorkomen uit een eigen beleidskeuze van de gemeenten of de GGD. Dat betekent dat de raden ook geen mogelijkheid hebben om hierop bij te sturen. Bovendien worden de gemeenten voor deze ontwikkelingen gecompenseerd in het gemeentefonds. De jaarstukken. Het doel van jaarstukken is het afleggen van verantwoording. Dat blijft: de GGDZW stuurt de jaarstukken aan de raden toe. Het gesprek daarover kunnen de raden ook nog steeds voeren, in aanwezigheid van de directeur van de GGDZW. Alleen koppelen we daaraan niet langer het besluit van de vaststelling van de jaarstukken, aangezien de vaststelling daarvan een formaliteit betreft. Resultaatsbestemmingen bij een overschot van minder dan € 100.000,-. Hierbij is de afweging dat een dergelijk besluit niet belangrijk genoeg is om daar op de drukke agenda’s van de raden ruimte voor vrij te maken.

©ev 2020

Voor de bovengenoemde besluiten is het voorstel dat het AB de bevoegdheid krijgt om ze vast te stellen. Het AB legt daar achteraf verantwoording over af in het jaarverslag. Financiële aspecten In de nieuwe GR zijn de uitkomsten van het verbeterproces GGD 3.0 verwerkt. Een daarvan heeft indirect financiële gevolgen. Het AB GGD krijgt de mogelijkheid om bij het vaststellen van een begroting de taken die de GGD uitvoert aan te passen, zonder hiervoor de GR zelf te hoeven wijzigen. Daarbij zal het vaak gaan om taken die de GGD voorheen als contracttaak uitvoerde, of om taken die niet langer door alle gemeenten worden afgenomen en voortaan op contractbasis worden uitgevoerd. Het kan echter ook gaan om nieuwe taken, het beëindigen van taken of het overdragen daarvan aan een andere aanbieder, zolang die taken naar mening van de het AB passen binnen de algemene gezondheidbevorderende taak van de GGD. Dergelijke besluiten maken altijd deel uit van de concept begroting. Dat betekent dat de raden een zienswijze kunnen indienen ten aanzien van dergelijke wijzigingen. Personele aspecten N.v.t. Risico’s Gevolgde procedure Het ontwerp voor de nieuwe GR is opgesteld door een werkgroep met daarin juristen en beleidsmedewerkers van de deelnemende gemeenten en de GGDZW.

Het ontwerp is besproken in de Werkgroep P&C GGDZW waarin controllers vanuit de deelnemende gemeenten zitting hebben, het Kernteam GGDZW waarin managers van de deelnemende gemeenten en de directeur GGDZW zitting hebben en vervolgens het Dagelijks Bestuur en het Algemeen Bestuur. Burgerparticipatie, inspraak, zienswijzen en communicatie • De concept GR wordt tweemaal voorgelegd aan de gemeenteraden. Dit is de eerste ronde. In deze ronde kunnen de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten hun zienswijze over de concept GR kenbaar maken. De deadline voor het indienen van een en zienswijze is 28 december 2023. • Na ontvangst van de zienswijzen formuleert het AB een reactie daarop. Daarin geeft het AB gemotiveerd aan of en op welke wijze het de zienswijzen heeft verwerkt. • De colleges sturen de (mogelijk) aangepaste GR vervolgens opnieuw naar de raden. Zij vragen hun raad om toestemming te geven voor het vaststellen van het dan voorliggende concept. De toestemming kan slechts worden onthouden wegens strijd met het recht of het algemeen belang. • Nadat alle gemeenteraden daartoe toestemming hebben gegeven, stellen de colleges van de deelnemende gemeenten de GR vast. Rapportage, verantwoording en evaluatie Het Algemeen Bestuur GGDZW besluit eens per twee jaar of het een evaluatie van de GR wenselijk acht.

©ev 2020

Bijlagen • Concept brief met de zienswijze op het concept voor de nieuwe GR GGDZW • Aanbiedingsbrief GR GGDZW 2024 ter zienswijze • Gemeenschappelijke Regeling GGDZW 2024 voorlopig vastgesteld ter zienswijze • Toelichtend memo aanpassingen GR GGD Z-W Aanvullende informatie Een van de wijzigingen in de nieuwe GR is dat de raden voortaan twaalf weken de tijd krijgen voor het indienen van een zienswijze op de begroting en op begrotingswijzigingen. Dit is mogelijk doordat de Kadernota voortaan niet meer ter zienswijze gaat. Voor het indienen van een zienswijze op resultaatbestemmingen blijft de termijn acht weken. Dit met het oog op de termijn waarbinnen de jaarrekening moet zijn ingediend bij de provincie. Edam-Volendam, d.d. 14 november 2024 Het college van burgemeester en wethouders van Edam-Volendam, de secretaris, H. van der Woude

de burgemeester, L.J. Sievers.

©ev 2020

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EdamVolendam&id=4d68d682-d931-49aa-876d-36d3bc08abe6