CConstaterende datEdam-Volendam
Koppel je AI →
Document · PDF

TOE Bijlage 5 Actualisatie en nader bodem- en asbestonderzoek_1

Raadsvergadering 13 juni 2024, gemeente Edam-VolendamBij agendapunt: Voorstel tot vaststellen bestemmingsplan Bufferwoningen Kwadijk.29.595 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

- Eurofins Omegam heeft het asbestonderzoek in dit/deze monster(s) uitgevoerd volgens de NEN 5898, en zoals beschreven in een aparte bijlage als onderdeel van dit analysecertificaat. Voor de analyseresultaten van het asbestonderzoek geldt dat Eurofins Omegam de analyse heeft uitgevoerd in de monsters die de opdrachtgever, zoals deze staan vermeld in de koptekst van dit analysecertificaat, zelf heeft genomen of laten nemen en aan Eurofins Omegam heeft aangeboden. Eurofins Omegam draagt geen verantwoordelijkheid inzake de herkomst en representativiteit alsmede de veiligheid tijdens de monsterneming.

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: FFYM-YJIK-ERVF-KQLD

Ref.: 1242044_certificaat_v1

Bijlage 1 van 2 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever

: 1242044 : 210775-NEN/VOA Kwadijk : Hunneman Milieu-Advies

Barcodeschema's Monstercode Uw referentie

uw monsterref.

uw diepte

uw barcode

6863747

RE-01

0.00-0.50

1701898MG

Ruimtelijke eenheid RE-01, RE-01: 0-50

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: FFYM-YJIK-ERVF-KQLD

Ref.: 1242044_certificaat_v1

Bijlage 2 van 2 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever

: 1242044 : 210775-NEN/VOA Kwadijk : Hunneman Milieu-Advies

Analysemethoden in Grond (AS3000) AS3000 In dit analysecertificaat zijn de met 'S' gemerkte analyses uitgevoerd volgens de analysemethoden beschreven in het "Accreditatieschema Laboratoriumanalyses voor grond-, waterbodem- en grondwateronderzoek (AS SIKB 3000)". Het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd volgens de onderstaande analysemethoden. Deze analyses zijn vastgelegd in het geldende accreditatie-certificaat met bijbehorende verrichtingenlijst L086 van Eurofins Omegam BV. Asbestonderzoek

: Conform AS3070 prestatieblad 1 en NEN 5898

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: FFYM-YJIK-ERVF-KQLD

Ref.: 1242044_certificaat_v1

Hunneman Milieu-Advies T.a.v. de heer J.A.G. Hunneman Barkstraat 5 8102GV RAALTE

Uw kenmerk : 210775-NEN/VOA Kwadijk Ons kenmerk : Project 1246576 Validatieref. : 1246576_certificaat_v1 Opdrachtverificatiecode : YFOT-XLST-SNDU-CQJC Bijlage(n) : 3 tabel(len) + 2 bijlage(n)

Amsterdam, 21 september 2021 Hierbij zend ik u de resultaten van het laboratoriumonderzoek dat op uw verzoek is uitgevoerd in de door u aangeboden monsters. De resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters, zoals die door u voor analyse ter beschikking werden gesteld. Het onderzoek is, met uitzondering van eventueel uitbesteed onderzoek, uitgevoerd door Eurofins Omegam volgens de methoden zoals ze zijn vastgelegd in het geldende accreditatie-certificaat L086 en/of in de bundel "Analysevoorschriften Eurofins Omegam". De in dit onderzoek uitgevoerde onderzoeksmethoden van de geaccrediteerde analyses zijn in een aparte bijlage als onderdeel van dit analyse-certificaat opgenomen. De methoden zijn, voor zover mogelijk, ontleend aan de accreditatieprogramma's/schema's en NEN- EN- en/of ISO-voorschriften. Ik wijs u erop dat het analyse-certificaat alleen in zijn geheel mag worden gereproduceerd. Ik vertrouw erop uw opdracht volledig en naar tevredenheid te hebben uitgevoerd. Heeft u naar aanleiding van deze rapportage nog vragen, dan verzoek ik u contact op te nemen met onze klantenservice. Hoogachtend, namens Eurofins Omegam,

Ing. J. Tukker Manager productie

Op dit certificaat zijn onze algemene voorwaarden van toepassing. Dit analyse-certificaat mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd.

Eurofins Omegam B.V. H.J.E. Wenckebachweg 120 NL-1114 AD Amsterdam-Duivendrecht Nederland

T +31-(0)20-597 66 80 CSOmegam@eurofins.com www.eurofins.nl

IBAN NL 16 BNPA 0227667980 BIC BNPANL2A BTW nr. NL8139.67.132.B01 KvK nr. 34215654

Tabel 1 van 3 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever

: 1246576 : 210775-NEN/VOA Kwadijk : Hunneman Milieu-Advies

Monstercode Uw referentie Opgegeven bemonsteringsdatum

: 6875466 : Ruimtelijke eenheid RE-02, RE-02: 0-50 : 14/09/2021

Asbestonderzoek Initialen analist Datum geanalyseerd

: A.Z. : 20-09-2021

Analyse is uitgevoerd conform NEN 5898 (S). Massa aangeleverde monster : Droge massa aangeleverde monster : Percentage droogrest : Type zeving :

zeeffractie (mm) <0,5 mm 0,5-1 mm 1-2 mm 2-4 mm 4-8 mm 8-20 mm >20 mm Totaal

zeeffractie (mm)

14760 13373 90,6 nat

g g m/m %

massa percentage massa percentage aantal massa asbestzeeffractie zeeffractie onderzocht onderzocht asbest houdend materiaal (gram) (m/m %) (gram) (m/m %) (deeltjes) (mg) 12495,8 95,1 13,3 0,11 n.v.t. n.v.t. 122,8 0,9 16,8 13,68 0 0,0 30,0 0,2 9,0 30,00 0 0,0 47,4 0,4 47,4 100,00 0 0,0 135,8 1,0 135,8 100,00 0 0,0 305,0 2,3 305,0 100,00 0 0,0 0,2 0,0 0,2 100,00 0 0,0 13137,0 100,0 527,5 0 0,0 asbest totaal ondergrens bovengrens

gehalte asbest (mg/kg ds)

<0,5 mm 0,5-1 mm 1-2 mm 2-4 mm 4-8 mm 8-20 mm >20 mm Totaal

(mg/kg ds)

(mg/kg ds)

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0

0,4 0,7 0,0 0,0 0,0 0,0 1,0

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 <0,6

Aangetroffen type asbest Bijzonderheden waargenomen

gehalte asbest (mg/kg ds)

serpentijn asbest ondergrens bovengrens

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 <0,6

(mg/kg ds)

(mg/kg ds)

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0

0,2 0,3 0,0 0,0 0,0 0,0 0,5

gehalte asbest (mg/kg ds)

amfibool asbest ondergrens bovengrens (mg/kg ds)

(mg/kg ds)

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0

0,2 0,3 0,0 0,0 0,0 0,0 0,5

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0

: Geen : Geen

Serpentijn asbest is chrysotiel. Amfibool asbest is amosiet, crocidoliet, actinoliet, anthophylliet en tremoliet. De bepalingsgrens is bepaald voor de zeeffracties kleiner dan 4 mm. De totale bepalingsgrens is verkregen door de bepalingsgrenzen van de afzonderlijke zeeffracties te sommeren. Het materiaal is middels polarisatiemicroscopie onderzocht, de analyse is uitgevoerd conform NEN 5896. gebondenheid hecht niet hecht totaal afgerond

serpentijn asbest 0,0 0,0 0,0

amfibool asbest 0,0 0,0 0,0

totaal afgerond 0,0 0,0

Gewogen concentratie (serpentijnasbestconcentratie vermeerderd met 10 maal de amfiboolasbestconcentratie) is: <0,6 mg/kg ds De gewogen asbestconcentratie wordt berekend uit de niet-afgeronde gehalten aan serpentijn en amfibool asbest. De weergegeven resultaten zijn afgerond. Verklaring kwalitatief onderzoek zeeffractie <0,5 mm: - : geen asbest waargenomen Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. - De met een 'Q' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (registratienummer L086). - De met een 'S' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (L086) en op basis van het schema AS 3000 erkend. Opdrachtverificatiecode: YFOT-XLST-SNDU-CQJC

Ref.: 1246576_certificaat_v1

Tabel 2 van 3 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever

: 1246576 : 210775-NEN/VOA Kwadijk : Hunneman Milieu-Advies

Monstercode Uw referentie Opgegeven bemonsteringsdatum

: 6875467 : Ruimtelijke eenheid RE-03, RE-03: 0-50 : 14/09/2021

Asbestonderzoek Initialen analist Datum geanalyseerd

: M.S. : 21-09-2021

Analyse is uitgevoerd conform NEN 5898 (S). Massa aangeleverde monster : Droge massa aangeleverde monster : Percentage droogrest : Type zeving :

zeeffractie (mm) <0,5 mm 0,5-1 mm 1-2 mm 2-4 mm 4-8 mm 8-20 mm >20 mm Totaal

zeeffractie (mm)

12470 7370 59,1 nat

g g m/m %

massa percentage massa percentage aantal massa asbestzeeffractie zeeffractie onderzocht onderzocht asbest houdend materiaal (gram) (m/m %) (gram) (m/m %) (deeltjes) (mg) 6721,3 92,6 7,2 0,11 n.v.t. n.v.t. 31,2 0,4 5,2 16,67 0 0,0 82,2 1,1 26,4 32,12 0 0,0 83,2 1,1 83,2 100,00 0 0,0 103,2 1,4 103,2 100,00 0 0,0 153,6 2,1 153,6 100,00 0 0,0 82,8 1,1 82,8 100,00 0 0,0 7257,5 100,0 461,6 0 0,0 asbest totaal ondergrens bovengrens

gehalte asbest (mg/kg ds)

<0,5 mm 0,5-1 mm 1-2 mm 2-4 mm 4-8 mm 8-20 mm >20 mm Totaal

(mg/kg ds)

(mg/kg ds)

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0

0,5 1,1 0,0 0,0 0,0 0,0 1,6

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 <0,9

Aangetroffen type asbest Bijzonderheden waargenomen

gehalte asbest (mg/kg ds)

serpentijn asbest ondergrens bovengrens

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 <0,9

(mg/kg ds)

(mg/kg ds)

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0

0,3 0,5 0,0 0,0 0,0 0,0 0,8

gehalte asbest (mg/kg ds)

amfibool asbest ondergrens bovengrens (mg/kg ds)

(mg/kg ds)

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0

0,3 0,5 0,0 0,0 0,0 0,0 0,8

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0

: Geen : Geen

Serpentijn asbest is chrysotiel. Amfibool asbest is amosiet, crocidoliet, actinoliet, anthophylliet en tremoliet. De bepalingsgrens is bepaald voor de zeeffracties kleiner dan 4 mm. De totale bepalingsgrens is verkregen door de bepalingsgrenzen van de afzonderlijke zeeffracties te sommeren. Het materiaal is middels polarisatiemicroscopie onderzocht, de analyse is uitgevoerd conform NEN 5896. gebondenheid hecht niet hecht totaal afgerond

serpentijn asbest 0,0 0,0 0,0

amfibool asbest 0,0 0,0 0,0

totaal afgerond 0,0 0,0

Gewogen concentratie (serpentijnasbestconcentratie vermeerderd met 10 maal de amfiboolasbestconcentratie) is: <0,9 mg/kg ds De gewogen asbestconcentratie wordt berekend uit de niet-afgeronde gehalten aan serpentijn en amfibool asbest. De weergegeven resultaten zijn afgerond. Verklaring kwalitatief onderzoek zeeffractie <0,5 mm: - : geen asbest waargenomen Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. - De met een 'Q' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (registratienummer L086). - De met een 'S' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (L086) en op basis van het schema AS 3000 erkend. Opdrachtverificatiecode: YFOT-XLST-SNDU-CQJC

Ref.: 1246576_certificaat_v1

Tabel 3 van 3 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever

: 1246576 : 210775-NEN/VOA Kwadijk : Hunneman Milieu-Advies

Opmerkingen m.b.t. analyses Opmerking(en) algemeen De volgende informatie is indien van toepassing verstrekt door de opdrachtgever: Project omschrijving, Monsterreferentie(s), Opgegeven bemonsteringsdatum, Matrix, Monsterdiepte, Potnr (Barcode), Veldgegevens, Veldwaarnemingen en Bemonsteringsdata. De opgegeven bemonsteringsdatum kan van invloed zijn op de geldigheid van de resultaten. Asbest Individuele monsters van dit project zijn als asbest verdacht gekwalificeerd. De analysedeelmonsters zijn met beschermende maatregelen in het laboratorium in behandeling genomen. Opmerking bij project:

- Eurofins Omegam heeft het asbestonderzoek in dit/deze monster(s) uitgevoerd volgens de NEN 5898, en zoals beschreven in een aparte bijlage als onderdeel van dit analysecertificaat. Voor de analyseresultaten van het asbestonderzoek geldt dat Eurofins Omegam de analyse heeft uitgevoerd in de monsters die de opdrachtgever, zoals deze staan vermeld in de koptekst van dit analysecertificaat, zelf heeft genomen of laten nemen en aan Eurofins Omegam heeft aangeboden. Eurofins Omegam draagt geen verantwoordelijkheid inzake de herkomst en representativiteit alsmede de veiligheid tijdens de monsterneming.

Uw referentie Monstercode

: :

Ruimtelijke eenheid RE-03, RE-03: 0-50 6875467

Opmerking bij het monster:

-

De aangeboden monsterhoeveelheid voldoet niet aan de eis conform NEN 5898.

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: YFOT-XLST-SNDU-CQJC

Ref.: 1246576_certificaat_v1

Bijlage 1 van 2 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever

: 1246576 : 210775-NEN/VOA Kwadijk : Hunneman Milieu-Advies

Barcodeschema's Monstercode Uw referentie

uw monsterref.

uw diepte

uw barcode

6875466

Ruimtelijke eenheid RE-02, RE-02: 0-50

RE-02

0.00-0.50

1701811MG

6875467

Ruimtelijke eenheid RE-03, RE-03: 0-50

RE-03

0.00-0.50

1701812MG

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: YFOT-XLST-SNDU-CQJC

Ref.: 1246576_certificaat_v1

Bijlage 2 van 2 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever

: 1246576 : 210775-NEN/VOA Kwadijk : Hunneman Milieu-Advies

Analysemethoden in Grond (AS3000) AS3000 In dit analysecertificaat zijn de met 'S' gemerkte analyses uitgevoerd volgens de analysemethoden beschreven in het "Accreditatieschema Laboratoriumanalyses voor grond-, waterbodem- en grondwateronderzoek (AS SIKB 3000)". Het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd volgens de onderstaande analysemethoden. Deze analyses zijn vastgelegd in het geldende accreditatie-certificaat met bijbehorende verrichtingenlijst L086 van Eurofins Omegam BV. Asbestonderzoek

: Conform AS3070 prestatieblad 1 en NEN 5898

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: YFOT-XLST-SNDU-CQJC

Ref.: 1246576_certificaat_v1

BIJLAGE 4 Monsternemingsplan en -formulier asbest

BIJLAGE 5 Historische informatie

Milieutechniek Rouwmaat Groenlo bv Postbus 74 7140 AB Groenlo TEL. 0544-474040

Den Sliem 93 7141 JG Groenlo FAX. 0544-474049

Verkennend bodemonderzoek Kwadijk (ong.) te Kwadijk

Opdrachtgever Contactpersoon Adres Postcode & plaats

: : : :

Rapportnummer

: MT.15437

Groenlo, 10 december 2015

BJZ Dhr. W. Bekke Twentepoort Oost 16a 7609 RG Almelo

Opgesteld:

Paraaf:

W. Egging

Geautoriseerd:

Paraaf:

N. Looman

Dit document is eigendom van de opdrachtgever en mag door hem gebruikt worden voor het doel waarvoor het is vervaardigd. De auteursrechten van dit document blijven berusten bij Milieutechniek Rouwmaat Groenlo b.v.

INHOUDSOPGAVE 1

INLEIDING ----------------------------------------------------------------------------------------------------- 3

2

VOORINFORMATIE ---------------------------------------------------------------------------------------- 4 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5

3

LOCATIESPECIFIEKE INFORMATIE ------------------------------------------------------------------------------------------- 4 OMGEVINGSGEGEVENS ------------------------------------------------------------------------------------------------------ 4 GEOHYDROLOGISCHE GEGEVENS ------------------------------------------------------------------------------------------ 5 VOORGAANDE BODEMONDERZOEKEN-------------------------------------------------------------------------------------- 5 AFBAKENING LOCATIE VOOR BODEMONDERZOEK ------------------------------------------------------------------------ 5

VERWACHTINGSPATROON ---------------------------------------------------------------------------- 6 3.1 3.2

4

BODEMONDERZOEK ---------------------------------------------------------------------------------------------------------- 6 ASBEST ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------ 6

ONDERZOEKSOPZET ------------------------------------------------------------------------------------- 7 4.1 4.2

5

ALGEMEEN--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 7 BOOR- EN ANALYSEFREQUENTIE ------------------------------------------------------------------------------------------- 7

RESULTATEN ------------------------------------------------------------------------------------------------ 8 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8

6

TOETSINGSKADER ------------------------------------------------------------------------------------------------------------ 8 VERRICHTE WERKZAAMHEDEN ---------------------------------------------------------------------------------------------- 8 LOKALE BODEMOPBOUW ----------------------------------------------------------------------------------------------------- 8 ZINTUIGLIJKE WAARGENOMEN BIJZONDERHEDEN ------------------------------------------------------------------------ 8 METINGEN WATERMONSTERNAME------------------------------------------------------------------------------------------ 9 SAMENSTELLING (MENG)MONSTERS EN CHEMISCHE ANALYSES-------------------------------------------------------- 9 ANALYSERESULTATEN ------------------------------------------------------------------------------------------------------- 9 INTERPRETATIE ANALYSERESULTATEN----------------------------------------------------------------------------------- 12

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN --------------------------------------------------------------- 13 6.1 6.2 6.3 6.4

BIJLAGEN BIJLAGE 1a b BIJLAGE 1 c BIJLAGE 1 BIJLAGE 2 BIJLAGE 3 BIJLAGE 4 BIJLAGE 5 BIJLAGE 6 BIJLAGE 7 BIJLAGE 8 BIJLAGE 9

ALGEMEEN------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 13 VERWACHTINGSPATROON ------------------------------------------------------------------------------------------------- 13 RESULTATEN ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 13 SLOTCONCLUSIE EN AANBEVELINGEN------------------------------------------------------------------------------------ 13

Topografische kaart Kadastrale kaart met gegevens Situatietekening met monsternamepunten Boorbeschrijvingen Analysecertificaten grond Analysecertificaten grondwater Toetsingstabellen Projectfoto's Informatie vooronderzoek Onafhankelijkheidsverklaring Toegepaste normen

Rapportnummer: MT.15437

pagina 2 van 13

1

INLEIDING

In opdracht van BJZ heeft Milieutechniek Rouwmaat Groenlo bv op 18 en 25 november 2015 een verkennend bodemonderzoek laten verrichten ter plaatse van het perceel aan de Kwadijk (ong.) te Kwadijk (gemeente Zeevang). De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van circa 2 ha. In bijlage 1 zijn de topografische en de kadastrale kaart met de ligging en het overzicht van de locatie opgenomen. Aanleiding voor het bodemonderzoek zijn voorgenomen bouwactiviteiten. Doel van dit onderzoek is om de algemene bodemkwaliteit te bepalen ter plaatse van de onderzoekslocatie, waarmee bekeken kan worden in hoeverre deze bodemkwaliteit een belemmering kan vormen voor het beoogde gebruik en/of de voorgenomen ontwikkelingen. Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de Nederlandse Norm 5740 (NEN 5740). Het vooronderzoek, dat parallel loopt aan deze norm, is uitgevoerd conform de Nederlandse Norm 5725 (NEN 5725). De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd door VeldXpert (certificaatnummer K24252/10) conform de beoordelingsrichtlijn BRL-SIKB 2000, veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek. VeldXpert is gecertificeerd en erkend voor het uitvoeren van milieuhygiënisch bodemonderzoek conform deze beoordelingsrichtlijn. Het toepassingsgebied van dit certificaat betreft de BRL-SIKB protocollen 2001, 2002 en 2018.

De grond- en/of grondwateranalyses zijn uitgevoerd door een RVA-gecertificeerd en door de overheid erkend laboratorium. Tussen VeldXpert en de opdrachtgever is geen sprake van een relatie, die de onafhankelijkheid en de integriteit zouden beïnvloeden en/of haar werkzaamheden zou kunnen belemmeren. De onafhankelijkheidsverklaring van het uitgevoerde veldwerk is op genomen in bijlage 8. In het voorliggende rapport wordt verslag gedaan van het uitgevoerde bodemonderzoek. In hoofdstuk 2 is de locatie beschreven. Aan de hand van deze gegevens is in hoofdstuk 3 het verwachtingspatroon gedefinieerd omtrent de verontreinigingssituatie. Hoofdstuk 4 behandelt de onderzoeksopzet, terwijl in hoofdstuk 5 de veldwaarnemingen en de analyseresultaten kort samengevat zijn weergegeven. Ten slotte zijn in hoofdstuk 6 de conclusies en aanbevelingen gedefinieerd.

Rapportnummer: MT.15437

pagina 3 van 13

2

VOORINFORMATIE

Voor aanvang van het bodemonderzoek zijn de (historische) gegevens, die relevant zijn voor het onderzoek, verzameld op basisniveau. Het vooronderzoek heeft plaatsgevonden op het onderhavige perceel en de aangrenzende terreinen (maximaal tot 50 meter afstand). Hierbij zijn de volgende bronnen geraadpleegd: informatie bodematlas informatie van de gemeente informatie van de opdrachtgever locatie inspectie In bijlage 7 is de informatie van het vooronderzoek opgenomen. 2.1 Locatiespecifieke informatie De onderzoekslocatie is gelegen aan de Kwadijk (ong.) te Kwadijk (gemeente Zeevang). De locatie is kadastraal bekend als gemeente Kwadijk, sectie B, nummers 875 en 828 (ged.). Omschrijving van de onderzoekslocatie De onderzoekslocatie is gelegen aan de rand van Kwadijk. De onderzoekslocatie is in de huidige situatie in gebruik als weiland. De initiatiefnemer is voornemens nieuwbouw te realiseren. Afbeelding onderzoekslocatie:

Historisch gebruik Er zijn geen relevante gegevens van de historie van het terrein bekend welke van invloed zouden kunnen zijn op de onderzoeksstrategie. Verhardingen, ophogingen, calamiteiten Het terrein is niet verhard. Het terrein is niet opgehoogd. Op de locatie hebben zich in het verleden, voor zover bekend, geen calamiteiten voorgedaan. Asbest Bij het vooronderzoek zijn geen gegevens naar voren gekomen die kunnen duiden op de aanwezigheid van asbest op of in de bodem van de onderzoekslocatie. 2.2 Omgevingsgegevens De directe omgeving van de locatie is in gebruik ten behoeve van agrarische doeleinden, ten noorden en ten westen bevinden zich woonpercelen.

Rapportnummer: MT.15437

pagina 4 van 13

2.3 Geohydrologische gegevens Uit de gegevens van de grondwaterkaart van Nederland van de dienst Grondwaterverkenning van TNO kan de regionale bodemopbouw als volgt worden geschematiseerd: diepte (m-mv) 0-18 18 - 38 >38

omschrijving ophoogmateriaal, klei en veen Slecht doorlatende deklaag. fijn tot grof, grindhoudend zand Pakket: 1e WVP kleien en fijne, slibhoudende zanden Pakket: 1e Scheidende laag (Eemformatie)

Regionale grondwaterstroming Op basis van het verschil in stijghoogte tussen de deklaag en het eerste watervoerende pakket blijkt dat er sprake is van een neerwaarts gerichte grondwaterstroming (inzijging). De regionale stromingsrichting van het grondwater is hoofdzakelijk in (noord)westelijke richting. De locatie bevindt zich niet in een grondwater- of bodembeschermingsgebied. Het grondwater is, voor zover bekend, niet onderhevig aan invloeden van buitenaf. 2.4 Voorgaande bodemonderzoeken In de nabije omgeving van de onderzoekslocatie hebben in het verleden de volgende onderzoeken plaatsgevonden: Aan de Kwadijk 91, is in 1999, door Lankelma een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. In de bovengrond zijn destijds licht verhoogde gehaltes cadmium, kwik, lood, zink en PAK aangetoond. In de ondergrond zijn licht verhoogde gehaltes aan kwik en EOX aangetoond. Het grondwater bleek licht verontreinigd met kwik. Aan de Kwadijk 104A, is in 1997, door Geomechanica een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. In de bovengrond zijn destijds licht verhoogde gehaltes aan minerale olie en EOX aangetoond. In de ondergrond werd erveneens een licht verhoogd gehalte aan minerale olie aangetoond. Het grondwater bleek licht verontreinigd met chroom.

2.5 Afbakening locatie voor bodemonderzoek Het vooronderzoek heeft plaatsgevonden op het onderhavige perceel en de aangrenzende terreinen (maximaal tot 50 meter afstand). De geografische afbakening van het besluitvormingsgebied betreft het (gedeelte van het) perceel waarop de bestemmingsplanwijziging van toepassing is. Het onderzoek heeft plaatsgevonden op het (gedeelte van het) perceel waarop de bestemmingsplanwijziging van toepassing is. De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van circa 2 ha.

Rapportnummer: MT.15437

pagina 5 van 13

3

VERWACHTINGSPATROON

3.1 Bodemonderzoek Op basis van de in hoofdstuk 2 verstrekte (historische) informatie is vooraf bekeken in hoeverre de bodem op de onderzoekslocatie verontreinigd kan zijn. Volgens de NEN 5740 dient dan een aanname te worden gemaakt omtrent de kans op bodemverontreiniging. Er wordt hierbij onderscheid gemaakt in verdachte en niet verdachte locaties. Op basis van het vooronderzoek zijn geen deellocaties te onderscheiden. De gehele locatie kan op basis van het vooronderzoek als niet-verdacht worden beschouwd. De hypothese luidt dan ook: De gehele locatie is onverdacht. Ten behoeve van de gehele locatie wordt de 'Onderzoeksstrategie voor een grootschalig onverdachte locatie (ONVGR)' gehanteerd. Indien in geen van de monsters één van de onderzochte stoffen aanwezig is in een concentratie boven de streefwaarde van de toetsingstabel uit de circulaire "Circulaire bodemsanering 2009, Staatscourant nr. 6563 3 april 2012", wordt de hypothese aangenomen. 3.2 Asbest Bij het vooronderzoek zijn geen gegevens naar voren gekomen die kunnen duiden op de aanwezigheid van asbest op of in de bodem van de onderzoekslocatie. Teneinde een uitspraak te kunnen doen over de concentratie aan asbest kan een asbestonderzoek uitgevoerd worden conform de NEN 5707 (bodem) en/of NEN 5897 (granulaten). Asbest is in dit onderzoek verder niet beschouwd.

Wel wordt tijdens de veldwerkzaamheden gelet op het voorkomen van asbestverdachte materialen, in het opgeboorde materiaal en op de bodem van de onderzoekslocatie.

Rapportnummer: MT.15437

pagina 6 van 13

4

ONDERZOEKSOPZET

4.1 Algemeen De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van circa 2 ha. Het aantal boringen per laag, het aantal peilbuizen en het aantal te analyseren grond- en grondwatermonsters is omschreven in de NEN 5740 en is afhankelijk van de oppervlakte en eventuele verdachte (deel)locaties. 4.2 Boor- en analysefrequentie De veldwerkzaamheden worden uitgevoerd conform de beoordelingsrichtlijn BRL-SIKB 2000 veldwerk voor milieuhygiënisch bodemonderzoek, VeldXpert is hiervoor gecertificeerd. Het veldwerk is uitgevoerd volgens de van toepassing zijnde normen die in bijlage 9 staan vermeld. In de onderstaande tabel is de onderzoeksopzet weergegeven. Aantal boringen (excl.

peilbuizen) Aantal peilbuizen Analyses grond Analyses water 17 tot ± 50 cm-mv 3 4 AS3000-pakketten grond 3 AS3000-pakketten grondwater 4 tot ± 200 cm-mv Standaardpakket grondmonsters:  Lutum en organische stof (volgens AS3010)(bovengrond en optioneel in de ondergrond)  Zware metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Pb, Mo, Ni, Zn) (volgens AS3010)  PCB's (volgens AS3010 en AS3020)  Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen (10 PAK uit Leidraad Bodembescherming, volgens AS3010)  Minerale olie (C10-40) )(volgens AS3010) Standaardpakket grondwatermonsters:  Zuurgraad (pH) en Geleidbaarheid (EC)  Zware metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Pb, Mo, Ni, Zn)(volgens AS3110)  Vluchtige aromaten (benzeen, tolueen, ethylbenzeen, xylenen, styreen, naftaleen) (volgens AS3110 en AS3130)  Vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen (vinylchloride, chloorethenen, chloormethaan, chloroform, chloorethanen, chloorpropanen en bromoform) (volgens AS3110)  Minerale olie (C10-40), (volgens AS3110)

De boringen worden in trajecten van maximaal 50 cm bemonsterd, of anders afhankelijk van de veldwaarnemingen. De analyses voor milieuhygiënisch bodemonderzoek zullen worden uitgevoerd volgens het accreditatieschema AS3000. De AS3000 is een richtlijn waarin de kwaliteitseisen voor laboratoria zijn vastgelegd voor al het milieuhygiënisch bodemonderzoek. AS3000 vormt één van de centrale instrumenten voor bodemonderzoek in het kader van de nieuwe Regeling Bodemkwaliteit van het ministerie voor Volksgezondheid, Ruimtelijke Ordening en Milieu. Alleen analysecertificaten van AS3000 erkende laboratoria worden dan nog geaccepteerd. Milieutechniek Rouwmaat Groenlo bv besteedt haar analyses uit aan een RVA-gecertificeerd laboratorium, welke de AS3000 erkenning in haar bezit heeft. Een week na plaatsing wordt uit de geplaatste peilbuis met behulp van een slangenpomp een grondwatermonster genomen. Ten behoeve van de bepaling van de zware metalen wordt het grondwater in het veld gefiltreerd door een filter met een poriëngrootte van 0,45 micron.

Rapportnummer: MT.15437

pagina 7 van 13

5

RESULTATEN

5.1 Toetsingskader De meetwaarden worden gecorrigeerd naar een standaard bodemtype met 25% lutum en 10% organische stof. Deze gestandaardiseerde meetwaarden worden berekend en getoetst conform de landelijke toetsingsmodule BoToVa (Bodem Toets- en Validatieservice). De gemeten waarden staan vermeld op het analysecertificaat welke als bijlage zijn toegevoegd. De omgerekende waarden van de onderzochte monsters worden vergeleken met de waarden van de toetsingstabel uit de "Circulaire bodemsanering 2009, Staatscourant nr. Staatscourant nr. 6563 3 april 2012"". De in deze tabel genoemde toetsingswaarden hebben de volgende betekenis: achtergrond-/streefwaarde = referentiewaarde toetsingswaarde = toetsingswaarde voor nader onderzoek (½(S- + I- waarde)) interventiewaarde = toetsingswaarde voor sanering of saneringsonderzoek Voor de beoordeling van de verontreinigingssituatie wordt behalve met de toetsingstabel, ook rekening gehouden met de zintuiglijke waarnemingen en eventueel met het gebruik van de bodem.

Bij de beoordeling worden de volgende termen toegepast: kleiner dan de achtergrond-/streefwaarde = niet verontreinigd tussen achtergrond-/streefwaarde en toetsingswaarde = licht verontreinigd tussen toetsingswaarde en interventiewaarde = matig verontreinigd groter dan de interventiewaarde = sterk verontreinigd De locatie wordt als verontreinigd beschouwd, indien in een (meng)monster stoffen aanwezig zijn in een concentratie hoger dan de streefwaarde. Overschrijding van de toetsingswaarde houdt in dat er een vermoeden van ernstige bodemverontreiniging bestaat en dat een nader onderzoek moet worden uitgevoerd. Als voor tenminste één stof de 3 3 gemiddelde concentratie van minimaal 25 m grond of 100 m grondwater hoger is dan de interventiewaarde is het vermoeden van ernstige bodemverontreiniging bevestigd. 5.2 Verrichte werkzaamheden De veldwerkzaamheden zijn door VeldXpert (de heer J. Verkade) uitgevoerd op 18 en 25 november 2015. In de volgende tabel zijn de verrichte werkzaamheden weergegeven: Aantal boringen (excl. peilbuizen) 17 boringen (01, 03, 04, 06, 07, 10, 11, 12, 13, 14, 16, 17, 18, 19, 21, 23, 24) tot ± 50 cm-mv 4 boringen (02, 08, 15, 20) tot ± 200 cm-mv

Aantal peilbuizen 3 peilbuizen (05, 09, 22) filterstelling 100-200, 100-200 en 100-200 cm-mv

Op de tekening in bijlage 1c staan de diverse boringen weergegeven. De boorbeschrijvingen staan beschreven in bijlage 2. Het opgeboorde materiaal is beoordeeld op korrelgrootte (=textuur), kleur, geur en andere bijzonderheden. De eventuele aanwezigheid van olie is aan de hand van een afwijkende bodemkleur (veelal blauwgrijs) en oliegeur beoordeeld. Bovendien is de grond ondergedompeld in water. Indien er een oliefilm op het water ontstaat, kan aan de hand van de dikte en de kleurschakering van de oliefilm het olieproduct indicatief beoordeeld worden. Deze test wordt een oliewaterreactie genoemd. De geur, kleur en de oliewaterreactie geven samen een indruk van de mate en soort olieverontreiniging. 5.3 Lokale bodemopbouw De bovengrond bestaat overwegend uit neutraalgrijs, matig siltige klei. Daaronder bestaat de ondergrond overwegend uit neutraalbruin veen. Tijdens de monstername bedroeg de grondwaterstand 12 cm-mv voor peilbuis 05, 14 cm-mv voor peilbuis 09 en 18 cm-mv voor peilbuis 22. De complete omschrijvingen van de boorprofielen staan vermeld in bijlage 2. 5.4 Zintuiglijke waargenomen bijzonderheden Zintuiglijk zijn er geen afwijkingen waargenomen. Tevens is gelet op het voorkomen van asbest. Visueel is op de bodem en in het opgeboorde materiaal geen asbestverdacht materiaal waargenomen.

Teneinde een uitspraak te kunnen doen over de concentratie aan asbest kan een asbestonderzoek uitgevoerd worden conform de NEN 5707 (bodem) en/of NEN 5897 (granulaten). Asbest is in dit onderzoek verder niet beschouwd.

Rapportnummer: MT.15437

pagina 8 van 13

5.5 Metingen watermonstername Tijdens bemonstering van het grondwater, zijn de volgende metingen uitgevoerd: Code

Plaatsingsdatum

Bemonsteringsdatum

Filterstelling (cm-mv)

05 09 22

18-11-2015 18-11-2015 18-11-2015

25-11-2015 25-11-2015 25-11-2015

100-200 100-200 100-200

Grondwaterstand (cm-mv) 12 14 18

Zuurgraad pH

Geleidbaarheid EGV (µS/cm)

Troebelheid (NTU)

6,99 7,49 7,29

660 710 910

18,3 14,6 17,6

Geen van de gemeten waarden van de zuurgraad en de geleidbaarheid wijkt duidelijk af van de waarde, welke gezien de natuurlijke omstandigheden verwacht kan worden. De waarde van de troebelheid is verhoogd t.o.v. de natuurlijke achtergrondwaarde (tussen 0 en 10 NTU). Door deze hoge troebelheid kan een overschatting van organische parameters ten gevolg hebben. 5.6 Samenstelling (meng)monsters en chemische analyses Op basis van de zintuiglijke waarnemingen zijn (meng)monsters samengesteld van de grond. Bij het samenstellen van mengmonsters bedraagt de laagdikte waarover wordt gemengd in principe 0,5 meter; alleen bij een gelijke bodemkarakteristiek kunnen monsters worden gemengd over een grotere laagdikte. Verschillende grondsoorten (bijvoorbeeld klei, zand en veen) mogen niet worden vermengd. In onderstaande tabel zijn de verschillende (meng)monsters en de uitgevoerde analyses weergegeven. Monster MM1 MM2 MM3 MM4 PB05 PB09 PB22

Samenstelling 01.1(g), 03.1(g), 04.1(g), 06.1(g), 07.1(g), 08.1(g), 10.1(g), 11.1(g), 12.1(g), 14.1(g) 13.1(g), 15.1(g), 16.1(g), 17.1(g), 18.1(g), 19.2(g), 20.1(g), 21.1(g), 23.2(g), 24.2(g) 02.2(g), 02.3(g), 05.2(g), 05.4(g), 08.2(g), 08.3(g), 09.2(g), 09.3(g) 15.2(g), 15.3(g), 20.2(g), 20.3(g), 22.2(g), 22.3(g)

Traject (cm-mv) 0-50

Analyse AS3000-pakket grond

0-50

AS3000-pakket grond

30-180

AS3000-pakket grond

40-150 100-200 100-200 100-200

AS3000-pakket grond AS3000-pakket grondwater AS3000-pakket grondwater AS3000-pakket grondwater

Motivatie: MM1 en MM2 zijn samengesteld uit de individuele grondmonsters van de bovengrond. MM3 en MM4 zijn samengesteld uit de individuele grondmonsters van de ondergrond. 5.7 Analyseresultaten In bijlage 3 zijn de analyserapporten van de grond opgenomen en in bijlage 4 van het grondwater. De toetsingstabellen van de analyseresultaten zijn weergegeven in bijlage 5. Indien een "kleiner dan (< en <d)" teken vermeld staat bij de uitslag van een analyse, is de aangetroffen waarde kleiner dan de detectiegrens van het analysetoestel.

Rapportnummer: MT.15437

pagina 9 van 13

In de onderstaande tabellen worden de omgerekende waarden aangegeven. De analyseresultaten voor grond zijn omgerekend naar een standaardbodem met in achtneming van de bepaalde organische stof- en lutumpercentages zoals deze in de tabellen zijn gepresenteerd.

 Verbinding

MM1 (mg/kg.ds)

Grondmonsters MM2 (mg/kg.ds)

MM3 (mg/kg.ds)

MM4 (mg/kg.ds)

 Organische stof (% d.s.) Lutum (% d.s.)

20,7 40,4

42,2 24,8

78 16,6

79,1 34,9

Droge stof Droge stof (% d.s.)

47,1

30,5

11,8

10,9

Metalen Barium Cadmium Kobalt Koper Kwik Lood Molybdeen Nikkel Zink

66,8 0,36 7,44 15,3 0,19 + 65,0 + 1,7 + 23,6 76,1 -

72,5 0,30 10,1 19,6 0,22 + 87,2 + 1,7 + 28,2 89,5 -

41,2 <0,2 13,3 3,76 0,17 + 8,23 <1,5 <4 19,4 -

<20 <0,2 4,20 <5 0,035 <10 <1,5 <4 13,3 -

PAK Naftaleen Anthraceen Fenanthreen Fluorantheen Benzo(a)anthraceen Chryseen Benzo(a)pyreen Benzo(g,h,i)peryleen Benzo(k)fluorantheen Indeno-(1,2,3-c,d)pyreen PAK (10) (0.7 factor)

<0,05 <0,05 <0,05 0,063 <0,05 0,037 0,025 <0,05 <0,05 <0,05 0,24 -

<0,05 <0,05 <0,05 0,060 <0,05 0,053 0,031 0,020 0,028 <0,05 0,25 -

0,022 0,17 0,28 1,10 0,67 0,70 0,70 0,32 0,32 0,32 4,67 +

<0,1 <0,1 <0,1 0,037 <0,1 <0,1 <0,1 <0,1 <0,1 <0,1 0,25 -

Polychloorbifenylen (PCB) PCB 52 PCB 28 PCB 101 PCB 118 PCB 138 PCB 153 PCB 180 PCB (7) (som, 0.7 factor)

<0,001 <0,001 <0,001 <0,001 <0,001 <0,001 <0,001 0,0024 -

<0,001 <0,001 <0,001 <0,001 <0,001 <0,001 <0,001 0,0016 -

<0,001 <0,001 <0,001 <0,001 <0,001 <0,001 <0,001 0,0016 -

<0,002 <0,002 <0,002 <0,002 <0,002 <0,002 <0,002 0,0033 -

<3 <5 <5 6,76 5,31 <6 <35 -

<6 <10 <10 25,3 33,0 <12 60,0 -

<18 <30 11,3 40,0 36,7 <36 100,0 -

<21 <35 <35 27,0 29,3 <42 <240 -

Minerale olie Minerale olie C10-C12 Minerale olie C12-C16 Minerale olie C16-C21 Minerale olie C21-C30 Minerale olie C30-C35 Minerale olie C35-C40 Minerale olie totaal

 MM1: 01.1(g), 03.1(g), 04.1(g), 06.1(g), 07.1(g), 08.1(g), 10.1(g), 11.1(g), 12.1(g), 14.1(g) (0-50 cm-mv) MM2: 13.1(g), 15.1(g), 16.1(g), 17.1(g), 18.1(g), 19.2(g), 20.1(g), 21.1(g), 23.2(g), 24.2(g) (0-50 cm-mv) MM3: 02.2(g), 02.3(g), 05.2(g), 05.4(g), 08.2(g), 08.3(g), 09.2(g), 09.3(g) (30-180 cm-mv) MM4: 15.2(g), 15.3(g), 20.2(g), 20.3(g), 22.2(g), 22.3(g) (40-150 cm-mv)

 Betekenis van de tekens en afkortingen: Blanco: geen toetsingswaarde vastgesteld, i: indicatieve norm, !: overschrijding echter niet alle normen bekend, -*: separate gehalten zijn onder achtergrondwaarde of detectiegrens, -: onder achtergrondwaarde of detectiegrens, +: tussen achtergrondwaarde en ½(AW+I), ++: tussen ½(AW+I) en interventiewaarde, +++: boven interventiewaarde, n.b.: niet bepaald.



Rapportnummer: MT.15437

pagina 10 van 13

 Verbinding

05 (µg/liter)

Grondwatermonsters 09 (µg/liter)

22 (µg/liter)

 Metalen Barium Cadmium Kobalt Koper Kwik Lood Molybdeen Nikkel Zink

24 <0,2 2,8 <2 <0,05 <2 <2 6,6 <10 -

34 <0,2 5,4 9<0,05 560 +++ <2 14 11 -

56 + <0,2 13 <2 <0,05 <2 <2 25 + 11 -

Vluchtige aromaten Benzeen Tolueen Ethylbenzeen o-xyleen p- en m-xyleen Xylenen (som, 0.7 factor) BTEX (som) Styreen (Vinylbenzeen)

<0,2 <0,2 <0,2 <0,1 <0,2 0,21 -* <0,9 <0,2 -

<0,2 <0,2 <0,2 <0,1 <0,2 0,21 -* <0,9 <0,2 -

<0,2 <0,2 <0,2 <0,1 <0,2 0,21 -* <0,9 <0,2 -

PAK Naftaleen

<0,02 -

<0,02 -

<0,02 -

Gehalogeneerde koolwaterstoffen 1,1-Dichloorethaan 1,2-Dichloorethaan 1,1-Dichlooretheen cis-1,2-Dichlooretheen trans-1,2-Dichlooretheen Dichloormethaan 1.2-Dichloorethenen (som, 0.7 factor) 1,1-Dichloorpropaan 1,2-Dichloorpropaan 1,3-Dichloorpropaan Dichloorpropanen (0,7 som, 1,1+1,2+1,3) Tetrachlooretheen (Per) CKW (som) Tetrachloormethaan (Tetra) 1,1,1-Trichloorethaan 1,1,2-Trichloorethaan Trichlooretheen (Tri) Trichloormethaan (Chloroform) Vinylchloride Tribroommethaan (bromoform)

<0,2 <0,2 <0,1 <0,1 <0,1 <0,2 0,14 -* <0,2 <0,2 <0,2 0,42 -

<0,2 <0,2 <0,1 <0,1 <0,1 <0,2 0,14 -* <0,2 <0,2 <0,2 0,42 -

<0,2 <0,2 <0,1 <0,1 <0,1 <0,2 0,14 -* <0,2 <0,2 <0,2 0,42 -

<0,1 <1,6 <0,1 <0,1 <0,1 <0,2 <0,2 <0,1 <0,2 -

<0,1 <1,6 <0,1 <0,1 <0,1 <0,2 <0,2 <0,1 <0,2 -

<0,1 <1,6 <0,1 <0,1 <0,1 <0,2 <0,2 <0,1 <0,2 -

Minerale olie Minerale olie C10-C12 Minerale olie C12-C16 Minerale olie C16-C21 Minerale olie C21-C30 Minerale olie C30-C35 Minerale olie C35-C40 Minerale olie totaal

<10 <10 <10 <15 <10 <10 <50 -

<10 <10 <10 <15 <10 <10 <50 -

<10 <10 <10 <15 <10 <10 <50 -

 05: (100-200 cm-mv) 09: (100-200 cm-mv) 22: (100-200 cm-mv)

 Betekenis van de tekens en afkortingen: Blanco: geen toetsingswaarde vastgesteld, i: indicatieve norm, !: overschrijding echter niet alle normen bekend, -*: separate gehalten zijn onder streefwaarde of detectiegrens, -: onder streefwaarde of detectiegrens, +: tussen streefwaarde en ½(S+I), ++: tussen ½(S+I) en interventiewaarde, +++: boven interventiewaarde, n.b.: niet bepaald.

Rapportnummer: MT.15437

pagina 11 van 13

5.8 Interpretatie analyseresultaten Uit de analyseresultaten met betrekking tot de grond blijkt dat:  grondmengmonsters MM1 en MM2 licht verontreinigd zijn met Kwik, Lood en Molybdeen;  grondmengmonster MM3 licht verontreinigd is met Kwik en PAK. In het grondmengmonster MM4 is geen van de onderzochte stoffen aangetroffen in een concentratie boven de achtergrondwaarde of de detectiegrens van de desbetreffende stof. Uit de analyseresultaten met betrekking tot het grondwater blijkt dat:  het grondwatermonster 09 sterk verontreinigd is met Lood;  het grondwatermonster 22 licht verontreinigd is met Barium en Nikkel. In het grondwatermonster 05 is geen van de onderzochte stoffen aangetroffen in een concentratie boven de streefwaarde of de detectiegrens van de desbetreffende stof.

Rapportnummer: MT.15437

pagina 12 van 13

6

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN

6.1 Algemeen In opdracht van BJZ heeft Milieutechniek Rouwmaat Groenlo bv op 18 en 25 november 2015 een verkennend bodemonderzoek laten verrichten ter plaatse van het perceel aan de Kwadijk (ong.) te Kwadijk (gemeente Zeevang). Aanleiding voor het bodemonderzoek zijn voorgenomen bouwactiviteiten. Doel van dit onderzoek is om de algemene bodemkwaliteit te bepalen ter plaatse van de onderzoekslocatie, waarmee bekeken kan worden in hoeverre deze bodemkwaliteit een belemmering kan vormen voor het beoogde gebruik en/of de voorgenomen ontwikkelingen. 6.2 Verwachtingspatroon De gehele locatie kan op basis van het vooronderzoek als niet-verdacht worden beschouwd. Bij het vooronderzoek zijn geen gegevens naar voren gekomen die kunnen duiden op de aanwezigheid van asbest op of in de bodem van de onderzoekslocatie. Het is niet bekend of op de onderzoekslocatie asbest in de bodem aanwezig is. Teneinde een uitspraak te kunnen doen over de concentratie aan asbest kan een asbestonderzoek uitgevoerd worden conform de NEN 5707 (bodem) en/of NEN 5897 (granulaten). Asbest is in dit onderzoek verder niet beschouwd. 6.3 Resultaten De bovengrond bestaat overwegend uit neutraalgrijs, matig siltige klei. Daaronder bestaat de ondergrond overwegend uit neutraalbruin veen. Tijdens de monstername bedroeg de grondwaterstand 12 cm-mv voor peilbuis 05, 14 cm-mv voor peilbuis 09 en 18 cm-mv voor peilbuis 22.

Tijdens de veldwerkzaamheden is gelet op het voorkomen van asbest. Visueel is op de bodem en in het opgeboorde materiaal geen asbestverdacht materiaal waargenomen. Zintuiglijk zijn er geen afwijkingen waargenomen. Op basis van de analyseresultaten kan geconcludeerd worden dat: (a) de grond licht verontreinigd is met Kwik, Lood, Molybdeen en PAK; (b) het grondwater licht verontreinigd is met Barium en Nikkel; (c) het grondwater sterk verontreinigd is met Lood. Het is bekend dat in de bodem en in het grondwater zware metalen in sterk fluctuerende gehalten kunnen voorkomen, zowel door natuurlijke bronnen als door menselijke activiteiten veroorzaakt (vermesting). De gehalten betreffen dan (natuurlijke) achtergrondwaarden. De lood verontreiniging in het grondwater overschrijdt de interventiewaarde waarbij formeel gezien een herbemonstering en mogelijk nader onderzoek noodzakelijk is. Mogelijk komt het sterk verhoogde gehalte lood van nature voor in de bodem. Zeker gezien het feit dat er meerdere metalen verhoogd zijn aangetroffen. Ook zijn er geen matig tot sterk verhoogde gehalten aan lood in de grond aangetroffen, welke zouden kunnen duiden op een potentiële bron. Verder zijn er geen antropogene bronnen aan te wijzen en ligt de onderzoekslocatie in een van oorsprong agrarisch gebied.

De verhoogde gehalten PAK in de grond worden (deels) waarschijnlijk veroorzaakt door de waargenomen antropogene bestandsdelen (puin-/kooldeeltjes) en/of door microscopisch kleine deeltjes (bijv. roet). Het betreffen dan diffuus verspreide verontreinigingen. 6.4 Slotconclusie en aanbevelingen De hypothese "De gehele locatie is onverdacht" dient grotendeels aangenomen te worden. Op basis van de onderzoeksresultaten bestaat er ons inziens op grond van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem geen bezwaar het onderzochte terreindeel voor de geplande bouwdoeleinden te gebruiken. Vanwege het aangetroffen sterk verhoogde gehalte lood in het grondwater raden wij aan om de rapportage voor te leggen bij het bevoegd gezag. Eventueel vrijkomende grond kan niet zondermeer in het grondverkeer worden opgenomen. Mocht de grond naar elders worden getransporteerd, dient te worden nagegaan in hoeverre de kwaliteit van de af te voeren grond overeenstemt met de verwerkingsmogelijkheden die voor de betreffende stort- c.q. hergebruikslocatie gelden. Deze zijn geformuleerd in het Besluit bodemkwaliteit. Aanbevolen wordt dan ook de eindverwerkingslocatie in overleg met het bevoegd gezag vast te stellen. Mocht grondwater onttrokken worden t.b.v. bemaling, dient bekeken te worden in hoeverre de grondwaterkwaliteit de lozingsnormen overschrijdt.

Ondanks de zorgvuldigheid waarmee het onderzoek is uitgevoerd, is het altijd mogelijk dat eventueel lokaal voorkomende verontreinigingen niet zijn ontdekt.

Rapportnummer: MT.15437

pagina 13 van 13

  

 

     

  



  

  . / 0 1/ 2 3  0 1/

4'5  



()%&' *!""&( +,-

& &0&* &



  

,

 !" ##    

$% & '

Wout Egging Van: Verzonden: Aan: CC: Onderwerp:

Hans Bakker <hbakker@odijmond.nl> woensdag, november 18, 2015 8:32 Wout Egging 'Jeantine Lakerveld' RE: Historische bodeminformatie Kwadijk (ong.) te Zeevang.

Geachte heer Egging, Van de gevraagde locatie is bij de gemeente Zeevang geen bodeminformatie bekend. Van de naastgelegen locaties is van het percelen Kwadijk 91 en Kwadijk 104A een bodemonderzoek bekend. Kwadijk 91 In 1999 (04‐11‐1999)is ten behoeve van de bouwaanvraag door Lankelma een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. In de bovengrond zijn destijds licht verhoogde gehaltes cadmium, kwik, lood, zink en PAK, in de ondergrond een licht verhoogde gehaltes kwik en EOX en in het grondwater een licht verhoogd gehalte kwik aangetroffen. Kwadijk 104A In 1997 (26‐09‐1997)is ten behoeve van de bouwaanvraag door Geomechanica een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. In de bovengrond zijn destijds licht verhoogde gehaltes minerale olie en EOX, in de ondergrond een licht verhoogd gehalte minerale olie en in het grondwater een licht verhoogd gehalte chroom aangetroffen.

Met vriendelijke groet, Hans Bakker

Adviseur bodem OD IJmond T 075 6553534 werkdagen: ma t/m do www.odijmond.nl Koetserstraat 2a 1531 NX Wormer

 Denk aan de bodem kwalit eit voordat j e gaat graven

Van: Wout Egging [mailto:W.Egging@rouwmaat.nl] Verzonden: donderdag 12 november 2015 15:26 Aan: Gemeente Zeevang <gemeente@zeevang.nl> Onderwerp: Historische bodeminformatie Kwadijk (ong.) te Zeevang. 1

TEKENING 1-1 Situatie met monsterpunten en peilbuizen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EdamVolendam&id=0fda9266-d7d8-455c-b393-c34284ae1cba