CConstaterende datEdam-Volendam
Koppel je AI →
Document · PDF

Rapport LEF

Themabijeenkomst 9 januari 2025, gemeente Edam-VolendamBij agendapunt: LEF en JOGG10.399 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Programma LEF: het uitstellen van het beginnen met drinken onder minderjarige jongeren in Edam-Volendam

Rapportage: meting februari 2022

Universiteit Utrecht Algemene Sociale Wetenschappen Jeugdstudies Dr. Ina Koning Damian van der Neut, MSc. Augustus 2022

Contents Samenvatting........................................................................................................................................... 4 Verdeling van de steekproef ................................................................................................................... 5 Alcoholconsumptie .................................................................................................................................. 6 Prevalentie alcoholgebruik ................................................................................................................ 6 Vergelijking Enkhuizen.................................................................................................................... 6 Voor en Na Corona ......................................................................................................................... 7 Huidige gemiddelde alcoholconsumptie ............................................................................................ 8 Vergelijking Enkhuizen.................................................................................................................... 9 Voor en Na Corona .......................................................................................................................

10 Conclusie: Alcoholconsumptie......................................................................................................... 11 Verklaringsmodel .................................................................................................................................. 11 Paden van beïnvloeding ................................................................................................................... 11 Factoren ........................................................................................................................................ 12 Maatschappelijke norm en acceptatie ten aanzien van alcoholgebruik ........................................ 12 Pad 1: Invloed van ouders op alcoholgebruik van jongeren ................................................................. 13 Pad 1a: Normen en regels van ouders ten aanzien van alcoholgebruik van jongeren.................. 13 Regels van ouders ten aanzien van alcoholgebruik van jongeren ................................................. 13 Relatie van alcohol-specifieke regels en het alcoholgebruik van jongeren .................................. 14 Pad 1b: Sociale activiteiten en toezicht van ouders.........................................................................

15 Toezicht van ouders ....................................................................................................................... 15 Relatie actief toezicht van ouders met alcohol gebruik van jongeren ........................................... 16 Conclusie: Pad 1 ............................................................................................................................... 16 Pad 2: Invloed van jongeren op eigen en elkaars alcoholgebruik ......................................................... 16 Normen en groepsdruk onder jongeren........................................................................................... 17 Normen van jongeren ten aanzien van alcoholgebruik van jongeren............................................ 17 Algemene normen .......................................................................................................................... 17 Relatie algemene normen met alcoholgebruik van jongeren ........................................................ 18 Descriptieve normen...................................................................................................................... 19 Relatie descriptieve normen en alcoholgebruik van jongeren ......................................................

19 Injunctieve normen ........................................................................................................................ 20 Relatie injunctieve normen en alcoholgebruik van jongeren ........................................................ 21 Groepsdruk en drinken om erbij te horen ..................................................................................... 21 Relatie groepsdruk en alcoholgebruik van jongeren ..................................................................... 22

Conclusie: Pad 2 ............................................................................................................................... 22 Pad 3: Handhaving................................................................................................................................. 23 Toegankelijkheid alcohol: niet thuis ............................................................................................... 23 Zichtbaarheid handhaving ............................................................................................................... 25 Bezoek uitgaansgelegenheden ....................................................................................................... 25 Alcoholgebruik tijdens het uitgaan ................................................................................................ 26 Conclusie: Pad 3 ............................................................................................................................... 28 Conclusie ............................................................................................................................................... 28 Referenties ............................................................................................................................................

31 Bijlagen .................................................................................................................................................. 32 Bijlage 1: extra tabel rondom toegankelijkheid van alcohol voor jongeren .................................. 32

Samenvatting Programma LEF is een samenwerking tussen de gemeente Edam-Volendam en de Universiteit Utrecht, waarbij binnen de gemeente onderzoek gedaan wordt naar het (vroegtijdige) alcoholgebruik van jongeren. Daarnaast wordt bekeken welke factoren dit (kunnen) beïnvloeden en wat mogelijk effectieve strategieën zijn om het beginnen met drinken onder (minderjarige) jongeren uit te stellen. Om hier meer inzicht in te krijgen zijn inmiddels vier metingen uitgevoerd in zowel de gemeente Edam-Volendam als in de controlegemeente Enkhuizen, waarbij jongeren (12 t/m 18 jaar oud) uit beide gemeenten op school een digitale vragenlijst ingevuld hebben. Het huidige rapport kijkt met name naar de meest recente data (februari/maart 2022; T4) en hoe deze zich verhoudt tot eerdere metingen, om een indruk te krijgen van de huidige stand van zaken omtrent alcoholgebruik in Edam-Volendam en Enkhuizen. Ook worden er vergelijkingen gemaakt met de meting vóór de COVID-19 pandemie (februari 2020; T2) en de meting in de nasleep van de pandemie (T4). Hiermee kan een eerste indruk gemaakt worden van mogelijk effecten van de pandemie en de maatregelen. De huidige data laat zien dat binnen de gemeente Edam-Volendam, meer jongeren in de leeftijd van 12- t/m 14-jaar alcohol drinken. Dit staat in contrast met de dalende trend die te zien was vóór de pandemie.

Tevens lijkt voor deze leeftijdsgroep ook de mate van strikte regels van ouders t.a.v. alcohol, af te nemen. Ook de normen t.a.v. van de jongeren binnen deze leeftijd zijn positiever geworden. Jongeren konden tijdens de COVID-19 pandemie geen gebruik maken van georganiseerde vrijetijdsactiviteiten. Impact hiervan is het duidelijkst te zien bij jongeren van nu 13/14, wie meer risico lopen op gebruik van alcohol en het bezoeken van uitgaansgelegenheden. Het is aannemelijk dat juist deze jongeren niet in aanraking zijn geweest met programma LEF en daarom nu een grotere kans hebben om alcohol te drinken dan bijvoorbeeld de jongeren van 15-jaar en ouder die wel al mee hebben kunnen doen aan de activiteiten in programma LEF. Resultaten illustreren ook de mogelijk rol van ouders in het alcohol gebruik van jongeren. Naast dat er een afname is te zien in de strikte regels rondom alcoholgebruik, zijn er aanwijzingen dat jongeren vaker in thuissetting drinken. Op basis van de bevindingen in dit rapport kan voorzichtig geconcludeerd worden dat een herstart van programma LEF noodzakelijk is zodat de huidige 11/12 jarigen preventief kunnen deelnemen aan LEF en daarmee hun toekomstig alcoholgebruik kan worden uitgesteld. Hierbij wordt ook het betrekken van ouders gezien als essentieel.

Verdeling van de steekproef In dit rapport worden de gegevens beschreven van vier meetmomenten (T0, T1, T2 en T4). De derde meting (T3) is niet opgenomen in het rapport vanwege de lage en selectieve respons op T3 vanwege Corona en de sluiting van de scholen. T2 vond plaats in 2020 vóór de uitbraak van de COVID-19 pandemie. De laatste meting (T4) vond plaats in 2022, na de pandemie, waardoor we het alcoholgebruik van jongeren voor en na COVID-19 kunnen vergelijken. De steekproef bestaat op T0, T1, T2 en T4 in totaal uit respectievelijk 2.165, 2.068, 1.918 en 1094 jongeren uit de gemeenten Edam-Volendam en Enkhuizen (zie Tabel 1), in de leeftijd van 12 t/m 18 jaar. In de gemeente Edam-Volendam hebben over het algemeen iets meer meisjes aan het onderzoek meegedaan, terwijl in de gemeente Enkhuizen iets meer jongens mee hebben gedaan. Het schoolniveau van de steekproef was binnen beide gemeenten wat scheef verdeeld: meting T0 tot T2 volgde in Edam-Volendam ongeveer veertig procent VMBO onderwijs t.o.v. de ongeveer dertig procent in Enkhuizen. Op T4 is te zien dat de meeste leerlingen op het HAVO/VWO zaten in zowel Edam-Volendam (67,3%) als in Enkhuizen (57%).

Tabel 1. Beschrijving van de steekproef, naar demografische gegevens. Edam-Volendam T0

T1

T2

T4

N

%

N

%

N

%

N

%

1.137

--

1.034

--

987

--

543

--

Jongen

525

46,2

462

44,7

445

45,1

262

48,3

Meisje

612

53,8

572

55,3

542

54,9

281

51,7

VMBO-basis/kader

205

18,0

164

15,9

166

16,8

98

18,0

VMBO-theoretisch/gemengd

311

27,4

243

23,5

233

23,6

80

14,7

HAVO

454

39,9

417

40,3

385

39,0

198

36,5

VWO

167

14,7

210

20,3

203

20,6

167

30,8

Totaal Sekse

Schoolniveau1

Enkhuizen T0 N

T1 %

N

T2 %

N

T4 %

N

%

Totaal

1.027

--

1.034

--

931

--

551

--

Jongen

512

49,9

545

52,7

480

51,6

283

51,4

Meisje

515

50,1

489

47,3

451

48,4

268

48,6

VMBO-basis/kader

6

0,6

2

0,2

2

0,2

--

--

VMBO-theoretisch/gemengd

325

31,7

334

32,3

236

25,3

237

43,0

HAVO

392

38,2

407

39,4

386

41,5

172

31,2

VWO

303

29,5

291

28,1

307

33,0

142

25,8

Sekse

Schoolniveau1

1

Bij combinatieniveaus (bijvoorbeeld HAVO/VWO) is het laagste schoolniveau gekozen.

Alcoholconsumptie In programma LEF wordt in gegaan op de hoeveelheid alcohol die jongeren in de gemeente Edam-Volendam drinken. Wat de huidige stand van zaken met betrekking tot het alcoholgebruik van jongeren is, hoe dit zich verhoudt t.o.v. de eerste en hoe de ontwikkeling van het alcoholgebruik zich verhoudt t.o.v. de controlegemeente Enkhuizen, wordt hierna besproken.

Prevalentie alcoholgebruik Wanneer er gekeken wordt naar het huidige alcohol gebruik van jongeren in de gemeente Edam-Volendam (Tabel 2), valt op dat een steeds lager percentage jongeren aangeeft ooit alcohol gedronken te hebben. Ten opzichte van T0 is dit gedaald met meer dan zestien procent. Wel valt het op dat deze daling zich vooral voordoet in de oudere leeftijdsgroepen. In tegenstelling, op de leeftijd 12- en 13-jarigen is een verdubbeling te zien in het aantal jongeren dat aangeeft ooit alcohol gedronken te hebben. Vergelijkbare trends zijn te zien op maandelijks en wekelijks alcoholgebruik; waar meer 12- en 13-jarigen aangeven te drinken, is er voor de leeftijden 14- tot 16-jaar en ouder een daling te zien.

Vergelijking Enkhuizen In de gemeente Enkhuizen valt het op dat er minder veranderingen zijn in dan in EdamVolendam. Vergelijkbaar met Edam-Volendam is ook hier een afname te zien in het totale aantal jongeren dat op T4 aangeeft ooit te drinken, echter is de daling minder substantieel dan

in Edam-Volendam. Ook valt het op dat in Enkhuizen minder 12- en 13-jarigen aangeven ooit te hebben gedronken op T4 t.o.v. T0. Het aantal maandelijkse en wekelijkse drinkers binnen deze leeftijd is echter wel gestegen.

Voor en Na Corona Zoals eerder aangegeven is de meting van T2 gedaan vlak voor de uitbraak van de COVID-19 pandemie (februari 2020). De T4 meting is gedaan in de nasleep van de pandemie maar alleen in Edam-Volendam (door sluiting van scholen kon het in Enkhuizen niet), wat de mogelijkheid geeft om een indicatie te krijgen van veranderingen in het middelengebruik voor en na de lockdown. Als gekeken wordt naar de hele groep is te zien dat de prevalentie van alcohol gebruik na Corona enigszins is gedaald. Dit geldt vooral voor het aantal jongeren dat ooit gedronken heeft, maar ook bij de wekelijkse en maandelijkse drinkers is een lichte daling te zien. Echter, als er gekeken wordt naar de leeftijden specifiek worden een aantal zorgelijke bevindingen zichtbaar. Waar tussen T0 en T2 een stabiele afname te zien was in de prevalentie van jongere drinkers (12- tot 14-jarigen), zijn de cijfers tussen T2 en T4 fors gestegen. Met name de wekelijkse en maandelijkse drinkers op laten een flinke stijging zien t.o.v. T2. Opvallend is wel dat op de latere leeftijden (15- tot 16-jaar en ouder) juist sterke dalingen te zien zijn. Deze trend deed zich ook voor in de vergelijking met T0.

Tabel 2. Prevalentie van het alcoholgebruik, per gemeente uitgesplitst naar leeftijd. Edam-Volendam Alcohol,

Alcohol,

Alcohol,

ooit (ja; %)

maandelijks (ja; %)

wekelijks (ja; %)

Leeftijd

T0

T1

T2

T4

T0

T1

T2

T4

T0

T1

T2

T4

12 jaar

10,4

19,8a

16,7

23,1a

0,0

4,6a

7,1a

5,8a

0,0

1,0

2,4

0,8

13 jaar

28,2

21,6

21,3

31,2b

10,3

7,1

6,1

20,1ab

7,2

3,4a

3,9

15,6ab

14 jaar

61,9

49,6a

38,6a

43,8a

42,1

27,1a

24,3a

40,3b

34,1

23,8a

18,1a

34,0b

15 jaar

67,3

68,6

65,4

52,2ab

55,5

52,4

50,9

44,4

51,7

46,7

41,2a

41,1a

≥ 16 jaar

83,6

68,1a

62,4a

61,8a

78,5

55,5a

49,5a

41,2a

76,6

50,4a

45,2a

38,2a

Totaal

54,3

42,6a

43,4a

38,1a

40,4

26,0a

29,5a

27,6a

36,4

21,9a

23,9a

22,8a

Enkhuizen Alcohol,

Alcohol,

Alcohol,

ooit (ja; %)

maandelijks (ja; %)

wekelijks (ja; %)

Leeftijd

T0

T1

T2

T4

T0

T1

T2

T4

T0

T1

T2

T4

12 jaar

24,8

18,0

20,0

20,4

1,6

1,7

1,3

5,3

0,0

0,0

0,0

2,7

13 jaar

32,1

29,2

27,5

28,1

9,6

6,4

10,2

14,4

3,7

1,9

2,5

5,8

14 jaar

42,7

40,5

45,6

40,5

19,6

15,7

19,5

21,6

11,9

9,1

8,7

10,3

15 jaar

67,1

62,2

59,3

56,8

48,1

38,9

44,0

34,6a

38,1

28,0a

28,0a

25,9

≥ 16 jaar

80,7

78,1

77,8

74,5

72,7

67,7

67,2

59,8a

64,6

58,3

61,9

52,9

Totaal

48,7

39,9a

48,0

41,9ab

28,9

19,2a

30,1

25,4

21,9

13,2a

20,9

17,8a

Noot. a Significant verschil met T0. b Significant verschil met T2

Huidige gemiddelde alcoholconsumptie Als gekeken wordt naar de hoeveelheid alcohol die jongeren gemiddeld per week drinken is te zien dat er voor de totale groep een daling van het aantal glazen is op T4 t.o.v. eerdere metingen (zie Tabel 3). Als er naar de leeftijden gekeken wordt, is er een daling te zien voor de groep jongeren vanaf 14-jaar, met de grootste daling voor jongeren van 16-jaar en ouder t.o.v. T0. Echter, wanneer er gekeken wordt naar alleen de jongeren die aangeven wekelijks te drinken, is bij jongeren van 16-jaar en ouder een stijging te zien in het aantal glazen per week.

Hoewel Tabel 2 duidt op minder drinkende jongeren van deze leeftijd t.o.v. eerdere metingen, lijken de jongeren díé drinken wel meer glazen per week te drinken.

Vergelijking Enkhuizen Voor zowel de totale groep als de wekelijkse drinkers is te zien dat er in Enkhuizen op T4 meer gedronken wordt dan in Edam-Volendam. Wel is de daling in het aantal glazen t.o.v. T0 dat te zien is in Edam-Volendam, ook in Enkhuizen zichtbaar. De daling is in Enkhuizen echter wel een stuk kleiner. Als er gekeken wordt naar leeftijden zien we wisselende ontwikkelingen. Zo valt het op dat, waar in Edam-Volendam veelal een afname te zien is in het aantal glazen dat geconsumeerd wordt door de totale groep, de cijfers in Enkhuizen voor alle leeftijden stabiel zijn. In de leeftijd van 16 jaar en ouder is er zelfs een stijging te zien. Ook onder wekelijkse drinkers is er in Enkhuizen duidelijk te zien dat er op de leeftijden 13-, 15- en 16-jaar en ouder een stijging heeft plaatsgevonden t.o.v. T0.

Tabel 3. Gemiddelde alcoholconsumptie (glazen per week), per gemeente uitgesplitst naar leeftijd. Edam-Volendam Glazen per week,

Glazen per week,

totale groep (M)

wekelijkse drinkers (M)

Leeftijd

T0

T1

T2

T4

T0

T1

T2

T4

12 jaar

--

0,02

0,04

0,02

--

1,50

1,50

2,00

13 jaar

0,39

0,24

0,12a

0,54b

5,00

6,56

2,56

3,12a

14 jaar

2,46

1,54a

1,03a

1,74ab

6,09

5,80

5,16

4,68a

15 jaar

4,06

3,66

3,29

2,89

7,19

6,97

7,38

6,57

≥ 16 jaar

7,31

4,29a

4,05a

4,69

9,01

7,87

8,05

11,54

Totaal

3,05

1,67a

1,85a

1,43ab

7,55

6,85

6,94

5,64ab

Enkhuizen Glazen per week,

Glazen per week,

totale groep (M)

wekelijkse drinkers (M)

Leeftijd

T0

T1

T2

T4

T0

T1

T2

T4

12 jaar

--

--

--

0,03

--

--

--

1,00

13 jaar

0,10

0,08

0,21

0,29

2,30

3,80a

7,25a

4,38

14 jaar

0,79

0,61

0,60

0,42

5,45

5,64

5,69

3,33ab

15 jaar

3,11

2,48

2,63

2,42

6,72

7,02

7,59

7,50

≥ 16 jaar

5,45

5,84

6,24

6,23

7,65

8,45

9,06

9,81

Totaal

1,76

1,14a

2,02

1,63

6,78

7,26

8,26a

7,81

Noot. a Significant verschil met T0. b Significant verschil met T2

Voor en Na Corona Als gekeken wordt naar het aantal glazen voor en na de COVID-19 pandemie, is vooral opvallend dat er voor alle leeftijden, behalve 15-jarigen, een opvallende omslag te zien is. Waar tussen T0 en T2 voornamelijk een afname te zien was in het aantal glazen per week, zijn jongeren tussen T2 en T4 meer gaan drinken. Deze bevindingen zijn vooral van toepassing op de totale groep, de groep wekelijkse drinkers laat zeer wisselvallige getallen zien. De 14 en 15 jarigen rapporteren gemiddeld minder glazen te drinken op T4 in vergelijking met T2, terwijl de 12-, 13- en 16+ jarigen gemiddeld meer drinken na corona. Analyse van de longitudinale data, waarin alleen jongeren uit Enkhuizen die aan T2 en T4 hebben deelgenomen zijn meegenomen in de analyses, laat zien dat de toename in het wekelijks drinken zeer wrs door de Covid-10 pandemie is veroorzaakt en geen leeftijdseffect is (zie ook Figuur 1; Verwoerd, 2022). 8 Alcohol Use PreCOVID-19 (Y1=-6.42 + 0.49*X)

Aantal glazen alcohol per week

7 6

5 Alcohol Use Post-COVID-19 (Y2=-15.34 + 1.12*X)

4 3 2 1

0 12

13

14

15

16

17

18

19

20

Leeftijd

Figuur 1. Gemiddeld aantal glazen alcohol per week voor Covid-19 (rode lijn) en na Covid19 (groene lijn) voor jongeren uit Enkhuizen.

Conclusie: Alcoholconsumptie Wanneer we kijken naar het huidige alcoholgebruik van jongeren in beide gemeentes, vallen er een aantal belangrijke zaken op. Allereerst, de toename van jongere drinkers (12- tot 14 jarigen) in Edam-Volendam. De daling die te zien was vanaf T0 tot T2 is op T4 compleet verdwenen, er is zelfs een verdubbeling van het aantal 12-14 jarige drinkers op T4 t.o.v. het moment voordat programma LEF werd gestart (T0). Opvallend is wel dat in de leeftijden 15en 16-jaar nu minder jongeren aangeven te drinken. Deze trends zijn terug te zien in de prevalentie van het gehele leven, de afgelopen maand en de afgelopen week. Als we kijken naar hoeveel jongeren dan drinken, zien we dat voor enkele leeftijdsgroepen er meer drinkers zijn op T4 (12/13/16 jarigen), terwijl de 14/15 jarigen minder zijn gaan drinken. Het lijkt erop dat voor de Corona pandemie voornamelijk impact heeft gehad op het alcoholgebruik van de jongeren die niet/minder in aanraking zijn gekomen met programma LEF (12/13 jarigen) aangezien de groep jongeren die 2 jaar geleden de belangrijkste doelgroep was (de nu 14/15 jarigen) nu degenen zijn de minder (vaak) drinken.

Verklaringsmodel Om te kijken welke factoren invloed hebben op zowel het algemene alcoholgebruik van jongeren in Edam-Volendam, als de vroege leeftijd waarop jongeren starten met het drinken van alcohol, is tijdens de probleemdefinitie een verklaringsmodel opgesteld (zie Figuur 2). Voor een uitgebreidere beschrijving hoe dit verklaringsmodel tot stand gekomen is, verwijzen wij naar het rapport van de probleemdefinitie (Koning & Van der Rijst, 2018).

Paden van beïnvloeding In het verklaringsmodel (zie Figuur 1) zijn drie verschillende paden van beïnvloeding te onderscheiden. Pad 1 [blauw] richt zich op de invloed van ouders, waarbij nog twee zijpaden onderscheiden worden. Binnen pad 1a [donkerblauw] wordt gefocust op de invloed van de tolerantie (stellen van regels) van ouders ten aanzien van het alcoholgebruik van jongeren, terwijl binnen pad 1b [lichtblauw] gefocust wordt op de invloed van het toezicht (monitoring) door ouders. Pad 2 [paars] richt zich op de jongeren zelf. Het gaat hierbij om de invloed die zij zelf hebben op zowel hun eigen als elkaars alcoholgebruik, bijvoorbeeld via normen, groepsdruk en individuele factoren. Pad 3 richt zich op de handhaving van het alcoholbeleid door de gemeente, horeca, politie en andere betrokkenen. De factoren binnen dit derde pad zullen een minder directe link naar het daadwerkelijke alcoholgebruik van jongeren hebben,

maar zullen wel invloed (kunnen) hebben op meer proximale factoren zoals de regels die ouders stellen en normen die jongeren ontwikkelen.

Figuur 2. Verklaringsmodel probleemdefinitie programma LEF.

Factoren De paden van beïnvloeding vanuit het verklaringsmodel bestaan allen uit diverse factoren die op verschillende niveaus het alcoholgebruik van jongeren (kunnen) beïnvloeden. Per pad zullen deze factoren besproken worden, waarbij per factor bekeken zal worden hoe deze zich op dit moment (T4) verhouden tot voorgaande metingen alsook het alcoholgebruik van jongeren in beide gemeenten.

Maatschappelijke norm en acceptatie ten aanzien van alcoholgebruik Uit interviews voorafgaand aan de eerste meting is naar voren gekomen dat met name de maatschappelijke norm en acceptatie ten aanzien van alcoholgebruik factoren zijn die – al dan niet direct – het alcoholgebruik van jongeren beïnvloeden. Er wordt gesteld dat door deze sterke maatschappelijke normen en acceptatie het ook voor jongeren normaal en geaccepteerd is om (al op jonge leeftijd) alcohol te drinken.

Pad 1: Invloed van ouders op alcoholgebruik van jongeren Zowel uit de probleemdefinitie (Koning & Van der Rijst, 2018) als het tussenrapport (Koning & Van der Rijst, 2019a) is naar voren gekomen dat ouders een belangrijke rol spelen in het alcoholgebruik van jongeren. Deze rol lijkt voornamelijk te liggen in de tolerantie die ouders ten aanzien van alcoholgebruik van hun kinderen hebben (en de bijbehorende regels die zij hierover stellen) en het toezicht dat ouders op hun kinderen houden.

Pad 1a: Normen en regels van ouders ten aanzien van alcoholgebruik van jongeren De maatschappelijke normen van ouders ten aanzien van het alcoholgebruik van jongeren spelen een belangrijke rol. Onder ouders gaat het dan met name om de waargenomen sociale norm dat alcohol drinken er (al op jonge leeftijd) bij hoort. Opvallend hierbij is dat er sprake lijkt te zijn van groepsdruk onder ouders om alcoholgebruik onder jongeren toe te staan. Aangezien huidig rapport de resultaten van het jongeren onderzoek weergeeft, verwijzen we voor de resultaten over de invloed van de sociale normen van ouders t.a.v. alcoholgebruik op het alcoholgebruik van jongeren naar de ouderrapportage (zie Koning & Van der Rijst, 2019b).

Regels van ouders ten aanzien van alcoholgebruik van jongeren Tijdens de probleemdefinitie kwam naar voren dat ouders – mogelijk mede door de geldende normen en groepsdruk onder ouders – zeer tolerant zijn t.o.v. het alcoholgebruik van hun kind. Voor het bekijken van de invloed van tolerantie van ouders ten aanzien van alcoholgebruik van jongeren, zal gekeken worden naar de regels die ouders met betrekking tot alcohol stellen. Hierin valt op dat in de huidige meting jongeren uit beide gemeentes rapporteren dat hun ouders even strikt zijn in hun regels. Als gekeken wordt naar de uitsplitsing per leeftijd lijkt het dat jongeren in Edam-Volendam aangeven dat hun ouders op jongere leeftijd beginnen met het versoepelen van de regels rondom alcohol. Waar in Enkhuizen een sterke daling te zien is in de mate van strikte regels op 16-jaar en ouder, is de daling in EdamVolendam al op jongere leeftijd ingezet. Ten opzichte van T0 is te zien dat in beide gemeentes, voor alle leeftijdsgroepen, de regels strikter geworden zijn, In de metingen voor (T2) en na (T4) de pandemie is te zien dat de striktheid van de regels voor de hele groep jongeren in Edam-Volendam iets is afgenomen. Met name voor de

12 t/m 14 jarigen in Edam-Volendam is deze afname zichtbaar. De mate van strikte regels van ouders zoals ervaren door jongeren in Enkhuizen is vrijwel gelijk gebleven, waarbij alleen voor de 14-jarigen een kleine daling te zien is.

Tabel 4. Regels van ouders met betrekking tot alcoholgebruik van jongeren1 (M), per gemeente uitgesplitst naar leeftijd. Edam-Volendam

Enkhuizen

Leeftijd

T0

T1

T2

T4

T0

T1

T2

T4

12 jaar

4,92

4,86

4,88

4,77a

4,83

4,84

4,79

4,85

13 jaar

4,70

4,77

4,78

4,59b

4,72

4,79

4,65

4,67

14 jaar

4,09

4,34a

4,50a

3,96b

4,44

4,43

4,54

4,27b

15 jaar

3,55

3,60

3,83a

3,80a

3,71

3,91

3,93

4,03a

≥ 16 jaar

2,50

3,28a

3,33a

3,29a

2,69

2,79

3,02a

2,93

Totale

3,89

4,28a

4,22a

4,24a

4,14

4,37a

4,17

4,21

1

Hogere scores betekenen striktere regels met betrekking tot alcoholgebruik.

a

Significant verschil met T0. b Significant verschil met T2.

Relatie van alcohol-specifieke regels en het alcoholgebruik van jongeren Als er gekeken wordt naar de invloed van de alcohol-specifieke regels op het alcohol gebruik van jongeren komt duidelijk naar voren dat het stellen van strikte regels een beschermende factor is. Voor zowel de frequentie van het alcoholgebruik van jongeren in Edam-Volendam (hele leven: r = -.54; afgelopen maand: r = -.58; wekelijks: r = -.65) en in Enkhuizen (hele leven: r = -.49; afgelopen maand: r = -.53; wekelijks: r = -.59) zijn de regels rondom alcohol een beschermende factor. Ook de hoeveelheid alcohol gemiddeld per week is gerelateerd aan de ervaren alcohol-specifieke regels; meer stricte regels rondom alcohol relateert aan het drinken van gemiddeld minder glazen alcohol per week ((Edam-Volendam: r = - .54; Enkhuizen: r = - .61).

Geconcludeerd kan worden dat jongeren die meer strikte regels ervaren rondom het alcoholgebruik, minder vaak en minder veel alcohol drinken.

Pad 1b: Sociale activiteiten en toezicht van ouders Tijdens de probleemdefinitie kwam naar voren dat ouders – mede door de hoge tolerantie ten aanzien van alcoholgebruik – weinig toezicht houden op (het alcoholgebruik van) hun kinderen. Hierbij kwam naar voren dat ouders vaak niet aanwezig zijn bij ‘zitjes’ [gelegenheden waarbij jongeren bij iemand thuis afspreken en doorgaans (veel) alcohol gedronken wordt]. Vaak komt dit doordat ouders zelf ook weg zijn naar eigen sociale activiteiten.

Toezicht van ouders Voor het bekijken van de invloed van toezicht door ouders, zal gekeken worden naar de mate waarop ouders hun kind actief monitoren. Dit houdt onder andere in dat ouders actief navragen waar hun kind heengaat, met wie ze dan zijn en of ze toestemming nodig hebben om ergens heen te gaan. Als we kijken naar de mate waarin ouders actief toezicht houden op jongeren (zie Tabel 5), valt op dat dit over alle metingen en gemeenten heen vrij stabiel is. Kijken we naar de verschillende leeftijden, dan zijn er wel kleine significante veranderingen te zien. Zo zijn er in Edam-Volendam voor de 13- en 14 jarigen en 16+ een lichte afname te zien op T4 t.o.v. T0 (en t.o.v. T2. In Enkhuizen is deze daling alleen voor te zien voor jongeren van 13- en 16-jaar en ouder. Over het algemeen lijkt het dus dat ouders op T4 minder actief toezicht houden dan in voorgaande metingen. Echter, opvallend is dat er voor 16-jarigen in beide gemeentes een stijging is geweest in de mate van toezicht over de metingen.

Tabel 5. Actief toezicht van ouders op jongeren1 (M), per gemeente uitgesplitst naar leeftijd. Edam-Volendam

Enkhuizen

Leeftijd

T0

T1

T2

T4

T0

T1

T2

T4

12 jaar

3,24

3,07

3,03

3,20

4,11

4,14

3,91

3,97

13 jaar

3,07

3,01

2,95

2,84a

3,86

4,00

3,97

3,66ab

14 jaar

2,94

3,05

2,95

2,69ab

3,80

3,73

3,81

3,72

15 jaar

2,92

2,99

3,05

2,74b

3,66

3,94a

3,77

3,64

≥ 16 jaar

2,88

3,10a

3,00

3,32ab

3,53

3,49

3,56

3,79ab

Totale groep

2,98

3,04

2,99

2,89 b

3,78

3,91a

3,80

3,76

1

Hogere scores betekenen meer actief toezicht door ouders. a Significant verschil met T0. b

Significant verschil met T2.

Relatie actief toezicht van ouders met alcohol gebruik van jongeren In het Tussenrapport 2019 (Koning & Van der Rijst, 2019a) viel op dat er over de invloed van actief monitoren op alcoholgebruik van jongeren veel wisselvallige resultaten naar voren kwamen. Hieruit kwamen geen eenduidige conclusies naar voren. Als we kijken naar de huidige situatie, zien we dat er wederom geen verbanden zijn tussen actief monitoren en de prevalentie alcoholgebruik in het hele leven, de afgelopen maand of de afgelopen week. Het enige verband dat hier geconstateerd wordt, is dat jongeren in Enkhuizen minder glazen per week leken te drinken wanneer ouders meer actief toezicht houden. Dit werd niet gevonden in Edam-Volendam.

Conclusie: Pad 1 Geconcludeerd kan worden dat in februari 2022 vooral de jongere groep (<16 jaar) jongeren in Edam-Volendam minder toezicht van hun ouders ervaren. De 16+ jongeren ervaren daarentegen meer toezicht. De afname van de mate van toezicht bij de jongere groep, komt overeen met de afname van de ervaren regels rondom alcoholgebruik bij de 12-14 jarigen. Dit laatste is zorgelijk omdat uit (inter)nationaal en huidig onderzoek is gebleken dat de regels die ouders stellen rondom alcoholgebruik een belangrijke protectieve factor is voor het beginnen met drinken.

Pad 2: Invloed van jongeren op eigen en elkaars alcoholgebruik Via de normen die jongeren over alcoholgebruik waarnemen en de – al dan niet directe – groepsdruk die zij voelen om zich hieraan te conformeren wordt het alcoholgebruik beinvloed. In pad 2 wordt gekeken welke invloed factoren in jongeren zelf hebben op hun eigen en elkaars alcoholgebruik en of jongeren zelf hun gedrag zijn gaan aanpassen door programma LEF.

Normen en groepsdruk onder jongeren Tijdens de adolescentie is het horen bij een groep van leeftijdsgenoten één van de belangrijkste ontwikkelingstaken (Erikson, 1968). Om onderdeel uit te maken van een groep, moet de jongere zich gedragen conform de normen en waarden van die groep, terwijl deze misschien niet overeenkomen met zijn of haar eigen normen en waarden (Iwamoto & Smiler, 2013; Santor, Messervey & Kusumaker, 2000). Dit kan leiden tot groepsdruk: de druk die een jongere ervaart om zich aan te passen aan de groepsnorm (Santor, et al., 2000), wat bijvoorbeeld het drinken van alcohol kan zijn. Er kan hierbij sprake zijn van indirecte en directe groepsdruk, wat allebei risicofactoren voor het alcoholgebruik van jongeren kunnen zijn. Beide vormen zullen hieronder verder besproken worden.

Normen van jongeren ten aanzien van alcoholgebruik van jongeren De normen ten aanzien van het alcoholgebruik, zowel in het algemeen als specifiek van jongeren, spelen een belangrijke rol in het alcoholgebruik. Bij jongeren gaat het dan met name om de (waargenomen) norm dat alcohol drinken geaccepteerd is, het erbij hoort en dat iedereen het doet. Deze normen kunnen ervaren worden als een indirecte vorm van groepsdruk. Onder de normen die jongeren ten aanzien van alcoholgebruik van jongeren kunnen hebben, zijn drie verschillende typen normen te onderscheiden, namelijk algemene normen, descriptieve normen en injunctieve normen. Deze drie typen normen zullen hieronder nader beschouwd worden.

Algemene normen De algemene normen die jongeren ten aanzien van alcoholgebruik van jongeren kunnen hebben, komen voornamelijk voort uit het (algemene) idee dat alcohol drinken normaal is en erbij hoort. Deze normen worden gemeten door jongeren te vragen in hoeverre zij vinden dat leeftijdsgenoten in bepaalde situaties alcohol mogen drinken (bijvoorbeeld thuis als ouders aanwezig zijn, of op een feestje met vrienden). Hierbij geeft een hogere score meer positievere normen t.a.v. alcohol weer. De huidige algemene normen onder jongeren is voor jongeren uit Edam-Volendam vrijwel gelijk aan jongeren uit Enkhuizen (zie Tabel 6); respectievelijk 2,19 en 2,20. In EdamVolendam is de algemene norm rondom alcohol op T4 vrijwel stabiel gebleven t.o.v. T0, met een uitzondering van de lichte toename van positieve normen onder de 13-jarigen. In

Enkhuizen is geen verandering te zien t.o.v. T0. Ten opzichte van voor de pandemie (T2) is wel een toename van positievere normen te zien bij voornamelijk de 13- en 14-jarigen uit Edam-Volendam en Enkhuizen.

Tabel 6. Algemene normen ten aanzien van alcoholgebruik van jongeren1 (M), per gemeente uitgesplitst naar leeftijd. Edam-Volendam

Enkhuizen

Leeftijd

T0

T1

T2

T4

T0

T1

T2

T4

12 jaar

1,41

1,43

1,38

1,54

1,40

1,29

1,27

1,51b

13 jaar

1,71

1,64

1,56a

2,01ab

1,64

1,57

1,59

1,63

14 jaar

2,51

2,26a

2,03a

2,49b

2,18

2,11

1,96a

2,41ab

15 jaar

2,86

2,86

2,52a

2,66

2,79

2,71

2,67

2,61

≥ 16 jaar

3,58

3,15a

2,98a

2,81a

3,62

3,47

3,38a

3,22a

Totale groep

2,50

2,16a

2,16a

2,19a

2,29

2,02a

2,23

2,20

1

Hogere scores betekenen dat jongeren positievere normen ten aanzien van alcoholgebruik van

jongeren hebben. a Significant verschil met T0. b Significant verschil met T2.

Relatie algemene normen met alcoholgebruik van jongeren Net als in het tussenrapport (Koning & Van der Rijst, 2019a), zijn ook nu de meer positieve normen van jongeren t.a.v. alcohol sterk gerelateerd aan een hogere kans om alcohol gedronken te hebben; hele leven (Edam-Volendam: r = .42; Enkhuizen: r = .49), de afgelopen maand (Edam-Volendam: r = .45; Enkhuizen: r = .52) en wekelijks (Edam-Volendam: r = .50; Enkhuizen: r = .57). Ook voor het aantal glazen per week zien we een positieve relatie tussen meer positieve normen en gemiddeld meer glazen per week drinken in zowel Edam-Volendam (r = .32) als Enkhuizen (r = .54). Geconcludeerd kan worden dat jongeren die sterkere positieve algemene normen hebben ten aanzien van het alcoholgebruik een grotere kans hebben om (meer) alcohol te drinken.

Descriptieve normen De descriptieve normen die jongeren ten aanzien van het alcoholgebruik van jongeren kunnen hebben, omvatten de percepties van jongeren wat betreft het aantal leeftijdsgenoten dat alcohol drinkt. Deze normen worden gemeten door jongeren op een 5-puntsschaal (van ‘niemand’ tot ‘allemaal’) te vragen hoeveel leeftijdgenoten volgens hen alcohol drinken. Wanneer we kijken naar de huidige descriptieve normen, valt op dat deze na de daling op T1 (wellicht door de pre-interventie effecten) relatief stabiel zijn gebleven (Tabel 7). De huidige meting (T4, M = 2,61) laat een lichte daling in vergelijking met T0 (M = 3,05), terwijl dit in vergelijking met T2 wel licht gestegen is (M = 2,52) voornamelijk door toedoen van de toename onder de 13- en 14-jarigen. De 13- en 14-jarigen in beide gemeenten rapporteren dat op T4 meer van hun leeftijdsgenoten alcohol drinken dan dezelfde leeftijdsgroep voor de pandemie deed.

Tabel 7. Descriptieve normen over alcoholgebruik van leeftijdsgenoten1 (M), per gemeente uitgesplitst naar leeftijd. Edam-Volendam

Enkhuizen

Leeftijd

T0

T1

T2

T4

T0

T1

T2

T4

12 jaar

1,81

1,59a

1,68

1,89

1,65

1,45a

1,42a

1,61

13 jaar

2,16

1,87a

1,78a

2,22b

1,94

1,85

1,68a

1,92

14 jaar

3,06

2,76a

2,54a

3,08b

2,51

2,34a

2,22a

2,52b

15 jaar

3,62

3,41

2,91a

2,94a

3,04

3,09

2,70a

2,67ab

≥ 16 jaar

4,05

3,47a

3,32a

3,22a

3,54

3,44

3,47

3,43

Totale groep

3,05

2,52a

2,52a

2,61a

2,53

2,26a

2,35a

2,43

1

Hogere scores betekenen dat jongeren denken dat meer leeftijdsgenoten alcohol drinken. a

Significant verschil met T0. b Significant verschil met T2.

Relatie descriptieve normen en alcoholgebruik van jongeren Net als in het vorige rapport, is ook in de huidige bevindingen te zien dat positievere descriptieve normen van jongeren gerelateerd zijn aan de prevalentie van alcoholgebruik in het hele leven (Edam-Volendam: r = .37; Enkhuizen: r = .39), de afgelopen maand (EdamVolendam: r = .41; Enkhuizen: r = .46) en wekelijks (Edam-Volendam: r = .47; Enkhuizen: r = .39). Als jongeren inschatten dat meer van hun leeftijdsgenoten alcohol drinken hangt dit

samen met een hoger gemiddeld aantal glazen per week dat zij zelf drinken (Edam-Volendam: r = .30; Enkhuizen: r = .53). Geconcludeerd kan worden dat wanneer jongeren denken dat meer van hun leeftijdsgenoten alcohol drinken, zij vaker aangeven alcohol te hebben gedronken en wekelijks meer alcohol drinken.

Injunctieve normen De injunctieve normen die jongeren ten aanzien van het alcoholgebruik van jongeren kunnen hebben, verwijzen naar de waargenomen goed- of afkeuring van alcoholgebruik door leeftijdsgenoten. Deze werden gemeten door jongeren te vragen in hoeverre hun leeftijdsgenoten het drinken van alcohol zouden goed- of afkeuren op een 7-puntsschaal (van ‘sterke afkeuring’ tot ‘sterke goedkeuring’). In de huidige meting (Tabel 8) is te zien dat jongeren in Edam-Volendam gemiddeld iets minder positieve injunctieve normen rapporteren (T4, M = 3,10) t.o.v. T0 (M = 3,37), maar nu wel meer goedkeuring door leeftijdsgenoten rapporteren in vergelijking met de meting voor de pandemie (T2:M = 2,84). Met name in Edam-Volendam is deze fluctuatie zichtbaar; in Enkhuizen lijken de injunctieve normen stabiel te blijven. Als we kijken naar specifieke leeftijden valt het op dat er in Edam-Volendam met name op de jongere leeftijden (12- tot en met 14-jarigen) een sterke stijging te zien is na de pandemie in de mate waarin jongeren denken dat hun leeftijdsgenoten alcohol goedkeuren.

Tabel 8. Injunctieve normen over goed- en afkeuring alcoholgebruik door leeftijdsgenoten1 (M), per gemeente uitgesplitst naar leeftijd. Edam-Volendam

Enkhuizen

Leeftijd

T0

T1

T2

T4

T0

T1

T2

T4

12 jaar

1,38

1,41

1,51

2,08ab

1,30

1,24

1,24

1,57

13 jaar

1,99

1,77

1,69a

2,54ab

1,74

1,67

1,68

1,98

14 jaar

3,34

3,06

2,65a

3,65b

2,61

2,50

2,22a

3,03b

15 jaar

4,07

4,11

3,68

3,79

3,73

3,58

3,47

3,17a

≥ 16 jaar

5,28

4,55a

4,10a

3,84a

4,60

4,86

4,57

4,35

Totale groep

3,37

2,80a

2,84a

3,10ab

2,77

2,43a

2,70

2,81

1

Hogere scores betekenen dat jongeren denken dat leeftijdsgenoten alcoholgebruik sterker

goedkeuren. a Significant verschil met T0. b Significant verschil met T2.

Relatie injunctieve normen en alcoholgebruik van jongeren In lijn met voorgaande resultaten, laten huidige bevindingen ook zien dat sterkere injunctieve normen samen hangen met het drinken van alcohol in het gehele leven (Edam-Volendam: r = .47; Enkhuizen: r = .50), de afgelopen maand (Edam-Volendam: r = .51; Enkhuizen: r = .55) en wekelijks (Edam-Volendam: r = .56; Enkhuizen: r = .54). Ook is eenzelfde relatie te zien tussen injunctieve normen en het wekelijkse alcoholgebruik (Edam-Volendam: r = .39; Enkhuizen: r = .53). Geconcludeerd kan worden dat wanneer jongeren denken dat leeftijdsgenoten het (wekelijks) drinken van alcohol sterker goedkeuren, zij vaker aangeven alcohol te hebben gedronken en wekelijks meer alcohol drinken.

Groepsdruk en drinken om erbij te horen Waar de normen die jongeren ervaren voornamelijk indirect jongeren een gevoel van groepsdruk kunnen geven, is er ook sprake van directe groepsdruk. Er is sprake van directe groepsdruk wanneer een jongere een drankje krijgt aangeboden of wordt aangemoedigd, uitgedaagd, dan wel gedwongen om te drinken (Borsari & Carey, 2001). Tijdens de probleemdefinitie kwam naar voren dat jongeren vaak expliciet aangemoedigd worden tot het drinken van alcohol, ook als zij zelf niet willen drinken. Voor de invloed van groepsdruk, is gekeken naar de mate waarin jongeren, onder druk van hun vrienden, gevoelig zijn om dingen te doen die ze anders niet zouden doen. Dit kan zijn door aangemoedigd of uitgedaagd te worden, maar ook om te voorkomen dat zij anders uit de peergroep gezet worden. Als we kijken naar de huidige meting, lijkt er in beide gemeentes sprake te zijn van een stijging in de hoeveelheid groepsdruk die jongeren ervaren t.o.v. voorgaande metingen (Tabel 9). Vooral in Edam-Volendam is een stijging te zien tussen T2 (M = 1,66) en T4 (M = 1,86), met name voor jongeren tussen de 12- en 14-jaar. In Enkhuizen is deze stijging nauwelijks zichtbaar. Voor 12-jarigen is de hoeveelheid groepsdruk zelfs gedaald (T4, M = 1,61) t.o.v. T2 (T4, M = 1,82). Wel is voor de hele groep jongeren uit beide gemeentes de groepsdruk gestegen sinds de basismeting T0.

Tabel 9. Ervaren groepsdruk door jongeren1 (M), per gemeente uitgesplitst naar leeftijd. Edam-Volendam

Enkhuizen

Leeftijd

T0

T1

T2

T4

T0

T1

T2

T4

12 jaar

1,69

1,93a

1,70

1,93ab

1,79

1,74

1,82

1,61ab

13 jaar

1,67

1,66

1,64

1,94ab

1,77

1,70

1,75

1,78

14 jaar

1,79

1,68

1,67

1,80b

1,70

1,71

1,79

1,92a

15 jaar

1,60

1,72

1,72

1,82a

1,62

1,71

1,79a

1,95a

≥ 16 jaar

1,61

1,55

1,57

1,70

1,53

1,73a

1,78a

1,82a

Totale groep

1,67

1,71

1,66

1,86ab

1,68

1,72

1,78a

1,82a

1

Hogere scores betekenen dat jongeren meer groepsdruk ervaren. a Significant verschil met T0.

b

Significant verschil met T2.

Relatie groepsdruk en alcoholgebruik van jongeren Net als in voorgaande rapportages, is ook op T4 de relatie tussen groepsdruk onder jongeren en het alcoholgebruik niet eenduidig. In Edam-Volendam worden geen significante verbanden gevonden tussen groepsdruk enerzijds en alcoholprevalentie en wekelijks drinken anderzijds. Voor Enkhuizen is er enkel een significant verband tussen groepsdruk en alcohol prevalentie in het gehele leven (r = .12),in de afgelopen maand (r = .13) en hoeveelheid per week (r = .11). Het zijn echter allemaal zwakke verbanden. Geconcludeerd kan worden dat jongeren in Edam-Volendam die een sterkere groepsdruk ervaren niet per direct rapporteren vaker of meer alcohol te drinken. In Enkhuizen lijkt dit in sommige gevallen wel te zijn, al zijn de relaties zwak en kunnen er geen eenduidige conclusie uit getrokken worden.

Conclusie: Pad 2 Geconcludeerd kan worden dat de huidige normen rondom alcohol gebruik positiever geworden zijn sinds de meting voor de COVID-19 pandemie. Waar eerdere pre-interventie invloeden eerder geleid lijken te hebben tot negatievere attitudes richting alcohol, lijken deze in de huidige meting weer wat positiever geworden. Deze verandering vindt met name plaats bij de jongere groep (12- tot 14 jarigen). Daarnaast kan geconcludeerd worden dat jongeren nog steeds een belangrijke rol spelen in elkaars alcoholgebruik. Met name de descriptieve en injunctieve normen blijken erg

belangrijk voor het alcoholgebruik. Dat wil zeggen, wanneer jongeren denken dat het andere het normaal vinden om alcohol te drinken, zij eerder geneigd zijn zelf ook alcohol te drinken. Rondom het ervaren van groepsdruk worden geen eenduidige resultaten gevonden.

Pad 3: Handhaving De handhaving van het alcoholbeleid door de gemeente, horeca, politie en overige betrokkenen, speelt een belangrijke rol in het alcoholgebruik van jongeren. Deze invloed lijkt voornamelijk te liggen in het gemak waarmee alcohol voor (minderjarige) jongeren buitenshuis toegankelijk is, en het toezicht en de controle die jongeren ervaren om uitgaansgelegenheden te (kunnen) bezoeken. In pad 3 is gekeken welke invloed handhaving heeft op het alcoholgebruik van jongeren en of de (invloed van de) handhaving veranderd is door programma LEF.

Toegankelijkheid alcohol: niet thuis Voor de toegankelijkheid van alcohol voor jongeren is gekeken naar de mate waarin jongeren alcohol (denken te kunnen) meekrijgen in verschillende situaties buitenshuis. Naarmate de (verwachte) toegankelijkheid van alcohol groter is, zullen jongeren ook eerder proberen alcohol te verkrijgen en gebruiken. Hierbij is onderscheid gemaakt tussen vijf verschillende situaties waar jongeren buitenshuis alcohol kunnen verkrijgen: in de supermarkt, slijterij, sportkantine, café / kroeg en club / buurthuis. Als we kijken naar het gemak waarmee jongeren denken aan alcohol te kunnen komen, zien we dat de overgrote meerderheid (67,4 tot 93,7%) jongeren aangeven in één van de vijf situaties moeilijk of onmogelijk aan alcohol kunnen komen. Ten opzichte van voor corona (T2, Edam-Volendam = tussen 43,1% en 63,2%; Enkhuizen = 39,2% en 62,5%) rapporteren meer jongeren in alle vijf de situaties ‘onmogelijk’ aan alcohol te kunnen komen (T4, Edam-Volendam = tussen 55,2% en 68,9%; Enkhuizen = 49,2% en 66,4%). Verder rapporteren minder jongeren in beide gemeenten met name in het café / de kroeg gemakkelijk aan alcohol te kunnen komen. In Edam-Volendam gaf op T0 en T2 nog respectievelijk 32,6% en 23,8% aan gemakkelijk in het café / de kroeg aan alcohol te kunnen komen, op T4 was dit gedaald naar 15,7%.

Daarentegen geven jongeren in de huidige meting in Edam-Volendam wel iets vaker aan gemakkelijk aan alcohol te kunnen komen in de supermarkt (7,4%) of slijterij (8,7%), t.o.v. meting T2 (5,8% en 6,2% respectievelijk). Los van deze (kleine) stijging, lijkt het echter in beide gemeentes moeilijker voor jongeren om aan alcohol te komen

dan in eerdere metingen is aangegeven. De verkrijgbaarheid van alcohol is over tijd en over alle leeftijden heen (zie Tabel 11 in bijlage) volgens jongeren het makkelijkst te verkrijgen in de café/kroeg. Een hogere ervaren toegang tot alcohol is gerelateerd aan het alcoholgebruik van jongeren in beide gemeenten; hele leven (Edam-Volendam: r = .16; Enkhuizen: r = .23), de afgelopen maand (Edam-Volendam: r = .16; Enkhuizen: r = .28) en wekelijks (EdamVolendam: r = .21; Enkhuizen: r = .35). Ook is er zowel in Edam-Volendam (r = .30) als Enkhuizen (r = .43) een duidelijk verband te zien met het aantal glazen dat geconsumeerd wordt, waarbij jongeren die gemakkelijker aan alcohol komen meer glazen per week drinken. Geconcludeerd kan worden dat jongeren waarvoor alcohol buitenshuis makkelijker toegankelijk is, vaker aangeven alcohol te hebben gedronken en wekelijks meer alcohol drinken.

Tabel 10. Gemak waarmee jongeren in situaties buitenshuis aan alcohol (denken te kunnen) komen (%), per gemeente uitgesplitst. T0 Edam-Volendam Situatie

Enkhuizen

Onmogelijk

Moeilijk

Makkelijk

Onmogelijk

Moeilijk

Makkelijk

Supermarkt

60,4

33,3

6,3

62,1

30,5

7,4

Slijterij

62,7

30,1

7,2

69,1

26,9

4,0

Sportkantine

52,1

33,6

14,3

55,9

32,4

11,7

Café / kroeg

41,3

26,1

32,6

48,8

30,3

20,9

Club / buurthuis

52,7

31,4

15,9

50,5

28,5

21,0

T1 Edam-Volendam Situatie

Enkhuizen

Onmogelijk

Moeilijk

Makkelijk

Onmogelijk

Moeilijk

Makkelijk

Supermarkt

60,1

34,1

5,8

58,3

34,8

6,9

Slijterij

64,9

29,8

5,3

67,5

28,6

3,9

Sportkantine

51,4

37,3

11,3

54,2

38,3

7,5

Café / kroeg

40,6

29,3

30,1

45,4

35,0

19,6

Club / buurthuis

52,0

35,2

12,8

47,2

33,3

19,5

T2 Edam-Volendam Situatie

Enkhuizen

Onmogelijk

Moeilijk

Makkelijk

Onmogelijk

Moeilijk

Makkelijk

Supermarkt

59,3

34,9

5,8

51,0

40,1

8,9

Slijterij

63,2

30,6

6,2

62,5

33,0

4,4

Sportkantine

51,4

36,9

11,7

47,3

40,4

12,3

Café / kroeg

43,1

33,1

23,8

39,2

35,1

25,7

Club / buurthuis

54,1

35,5

10,4

41,4

34,4

24,2

T4 Edam-Volendam Situatie

Enkhuizen

Onmogelijk

Moeilijk

Makkelijk

Onmogelijk

Moeilijk

Makkelijk

Supermarkt

65,1

30,5

7,4

59,0

33,4

6,6

Slijterij

68,9

22,4

8,7

66,4

28,1

5,5

Sportkantine

61,0

29,8

9,2

55,0

32,3

11,6

Café / kroeg

55,1

29,2

15,7

49,2

29,9

20,9

Club / buurthuis

62,8

26,4

10,7

52,8

30,6

16,5

Zichtbaarheid handhaving Zowel de toegang tot alcohol buitenshuis, alsook het daadwerkelijk bezoeken van uitgaansgelegenheden zijn indicaties voor de mate van zichtbaarheid van de handhaving.

Bezoek uitgaansgelegenheden In Tabel 12 en 13 is te zien dat de mate waarin jongeren uitgaansgelegenheden bezoeken over het algemeen gelijk is gebleven vergeleken met voorgaande metingen. Ten opzichte van T2 is er in Edam-Volendam alleen voor 13-jarigen een stijging in de mate waarin de jongeren uitgaansgelegenheden bezoeken. Echter, vergeleken met T0 worden uitgaansgelegenheden in Edam-Volendam door de meeste leeftijden minder bezocht. Eerdere analyses lieten zien dat de mate waarin jongeren uitgaansgelegenheden bezoeken een belangrijke risicofactor bleek voor het alcoholgebruik van jongeren. Beide gemeentes laten ook in de huidige meting verbanden zien tussen de mate waarin uitgaansgelegenheden bezocht worden en het alcoholgebruik in het hele leven (EdamVolendam: r = .12; Enkhuizen: r = .23), de afgelopen maand (Edam-Volendam: r = .11; Enkhuizen: r = .33) en wekelijks (Edam-Volendam: r = .17; Enkhuizen: r = .34) gedronken te

hebben. Opvallend is dat de relaties voor de jongeren in Enkhuizen sterker zijn dan voor jongeren in Edam-Volendam. Ook is er in beide gemeentes een verband tussen het bezoeken van uitgaansgelegenheden en een groter aantal glazen alcohol dat geconsumeerd wordt per week (Edam-Volendam: r = .24; Enkhuizen: r = .33). Geconcludeerd kan worden dat jongeren die vaker uitgaansgelegenheden bezoeken, vaker aangeven alcohol te hebben gedronken en wekelijks meer alcohol drinken.

Alcoholgebruik tijdens het uitgaan In Tabel 12 en 13 is ook te zien hoeveel jongeren aangeven alcohol te drinken tijdens hun bezoek aan uitgaansgelegenheden. Hier is te zien dat, in beide gemeentes, het aantal jongeren dat bij de huidige meting aangeeft alcohol te drinken bij uitgaansgelegenheden (T4: EdamVolendam M = 1,79; Enkhuizen M = 2,25) lager is dan voor de meting voor corona (T2: Edam-Volendam M = 2,16; Enkhuizen M = 2,34). In Edam-Volendam is deze daling sinds T0 consistent te zien in elke meting. Opvallend is dat alleen bij de 13-jarigen een toename te zien is in de mate waarin ze uitgaansgelegenheden bezoeken t.o.v. T0 (ook bij 16+ jongeren) en T2. In Enkhuizen was het aantal jongeren dat aangaf alcohol te drinken bij het uitgaan echter flink gestegen t.o.v. voorgaande metingen. Deze daling lijkt nu dus af te nemen.

Tabel 11. Mate waarin jongeren uitgaansgelegenheden bezoeken en alcohol drinken tijdens het uitgaan (%), uitgesplitst per gemeente.

Edam-Volendam T0

T1

T2

T4

Bezoek Alcohol* Bezoek Alcohol* Bezoek Alcohol* Bezoek Alcohol* Nooit

41,4

27,5

48,6

35,1

48,8

38,4

52,8

57,9

Af en toe

14,2

28,4

17,5

29,8

15,7

30,8

12,2

24,6

Maandelijks

20,9

17,3

16,7

13,2

19,3

12,6

15,7

7,0

Wekelijks

23,5

26,8

17,2

21,9

16,2

18,2

19,3

10,5

Enkhuizen T0

T1

T2

T4

Bezoek Alcohol* Bezoek Alcohol* Bezoek Alcohol* Bezoek Alcohol* Nooit

53,3

39,7

60,5

47,9

54,1

29,7

57,0

31,7

Af en toe

18,1

24,7

19,7

26,0

17,7

31,0

16,3

39,7

Maandelijks

20,3

18,4

15,5

14,6

20,3

22,1

16,3

9,5

Wekelijks

8,3

17,2

4,3

11,5

7,9

17,2

10,4

19,0

*

Hier zijn alleen jongeren meegenomen die aangegeven hebben minimaal maandelijks uit te

gaan én minimaal maandelijks alcohol drinken.

Tabel 12. Mate waarin jongeren uitgaansgelegenheden bezoeken1 en alcohol drinken tijdens het uitgaan2, per gemeente uitgesplitst naar leeftijd. Edam-Volendam T0

T1

T2

T4

Leeftijd

Bezoek

Alcohol*/**

Bezoek

Alcohol*/**

Bezoek

Alcohol*/**

Bezoek

Alcohol*/**

12 jaar

1,61

--

1,73

1,00

1,54

1,00

1,65

1,00

13 jaar

1,83

2,07

1,79

1,20

1,75

1,40

2,10ab

1,63

14 jaar

2,26

1,95

2,07

1,86

2,05

1,52

2,09

1,35

15 jaar

2,50

2,08

2,45

2,26

2,32

2,09

2,25

1,88

3,05

3,08

2,38a

2,82

2,34a

2,59

2,42a

3,00

2,30

2,51

2,05a

2,26

2,05a

2,16

2,06a

1,79

16 jaar en ouder Totaal

Enkhuizen T0

T1

T2

T4

Leeftijd

Bezoek

Alcohol*/**

Bezoek

Alcohol*/**

Bezoek

Alcohol*/**

Bezoek

Alcohol*/**

12 jaar

1,39

--

1,48

1,00

1,58

--

1,64a

1,00

13 jaar

1,59

1,22

1,54

1,00

1,61

2,43

1,74

1,80

14 jaar

1,72

1,72

1,54a

1,60

1,60

1,64

1,68

1,86

15 jaar

1,95

1,80

1,76

2,00

1,97

2,25

1,82

1,57

2,66

2,60

2,40a

2,14

2,47

2,49

2,31

2,74

1,84

2,17

1,65a

1,96

1,84

2,34

1,83

2,25

16 jaar en ouder Totaal

*

Hier zijn alleen jongeren meegenomen die aangegeven hebben minimaal maandelijks uit te gaan én

minimaal maandelijks alcohol drinken. **

Significantie van het verschil kon niet berekend worden vanwege inconsistenties in wel/niet alcohol

drinken tijdens het uitgaan binnen participanten tussen beide metingen. 1

Hogere scores betekenen dat jongeren vaker een uitgaansgelegenheid bezoeken.

2

Hogere scores betekenen dat jongeren vaker alcohol drinken tijdens het uitgaan.

a

Significant verschil met T0. b Significant verschil met T2.

Conclusie: Pad 3 De huidige meting suggereert dat handhaving aangescherpt is. Meer jongeren rapporteren moeilijk aan alcohol te komen in alle vijf de situaties (supermarkt, slijterij, sportkantine, café / kroeg en buurthuis). Verder wordt er in de uitgaansgelegenheden minder vaak alcohol gedronken. Verder kan er geconcludeerd worden dat het bezoeken van uitgaansgelegenheden een belangrijke risico factor is.

Conclusie Het huidige rapport bevat een overzicht van huidige stand van zaken omtrent het alcoholgebruik en relevante mechanismen en programma LEF uitgevoerd in gemeente EdamVolendam en Enkhuizen. Het geeft inzicht in zowel de veranderingen over tijd door toedoen van programma LEF alsook door de COVID-19 pandemie en bijkomende maatregelen. Omtrent het huidige alcoholgebruik, valt vooral op dat binnen de gemeente EdamVolendam, meer jongeren in de leeftijd van 12- t/m 14-jaar alcohol drinken. Dit staat in contrast met de dalende trend die te zien was vóór de pandemie. De overige leeftijden, evenals de jongeren in Enkhuizen lijken echter minder te zijn gaan drinken. Er zijn aanwijzingen over mogelijke onderliggende mechanismen die mogelijk hebben bijgedragen aan toename in het alcoholgebruik van de jongste groep, andere analyses zijn noodzakelijk om hier zekerheid over te hebben. Onder de 12- t/m 14-jarigen zijn andere opvallende veranderingen te zien in de factoren die zijn opgenomen in het verklaringsmodel. Zo zien we dat voor de hele groep een kleine afname te zien is in de mate van strikte regels die ouders stellen nu t.o.v. voor de pandemie, maar voornamelijk in de jongste groepen is deze afname het grootst.

Dezelfde ontwikkeling zien we voor de verschillende normen van de jongeren (algemeen, injunctief en descriptief); voornamelijk bij de 12- t/m 14-jarigen is een toename in de positieve normen

t.a.v. alcoholgebruik. Bij de jongeren van 15-jaar en ouder is dit gelijk gebleven of zelfs afgenomen. Het lijkt erop dat 2 jaar van de COVID-19 pandemie, waarin o.a. het organiseren van gestructureerde vrijetijdsactiviteiten niet mogelijk was, de grootste impact heeft gehad op de jongeren van nu 13/14 jaar. We weten uit onderzoek dat juist de activiteiten onder supervisie van een volwassene en met een duidelijk doel en structuur relevant zijn in het verlagen van het alcoholgebruik van jongeren (zie: Albertos, Koning et al., 2021). Het is aannemelijk dat juist deze jongeren niet in aanraking zijn geweest met programma LEF en daarom nu een grotere kans hebben om alcohol te drinken dan bijvoorbeeld de jongeren van 15-jaar en ouder die wel al mee hebben kunnen doen aan de activiteiten in programma LEF. Dit wordt ook ondersteund door de lichte toename van het aantal 13-jarigen in gemeente Edam-Volendam dat uitgaansgelegenheden bezoekt. De resultaten wijzen ook op de mogelijk grote rol van ouders in het alcoholgebruik van jongeren. Dit blijkt uit de afname van regels die ouders stellen, zoals hierboven beschreven, maar ook uit de afname van het bezoek van uitgaansgelegenheden (13-jarigen uitgezonderd). Dit kan wijzen op het drinken van alcohol voornamelijk in de thuissetting. Immers geven jongeren ook aan dat het doorgaans moeilijker is om buitenshuis (d.w.z.

in de supermarkt, slijterij, sportkantine, café of club) alcohol te krijgen. Op basis van deze bevindingen kunnen we voorzichtig concluderen dat een herstart van programma LEF noodzakelijk is zodat de huidige 11/12 jarigen preventief kunnen deelnemen aan LEF en daarmee hun toekomstig alcoholgebruik kan worden uitgesteld. Tevens is het relevant om tegelijkertijd ouders te betrekken in programma LEF zodat het toestaan van het drinken door hun kinderen kan worden tegengegaan alsook wellicht het drinken van alcohol in de thuissituatie.

Figuur 3. Factoren in het verklaringsmodel waar we de grootste positieve en negatieve veranderingen zien voor en na Corona voor 12 t/m 14 jarigen.

Referenties Albertos, A., Koning, I., Benítez, E., De Irala, J. (2021). Adolescents’ Alcohol Use: Does the Type of Leisure Activity Matter? A Cross-National Study. International Journal of Environmental Research and Public Health, 18, 11477. https://doi.org/10.3390/ijerph182111477 Borsari, B., & Carey, K. B. (2001). Peer influences on college drinking: A review of the research. Journal of Substance Abuse, 13(4), 391-424. doi:10.1016/S0899-3289(01)00098-0 Erikson, E. H. (1968). Identity: Youth and crisis. New York: W. W. Norton. Iwamoto, D. K., & Smiler, A. P. (2013). Alcohol makes you macho and helps you make friends: The role of masculine norms and peer pressure in adolescent boys’ and girls’ alcohol use. Substance Use & Misuse, 48(5), 371-378. doi:10.3109/10826084.2013.765479 Koning, I. M., & Rijst, V. G. van der. (2018). Programma LEF: het uitstellen van het beginnen met drinken onder minderjarige jongeren in Edam-Volendam. Rapportage probleemdefinitie. Verkregen van https://www.lef-edvo.nl/wp-content/uploads/2019/ 03/Bijlage-1-Onderzoeksrapport-programma-LEF.pdf Koning, I. M., & Rijst, V. G. van der. (2019a). Programma LEF: het uitstellen van het beginnen met drinken onder minderjarige jongeren in Edam-Volendam. Tussenrapportage: huidige stand van zaken en ontwikkeling sinds de probleemdefinitie. Koning, I. M., & Rijst, V. G. van der. (2019b).

Programma LEF: het uitstellen van het beginnen met drinken onder minderjarige jongeren in Edam-Volendam. Rapportage ouderonderzoek, September 2019. Koning, I.M., Van der Rijst, V.G., De Wit, J.B.F., De Kock, C. (2021). Pre-Intervention Effects of a Community-Based Intervention Targeting Alcohol Use (LEF); The Role of Participatory Research and Publicity. International Journal of Environmental Research and Public Health, 18, 8823. https://doi.org/10.3390/ijerph18168823 Santor, D. A., Messervey, D., & Kusumakar, V. (2000). Measuring peer pressure, popularity, and conformity in adolescent boys and girls: Predicting school performance, sexual attitudes, and substance abuse. Journal of Youth and Adolescence, 29(2), 163-182. doi:10.1023/A:1005152515264

Bijlagen Bijlage 1: extra tabel rondom toegankelijkheid van alcohol voor jongeren Tabel 13. Toegankelijkheid alcohol (niet-thuis) voor jongeren1 (M), per gemeente uitgesplitst naar leeftijd. Edam-Volendam T0 Totale Variabele

12 jaar

13 jaar

14 jaar

15 jaar

≥ 16 jaar

groep

Supermarkt

1,44

1,42

1,64

1,70

2,12

1,67

Slijterij

1,43

1,36

1,65

1,63

2,20

1,66

Sportkantine

1,51

1,45

1,81

2,05

3,03

1,98

Café / kroeg

1,66

1,66

2,31

2,79

4,01

2,52

Club / buurthuis

1,55

1,55

1,91

2,04

2,87

2,00

Totaal

1,52

1,49

1,86

2,04

2,85

1,96

T1 Totale Variabele

12 jaar

13 jaar

14 jaar

15 jaar

≥ 16 jaar

groep

Supermarkt

1,67

1,62a

1,52

1,78

1,86a

1,67

Slijterij

1,54

1,53a

1,48a

1,71

1,84a

1,59

Sportkantine

1,74

1,69a

1,71

2,34a

2,45a

1,92

Café / kroeg

2,03a

2,10a

2,30

3,13a

3,18a

2,47

Club / buurthuis

1,83a

1,80a

1,85

2,20

2,26a

1,95

Totaal

1,76a

1,75a

1,77

2,23a

2,32a

1,92

T2 Totale Variabele

12 jaar

13 jaar

14 jaar

15 jaar

≥ 16 jaar

groep

Supermarkt

1,48

1,43

1,64

1,79

1,99

1,68

Slijterij

1,40

1,43

1,57

1,72

1,99

1,64

Sportkantine

1,63

1,63a

1,73

2,11

2,48a

1,93

Café / kroeg

1,88

1,79

2,16

2,67

2,91a

2,31a

Club / buurthuis

1,73

1,64

1,83

1,95

2,28a

1,89a

Totaal

1,62

1,58

1,79

2,05

2,33a

1,89

T4 Totale Variabele

12 jaar

13 jaar

14 jaar

15 jaar

≥ 16 jaar

groep

Supermarkt

1,41

1,56

1,63

1,90

2,29

1,65

Slijterij

1,35

1,50

1,61

1,97a

2,00

1,60

Sportkantine

1,50

1,54

1,75

2,12

2,24a

1,73ab

Café / kroeg

1,88

1,78

1,85ab

2,25a

2,74a

1,96ab

Club / buurthuis

1,66

1,69

1,65a

1,96

1,97a

1,73ab

Totaal

1,56

1,62

1,70

2,04

2,25a

1,73ab

Enkhuizen T0 Totale Variabele

12 jaar

13 jaar

14 jaar

15 jaar

≥ 16 jaar

groep

Supermarkt

1,38

1,48

1,56

1,68

2,27

1,65

Slijterij

1,30

1,43

1,40

1,48

1,86

1,49

Sportkantine

1,52

1,59

1,75

1,85

2,66

1,84

Café / kroeg

1,63

1,83

1,92

2,32

3,29

2,16

Club / buurthuis

1,51

1,84

1,90

2,24

3,30

2,13

Totaal

1,47

1,63

1,70

1,91

2,68

1,85

T1 Totale Variabele

12 jaar

13 jaar

14 jaar

15 jaar

≥ 16 jaar

groep

Supermarkt

1,46

1,53

1,68

1,81

2,35

1,68

Slijterij

1,40

1,52

1,36

1,55

1,85

1,49

Sportkantine

1,49

1,60

1,73

1,97

2,51

1,76

Café / kroeg

1,82

1,89

2,14a

2,46

3,03

2,15

Club / buurthuis

1,77a

1,80

2,12a

2,48

3,32

2,14

Totaal

1,59

1,67

1,81

2,05

2,61

1,84

T2 Totale Variabele

12 jaar

13 jaar

14 jaar

15 jaar

≥ 16 jaar

groep

Supermarkt

1,43

1,64

1,76a

1,81

2,36

1,83a

Slijterij

1,36

1,48

1,56a

1,51

1,92

1,59a

Sportkantine

1,44

1,64

1,87

2,13a

2,67

1,98a

Café / kroeg

1,68

1,84

2,28a

2,61a

3,26

2,38a

Club / buurthuis

1,72

1,82

2,17a

2,49

3,29

2,33a

Totaal

1,52

1,68

1,93a

2,11a

2,70

2,02a

T4 Totale Variabele

12 jaar

13 jaar

14 jaar

15 jaar

≥ 16 jaar

groep

Supermarkt

1,45

1,46

1,57

1,79

2,21

1,67b

Slijterij

1,43

1,43

1,43

1,54

2,10

1,57

Sportkantine

1,49

1,44

1,79

1,91

2,83

1,85b

Café / kroeg

1,77

1,71

2,02

2,21b

3,21

2,13b

Club / buurthuis

1,69

1,58ab

1,89b

2,09b

3,01

2,00b

Totaal

1,57

1,52

1,74

1,91

2,67

1,84b

1

Hogere scores betekenen dat jongeren makkelijker aan alcohol (denken te kunnen) komen.

a

Significant verschil met T0. b Significant verschil met T2.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EdamVolendam&id=1e92100d-96a7-43f3-86cf-0acda1b0c8e9