CConstaterende datEdam-Volendam
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel zienswijze ontwerp-warmteprogramma

Raadsvergadering 7 mei 2026, gemeente Edam-VolendamBij agendapunt: Raadsvoorstel afgeven zienswijze ontwerp-warmteprogramma2.174 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvergadering Zaaknummer Z26158357 Onderwerp: Raadsvoorstel zienswijze ontwerp-warmteprogramma Portefeuillehouder: Wethouder Dijkshoorn Aan uw raad. Voorstel Uw raad wordt gevraagd: Per fractie een mondelinge zienswijze te geven over het ontwerp-warmteprogramma, waarbij wensen of bedenkingen kunnen worden meegegeven aan het college. Kern van het voorstel, samenvatting Op 27 november 2025 heeft uw raad de uitgangspunten voor het programma Energie en Klimaat vastgesteld, waaronder die voor het warmteprogramma. Aan de hand van deze uitgangspunten is het ontwerp-warmteprogramma opgesteld. Het college vraagt uw raad nu om per fractie een mondelinge zienswijze over het ontwerp-warmteprogramma, wanneer de fractie daar wensen of bedenkingen over heeft. Het college neemt deze wensen en bedenkingen mee en past het ontwerp-warmteprogramma aan wanneer daar aanleiding voor is. Het ontwerp-warmteprogramma zal dan voor 6 weken ter inzage worden gelegd, waarna die eventueel gewijzigd wordt vastgesteld door het college. Beleidsdoelstelling / Maatschappelijk effect In de Omgevingsvisie heeft de gemeenteraad als doel gesteld dat Edam-Volendam in 2050 energieneutraal is. Dit houdt onder andere in dat de gebouwde omgeving tot die tijd stap voor stap van het gas af gaat. In het warmteprogramma wordt dit doel verder uitgewerkt op tactisch niveau.

Het geeft een overzicht van de plannen voor de komende 10 jaar, met de nadruk op de komende 5 jaar. Om te komen tot een plan voor de middellange termijn, is het van belang te weten of er voor het voorgestelde plan voldoende draagvlak is. Door middel van een zienswijze kunnen de fracties in uw raad zich uitspreken over het ontwerp-warmteprogramma. Toelichting en argumenten In het warmteprogramma wordt op tactisch niveau voor de komende 10 jaar (met nadruk op de komende 5 jaar) een plan gegeven voor de stappen naar een aardgasvrije gebouwde omgeving. Het tactische niveau betekent dat het de strategische doelen uit de Omgevingsvisie verder uitwerkt, maar niet zo concreet wordt dat alle plannen al in detail vastliggen. Daarmee geven we sturing aan de komende jaren, maar blijven we tegelijkertijd wendbaar in de concrete uitvoering ervan. Het warmteprogramma is een opvolger van de transitievisie warmte (TVW) uit 2020. Het is een verplicht programma onder de Omgevingswet en wordt elke 5 jaar geactualiseerd. Het vaststellen van het programma is een collegebevoegdheid, waarbij de gemeenteraad wordt betrokken wat betreft de strategische kaders. Het ontwerp-warmteprogramma is opgesteld aan de hand van de uitgangspunten die op 27 november 2025 door de gemeenteraad zijn vastgesteld.

Voor de invulling van het ontwerpwarmteprogramma is input opgehaald bij bewoners, ondernemers, Liander, wooncorporaties de Vooruitgang en Wooncompagnie en bewonersinitiatieven Duurzaam Edam-Volendam en Energiek Zeedam.

PAGINA 1 VAN 5

In het ontwerp-warmteprogramma worden een aantal beleidskeuzes gemaakt. Hieronder wordt van de belangrijkste beleidskeuzes een beschrijving gegeven, met een korte afweging van de alternatieven daarvan. Beleidskeuzes 2 en 3 volgen uit de keuze voor het all-electric scenario uit beleidskeuze 1. Wanneer de gemeente in zou zetten op een midden temperatuur warmtenet, is de afweging in beleidskeuzes 2 en 3 anders doordat er dan minder netcapaciteit nodig is en dat daardoor minder sturend is. De belangrijkste beleidskeuzes zijn: 1. Het inzetten op all-electric in plaats van warmtenetten; 2. Het niet hanteren van de aanwijsbevoegdheid; 3. De volgorde van wijkuitvoeringsplannen; 4. De wijkgerichte prioritering bij de isolatie aanpak. Ad 1. Warmtenet of all-electric Zoals in het ontwerp-warmteprogramma en bijbehorende bijlagen valt te lezen, bestaan er meerdere technieken waarmee een woning op de lange termijn duurzaam verwarmd kan worden. Samengevat bestaat per wijk deze keuze uit óf een variant van een warmtenet óf een all-electric scenario (verwarming door middel van een warmtepomp). Uit de analyse die is uitgevoerd voor het warmteprogramma blijkt dat een lage temperatuur warmtenet minder ruimte in de woning inneemt en minder geluid maakt dan een all-electric scenario. Een midden temperatuur warmtenet zorgt bovendien mogelijk voor minder netcongestie dan het all-electric scenario.

Tegelijk blijkt dat in alle wijken de eindgebruikerskosten van een warmtenet hoger zijn dan het all-electric scenario. Ook de kosten voor de maatschappij in zijn geheel zijn in alle wijken zeer waarschijnlijk hoger dan het allelectric scenario. De kosten hangen af van de deelname van bewoners. Door het hoge percentage particuliere koopwoningen in Edam-Volendam zullen meer mensen moeten worden overtuigd. Dit maakt dat een warmtenet nog meer risico met zich meebrengt. In het warmteprogramma wordt daarom voorgesteld om all-electric als voorkeurstechniek voor de lange termijn aan te wijzen (met uitzondering van de oude kommen door meerdere belemmeringen). Dat betekent dat de gemeente bij het stimuleren inzet op deze techniek. Hoewel warmtepompen meer geluid maken, is dit goed te verminderen met maatregelen. Ook nemen ze meer ruimte in de woning in en zorgen voor meer stroomvraag dan een midden temperatuur net. Toch weegt dit niet op tegen de hogere kosten voor eindgebruikers en de maatschappij in zijn geheel, die een warmtenet met zich meebrengt. Het alternatief is om wel in te zetten op warmtenetten, met minder geluid, minder ruimte-inname en mogelijk minder netcongestie tot gevolg. De consequentie zou echter zijn dat bewoners en de maatschappij hogere financiële lasten zullen hebben dan in het all-electric scenario.

Om die eindgebruikerskosten te dempen zou de gemeente de kosten voor een warmtenet kunnen delen. Het zal in dat geval gaan om miljoenen euro’s per wijk. Daarbij moeten dan nog belangrijke keuzes worden gemaakt over in welke mate de gemeente deelneemt in een warmtebedrijf. Ad 2. Aanwijsbevoegdheid Met de inwerkingtreding van de Wet gemeentelijke instrumenten warmte (Wgiw) krijgt de gemeenteraad een nieuwe bevoegdheid: de aanwijsbevoegdheid. Daarmee kan de gemeenteraad in

PAGINA 2 VAN 5

het Omgevingsplan voor een bepaald gebied een einddatum vaststellen voor de levering van aardgas. In de toelichting van de Wgiw staat dat die alleen mag worden ingezet wanneer aan een aantal voorwaarden wordt voldaan. Dat zijn: • het overstappen op een duurzame warmtebron is betaalbaar; • het duurzame warmtealternatief is beschikbaar; • er is vooraf uitgebreid geparticipeerd; • er zit een redelijke termijn tussen het aanwijzen van een wijk en het daadwerkelijk overgaan op de duurzame warmtebron. Dat is minimaal 8 jaar. Daarbovenop moet, om de aanwijsbevoegdheid in te mogen zetten, het voornemen daarvan worden aangekondigd in het warmteprogramma. Elke vijf jaar kan dit voornemen worden herzien, bij het opstellen van een nieuw warmteprogramma. In het all-electric scenario zijn wat betreft de beschikbaarheid van de warmtealternatief twee zaken belangrijk: voldoende isolatie en voldoende netcapaciteit. Hoewel het laagspanningsnet in een aantal wijken door Liander toekomstbestendig wordt gemaakt, zijn dit niet de wijken waar alle woningen al voldoende zijn geïsoleerd. Daarbovenop is het zeer onzeker of er de komende jaren voldoende netcapaciteit zal zijn om een gehele wijk over te laten stappen. Onze conclusie is daarom dat nog niet aan de voorwaarden wordt voldaan en het onzeker is wanneer daar wel sprake van gaat zijn.

We stellen daarom in dit ontwerp-warmteprogramma voor om de aanwijsbevoegdheid nog niet aan te kondigen. Het alternatief is om de aanwijsbevoegdheid wel aan te kondigen in het warmteprogramma. Daarmee verkrijgen we meer zekerheid over het tempo van de overstap naar aardgasvrij. Tegelijkertijd is de verwachting dat dit veel weerstand gaat opwekken en het moeilijk is om te onderbouwen dat aan de genoemde voorwaarden gaat worden voldaan. Bovendien hebben bewoners en ondernemers in de vragenlijst over het warmteprogramma aangegeven de voorkeur te hebben om zelf het moment te kiezen over te stappen. Ad 3. Volgorde wijkuitvoeringsplannen Er wordt in het ontwerp-warmteprogramma een bepaalde volgorde voorgesteld voor het opstellen van de wijkuitvoeringsplannen. Een wijkuitvoeringsplan is een samen met bewoners opgesteld en vrijwillig plan voor een wijk om stap voor stap van het gas af te gaan. Daarin beschrijven we ook welke ondersteuning de gemeente biedt. We houden daarbij de volgorde aan van de wijkaanpak door Liander. Volgens hun voorlopige planning maken zij wijkgericht het laagspanningsnet toekomstbestendig in Beets, Middelie en Blokgouw 7+8. In deze wijken is er daarom, vergeleken met andere wijken, voor zo veel mogelijk woningen het meeste perspectief op de overstap tot en met een warmtepomp.

In de overige wijken is er namelijk een veel grotere kans dat er snel tegen de grenzen van het laagspanningsnet wordt aangelopen. Door belemmeringen op het midden- en hoogspanningsnet kan waarschijnlijk niet alle benodigde netcapaciteit voor de gehele wijk met zekerheid worden verleend. Het is echter niet de verwachting dat iedereen in de wijk op hetzelfde moment gaat overstappen op een warmtepomp. Bovengenoemde wijken zijn wel de wijken met het meeste perspectief op de overstap naar aardgasvrij voor zo veel mogelijk woningen. Deze wijken zijn daarom het gunstigst om mee te beginnen om de wijkuitvoeringsplannen op te stellen.

PAGINA 3 VAN 5

Een alternatieve volgorde voor de wijkuitvoeringsplannen zou het isolatieniveau kunnen zijn. De wijken die het dichtst bij het benodigde isolatieniveau zitten om over te stappen op een warmtepomp zouden dan als eerste aan de beurt zijn. Dit zijn alleen niet de wijken waar Liander binnenkort het laagspanningsnet toekomstbestendig maakt. Daarmee kan een groot deel van de wijk alsnog niet overstappen. Doordat het opstellen van een wijkuitvoeringsplan een intensief proces is en daarmee een momentum wordt gecreëerd voor bewoners om stappen te nemen, is het zonde als dat halverwege wordt belemmerd. Ad 4. Wijkgerichte prioritering isolatie aanpak In het ontwerp-warmteprogramma wordt een wijkgerichte prioritering bij de gemeentebrede isolatie aanpak voorgesteld. Hoewel het aanbod voor alle wijken hetzelfde is, is het nuttig om in een aantal wijken een actievere communicatiemethode te hanteren. Omdat daar kosten en capaciteit aan verbonden zijn, kan dit niet overal. Het voorstel is daarom om dit te doen waar dit het meeste effect heeft, namelijk in de wijken met het hoogste percentage slecht geïsoleerde woningen. Dit zijn de wijken Bloemenbuurt, Rozettenbuurt, Planetenbuurt en Blokgouw 1-6. Een alternatief is om de wijken gelijkmatiger te verdelen over de verschillende woonkernen binnen de gemeente.

Een nadeel daarvan is dat dit waarschijnlijk minder effectief is door het lagere percentage slecht geïsoleerde woningen. Wel kan dit mogelijk zorgen voor meer draagvlak in de gehele gemeente in plaats van in nu voornamelijk Volendam. Kanttekeningen en alternatieven In bovenstaande beschrijving van de beleidskeuzes zijn de kanttekeningen en alternatieven daarvan benoemd. Financiële middelen en effecten begroting In het ontwerp-warmteprogramma worden geen aanvullende financiële middelen aangesproken. Voor de uitvoering van het warmteprogramma zijn de volgende bestaande budgetten in te zetten: Duurzaamheid gemeente (E10142-100), Duurzaamheid Provincie (E10143-100), CDOKE (E10144-100) en SpUk LAI (E10518-100). Specifieke kostenramingen kunnen op basis van het ontwerpwarmteprogramma nog niet worden gegeven. Dit hangt namelijk af van de uiteindelijke uitvoering daarvan. De verwachting is dat binnen de genoemde budgetten voldoende ruimte is. Doordat het ontwerp-warmteprogramma is afgestemd op de budgetten die beschikbaar worden gesteld door het Rijk en de Provincie, wordt hier optimaal gebruik van gemaakt. Tegen de tijd dat er een wijkuitvoeringsplan wordt vastgesteld kan er een keuze worden gemaakt om wijkgericht intensiever te ondersteunen. Afhankelijk van de beschikbare middelen en het gewenste ondersteuningsniveau kan het nodig zijn om aanvullende middelen aan te spreken.

Doordat voor het vaststellen van een wijkuitvoeringsplan de gemeenteraad wordt betrokken, zal deze afweging op dat moment ook worden voorgelegd. Op dit moment is dat nog niet in te schatten. Uitvoering of vervolgproces De wensen of bedenkingen in de zienswijzen van uw raad worden meegenomen en op basis daarvan wordt het ontwerp-warmteprogramma waar nodig aangepast. Het ontwerp-warmteprogramma wordt vervolgens voor 6 weken ter inzage gelegd, zodat belanghebbenden daarop kunnen reageren. De ingediende zienswijzen kunnen reden zijn om het ontwerp-warmteprogramma nog aan te passen. Daarna zal het eventueel aangepaste warmteprogramma worden vastgesteld door het college. De

PAGINA 4 VAN 5

uitvoering van de plannen uit het warmteprogramma is aan het college. Uw raad zal bij het opstellen van de wijkuitvoeringsplannen worden betrokken. Participatie en communicatie Bewoners en ondernemers zijn bij het ontwerp-warmteprogramma betrokken door middel van een online vragenlijst. Daarin is gevraagd welke behoeftes, zorgen en ideeën zij hebben wat betreft de warmtetransitie. De resultaten daarvan zijn te vinden de bijlage ‘Bijlage B. Uitkomsten vragenlijst inwoners en bedrijven’. Daarnaast zijn verschillende professionele stakeholders betrokken bij het opstellen van het ontwerp-warmteprogramma: netbeheerder Liander, wooncorporaties de Vooruitgang en Wooncompagnie en bewonersinitiatieven Duurzaam Edam-Volendam en Energiek Zeedam. Rapportage en evaluatie Het warmteprogramma moet verplicht elke 5 jaar worden geactualiseerd, inclusief een evaluatie van de afgelopen 5 jaar. In hoofdstuk 2 van het ontwerp-warmteprogramma wordt een evaluatie gegeven van de afgelopen 5 jaar. In hoofdstuk 5 van het ontwerp-warmteprogramma beschrijven we hoe we onze doelen gaan monitoren. In de jaarlijkse themaraad over Energie en Klimaat zal de voortgang wat betreft de uitvoering van het warmteprogramma worden toegelicht.

Achterliggende documenten en eerder genomen besluiten - Nota van uitgangspunten programma energie en klimaat, vastgesteld op 27 november 2025: Vergaderingen - Raadsvergadering - 27 november 2025 - iBabs Bijlagen - Ontwerp-warmteprogramma - Bijlage A. Haalbaarheidsonderzoek warmtenet(ten) Edam-Volendam door Energy-GO - Bijlage B. Analyse warmtetechnieken per wijk - Bijlage C. Uitkomsten vragenlijst inwoners en bedrijven - Bijlage D. plan-mer-beoordeling door TAUW Edam-Volendam, Het college van burgemeester en wethouders van Edam-Volendam, de secretaris, C. Rijnberg

de burgemeester, R.J. Beukers.

Dit voorstel is elektronisch ondertekend. Dit is na besluitvorming zichtbaar op de volgende pagina.

PAGINA 5 VAN 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EdamVolendam&id=5457e540-0515-4fc3-a0f9-8089be9e6574