Raadsvoorstel belastingverordeningen 2026
Tekst van het document
Raadsvergadering d.d. 18 december 2025 Zaaknummer Z25153737 Onderwerp: Belastingverordeningen 2026 Portefeuillehouder: Wethouder Dijkshoorn Aan de raad. Voorstel 1. Bijgaande belastingverordeningen 2026 vast te stellen 2. Hieronder genoemde verordeningen 2025 per 1-1-2026 in te trekken Kern van het voorstel, samenvatting In de paragraaf Lokale Heffingen bij de begroting 2026 wordt in grote lijnen weergegeven welk beleid de gemeente in het begrotingsjaar zal voeren ten aanzien van de lokale heffingen. Daarbij wordt onder meer een aantal van de voorgenomen aanpassingen van de tarieven vermeld. Voor de formele vaststelling van nieuwe tarieven of bepalingen in de belastingverordeningen is het noodzakelijk dat de betreffende verordeningen worden gewijzigd, dan wel in zijn geheel opnieuw door de raad worden vastgesteld.
Hieronder worden de wijzigingen per belastingsoort aangegeven: A) Verordening afvalstoffenheffing : aanpassing tarieven met 5% B) Verordening bruggeld : aanpassing tarief van € 1,45 naar € 1,50 C) Verordening grafrechten : indexering tarieven met 2% D) Verordening havengeld : indexering tarieven met 2% E) Verordening leges : indexering tarieven met 2% F) Verordening marktgeld : indexering tarieven met 2% G) Verordening precariobelasting : indexering tarieven met 2% H) Verordening reinigingsrechten : aanpassing tarieven met 5% I) Verordening rioolheffing : - aanpassing tarief eigenaar met 5% - aanpassing tarief gebruiker met 5% J) Verordening toeristenbelasting : - aanpassing tarief campings van € 1,75 naar € 2,10 (20%) - aanpassing tarief overige accommodaties van € 3,85 naar € 4,60 (19,5%) K) Verordening onroerendezaakbelastingen : voorlopige tarieven. De tarieven zullen met terugwerkende kracht in de raad van januari 2026 definitief vastgesteld worden. Beleidsdoelstelling / Maatschappelijk effect Het doel van de belastingmaatregelen is enerzijds het verkrijgen van extra dekkingsmiddelen en anderzijds het (meer) kostendekkend maken van de betreffende diensten waarvoor de retributies worden geheven. Toelichting en argumenten Het beleid ten aanzien van de lokale heffingen is uitgewerkt in de begroting. De wijzigingen van de verordeningen worden hieronder per heffing toegelicht.
A) Verordening afvalstoffenheffing 2026 Voor de afvalstoffenheffing wordt een tariefstijging toegepast van 5%. Naast de aanpassing van de tarieven zijn er verder geen inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van 2025.
PAGINA 1 VAN 5
B) Verordening bruggeld 2026 Het tarief bruggeld wordt verhoogd van € 1,45 naar € 1,50 per brug. C) Verordening grafrechten 2026 Voor de grafrechten wordt een inflatiecorrectie toegepast van 2%. Naast de aanpassing van de tarieven zijn er verder geen inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van 2025. D) Verordening havengeld 2026 Voor de havengelden wordt over het algemeen een inflatiecorrectie toegepast van 2%. Naast de aanpassing van de tarieven zijn er verder geen inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van 2025. E) Verordening leges 2026 Op de legestarieven wordt over het algemeen een inflatiecorrectie toegepast van 2%. Voor een aantal tarieven in de tarieventabel wordt van de algemene maatregel afgeweken. a. Titel 1, Hoofdstuk 1, onderdelen 15.1.5 en 15.2 Gehandicaptenparkeerkaart De tarieven voor de gehandicaptenparkeerkaart zijn aangepast aan de verwachte werkelijke kosten in 2026. Hierbij is rekening gehouden met het beleid om niet meer dan 50% van de kosten van het geneeskundig onderzoek door te berekenen. De kosten van het geneeskundig onderzoek voor de gehandicaptenparkeerkaart bedragen in 2025 € 129,61. 50% hiervan is € 64,80. b. Titel 1, Hoofdstuk 2, onderdelen 8 en 9 Reisdocumenten en Rijbewijzen De tarieven voor de reisdocumenten zijn aangepast aan de maxima als opgenomen in het Besluit paspoortgelden 2026. Ook het tarief voor het rijbewijs is aangepast. c.
Titel 2, Hoofdstuk 2, artikel 2.4 Omgevingsoverleg Er is nu ruim een jaar ervaring opgedaan met het proces van de initiatievenloods en de intaketafel. Initiatieven worden hierin in een vroeg stadium beoordeeld om initiatiefnemers een eerste indicatie te geven met betrekking tot de wenselijkheid (wenselijk/niet wenselijk) van hun initiatief. Dit gebeurt aan de hand van een intern overleg (intaketafel) dat bestaat uit een multidisciplinair team van strategisch adviseurs en specialisten in het ruimtelijk en sociaal domein. Begin 2025 heeft er een evaluatie plaatsgevonden van dit proces. In de legesverordening van 2025 is een tarief van € 2.880 opgenomen voor de behandeling van een initiatief door de initiatievenloods. Dit bedrag was gebaseerd op basis van de initiële evaluatie die heeft plaatsgevonden medio 2023 na de pilot voor de initiatievenloods. Dit bedrag is gebaseerd op het uitvoeren van een quickscan binnen het proces van de initiatievenloods. Sinds de invoering van de intaketafel wordt er geen quickscan meer uitgevoerd en wordt puur op strategisch niveau geadviseerd. Als gevolg hiervan is het opgenomen tarief van € 2.880 te hoog en staat niet meer in verhouding tot de uit te voeren werkzaamheden.
Gelet hierop en om een niet al te hoge drempel op te werpen voor het indienen van een initiatief is het tarief voor de behandeling van een initiatief in de initiatievenloods verlaagt naar € 867,00 voor een commercieel initiatief en € 444,00 voor een burgerinitiatief of initiatief vanuit een wijk- / dorpsraad, stichting of vereniging zonder winstoogmerk. Het tarief van € 867,00 is gelijk aan het laagste tarief voor het indienen van een verzoek om vooroverleg. Het tarief van € 444,00 is gelijk aan het tarief van de behandeling van één omgevingsactiviteit. d. Titel 2, Hoofdstuk 2, artikel 2.34 Achteraf ingediende aanvraag Naar aanleiding van jurisprudentie is het tarief in artikel 2.34 voor het achteraf indienen van een aanvraag omgevingsvergunning verlaagd van 50% naar 10% tot een maximum van
PAGINA 2 VAN 5
€ 10.000. De extra legesheffing voor een achteraf ingediende aanvraag om een omgevingsvergunning is van toepassing als er pas een aanvraag om een omgevingsvergunning wordt ingediend nadat er al met de activiteit is begonnen of als de activiteit al is gerealiseerd. Dit zal zich vooral voordoen bij bouwwerken. De gemeente kan de verhoging van het tarief rechtvaardigen vanuit het gevoerde beleid en het feit dat er extra werkzaamheden moeten worden uitgevoerd, zoals archiefwerk en het vergelijken van de oorspronkelijke situatie en de huidige situatie. Daarbij is geen rechtstreeks verband vereist tussen de hoogte van de geheven leges en de omvang van de ter zake door de gemeente verstrekte diensten dan wel de door de gemeente gemaakte kosten. De extra leges vormen ook een financiële prikkel om voorafgaand aan het bouwen 'netjes' een omgevingsvergunning voor de bouwactiviteit aan te vragen. Maatvoering is hierbij belangrijk. De extra leges mogen niet zo hoog zijn dat het strafkarakter gaat overheersen. Daarom hebben wij een maximum in de tariefbepaling opgenomen. Een verhoging van 10% met een absoluut maximum van bijvoorbeeld € 10.000 valt volgens de VNG binnen de redelijke grenzen. e.
Titel 2, Hoofdstuk 2, artikel 2.43 Teruggaaf in geval sprake is van bouwactiviteiten tot bevordering van de duurzaamheid Voor de teruggave van leges in geval er sprake is van bouwactiviteiten tot bevordering van de duurzaamheid is ter verduidelijking opgenomen dat een aanvrager die hier aanspraak op maakt, moet aantonen (desgevraagd) welke bouwkosten betrekking hebben op de genoemde duurzaamheidsmaatregelen. De aanvrager volgt hierbij de door de gemeente gegeven instructies op. Als het bijvoorbeeld een vergunning betreft welke uitsluitend ziet op de bouw van een warmtepomp, zijn er geen bouwkosten die gesplitst dienen te worden. Dit is anders bij bijvoorbeeld een aanvraag isoleren gevel (i.v.m. bakstenen), dan dient men op basis van een factuur aan te tonen welke bouwkosten betrekking hebben op het isoleren. De kosten van nieuwe bakstenen vallen hier niet onder. f. Hoofdstuk 3, artikel 10 Huisvestingswet 2014 In de raad van september 2025 is de nieuwe huisvestingsverordening Edam-Volendam 2025 vastgesteld. In deze verordening is een nieuwe vergunningsplicht opgenomen inzake een huisvestingsvergunning en een onttrekkingsvergunning. Als gevolg hiervan is in de tarieventabel een tarief opgenomen voor het verstrekken van een huisvestingsvergunning en een onttrekkingsvergunning. F) Verordening marktgeld 2026 Op de tarieven marktgelden wordt een inflatiecorrectie toegepast van 2%.
Naast de aanpassing van de tarieven zijn er verder geen inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van 2025. G) Verordening precariobelasting 2026 Voor de precariobelasting wordt een inflatiecorrectie toegepast van 2%. Naast de aanpassing van de tarieven zijn er verder geen inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van 2025. H) Verordening reinigingsrechten 2026 Op de tarieven reinigingsrechten wordt een tariefstijging toegepast van 5%. Naast de aanpassing van de tarieven zijn er verder geen inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van 2025. I) Verordening rioolheffing 2026 Op de tarieven rioolheffing wordt een tariefstijging toegepast van 5%. Naast de aanpassing van de tarieven zijn er verder geen inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van 2025.
PAGINA 3 VAN 5
J) Verordening toeristenbelasting 2026 Voor het verkrijgen van extra inkomsten wordt voor de toeristenbelasting een tariefstijging toegepast van 20%. Dit geldt voor zowel de kampeerterreinen als voor de overige accommodaties. Naast de aanpassing van de tarieven zijn er verder geen inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van 2025. K) Verordening onroerendezaakbelastingen 2026 In de verordening op de heffing en invordering van de onroerendezaakbelastingen is bepaald dat de heffingsmaatstaf voor de berekening van de verschuldigde belasting is, de op de voet van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) voor de onroerende zaak vastgestelde waarde. De WOZwaarde wordt jaarlijks bepaald. De herwaardering voor het belastingjaar 2026 is nog niet afgerond. De tarieven voor de onroerendezaakbelastingen 2026 kunnen daarom nog niet definitief worden bepaald. In de verordening 2026 die uw raad nu ter vaststelling wordt aangeboden, zijn de tarieven zodanig hoog vastgesteld dat deze bij wijzigingsverordening in de raadsvergadering van januari 2026 met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026 kunnen worden verlaagd. Aanpassing van de tarieven met terugwerkende kracht is mogelijk als deze aanpassing een lagere materiële belastingschuld tot gevolg heeft. Daarin is met de voorlopige tarieven voorzien. Kanttekeningen en alternatieven Het voorstel betreft een breed pakket van belastingmaatregelen.
Op deze wijze worden de lasten zo breed mogelijk verdeeld. Alternatieven en andere keuzes zijn aan de raad. De raad kan via amendementen die bij meerderheid worden aangenomen de voorgestelde besluiten wijzigen. Financiële middelen en effecten begroting Het vaststellen van deze verordeningen heeft geen gevolgen voor het saldo van de begroting 2026 en verder. De financiële consequenties zijn al verwerkt in de begroting 2026. Uitvoering of vervolgproces Het voorstel en de verordeningen worden besproken in de commissie Planning en Control en Audit van 4 december 2025 en in de raadsvergadering van 18 december 2025. Participatie en communicatie Er is geen sprake van participatie. Vaststelling van de verordeningen door de raad wordt volgens wettelijk voorschrift bekendgemaakt op https://zoek.officielebekendmakingen.nl Rapportage en evaluatie De verwachte opbrengsten kunnen via de tussentijdse rapportages en afzonderlijke raadsvergaderingen bijgesteld worden. Verantwoording vindt plaats bij de jaarrekening 2026. Achterliggende documenten en eerder genomen besluiten ➢ Huidige verordeningen - De huidige verordeningen zijn te vinden op: https://lokaleregelgeving.overheid.nl/zoeken ➢ Kadernota 2026 ➢ Begroting 2026 - De achterliggende documenten Kadernota 2026 en Begroting 2026 staan op de website van de gemeente Edam-Volendam, onder Bestuur & Organisatie, Financiën, Financieel portaal.
https://edam-volendam.pcportal.nl/.
PAGINA 4 VAN 5
Bijlagen A) verordening afvalstoffenheffing B) verordening bruggeld C) verordening grafrechten D) verordening havengeld E) verordening leges F) verordening marktgeld G) verordening precariobelastingen h) verordening reinigingsrechten I) verordening rioolheffing J) verordening toeristenbelasting K) verordening onroerendezaakbelastingen Edam-Volendam, d.d. 4 november 2025 Het college van burgemeester en wethouders van Edam-Volendam, de secretaris, C. Rijnberg
de burgemeester, R.J. Beukers.
Dit voorstel is elektronisch ondertekend. Dit is na besluitvorming zichtbaar op de volgende pagina.
PAGINA 5 VAN 5