Presentatie Transformatie bedrijventerrein Julianaweg
Tekst van het document
Themaraad Transformatie bedrijventerrein Julianaweg 15 MEI 2025
Welkom en agenda 1.
Welkom en inleiding door Angelique Bootsman en Hans Meijers
20:00 - 20:10 uur
2.
Presentaties ruimtelijk kader en ontwikkelstrategie
20:10 - 21:00 uur
Ruimtelijk kader: Jaap Hoving / Frederik Vermeesch (Rijnboutt)
Ontwikkelstrategie: Evert Jan van Baardewijk (Metafoor)
3.
Pauze en plaatsnemen groepsgesprekken
21:00 - 21:05 uur
4.
Groepsgesprekken ronde 1
21:05 - 21:30 uur
5.
Groepsgesprekken ronde 2
21:30 - 21:55 uur
6.
Plenaire terugkoppeling
21:55 - 22:00 uur
7.
Afsluiting door Marisa Kes
22:00 uur
40 ha, 400 bedrijven
3e themaraad Julianaweg
1e themaraad mei 2024 introductie van het project, werksessies mbt bouwhoogtes en fasering
2e themaraad nov 2024 Toelichting op ruimtelijk raamwerk, analyse, principes voor ruimtelijke structuur
vanavond Rijnboutt neemt u mee voor toelichting op beeldkwaliteit en 7 thema’s voor
toekomstige ontwikkeling, en een voorbeeld ontwerpscenario voor deelgebied 2.
Metafoor benoemt de ingrediënten voor de ontwikkelstrategie. Deze moeten in de
komende periode worden vertaald in een strategie.
Thema’s werksessies De thema’s zijn illustratief voor de complexiteit van de opgave
Ruimtelijk / programmatisch Wat is de kwaliteit van de openbare ruimte? Welke functies passen er aan de Julianaweg?
Strategie Moet de gemeente prioriteren en zo ja, hoe Rolneming gemeente: hoe omgaan met milieuhinder
Startnotitie Enkele uitgangspunten: Clustergewijs ontwikkelen en kansen benutten; losstaande ontwikkelingen op
perceelniveau zijn niet wenselijk (tenzij kansen kunnen worden benut) Bestaand beleid is het uitgangspunt. Afwijken van het beleid is bespreekbaar mits
noodzakelijk; Een functiegemengd gebied met wonen, lichte bedrijvigheid, ontmoetingsplekken,
recreatieve voorzieningen en -routes en groen; Het beperken van bedrijven in de hogere milieucategorieën; De milieubelasting op
de aangrenzende woongebieden terugdringen. Woningbouwprogramma nader te bepalen per cluster; Mix van eengezins- en
appartementen; Mix van sociaal en middensegment - en koopwoningen.
De opgave: ontwikkelkader
Globaal stedenbouwkundig plan gebiedsambitie, beeldkwaliteit, programma, volumes, klimaat, water, vergroening, duurzaamheid, milieu, mobiliteit, parkeren, bodem Product: ruimtelijk raamwerk, principe profielen, spelregelkaart,
ruimtelijke studie per deelgebied, beeldkwaliteit
Ontwikkelstrategie prioriteiten, fasering, financiële strategie, rol gemeente, publiekrechtelijk instrumentarium Financiële analyse (kosten/baten)
Werksessies
Tafel 1 Functies en kwaliteit OR
Groep 2
Tafel 2 Milieucontouren en prioriteit
Groep 1
Tafel 3 Functies en kwaliteit OR
Groep 4
Tafel 4 Milieucontouren en prioriteit
Groep 3
Ruimtelijk Raamwerk Waar waren we ook alweer gebleven?
Rijnboutt
Transformatie Julianaweg
Een richtinggevend Ruimtelijk Raamwerk voor lange termijn herontwikkeling Geen vast stedenbouwkundig plan
Wel een ruimtelijk raamwerk (2024) met principes dat volgende zaken vastlegt:
Hoofdgroenstructuren en hierarchie van buitenruimtes
Mobiliteitsstrategie en maatvoering van profielen
Zonering van programma’s, beeldkwaliteit en bandbreedte van bouwhoogtes
+ een ontwikkelkader met deeluitwerkingen (2025)
Ruimtelijk Raamwerk 6 november 2024
Uitwerking en supervisie van kwaliteit per plot-transformatie
7 principes voor een toekomstige ruimtelijke structuur
Principe 1 de bestaande structuren als vertrekpunt
Principe 2 verbindende groenstructuren vormen zes kwadranten
Principe 5 werken centraal in het gebied, wonen aan de randen
Rijnboutt
Principe 3 de Julianaweg als ruggengraat met logistieke lussen
Principe 6 informele groenverbindingen creëren doorwaadbaarheid
Ruimtelijk Raamwerk Julianaweg
Principe 4 parkeren uit het zicht stimuleert de mobiliteitstransitie
Principe 7 oplopende bouwhoogtes voor een nieuw Volendams waterfront
7 principes voor een toekomstige ruimtelijke structuur
Principe 1 de bestaande structuren als vertrekpunt
Rijnboutt
Principe 2 verbindende groenstructuren vormen zes kwadranten
Principe 5 werken centraal in het gebied, wonen aan de randen
Principe 3 de Julianaweg als ruggengraat met logistieke lussen
Principe 6 informele groenverbindingen creëren doorwaadbaarheid
Principe 4 parkeren uit het zicht stimuleert de mobiliteitstransitie
Principe 7 oplopende bouwhoogtes voor een nieuw Volendams waterfront
7 principes voor een toekomstige ruimtelijke structuur
Principe 1 de bestaande structuren als vertrekpunt
Rijnboutt
Principe 2 verbindende groenstructuren vormen zes kwadranten
Principe 5 werken centraal in het gebied, wonen aan de randen
Principe 3 de Julianaweg als ruggengraat met logistieke lussen
Principe 6 informele groenverbindingen creëren doorwaadbaarheid
Principe 4 parkeren uit het zicht
Principe 7 oplopende bouwhoogtes voor een nieuw Volendams waterfront
1.3.D
Zes deelgebieden
1.3.C
1.3.B 5.2
5.1
1.3.A
5.3
1.2 5.5 3.1
3.2 3.3
1.1
Deelgebied 1
5.4
Deelgebied 3
1.4 1.5
Deelgebied 5 3.4
3.6
Weg Privaat
1.6
3.5 Weg Privaat
5.6
4.1 4.2
2.1.
Weg Privaat
2.2 2.3
2.4
6.3
4.4 4.5
Deelgebied 2
2.5.A
6.1
Deelgebied 4
Deelgebied 6
4.3
Weg Privaat
6.5
2.5.B 2.5.C Weg Privaat
4.9
4.8
Weg Privaat
4.6 4.7
Rijnboutt
6.2
6.4
Ruimtelijk Raamwerk Programma Julianaweg
Rijnboutt
Woningmarktonderzoek Companen In Volendam zijn er een aantal grote ontwikkellocaties waar in de komende jaren veel nieuwbouw wordt gerealiseerd. Het gaat onder andere om De Lange Weeren en het bedrijventerrein rond de Julianaweg. Het onderzoek moet input geven voor invulling van het woningbouwprogramma • Met name het aantal 75-plus huishoudens zal in de komende jaren sterk toenemen. In de periode tot 2040 neemt het aantal 75-plus huishoudens met ruim 50% toe. • De woningvoorraad in de gemeente Edam-Volendam is relatief eenzijdig. Het merendeel van de woningen is een rijwoning (68%). Ongeveer 14% is een appartement en 18% is een twee-ondereen-kap of vrijstaande woning.
Rijnboutt
tŽŶŝŶŐŵĂƌŬƚŽŶĚĞƌnjŽĞŬĚĂŵͲsŽůĞŶĚĂŵϮϬϮϱ
'ĞŵĞĞŶƚĞĚĂŵͲsŽůĞŶĚĂŵ ϭĂƉƌŝůϮϬϮϱ ĞĨŝŶŝƚŝĞĨ
Woonvisie 2022-2025 Gemeente Edam-Volendam
5 oktober 2021 definitief
Woningmarktonderzoek ϰ͘ϯ <ǁĂůŝƚĂƚŝĞǀĞǁŽŶŝŶŐďĞŚŽĞĨƚĞ Companen ϰ͘ϯ <ǁĂůŝƚĂƚŝĞǀĞǁŽŶŝŶŐďĞŚŽĞĨƚĞ
tŝũ ďƌĞŶŐĞŶ ĚĞ ŬǁĂůŝƚĂƚŝĞǀĞ ǁŽŶŝŶŐďĞŚŽĞĨƚĞ ĞŶĞƌnjŝũĚƐ ŽƉ ďĂƐŝƐ ǀĂŶ ĨĞŝƚĞůŝũŬ ǀĞƌŚƵŝƐŐĞĚƌĂŐ ;^ͲDŝĐƌŽĚĂƚĂͿ ĞŶ ĂŶĚĞƌnjŝũĚƐ ŽƉ ďĂƐŝƐ ǀĂŶ ĚĞ ǁŽŽŶǁĞŶƐĞŶ ;tŽKEĞŶtŝDZͿŝŶďĞĞůĚ͘ŽŵĂŬĞŶǁĞŝŶnjŝĐŚƚĞůŝũŬǁĞůŬĞǁŽŶŝŶŐnjŽĞŬĞŶĚĞŶ tŝũ ďƌĞŶŐĞŶ ĚĞ ŬǁĂůŝƚĂƚŝĞǀĞ ǁŽŶŝŶŐďĞŚŽĞĨƚĞ ĞŶĞƌnjŝũĚƐ ŽƉ ďĂƐŝƐ ǀĂŶ ĨĞŝƚĞůŝũŬ ĨĞŝƚĞůŝũŬ ĞĞŶ ǁŽŶŝŶŐ ďĞƚƌĞŬŬĞŶ͕ ĂĂŶŐĞǀƵůĚ ŵĞƚ ŵŽŐĞůŝũŬ ŽŶǀĞƌǀƵůĚĞ ǀĞƌŚƵŝƐŐĞĚƌĂŐ ;^ͲDŝĐƌŽĚĂƚĂͿ ĞŶ ĂŶĚĞƌnjŝũĚƐ ŽƉ ďĂƐŝƐ ǀĂŶ ĚĞ ǁŽŽŶǁĞŶƐĞŶ ǁŽŽŶǁĞŶƐĞŶ͘ŽŽƌĨĞŝƚĞůŝũŬǀĞƌŚƵŝƐŐĞĚƌĂŐƚĞĐŽŵďŝŶĞƌĞŶŵĞƚǀĞƌŚƵŝƐǁĞŶƐĞŶ ;tŽKEĞŶtŝDZͿŝŶďĞĞůĚ͘ŽŵĂŬĞŶǁĞŝŶnjŝĐŚƚĞůŝũŬǁĞůŬĞǁŽŶŝŶŐnjŽĞŬĞŶĚĞŶ ŬƌŝũŐĞŶǁĞĞĞŶƌŽďƵƵƐƚďĞĞůĚǀĂŶĚĞŐĞǁĞŶƐƚĞǁŽŽŶƐŝƚƵĂƚŝĞǀŽŽƌǀĞƌƐĐŚŝůůĞŶĚĞ ĨĞŝƚĞůŝũŬ ĞĞŶ ǁŽŶŝŶŐ ďĞƚƌĞŬŬĞŶ͕ ĂĂŶŐĞǀƵůĚ ŵĞƚ ŵŽŐĞůŝũŬ ŽŶǀĞƌǀƵůĚĞ ŐƌŽĞƉĞŶ ŝŶ ĚĞ ŐĞŵĞĞŶƚĞ͘ ĂĂƌďŝũ ŵĂŬĞŶ ǁĞ ŽŶĚĞƌƐĐŚĞŝĚ ƚƵƐƐĞŶ ǁŽŽŶǁĞŶƐĞŶ͘ŽŽƌĨĞŝƚĞůŝũŬǀĞƌŚƵŝƐŐĞĚƌĂŐƚĞĐŽŵďŝŶĞƌĞŶŵĞƚǀĞƌŚƵŝƐǁĞŶƐĞŶ ǁŽŽŶďĞŚŽĞĨƚĞŶǀĂŶůŽŬĂůĞǁŽŶŝŶŐnjŽĞŬĞŶĚĞŶĞŶǀĂŶǀĞƐƚŝŐĞƌƐ͘ ŬƌŝũŐĞŶǁĞĞĞŶƌŽďƵƵƐƚďĞĞůĚǀĂŶĚĞŐĞǁĞŶƐƚĞǁŽŽŶƐŝƚƵĂƚŝĞǀŽŽƌǀĞƌƐĐŚŝůůĞŶĚĞ ŐƌŽĞƉĞŶ ŝŶ ĚĞ ŐĞŵĞĞŶƚĞ͘ ĂĂƌďŝũ ŵĂŬĞŶ ǁĞ ŽŶĚĞƌƐĐŚĞŝĚ ƚƵƐƐĞŶ ŝũ ĚĞ ǁŽŶŝŶŐďĞŚŽĞĨƚĞďĞƉĂůŝŶŐ ŚŽƵĚĞŶ ǁĞ ƌĞŬĞŶŝŶŐ ŵĞƚ ĚŽŽƌƐƚƌŽŵŝŶŐ ǀĂŶ ǁŽŽŶďĞŚŽĞĨƚĞŶǀĂŶůŽŬĂůĞǁŽŶŝŶŐnjŽĞŬĞŶĚĞŶĞŶǀĂŶǀĞƐƚŝŐĞƌƐ͘ ŚƵŝƐŚŽƵĚĞŶƐ ŽƉ ĚĞ ǁŽŶŝŶŐŵĂƌŬƚ ĞŶ ĚĞ ǀƌĂĂŐ ǀĂŶƵŝƚ ĚŽĞůŐƌŽĞƉĞŶ ĚŝĞ
ŵŽŵĞŶƚĞĞůŝŶĚĞŬŶĞůŬŽŵĞŶĚŽŽƌĚĂƚǁŽŶŝŶŐĂĂŶďŽĚŵĂĂƌďĞƉĞƌŬƚǀƌŝũŬŽŵƚ͘ ŝũ ĚĞ ǁŽŶŝŶŐďĞŚŽĞĨƚĞďĞƉĂůŝŶŐ ŚŽƵĚĞŶ ǁĞ ƌĞŬĞŶŝŶŐ ŵĞƚ ĚŽŽƌƐƚƌŽŵŝŶŐ ǀĂŶ ůƐ ǁĞ Ěŝƚ ǀĞƌƚĂůĞŶ ŶĂĂƌ ĚĞ ƚŽĞŬŽŵƐƚŝŐĞ ďĞǀŽůŬŝŶŐ ŵĞƚ ĞĞŶ ǀĞƌĂŶĚĞƌĞŶĚĞ ŚƵŝƐŚŽƵĚĞŶƐ ŽƉ ĚĞ ǁŽŶŝŶŐŵĂƌŬƚ ĞŶ ĚĞ ǀƌĂĂŐ ǀĂŶƵŝƚ ĚŽĞůŐƌŽĞƉĞŶ ĚŝĞ ŚƵŝƐŚŽƵĚĞŶƐƐĂŵĞŶƐƚĞůůŝŶŐ͕ŬƌŝũŐĞŶǁĞĞĞŶďĞĞůĚǀĂŶĚĞǀĞƌŚŽƵĚŝŶŐĞŶŽƉĚĞ ŵŽŵĞŶƚĞĞůŝŶĚĞŬŶĞůŬŽŵĞŶĚŽŽƌĚĂƚǁŽŶŝŶŐĂĂŶďŽĚŵĂĂƌďĞƉĞƌŬƚǀƌŝũŬŽŵƚ͘ ǁŽŶŝŶŐŵĂƌŬƚŝŶĚĞŬĞƌŶĞŶǀĂŶĚĞŐĞŵĞĞŶƚĞĚĂŵͲsŽůĞŶĚĂŵ͘ ůƐ ǁĞ Ěŝƚ ǀĞƌƚĂůĞŶ ŶĂĂƌ ĚĞ ƚŽĞŬŽŵƐƚŝŐĞ ďĞǀŽůŬŝŶŐ ŵĞƚ ĞĞŶ ǀĞƌĂŶĚĞƌĞŶĚĞ ŚƵŝƐŚŽƵĚĞŶƐƐĂŵĞŶƐƚĞůůŝŶŐ͕ŬƌŝũŐĞŶǁĞĞĞŶďĞĞůĚǀĂŶĚĞǀĞƌŚŽƵĚŝŶŐĞŶŽƉĚĞ tĂĂƌƌŝĐŚƚĞŶǀĞƌƐĐŚŝůůĞŶĚĞĚŽĞůŐƌŽĞƉĞŶnjŝĐŚŽƉ͍ ǁŽŶŝŶŐŵĂƌŬƚŝŶĚĞŬĞƌŶĞŶǀĂŶĚĞŐĞŵĞĞŶƚĞĚĂŵͲsŽůĞŶĚĂŵ͘ ŝũ ĚĞ ďĞŚŽĞĨƚĞďĞƉĂůŝŶŐ ŚŽƵĚĞŶ ǁĞ ƌĞŬĞŶŝŶŐ ŵĞƚ ĚĞ ĚŽŽƌƐƚƌŽŵŝŶŐ ǀĂŶ ǀĞƌƐĐŚŝůůĞŶĚĞĚŽĞůŐƌŽĞƉĞŶŽƉĚĞǁŽŶŝŶŐŵĂƌŬƚ͘ƌŝƐĞĞŶĂĂŶƚĂůŐƌŽĞƉĞŶŽƉĚĞ tĂĂƌƌŝĐŚƚĞŶǀĞƌƐĐŚŝůůĞŶĚĞĚŽĞůŐƌŽĞƉĞŶnjŝĐŚŽƉ͍ ǁŽŶŝŶŐŵĂƌŬƚĚŝĞĚĞǁŽŶŝŶŐďĞŚŽĞĨƚĞŝŶƐƚĞƌŬĞŵĂƚĞďĞŢŶǀůŽĞĚĞŶ͘tĞůŝĐŚƚĞŶ ŝũ ĚĞ ďĞŚŽĞĨƚĞďĞƉĂůŝŶŐ ŚŽƵĚĞŶ ǁĞ ƌĞŬĞŶŝŶŐ ŵĞƚ ĚĞ ĚŽŽƌƐƚƌŽŵŝŶŐ ǀĂŶ Ğƌ ĚƌŝĞ ŐƌŽĞƉĞŶ Ƶŝƚ͗ ũonge huishoudens als ‘motor’ van de woningmarkt, ǀĞƌƐĐŚŝůůĞŶĚĞĚŽĞůŐƌŽĞƉĞŶŽƉĚĞǁŽŶŝŶŐŵĂƌŬƚ͘ƌŝƐĞĞŶĂĂŶƚĂůŐƌŽĞƉĞŶŽƉĚĞ ŐĞnjŝŶŶĞŶ ĚŝĞ njŽƌŐĞŶ ǀŽŽƌ ĚŽŽƌƐƚƌŽŵŝŶŐ ĞŶ ĚĞ ƐƚĞƌŬ ƚŽĞŶĞŵĞŶĚĞ ŐƌŽĞƉ
ǁŽŶŝŶŐŵĂƌŬƚĚŝĞĚĞǁŽŶŝŶŐďĞŚŽĞĨƚĞŝŶƐƚĞƌŬĞŵĂƚĞďĞŢŶǀůŽĞĚĞŶ͘tĞůŝĐŚƚĞŶ ŽƵĚĞƌĞŶ͘ Ğƌ ĚƌŝĞ ŐƌŽĞƉĞŶ Ƶŝƚ͗ ũonge huishoudens als ‘motor’ van de woningmarkt, ŐĞnjŝŶŶĞŶ ĚŝĞ njŽƌŐĞŶ ǀŽŽƌ ĚŽŽƌƐƚƌŽŵŝŶŐ ĞŶ ĚĞ ƐƚĞƌŬ ƚŽĞŶĞŵĞŶĚĞ ŐƌŽĞƉ ŽƵĚĞƌĞŶ͘
Doelgroepen; de geplande nieuwbouw zal in belangrijke mate inspelen op de woningbehoefte vanuit Volendam zelf. Voor de Julianaweg zal de vraag met name afkomstig zijn van jongeren/ starters en ouderen. • Jongeren en starters die voor het eerst zelfstandig gaan wonen. • Ouderen die willen doorstromen naar een geschikte woning. • De Julianweg is in mindere mate geschikt voor het huisvesten van gezinnen. • 80% appartementen, 20% grondgebonden woningen ϯϴϱ͘ϭϭϲͬ'ͮtŽŶŝŶŐŵĂƌŬƚŽŶĚĞƌnjŽĞŬĚĂŵͲsŽůĞŶĚĂŵϮϬϮϱ
ϯϴϱ͘ϭϭϲͬ'ͮtŽŶŝŶŐŵĂƌŬƚŽŶĚĞƌnjŽĞŬĚĂŵͲsŽůĞŶĚĂŵϮϬϮϱ
Rijnboutt
sŽŽƌƐƚĂƌƚĞƌƐͬũŽŶŐĞŚƵŝƐŚŽƵĚĞŶƐŝƐĚĞďĞƚĂĂůďĂĂƌŚĞŝĚǀĂŶĚĞǁŽŶŝŶŐƉƌŝŵĂŝƌ ǀĂŶ ďĞůĂŶŐ ǀŽŽƌ ĚĞ ǁŽŶŝŶŐŬĞƵnjĞ͘ ŝũ njŽĞŬĞŶ ĞĞŶ ĞĞŶŐĞnjŝŶƐǁŽŶŝŶŐ ŽĨ ŝŶ ŵŝŶĚĞƌĞŵĂƚĞĞĞŶĂƉƉĂƌƚĞŵĞŶƚŝŶĚĞƐŽĐŝĂůĞŚƵƵƌƐĞĐƚŽƌŽĨƌŝĐŚƚĞŶnjŝĐŚǁĂĂƌ sŽŽƌƐƚĂƌƚĞƌƐͬũŽŶŐĞŚƵŝƐŚŽƵĚĞŶƐŝƐĚĞďĞƚĂĂůďĂĂƌŚĞŝĚǀĂŶĚĞǁŽŶŝŶŐƉƌŝŵĂŝƌ mogelijk op grondgebonden koopwoningen tot € ϯϬϬ͘ϬϬϬ en € ϯϵϬ͘ϬϬϬ͘ Ğ ǀĂŶ ďĞůĂŶŐ ǀŽŽƌ ĚĞ ǁŽŶŝŶŐŬĞƵnjĞ͘ ŝũ njŽĞŬĞŶ ĞĞŶ ĞĞŶŐĞnjŝŶƐǁŽŶŝŶŐ ŽĨ ŝŶ ŵŝĚĚĞŶŚƵƵƌǁŽƌĚƚŐĞnjŝĞŶĂůƐƚŝũĚĞůŝũŬĞ ŵŝŶĚĞƌĞŵĂƚĞĞĞŶĂƉƉĂƌƚĞŵĞŶƚŝŶĚĞƐŽĐŝĂůĞŚƵƵƌƐĞĐƚŽƌŽĨƌŝĐŚƚĞŶnjŝĐŚǁĂĂƌ ƵŝƚǁĞŐ ĂůƐ ũŽŶŐĞƌĞŶ ŽƉ ďĂƐŝƐ ǀĂŶ ŚĞƚ mogelijk op grondgebonden koopwoningen tot € ϯϬϬ͘ϬϬϬ en € ϯϵϬ͘ϬϬϬ͘ Ğ ŝŶŬŽŵĞŶŐĞĞŶƚŽĞŐĂŶŐŚĞďďĞŶƚŽƚĚĞ ŵŝĚĚĞŶŚƵƵƌǁŽƌĚƚŐĞnjŝĞŶĂůƐƚŝũĚĞůŝũŬĞ ĐŽƌƉŽƌĂƚŝĞƐĞĐƚŽƌĞŶŽŽŬĚĞƚŽĞŐĂŶŐƚŽƚ ƵŝƚǁĞŐ ĂůƐ ũŽŶŐĞƌĞŶ ŽƉ ďĂƐŝƐ ǀĂŶ ŚĞƚ ĚĞŬŽŽƉƐĞĐƚŽƌďĞƉĞƌŬƚ ŝƐǀĂŶǁĞŐĞĚĞ ŝŶŬŽŵĞŶŐĞĞŶƚŽĞŐĂŶŐŚĞďďĞŶƚŽƚĚĞ ƉƌŝũnjĞŶ͘WĂƌƚŝĐƵůŝĞƌĞŚƵƵƌŬƌŝũŐƚŶŝĞƚĚĞ ĐŽƌƉŽƌĂƚŝĞƐĞĐƚŽƌĞŶŽŽŬĚĞƚŽĞŐĂŶŐƚŽƚ ǀŽŽƌŬĞƵƌĞŶŝƐĨŝŶĂŶĐŝĞĞůǀĂĂŬůĂƐƚŝŐƚĞ ĚĞŬŽŽƉƐĞĐƚŽƌďĞƉĞƌŬƚ ŝƐǀĂŶǁĞŐĞĚĞ ďĞƚĂůĞŶ͘ ƉƌŝũnjĞŶ͘WĂƌƚŝĐƵůŝĞƌĞŚƵƵƌŬƌŝũŐƚŶŝĞƚĚĞ sŽŽƌũŽŶŐĞƐƚĞůůĞŶŝƐŽŽŬĚĞďĞƚĂĂůďĂĂƌŚĞŝĚĞĞŶƉƌŝŽƌŝƚĞŝƚ͘ĞnjĞŐƌŽĞƉŝƐŝŶĚĞ ǀŽŽƌŬĞƵƌĞŶŝƐĨŝŶĂŶĐŝĞĞůǀĂĂŬůĂƐƚŝŐƚĞ ŐĞŵĞĞŶƚĞ ĚĂŵͲsŽůĞŶĚĂŵ ƐƚĞƌŬ ŐĞƌŝĐŚƚ ŽƉ ĚĞ ŬŽŽƉƐĞĐƚŽƌ͘ Ğ ǁĞŶƐ ŐĂĂƚ ďĞƚĂůĞŶ͘
ŚŝĞƌďŝũǀĂĂŬƵŝƚŶĂĂƌĞĞŶŐƌŽŶĚŐĞďŽŶĚĞŶƌŝũǁŽŶŝŶŐ͘ sŽŽƌũŽŶŐĞƐƚĞůůĞŶŝƐŽŽŬĚĞďĞƚĂĂůďĂĂƌŚĞŝĚĞĞŶƉƌŝŽƌŝƚĞŝƚ͘ĞnjĞŐƌŽĞƉŝƐŝŶĚĞ ŐĞŵĞĞŶƚĞ ĚĂŵͲsŽůĞŶĚĂŵ ƐƚĞƌŬ ŽƉ ĚĞ ŬŽŽƉƐĞĐƚŽƌ͘ Ğ ǁĞŶƐ ŐĂĂƚ 'ĞnjŝŶŶĞŶ ŐĞǀĞŶ ĚĞ ǀŽŽƌŬĞƵƌ ĂĂŶŐĞƌŝĐŚƚ ŐƌŽŶĚŐĞďŽŶĚĞŶ ŬŽŽƉͲ ŚŝĞƌďŝũǀĂĂŬƵŝƚŶĂĂƌĞĞŶŐƌŽŶĚŐĞďŽŶĚĞŶƌŝũǁŽŶŝŶŐ͘ ǁŽŶŝŶŐĞŶ͘ Ğ ũŽŶŐĞ ŐĞnjŝŶŶĞŶ njŽĞŬĞŶ ŶŽŐ ǁĂƚ ǀĂŬĞƌ ĞĞŶ ŵŝĚĚĞůĚƵƌĞŬŽŽƉǁŽŶŝŶŐ͘ŽŽƌĚĞŐĞƐƚĞŐĞŶǁŽŶŝŶŐƉƌŝũnjĞŶŝƐ 'ĞnjŝŶŶĞŶ ŐĞǀĞŶ ĚĞ ǀŽŽƌŬĞƵƌ ĂĂŶ ŐƌŽŶĚŐĞďŽŶĚĞŶ ŬŽŽƉͲ ĞƌŶĂĂƌĚĞnjĞǁŽŶŝŶŐĞŶŵĞĞƌǀƌĂĂŐǀĂŶƵŝƚũŽŶŐĞŐĞnjŝŶŶĞŶĚŝĞ ǁŽŶŝŶŐĞŶ͘ Ğ ũŽŶŐĞ ŐĞnjŝŶŶĞŶ njŽĞŬĞŶ ŶŽŐ ǁĂƚ ǀĂŬĞƌ ĞĞŶ ĞĞŶ ĞĞƌƐƚĞ ƐƚĂƉ ŽƉ ĚĞ ǁŽŶŝŶŐŵĂƌŬƚ ǁŝůůĞŶ ŵĂŬĞŶ ĚĂŶ ŵŝĚĚĞůĚƵƌĞŬŽŽƉǁŽŶŝŶŐ͘ŽŽƌĚĞŐĞƐƚĞŐĞŶǁŽŶŝŶŐƉƌŝũnjĞŶŝƐ ďĞƐĐŚŝŬďĂĂƌĂĂŶďŽĚ͘ ĞƌŶĂĂƌĚĞnjĞǁŽŶŝŶŐĞŶŵĞĞƌǀƌĂĂŐǀĂŶƵŝƚũŽŶŐĞŐĞnjŝŶŶĞŶĚŝĞ Ğ ǀƌĂĂŐ ǀĂŶ ŐĞnjŝŶŶĞŶ ŝŶ ŚĞƚ ĚƵƌĞ ŬŽŽƉƐĞŐŵĞŶƚ ŐĂĂƚ Ƶŝƚ ĞĞŶ ĞĞƌƐƚĞ ƐƚĂƉ ŽƉ ĚĞ ǁŽŶŝŶŐŵĂƌŬƚ ǁŝůůĞŶ ŵĂŬĞŶ ĚĂŶ ŶĂĂƌǁŽŶŝŶŐĞŶŵĞƚŶŝĞƵǁďŽƵǁŬǁĂůŝƚĞŝƚǀĂŶǁĞŐĞĚĞƚƌĞŶĚ ďĞƐĐŚŝŬďĂĂƌĂĂŶďŽĚ͘ ŶĂĂƌǀĞƌĚƵƵƌnjĂŵŝŶŐ͘ĞŶŽƵĚĞƌŐĞnjŝŶŶĞŶĚŽĞŶǀĂĂŬĞĞŶďĞƌŽĞƉŽƉĚĞƐŽĐŝĂůĞ Ğ ǀƌĂĂŐ ǀĂŶ ŐĞnjŝŶŶĞŶ ŝŶ ŚĞƚ ĚƵƌĞ ŬŽŽƉƐĞŐŵĞŶƚ ŐĂĂƚ Ƶŝƚ ŚƵƵƌƐĞĐƚŽƌ ŽĨ ĚĞ ;ŶŽŽĚŐĞĚǁŽŶŐĞŶͿ ǀƌŝũĞ ƐĞĐƚŽƌ ŚƵƵƌ ŐĞnjŝĞŶ ĞĞŶ ďĞƉĞƌŬƚĞƌ ŶĂĂƌǁŽŶŝŶŐĞŶŵĞƚŶŝĞƵǁďŽƵǁŬǁĂůŝƚĞŝƚǀĂŶǁĞŐĞĚĞƚƌĞŶĚ ŝŶŬŽŵĞŶ͘ ŶĂĂƌǀĞƌĚƵƵƌnjĂŵŝŶŐ͘ĞŶŽƵĚĞƌŐĞnjŝŶŶĞŶĚŽĞŶǀĂĂŬĞĞŶďĞƌŽĞƉŽƉĚĞƐŽĐŝĂůĞ ŚƵƵƌƐĞĐƚŽƌ
ŽĨ ĚĞ ;ŶŽŽĚŐĞĚǁŽŶŐĞŶͿ ǀƌŝũĞ ƐĞĐƚŽƌ ŚƵƵƌ ŐĞnjŝĞŶ ĞĞŶ ďĞƉĞƌŬƚĞƌ ŝŶŬŽŵĞŶ͘
Ϯϲ
ŝũŽƵĚĞƌĞŶǀĞƌƐĐŚŝůůĞŶǀĞƌŚƵŝƐǁĞŶƐĞŶĞŶĚĞŵĂƚĞǀĂŶ ǀĞƌŚƵŝnjĞŶ ƉĞƌ ůĞĞĨƚŝũĚƐŐƌŽĞƉ͘ Ğ ŐƌŽĞƉ ŝŶ ĚĞ ůĞĞĨƚŝũĚ Ϯϲ ǀĂŶϱϱƚŽƚϳϱũĂĂƌǀĞƌŚƵŝƐƚďĞƉĞƌŬƚ͕ŵĂĂƌǁŝůǁĞůŶĂĂƌ ĞĞŶƚŽĞŐĂŶŬĞůŝũŬĞƌĞǁŽŶŝŶŐ͘ĞďĂďLJŵŐĞŶĞƌĂƚŝĞŝƐ ǀĞĞůĂůŵŽďŝĞůĞƌĚĂŶĚĞŐĞŶĞƌĂƚŝĞĚŝĞǀŽŽƌĚĞŽŽƌůŽŐŝƐ ŐĞďŽƌĞŶ͘ Ğ ŶŝĞƵǁĞƌĞ ŐĞŶĞƌĂƚŝĞƐ ŽƵĚĞƌĞŶ njŽĞŬĞŶ ƐƚĞĞĚƐǀĂŬĞƌĐŽŵĨŽƌƚŝŶĚĞǁŽŶŝŶŐ͘ŝũǁŝůůĞŶŚƵŶǀĞĞůĂů ƌƵŝŵĞ ǁŽŶŝŶŐ ŵĞƚ ŐƌŽƚĞ ƚƵŝŶ ŝŶƌƵŝůĞŶ ǀŽŽƌ ŵŝŶĚĞƌ ŽŶĚĞƌŚŽƵĚ ĂĂŶ ĚĞ ǁŽŶŝŶŐ ;ŵĞĞƌ ĐŽŵĨŽƌƚͿ͘ ŝũ njŝũŶ ŽƉ njŽĞŬ ŶĂĂƌ ĞĞŶ ƚŽĞŐĂŶŬĞůŝũŬĞǁŽŶŝŶŐŵĞƚĞĞŶƚƵŝŶƚũĞŽĨĞĞŶĨĂƚƐŽĞŶůŝũŬďĂůŬŽŶ͘ĂŶŐĂĂƚŚĞƚ ŽŵĂƉƉĂƌƚĞŵĞŶƚĞŶŽĨƚŽĞŐĂŶŬĞůŝũŬĞŐƌŽŶĚŐĞďŽŶĚĞŶǁŽŶŝŶŐĞŶŵĞƚĞĞŶƚƵŝŶƚũĞ njŽǁĞůŝŶĚĞŚƵƵƌƐĞĐƚŽƌĂůƐŝŶĚĞŬŽŽƉƐĞĐƚŽƌ͘,ĞƚůŝĞĨƐƚŝŶĚĞĞŝŐĞŶǁŝũŬŽĨďƵƵƌƚ ĞŶ ŶĂďŝũ ǀŽŽƌnjŝĞŶŝŶŐĞŶ͘ Ğ ďĂďLJŵŐĞŶĞƌĂƚŝĞ ŬŝĞƐƚ ŽŽŬ ŽƉ ůĂƚĞƌĞ ůĞĞĨƚŝũĚ ǀĂŬĞƌ ǀŽŽƌ ĞĞŶ ŬŽŽƉǁŽŶŝŶŐ͘ ƌ njŝũŶ ŽŽŬ ŽƵĚĞƌĞŶ ĚŝĞ ďŝũ ǀŽŽƌŬĞƵƌ ŶŽŐ ĞĞŶ ƌĞŐƵůŝĞƌĞǁŽŶŝŶŐŬŽƉĞŶ;ƌŝũͲͬŚŽĞŬǁŽŶŝŶŐ͕ƚǁĞĞŬĂƉƉĞƌŽĨǀƌŝũƐƚĂĂŶĚͿ͘,ĞƚŐĂĂƚ ǀŽŽƌĂů Žŵ ĞĞŶ ŵĂĂƚũĞ ŬůĞŝŶĞƌ ǁŽŶĞŶ ĞŶ ŚĞƚ ŐĂĂƚ ŵŝŶĚĞƌ Žŵ ĞĞŶ ǀŽůůĞĚŝŐ ƚŽĞŐĂŶŬĞůŝũŬĞǁŽŶŝŶŐ͘KƵĚĞƌĞŶǀĂŶϳϱũĂĂƌŽĨŽƵĚĞƌǀĞƌŚƵŝnjĞŶǀƌŝũǁĞůĂůůĞĞŶ ŶŽŐďŝũĂĐƵƵƚĨLJƐŝĞŬĞŽĨŐĞĞƐƚĞůŝũŬĞďĞůĞŵŵĞƌŝŶŐĞŶ͘ĞnjĞŐƌŽĞƉŝƐďŝũŶĂǀŽůůĞĚŝŐ ŐĞŽƌŝģŶƚĞĞƌĚŽƉ;ƐŽĐŝĂůĞͿŚƵƵƌ͘
KŶƚǁŝŬŬĞůƌŝĐŚƚŝŶŐĞŶǁŽŶŝŶŐďĞŚŽĞĨƚĞ
DĞƚ ďĞŚƵůƉ ǀĂŶ ŚĞƚ ǁŽŶŝŶŐŵĂƌŬƚŵŽĚĞů ǀĂŶ ŽŵƉĂŶĞŶ ŝƐ ĞĞŶ ĚŽŽƌƌĞŬĞŶŝŶŐ
ũŽŶŐĞŚƵŝƐŚŽƵĚĞŶƐ͕ǀĞƌŚƵŝnjŝŶŐŶĂŝŶƚƌĂŵƵƌĂůĞnjŽƌŐŶĂĂƌĞĞŶŐĞƐĐŚŝŬƚĞǁŽŶŝŶŐ ĞŶĚŽŽƌŽǀĞƌůŝũĚĞŶǀĂŶŽƵĚĞƌĞŶ͘ŽŽƌĚĞƚŽĞŬŽŵƐƚŝŐĞǀƌĂĂŐĞŶŚĞƚƉŽƚĞŶƚŝģůĞ ĂĂŶďŽĚŵĞƚĞůŬĂĂƌƚĞǀĞƌŐĞůŝũŬĞŶŽŶƚƐƚĂĂƚŝŶnjŝĐŚƚŝŶĚĞŽƉŐĂǀĞŝŶĚĞŬŽŵĞŶĚĞ ũĂƌĞŶ͘
KŶƚǁŝŬŬĞůƌŝĐŚƚŝŶŐǁŽŶŝŶŐďĞŚŽĞĨƚĞ
DĞƚ ďĞŚƵůƉ ǀĂŶ ŚĞƚ ǁŽŶŝŶŐŵĂƌŬƚŵŽĚĞů ǀĂŶ ŽŵƉĂŶĞŶ ŝƐ ĞĞŶ ĚŽŽƌƌĞŬĞŶŝŶŐ ŐĞŵĂĂŬƚ ǀĂŶ ĚĞ ǀĞƌǁĂĐŚƚĞ ŽŶƚǁŝŬŬĞůŝŶŐ ǀĂŶ ĚĞ ǁŽŶŝŶŐǀƌĂĂŐ͘ ,ŝĞƌŝŶ ǁŽƌĚƚ ƌĞŬĞŶŝŶŐ ŐĞŚŽƵĚĞŶ ŵĞƚ ĚŽŽƌƐƚƌŽŵŝŶŐ ŽƉ ĚĞ ǁŽŶŝŶŐŵĂƌŬƚ͘ ,Ğƚ ǀƌŝũŬŽŵĞŶĚĞ ĂĂŶďŽĚ ŽŶƚƐƚĂĂƚ ĚŽŽƌ ǀĞƌŚƵŝnjŝŶŐĞŶ͕ ŽƵĚĞƌĞŶ ĚŝĞ ŶĂĂƌ ĞĞŶ ŝŶƚƌĂŵƵƌĂůĞ ǁŽŽŶǀŽƌŵ ŐĂĂŶ ĞŶ ĚŽŽƌ ŽǀĞƌůŝũĚĞŶ͘ Ğ ƚŽĞŬŽŵƐƚŝŐĞ ďĞǀŽůŬŝŶŐ ďĞƐƚĂĂƚ ĚĂĂƌŶĂĂƐƚ ƐƚĞĞĚƐ ŵĞĞƌ Ƶŝƚ ŬůĞŝŶĞ ŚƵŝƐŚŽƵĚĞŶƐ ;ŐƌŽĞŝĞŶĚ ĂĂŶƚĂů ĂůůĞĞŶƐƚĂĂŶĚĞŶͿĞŶŵĞĞƌŽƵĚĞƌĞŶ͘sŽŽƌĂůĚĞĚƵƵƌĚĞƌĞŬŽŽƉǁŽŶŝŶŐĞŶŬŽŵĞŶ ĚŽŽƌǀĞƌŚƵŝnjŝŶŐǀĂŶŐĞnjŝŶŶĞŶǀƌŝũ͕ŵĂĂƌŽŽŬĚŽŽƌǀĞƌŚƵŝnjĞŶŽĨŽǀĞƌůŝũĚĞŶǀĂŶ ŽƵĚĞƌĞŶ͘KŽŬŝŶĚĞŚƵƵƌƐĞĐƚŽƌnjŝĞŶǁĞǀƌŝũŬŽŵĞŶĚĂĂŶďŽĚĚŽŽƌǀĞƌŚƵŝnjŝŶŐǀĂŶ ũŽŶŐĞŚƵŝƐŚŽƵĚĞŶƐ͕ǀĞƌŚƵŝnjŝŶŐŶĂŝŶƚƌĂŵƵƌĂůĞnjŽƌŐŶĂĂƌĞĞŶŐĞƐĐŚŝŬƚĞǁŽŶŝŶŐ ĞŶĚŽŽƌŽǀĞƌůŝũĚĞŶǀĂŶŽƵĚĞƌĞŶ͘ŽŽƌĚĞƚŽĞŬŽŵƐƚŝŐĞǀƌĂĂŐĞŶŚĞƚƉŽƚĞŶƚŝģůĞ ĂĂŶďŽĚŵĞƚĞůŬĂĂƌƚĞǀĞƌŐĞůŝũŬĞŶŽŶƚƐƚĂĂƚŝŶnjŝĐŚƚŝŶĚĞŽƉŐĂǀĞŝŶĚĞŬŽŵĞŶĚĞ ũĂƌĞŶ͘
Overig programma Naast wonen en werken aan de Julianaweg is er ook ander programma denkbaar. Kleinschalige detailhandel is niet toegestaan, grootschalige periferie detailhandel is wel toegestaan. • Is er een supermarkt mogelijk? • Kleinschalige zelfstandige kantoren? • Bedrijfsverzamelgebouwen? • Kleine indoor sportfaciliteiten? • Leisure? • Toerisme? • Maatschappelijke voorzieningen? • Zorgappartementen? • Horeca? • Etc ...
Rijnboutt
Wonen in Volendam Er wordt in verschillende dichtheden gewoond in Volendam. In het historische centrum is de dichtheid het hoogst, in de uitbreidingswijken het laagst. Welke dichtheid past aan de Julianaweg? We houden rekening met; • Een dichtheid die past bij de Volendamse identiteit • Aansluiting op aanliggende wijken • Percentages groen, water en verharding in verhouding tot overige wijken • Niet alleen wonen en werken maar ook ruimte voor andere functies • Voldoende parkeergelegenheid (bebouwd) • 80% appartementen, 20% grondgebonden woningen
Rijnboutt
wonen in het doolhof, smalle straatjes, hoge dichtheid
werken en wonen gebeurt rondom het centrum
wonen in Broeckgouw of Lange Weeren
Beeldkwaliteit Hoe zet je de kwaliteiten van Volendam door zodat er aan de Julianaweg een onmiskenbaar Volendams woon-werkgebied ontstaat?
Rijnboutt
Volendamse kwaliteiten 1 - Bedrijvigheid en bouwnijverheid. Een Volendams werkethos.
Rijnboutt
bedrijvigheid en busjes; werk is overal in Volendam
werken en wonen gebeurt vlak langs elkaar
zichtbaar ambacht (goed onderhoud) en innovatie
Volendamse kwaliteiten 2 - Semi-privaat en semi-publiek Bijzondere tussenruimtes
Rijnboutt
semi-private ruimte; stoepje, brede stoep of voortuin
de voortuin - soms meer landschappelijk, soms volledig betegeld
verscholen tussenruimtes en collectiviteit
Volendamse kwaliteiten 3 - Landschappelijk dorps
Rijnboutt
wonen op en aan de dijk; hoogteverschillen geven kwaliteit
water is overal, voor, naast en achter de woningen
collectief groen (kan spannender)
Op Julianaweg komen deze thema’s contrastrijk bij elkaar
Hoe zet je deze drie kwaliteiten door op een eigentijdse en eigenzinnige manier - zodat een verfijnd, verfrissend en toch onmiskenbaar Volendams woon-werkgebied ontstaat?
Rijnboutt
Een vertaling in zeven thema’s voor toekomstige ontwikkelingen
1. Transformatie en behoud*
Beeldbepalende gebouwen en elementen worden behouden en getransformeerd tot bijzondere (woon/werk)plekken.
2. Zichtbare bedrijvigheid op alle schaalniveaus
Werkend Volendam is zichtbaar in gebruik en inrichting van de openbare ruimte en architectuur, vooral langs de autoroutes.
3. Doorwaadbaarheid door alzijdigheid*
Alzijdige gebouwen, slim geconfigureerd langs parkeeroplossingen, bieden de basis voor een doorwaadbaar gebied met prachtige tussenruimtes.
4. Hoofdrol voor de semi-private zone*
De semi-private zones voor de woningen zijn de levensaders van het plan. Deze zijn meeontworpen, op eigenaarschap, privacy, vergroening en ontmoeting.
5. Divers en biodivers landschap als woonkwaliteit
Het landschap van dijken en sloten wordt ‘herwilderd’. Water en groen krijgen de ruimte. Rondom het industrieel erfgoed komt een speelse inrichting met (pioniers)beplanting.
6. Een verfijnde korrel met speelse verspringingen
De bouwvolumes kennen verschillende (kap)richtingen, verschuivingen en verspringingen. Zo ontstaat een dynamisch beeld met mooie doorkijkjes.
7. Eigentijdse architectuur met Volendams vakmanschap* Rijnboutt
Het architectuurbeeld past bij Volendam, maar op een zachte, subtiele, en eigentijdse manier. Het vakmanschap van Volendam wordt ingezet voor duurzaamheid en detaillering.
1. Transformatie en behoud Bepalende gebouwen en elementen worden behouden en getransformeerd tot bijzondere (woon/werk)plekken
Rijnboutt
3. Doorwaadbaarheid door alzijdigheid Alzijdige gebouwen, slim geconfigureerd langs parkeeroplossingen, bieden de basis voor een doorwaadbaar gebied met prachtige tussenruimtes. • Waar de volumes rond een parkeergarage zijn gesitueerd, is het daklandschap (overdag) openbaar doorwaadbaar. Zo ontstaat een landschappelijk dorps karakter met allerlei tussenruimtes. • Privacy van achtertuinen en terrassen wordt vanaf het begin mee-ontworpen. Slim omgaan met hoogteverschillen kan hierbij helpen (en is ook heel Volendams - wonen op en achter de dijk)! Erfafscheidingen zijn groen en/of meegebouwd (bijv gemetseld).
binnenwerelden zijn groen en openbaar toegankelijk
hoogteverschillen (‘dijken’), bijvoorbeeld door een split-level parkeeroplossing worden slim ingezet voor een natuurlijk gevoel van privacy
erfafscheidingen worden mee-ontworpen en aangelegd. Zo ontstaat aan de achterzijde geen woud van schuttingen, maar een groene zoom
Rijnboutt
4. Hoofdrol voor de semi-private zone De semi-private zones voor de woningen zijn de levensaders van het plan. Deze zijn mee-ontworpen, op eigenaarschap, privacy, vergroening en ontmoeting. • Alle woningen op maaiveld hebben een semi-private zone. Er is een bibliotheek van mogelijkheden - van een extra brede (openbare) stoep tot een Delftse (Volendamse) stoep tot een kleine of grotere voortuin. • We kunnen nadenken over een ‘voortuinenstrategie’ als onderdeel van de beeldkwaliteit en klimaatadaptieve strategie. Dit gaat bijvoorbeeld over een percentage groene inrichting en het eventueel mee-ontwerpen van de erfafscheiding. • Oplossingen voor afval (kliko’s?) en fietsparkeren worden meegenomen in het ontwerp.
Rijnboutt
7. Eigentijdse architectuur met Volendams ambacht
Het architectuurbeeld past bij Volendam, maar op een zachte, subtiele, en eigentijdse manier. Het vakmanschap van Volendam wordt ingezet voor duurzaamheid en • Het architectuurbeeld is niet historiserend, maar wel passend. Het is een zachte, meer abstracte voortzetting van de kwaliteiten en kenmerken van Volendam. Dat kan wellicht door de drie ‘materiaalvlakken’ (steen, hout (in groen), en het dakvlak) opnieuw te gebruiken, maar abstracter. • Daarmee ontstaat ook een relatie met het werkmilieu, waar het staal op het hout lijkt. • Rondom de wegen wordt dit gemengd met een beeldkwaliteit die meer bij het werken past. De transformatie van erfgoed geeft het een uniek karakter. Een eigenzinnig en eigentijds Volendams woonwerkgebied. Rijnboutt
Even fantaseren
Rijnboutt
Even fantaseren
Rijnboutt
Even fantaseren
Rijnboutt
Even fantaseren
Rijnboutt
Even fantaseren
Rijnboutt
Even fantaseren
Rijnboutt
Deelgebied 2
Rijnboutt
Deelgebied 2 - Bestaande situatie
Rijnboutt
Gebruikte bouwstenen 1. Grondgebonden woningen
Programma Transformatiegebied Julianaweg tot 2040 Bron: woonmarktonderzoek Companen 28-1-2025 Huur/koop Huur Huur Koop Koop Koop Koop Koop Koop
Type Prijs Appartementen Sociaal Appartementen Vrije sector Grondgebonden < € 300.000 Grondgebonden € 300.000 tot € 390.000 Grondgebonden > € 390.000 Appartementen < € 300.000 Appartementen € 300.000 tot € 390.000 Appartementen > € 390.000
Totaal
2. Woongebouwen
Jaar 2036 2037 2038 2039 2040 2041 2042 2043
Aantal 122 120 120 120 120 120 120 120 962
Uitsnede advies Companen
Rijnboutt
Behoefte 222 111 37 74 37 37 111 111
100
740
Legenda: Appartementen Grondgebonden woningen Commercieel Parkeren
Fasering oplevering woningen (aansluitend op Lange Weeren; niet rigide toepassen ivm verzilveren kansen transformatie) Uitgangspunten: -Aansluitend op fasering Lange Weeren -Oplevering circa 100 per jaar -Fasering in praktijk afhankelijk van kansen tot transformatie (niet rigide toepassen fasering)
Totaal
3. Combinaties: voorbeelden
% 30 15 5 10 5 5 15 15
Deelgebied 2 - mogelijk ontwerpscenario
Legenda: Programma Bebouwing: Bestaande gebouwen Appartementen nieuw Grondgebonden w. nieuw Commercieel Parkeren nieuw Parkeren touringcars
Rijnboutt
Deelgebied 2 - mogelijk ontwerpscenario
Legenda: Programma Bebouwing: Bestaande gebouwen Appartementen nieuw Grondgebonden w. nieuw Commercieel Parkeren nieuw Parkeren touringcars
Rijnboutt
Indeling presentatie • Waarom een ontwikkelstrategie? • Pro-actieve faciliterende grondpolitiek • Wat als een bedrijf geen transformatie wil c.q. milieucontour heeft? • Fasering en prioritering • Financiële haalbaarheid en spanning t.o.v. stedenbouw/programma • Hoe eigenaren stimuleren? • Resumé: hoofdlijnen ontwikkelstrategie 15-5-2025
Metafoor
2
Waarom een ontwikkelstrategie? • Gemeente streeft bepaalde doelen na * programmatisch: mix van wonen en werken, aantal woningen * kwaliteit: dichtheden/hoogtes, openbaar gebied, beeldkwaliteit * terugdringen milieuhinder • Hoe aan die doelen werken, hoe te bereiken? • Dat vereist doordachte strategie • En afstemming met ontwikkeling van De Purmer 15-5-2025
Metafoor
3
Proactieve faciliterende grondpolitiek • Transformatie is een organische gebiedsontwikkeling • Verwerven grondposities is veel te duur • Gemeente heeft nu grondposities, maar relatief weinig • Transformatie daarom sterk afhankelijk van bewegen eigenaren • Dus in hoofdzaak faciliterende rol gemeente, proactief door stimuleren • Stimuleren transformatie door: * bieden van pakket herontwikkelingsmogelijkheden * bieden van een verplaatsingslocatie op De Purmer (reservering, voorrang) • Incidenteel wellicht actieve rol door aanvullende grondverwervingen 15-5-2025
Metafoor
4
Welke houding t.o.v. grond eigenaar X? (1)
15-5-2025
Metafoor
5
Welke houding t.o.v. bedrijf X? (2) • Stel bedrijf X heeft geen belang bij vertrek, geen belang bij herontwikkeling, maar ook geen bezwaar • Stel 1: zonder deze locatie krijgt dit gebied een suboptimale invulling * stedenbouwkundig en programmatisch kansen worden gemist * openbare ruimte op onlogische plekken • Stel 2: het bedrijf X heeft milieucontour (de blauwe cirkel) * daardoor is groter deel van dit gebied niet her te ontwikkelen * terwijl overige eigenaren wel willen 15-5-2025
Metafoor
6
Wat als milieucontour niet weg gaat? • Soms is integrale ontwikkeling alleen mogelijk als hinder wordt verminderd (of stopt) • Als dat niet lukt, dan: * voorlopig geen herontwikkeling van betreffende cluster of * deel van het cluster zo invullen dat later het vervolgdeel daar (stedenbouwkundig) naadloos op kan aansluiten
15-5-2025
Metafoor
7
Hoe faseren in tijd? • Gemeente heeft eigen grondexploitaties en andere gebiedsontwikkelingen, elk met tijdsbelangen * De Lange Weeren, De Purmer, Waterfront, Gemeentehuis • Transformatie Julianaweg als afgeleide van die tijdsbelangen? • Transformatie afstemmen op beschikbaarheid bouwrijpe grond De Purmer? • NB: eigenaren Julianaweg hebben hun eigen belangen; kan gemeente dan wel sturen op tijd? 15-5-2025
Metafoor
8
Hoe prioriteren binnen Julianaweg? (1) • Zes deelgebieden met daarbinnen clusters • Onderscheid tussen kansrijk, minder kansrijk en niet kansrijk • Is onderscheid tussen prio 1, prio 2 en prio 3 * Donkerblauw, middelblauw en lichtblauw op kaart volgende slide • Is indicatie o.b.v. gevoerde gesprekken * heel veel bedrijven; niet iedereen gesproken
15-5-2025
Metafoor
9
Hoe prioriteren binnen Julianaweg? (2)
15-5-2025
Metafoor
10
Hoe prioriteren binnen Julianaweg? (3) • Faciliteren als eigenaren gezamenlijk plan hebben? * wie het eerst komt wie het eerst maalt? * maar hoe verdeelt gemeente dan het maximum aantal woningen? • Inzet gemeentelijke grondposities kan helpen als katalysator * clusters met gemeentegrond voortrekken? Vanwege opbrengst?
15-5-2025
Metafoor
11
Financiële haalbaarheid • Gemeente: * Faciliteert, dus beperkte investering * kostenverhaal via anterieure overeenkomsten * wellicht niet alles verhaalbaar (bovenwijks deels verhaalbaar?) * gemeentelijke verwerving op kosten van ontwikkelende eigenaren • Eigenaren/bedrijven: * haalbare businesscase (toekomst op De Purmer) * opbrengst achter te laten locatie wordt bepaald door programma dat gemeente toestaat 15-5-2025
Metafoor
12
Spanning stedenbouw en programma vs haalbaarheid (1) • Bij faciliterende rol is gemeente afhankelijk van initiatieven van eigenaren en dus van haalbaarheid van hun businesscases • Voor deel van de bedrijven geldt perspectief op De Purmer. Daarvoor maken ze eigen strategische (en financiële) afweging. • Gemeente kan alleen grondexploitatieopzet maken voor (deelgebieden) Julianaweg. De gemeente kent niet de financiële cijfers en overwegingen van de bedrijven.
15-5-2025
Metafoor
13
Spanning stedenbouw en programma vs haalbaarheid (2) • Spanningsveld tussen maximale grondopbrengsten (en programma) vs. wat is stedenbouwkundig wenselijk/aanvaardbaar? • Keuze: stedenbouwkundig uitgangspunten zijn leidend • het gaat om strategische keuzes van bedrijven om naar de Purmer te gaan • de financiële impact voor het bedrijf is voor de gemeente onbekend • Dus kaderstelling o.b.v. functies, volumes/dichtheden, beeldkwaliteit • in besef dat kans bestaat dat ontwikkelingen uitblijven vanwege economische haalbaarheid 15-5-2025
Metafoor
14
Hoe eigenaren stimuleren/faciliteren? • Voor clusters een ‘pakket’ meegeven van mix qua bouwen (volume, hoogte, renderende functies) en qua infra/parkeren/groen? • En dan eigenaren binnen clusters zelf opgave meegeven om een plan te maken dat financieel goed genoeg is • Opgave om binnen ruimtelijk raamwerk te blijven • Opgave om te voldoen aan stedenbouwkundige uitgangspunten en spelregels • Pas planologisch meewerken als eigenaren gezamenlijk plan hebben * met onderling financiële afspraken 15-5-2025
Metafoor
15
Resumé: hoofdlijnen ontwikkelstrategie (1) • Gemeente afhankelijk van eigenaren (organische ontwikkeling) • Opereren vanuit ontwikkelbare eenheden: clusters binnen deelgebieden • Stedenbouw/programma/volume voorrang op financiële aspect • Eigenaren uitnodigen samen tot een plan te komen voor clusters * a.d.h.v. samenhangend pakket aan mogelijkheden, met spelregels voor ontwikkeling vastgoed en openbare ruimte * eigenaren staan aan de lat voor eigen financiële haalbaarheid * met bijdrage kostenverhaal (openbare ruimte, plankosten gemeente) • Als eigenaren gezamenlijk plan hebben dan contract en planologisch meewerken 15-5-2025
Metafoor
16
Resumé: hoofdlijnen ontwikkelstrategie (2) • Uitgangspunt is integrale plannen in de clusters • Voor bereiken integraliteit wellicht hier en daar verwerving grond door gemeente (door te leveren aan private partijen) • Prioritering deelgebieden/clusters wordt bepaald door gemeente • Tempo in afstemming met De Purmer en nieuwbouwlocaties wonen • Spelregels vastleggen in gebiedsgericht programma • Dat juridisch vertalen in planologische besluiten (bij contract met eigenaren) • Uitgangspunt: geen dwang • Na aantal jaren zo nodig herijking ontwikkelstrategie 15-5-2025
Metafoor
17