Presentatie herijking afvalbeleid.pptx
Tekst van het document
Herijking afvalbeleidsplan
Echt restafval bestaat bijna niet. Daarvoor moeten we grondstoffen goed scheiden! De afgelopen twee jaar is het restafval al met 28% afgenomen. Gaan we de ingeslagen weg vervolgen en het afvalbeleid harmoniseren?
VANG staat voor de afkorting ‘van afval naar grondstof’. Het VANG-programma is gericht op samenwerking door alle partijen in de keten van huishoudelijk afval. Het doel is uiteindelijk het realiseren van een circulaire economie voor 2050.
Afval is de nieuwe grondstof.
Ambitie is om in 2020 te komen tot 75% afvalscheiding, met een verdere doorgroei naar een maximaal percentage scheiding in 2025. Dit betekent een hoeveelheid van fijn en grof huishoudelijk restafval van maximaal 100 kilogram per inwoner per jaar in het jaar 2020. Na 2020 is een wensbeeld benoemd van maximaal 30 kilogram huishoudelijk restafval per inwoner per jaar in het jaar2025.
Landelijke maatregelen Maatregelen ten behoeve van materiaalgebruik; • producentenverantwoordelijkheid kunststofverpakkingen, • producentenverantwoordelijkheid matrassen, • producentenverantwoordelijkheid papier en karton, • producentenverantwoordelijkheid wit en bruingoed, • producentenverantwoordelijkheid glas. Maatregelen ter voorkoming zwerfafval;
•
statiegeld op PET-flessen en blikjes (zwerfafval)
Maatregelen waarbij de vervuiler betaald;
• Afvalstoffenbelasting op de nog te verbranden restafval (€ 17,00 per 1.000 kg in 2014, is inmiddels € 33,15 per 1.000 kg in 2021) Maatregelen circulaire economie; Bedrijven stimuleren minder afval te produceren door slim ontwerp van producten en verpakkingen (hergebruik na levensduur).
Fusie 2015 In 2015 is aan alle gemeenten gevraagd wat hun plan was om de landelijke doelstellingen te halen in 2020. Omdat wij een fuserende gemeente waren in 2015 is pas na de fusie in 2016 een beleidsplan gemaakt om antwoord te geven aan het gevraagde en aan de landelijke ambitie te kunnen voldoen.
Op 15 december 2016 is het ‘Beleidsplan afvalbeheer 20172022’ vastgesteld.
Dit plan richt zich op twee speerpunten: het afvalbeleid van de voormalige gemeenten Edam-Volendam en Zeevang harmoniseren, het afvalbeleid laten aansluiten bij het ‘VANG-programma’. In eerste instantie is de ambitie uitgewerkt om te komen tot maximaal 100 kilo restafval per persoon per jaar.
Harmonisatie voormalige gemeenten Edam-Volendam en Zeevang Haal-, en brengmogelijkheden waar mogelijk harmoniseren • Beide inzamelstations voorzien van dezelfde aanbiedmogelijkheden • Charitatieve instellingen en verenigingen zoveel mogelijk benutten met een gelijke beloning • Papier en textiel brengsystemen plaatsen waar geen voorziening aanwezig is • Huis aan huis inzameling harmoniseren zodat gestuurd kan worden op het verminderen van restafval Nascheiding voor de gehele (nieuwe) gemeente mogelijk maken Beide oude gemeenten hadden verschillende afvalverwerkers (HVC en AEB). In 2017 was het Afval Energie Bedrijf het enige bedrijf met een nascheidingsinstalatie. Na inzameling van het grofhuishoudelijk afval wordt waar nodig is nog een nascheiding uitgevoerd.
Aansluiting vinden met het ‘VANG-programma’ met als ambitie te komen tot maximaal 100 kilo restafval per persoon per jaar. Om 75% afvalscheiding te realiseren moesten de scheidingsmogelijkheden eerst uitgebreid worden waar deze nog niet of onvoldoende aanwezig waren. Brengsysteem 1. Beide gemeentelijke inzamelstations zijn nu ingericht om naast restafval nog 21 andere afvalstromen (grondstoffen) te accepteren Glas Papier Tapijt Dakbedekking B-Hout C-hout
Schoonpuin IJzer Gips Wit-,en Bruingoed Klein chemisch afval/asbest
Banden Vlakglas Bouw en sloopafval Matrassen Non Ferro metalen
Gasflessen Polystyreen Textiel Grond Tuinafval
2. Ondergrondse papiervoorzieningen aanbrengen waar verenigingen niet actief zijn 3. Brengvoorzieningen voor textiel aanbrengen waar Charitatieve instellingen niet actief zijn
Haalsysteem 1. Groente Fruit,- en Tuinafval 2. Papier (verenigingen) 3. Niet meer te scheiden afvalstoffen (restafval) 4. Grofhuishoudelijk afval
Na scheidingsinstallatie in combinatie met Omgekeerd inzamelen Na scheidingsinstallatie:
Indien gebruik wordt gemaakt van alle aanwezige scheidingsmogelijkheden dan blijft nog plastic, metalen en drankkartons als her te gebruiken grondstoffen over. Het overige wordt gezien als een klein beetje restafval met eventueel luierafval. Bij het toepassen van nascheiding kunnen de aanwezige grondstoffen makkelijk gescheiden worden van het overgebleven restafval. Voordelen: - Alle kunststoffen, metalen en drankkartons worden uit het afval gehaald. Dit is niet altijd zo bij bronscheiding. - Geen aparte inzameldag nodig voor PMD (inzamelvoertuig door de wijk) - Geen aparte voorziening nodig op de achterstraten (PMD container)
Omgekeerd inzamelen met ondergrondse voorzieningen Kerngedachte van omgekeerd inzamelen Bij omgekeerd inzamelen wordt afvalscheiding gestimuleerd door middel van serviceprikkels voor inwoners. De gedachte hierachter is dat het de inwoners gemakkelijk gemaakt moet worden om recyclebare stromen te scheiden. Oud papier en GFT worden aan huis opgehaald. Voor de ongewenste restafvalstroom moet de inwoner meer moeite doen. Inwoners brengen hun restafval zelf naar een (ondergrondse) verzamelcontainer, die op loopafstand aanwezig is. Door het gemak op recyclebare stromen houden de meeste inwoners weinig restafval over en hoeft slechts een kleine hoeveelheid restafval met PMD weggebracht te worden. Een aantal gemeenten presteert het om met omgekeerd inzamelen ruim onder de 100 kilo restafval per inwoner per jaar te komen (onder andere de gemeente Heusden, Baarn en Amersfoort).
Communicatie en Voorlichting
Jaarlijks komt het thema ‘afval scheiden’ terug op onze inzamelkalender. Deze kalender wordt huis-aan-huis verspreid. De afgelopen jaren hebben wij specifiek aandacht gevraagd voor het scheiden van GFT. De inzamelkalender zien wij als belangrijke bron om inwoners te informeren. In diverse advertenties hebben wij aandacht gevraagd voor het scheiden van afval. Hierbij kwamen de stromen GFT, papier, textiel en glas aan de orde.
Wij hebben huis-aan-huis een folder verspreid waarmee inwoners worden aangemoedigd GFT – en met name keukenafval – beter te scheiden. Bij de folder zat een biologisch afbreekbaar zakje dat gebruikt kan worden om keukenafval in te verzamelen. Dit met de boodschap dat het scheiden van keukenafval niet hoeft te stinken.
De meeste basisschoolleerlingen hebben via ons een les gekregen over afval scheiden en het voorkomen van zwerfafval.
Waar staan we nu
De cijfers laten het volgende zien: In 2019 werd in onze gemeente ongeveer 185 kilo restafval per inwoner aangeboden. In 2017 bedroeg dat aanbod nog ongeveer 253 kilo per inwoner. Dit is een afname van circa 28% restafval in twee jaar. De afname is procentueel gezien het grootst in de gebieden waar het omgekeerd inzamelen is ingevoerd (ondergrondse restafvalcontainers). In andere gebieden met grijze containers blijft de hoeveelheid restafval stabiel. In de ‘tuinrijke’ delen van de gemeente is het aanbod GFT de afgelopen jaren toegenomen.
Samenstelling afval
In 2020 is een afval-sorteeranalyse uitgevoerd. Hiermee is de samenstelling van het restafval onderzocht. Uit de analyse blijkt dat slechts 19% van het restafval dat is aangeboden, ook daadwerkelijk restafval is. Van de 185 kilo aangeboden restafval, is dus 35 kilo ‘echt’ restafval. Circa 65% van het aangeboden restafval, hoort in een andere bak (of voorziening). Voor de duidelijkheid: plastic, metaal en drankenkarton mag bij het restafval. Dit wordt later machinaal uit het restafval gehaald.
De afvalstoffenheffing zonder scheiding onnodig hoog. Als alle grondstoffen goed worden gescheiden dan levert dit een besparing op van circa € 175.000 per jaar.
Dit betekent een bedrag van bijna € 12 per huishouden. De afvalstoffenheffing zou minder hoog kunnen worden als iedereen volledig zou scheiden. Het scheiden van afval levert in de toekomst nog meer op. De ‘verbrandingsbelasting’ (de belasting op het verbranden van afval) wordt namelijk steeds hoger.
Gaan we de ingeslagen weg vervolgen en het afvalbeleid harmoniseren of ……
Scenario 1 :
Doorgaan met een hybride systeem (zoals tot nu toe is uitgevoerd). Dus geen beleidswijziging, alleen waar nodig wat extra’s. Hierbij worden in de kernen van de lintbebouwing (Warder, Kwadijk, Middelie etc.) ondergrondse voorzieningen aangebracht. Uitgangspunten bij de kernen zijn dat er minimaal 40 huishoudens binnen een loopafstand van 250 m aanwezig moeten zijn. Voordeel: Mogelijkheid om grotendeels te sturen op afvalvermindering (bijvoorbeeld extra ronde gft, o.g. papiercontainers etc).
Scenario 2 :
Situatie houden zoals die nu feitelijk is (grijze container in één gedeelte van de gemeente versus ondergrondse voorziening in het andere deel) en accepteren dat wij als gemeente moeilijk tot niet kunnen sturen op het verminderen van afval. Hierdoor zullen wij de doelstellingen niet halen door gebrek aan instrumenten (twee systemen). Nadeel: Restafval met grijze containers blijft laagdrempelig waardoor het scheiden niet wordt geprikkeld. Hierdoor onnodige hogere verbrandingskosten
Scenario 3 :
Geharmoniseerd ondergronds systeem, geen rolcontainers meer, ook niet in het buitengebied. Voordeel : 1. Mogelijkheid om volledig te sturen op afvalvermindering. 2. Eén systeem kost minder (geen aanschaf grijze containers, inzameling vindt ook nu plaats bij half gevulde containers) en is uniform voor een ieder. 3. Ondergrondse containers worden door inwoners gewaardeerd en het werkt aantoonbaar mee bij de te behalen doelstellingen.
Bij scenario 3 dienen de huidige richtlijnen aangepast te worden.
Hoe verder ? Afhankelijk van welk scenario gekozen wordt: - dient een veel intensievere, professionele, multimediale en structurele campagne gehouden te worden. - kan een gerichte prijsvraag uitgevraagd worden. Wat kan nog verder! 1. Middenstanders betrekken in preventie van afval naar klanten 2. Verenigingen, kringloopwinkels en charitatieve instellingen promoten waar nodig is 3. Hergebruik via sociaal media onder de aandacht brengen (meubels, kleding, elektronica etc) 4. Buurtgerichte acties houden waarbij mogelijk prijzen (voorzieningen) te winnen zijn voor de buurt 5. Scholen betrekken in preventie van afval in het onderwijs