CConstaterende datEdam-Volendam
Koppel je AI →
Document · PDF

LEV Beleidskader kleine windturbines Zaanstreek Waterland

Raadsvergadering 12 december 2024, gemeente Edam-VolendamBij agendapunt: Mondelinge beantwoording gestelde vragen932 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

19 december 2024 13:52

Detailrapport 07 Vraag en antwoord Raadsplein (ID 1467) Veld

Waarde

Datum raadsplein

12-12-2024

Onderwerp

Beleidskader kleine windturbines Zaanstreek Waterland

Fractie(s)

LEV

Vraag

Vraag 1:

Akoestisch onderzoek

Hoe waarborgt de gemeente dat kleine windturbines voldoen

aan de geluidsnormen van 47 dB Lden en 41 dB Lnight, zoals voorgeschreven in het Activiteitenbesluit milieubeheer (art.

3.14a)? Bij vergunningaanvragen is een akoestisch onderzoek verplicht om te controleren of de turbine aan de normen

voldoet. Dit is ook expliciet opgenomen in het document (hoofdstuk 6). Vraag 2:

Effect van slagschaduw

Wordt bij de plaatsing van een KWT onderzocht of

slagschaduw een impact heeft op nabijgelegen woningen of gevoelige objecten?

Volgens de wettelijke eisen moet een turbine op voldoende afstand worden geplaatst, of voorzien zijn van een

stilstandvoorziening (hoofdstuk 6, Activiteitenbesluit). Vraag 3:

Impact op Natura 2000-gebieden en soortenbescherming Hoe wordt bij plaatsing van KWT’s in de buurt van Natura

2000-gebieden voldaan aan het ‘Nee, tenzij’-principe zoals gesteld in artikel 2.8 van de Wet natuurbescherming? Het

document benadrukt dat een natuurtoets altijd vereist is om negatieve effecten op beschermde soorten of habitats te voorkomen (hoofdstuk 3.1). Vraag 4:

Aanvaringsrisico’s voor vogels en vleermuizen

Wordt bij de vergunningaanvraag specifiek onderzocht of aanvaringsrisico’s voor vogels en vleermuizen worden

geminimaliseerd, zoals vereist door de Habitatrichtlijn? Kleine windturbines kunnen impact hebben op vogels en

vleermuizen. Momenteel is er beperkt onderzoek beschikbaar,

19 december 2024 13:52

maar het document raadt aan om op basis van pilots

preventieve maatregelen te overwegen (hoofdstuk 3.1). Vraag 5:

Inpassing in beschermde landschappen

Hoe garandeert de gemeente dat de plaatsing van een KWT geen afbreuk doet aan landschappelijke kernkwaliteiten in Bijzondere Provinciale Landschappen (BPL)?Volgens artikel 6.37 van de Omgevingsverordening Noord-Holland 2022

moet een windturbine zorgvuldig worden ingepast en mag het landschap niet worden aangetast (hoofdstuk 3.4). Vraag 6:

Visuele impact en erfgoed

Wordt bij plaatsing van KWT’s nabij UNESCO-

werelderfgoedlocaties onderzocht of de kernkwaliteiten van

het erfgoed, zoals openheid en zichtlijnen, behouden blijven? Artikel 6.62 van de Omgevingsverordening eist dat nieuwe

activiteiten deze kernkwaliteiten niet mogen aantasten, tenzij er sprake is van groot openbaar belang (hoofdstuk 3.3). Vraag 7:

Participatie en inspraak van omwonenden

Hoe waarborgt de gemeente dat omwonenden actief

betrokken worden bij de besluitvorming rond KWT’s, zoals

vereist onder de Aarhus-conventie? Het document benadrukt het belang van regionale samenhang en maatwerk per gemeente, wat participatie van bewoners ondersteunt (hoofdstuk 5). Vraag 8:

Verhouding tot gemeentelijk beleid

Hoe worden verschillen in terminologie en

bestemmingsplannen tussen gemeenten geharmoniseerd om consistent beleid rond KWT’s te garanderen? Het document erkent dat termen zoals “bouwperceel” en “bouwvlak” niet

uniform worden gebruikt, wat tot interpretatieverschillen kan leiden (hoofdstuk 5.1) Antwoord

Antwoord 1:

Het beleidskader borgt dat aan de geluidnormen wordt

voldaan, door bij vergunningsaanvragen een akoestisch

onderzoek verplicht te stellen indien sprake is van nabije

gevoelige bestemmingen. Uit het akoestisch onderzoek blijkt of de KWT voldoet aan de geluidnormen. Doorgaans kan de

Pagina 2

19 december 2024 13:52

leverancier van de windmolen dergelijke onderzoeken aanleveren.

Antwoord 2:

In het stappenplan van de handreiking valt te lezen dat bij een vergunningsaanvraag een Quickscan slagschaduw moet worden aangeleverd. Hieruit moet blijken of de kleine

windturbine op voldoende afstand staat van gevoelige

bebouwing. Daarbij bestaat de mogelijkheid ook om binnen bepaalde momenten stilstand van de molen te eisen (stilstandvoorziening). Antwoord 3:

In het stappenplan van de handreiking valt te lezen dat bij een vergunningsaanvraag een Quickscan Ecologie moet worden aangeleverd. Hieruit moet blijken of negatieve (externe) effecten op beschermde soorten of habitats niet van

toepassing zijn. De Quickscan kan tot gevolg hebben dat er nader onderzoek moet worden verricht. Mogelijk moet op basis daarvan een ontheffing bij OD NHN worden

aangevraagd. Onderdeel daarvan kan zijn dat er mitigerende maatregelen moeten worden getroffen. Antwoord 4:

Voor wat betreft onze gemeente worden in of direct nabij

Habitatrichtlijngebieden geen windmolens geplaatst. Er zijn namelijk geen Habitatrichtlijngebieden in onze gemeente.

Voor wat betreft mogelijke aanvaringsrisico’s voor vogels en

vleermuizen moet de gevraagde Quickscan Ecologie uitsluitsel bieden.

Antwoord 5:

Zoals in het beleidskader valt te lezen, heeft de provinciaal

landschapskundig adviseur aangegeven dat indien een kleine windturbine zorgvuldig aansluitend op het erf geplaatst

wordt, dit in de BPL gebieden niet wordt beschouwd als een aantasting van de kernkwaliteit openheid. Daarom sluit het beleidskader aan bij Provinciale regels zoals bijvoorbeeld ‘juiste verhouding tussen windturbine en ensemble van bebouwing’. Antwoord 6:

Zoals in het beleidskader en de handreiking is opgeschreven,

moet bij KWT’s in en nabij UNESCO-werelderfgoedlocaties een Pagina 3

19 december 2024 13:52

extra toets worden aangeleverd bij de aanvraag. De gemeente toetst dit in nauw overleg met de Provincie. Antwoord 7:

In het stappenplan van de handreiking staat participatie als

belangrijke stap opgenomen. Vanuit de Omgevingswet is het verplicht om bij het aanvragen van een vergunning een

onderbouwing aan te leveren van hoe de aanvrager aan

participatie heeft gedaan. Het college zal deze zorgvuldig beoordelen.

Antwoord 8;

Dit is aan elke gemeente om te bepalen op grond van

geldende bestemmingsplannen (dat is het huidige tijdelijke

omgevingsplan). In onze gemeente wordt in algemene zin de (agrarisch) bouwvlak-methode toegepast. Zoals in het

beleidskader is te lezen, is dit voor elke gemeente anders. Het harmoniseren van definities tussen alle gemeenten is een te vergaande maatregel. Dit is aan de gemeenten zelf

overgelaten. Van harmonisatie zal vooralsnog geen sprake

zijn. Dit is ook niet noodzakelijk, omdat dit beleidskader in

samenspraak met de Provinciale handreiking juist voldoende handvatten biedt als toetsingskader voor de plaatsing van KWT’s.

Pagina 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EdamVolendam&id=721ed7b4-48d0-4e4b-9b02-5ed644510e32