CConstaterende datEdam-Volendam
Koppel je AI →
Document · PDF

Kadernota 2025

Commissie Planning & Control 3 juli 2024, gemeente Edam-VolendamBij agendapunt: Voorstel inzake de Kadernota22.506 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Evenals in 2024 is bij het opstellen van de begroting 2025 en meerjarenraming 20262028 een saldo onvoorzien van € 50.000 gehanteerd.

37

Belastingen, rechten, heffingen en tarieven Gemiddelde woonlasten Het COELO is het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden. Zij publiceert ieder jaar de Atlas van de lokale lasten. In de Atlas een overzicht van gemeentelijke woonlasten opgenomen. De gemeentelijke woonlasten bestaan voor bewoners die ook eigenaar zijn uit de afvalstoffenheffing, rioolheffing en ozb. Bij de berekening van de hoogte van de OZB aanslag is uitgegaan van een voor elke gemeente geldende gemiddelde woningwaarde. In onderstaand overzicht zijn de bedragen van de gemiddelde woonlasten voor een woningeigenaar met een meerpersoonshuishouden van onze en omliggende gemeenten voor de jaren 2019 tot en met 2023 in beeld gebracht. Ook is het bedrag van de gemiddelde woonlasten van Nederland en de Provincie Noord-Holland in het overzicht opgenomen. (Bron COELO atlas bijlage 3 en interactieve kaart 28). Uit het overzicht blijkt dat de gemeente Edam-Volendam in 2023 de laagste gemiddelde woonlasten heeft zijnde € 872. Vergeleken met de gemiddelde woonlasten van de omliggende gemeenten (€ 1.016), van Nederland (€ 944) en de Provincie Noord-Holland (€961) zijn de woonlasten in Edam-Volendam in 2023 respectievelijk € 144, € 72 en € 89 lager. Zie de blauw gearceerde cellen in onderstaand overzicht.

Wat ook opvalt is dat het stijgingspercentage en de nominale stijging over de jaren 2018 tot en met 2023 in onze gemeente lager is. Het stijgingspercentage over de jaren 2018-2023 is in onze gemeente 22%. In Nederland is dit 31%, in de Provincie Noord-Holland is dit 34% en in onze omliggende gemeenten is dit percentage gemiddeld 33% (zie geel gearceerde cellen in onderstaande tabel). De nominale stijging over de jaren 2018-2023 is in onze gemeente € 157. In Nederland is dit €223, in de Provincie Noord-Holland €246 en in onze omliggende gemeenten is deze stijging gemiddeld €251 (zie groen gearceerde cellen in onderstaande tabel). In de Atlas is ook een rangnummer woonlasten per gemeente opgenomen. De gemeente met de laagste woonlasten heeft rangnummer 1. De gemeente met de hoogste woonlasten heeft rangnummer 349. Onze gemeente heeft in 2023 rangnummer 83. In 2021 had onze gemeente rangnummer 145. Zie de paars gearceerde cellen in onderstaand overzicht. Hieruit kan geconcludeerd worden dat de woonlasten in onze gemeente minder zijn gestegen dan in andere gemeenten. Voor onze burgers is dat een gunstige ontwikkeling maar natuurlijk niet voor de gemeentefinanciën. Omdat de gegevens over het jaar 2024 nog niet zijn opgesteld door het COELO zijn deze niet in de vergelijking meegenomen.

Gebaseerd op een artikel van de Verenging Eigen Huis verwachten wij dat de cijfers van het jaar 2024 echter geen noemenswaardig ander beeld zullen opleveren. De VEH publiceert op 24-02-24 dat de gemeentelijke woonlasten in 2024 gemiddeld met 5,9% zijn gestegen ten opzichte van 2023. In EdamVolendam zijn deze woonlasten met 5% gestegen. Dit is zelfs bijna 1% lager dan het landelijk gemiddelde.

38

Onroerendezaakbelastingen (OZB) Het COELO is het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden. Zij publiceert ieder jaar de Atlas van de lokale lasten. De atlas geeft een overzicht van de hoogte en ontwikkeling van belastingen en heffingen van alle gemeenten. In de atlas zijn interactieve kaarten opgenomen. Op deze kaarten is te zien is welke bedragen worden betaald voor belastingen en heffingen. Een vergelijking van de ozb-tarieven van verschillende gemeenten zegt op zichzelf betrekkelijk weinig. Immers, een laag tarief kan in combinatie met een hoge grondslag best tot een hoge belastingaanslag leiden. In de atlas wordt daarom een vergelijking (interactieve kaart 7) weergegeven vanuit het standpunt van de belastingbetaler. Deze vergelijking is gebaseerd op de gemiddelde aanslag. Dit is de hoogte van de OZB aanslag bij een voor die gemeente geldende gemiddelde woningwaarde. In onderstaand overzicht zijn de bedragen van de gemiddelde aanslagen van onze en omliggende gemeenten voor de jaren 2019 tot en met 2023 in beeld gebracht. Ook is het bedrag van de gemiddelde aanslagen van Nederland in het overzicht opgenomen. (Bron COELO atlas interactieve kaart 7). Uit het overzicht blijkt dat alleen de gemeente Amsterdam een lagere gemiddelde OZB aanslag heeft. Dit wil niet zeggen dat voorzieningen in Amsterdam niet op orde zijn.

Amsterdam beschikt over andere grote inkomstenbronnen zoals de toeristenbelasting en de parkeerbelasting. In Amsterdam levert de 39

parkeerbelasting meestal meer op dan de OZB op woningen. De OZB aanslag in Amsterdam is naar alle waarschijnlijkheid zo laag omdat onder andere de opbrengst betaald parkeren ruim €300 per inwoner is. Vergeleken met het gemiddelde van Nederland is de gemiddelde aanslag OZB van onze gemeente € 92 lager. Vergeleken met het gemiddelde van de omliggende gemeenten is de gemiddelde aanslag OZB van onze gemeente € 113 lager. Wat ook opvalt is dat het stijgingspercentage en de nominale stijging over de jaren 2019 tot en met 2023 in onze gemeente veel lager is dan het landelijk gemiddelde en de omliggende gemeenten. Het stijgingspercentage over de jaren 2019-2023 is in onze gemeente 19%. In Nederland is dit 43% en in onze omliggende gemeenten is dit percentage gemiddeld 65% (zie geel gearceerde cellen in onderstaande tabel). De nominale stijging in onze gemeente over de jaren 2019-2023 is € 49. Landelijk is de nominale stijging €122 en in de omliggende gemeenten is deze stijging gemiddeld € 160 (zie groen gearceerde cellen in onderstaande tabel). Uit bovenstaande kan de conclusie getrokken worden dat onze gemeente voor wat betreft de inkomsten OZB achter is gebleven op het landelijk gemiddelde en het gemiddelde in onze omliggende gemeenten. Omdat de gegevens over het jaar 2024 nog niet zijn opgesteld door het COELO zijn deze niet in de vergelijking meegenomen.

Gebaseerd op een artikel van de Verenging Eigen Huis verwachten wij dat de cijfers van het jaar 2024 echter geen noemenswaardig ander beeld zullen opleveren. De VEH publiceert op 24-02-24 dat de gemeentelijke woonlasten in 2024 gemiddeld met 5,9% zijn gestegen ten opzichte van 2023. In EdamVolendam zijn deze woonlasten met 5% gestegen. Dit is zelfs bijna 1% lager dan het landelijk gemiddelde. Voorstel verhoging tarief OZB In de begroting 2024 is voor de jaren 2025 en verder gekozen om tarief OZB jaarlijks met 5% te verhogen. Er kan voor gekozen worden om dit tarief in 2025 en 2026 met 10%, in plaats van 5% te verhogen. En vervolgens in 2027 en verder het tarief met 2%(indexatie), in plaats van 5% te verhogen. Na 2 jaar verhoging met 10% is het tarief van onze gemeente nog steeds lager dan het gemiddelde tarief van Nederland en omliggende gemeenten. Dit voorstel leidt voor de jaren 2025 tot en met 2028 tot een extra opbrengst van respectievelijk € 350.000, € 760.000, € 540.000 en € 720.000. OVERZICHT GEMIDDELDE OZB AANSLAG OP BASIS VAN GEMIDDDELDE WONINGWAARDE Vanuit het standpunt van de belastingbetaler is de gemiddelde aanslag een nuttige indicator. Dit is de hoogte van de aanslag bij een voor de gemeente geldende gemiddelde woningwaarde (kaart 7 COELO atlas).

40

Afvalstoffenheffingen Voor de afvalstoffenheffing wordt, voor zover de kostendekkendheid dit toelaat, een stijging (indexatie en toegroei naar 100% kostendekking) toegepast van 5%. Gestreefd wordt naar 100% kostendekking. Reinigingsrechten Voor de reinigingsrechten wordt, voor zover de kostendekkendheid dit toelaat, een stijging (indexatie en toegroei naar 100% kostendekking) toegepast van 5%. Gestreefd wordt naar 100% kostendekking. Rioolheffingen In de uitgangspunten van de begroting 2024 , vorig jaar dus, was opgenomen voor de rioolheffingen (eigenaren en gebruikers), voor zover de kostendekkendheid dit toelaat, een indexatie toe te passen van 5% en te streven naar 100% kostendekking. Middels een motie van Zeevangs Belang/VD80/CDA en BVNL is het college eind 2023 opgeroepen de tarieven voor de rioolheffing 2024 ten opzichte van 2023 eenmalig te laten dalen zodat de totale woonlasten voor de inwoners in 2024 per saldo met maximaal 5% stijgen. Het college is aan deze motie tegemoet gekomen. In de raad van januari 2024 is het tarief rioolheffing van 2023 zijnde € 215,65 verlaagd met 11% naar € 191,95. Omdat in de motie is opgenomen dat de verlaging eenmalig is staat in het raadsvoorstel van januari 2024 opgenomen dat bij het vaststellen van de uitgangspunten van de begroting 2025, het tarief van het jaar 2023 als basis wordt genomen bij de voorstellen over de nieuwe tarieven.

Wij stellen daarom het tarief van 2025 vast op € 226,45. Dit is gebaseerd op het tarief 2023 zijnde € 215,65 verhoogd met 5%. Ook meerjarig wordt het tarief met 5% verhoogd (indexatie en toegroeien naar 100% kostendekking). Uiteraard voor zover de kostendekkendheid dit toelaat. Ten opzichte van het tarief 2024 (€ 191,95) zal het tarief 2025 (€ 226,45) stijgen met is € 34,50.

41

Toeristenbelastingen Bij het opstellen van de begroting 2022 is in de jaren 2022 tot en met 2025 voor het verkrijgen van extra inkomsten een structurele verhoging van de toeristenbelasting opgenomen van jaarlijks € 100.000. Ook in de begroting 2025 is deze verhoging voor het jaar 2025 opgenomen. Om dit te realiseren worden de tarieven voor de watertoeristen-belasting en voor overnachtingen in andere accommodaties dan een kampeerterrein in 2025 met ongeveer 8% verhoogd. Bovenop deze 8% komt nog een verhoging van de indexatie van 5%. In 2025 stijgt het tarief dan in totaal met 13%. Voor de jaren 2026 en verder is rekening gehouden met een verhoging van 5% indexatie. Keuzemogelijkheden tarieven anders dan kampeerterrein In 2024 is het tarief toeristenbelasting voor overnachten in een accommodatie anders dan een kampeerterrein € 3,40. In omliggende gemeenten zijn de tarieven 2024: Amsterdam € 16,76 Landsmeer € 9,38 Zaanstad € 7,54 Oostzaan € 4,65 Edam-Volendam € 3,40 Waterland € 3,10 Alkmaar € 2,73 Hoorn € 2,70 Enkhuizen € 2,70 Purmerend € 2,65 Medemblik € 1,97 Gooise Meren € 2,00 Wormerland € 1,95 Het gemiddelde tarief 2024 in Nederland is € 2,34. Ten opzichte van 2023 zijn de landelijke tarieven gemiddeld met 8,1% gestegen. Noord-Hollandse gemeenten hanteren in 2024 gemiddeld het hoogste tarief: € 3,51 per nacht, een stijging van 11,3% ten opzichte van een jaar eerder.

Het gemiddelde in Noord-Holland wordt vooral opgeschroefd door de gemeenten Amsterdam, Ouder-Amstel, Landsmeer en Haarlemmermeer. In onze gemeente is het tarief in 2024 gestegen met 13% van € 3.01 naar € 3,40. Het tarief in Edam-Volendam komt in 2025 na verhoging met 13% op € 3,85. Voorstel extra inkomsten verhoging tarief 2026 met 10% In de begroting 2026 en verder is rekening gehouden met een tariefstijging van 5% voor overnachten in een accommodatie anders dan een kampeerterrein. Als er voor gekozen wordt dit tarief 2026 te verhogen met 10%, in plaats van 5% dan leidt dit tot een hogere inkomst in de jaren 2026 tot en met 2028 van respectievelijk € 65.000, € 70.000 en € 75.000. Het tarief in Edam-Volendam komt in 2026 na verhoging met 10% op € 4,25. Toeristenbelasting kampeerterrein De tarieven toeristenbelasting voor overnachtingen op een kampeerterrein stijgen met een indexatie van 5%. In 2025 wordt dit tarief verhoogd van € 1,45 naar € 1,50. In omliggende gemeenten zijn de tarieven 2024: Oostzaan € 4,65 Waterland € 3,10 Enkhuizen € 2,70 Gooise Meren € 2,00 Medemblik € 1,97 Wormerland € 1,95 Hoorn € 1,90 Zaanstad € 1,70 Edam-Volendam € 1,45 Alkmaar € 1,36 42

Voorstel extra inkomsten verhoging tarief 2025 en 2026 met 10% Uit bovenstaande gegevens is op te maken dat het tarief voor overnachten op een kampeerterrein in EdamVolendam lager is dan omliggende gemeenten. Een stijging van dit tarief met meer dan 10% is niet onredelijk. Als er voor gekozen wordt dit tarief met ingang van 2025 structureel te verhogen met 10%, in plaats van 5%, dan leidt dit tot een extra inkomst in de jaren 2025 tot en met 2028 van respectievelijk € 5.000, € 10.000, € 15.000 en € 20.000. Het tarief in Edam-Volendam komt voor 2025 tot en met 2028 na verhoging met jaarlijks 10% uit op respectievelijk € 1,60, € 1,75, € 1,95, € 2,15 en € 2,40. De verwachting is dat de tarieven van de andere gemeenten ook jaarlijks zullen stijgen. Watertoeristenbelasting Bij het invoeren van de watertoeristenbelasting in 2019 is door het college voorgesteld het tarief van de watertoeristenbelasting gelijk te stellen aan het tarief voor overnachtingen op een kampeerterrein (het zogenaamde lage tarief) zijnde € 1,27 in 2019). In afwijking van het college voorstel heeft de raad destijds besloten het tarief voor de watertoeristenbelasting gelijk te stellen aan het tarief voor overnachten in een accommodatie anders dan een kampeerterrein (het zogenaamde hoge tarief) zijnde € 1,71 in 2024). Bij het besluit van de raad lagen de tarieven 2019 vrij dicht bij elkaar (€ 1,71 versus € 1,27).

In 2024 is het tarief voor de watertoeristenbelasting € 3,40 en het tarief voor overnachten op een kampeerterrein € 1,45. De verschillen zijn nu dus een stuk groter. Het tarief van de watertoeristenbelasting is dus gekoppeld aan het tarief voor overnachten in een accommodatie anders dan een kampeerterrein. In onze gemeente is dit tarief in 2024 gestegen met 13% van € 3.01 naar € 3,40. Het tarief in Edam-Volendam komt in 2025 na verhoging met 13% op € 3,85. In de afgelopen jaren zijn er meerdere kritische vragen en signalen binnengekomen over de hoogte van dit tarief en de extra jaarlijkse stijging van dit tarief in de afgelopen jaren. In omliggende Markermeer/IJsselmeer gemeenten zijn de tarieven voor de watertoeristenbelasting 2024: Edam-Volendam € 3,40 Enkhuizen € 2,70 Waterland € 2,15 Gooise Meren € 2,00 Medemblik € 1,97 Hoorn € 1,90 Het tarief van de watertoeristenbelasting is dus gekoppeld aan het tarief voor overnachten in een accommodatie anders dan een kampeerterrein. In onze gemeente is dit tarief in 2024 gestegen met 13% van € 3.01 naar € 3,40. Het tarief in Edam-Volendam komt in 2025 na verhoging met 13% op € 3,85. Voorstel geen verhoging tarieven watertoeristenbelasting in 2025 en verder Uit bovenstaande gegevens is op te maken dat het tarief voor watertoeristenbelasting in Edam-Volendam hoger is dan omliggende Markermeer/IJsselmeer gemeenten.

Een verhoging van dit tarief met 13% naar € 3,85 maakt het verschil nog groter. Om het verschil met de tarieven van omliggende gemeenten te verkleinen/niet te laten toenemen kan ervoor worden gekozen om het tarief voor de watertoeristenbelasting in 2025 en verder niet te laten stijgen. Het tarief blijft dan voor de jaren 2025 tot en met 2028 € 3,40. Dit leidt tot een lagere inkomst in de jaren 2025 tot en met 2028 van respectievelijk € 20.000, € 25.000, € 35.000 en € 40.000. Leges Voor alle leges wordt voor 2025 en verder een indexatie toegepast van 2%. Uiteraard voor zover de kostendekkendheid en/of maximaal toelaatbaarheid van het tarief dit toelaat. Het betreft hier bijvoorbeeld de leges omgevingsvergunningen, reisdocumenten, rijbewijzen, parkeerontheffingen en burgerlijke stand. Overige belastingen en rechten Voor de precariobelasting, havengelden, marktgelden, grafrechten wordt voor 2025 en verder voor zover de kostendekkendheid dit toelaat, een indexatie toegepast van 2%. 43

CAI Er is op dit moment nog te weinig duidelijkheid over de ramingen CAI. Tarieven verhuur/gebruik sport lokaliteiten De aanpassing van de tarieven voor verhuur/gebruik van sport lokaliteiten vindt alleen plaats middels B&Wbesluit. Keuzemogelijkheden tarieven verhuur/gebruik sport lokaliteiten Vanaf 2009 tot en met 2020 zijn de tarieven niet aangepast. In het seizoen2021/2022 is een tariefsverhoging van 3% doorgevoerd middels een besluit van de raad. In het seizoen 2022/2023 is indexatie van 2,7% toegepast middels een besluit van B&W. In 2023/2024 zijn de tarieven met 2,5% geïndexeerd. In het komende seizoen 2024/2025 wordt een indexatie van 3,8% toegepast. Omdat de tarieven een aantal jaren (2009 tot en met 2020) niet zijn verhoogd wordt voorgesteld om de tarieven 2025 en verder met 5% te indexeren.

Renteomslag percentage Uitgangspunt is dat de (verwachte) werkelijke rentelasten opgenomen worden in de begroting. In de begroting 2025 wordt evenals in 2024 uitgegaan van een rente omslagpercentage van 1%.

Investeringen Investeringen kunnen onderverdeeld worden in: 1. Investeringen voortvloeiende uit beheers- en onderhoudsplannen (nieuwe, uitbreidings- en vervangingsinvesteringen) 2. Investeringen vastgesteld in eerdere begrotingen en aparte raadsbesluiten 3. Investeringen voortvloeiend uit nieuw beleid 2024-2027 De investeringen vallend onder 1 en 2 zijn integraal opgenomen in de programma's. Nieuwe investeringen zijn afzonderlijk benoemd per programma.

Salariskosten Voor indexatie van de salarislasten wordt uitgegaan van onderstaande percentages. Uitgangspunten bij de bepaling van deze percentages is de verwachte loonkostenontwikkeling binnen de cao's Rijk en Gemeenten vanaf 2025 en de verwachte loon- en koopkrachtpolitiek, zoals die wordt afgestemd op de dan geldende actualiteit.

Indexatie 2025 3% personele uitgaven ambtelijk personeel vanaf 1-4-2025; 6% personele uitgaven politiek ambtsdragers en gemeenteraad vanaf 1-1-2025; 2,75% (onkosten) vergoeding politiek ambtsdragers; 5% uitgaven voormalig personeel en pensioenen gewezen politiek ambtsdragers en nagelaten betrekkingen.

Indexatie 2026 3% personele uitgaven ambtelijk personeel; 3% personele uitgaven politiek ambtsdragers en gemeenteraad; 2,75% (onkosten) vergoeding politiek ambtsdragers; 5% uitgaven voormalig personeel en pensioenen gewezen politiek ambtsdragers en nagelaten betrekkingen.

44

Indexatie 2027-2028 2,5% personele uitgaven ambtelijk personeel; 3,0% personele uitgaven politiek ambtsdragers en gemeenteraad. 2,5% (onkosten) vergoeding politiek ambtsdragers 3% uitgaven voormalig personeel en pensioenen gewezen politiek ambtsdragers en nagelaten betrekkingen.

Huurcontracten De ramingen van huren worden verhoogd conform gemaakte afspraken in de contracten.

Sociale uitkeringen Voor sociale uitkeringen is het rijksbeleid gevolgd, aangevuld met financiële gevolgen uit eigen gemeentelijke verordeningen.

Bijzondere bijstand en WMO De ramingen voor bijzondere bijstand en WMO zijn zoveel mogelijk realistisch begroot.

Subsidies Met de vaststelling van de begroting is duidelijk hoeveel geld er definitief per beleidsveld beschikbaar is. De uitvoering van het subsidiebeleid gebeurt binnen de financiële kaders per sectoraal beleidsveld. Aan de ramingen van deze budgetten liggen de volgende uitgangspunten ten grondslag:  De indexatie van de beschikbaar gestelde budgetten ter uitvoering van het subsidiebeleid is gebaseerd op de landelijke normen en richtlijnen.  De verdeling van de subsidiebudgetten per beleidsveld gebeurt conform de bepalingen in de Algemene wet bestuursrecht, de Algemene subsidieverordening en de diverse subsidieregelingen.  Om open einde bekostiging te voorkomen werken wij met subsidieplafonds. De subsidieplafonds en de bijhorende verdeelcriteria worden conform de bepalingen in de desbetreffende subsidieregelingen vastgesteld en besteed.

Uitkering Gemeentefonds De raming wordt gebaseerd op de mei-circulaire van het Rijk.

Aantal inwoners Bij het opstellen van de ramingen is bij alle relevante inkomsten- en uitgavenramingen, uitgegaan van het onderstaande aantal inwoners. Aantal inwoners 1-1-2024 36.921 1-1-2025 37.111 1-1-2026 37.348 1-1-2027 37.553 1-1-2028 37.737

45

Aantal woningen (verblijfsobjecten met woonfunctie) Het aantal woningen waarmee in de begroting en meerjarenraming wordt gerekend is gebaseerd op het aantal verblijfsobjecten met woonfunctie. De gegevens worden gebaseerd op de aantallen uit de BAG-administratie. Deze gegevens worden vervolgens verhoogd/verlaagd op basis van de woningbouwplanning voor toekomstige jaren. Deze aantallen worden, daar waar dit van toepassing is, gebruikt voor de berekening van de belastingopbrengsten, legesopbrengsten en de berekening van diverse uitgaven- en inkomstenramingen. Bij het opstellen van de ramingen en de aanlevering van informatie voor de begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 is uitgegaan van de onderstaande aantallen. Aantal woningen 1-1-2024 15.784 1-1-2025 15.856 1-1-2026 16.058 1-1-2027 16.118 1-1-2028 16.522

Informatieplicht Conform de vastgestelde financiële verordening Edam-Volendam (artikel 8) zijn de volgende zaken opgenomen in de uitgangspunten van de begroting: Het college besluit niet over: 1. 2. 3.

De aan- en verkoop van goederen, werken en diensten groter dan € 250.000 per onderdeel met een totaal maximum van € 1.000.000 per jaar voor alle onderdelen bij elkaar, tenzij de raad al een exploitatie- of investeringsbudget beschikbaar heeft gesteld voor de hier genoemde onderdelen. Het verstrekken van leningen groter dan € 250.000 per te verstrekken lening met een totaal maximum van € 1.000.000 per jaar, tenzij de raad al een investeringsbudget beschikbaar heeft gesteld. Het verstrekken van waarborgen of garanties met een totaal maximum van € 1.000.000 per jaar, met uitzondering van waarborgen of garanties in het kader van de sociale woningbouw, vallende onder de stichting Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW). Daarvoor geldt een maximum bedrag van € 15.000.000 per aanvraag.

Het verstrekken van kapitaal aan instellingen en ondernemingen, tenzij de raad is geïnformeerd over het voornemen en hiertoe in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen.

46

Bijlage 7 Overzicht saldo begroting na Kadernota (stand 18-06-2024) Omschrijving

(Bedragen * € 1.000)

2025

2026

2027

2028

Begroting per 1-1-2024

658

-2.862

-2.829

-3.630

Raad 25 januari 2024

0

0

0

0

Raad 21 maart 2024

-76

-78

-80

-82

Gevolgen Voorjaarsnota per 23-04-24

-40

-945

-609

-426

Virtueel saldo tot en met Voorjaarsnota per 23-04-24

542

-3.885

-3.518

-4.138

Voorstellen met extra lasten/baten zie nota 23-04-24 (Bijlage 1)

-4.132

-2.429

-2.954

-2.103

Virtueel saldo na extra lasten/baten maar voor ombuigingen

-3.590

-6.314

-6.472

-6.241

Totaal ombuigingen in nota 23-04-24 (Bijlage 2)

2.849

6.837

7.829

7.511

Virtueel saldo na alle ombuigingen op 23-04-24

-741

523

1.357

1.270

Mutaties Voorjaarsnota op saldo begroting na 23-04-2024 Omschrijving

(Bedragen * € 1.000)

2025

2026

2027

2028

Gevolgen Voorjaarsnota per 23-04-24

-40

-945

-609

-426

Gevolgen Voorjaarsnota per 18-06-24

395

-574

-485

-301

Mutaties Voorjaarsnota per 18-06-24

435

371

124

125

Saldo Begroting na mutaties voorjaarsnota per 18-06-24

-306

894

1.481

1.395

Mutaties ombuigingen op saldo begroting per 18-06-2024 Omschrijving

(Bedragen * € 1.000)

2025

2026

2027

2028

Totaal ombuigingen in Kadernota 23-04-24 (Bijlage 2)

2.849

6.837

7.829

7.511

Totaal ombuigingen in Kadernota per 18-06-24 inclusief voorstellen fracties en college (Bijlage 4)

2.567

6.513

7.958

7.675

Mutaties ombuigingen per 18-06-24

-282

-324

129

164

Saldo Begroting na mutaties ombuigingen per 18-06-24

-588

570

1.610

1.559

Extra kosten WMO en Jeugdzorg en dekkingsmiddelen per 18-06-2024 (bijlage 5) Omschrijving

(Bedragen * € 1.000)

2025

2026

2027

2028

Totaal kosten WMO en Jeugdzorg per 18-06-24

-3.339

-3.419

-3.512

-3.512

Totaal dekking (scenario 2) WMO en Jeugdzorg per 18-06-24

3.400

3.400

3.410

3.400

61

-19

-102

-112

-527

551

1.508

1.447

Mutaties WMO en Jeugdzorg per 18-06-24 Saldo Begroting na extra kosten WMO en Jeugdzorg per 18-06-24

47

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EdamVolendam&id=d604d46d-d969-4525-9298-cf4048ebb796