CConstaterende datEdam-Volendam
Koppel je AI →
Document · PDF

Grondstoffenplan Edam-Volendam-stap 1

Themabijeenkomst 28 september 2023, gemeente Edam-VolendamBij agendapunt: Grondstoffenplan nav het RKC onderzoek naar beleid en uitvoering afvalbeheer.7.265 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Stap 1 Grondstoffenplan gemeente Edam-Volendam

Dossiernummer: 23CC109 Tilburg, 20 juli 2023

5

Inhoudsopgave 1.

Inleiding............................................................................................................... 3

1.1

Beleid in de periode 2017-2022 ................................................................. 3

1.2

Onderzoek Rekenkamercommissie .......................................................... 3

1.3

Grondstoffenplan ......................................................................................... 4

2.

Landelijke beleidskaders en ontwikkelingen ................................................ 5

3.

Huidige situatie.................................................................................................. 6

3.1

Kosten ............................................................................................................ 6

3.2

Inzamelsystematiek ..................................................................................... 6

3.3

Milieurendement........................................................................................... 7

4.

Mogelijke maatregelen..................................................................................... 8

4.1

Bronscheiding PMD ..................................................................................... 8

4.2

Servicedifferentiatie fijn restafval ........................................................... 11

4.3

Servicedifferentiatie grof restafval ......................................................... 12

4.4

Invoering tariefdifferentiatie .................................................................... 12

4.5

Stoppen met inzameling bedrijfsafval ................................................... 14

5.

Communicatie ................................................................................................ 16

6.

Harmonisatie afvalinzameling ..................................................................... 17

7.

Keuzes Raad ................................................................................................... 18

1. Contact ........................................................................................... 19

2

1. Inleiding De inzameling en verwerking van huishoudelijk afval is een van de meest zichtbare vormen van gemeentelijke dienstverlening en een belangrijk onderdeel van de transitie naar een circulaire economie. Een groot deel van het huishoudelijk afval bestaat uit grondstoffen die opnieuw gebruikt kunnen worden.

1.1 Beleid in de periode 2017-2022 De gemeente Edam-Volendam heeft de afgelopen jaren aan de hand van het Beleidsplan afvalbeheer 2017-2022 de wijze van inzameling en verwerking van huishoudelijk ingevuld met als doel realisatie van de landelijke doelstellingen: maximaal 100 kilogram restafval per inwoner per jaar en 75% afvalscheiding. In het Beleidsplan afvalbeheer zijn twee speerpunten geformuleerd: A. Realisatie van de landelijke doelstellingen: maximaal 100 kilogram restafval per inwoner per jaar en 75% afvalscheiding. Hierin zet Edam-Volendam in op de strategie waarbij inwoners hun restafval kwijt kunnen in wijkcontainers (omgekeerd inzamelen) en PMD via nascheiding uit het restafval wordt gehaald. Het plan is ook gericht op het verbeteren van de gescheiden inzameling van GFT-afval, papier, glas en textiel door met name betere voorlichting en communicatie. B. Harmonisatie van het afvalbeleid tussen de twee voormalige gemeenten Edam-Volendam en Zeevang wat betreft voorzieningen voor restafval en GFT-afval, verordeningen en afvalverwerking. Concreet zijn in de periode 2017-2022 de volgende acties uitgevoerd: 1. Op de milieustraten in Volendam en Oosthuizen zijn containers bijgeplaatst, zodat op deze locaties optimaal kan worden gescheiden in 21 verschillende afvalstromen. 2.

Met het plaatsen van textielcontainers in de gehele gemeente is de inzameling van textiel geoptimaliseerd.

3. 4.

PMD wordt via nascheiding uit het fijn restafval gehaald. In regionaal verband wordt opgetrokken om de mogelijkheden van luierrecycling te verkennen. 5. De meeste basisschool leerlingen hebben via de gemeente les gekregen over het scheiden van afval en voorkomen van zwerfafval. 6. Huis-aan-huis zijn folders verspreid waarin inwoners werden aangemoedigd GFT-afval, met name keukenafval, beter te scheiden . 7. Via diverse advertenties is aandacht gevraagd voor het scheiden van GFT-afval, papier, textiel en glas. 8. Jaarlijks komt het thema ‘afval scheiden’ terug op de inzamelkalender die de gemeente huis-aan-huis verspreidt. De afgelopen jaren is specifiek aandacht gevraagd voor het scheiden van GFT-afval. 9. In Edam en Volendam is het aantal ondergrondse papiercontainers uitgebreid. 10. Bijna geheel Edam en Volendam zijn voorzien van ondergrondse restafvalcontainers. Deze containers zijn uitgerust met een volmeldsysteem en voorzien van een toegangscontrole om oneigenlijk gebruik door bedrijven en inwoners van andere gemeenten te voorkomen.

1.2 Onderzoek Rekenkamercommissie Uit onderzoek van de Rekenkamercommissie in 2022 komt naar voren dat de gemeente Edam-Volendam met de ingezette strategie haar beleidsdoelen niet gaat halen. In het onderzoek worden samengevat de volgende conclusies getrokken: 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Het Beleidsplan afvalbeheer 2017-2022 focust op milieudoelen en minder op service en kosten. Landelijke beleidsdoelen zijn met huidige strategie niet haalbaar. Grootste potentie zit bij GFT-en PMD-scheiding. De gemeente biedt hoge service aan inwoners. Inwoners willen geen wijzigingen in inzamelsysteem. De kosten voor het afvalbeheer totaal liggen 45% hoger ten opzichte van de benchmark. Dit komt met name door de hoge kosten voor het

3

7.

inzamelen en verwerken van restafval en grof huishoudelijke afvalstromen. De afvalstoffenheffing is hoger dan gemiddeld in Nederland, maar in lijn met regionale gemeenten en voor 90% kostendekkend.

De Rekenkamercommissie doet de volgende aanbevelingen: 1. Zet meer in op restafvalreductie. 2. Overweeg het handhaven van inzameling van restafval met minicontainers in de voormalige gemeente Zeevang. 3. Houd het hoge serviceniveau op peil voor gescheiden grondstoffen 4. Neem kwantitatieve doelstellingen op in toekomstige beleidsvorming die rechtstreeks betrekking hebben op service, milieu en kosten. 5. Anticipeer op mogelijke gevolgen van het inbesteden van afvalverwerking bij HVC.

1.3 Grondstoffenplan De conclusies en aanbevelingen uit het onderzoek van de Rekenkamercommissie zijn input voor een op te stellen Grondstoffenplan voor de komende jaren. De gemeenteraad wordt nadrukkelijk betrokken bij het opstellen van het plan. Hiertoe zijn drie stappen voorzien: Stap 1 Vertaling conclusies en aanbevelingen onderzoek Rekenkamercommissie naar een aantal maatregelen waarbij op hoofdlijnen de effecten worden berekend op de prestatiegebieden milieurendement, kosten en service. Deze maatregelen worden aan de raad gepresenteerd. Tevens worden de (consequenties van) Europese, landelijke en (voor zover aanwezig) gemeentelijke kaders en richtlijnen (visie) waarbinnen de gemeente dient te opereren toegelicht. Tenslotte worden op basis van een aantal vragen/ stellingen de wensen/ suggesties van de raad geïnventariseerd. Stap 2 Uitwerken wensen/ suggesties die de raad in stap 1 heeft gedaan. Uitkomst is een concept Grondstoffenplan met een aantal

uitgewerkte maatregelen voor de toekomstige afvalinzameling. Dit concept plan wordt besproken met een afvaardiging van de raad. Hun input wordt meegenomen in het definitieve plan. Stap 3 Verwerken input afvaardiging van de raad en definitieve plan ter besluitvorming aanbieden aan de raad. Planning Stap 1 28 sept 2023

presentatie in raad (themabijeenkomst)

De planning voor stap 2 en 3 is gerekend vanaf 28 september 2023: Stap 2 Week 40 t/m 44 Week 46 Week 46

verwerken input raad/ opstellen concept plan bespreken concept plan met wethouder bespreken concept plan met afvaardiging raad

Stap 3 week 47 t/m 49 Week 50 Week 51

plan definitief maken bespreken plan ambtelijk en met wethouder plan gereed voor besluitvorming in raad

Voorliggend rapport zijn de op hoofdlijnen uitgewerkte maatregelen die op 28 september 2023 in de raad worden gepresenteerd.

4

2. Landelijke beleidskaders en ontwikkelingen De Rijksoverheid heeft als doel dat Nederland in 2050 een volledig circulaire economie heeft. Beleidskaders en ontwikkelingen op het gebied van afval en grondstoffen zijn onderdeel van deze ambitie. Landelijk Afvalbeheerplan wordt Circulair Materialen Plan Het beleid voor het beheer van afvalstoffen in Nederland is opgenomen in het Landelijk Afvalbeheerplan (LAP). In het LAP is aangegeven dat het regelmatig zal worden geactualiseerd om in te kunnen spelen op ontwikkelingen in de transitie naar een circulaire economie. Een circulaire economie vraagt echter niet alleen om goed afvalbeheer aan het eind van de keten, maar ook om aandacht voor welke grondstoffen (primair of secundair) worden gebruikt en de manier waarop. LAP3 wordt daarom opgevolgd door een Circulair Materialenplan (CMP1). Met het CMP wordt de reikwijdte van het huidige LAP uitgebreid met meer sturing op hergebruik en preventie. Daarnaast moet de regelgeving uit het CMP vaker direct juridisch bindend zijn. Uitvoeringsprogramma Huishoudelijk Afval 2021-2025 Het landelijke programma Van Afval Naar Grondstof (VANG) is onderdeel van het Rijksbrede Programma voor de Circulaire Economie. Het VANG-programma was de afgelopen jaren met name gericht op het verminderen van de hoeveelheid restafval (maximaal 100 en 30 kilogram per inwoner per jaar in respectievelijk 2020 en 2025).

Thans richt het programma zich meer op een juiste balans tussen de afname van de hoeveelheid restafval enerzijds en het scheiden van schone, hoogwaardig te recyclen grondstoffen uit huishoudelijk afval anderzijds. Nieuwe wettelijke scheidingsverplichting Sinds 1 juli 2020 is het ‘Besluit gescheiden inzameling huishoudelijke afvalstoffen’ van kracht. Gemeenten zijn nu wettelijk verplicht om GFT-af-

val, papier, metaal, kunststof, glas en elektronische apparatuur gescheiden in te zamelen. Voor textiel en gevaarlijke afvalstoffen gaat deze verplichting in per 1 januari 2025. In het besluit is een aantal criteria opgenomen om af te kunnen wijken van gescheiden inzameling. Voor GFTafval kan alleen worden afgezien van gescheiden inzameling als dat technisch niet haalbaar of buitensporig duur is. Voor metaal, kunststof en glas kan van de verplichting tot scheiding worden afgeweken als een andere manier van inzamelen niet van invloed is op het potentieel voor hergebruik of recycling. Papier en textiel moeten altijd gescheiden worden ingezameld. Producentenverantwoordelijkheid Producentenverantwoordelijkheid is wettelijk vastgelegd in een ministeriële regeling en geldt voor producenten of importeurs die als eerste een product op de Nederlandse markt brengen. Producenten en importeurs zijn verantwoordelijk voor het opzetten van een logistiek systeem voor het afvalbeheer en ook om de financiering hiervan te organiseren. Bij dit principe is sprake van een ketenverantwoordelijkheid, omdat ook andere schakels in de keten (zoals gemeenten en detaillisten) hierbij verantwoordelijkheden hebben. Er bestaat al producentenverantwoordelijkheid voor onder meer batterijen, elektrische apparaten, verpakkingen, matrassen, textiel, kleine plastic flesjes en blikjes.

Het inzamelen van deze afvalstromen is meestal gedelegeerd aan gemeenten die hiervoor een vergoeding ontvangen vanuit het bedrijfsleven. Dit geldt niet voor de kleine plastic flesjes en blikjes. Hiervoor geldt een statiegeldregeling. Stijgende kosten Stijgende kosten hebben te maken met belastingen en heffingen die de Rijksoverheid oplegt (afvalstoffenbelasting en CO2-heffing) en met strengere eisen van acceptanten en verwerkers voor onder andere GFTafval, papier en karton en PMD (bij bronscheiding) die leiden tot meer afkeur en bijgevolg meerkosten voor de gemeente. 5

3. Huidige situatie De huidige situatie is beschreven aan de hand van kosten, inzamelsystematiek en milieurendement.

3.1 Kosten De kosten voor de inzameling en verwerking van het huishoudelijk afval dekt de gemeente uit de afvalstoffenheffing. Voor 2023 zijn de kosten begroot op € 5.075.000 en bestaat uit de volgende kostenposten. Kosten Kosten incl. rente Inkomsten excl. heffing Overhead Extra rente kapitaallasten BTW Kosten totaal

€ 4.067.000 € -274.000 € 607.000 € 8.000 € 667.000 € 5.075.000

Onderscheid wordt gemaakt in fijn huishoudelijk en grof huishoudelijk afval. Voor het fijn huishoudelijk afval is de inzamelsystematiek als volgt:

In 2023 bedragen de opbrengsten uit de afvalstoffenheffing € 4.843.000. 95,4% van de kosten wordt derhalve gedekt uit de afvalstoffenheffing. Voor huishoudens is de hoogte van de afvalstoffenheffing afhankelijk van het aantal personen binnen een huishouden. De tarieven voor tweeof meerpersoons huishoudens liggen hoger dan het landelijk gemiddelde. 2022 € 249,75 € 323,50 € 336,45

2023 € 256,00 € 331,60 € 344,85

Het bedrag reinigingsrecht dat een bedrijf betaalt voor het ophalen of wegbrengen van afval is afhankelijk van het jaarlijkse volume en of het normaal of zwaar afval is. Normaal bedrijfsafval is gedefinieerd als afvalstoffen afkomstig van bedrijven en instellingen waarvan het gemiddelde gewicht minder dan 175 kilogram per m³ bedraagt. Zwaar bedrijfsafval heeft een gewicht meer dan 175 kilogram per m³. Voor 2023 bedragen de te verwachten opbrengsten uit reinigingsrechten € 191.000.

3.2 Inzamelsystematiek

Tabel 1 Kosten inzameling en verwerking huishoudelijk afval

Tarieven afvalstoffenheffing één persoon twee personen drie of meer personen * Bron: COELO

De gemeente Edam-Volendam zamelt aanvullend ook nog wekelijks afval in bij 73 bedrijven. Daarnaast is in 1985 is een regeling opgesteld tussen de toenmalige gemeente Edam-Volendam en Kras Recycling. Deze regeling houdt in dat de gemeente verantwoordelijk is voor het verwerken van restafval dat ingezameld wordt op het visoverslagstation van Kras.

landelijk 2022* € 256,00 € 317,00 € 317,00

Fijn restafval

In de voormalige gemeente Edam-Volendam ondergrondse container (99% van huishoudens kunnen van alle containers gebruik maken, te openen met een pas) of minicontainer dan wel zak wekelijks (1%). In de voormalige gemeente Zeevang 240 liter minicontainer 1 x 2 weken plus ondergrondse container.

GFT-afval

In de voormalige gemeente Edam-Volendam 140 liter minicontainer wekelijks van april t/m november en 1 x 2 weken in december tot en met maart. In de voormalige gemeente Zeevang 140 liter minicontainer 1 x 2 weken. Daarnaast staan in de gemeente ook enkele verzamelcontainers ten behoeve van met name hoogbouw.

Tabel 2 Tarieven afvalstoffenheffing 2023 6

Papier en karton

Gebundeld aan huis (minimaal maandelijks) of via ondergrondse container.

PMD

Geen inzameling, via nascheiding uit fijn restafval.

Glas

Boven- en ondergrondse container.

Textiel

Bovengrondse container.

Luiers

In oud Edam-Volendam bovengrondse container.

Inwoners van de voormalige gemeente Edam-Volendam kunnen grof huishoudelijk afval eens in de 2 weken aan huis laten ophalen. Hieraan zijn geen aparte kosten verbonden. In de voormalige gemeente Zeevang kunnen inwoners een afspraak maken voor het laten ophalen van grof huishoudelijk afval. Binnen de gemeente zijn twee milieustraten waar inwoners grof huishoudelijke afvalstromen gratis kunnen aanbieden. 

Julianaweg 137 in Volendam, open van maandag t/m vrijdag (van 07.30 tot 11.45 uur en van 13.00 tot 16.15 uur), woensdagavond van 18.00 tot 19.15 uur en zaterdag van 08.00 tot 11.45 uur.

Hoornse Jaagweg 2a in Oosthuizen, open op maandag, woensdag en vrijdag van 10.15 tot 12.00 uur en elke eerste zaterdag van de maand van 10.15 tot 12.00 uur.

3.3 Milieurendement Het milieurendement wordt afgemeten aan de ingezamelde hoeveelheid huishoudelijk afval, het daarmee gerealiseerde scheidingspercentage, de kwaliteit van de gescheiden ingezamelde grondstoffen en de mate waarin deze grondstoffen nog voorkomen in het fijn restafval. In 2022 is gemiddeld per inwoner 647 kilogram huishoudelijk afval ingezameld. 64% betreft gescheiden ingezamelde grondstoffen (inclusief PMD via nascheiden van het fijn restafval). In vergelijking tot het gemiddelde van vergelijkbare matig stedelijke gemeenten (indeling CBS op basis van adressendichtheid) heeft Edam-Volendam veel fijn restafval, puin en hout en weinig GFT-afval. De totale hoeveelheid huishoudelijk afval

ligt met 647 kilogram per inwoner ruim hoger dan gemiddeld van vergelijkbare matig stedelijke gemeenten (535 kilogram).

Hoeveelheden in kg per inwoner

CBS matig stedelijk 2022 2021**

fijn restafval* 202 135 GFT 78 117 papier 60 55 PMD 18 27 glas 23 24 textiel 2,5 5,0 KCA 1,1 1,6 luiers 0,1 1,0 subtotaal fijn huishoudelijk afval 384 366 grof restafval 29 26 grof tuinafval 40 37 puin 102 35 hout 51 36 overig grof afval 41 35 subtotaal grof huishoudelijk afval 263 169 totaal restafval (fijn + grof restafval) 231 161 totaal gescheiden 417 374 totaal fijn en grof huishoudelijk afval 647 535 scheidingspercentage 64% 70% * Gecorrigeerd voor PMD en papier verkregen via nascheiding ** Cijfers 2022 nog niet beschikbaar Tabel 3 Resultaat 2022 en doelstelling in kg per inwoner

De gemeente heeft vrijwel niet te maken met afkeur van gescheiden ingezamelde grondstoffen. Uit sorteeranalyses van het fijn restafval blijkt dat 80% bestaat uit grondstoffen die gescheiden kunnen worden ingezameld. 7

4. Mogelijke maatregelen Uit het onderzoek van de Rekenkamercommissie komt naar voren dat de landelijke beleidsdoelen met de huidige strategie niet haalbaar zijn. De gemeente Edam-Volendam is met 231 kilogram restafval per inwoner en 65% afvalscheiding in 2022 nog verwijderd van realisatie van de doelstellingen (maximaal 100 kilogram restafval per inwoner per jaar en minimaal 75% afvalscheiding) De doelstelling heeft betrekking op het totaal van fijn restafval (ingezameld met een ondergrondse container, minicontainer of zak) en grof restafval (aparte inzamelroute en aanbieden op milieustraat). Indien de gemeente Edam-Volendam de huidige strategie vervolgt is het niet mogelijk om ook maar in de buurt te komen van de doelstelling van 100 kilogram restafval per inwoner per jaar. Bovendien zal de totale hoeveelheid huishoudelijk afval niet verminderen en blijft zeer hoog in vergelijking met gemiddeld in vergelijkbare matig stedelijke gemeenten. Voor de korte termijn zullen de kosten voor inzameling en verwerking van het huishoudelijk afval gelijk blijven. Voor de langere termijn zullen met name de verwerkingskosten voor restafval verder stijgen. Dit heeft vooral te maken met:   

Beperkte beschikbare verwerkingscapaciteit. Weinig concurrentie op de verwerkingsmarkt. Zowel marktpartijen als partijen zoals HVC geven aan fors te moeten investeren als gevolg van milieumaatregelen (o.a. CO2-heffing). Deze kosten zullen worden doorberekend aan de gemeenten. Verdere stijging afvalstoffenbelasting die verbrandingsinstallaties doorbelasten aan gemeenten. In de afgelopen 8 jaar is deze belasting gestegen van € 13,00 per ton naar € 33,58 (in 2023).

Voor meer gescheiden afvalinzameling en een substantiële verlaging van de hoeveelheid restafval richting 100 kilogram per inwoner zijn verschillende opties, al dan niet in combinatie, mogelijk.

1. 2. 3. 4. 5.

Bronscheiding PMD. Servicedifferentiatie fijn restafval. Servicedifferentiatie grof restafval. Invoering tariefdifferentiatie. Stoppen met inzameling bedrijfsafval.

4.1 Bronscheiding PMD In het kader van inzetten op restafvalreductie is een van de opties die de Rekenkamercommissie voorstelt het overgaan naar een systeem waarbij huishoudens PMD gescheiden kunnen aanbieden, bijvoorbeeld in een minicontainer. In Edam-Volendam wordt PMD niet aan de bron gescheiden maar via nascheiding uit het fijn restafval gehaald. Het is een gemechaniseerde techniek waarmee voornamelijk plastics, metalen en drankkartons uit het fijn restafval worden gehaald voordat het naar de verbrandingsinstallatie gaat. Voor glas, GFT-afval, textiel en papier/ karton is nascheiding met als oogmerk hergebruik en/ of recycling op dit moment geen optie. Nascheiding is dus niet maar ‘alles in één bak gooien’. Het gaat specifiek om PMD dat bij het restafval mag en er achteraf via nascheiding uit wordt gehaald. Tot en met 2022 werd het fijn restafval van de gemeente Edam-Volendam nagescheiden bij AEB (Amsterdams Energiebedrijf). In 2022 bedroeg het rendement van deze installatie uitgedrukt in een hoeveelheid per inwoner 18 kilogram. Vanaf 2023 vindt nascheiding plaats bij HVC.

Producentenverantwoordelijkheid en vergoedingen Voor de fractie PMD geldt producentenverantwoordelijkheid. Dit wordt namens het bedrijfsleven ingevuld door het Afvalfonds Verpakkingen. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het inzameltraject. Het PMD of het fijn restafval waar het PMD nog in zit en wat bedoeld is voor nascheiding leveren zij aan bij een overslaglocatie. 8

Voor brongescheiden PMD geldt dat gemeenten over het bij de overslaglocatie geaccepteerde PMD Vanuit het Afvalfonds Verpakkingen een vergoeding ontvangen van € 218 per ton PMD (voorschottarief voor 2022; tarief 2023 nog niet bekend). Het Afvalfonds Verpakkingen is vervolgens verantwoordelijk voor het verdere traject van sortering en recycling.

worden direct afgezet bij recyclers. De kunststoffen gaan naar een sorteerinstallatie. Het Afvalfonds Verpakkingen is verantwoordelijk voor de sortering en recycling van deze kunststoffen.

Het Afvalfonds Verpakkingen betaalt gemeenten die op nascheiding zitten € 10,83 (tarief 2022) voor elke ton fijn restafval. Voor 2023 zal het tarief naar verwachting € 12,50 bedragen.

Op basis van een vergelijking van bronscheiding met nascheiding kunnen we het volgende concluderen: 1. Bij bronscheiding meer PMD afhankelijk van mate vervuiling. 2. Bronscheiding kost inwoners meer moeite. 3. Bij bronscheiding risico op vervuiling PMD. 4. Bij bronscheiding geen versmering van PMD zoals bij nascheiding. 5. Bronscheiding heeft extra impact op beeld openbare ruimte. 6. Bronscheiding maakt inwoners bewuster over hoeveelheid afval.

Bij gemeenten zoals Edam-Volendam die op nascheiding zitten gaat het fijn restafval naar een installatie waar de kunststoffen, drankkartons en metalen van elkaar worden gescheiden. De drankkartons en metalen

Vergelijking bron-en nascheiding

In onderstaande worden deze zes vergelijkingspunten nader toegelicht. 1. Bij bronscheiding meer PMD afhankelijk van mate vervuiling In het onderzoek van de Rekenkamercommissie is het resultaat van de nascheiding vergeleken met het resultaat van vergelijkbare gemeenten (maximaal 19% hoogbouw) en regiogemeenten die PMD gescheiden inzamelen. Deze gemeenten met bronscheiding scoren met respectievelijk gemiddeld 32 en 24 kilogram per inwoner per jaar beter dan het rendement van de nascheidingsinstallatie (18 kilogram per inwoner in 2022). Hierbij wel de aantekening dat niet bekend is in welke mate het gescheiden ingezamelde PMD in de vergelijkingsgemeenten vervuild is en dat bij nascheiding alle metalen eruit worden gehaald. Afhankelijk van de mate van vervuiling scoort bronscheiding voor een gemeente als Edam-Volendam beter dan nascheiding. 2. Bronscheiding kost inwoners meer moeite Bij het aan de bron gescheiden inzamelen van PMD moeten inwoners iets meer moeite doen dan bij nascheiding, omdat ze één extra stroom apart moeten houden en hiervoor ook ruimte nodig hebben. 9

3. Bij bronscheiding risico op vervuiling PMD Bij bronscheiding is niet altijd duidelijk wat wel en niet bij het PMD mag, niet iedereen staat achter de gescheiden inzameling en het PMD is mede daardoor niet altijd even zuiver. Ervaringen laten zien dat het type inzamelmiddel hierin een sterk bepalende factor is. Gemeenten die PMD aan huis inzamelen met een transparante zak hebben over het algemeen genomen de meest zuivere fractie (gemiddeld 20% vervuiling). Inzameling met een minicontainer of via een verzamelcontainer in de wijk scoort slechter (gemiddeld 30% vervuiling). Een bovenmatige vervuiling kan betekenen dat PMD op de overslaglocatie waar de gemeente het aanlevert wordt afgekeurd. Het PMD wordt dan als restafval afgevoerd en verbrand. 4. Bij bronscheiding geen versmering van PMD zoals bij nascheiding Bij nascheiding heeft een gemeente geen zorg over de kwaliteit van het PMD. Deze verantwoordelijkheid ligt bij de nascheidingsinstallatie. Probleem bij nascheiding is echter dat ongeveer een derde van het fijn restafval uit organisch keukenafval bestaat. Dit natte afval versmeert gemakkelijk met andere stromen waardoor nascheiden van met name de plastics suboptimaal wordt.

Een van de aanbevelingen uit het rapport van de Rekenkamercommissie is dat de gemeente wanneer zij wil blijven inzetten op nascheiding zo schoon en droog mogelijk fijn restafval moet aanbieden (dus maximale scheiding van GFT-afval en luiers), zodat met name de plastic gemakkelijker zijn uit te sorteren. Volgens HVC levert bronscheiding de meest schone stromen op en hoogste percentage recycling. 5. Bronscheiding heeft extra impact op beeld openbare ruimte Gescheiden inzameling van PMD heeft impact op het beeld van de openbare ruimte. Verzamelcontainers nemen ruimte in beslag en zijn gevoelig voor het bijplaatsen van afval. Inzameling met zakken kan leiden tot verrommeling van de openbare ruimte en toename van de hoeveelheid

zwerfafval als gevolg van zakken die die wegwaaien of zakken die worden opengemaakt door dieren. Dit speelt bij minicontainers niet of minder. 6. Bronscheiding maakt inwoners bewuster over hoeveelheid afval Bronscheiding maakt inwoners bewuster van de hoeveelheid afval die zij hebben, het maakt het letterlijk zichtbaar. Gescheiden inzameling van PMD heeft ook een positieve impact op het scheiden van andere afvalstromen.

Keuze inzamelmiddel bij bronscheiding In Edam en Volendam zijn de ondergrondse restafvalcontainers ingevoerd om af te zijn van zakken langs de weg. Bij een keuze voor bronscheiding van PMD is de zak dan mogelijk niet de meest logische optie. Verzamelcontainers voor PMD hebben niet de voorkeur. Het gebruik van deze voorziening is anoniem. De gemeente heeft geen mogelijkheid om te controleren op kwaliteit/ vervuiling en hierop vervolgens te handhaven. Een dergelijke controle is bij een minicontainer aan huis wel mogelijk. Containers die te zwaar zijn bevatten naar alle waarschijnlijkheid veel restafval (zwaarder dan met name de plastics). Met de inzamelaar kan de afspraak worden gemaakt om zware containers niet te legen. De container is gekoppeld aan een adres wat het mogelijk maakt om hierop te handhaven. Overigens is ook bij inzameling met zakken controle mogelijk. Een zak is echter niet te koppelen aan een adres. Gelet op de historie met zakken in Edam-Volendam en de nadelen van verzamelcontainers heeft bij keuze voor bronscheiding van PMD een minicontainer de voorkeur als inzamelmiddel. De meest gebruikelijke inzamelfrequentie is eens in de twee weken.

Effecten keuze bronscheiding op milieurendement en kosten Met een minicontainer is het mogelijk om tussen de 25 en 30 kilogram PMD per inwoner per jaar in te zamelen. Het netto resultaat (na correctie van de vervuiling) is afhankelijk van de mate van vervuiling. 10

Per saldo bedragen de jaarlijkse meerkosten van bronscheiding met een minicontainer € 70.000. Effecten: hogere vergoeding van Afvalfonds Verpakkingen; wegvallen kosten nascheiding; lagere verwerkingskosten fijn restafval; kosten aanschaf en uitzetten containers voor PMD; kosten afkeur deel PMD; kosten inzameling PMD 26 keer per jaar; lagere kosten inzameling fijn restafval.

1.

Verminderen van het aantal ondergrondse restafvalcontainers in de voormalige gemeente Edam-Volendam, waarbij het kan zijn dat inwoners meer dan de huidige 150 meter moeten lopen naar de dichtstbijzijnde container. De meeste gemeenten hanteren een maximale loopafstand van 300 meter. Een grotere loopafstand wordt niet wenselijk geacht. In deze optie zou een groot aantal restafvalcontainers verwijderd moeten worden of geschikt gemaakt moeten worden voor een andere afvalstroom. Voor dit laatste is geen noodzaak. Bij een keuze voor bronscheiding van PMD heeft een verzamelcontainer als inzamelmiddel niet de voorkeur (zie paragraaf 3.2). Verwijderen van containers die voor een groot deel nog maar recent zijn geplaatst is kapitaalvernietiging en niet wenselijk.

2.

Verlagen inzamelfrequentie van de minicontainer in de voormalige gemeente Zeevang naar eens in de drie of vier weken, eventueel in combinatie met introductie van een kleinere 140 liter maat container. Steeds meer gemeenten kiezen voor deze optie. Er zijn zelfs gemeenten die de inzamelfrequentie inmiddels verder hebben verlaagd naar één keer per acht weken. Indien in de voormalige gemeente Edam-Volendam het serviceniveau gelijk blijft, dan is verlaging van de inzamelfrequentie en/ of een kleinere maat container in de voormalige gemeente Zeevang geen optie. Hiermee wordt dan immers een ongelijkheid gecreëerd. Bij de keuze voor ondergrondse restafvalcontainers in de voormalige gemeente Zeevang in het kader van harmonisatie worden dezelfde plaatsingscriteria aangehouden als in de voormalige gemeente Edam-Volendam. Inmiddels zijn er overigens al zeven containers geplaatst.

Voor de omschakeling zelf dient nog rekening gehouden te worden met eenmalige kosten voor het uitzetten van de minicontainers en de communicatie. Dit is een bedrag van € 120.000.

4.2 Servicedifferentiatie fijn restafval Het rapport van de Rekenkamercommissie stelt dat de gemeente door ‘omgekeerd inzamelen’ al heeft ingezet op servicedifferentiatie van fijn restafval. Het serviceniveau is hoog. De hoge dichtheid van containers zorgt voor korte loopafstanden (bij de plaatsing is uitgegaan van een streefafstand van maximaal 150 meter) en is in die zin een beperkte stimulans om afval wel te scheiden. Het idee van servicedifferentiatie is namelijk het bieden van een hoge service voor het scheiden van grondstoffen en een lage service voor het aanbieden van restafval. Het serviceniveau voor het scheiden van grondstoffen in de gemeente Edam-Volendam is hoog, zo blijkt ook uit het rapport van de Rekenkamercommissie. Om te komen tot meer afvalscheiding en minder restafval is het verlagen van de service voor het aanbieden van het fijn restafval dan nog de enige optie. De mate waarin dit effect optreedt is afhankelijk van de mate van serviceverlaging.

Mogelijke vormen van serviceverlaging

Gelet op de genoemde overwegingen is het voorstel is om niet te kiezen voor serviceverlaging van het fijn restafval. Keuze van het inzamelmiddel in de voormalige gemeente Zeevang is afhankelijk van de invulling van de harmonisatie.

In de gemeente Edam-Volendam is serviceverlaging op twee manieren mogelijk: 11

Effecten keuzes op milieurendement en kosten Geen wijziging betekent geen effect op de hoeveelheid fijn restafval en op de kosten.

4.3 Servicedifferentiatie grof restafval In het rapport van de Rekenkamercommissie wordt aangegeven dat serviceverlaging ook aan de orde kan zijn voor het grof restafval, zoals in de vorm van het op afroep inzamelen van grof huishoudelijk afval in de voormalige gemeente Edam-Volendam (net zoals in de voormalige gemeente Zeevang), eventueel in combinatie met het laten betalen voor deze dienst. Ook kan worden gedacht aan het financieel belasten van het aanbieden van grof restafval, bouw- en sloopafval en puin op de milieustraten. Deze voorzieningen zijn nu nog gratis. Genoemde maatregelen, meer in het bijzonder de tariefstelling, doen ook recht aan het principe dat huishoudens die vaak veel grof huishoudelijke afvalstromen aanbieden betalen voor het kunnen afvoeren en verwerken en dat deze kosten niet worden afgewenteld op inwoners die niet of bijna nooit gebruik maken van deze voorzieningen.

De huidige wijze van afvalstoffenheffing in de gemeente Edam-Volendam, tarief gekoppeld aan de grootte van het huishouden, doet geen recht aan het principe ‘de vervuiler betaalt’. Huishoudgrootte is niet per definitie een bepalende factor voor de hoeveelheid afval dat een huishouden produceert. 54% van alle gemeenten brengt een afvalstoffenheffing in rekening die afhankelijk is van het aanbod restafval van een huishouden. Ervaringen in deze gemeenten laten zien dat introductie van een dergelijke financiële prikkel leidt tot beter scheidingsgedrag, minder restafval en in de meeste gevallen lagere afvalbeheerskosten. Kiezen voor een financiële prikkel/ tariefdifferentiatie (in welke vorm dan ook) betekent dat inwoners zelf een sturingsmechanisme in handen krijgen voor de hoogte van de afvalstoffenheffing. Een huishouden dat afval goed scheidt is goedkoper uit dan een huishouden dat z’n afval niet goed scheidt. Het aanbieden van GFT-afval is meestal gratis, ook al zien we in sommige gemeenten een kentering hierin vanwege stijgende afvalkosten.

Vastrecht plus betalen per lediging/ inworp

4.4 Invoering tariefdifferentiatie

De meest gebruikte manier van tariefdifferentiatie (bewezen in 117 gemeenten) is een systeem waarbij huishoudens naast een vastrechtbedrag betalen voor elke keer dat men de restafvalcontainer laat legen dan wel een inworp van een zak doet in een ondergrondse container. Het tarief is gekoppeld aan een literprijs en derhalve afhankelijk van de grootte van de container of de inwerpopening. Dit systeem is gemakkelijk te introduceren en voor iedereen goed te begrijpen. Ook technisch is er geen probleem.

Het rapport van de Rekenkamercommissie stelt dat het in rekening brengen van een afvalstoffenheffing die afhankelijk is van het aanbod restafval inwoners stimuleert om hun afval beter te scheiden. De best presenterende gemeenten zetten in op deze zogenaamde tariefdifferentiatie die uitgaat van het principe ‘de vervuiler betaalt’.

Andere vormen van tariefdifferentiatie, zoals op basis van volume van e restafvalcontainer (9 gemeenten), gewicht (4 gemeenten), combinatie van gewicht en aantal ledigingen (11 gemeenten) of een tariefzak (44 gemeenten), worden minder toegepast vanwege een beperkt effect op de reductie van fijn restafval (volume), de complexiteit in afrekening (ge-

Effecten op milieurendement en kosten De mate waarin deze maatregelen effect sorteren op milieurendement en kosten is vooral afhankelijk van de hoogte van de tariefstelling.

12

wicht) en arbeidsbelasting plus vervuiling van de openbare ruimte (tariefzak). Toepassing van wegen bij verzamelcontainers is gecompliceerd, technisch gezien nog onbetrouwbaar en kostbaar.

Nascheiding in combinatie met tariefdifferentiatie Nascheiding van het fijn restafval staat op gespannen voet met tariefdifferentiatie. Bij nascheiding hebben inwoners niet de gelegenheid om zo weinig mogelijk restafval aan te bieden (de fractie PMD zit er per definitie in) en daarmee zo goedkoop mogelijk uit te zijn. De sturingsmogelijkheid van een financiële prikkel wordt verstoord. Inwoners betalen voor het aanbieden van PMD waarvoor ze geen alternatieve mogelijkheid hebben om deze fractie uit het restafval te laten. Toch is er een enkele gemeente die nascheiding combineert met diftar op basis van aantal ledigingen en volume (Elburg, Oldebroek en Ermelo in de regio Noord-Veluwe). Deze gemeenten hebben per saldo (na aftrek van het nagescheiden PMD) echter meer fijn restafval dan vergelijkbare gemeenten met bronscheiding van PMD. Bij de keuze voor tariefdifferentiatie heeft gescheiden inzameling van PMD derhalve de voorkeur.

Regeling voor inwoners met medisch afval Voor inwoners met medisch afval zoals stomamateriaal, infuuszakken, hulpmiddelen van sondevoeding, nierdialysemateriaal en CAPD-afval is er geen mogelijkheid om dit afval gescheiden aan te bieden. Het hoort bij het restafval. Inwoners met dit soort medisch afval hebben dus per definitie buiten hun eigen schuld meer restafval dan een gemiddelde inwoner. Het is dan ook te rechtvaardigen om voor deze groep een regeling te treffen, waarbij men bij invoering van tariefdifferentiatie vastrecht betaalt en alle ledigingen/ inworpen tot een maximum, dat wat een gemiddeld huishouden aanbiedt, gratis zijn. Ook inwoners met incontinentieluiers hebben buiten hun schuld om meer restafval dan gemiddeld. Zij kunnen ook nu al gebruik maken van de speciale luiercontainers.

Tarief voor grof restafval Om te voorkomen dat inwoners bij invoering van tariefdifferentiatie alternatieve ‘gratis of goedkopere’ afvoerkanalen opzoeken voor het fijn restafval, zal het aanbieden van grof restafval op de milieustraten en het ophalen van grof huishoudelijk afval aan huis ook moeten worden belast. Zie ook paragraaf 4.3.

Effect op milieurendement en kosten Op basis van ervaringen in gemeenten die een systeem van ondergrondse restafvalcontainers in de wijk combineren met betalen per inworp kunnen we een inschatting maken van het te verwachten effect in Edam-Volendam op milieurendement en kosten bij invoering van tariefdifferentiatie. 1. Milieurendement Vergelijkbare matig stedelijke gemeenten als Edam-Volendam die de combinatie hebben van wegbrengen van fijn restafval naar een container in de wijk en tariefdifferentiatie zijn onder andere Apeldoorn, Winterswijk, Leusden, Beuningen, Culemborg, Tiel, Gilze en Rijen, Zuidplas en Bodegraven-Reeuwijk. We kijken dan specifiek naar het fijn restafval, dat wat inwoners in de container aanbieden. De systematiek voor deze afvalsoort is namelijk in alle gemeenten hetzelfde. Wat kan verschillen is de grootte van de inwerpopening en het tarief per inworp. Niet betrokken in de vergelijking is de systematiek voor inzameling van het grof restafval. Het acceptatieregime voor deze afvalsoort verschilt per gemeente. Wat deze gemeenten wel gemeen hebben is dat het aanbieden van grof restafval belast is, iets wat nu in Edam-Volendam nog niet het geval is. Het aanbod grof restafval in deze ervaringsgemeenten is gemiddeld 15 kilogram per inwoner. In Edam-Volendam is dit 29 kilogram.

13

De spreiding in de gerealiseerde hoeveelheid fijn restafval in deze ervaringsgemeenten is groot. Wat betekenen deze ervaringen voor het te verwachten effect in Edam-Volendam. De hoeveelheid fijn restafval daalt, terwijl de hoeveelheid grof restafval licht stijgt (uitgaande van het belasten van deze afvalsoort). De totale hoeveelheid restafval daalt met gemiddeld 63 kilogram per inwoner per jaar. De daling kan voor het grootste deel worden verklaard door extra scheiding van diverse afvalsoorten. De invoering van tariefdifferentiatie kan mogelijk leiden tot meer vervuiling en afkeur van met name GFT-afval, PMD (dat gescheiden wordt ingezameld) en papier. Hier dient aandacht voor te zijn door middel van extra inzet van afvalcoaches en handhaving. De totale hoeveelheid afval daalt met 15 kilogram per inwoner. Het voorkomen van afval (preventie) zal niet of nauwelijks toenemen. In het begin zal vaker en mogelijk iets meer afval worden gedumpt/ bijgeplaatst. Op den duur komt de mate van afvaldumping weer op het niveau van voor de invoering van tariefdifferentiatie. Wel zullen inwoners gebruik maken van andere dan de gemeentelijke afvoerkanalen, zoals meenemen van afval naar het werk. 647

643

231

168

417

476

2022

diftar

Restafval Grondstoffen

Figuur 1 Effect tariefdifferentiatie op hoeveelheden in kg per inwoner

2. Kosten De invoering van tariefdifferentiatie brengt jaarlijks extra kosten met zich mee, maar ook besparingen. Per saldo is het effect op de jaarlijkse meerkosten nul. Effecten: lagere verwerkingskosten fijn restafval; extra vergoedingen PMD, papier, glas en textiel; extra verwerkingskosten GFT-afval; extra kosten voor handhaving en communicatie; extra kosten opruimen bijplaatsingen en dumpingen; extra kosten voor opleggen aanslag afvalstoffenheffing; lagere kosten inzameling fijn restafval; kosten bronscheiding PMD (zie paragraaf 4.1). Voor de omschakeling zelf dient nog rekening gehouden te worden met € 225.000 aan eenmalige kosten voor communicatie en realisatie.

4.5 Stoppen met inzameling bedrijfsafval Gemeenten zijn niet verantwoordelijk voor het inzamelen en verwerken van bedrijfsafval. Op grond van de Wet milieubeheer hebben gemeenten alleen een verplichting ten aanzien van huishoudelijk afval. Bedrijven mogen zelf bepalen met wie zij een contract afsluiten. Indien de gemeente bedrijfsafval inzamelt mag zij niet concurrerend zijn met de markt. De vraag is of de gemeente de inzameling bij bedrijven als service moet blijven aanbieden. Ook de huidige regeling tussen de gemeente en Kras voor het innemen en verwerken van bedrijfsafval van vishandelaren is een dienst die buiten de wettelijke taak van de gemeente valt. Vanuit oogpunt van wettelijke taken en verantwoordelijkheden en gelet op het feit dat de gemeente de inzameling als dienst ook inhuurt, is het logisch dat zij zich richt op het gescheiden inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval. Dit betekent ook het nemen van maatregelen die er op zijn gericht dat bedrijven niet langer gebruik kunnen maken van de milieustraten. Niet bekend is in welke mate (aantal bedrijven en hoeveelheden) bedrijven thans gebruik maken van deze voorzieningen. Duidelijk

14

is wel dat bijvoorbeeld het aanbod puin een factor drie hoger ligt dan gemiddeld in vergelijkbare gemeenten.

Alternatief voor inzameling bij bedrijven De huidige inzamelaar van het bedrijfsafval GP Groot biedt de bedrijven die thans gebruik maken van de inzamelservice vanuit de gemeente de mogelijkheid om met GP Groot een contract af te sluiten voor de inzameling van het bedrijfsafval.

op het milieurendement en de kosten. De hoeveelheden worden apart geregistreerd en de kosten worden gedekt uit de inkomsten van het reinigingsrecht. De mate waarin bedrijven kunnen worden geweerd op de milieustraten en de tarieven die worden gehangen aan het aanbieden van grof restafval bouw- en sloopafval en puin bepalen het effect op milieurendement en kosten.

Overdragen verwerking bedrijfsafval vishandelaren Kras heeft een businesscase opgesteld en heeft aangegeven het klantenbestand van de gemeente, voor wat betreft het restafval van vis-gerelateerde bedrijven, over te willen nemen.

Controle op bedrijven die afval aanbieden op de milieustraten De vraag is hoe controle op bedrijfsafval het beste georganiseerd kan worden. De meeste gemeenten accepteren geen bedrijfsafval op de milieustraat. Een sluitend systeem is er niet. De meest gebruikelijke manier is dat alleen bezoekers met een van gemeentewege verstrekte pas toegang hebben tot de milieustraat. Onderzocht dient te worden of de pas die inwoners thans in gebruik hebben voor de ondergrondse restafvalcontainer hiervoor geschikt kan worden gemaakt of dat een nieuwe pas nodig is. Hiermee wordt nog niet sluitend voorkomen dat inwoners van de gemeente Edam-Volendam die ook een bedrijf hebben hun bedrijfsafval blijven aanbieden op de milieustraten. Om daadwerkelijk zij die veel grof afval aanbieden ook de kosten te laten dragen is introductie van een systeem met een pas alleen succesvol wanneer minimaal de stromen grof restafval, bouw- en sloopafval en puin worden belast.

Effect op milieurendement en kosten Het afstoten van de inzameling bij bedrijven en het verwerken van restafval van vis-gerelateerde bedrijven heeft naar verwachting geen effect

15

5. Communicatie Het doen en laten van inwoners geeft de doorslag in de route om te komen tot minder afval en meer hergebruik en recycling. De gemeente moet de inwoners enthousiasmeren en motiveren om mee te gaan in het verhaal. Doel is dat inwoners zich nog meer bewust worden van het belang van preventie en een betere grondstoffenscheiding. De gemeente vraagt hen het afval op de juiste manier te scheiden en grondstoffen op de juiste plek aan te bieden. Bij het vergroten van kennis en het bieden van service zijn inwoners bereid extra stappen te zetten. Met het geven van feedback op hun inspanningen wordt dit effect versterkt. Uiteindelijk maken de inwoners het verschil. Wanneer het optimaal scheiden van grondstoffen voor inwoners persoonlijk van belang is werkt dit stimulerend. De gemeente onderscheidt de volgende communicatiecampagnes: A. Veranderingen in de inzameling en de voorzieningen. Elk huishouden heeft afval en staat iedere dag voor de afweging waar welk afval in moet. Een wijziging in de afvalinzameling grijpt dus in op het dagelijks leven. Door inwoners op de juiste wijze deelgenoot te maken van de veranderingen ontstaat meer draagvlak voor de maatregelen. Bewustwording is nodig bij de inwoners om het gedrag te veranderen.

Doelgroep van de communicatiecampagnes vormen alle inwoners, met speciale aandacht voor laaggeletterden en anderstaligen. De content bestaat uit een combinatie van informeren en nudging (inwoners worden op een positieve manier gestimuleerd om zich op een bepaalde wijze te gedragen). In de campagnes wordt uitgegaan van minimaal de volgende uitgangspunten:       

de boodschap: afval is grondstof; aparte focus op preventie; inzicht bieden in gehele keten; aandacht voor de verschillende inzamelmiddelen; gestructureerde inzet van sociale en conventionele media; terugkoppeling van resultaten; scholen en bewonersgroepen betrekken bij afvalscheiding.

Continue herhaling van de boodschappen is noodzakelijk. Extra communicatie inzet is vereist om aan al deze wensen tegemoet te komen. Een zogenaamde afvalcoach kan deze communicatievraagstukken oppakken. De afvalcoach gaat op pad naar locaties waar vaak bijplaatsingen zijn en zwerfafval ligt, gaat in gesprek met inwoners en werkt de nodige communicatieve acties uit om inwoners goed voor te lichten over grondstoffenscheiding en de locaties van de verzamelcontainers.

B. Vergroten van kennis. Het betreft vooral het meer en herhaaldelijk communiceren over grondstoffenscheiding, hergebruik en recycling. Wat hoort waar bij (scheidingsregels) en wat gebeurt met de (na)gescheiden grondstoffen (hergebruik en recycling). Ook moet er aandacht zijn voor initiatieven/ voorzieningen gericht op preventie (inleveren spullen voor tweede leven, delen en lenen van spullen, repareren van spullen in plaats van afdanken) en mogelijkheden om voedselverspilling tegen te gaan.

16

6. Harmonisatie afvalinzameling Harmonisatie van het afvalbeleid tussen de twee voormalige gemeenten Edam-Volendam en Zeevang heeft betrekking op voorzieningen voor restafval en GFT-afval.

Fijn restafval In de voormalige gemeente Zeevang vindt inzameling van het fijn restafval voornamelijk plaats via een 240 liter minicontainer die eens in de twee weken wordt geleegd. Een deel van de huishoudens biedt fijn restafval aan in een ondergrondse verzamelcontainer. In de voormalige gemeente Edam-Volendam kunnen vrijwel alle inwoners het restafval wegbrengen naar ondergrondse verzamelcontainers in de wijk. Uitzondering zijn 42 adressen in de Purmerpolder die fijn restafval wekelijks kunnen aanbieden in een 240 liter minicontainer en 178 adressen die restafval aanbieden in een zak (ophalen wekelijks). Harmonisatie van het afvalbeleid houdt in dat ook in de voormalige Zeevang inwoners restafval kunnen aanbieden in verzamelcontainers in de wijk. Bij het plaatsen van ondergrondse containers gaat de gemeente uit van minimaal 40 huishoudens op één container en een loopafstand van maximaal 150 meter (streefafstand). Voor het buitengebied zal het in vrijwel alle gevallen niet mogelijk zijn om aan deze criteria te kunnen voldoen. Er zijn dan twee opties: 1. Voor deze huishoudens wordt de maximale loopafstand van 250 meter losgelaten. Zij kunnen gebruik van ondergrondse containers die in de verschillende kernen staan. 2. Deze huishoudens blijven de 240 liter minicontainer gebruiken, zoals dat nu ook het geval is voor een aantal huishoudens woonachting in de Purmerpolder.

GFT-afval In de voormalige gemeente Zeevang zamelt de gemeente GFT-afval om de twee weken in. In de voormalige gemeente Edam-Volendam is dit van april tot en met november wekelijks en in de overige maanden om de twee weken. In de voormalige gemeente Zeevang wordt gemiddeld per inwoner ruim meer GFT-afval ingezameld dan in de voormalige gemeente Edam-Volendam. Het wekelijks inzamelen van GFT-afval is een hoge service voor de inwoners. Het effect op de hoeveelheden die worden aangeboden is beperkt. Indien de gemeente niet wenst te tornen aan het serviceniveau voor de gescheiden afvalinzameling is de consequentie dat, in het kader van harmonisatie, ook in de voormalige gemeente Zeevang een wekelijke inzameling van GFT-afval in de periode april tot en met november gerealiseerd wordt.

Effect op milieurendement en kosten Keuze voor welke optie dan ook voor fijn restafval, het effect op het milieurendement is verwaarloosbaar klein. Met een wekelijkse inzameling van GFT-afval in oud Zeevang zal een beperkte extra hoeveelheid GFTafval worden ingezameld en zullen de kosten stijgen. De mate waarin is afhankelijk van de mogelijkheden die de inzamelaar heeft om de logistiek te optimaliseren en de beschikbaarheid van mensen en voertuigen.

17

7. Keuzes Raad Maatregel

Effect op kosten

1. Bronscheiding of nascheiding PMD.

Bij keuze bronscheiding zie maatregel 2.

2. Indien bronscheiding inzameling met minicontainer 1 x 2 weken.

Eenmalige kosten € 120.000 en structureel € 70.000 extra.

3. Geen verhoging service scheiden grondstoffen en geen verlaging service voor aanbieden fijn restafval. 4. Inzamelen grof huishoudelijk afval op afroep gemeentebreed.

Geen effect op kosten.

5. Tarief voor ophalen grof huishoudelijk afval.

Kosteneffect afhankelijk van hoogte tarief.

6. Tarieven op milieustraten.

Kosteneffect afhankelijk van hoogte tarieven.

7. Tariefdifferentiatie in combinatie met bronscheiding PMD. 8. Stoppen inzameling bij bedrijven en inzameling bedrijfsafval op milieustraten. 9. Overdragen verwerking bedrijfsafval vis-gerelateerde bedrijven.

Eenmalige kosten € 225.000. Structureel geen meerkosten (meerkosten maatregel 2 zijn hierin verdisconteerd). Kosteneffect afhankelijk van inzet controle, tariefstelling en/ of gebruik toegangspas (zie maatregel 10). Geen effect op kosten afvalstoffenheffing.

10. Pas voor milieustraten.

Kosteneffect afhankelijk van kunnen gebruiken bestaande pas.

11. Communicatiecampagne over wijzigingen (eenmalig) en over vergroten kennis (continu). 12. Ondergrondse restafvalcontainers in voormalige gemeente Zeevang daar waar mogelijk. 13. Wekelijkse inzameling GFT-afval in periode april tot en met november gemeentebreed.

Kosten communicatie over wijzigingen opgenomen in kosten specifieke maatregel. Kosten campagne continu structureel € 60.000. Kosten afhankelijk van benodigde aantallen. Wat te doen met buitengebied en lintbebouwing. Kosten afhankelijk van mogelijkheden inzamelaar om de logistiek te optimaliseren en de beschikbaarheid van mensen en voertuigen.

Doen we niet

Doen we zeker

Kosteneffect afhankelijk van frequentie.

18

Contact De AfvalSpiegel Kraaivenstraat 21-15 5048 AB Tilburg 085 773 19 95 www.deafvalspiegel.nl

19

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EdamVolendam&id=c8d23796-14a4-408e-b1c9-19c71dd59547