CConstaterende datEdam-Volendam
Koppel je AI →
Document · PDF

DOORGESCHOVEN Vraag en antwoord Startnotitie Tase terrein.docx

Raadsvergadering 28 april 2022, gemeente Edam-VolendamBij agendapunt: Voorstel tot instemmen met de startnotitie Tase Terrein.3.780 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Startnotitie Tase terrein (deel I en II) Datum

Fractie(s)

Vraag

14-04-

Volendam|

Volendam|80 is van oordeel dat het ter stemming brengen van

2022

80

de startnotitie van het Tase terrein, alsmede de andere

Antwoord

vraag

stempunten daaromtrent, prematuur is. Hiervoor zijn een aantal redenen te noemen. Het Tase terrein staat al een aantal jaren leeg en is het in stemming brengen van de punten waar de stemming over gaat, op dit moment gewoonweg niet passend (daarbij verdient nog aandacht dat deze notitie veel eerder in stemming had kunnen worden gebracht). Het Tase terrein is een ontzettend belangrijk gebied en de entree van Volendam te noemen. Gezien het maatschappelijk gewicht dat aan dit politiek verstrekkende plan hangt, is het niet gepast voor een demissionair college om hier nu een besluit van de raad over te verlangen. Vraag 1: In Voorstel Tase terrein wordt genoemd dat gelijktijdig met het participatietraject een haalbaarheidsanalyse met het financiële aspect van de ontwikkeling van het Tase terrein zal worden gemaakt. Dit betekent dat er op dit moment nog geen inzicht is in de financiële aspecten van de startnotitie. Die financiële aspecten houden o.a. in: wat gaat de ontwikkeling van het Tase terrein de gemeente opleveren, wat gaat een eventuele ondergrondse parkeergelegenheid kosten?

Antwoord 1: De conclusie is juist dat er op dit moment nog geen inzicht is in de financiële aspecten. Indien u financiële uitgangspunten wenst mee te geven in de startnotitie, dan kunt u het besluit amenderen. Het college heeft ervoor gekozen om in deze startnotitie die uitgangspunten op te nemen die bepalend zijn voor het vervolg en die door u eerder zijn benoemd. In de zomernota wordt 200.000 euro voorbereidingskrediet gevraagd om het project op te starten. Projecten binnen de gemeente volgen het Edam-Volendams Ruimtelijk Planproces. Het Tase terrein bevindt zich momenteel in de initiatieffase. In deze fase is participatie een belangrijk onderdeel. Het college meent op basis van de uitgangspunten in de startnotitie een goede start te kunnen maken met de participatie, het haalbaarheidsonderzoek en vervolgens te komen tot een ontwikkelkader wat door de gemeenteraad wordt vastgesteld. Hierin worden de financiële kaders meegenomen. Indien al in de startnotitie financiële uitgangspunten worden meegenomen, wordt de planvorming complexer en de haalbaarheid bemoeilijkt.

Vraag 2:

Antwoord 2:

Hoe verhouden zich deze kosten en dit plan zich met de

zie vraag 1. Voor wat betreft de commerciële plint wijst het college

vernieuwing van de Julianaweg etc. Naast het financiële aspect

erop dat er in de stukken niet over een commerciële plint wordt

is speelt ook nog mee dat dit plan zoals opgeworpen in de

gesproken maar over een plint met dienstverlenende en

startnotitie consequenties heeft voor aanwezige

maatschappelijke functies.

(sport)faciliteiten en daarmee dus voor de sport in de gemeente. Ook worden commerciële activiteiten in de plint beoogd in de startnotitie de vraag is hoe zich dit gaat verhouden tot de commerciële activiteiten in de Zeestraat. Voorts dient het effect op het parkeerbeleid nog in ogenschouw te worden genomen, nu het effect heeft op parkeergelegenheid in de hele oude kom, meer specifiek op de vernieuwing van de Julianaweg. Het is daarom meer dan wenselijk dat sowieso de nieuwe wethouder Financiën en de nieuwe wethouder Ruimtelijke Ordening zich over deze startnotitie in het algemeen en over de financiële aspecten hiervan in het bijzonder, kunnen buigen. Te meer omdat deze nieuwe wethouders straks verantwoordelijk zijn voor dit plan. Hierom verlangen wij de visie van het nieuwe college over deze notitie. Antwoord 3: Vraag 3:

Het aangenomen amendement van 27 mei 2021 en de woningnood

Op grond waarvan vindt het college dat u ten aanzien van dit

is voor het college aanleiding geweest dit voorstel in te dienen. Uw

onderwerp een voorstel kunt indienen, op dit moment?

raad is zelf verantwoordelijk voor het agenderen van voorstellen van het college.

Vraag 4:

Antwoord 4:

Acht het demissionair college dit onderwerp niet ‘impactvol’ of

Het gaat om de start van een project waarbij nu uitgangspunten

‘politiek verstrekkend’?

worden gevraagd om sturing te kunnen geven aan het nog te volgen uitgebreide participatietraject en op te zetten haalbaarheidsonderzoek. De uitkomsten van het participatietraject en het haalbaarheidsonderzoek kunnen invloed hebben op de uitgangspunten. Er staat dus nog niets vast. Pas in een latere fase worden ook daadwerkelijk kaders voorgelegd aan de raad waar het plan aan moet gaan voldoen, het ontwikkelkader. Hoewel het college demissionair is is de gemeenteraad dat niet en de raad is degene die beslist over het voorstel.

Vraag 5: Acht het demissionair college het thans wenselijk om besluitvorming over een dergelijk politiek ingrijpend plan van de raad te verlangen, nu het college demissionair is? Vraag 6: Bent u het met ons eens dat het wenselijk is om de visie van het nieuwe college te verkrijgen over deze startnotitie, gezien de demissionaire positie van uw college? Vraag 7: Realiseert uw college zich dat dit dossier van groot maatschappelijk belang is en het als demissionair college prematuur vragen om stemming door de raad uiteindelijk voor

Antwoord 5: Ja, de gemeenteraad is niet demissionair en neemt het uiteindelijke besluit.

Antwoord 6: De uitkomsten van het participatietraject en het haalbaarheidsonderzoek worden besproken met het nieuwe college.

meer vertraging zal zorgen, wanneer eisen uit de startnotitie

Antwoord 7:

onhaalbaar blijken?

Er worden slechts uitgangspunten gevraagd voor het kunnen opstarten van een participatietraject en het haalbaarheidsonderzoek. Juist door dit nu te doen wordt tijd gewonnen zodat een nieuw college zich kan buigen over haalbare

Vraag 8: Realiseert uw college zich dat het van groot belang is dat het nieuwe college zich over deze startnotitie kan buigen, gezien het feit dat zij voor de verdere ontwikkeling en uitvoering

kaders. Antwoord 8: Zie antwoord vraag 6

uiteindelijk verantwoordelijk zullen zijn? Vraag 9: Is uw college zich ervan bewust dat de vernieuwing van de Julianaweg, het eventueel zorgen voor plinten met commerciële activiteiten en de effecten op de RKAV en FC (en dus de sport in de gemeente), een dusdanig grote maatschappelijke impact van dit plan impliceren, dat het nieuwe college zich hierover zou moeten buigen?

Antwoord 9: Het college benadrukt nogmaals dat er geen sprake is van een plint met commerciële activiteiten maar dat er dienstverlenende en maatschappelijke functies wenselijk worden geacht. Het college is daarnaast van mening dat door nu de participatie op te starten en een haalbaarheidsonderzoek uit te voeren er juist meer inzicht ontstaat over de (on)mogelijkheden van het plan en de effecten op de RKAV en de FC. Met die kennis kan het nieuwe college verder. De raad is niet demissionair en neemt het uiteindelijke besluit.

Vraag 10: Is uw college zich ervan bewust dat een demissionair college zich in de regel niet buigt over politiek verstrekkende besluiten van dergelijk groot maatschappelijk gewicht?

Antwoord 10: Zie antwoord vraag 7. Het college benadrukt dat het college geen onomkeerbare besluiten neemt. Het is aan de raad het uiteindelijke besluit te nemen, de raad is niet demissionair.

Vraag 11:

Antwoord 11:

Is uw college het er mee eens dat, zodra het nieuwe college is

Nee, de agendacommissie is verantwoordelijk voor de agenda van

geïnstalleerd de nieuwe wethouders zo snel mogelijk kennis

de raad niet het college.

moeten nemen van deze startnotitie en deze al dan niet in aangepaste vorm bij de raad kunnen indienen ter agendering? Antwoord 12: Vraag 12:

Nee, nogmaals benadrukt het college dat de agendacommissie

Is uw college bereid dit controversiële voorstel vanwege de

verantwoordelijk is voor de agenda van de raad. De

mogelijk onomkeerbare gevolgen in te trekken? 19-04-

GroenLink

Het college kiest ervoor om de ontwikkeling van het Tase-

2022

s

terrein te beginnen met het vaststellen van een startnotitie. Dit wijkt af van het reeds ingezette traject. In november 2020 is de stedenbouwkundige visie ‘VD Park’ besproken in de gemeenteraad. De bedoeling was dat deze visie vastgesteld zou worden en dat het project dan volgens het EVRPP verder zou worden uitgewerkt. In deze bijeenkomst is het voorstel echter teruggetrokken vanwege de onzekerheid rond de gemeentelijke huisvesting. Het idee was om de stedenbouwkundige visie later alsnog vast te stellen. In mei 2021 is deze intentie nog eens bevestigd met een raadsbesluit. Toch presenteert het college nu ineens een startnotitie voor dit project.

agendacommissie besluit wanneer voorstellen van het college worden geagendeerd.

Vraag 1:

Antwoord 1:

Waarom is er gekozen voor het vaststellen van een startnotitie

Omdat er over de visie nog niet is geparticipeerd is de kans

in plaats van het vaststellen van de eerder uitgewerkte

aanwezig dat er weerstand komt vanuit de buurt en verschillende

stedenbouwkundige visie?

belanghebbenden. In het voorgestelde proces worden de buurt en belanghebbenden zorgvuldig meegenomen en kunnen zorgen en ideeën ingebracht worden, dit helpt om te komen tot een breed gedragen plan. Het college is zich er van bewust dat het onmogelijk is om iedereen tevreden te stellen maar heeft gezien bij andere projecten dat bij een zorgvuldig participatietraject veel zorgen kunnen worden weggenomen en ideeën kunnen leiden tot verbetering van de plannen. (zie blz 2 raadsvoorstel)

Vraag 2: Waarom is de keuze voor een startnotitie pas gemaakt na het opstellen van de stedenbouwkundige visie en het raadsbesluit van mei 2021?

Antwoord 2: De meerdere besprekingen van de visie in de raad (waarbij de visie niet is vastgesteld) hebben het college nieuwe inzichten gegeven. Door eerst overeenstemming te bereiken over de uitgangspunten vooraf, kan een beter proces gevoerd worden met als uitkomst een goed onderbouwd en haalbaar ontwikkelkader.

Vraag 3: Wanneer is het besluit genomen om met een startnotitie verder te gaan?

Antwoord 3: Het college heeft in februari 2022 ingestemd met het interne plan van aanpak dat naar aanleiding van de projectopdracht is opgesteld.

Vraag 4:

Antwoord 4:

Wordt met de keuze voor een startnotitie afgeweken van het

Nee, er wordt niet afgeweken van het EVRPP. Bij de uitvoering van

EVRPP?

een ruimtelijk project worden zes fases in het EVRPP doorlopen. Het planproces geeft inzicht in onder andere de producten, verantwoordelijkheden en in de besluitvorming. Belangrijk is te beseffen dat het een leidraad betreft. Bij ieder project dient goed gekeken te worden welke ingrediënten van het proces van toepassing zijn, dit is maatwerk. Voor Tase is beoordeeld dat de startnotitie een goed instrument is om vooraf de uitgangspunten met elkaar vast te leggen. Antwoord 5:

Vraag 5: Wat zijn de risico’s van het vaststellen van een startnotitie in plaats van een stedenbouwkundige visie voor dit specifieke project?

Het vaststellen van een startnotitie kent geen risico’s. In de startnotitie worden uitgangspunten vastgelegd die sturing geven aan de participatie en het haalbaarheidsonderzoek. Het kan zijn dat door de participatie en haalbaarheidsonderzoek naar voren komt dat uitgangspunten anders geformuleerd moeten worden of botsen met andere wensen. In de uitwerking van de participatie worden die knelpunten in beeld gebracht en kunnen er keuzes gemaakt worden.

Vraag 6:

Antwoord 6:

In hoeverre zullen de gedachten en concepten uit de

De uitgangspunten die zijn opgenomen in de startnotitie zijn, op

stedenbouwkundige visie nog worden gebruikt als leidraad bij

het uitgangspunt over houtbouw na, ook in de visie genoemd.

het ontwikkelen van het Tase-terrein? Zoals gememoreerd is de stedenbouwkundige visie in november 2020 voorgelegd aan de gemeenteraad. Daarna is de gemeenteraad in mei 2021 gevraagd om te kiezen voor een scenario met enkel woningbouw. Inmiddels staat de startnotitie geagendeerd voor de raadsvergadering van april 2022. Het traject naar dit beginpunt heeft dus anderhalf jaar geduurd. Dit ondanks de breed gedeelde wens voor een snelle ontwikkeling. Vraag 7: Wat is de reden dat het traject naar deze startnotitie zo lang heeft geduurd?

Antwoord 7: Vanwege de politieke gevoeligheid van het dossier heeft er eerste een zorgvuldige afweging plaats gevonden over het juiste proces om te komen tot een snelle, zorgvuldige en haalbare ontwikkeling van het gebied.

Vraag 8: Wat is er in de anderhalf jaar tussen het voorleggen van de stedenbouwkundige visie en deze startnotitie gedaan aan dit project? Graag een uitgebreide beschrijving.

Antwoord 8: In het raadsvoorstel is de voorgeschiedenis weergegeven. Na de zomervakantie van 2021 is de projectopdracht opgesteld waarbij tevens gekeken is of de benodigde capaciteit beschikbaar was of geregeld kon worden. In november 2021 is de projectopdracht vastgesteld in het college en is een projectleider aangewezen. Er is een projectstartup georganiseerd in december 2021 en een quickscan uitgevoerd op alle relevante beleidsonderdelen december 2021/januari 2022, er zijn onderzoeken uitgevoerd (zie

vertrouwelijke bijlage) en overleg gevoerd op welke wijze het project het beste ingericht kan worden om tot en snelle, zorgvuldige en haalbare ontwikkeling te komen. Hiertoe is in februari 21 het plan van aanpak vastgesteld en is daarna gewerkt aan de startnotitie. Het college heeft 29 maart 2022 besloten de startnotitie aan u voor te leggen. Vraag 9:

Antwoord 9:

Wat zijn volgens u de belangrijkste knelpunten in het voltooien

Het college wenst het optimum te zoeken dat op de locatie

van dit project?

mogelijk is, en dit financieel haalbaar te maken. Het spreekt voor zich dat hierbij de voorkeur is om een plan te realiseren dat optimaal voldoet aan de diverse strategische thema’s. Het is echter geen vanzelfsprekendheid dat de stapeling van uitgangspunten zich ook daadwerkelijk laat verzilveren op deze plek. Meerdere thema’s leggen beslag op de ruimte en hebben effect op de financiële haalbaarheid van het project. De startnotitie geeft richting aan het project door een aantal belangrijke uitgangspunten vast te leggen. In de verdere uitwerking wordt een ontwikkelkader opgesteld. Doel van het ontwikkelkader is het geven van integrale visie op een gebied, waarbij de ambities en de gewenste ruimtelijke, functionele en programmatische ontwikkelrichtingen zijn vastgelegd. Resultaat is een analyse en een omschrijving van de uitgangspunten en randvoorwaarden van het functioneel programma, de bebouwing, de openbare ruimte, de bereikbaarheid, het milieu en het vastleggen van een ontwikkel- en of verkoopstrategie eventueel inclusief financiële voorwaarden. In

het ontwikkelkader wordt ook aangegeven welke thema’s met elkaar op gespannen voet staan en waar er keuzes moeten worden Vraag 10: Wat heeft u van de gemeenteraad nodig om deze knelpunten weg te nemen? In de projectenrapportage van 2022-1 lezen we bij het project Tase-terrein onder het kopje ‘Voortgang’ dat door een wijziging in de aanpak het project is vertraagd. Vraag 11: Verwijst deze ‘wijziging in de aanpak’ naar de keuze voor een startnotitie? Vraag 12: Zo ja: hoe verhoudt dit zich tot de breed gedeelde politieke en maatschappelijke wens om het Tase-terrein zo snel mogelijk

gemaakt. (zie startnotitie pag. 6/7) Antwoord 10: Heldere uitgangspunten vooraf en besef dat door de hierboven beschreven knelpunten het ontwikkelkader er op onderdelen anders kan uitzien dan u nu mogelijk verwacht. Het is een complexe puzzel die gelegd moet worden. Antwoord 11: ja. Antwoord 12: Zie antwoord 1

te ontwikkelen? Vraag 13: Zo nee: wat wordt hier dan mee bedoeld? In de startnotitie lezen we dat het college onder andere wil inzetten op ‘betaalbare’ koopappartementen en huurwoningen in de middeldure categorie (tot € 1000 per maand).

Antwoord 13: Zie antwoord 12

Vraag 14:

Antwoord 14:

Welke definitie van ‘betaalbaar’ voor koopwoningen wordt hier

De definitie die is opgenomen in de woonvisie.

gebruikt? Vraag 15: Zal er worden gezorgd voor een goede spreiding van de koopen huurprijzen, waardoor ook minder kapitaalkrachtige woningzoekenden een kans krijgen om te wonen in een koopof vrijesectorwoning op het Tase-terrein? Vraag 16: Bent u van mening dat alles op alles gezet moet worden om óók de starters te bedienen die weinig te besteden hebben, zoals bij project de Hors is gebeurd? Wat ons opvalt is dat het gewenste aantal woningen in het plangebied niet in de startnotitie voorkomt. In de stedenbouwkundige visie werd er gesproken over ‘tot 150’ woningen. Vraag 17: Waarom is ervoor gekozen om geen woningaantallen op te nemen?

Antwoord 15: Zie uitgangpunten ‘wonen’ op bladzijde 5 en 6 van de startnotitie. Uit het participatieproces en het haalbaarheidsonderzoek moet blijken bij welke verdeling er sprake is van een haalbaar plan.

Antwoord 16: In de startnotitie zijn uitgangspunten opgenomen om sturing te geven aan het participatieproces en het haalbaarheidsonderzoek. Indien u van mening bent dat de uitgangspunten moeten worden bijgesteld kunt u ze amenderen. Antwoord 17: Er is in deze fase voor gekozen nog geen minimum en maximum aantallen woningen als uitgangspunt op te nemen omdat nog niet duidelijk is wat er nodig is om een haalbaar plan te kunnen komen. De zorgen, belangen en wensen van de buurt en belanghebbenden zijn nog niet bekend. Door de participatie en het haalbaarheidsonderzoek wordt duidelijk welke (on)mogelijkheden er zijn voor het Tase terrein en kan daarna ook aangegeven worden

welke woningaantallen realistisch zijn. Dit krijgt een plek in het op te stellen ontwikkelkader. Vraag 18:

Antwoord 18:

Zou het niet duidelijker zijn voor zowel de gemeenteraad als

zie antwoord 17. Indien u van mening bent dat het wenselijk is om

de omwonenden om een minimum- en maximumaantal woningen in deze startnotitie vast te leggen? In zowel de teruggetrokken stedenbouwkundige visie als in de startnotitie is gekozen om de Meidoornstraat (terrein van de voormalige

in deze fase van het project minimum- en maximum aantallen woningen mee te geven als uitgangspunt kunt u deze amenderen. Wees u er daarbij van bewust dat hoe groter de stapeling van uitgangspunten en kaders, hoe lastiger het is om een haalbaar plan

Vincentiusschool) vrij te laten van bebouwing.

te ontwikkelen (zie ook vraag en antwoord 9).

Vraag 19:

Antwoord 19:

Waarom is de keuze gemaakt om hier niet te bouwen, gezien

Juist omdat er grote behoefte is aan betaalbare woningen en ruimte

de grote behoefte aan betaalbare woningen en ruimte voor maatschappelijke functies?

voor andere functies, wordt niet op de plek met de minste stedenbouwkundige mogelijkheden gebouwd maar wordt gedacht aan de plek met de meeste ruimtelijke mogelijkheden. In elke ruimtelijke ontwikkeling moet voldoende groen (en soms ook water) terug komen voor de gezondheid van onze inwoners, speelruimte voor de kleinsten van onze samenleving, de bevordering van ecologie en groen als een plek voor de infiltratie van water dat in toenemende mate van boven komt. Er wordt voorgesteld om dit groen zo veel mogelijk als buffer tussen de bestaande woningen enerzijds en het stadion en de nieuwe ontwikkeling anderzijds in te richten. Daarmee kunnen we de bestaande buurt ook iets terug aan leefkwaliteit. De ruimte die overblijft naast de groene zone, is een plek waar ruimtelijk

stedenbouwkundig meer mogelijkheden liggen voor het realiseren van programma/bebouwing. Het ligt immers niet (zoals het gebied in de Meidoornstraat) direct voor bestaande woningen. Door de naastgelegen sportvelden is het denkbaar op die plek hoger te bouwen, met als doel om daarmee zo veel mogelijk te voorzien in de betaalbare woningen waar zo veel behoefte aan is. In een scenario waarin we het gebied in de Meidoornstraat alsnog zouden gaan bebouwen of grotendeels verharden, moet de benodigde ruimte aan groen komen op de plek waar ruimtelijk juist de grootste ontwikkelmogelijkheden liggen. Dat zou ten koste gaan van het programma/aantal betaalbare woningen en biedt geen meerwaarde voor leefomgeving van de bestaande bewoners. Vraag 20: Zou deze locatie naar uw oordeel geschikt te maken zijn voor woningbouw of maatschappelijke functies? Graag een toelichting. Onder het kopje ‘Proces’ lezen we in het planningsschema dat er op zijn vroegst pas in 2026 gebouwd kan worden op het Tase-terrein. Vraag 21: Hoe realistisch is deze planning? Vraag 22: Welke mogelijkheden zijn er om deze planning (nog verder) te versnellen?

Antwoord 20: Technisch is “ alles” mogelijk en is het aan u om de uitgangspunten te formuleren. Het college kiest er in de uitgangspunten nadrukkelijk voor om deze strook niet te bebouwen. zie ook antwoord 19. Antwoord 21: De planning betreft een eerste grove inschatting. Als alles mee zit en er geen tegenslagen zijn is de planning haalbaar. Antwoord 22: We staan aan het begin van het project. Naar mate het project vordert en er meer duidelijk wordt kan er ook een meer

gedetailleerde planning worden gemaakt en bekeken worden waar eventuele versnellingen mogelijk zijn. 21-042022

PvdA

In de startnotitie wordt melding gemaakt van het in gebruik

Antwoord 1:

zijn van de Steven van Dorpelhal en het kunstgrasveld door

Voor de beantwoording van deze vraag verwijzen we naar de

RKAV en FC Volendam,

rapportage projecten die dezelfde donderdag ter kennisname geagendeerd staat. Hierin is het project Steven van Dorpelhal

Vraag 1: Liggen hier nog contractuele verplichtingen op? In de startnotitie wordt melding gemaakt van de afspraak tot realiseren van 30% sociale huurwoningen. Tevens wordt gemeld dat middel dure huurwoningen (tot ongeveer € 1000) een alternatief kunnen zijn.

opgenomen met de volgende beschrijving: Terugblik rapportage 21-3 In 2020 is de gemeente in gesprek gegaan met FC Volendam en RKAV. Met het oog op de herontwikkeling van het Tase terrein is besloten de gronden onder de hal en het naastgelegen kunstgrasveld terug te nemen. Hierdoor ontstaat bij FC Volendam en RKAV een capaciteitsgebrek. Om het verlies aan (trainings)capaciteit te dempen is een voorstel gedaan dat verder moet worden uitgewerkt. Het voorstel is als volgt: De FC gaat volledig trainen bij EVC en een gedeelte van hun wedstrijden laten plaatsvinden op dit complex. Om dit te faciliteren vervangt de gemeente bij EVC een natuurgrasveld door een kunstgrasveld. De gemeente neemt het C veld van de FC over ten behoeve van de RKAV zodat de RKAV over acht benodigde trainingsvelden kan beschikken. FC Volendam heeft gesprekken gevoerd met EVC om afspraken te maken met betrekking tot hun komst naar het complex met EVC. Deze gesprekken zijn goed verlopen. Beide partijen zijn enthousiast. Wat is er vanaf november 2021 t/m maart 2022 gebeurd? Er zijn gesprekken gevoerd met alle drie partijen. De concept overeenkomst is opgesteld. De te maken kosten zijn geïnventariseerd. De overeenkomst is ter overweging in concept verzonden aan FC Volendam, RKAV en EVC. Wat gaat er

vanaf april 2022 t/m juni 2022 gebeuren? Na het verwerken van eventuele aanpassingen in de overeenkomst, wordt de overeenkomst voorgelegd aan college. Vanuit sport is een inventarisatie gemaakt van de te maken kosten voor de aanpassingen aan de sportvelden van de drie clubs. In Q2 wordt een raadsvoorstel ingediend om gelden vrij te maken voor deze aanpassingen, overeenkomstig de conceptovereenkomst. Vraag 2:

Antwoord 2:

Bent u genegen dit als voorwaarde in de startnotitie op te

In de startnotitie staat op pag 5 en 6: We zetten in op een

nemen?

gevarieerd programma aan levensloopgeschikte woningen betaalbare koopwoningen (appartementen), sociale huur, maar ook middeldure huur (middensegment). Deze laatste categorie is van belang omdat er een aanzienlijk groep ouderen is die graag naar een betaalbare huurwoning zou willen verhuizen, maar gelet op het inkomen niet in aanmerking komt voor sociale huur. Een middeldure huurwoning (tot ongeveer €1.000) kan hiervoor een alternatief vormen. (…) Uitgangspunten: - 30% sociale huurwoningen - Woontypologie: huur-/ koopappartementen/ studio’s tbv senioren, starters en jonge gezinnen in sociale en midden segment. Indien u deze uitgangspunten wenst te wijzigen kunt u deze amenderen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EdamVolendam&id=74acb7d8-9dec-48af-bb43-22875da8c08a