DoeMee rapportage Edam- Volendam - eindrapport.pdf
Tekst van het document
43 HHOR evaluatie 2019.
23
Door het gebruik van MeldDesk en CityControl kunnen cijfers over waarnemingen en ingezette interventies gemakkelijk uit het systeem worden gehaald. Dit helpt om inzichtelijk te maken welke handhavingsactiviteiten hebben plaatsgevonden en of deze aansluiten bij de gestelde doelen. Op deze manier kan de gemeente een goed geïnformeerde inschatting maken over eventuele (bij)sturing en kunnen er dus gerichtere en betere maatregelen en surveillances worden ingezet. Kwartaalrapportages bieden stevige handvatten voor eventuele bijsturing Het opstellen van een functionerend systeem van rapportage en monitoring is tevens een essentieel onderdeel van informatiegestuurd werken. In 2019 is de gemeente gestart met het opstellen van kwartaalrapportages voor handhaving. In 2020 zijn het eerste en tweede kwartaal van 2020 samengevoegd, vanwege de ontwrichting die de coronapandemie met zich meebracht, zo staat in de rapportage.44 In de rapportages wordt aangegeven op welke thema’s wordt gehandhaafd, op welke wijze dit plaatsvindt en wat de resultaten zijn (aantallen processen verbaal, waarschuwingen, et cetera). Het format van de kwartaalrapportage komt overeen met het format van het uitvoeringsprogramma. Hierdoor is er bij elk geprioriteerd onderwerp uit het uitvoeringsprogramma aangegeven wat de stand van zaken is.
Door de informatie te koppelen aan de doelen, bevat de kwartaalrapportage zinvolle monitoringinformatie. Ook staat er in de kwartaalrapportage bij sommige geprioriteerde onderwerpen een advies voor het bijsturen of aanhouden van het beleid. De rapportages dienen hiermee hun doel om de monitoring en rapportagesystematiek te verbeteren en een basis te leggen om handhaving verder te professionaliseren. Met de rapportages wordt namelijk inzicht gegeven in de stand van zaken ten aanzien van relevante onderwerpen. De resultaten en inzichten die de rapportages geven, kunnen gebruikt worden om sturing te geven aan de werkzaamheden.45 Handhavers worden betrokken bij terugkoppeling en planvorming Elke week vindt een afstemmingsoverleg met boa’s plaats, waar de boa’s en de integraal veiligheidsmedewerker (leidinggevende) aan deelnemen. In dit overleg bespreken de boa’s en integraal veiligheidsmedewerker wat zij de voorgaande week hebben gesignaleerd en waar het team de komende tijd extra op in wil zetten. De boa’s en veiligheidsmedewerker doen dit zo SMART mogelijk. Ook wordt in het overleg een dagelijkse planning gemaakt. De kwartaalrapportages zijn opgesteld in samenwerking met de boa’s. De integraal veiligheidsmedewerker vraagt boa’s in het weekoverleg om mee te denken over de prioriteiten voor het daaropvolgende jaar, blijkt uit gesprekken.
De APV wordt elke periode opnieuw nagekeken. Dit wordt besproken in het wekelijkse overleg met de boa’s, blijkt uit gesprekken. Boa’s blijven nog veel meldinggestuurd werken Voorheen werkte handhaving nog te meldinggestuurd. In de Kadernota Handhaving Openbare Ruimte staat hierover: “de handhavers gaan af op meldingen of gebruiken eigen observatie en benutten niet alle voorhanden informatie uit diverse aanwezige bronnen”.46 Dit zou volgens de gemeente onder andere te wijten zijn aan het feit dat de informatie nog niet op een centrale plek in de gemeentelijke organisatie werd verzameld, verwerkt en geanalyseerd.47 Met de implementatie van de registratie- en meldingssystemen (MeldDesk en CityControl) zou dat verholpen kunnen worden. Uit gesprekken blijkt dat boa’s de informatie uit de systemen inderdaad steeds vaker benutten om informatiegestuurd te werken, maar dat ze toch nog hoofdzakelijk incidenteel werken. Dit zou volgens betrokkenen onder andere te maken hebben met de hoeveelheid meldingen die via verschillende kanalen binnenkomen. Er komen meldingen binnen via MeldDesk, e-mail, telefoon en daarnaast worden boa’s op straat aangesproken en krijgen zij signalen binnen van ketenpartners zoals de politie. Ook hebben handhavers het idee dat beleidsmedewerkers en bestuur belang hechten aan het opvolgen van meldingen, blijkt uit gesprekken.
Wanneer er te veel meldingen open staan in MeldDesk, wordt het boa-team hier door beleidsmedewerkers op gewezen, volgens betrokkenen. Het kost de boa’s veel tijd om de meldingen te lezen en af te handelen. De tijd die ze hiervoor nodig hebben, is tijd dat ze niet op straat zijn om toezicht te houden. Binnen het professionaliseringstraject heeft het verbeteren van de zichtbaarheid veel aandacht gekregen. Volgens de gemeente is de zichtbaarheid in 2020 verbeterd doordat boa’s meer op straat zijn. De roosters zijn aangepast, waarbij een strikt onderscheid is
44Handhavingsrapportage eerste en tweede kwartaal 2020. 45 HHOR evaluatie 2019, p. 4. 46 Kadernota Handhaving Openbare Ruimte 2019-2022, p. 4. 47 Kadernota Handhaving Openbare Ruimte 2019-2022, p. 4.
24
gemaakt tussen het afhandelen van meldingen (binnen) en controle op straat (buiten). 48 Tegelijkertijd geven gesprekspartners aan dat de handhavers ervaren dat de veelheid van meldingen en de registratie van informatie invloed hebben op de tijd die boa’s surveillerend op straat kunnen doorbrengen. Omslag nieuwe werkwijze vraagt tijd De omslag naar een nieuwe werkwijze is niet alleen een technische operatie over de modernisering van informatiesystemen, maar ook een cultuuromslag in de manier van (samen)werken, aansturing, houding en gedrag. De gemeente Edam-Volendam is zich hier bewust van en is in 2019 gestart met een professionaliseringstraject voor de boa’s. Het doel: het team handhaving een omslag laten maken van een min of meer intuïtief toezicht naar informatiegestuurde handhaving. Tussen juni 2019 en juni 2020 is een begeleider ingehuurd om deze beweging daadwerkelijk op gang te helpen en het boa-team te begeleiden bij de gewenste nieuwe manier van werken. Handhavers zijn tevreden over de trainingen, blijkt uit gesprekken.
2.3 /
Uitvoering
Samen oppakken uitvoering toezicht en handhaving DHW leidt tot balans in taken Sinds 2017 handhaaft commerciële partner MB-ALL in opdracht van de gemeente op het gebied van de Drank- en Horecawet door inzet van een DHW boa. De samenwerking in het horecatoezicht met politie en horeca in de weekendnachten verliep altijd goed, geven betrokkenen aan. Wegens corona zijn het minderjarig middelengebruik, comazuipen en overdosis, deels ‘achter de voordeur’ verdwenen. Hierdoor was de samenwerking met de horeca in 2020 en tot halverwege 2021 minder aan de orde. Sinds 2016 is de gemeente verantwoordelijk voor toezicht op de kermis, actieve verkeersgeleiding en afspraken met de horeca (de horeca huurt zelf bijvoorbeeld ook beveiliging in). In plaats van alle taken ten aanzien van openbare orde en veiligheid rondom de kermis bij de politie te beleggen, is er een balans tussen de taken van gemeente, politie en horeca. De politie kan zich daardoor meer richten op repressief optreden bij eventuele onveilige situaties. Programma Allen voor Eén legt stevige basis voor integrale aanpak Het programma Allen voor Eén heeft een stevige basis gelegd voor een soepele samenwerking en een integrale aanpak. Dit is onder andere te danken aan de implementatie van een goed functionerende overlegstructuur, wat een prioriteit was binnen Allen voor Eén.
Er zijn periodieke overleggen voor de verschillende niveaus opgesteld. Zo is er een overleg voor de hele regio met alle ketenpartners op bestuurlijk niveau, op managementniveau (elke zes weken) en op ambtelijk niveau (elke twee weken). Hierdoor is een structuur geformaliseerd waarin portefeuillehouders en bestuurders van de betrokken organisaties kunnen overleggen en gezamenlijk besluiten kunnen nemen. Daarnaast is er een duidelijkere rol- en taakverdeling tussen de organisaties en gemeenten, zo blijkt uit interviews. Door de overlegstructuur en rolverdeling is het gemakkelijk om met de juiste personen te schakelen, geven betrokkenen aan. Volgens externen vervult de netwerkontwikkelaar van Edam-Volendam hierin als aanspreekpunt een belangrijke rol. Daarnaast is een basis gelegd voor een goede samenwerking en een integrale aanpak, doordat er meer inzicht is in elkaars werkwijze(n) en prioriteiten. De ‘startfoto’ aan het begin van het proces heeft geleid tot inzicht in welke processen goed functioneerden en welke processen vastliepen. Hierdoor is het gemakkelijk om open aan elkaar aan te geven waar knelpunten zitten en op basis daarvan gezamenlijk naar oplossingen te werken, geven betrokkenen aan. Zo bleek uit de ‘startfoto’ dat de organisatie omtrent het Zorg- en Veiligheidshuis niet optimaal functioneerde.
Gemeente en partners zetten stevig in op verbetering op dit vlak, waardoor de onderlinge lijnen tussen het Zorg- en Veiligheidshuis en de gemeente Edam-Volendam sterk zijn verbeterd, blijkt uit interviews. Er is gekozen voor ‘lokaal, tenzij’. In plaats van alle casussen aan te melden bij het Zorg- en Veiligheidshuis, beschikken deelnemende gemeenten vaker over een lokale aanpak en lossen zij meer zaken zelf op, tenzij het niet anders kan. Waar het Zorg- en Veiligheidshuis voorheen een standaardaanpak hanteerde, is er nu meer ruimte voor maatwerk. Hierdoor sluiten het Zorg- en Veiligheidshuis en de gemeente Edam-Volendam beter op elkaar aan, geven gesprekspartners aan. Voor de jeugdbeschermingsketen en Veilig Thuis start nu een vergelijkbaar traject. Binnen het programma Allen voor Eén is de verbinding op bestuurlijk en beleidsmatig niveau gelegd. Nu worden stappen gezet voor de ‘uitvoeringsfase’ van het project. Dit is in volle gang, en zowel interne als externe gesprekspartners zijn hoopvol dat dit tot goede resultaten gaat leiden. Ten aanzien van het Zorg- en Veiligheidshuis is bijvoorbeeld een regionaal convenant opgesteld, zodat informatie makkelijk gedeeld kan worden met inachtneming van de privacyregels. Wel zijn er nog belangrijke stappen te zetten omtrent het Zorg- en Veiligheidshuis. Zo blijkt uit gesprekken dat de organisaties (niet alleen de deelnemende gemeenten)
48 HHOR evaluatie 2020.
25
in een eerder stadium het Zorg- en Veiligheidshuis zouden kunnen betrekken, zodat er tijdig meegedacht kan worden. Het idee van ‘één gezin, één plan, één regisseur’ zou nog onvoldoende doorleefd worden in de verschillende deelnemende gemeenten. Bij veiligheid wordt er vaak naar (de acties van) een persoon gekeken, terwijl vanuit het zorg-perspectief het gezin moet worden betrokken. Dit gebeurt al wel, maar het kan nog verbeterd worden, geven betrokkenen aan. Het vraagt om een verandering van gedachtegang en cultuur, in de organisaties en de betreffende gemeenten, waarbij meer vanuit de inwoner wordt gewerkt en minder vanuit de regels. Dat is een belangrijke uitdaging om de ‘uitvoeringsfase’ te laten slagen, volgens betrokkenen. Eerste stappen in het kader van LEF geven positief resultaat Belangrijk in het kader van de voortgang van het programma LEF is, dat het project gericht is op de lange termijn. In het IJslandse model duurde het twintig jaar voordat er grote resultaten te zien waren. Dat dit project een lange adem vereist, is vanaf het begin met de raad gecommuniceerd, blijkt uit interviews. Omdat de inzet van toezicht en handhaving vooral van toepassing is op het bestrijden van de toegankelijkheid van alcohol in de horeca, richt deze paragraaf zich vooral op de voortgang ten aanzien van dit punt.
Ondertussen kan in Edam-Volendam al wel een licht positieve beweging worden geconstateerd in een aantal factoren in het verklaringsmodel, geven gesprekspartners aan. Het is een brede beweging die op veel factoren een klein beetje plaatsvindt. De gemeente heeft in ieder geval al een aantal belangrijke stappen gezet ten aanzien van het programma LEF. Om de toegankelijkheid van alcohol tegen te gaan, is een goede samenwerking met de horeca essentieel. Uit het onderzoek van de UU bleek immers dat het lokale uitgaansleven mogelijkheden biedt voor minderjarigen om in horecagelegenheden of daarbuiten alcohol en drugs te gebruiken.49 In de themaraad van 28 november 2020 uit de gemeente haar tevredenheid over de samenwerking met de horeca in het kader van het programma LEF: volgens de gemeente zou de horeca steeds meer invulling geven aan de maatschappelijke verantwoordelijkheid bij alcoholverstrekking. Zo pakt de horeca volgens betrokkenen verantwoordelijkheid door polsbandjes in te zetten bij kermissen in Edam en Volendam, een uitvloeisel van LEF. In maart 2019 heeft de gemeente afspraken met horecaondernemers gemaakt om onaangekondigde controles met de narcoticahond in horeca-etablissementen mogelijk te maken.50 De inzet van de narcoticahond heeft in 2019 en in januari 2020 gezorgd voor 49 vondsten van hard- of softdrugs.
In het programma LEF staan horeca, het middelengebruik in de openbare ruimte en de bedrijfsruimte centraal. Door de coronapandemie is echter veel van de problematiek ‘achter de voordeur’ geschoven, geven gesprekspartners aan. De gemeente heeft achter de voordeur weinig zicht en bovendien geen bevoegdheid om te handhaven.
2.4 /
Samenwerking binnen de driehoek en met de politie
De samenwerking in de zorg- en veiligheidsketen is in de voorgaande paragrafen ook al uitvoerig aan bod gekomen, bijvoorbeeld in het kader van de verschillende programma’s en projecten. Hieronder wordt specifiek ingegaan op de samenwerking van de gemeente in de driehoek en met de politie. Samenwerking binnen driehoek In de driehoek zijn gemeente, OM en politie met elkaar op zoek naar een balans tussen een preventieve en repressieve aanpak. Ieder vanuit eigen kader en expertise. Daarbij wordt er steeds minder vanuit grenzen en knelpunten geredeneerd en steeds meer vanuit oplossingen en samenwerking. Op regionaal niveau vindt elke zes weken een lokaal overleg Ondermijning plaats.51 Met de driehoek wordt daarom ingezet op een bewustwordingstraject rondom ondermijning. Op dit gebied kan de gemeente namelijk nog stappen zetten, volgens gesprekspartners. Signalen over ondermijning komen weinig binnen: burgers moeten zich meer bewust worden van wat ondermijning precies inhoudt, het specifieke ondermijningsbeeld in Edam-Volendam en de risico’s die hiermee gepaard gaan. Ook voor de gemeente geldt dat er een groter bewustzijn mag zijn over de stappen die er te zetten zijn. Samenwerking tussen politie en boa’s sterk verbeterd
49 Programma LEF Plan van Aanpak;
Memo narcoticahond 2019.
50 Memo narcoticahond. 51 Actieprogramma Integrale Veiligheid 2019 terugkoppeling, p. 3.
26
De samenwerking tussen boa’s en politie verliep in 2019 nog niet optimaal. Dit wilde de gemeente toentertijd verbeteren door boa’s en politie in een eerder stadium met elkaar te laten communiceren en te prioriteren.52 De gemeente is hiermee aan de slag gegaan. Uit de gesprekken blijkt dat de samenwerking tussen boa’s en politie momenteel zeer goed verloopt. De onderlinge afspraken zijn duidelijk, waardoor politie en boa’s weten wat ze van elkaar kunnen verwachten. Ook hebben handhavers het gevoel dat boa’s en politie gezamenlijk naar hetzelfde doel toewerken en gezamenlijk verantwoordelijkheid voor openbare orde en veiligheid dragen, blijkt uit gesprekken. Ook zijn de onderlinge lijnen tussen boa’s en politie kort. Elke woensdag vindt er een boa-overleg plaats, waar een wijkagent bij aansluit.53 Dit heeft geleid tot een betere informatiedeling en samenwerking met de politie. 54 Daarnaast is het mogelijk om snel te schakelen wanneer een situatie hierom vraagt. De boa’s hebben de beschikking over een portofoon met een verbinding naar de meldkamer. Ook is er een app-groep die bestaat uit politie en boa’s. Wanneer de boa’s iets signaleren waarbij zij niet de bevoegdheid of mogelijkheid hebben om te handhaven, kunnen zij dit via de app-groep doorgeven aan de politie. Daarnaast delen de boa’s een gebouw met een aantal wijkagenten.
De wijkagenten zijn niet altijd aanwezig, maar wanneer zij er zijn, wordt informatie laagdrempelig uitgewisseld. Wanneer de agenten niet aanwezig zijn, delen boa’s informatie met andere medewerkers van de politie die zij tegenkomen. Ook kunnen de boa’s de wachtcommandant bellen. Wanneer de mogelijkheid er is, kan een boa bij een politieagent in de auto stappen of worden er gezamenlijke rondes gelopen. De politie kan daarnaast waarnemingen en bekeuringen uit CityControl van de boa’s inzien. Toch is de samenwerking nog wel vooral incidenteel van aard, blijkt uit gesprekken. Samenwerking op grote, structurele schaal gebeurt nog niet. Volgens betrokkenen staat het tekort aan capaciteit bij de politie en bij de boa’s een betere samenwerking in de weg. Er is een ‘gevoelde schaarste’ aan politiecapaciteit in Edam-Volendam.55 Deze schaarste heeft niet zo zeer betrekking op de aanpak incidenten en acute situaties, maar de reguliere beschikbaarheid staat wel onder druk. De politie heeft zich wel aan het actieplan 2020 van de gemeente Edam-Volendam verbonden, maar de vraag is welke ambities in de huidige situatie haalbaar zijn. Hierover is nog overleg gaande, blijkt uit gesprekken. Samenwerking met politie op beleidsniveau verloopt naar tevredenheid De samenwerking met de politie verloopt ook op beleidsniveau zeer goed.
Uit gesprekken blijkt dat de lijnen tussen de politie en de burgemeester kort zijn. De burgemeester legt wanneer nodig telefonisch contact met de politie om informatie te delen of op te halen. Ook is er onderling contact via WhatsApp. Zowel vanuit de politie als vanuit de gemeente wordt dit ervaren als een prettige manier van werken, blijkt uit gesprekken. Ten slotte hebben de politie en de leidinggevende van de boa’s (integraal veiligheidsmedewerker) ook nauw contact. De politie werkt veel met bestuurlijke rapportages. Daarbij verschaft zij informatie aan de gemeente, waardoor de gemeente bestuurlijk kan optreden. Het is vervolgens aan de gemeente om de keuze te maken hoe hierop te reageren, bijvoorbeeld door te handhaven. Dit wordt dan teruggekoppeld aan de politie. Deze werkwijze wordt als positief ervaren door politie en gemeente.
2.5 /
Instrumentarium
Inzet van het instrumentarium Uit de beschikbare gegevens komt het beeld naar voren dat uitgevoerde activiteiten worden bijgehouden. Deze worden ook aan de gemeenteraad verantwoord. Zo is bij het aanbieden van het concept Actieprogramma 2020 ook de stand van zaken in 2019 verantwoord. Hieruit blijkt onder meer dat er 30 (waarschuwings)brieven naar ondernemers zijn gestuurd en er 12 maal een proces-verbaal is opgemaakt met betrekking tot minderjarigen. Aangegeven werd dat mede doordat de informatiesystemen in de gemeente nog niet op orde waren, er geen gedetailleerde informatie beschikbaar was over alle soorten interventies op de verschillende soorten overtredingen en meldingen. Wel bevestigen de beschikbare cijfers dat vanuit de gemeente eerst gewaarschuwd wordt. Zo werd aangegeven dat er in 2019 zo’n 30 waarschuwingsbrieven zijn gestuurd naar horecabedrijven. Bij het toezichthouden bij horeca worden zoals hiervoor aangegeven, ook meer creatieve middelen ingezet, zoals een mysteryshopper en een narcoticahond.
52 HHOR evaluatie 2019. 53 AIV resultaten uitvoeringsplan 2019 en uitvoeringsplan 2020. 54 HHOR evaluatie 2019, p. 5. 55 AIV resultaten uitvoeringsplan 2019 en uitvoeringsplan 2020.
27
In reactie op overtredingen wordt op het gebied van openbare orde en veiligheid met name langs strafrechtelijke weg gereageerd (bijvoorbeeld met processen-verbaal). De gemeente zet op dit gebied niet vaak herstelsancties in zoals last onder dwangsom en last onder bestuursdwang. Een uitzondering hierop vormt het sluiten van panden (inclusief woningen) waarin een handelsvoorraad drugs is aangetroffen. Daar wordt op grond van artikel 13b Opiumwet, overeenkomstig de beleidsregels van de burgemeester van Edam-Volendam met een last onder bestuursdwang gereageerd. Dit soort panden wordt dan door de burgemeester gesloten. Maar ook hier wordt vaak (eerst) gewaarschuwd. In 2019 zijn zes overtredingen geconstateerd. In 2019 is drie keer gewaarschuwd en zijn er drie panden (waaronder twee woningen) gesloten. Edam-Volendam zoekt balans tussen bevorderen van veiligheid, preventief handelen en repressief handelen De politie heeft een belangrijke taak bij repressief optreden. De krapte van mogelijke politie-inzet is voor een groot deel een gegeven. De gemeentelijke invloed daarop wordt als zeer beperkt ervaren. De krapte van de mogelijke politie-inzet betekent voor Edam-Volendam echter niet dat de gemeente politietaken moet overnemen en daarom meer repressief moet handelen.
Dit kan worden samengevat als dat de gemeente allereerst inzet op het versterken van veiligheid, naast het bestrijden van onveiligheid. Volgens betrokkenen wijkt deze visie op onderdelen af van de landelijke trend. Dit vergt uitleg aan partners als politie en het Openbaar Ministerie, maar ook aan de raad. Een voorbeeld is de ruime toepassing van het begrip ‘ondermijning’. In de praktijk worden volgens gesprekspartners veel zaken onterecht onder dit begrip geschoven, waardoor het risico bestaat dat er taken bij de gemeente worden gelegd die daar feitelijk niet thuishoren. Ook hier wil de gemeente Edam-Volendam bewust mee omgaan. De burgemeester wijst hier bijvoorbeeld actief op in gesprek met de ketenpartners en de raad. Over het algemeen zoekt de gemeente bij de inzet van middelen een balans tussen het bevorderen van veiligheid, preventief handelen en repressief handelen. Dit komt onder meer tot uiting in het streven om binnen de gemeenschap samenwerking te zoeken, maar ook in de wens om meer informatiegestuurd te willen toezichthouden en handhaven (zie ook paragraaf 2.2).
Gemeente maakt scheiding tussen taken en bevoegdheden van boa’s en politie De boa’s zijn voor hun taken en de bijbehorende verwachtingen uitgerust. Het boa-team beschikt over één auto, drie scooters en zes fietsen. De boa’s beschikken over handboeien en een kogelwerend vest, maar niet over pepperspray en een wapenstok. De gemeentelijk opvatting is dat zaken waarbij ervan uit mag worden gegaan dat er meer geweld nodig is, voor de politie zijn, blijkt uit gesprekken. Wanneer de eigen veiligheid in het geding is, laten boa’s de situatie bewust gaan. Vanuit de politie wordt dit beaamd. Dat in de praktijk zo wordt gehandeld, blijkt uit een tijdens de gesprekken gegeven voorbeeld. Recent was er in het weekend een groot feest waar zo’n 600 jongeren aanwezig waren, tegen de coronamaatregelen in. Twee handhavers hadden op dat moment dienst; dit was niet voldoende om handhavend op te treden bij het feest. Wel hebben de boa’s foto’s en mutaties gemaakt, onder bedreiging en intimidatie van de aanwezige jongeren. Daarnaast hebben zij de politie opgeroepen. Er wordt geïnvesteerd in de veiligheid van de handhavers. Ze krijgen een (fysieke en mentale) training geweldbeheersing/deescalaties.56 Boa’s treden wanneer nodig repressief op Het uitgangspunt bij sanctioneren is ook voor boa’s waar mogelijk eerst een waarschuwing en dan repressief optreden.
Voorheen werd langer het gesprek gevoerd met de overtreder, met als gevolg dat grenzen minder duidelijk werden, geven betrokkenen aan. Het boa-team geeft nu eerder een grens aan. Het is dan wellicht minder vriendelijk, maar het werkt volgens gesprekspartners wel en zorgt er daarnaast voor dat de gemeente en de boa’s serieus worden genomen. De beschikbare cijfers ondersteunen het beeld dat de gemeente Edam-Volendam voorstaat dat waar mogelijk in overleg wordt gegaan, maar waar nodig wordt opgetreden. Afgewogen inzet burgemeestersbevoegdheden De visie van de gemeente is dat het bestuurlijk handelen niet in de plaats mag komen van strafrechtelijk handelen. De rol van de burgemeester wordt met name gezien als die van verbinder naar de samenleving en verbinder van partijen. Het repressief optreden binnen de gemeente en ook door de burgemeester zelf wordt gezien als ultimum remedium. In lijn met dit gedachtegoed, wordt in Edam-Volendam alleen waar echt nodig gebruikgemaakt van het bijzondere instrumentarium van de burgemeester. Met name bij het sluiten van panden met een handelsvoorraad drugs wordt gebruikgemaakt van de bijzondere burgemeestersbevoegdheid om zo een pand te sluiten (artikel 13b Opiumwet).
56 HHOR evaluatie 2019, p. 3.
28
De rol van de burgemeester wordt niet gezien als één rol, het zijn verschillende rollen waarin moet worden aangejaagd, geïnspireerd en gestimuleerd als het gaat om beleid en uitvoering. De burgemeester speelt een belangrijke rol in het realiseren van de visie om in te zetten op het versterken van veiligheid (naast het bestrijden van onveiligheid). De (bestuurlijke) verantwoordelijkheid wordt gedeeld binnen de verschillende netwerken. Zo is bij het programma LEF niet de burgemeester in eerste instantie bestuurlijk aan zet, maar valt dit binnen de portefeuille van één van de wethouders. De burgemeester houdt daarbij de rol van verbinder.
3
Sturing door de raad
In dit hoofdstuk nemen wij de wijze waarop en de mate waarin de gemeenteraad zijn kaderstellende en controlerende rol invult ten aanzien van toezicht en handhaving op het gebied van openbare orde en veiligheid onder de loep. Daarbij kijken wij eveneens naar de informatie die de gemeenteraad over dit onderwerp ontvangt. De volgende deelvragen komen aan bod:
9. Hoe wordt de raad geïnformeerd over de met toezicht en handhaving op OOV bereikte resultaten? 10. Hoe vervult de raad zijn kaderstellende en controlerende rol met betrekking tot toezicht en handhaving op OOV? Deelvraag 11 wordt beantwoord in de conclusies en aanbevelingen: 11. Welke aanbevelingen kunnen aan de raad worden gedaan ten aanzien van sturing en controle?
3.1 /
Informatievoorziening vanuit het college
Uit het onderzoek blijkt dat de gemeenteraad regelmatig geïnformeerd en betrokken wordt op het gebied van veiligheid en op het gebied van VTH-taken. Ook ontvangt de raad op gezette tijden informatie ter kennisgeving. Zo wordt de gemeenteraad op de
29
hoogte gehouden van de uitgevoerde acties en de jaarlijks vastgestelde prioriteiten. Betrokkenheid van de raad bij een aantal specifieke beleidsstukken ziet er als volgt uit: /
/
Ten aanzien van VTH is een vaste cyclus van informatievoorziening en monitoring afgesproken. De gemeenteraad heeft de kadernota handhaving openbare ruimte 2019-2022 vastgesteld. Jaarlijks wordt de raad geïnformeerd over het uitvoeringsplan, dat vastgesteld wordt door het college. Ter uitwerking van het uitvoeringsplan wordt ieder kwartaal een rapportage opgesteld met de resultaten.57 Door deze cyclus van informatievoorziening krijgt de raad een idee van wat er speelt binnen het domein en wordt de raad geïnformeerd over de doelstellingen. De jaarlijkse uitvoeringsprogramma’s Veiligheid worden door het college vastgesteld. Via de ‘ter kennisgeving’ aangeboden uitvoeringsplannen wordt de raad geïnformeerd over de stand van zaken van het gevoerde beleid. Tevens wordt de raad op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen in het veiligheidsdomein via raadsinformatiebrieven en de jaarlijkse resultaten.
Naast schriftelijke informatie, wordt de raad ook op andere manieren van informatie voorzien. Een voorbeeld daarvan zijn themaavonden over zaken als ondermijning en de veiligheidsproblematieken in het middengebied. Bij deze avonden worden ook vaak veiligheidspartners zoals de politie betrokken. Ook worden er werkbezoeken georganiseerd, blijkt uit gesprekken. Daarnaast wordt de raad jaarlijks geïnformeerd over de resultaten en plannen van het programma LEF middels een presentatie. Volgens betrokkenen is er in de raad veel draagvlak voor het programma LEF en is de raad erg betrokken bij het onderwerp. De raad wordt op de hoogte gehouden van de voortgang van Allen voor Eén middels thema-avonden. Dit gebeurt nog niet op een vastomlijnde wijze. De reden hiervoor is dat er binnen het project nog vooral op een hoog abstractieniveau wordt gewerkt en er nog weinig concreet betrekking heeft op inwoners, blijkt uit interviews. De respons van raadsleden op informatiedeling of uitnodigingen is volgens betrokkenen wisselend. Daarnaast wordt normaliter twee tot drie keer per jaar op het gemeentehuis een kijkje in de keuken georganiseerd. Raadsleden kunnen dan verschillende workshops volgen, waaronder over openbare orde en veiligheid. Er zijn ambtenaren aanwezig, maar geen wethouders. De raad kan op een laagdrempelige manier vragen stellen en krijgt voeling bij het domein.
De raad en de ambtelijke organisatie ervaren deze avonden doorgaans als zeer prettig, geven gesprekspartners aan. Ten slotte wordt informatie met de raad gedeeld op informele momenten, bijvoorbeeld bij spoedeisende zaken of wanneer het vertrouwelijke informatie betreft. Uit de interviews blijkt dat er veel contact is tussen de raadsleden en het college. De raad stelt vragen en bestuurders zijn bereid om zaken bij te stellen of om specifieke onderwerpen meer prioriteit te geven. Hierdoor is het zelden nodig om suggesties of wensen van de raad formeel te maken met moties en amendementen. Tevens ervaart het college vertrouwen van de raad in de bekwaamheid van het college op het gebied van OOV. Dit resulteert ook in ruimte om te handelen.
3.2 /
Initiatieven vanuit de raad
Raad stelt verschillende beleidsstukken vast De raad wordt actief meegenomen bij het opstellen van de beleidsdocumenten op het gebied van OOV of stelt deze documenten zelf vast. De raad krijgt jaarstukken, uitvoeringsprogramma’s, veiligheidsplannen en projectplannen per wijk tijdig te zien. Op het vlak van veiligheid is de raad vooraf gevraagd om mee te denken over de prioritering en kaders van het AIV.58 Ten aanzien van het programma LEF heeft de gemeente in mei 2017 het beleidsprogramma LEF en het handhavingsprogramma LEF vastgesteld. In mei 2017 heeft de raad tevens ingestemd met de inzet van de narcoticahond. 59 Bij de actualisering van de APV zijn er verschillende sessies voor de raad georganiseerd. In elke sessie stond een thema centraal – zoals inhoudelijke prioritering en deregulering – waarop de raad richting kon aangeven. Raad is actief en betrokken bij OOV Voor het maken van beleid zijn initiatieven vanuit de raad van belang. De raad heeft namelijk zicht op zaken en zorgen die spelen in de samenleving. De geïnterviewden geven aan dat de raad geïnteresseerd is in openbare orde en veiligheid en veel vragen stelt. De raad heeft sinds 2019 één motie ingediend. De raad neemt een actief controlerende rol aan. Er zijn sinds 2017 tien schriftelijke vragen gesteld over toezicht en handhaving op OOV:
Veiligheid omtrent Kermis (2017); Handhaven/controle vuurwerkoverlast (2018);
57 Rapportage Handhaving oktober 2019. 58 Raadsvoorstel Actieprogramma Integrale Veiligheid 2018-2022. 59 Memo narcoticahond.
30
Handhaven/controle fietsverlichting (2018); Cameratoezicht op de Dijk in Volendam (2018); Percentage opgeloste misdrijven (2019); Verlenging aanwijzingsbesluit cameratoezicht (2019); Actieprogramma Integrale veiligheid (2020); Cameratoezicht (2020); Camera’s Zuideinde (2020); Handhaving tijdens Pasen (2020).
De schriftelijke vragen tonen een oplettende raad die controlerende vragen stelt naar aanleiding van aangereikte beleidsstukken, informatie vanuit inwoners en onderwerpen die in de publieke aandacht staan. Uit de interviews blijkt dat de raad actief invulling geeft aan zijn volksvertegenwoordigende rol door signalen uit de samenleving door te geven. Dit zijn bijvoorbeeld signalen over concrete zaken waarop gehandhaafd kan worden. De signalen worden meestal direct met het team handhaving en de boa’s gedeeld en soms met de burgemeester.
31
Bijlage 1: Bronnen
Gesprekspartners Naam
Functie
Datum
Mevrouw Lieke Sievers
Burgemeester Edam-Volendam
16-02-2021
De heer Hans van der Woude
Gemeentesecretaris; Leidinggevende Sectie Integrale Veiligheid
11-03-2021
De heer Martijn Spigt
Netwerkontwikkelaar Zorg & Veiligheid
11-03-2021
De heer Jeroen Kroeb
Beleidsmedewerker integrale veiligheid
11-03-2021
De heer Peter Oor
Boa
11-03-2021
De heer Pieter Loos
Wijkagent
11-03-2021
Mevrouw Margriet Bokdam
Teamchef politie
11-03-2021
Mevrouw Léonie Boor
Beleidsmedewerker Ontwikkeling & Projecten
11-03-2021
Mevrouw Ina Koning
Assistent professor Interdisciplinary Social Science Universiteit Utrecht
11-03-2021
Mevrouw Vera Kuler
Procescoördinator Zorg & Veiligheidshuis Zaanstreek- Waterland
11-03-2021
Bronnen In de lopende tekst is via voetnoten vermeld op welke documentatie de bevindingen zijn gebaseerd.
32
Bijlage 2: Afkortingen
In de rapportage worden verschillende afkortingen gebruikt. Deze worden hieronder verklaard:
AD: Algemeen Dagblad AIV: Actieprogramma Integrale Veiligheid 2018-2022 APV: Algemene Plaatselijke Verordening Boa: Buitengewoon opsporingsambtenaar CMS: Content Managementsysteem DHW: Drank- en Horecawet IMV: Integraal Meerjarig Veiligheidsbeleid KHN: Koninklijke Horeca Nederland OOV: Openbare Orde en Veiligheid RIEC: Regionaal Informatie en Expertise Centrum SMART: Specifiek, meetbaar, acceptabel, realistisch en tijdsgebonden UU: Universiteit Utrecht VTH: Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Wet Bibob: Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur
33
Bijlage 3: Inventarisatie Actieprogramma Integrale Veiligheid 2018-2022 Om tot het AIV te komen, is in de gemeente in de zes gebieden geïnventariseerd wat voor inwoners en ondernemers belangrijke aandachtspunten zijn. De vijf belangrijkste aandachtspunten per gebied staan hieronder vermeld: De Oude Kom van Volendam 1. 2. 3. 4. 5.
Aandacht voor uitgaansproblematiek: gedrag vernieling en geluid; Aandacht voor verkeer en doorstroom: ruimteproblematiek; Aandacht voor handhaving gemaakte afspraken ten aanzien van toerisme; Aandacht voor begaanbare stoepen voor ouderen en mensen met kinderwagens; Aandacht voor het stimuleren van duurzaam toerisme.
Zeevang & de Purmer 1. 2. 3. 4. 5.
Aandacht voor verkeerssnelheid en verkeersveiligheid; Aandacht voor het creëren van aantrekkelijke en betaalbare nieuwbouw voor starters (en senioren), dit om een diverse bevolkingssamenstelling te bevorderen; Aandacht voor het verbeteren van de verkeersveiligheid bij de (kruising van de) N247; Aandacht voor het stimuleren van de (sociale) voorzieningen en jongere vrijwilligers; Heb zorg voor elkaar en zorg voor voldoende zorg.
De Blokgouw 1. 2. 3. 4. 5.
Aandacht voor de ‘racebaan’; rond de Blokgouw wordt te hard en asociaal gereden; Aandacht voor het aanpassen van obstakels die fietsverkeer hinderen en aan naar het afremmen van autoverkeer; Aandacht voor handhaving op parkeren. Bouwbusjes niet meer voor de deur van bewoners; Aandacht voor onderhoud van de openbare ruimte (inclusief functiegebieden zoals honden uitlaatplekken); Overweeg plaatsing van voldoende afvalcontainers in heel de gemeente.
De Broeckgouw & het Middengebied 1. 2. 3. 4. 5.
Aandacht voor de verbetering van de verkeersontsluiting; Aandacht ter voorkoming parkeerpieken bij het zwembad; Aandacht voor het verminderen van overlast van de bouw, bouwverkeer en groeipijnen; Aandacht voor goed telefoonbereik; Aandacht voor voldoende afval- en papiercontainers.
Oude Kom van Edam
34
1. 2. 3. 4. 5.
Aandacht voor de gebiedsontwikkeling Korsnäs/Hoogstraat; Aandacht voor behoud middenstand en voorzieningen; Stimuleer diversiteit van sociale samenstelling en type woningen – geen tijdelijke bewoners en investeerders; Aandacht voor behoud en onderhoud van het groen, behoud van bomen en herplanting; Aandacht voor verminderen verkeersdrukte en parkeeroverlast.
Edam 1. 2. 3. 4. 5.
Aandacht verbetering van verkeer en de handhaving daarvan; Stimuleer contact tussen jong en oud; Onderhoud communicatie vanuit en met de gemeente; Aandacht ter voorkoming opstapeling van afval; Aandacht voor onderhoud van het groen.
35
Bijlage 4: Toelichting Horecaconvenant
Toezicht tijdens uitgaanstijden
De gemeente draagt zorg voor de inzet van boa’s. De boa’s houden zich met name bezig met laagdrempelig toezicht, alsmede met toezicht op de naleving van de Drank- en Horecawet. Waar nodig zullen de boa’s bijgestaan worden door de politie. Ten slotte vervult de gemeente een communicatie en informatierol naar de betrokken partijen én naar bezoekers en inwoners van de gemeente.
Sluitingstijden
De politie ziet toe op de naleving. Bij overtreding van de sluitingstijdenregeling wordt zo spoedig mogelijk een rapportage opgemaakt en wordt de burgemeester daarvan op de hoogte gesteld. 60
Glasoverlast
Toezicht en handhaving op het verbod om in een openbare plaats flessen en glazen met alcoholhoudende drank bij zich te hebben, is een gedeelde verantwoordelijkheid van de gemeente en politie. De boa’s controleren op de aanwezigheid van glas buiten de horecabedrijven, met uitzondering van de terrassen.
Kwaliteit van de omgeving
De gemeente draagt zorg voor schoonmaken, openbare verlichting, vandalismebestendig straatmeubilair, verwijderen graffiti en ter beschikking stellen openbare toiletten. De politie ziet er samen met de boa’s op toe dat de verschillende voorzieningen in het uitgaansgebied niet het doelwit worden van vandalisme.
Verantwoord alcoholgebruik
Overmatig gebruik tijdens de uitgaansuren kan leiden tot conflictsituaties en plas-, glas-, en geluidsoverlast en vandalisme. De afspraken richten zich op een verantwoorde verstrekking en gebruik van alcoholhoudende dranken. De gemeente neemt hiertoe diverse maatregelen, zoals het stimuleren en bekostigen van voorlichtingscampagnes over alcoholgebruik op basis- en middelbare scholen en het toezicht houden op het verstrekken van alcoholhoudende drank aan jeugdigen.
Drugsvrije horeca
Bij het constateren van de handel in (soft)drugs in de inrichting zal handhavend worden opgetreden door de burgemeester. Ook stimuleert de gemeente de voorlichting over drugsgebruik en drugsmisbruik.
Wapenvrije horeca
Bij het constateren van de aanwezigheid en/of handel van (vuur)wapens in het pand treedt de burgemeester handhavend op.
60 Horecaconvenant 2017, p. 7.
36