Binnengekomen post - Commentaar op het proces voor de locatiekeuze voor de Trimaran - Edwin Cool
Tekst van het document
Commentaar op het proces voor de locatiekeuze voor de Trimaran Op 21 maart staat voor de raadspleinvergadering de locatiekeuze voor de Trimaran op de agenda. Ter voorbereiding op deze vergadering heb ik de meest recente stukken, beschikbaar als bijlagen in het officiële vergadermanagement systeem van de gemeente (iBabs) doorgenomen. Wat mij erg heeft gestoord bij het lezen van deze stukken is het grote aantal fouten en tegenstrijdigheden in de aangeleverde documentatie. Ook ontbreken een aantal risico’s die voor een goede evaluatie toch zeker genoemd moeten worden. Volgens mij is het hierdoor niet mogelijk voor de raad om op basis van de in deze bijlagen aangeleverde informatie een zuivere beslissing te nemen. De kwalitatief ondermaatse beleidsstukken vertroebelen de beeldvorming. Het college vraagt echter wel om een besluit en doet een voorstel om slechts één voorkeursscenario in detail uit te werken. Dit voorkeursscenario van het college, bouwen van de Trimaran met kindpartner op een voetbalveld van de EVC, stuit echter op veel maatschappelijke weerstand vanuit de sport en omwonenden. Wellicht dat het college met het beantwoorden van vragen uit de raad nog wat verbeteringen aan kan brengen.
Echter deze antwoorden zullen waarschijnlijk pas zeer kort voor de raadsvergadering bekend worden, waardoor het zeer moeilijk gemaakt wordt om deze passend in zowel besluitvorming als participatie te verwerken. Hieronder een puntsgewijze behandeling van de fouten en tegenstrijdigheden in deze beleidstukken. Op zich kan een enkele onvolmaaktheid als insignificant worden afgedaan, maar onderstaand aantal voorbeelden resulteren in een incorrecte beeldvorming voor dit dossier. Ook zal ik een aantal blinde vlekken aanstippen, punten die nog niet belicht zijn maar wel belangrijk kunnen zijn voor een zorgvuldige besluitvorming. Afsluitend wil ik alvast mijn conclusie trekken uit onderstaande lijst: Het voorkeursscenario van het college kan niet eenduidig onderbouwd worden met de aangeleverde informatie door fouten, tegenstrijdigheden en gebrekkige risicoanalyse. Alleen uitwerken van het voorkeursscenario biedt onvoldoende houvast voor een gebalanceerd definitief besluit op een later tijdstip. Alternatieve scenario’s zijn namelijk onterecht afgevallen zodat de kans reëel is dat zij in vergelijking met het uitgewerkte voorkeursscenario beter zouden scoren. Tussen de eerste en tweede raadspleinvergadering waarin om een locatiebesluit van de Trimaran wordt gevraagd zitten vier maanden.
Ogenschijnlijk tijd genoeg om het dossier op orde te hebben, onderstaande lijst geeft echter meerdere aanleidingen om serieuze twijfels over de kwaliteit van het voorkeursvoorstel te hebben. Dit is een onacceptabel risico. Ik zie twee mogelijke oplossingen: 1) Herbouw van de Trimaran op de huidige locatie heeft een lager risicoprofiel dan het voorkeursscenario EVC veld, wordt door het college al erkend als mogelijke keuze en heeft naar mijn inschatting veel minder maatschappelijke weerstand. Dit is volgens mij de enige reële mogelijkheid als de raad zich gedwongen voelt tijdens de raadspleinvergadering te kiezen voor een door het college valide geachte optie. 2) Kies ervoor om nogmaals meer tijd te nemen voor het kwalitatief vergelijken van de scenario’s, inclusief onterecht afgevallen scenario’s (groenstrook en Singelgebouw) zodat er appels met appels vergeleken worden op het gebied van stedenbouwkundige inpassing, ontsluiting, sport, natuur en sociale aspecten. Ik ben ervan overtuigd dat hieruit een beter voorkeursscenario naar voren zal komen.
Fouten, tegenstrijdigheden en onbenoemde/onderbelichte risico’s: Capaciteitsbehoefte EVC In het dossier worden in verschillende documenten tegenstrijdige en onjuiste uitspraken gedaan over de capaciteitsbehoefte (behoefte aan voetbalvelden) van EVC. In het document “haalbaarheidsanalyse Trimaran” is een tabel aanwezig waarin de huidige situatie en groeimogelijkheden uiteengezet worden op basis van normberekeningen van de KNVB. Reeds tijdens de raadspleinvergadering van 23 november 2023 is er bezwaar gemaakt door EVC over de cijfers in deze tabel en wordt door hen bestreden dat EVC minder velden nodig heeft. In het recentere document “Voorstel locatiekeuze Trimaran” wordt wel aangekaart dat EVC groeiambities heeft en daarvoor het bestaande aantal velden nodig zegt te hebben, maar wordt daarna dezelfde tabel weer van stal gehaald. Zonder onderbouwing wordt daarna gesteld dat “Het efficiënt benutten van de velden kan ervoor zorgen dat er een veld minder nodig is dan de richtlijnen die de KNVB voorschrijft.” Wensdenken als oplossing voor een tekort aan velden! Ondanks discussies met EVC is er geen aangepaste tabel opgenomen waarin EVC zich wel kan herkennen. Wel is er een nieuwe tabel opgenomen met hierin een overzicht van de bespelingsnorm en beschikbare velden. Helaas met incorrecte cijfers.
EVC heeft volgens de tabel vier velden, terwijl zelfs in de begeleidende tekst van hetzelfde document staat dat EVC een veld heeft afgestaan aan FC Volendam en dus drie velden heeft. FC Volendam staat wel open voor het gebruik van haar veld op het complex als zij het zelf niet nodig heeft. Een goed staaltje van sportief samenwerken, maar toch een schijnoplossing, de behoefte aan velden voor wedstrijden is gebonden aan specifieke tijdstippen waarin meestal niet geschoven kan worden. Dubbelgebruik op hetzelfde tijdstip is alleen mogelijk als de teams tegen elkaar spelen. Bovendien zal FC Volendam het kunstgrasveld straks harder nodig zal hebben voor trainingen, omdat haar kunstgrasveld in het Kras stadion vanwege KNVB normen vervangen zal moeten worden door echt gras wat in een stadion een stuk kwetsbaarder is. Gezien de fouten in de documenten, het zonder discussie vasthouden aan reeds betwiste cijfers en wensdenken als oplossing voor een aankomend gebrek aan voetbalvelden is het zeer twijfelachtig dat de sportbelangen goed meegewogen zijn in het huidige voorkeursscenario van de gemeente.
Inconsistente vergelijkingen ruimtebehoefte In de stukken schrijft het college dat er ongeveer een half voetbalveld nodig is bij realisatie van de school op een EVC veld (scenario 2) en dat hierdoor 3,5 veld overblijven voor het EVC complex. Inderdaad kan in de details teruggevonden worden dat er voor de school uitgegaan wordt van een netto ruimtebehoefte van 3715 m2, dit is ruwweg de heft van de 7500 m2 van het kleinste EVC veld (Veld D). Echter in Scenario 1: Trimaran op locatie Singelgebouw is deze 3715 m2 uit scenario 2 ineens niet meer genoeg en wordt deze uitgebreid tot 5065 m2 voor realisatie van toegangswegen, fiets- en voetpaden en groen. Het is tegenstrijdig om deze extra ruimte maar in één scenario toe te voegen en daardoor appels en peren te vergelijken. Bovendien is het twijfelachtig wat EVC kan doen met een half veld (en waarschijnlijk dus minder). Een simpele situatieschets zou dit al duidelijk maken, maar deze is in de documenten niet te vinden.
Uitspraken en cijfers spreken elkaar tegen Het document haalbaarheidsonderzoek CPOW bevat een tabel met een uitgebreide vergelijking tussen de scenario’s. Onderdeel is een vergelijking tussen de beschikbare buitenspeelruimte in scenario 2 (EVC veld) en scenario 3 (huidige locatie Trimaran). Hierin wordt geschetst dat de EVC locatie “zeer veel ruimte” heeft en de locatie Trimaran “Genoeg ruimte mits er geen extra weg wordt aangelegd”. Dit is in tegenspraak met de cijfers: Het halve voetbalveld van scenario 2 op het EVC terrein is met ruim 3700m2 slechts ongeveer de helft van de 7000m2 in scenario3 op de huidige Trimaran locatie. Dus de uitspraken in de tabel zijn in tegenstrijd met de cijfermatige onderbouwing. De aanleg van wegen is hierin van ondergeschikt belang omdat dit voor beide scenario’s meegenomen moet worden.
Onduidelijkheid over parkeerlocaties Het document haalbaarheidsonderzoek CPOW vergelijkt ook de parkgelegenheid tussen de scenario’s EVC, Singel en huidige plek Trimaran. Ook hier worden appels en peren vergeleken als er naar de cijfermatige onderbouwing wordt gekeken. De uitspraak: “alle ouders ‘moeten’ aan de kant van Berend Botje parkeren. Dan hebben de bewoners v.d. Molenwijk hier geen last van” wijst op het gebruik van de huidige parkeerplaatsen bij EVC. Echter dit strookt niet met het opnemen van parkeerruimte en ruimte voor halen en wegbrengen in de ruimtebehoefte op het benodigde perceel voor de school. Bij scenario Singelgebouw wordt het tekort aan parkeerruimte opgevoerd als reden waarom de kavel te klein is, terwijl hierbij weer niet gekeken is naar de bestaande parkeerplekken bij EVC om deze behoefte in te vullen. De afstand tussen de parkeerplekken bij EVC en het Singelgebouw is vergelijkbaar aan de afstand tussen deze plekken en een school op EVC veld C of D.
Parkeernormen Het meenemen van parkeerruimte in de plannen voor een nieuw schoolgebouw is logisch. Het is uiteraard niet gewenst dat de realisatie van een schoolgebouw leidt tot parkeeroverlast in de omliggende openbare ruimte. Maar zeker in het kader van de mobiliteitsdoelstellingen om fietsen en lopen te stimuleren kan hier wel creatief invulling aan worden gegeven. Schoollocatie “De Nieuwe School” bewijst dat parkeren op hetzelfde terrein als de school geen dwingende verplichting is. Deze school is wel bijna de helft kleiner en heeft geen kindpartner op hetzelfde terrein, maar is gevestigd in een drukke binnenstad, waarin ongetwijfeld ook goed gekeken is naar parkeerbelasting op de openbare ruimte en waarbij er geen verplichtingen voor kiss and ride voorzieningen op eigen terrein zijn opgelegd met bijbehorende wegen. Het gebruik van parkeerruimte grenzend aan EVC of de parkeerruimte bij het atletiekveld zou dus zeker in de evaluatie meegenomen moeten worden waardoor locatie Singelgebouw weer meegenomen zou moeten worden.
Onterecht afvallen locatie Singelgebouw Het scenario Singelgebouw is volgens het college te klein en is daarom afgevallen. Over ruimtegebruik en mogelijkheden om eventuele tekorten slim op te lossen lijkt niet echt hard te zijn nagedacht. De naast het Singelgebouw gelegen sportcomplex met de atletiekbaan, survivalrun baan en beachvolley velden beschikt zowel over een aardig aantal parkeerplaatsen als een groot aantal vierkante meters voor het parkeren van fietsen. Logisch zou dan zijn om te onderzoeken of gedeeld gebruik van dergelijke voorzieningen mogelijk zijn omdat gebruiksuren verschillend zijn.
Kindpartner mogelijkheden op locatie Singelgebouw Ook het bijna direct afwijzen van enige mogelijkheden met het “gele vlak” (dit is de locatie van buitenschoolse opvang Berend Botje) is curieus. CPOW heeft weliswaar aangegeven met een andere kindpartner in zee te willen gaan, maar schaarse gemeentegrond reserveren voor met elkaar concurrerende commerciële opvangorganisaties zal de markt verstoren. Dit heeft potentieel grote risico’s voor Berend Botje en de door de Trimaran gekozen kindpartner. Momenteel heeft Berend Botje op deze gele vlek zeker drie keer de oppervlakte die beoogd is voor de nieuwe kindpartner bij de Trimaran. Kloppen de cijfers voor de benodigde oppervlakte van de kindpartner dan wel? CPOW heeft al aangegeven dat er mogelijk meer ruimte voor kindpartners gewenst is, maar er staat in de documenten niet of dit schuurt met marktwerking, concurrentie en aanbestedingsregels. Hoe ziet Berend Botje de toekomst als kinderopvang in relatie tot de plannen voor Integrale Kind Centra bij zowel Trimaran als Piramide
Wat is het voordeel van een kindpartner op een sportcomplex? Een voordeel dat sterk wordt belicht bij scenario 2 (school op een EVC veld) is de “combinatie van school/sport/kindpartners”. Dit is zelf een speerpunt van beoogd kindpartner Sportify en zou op het EVC terrein optimaal ingevuld kunnen worden?. Dit punt wordt echter niet praktisch ingevuld. Is het de insteek dat Sportify gebruiker wordt van Edamse sportvoorzieningen op het EVC terrein, Bolwerck en mogelijk het atletiekterrein? Ontstaat er dan concurrentie om capaciteit voor sport tussen een commerciële kindpartner en de sportverenigingen in onze gemeente? Of is het alleen de nabijheid die van belang is: zien sporten, doet sporten? Dit kan dan juist een stimulans zijn voor lidmaatschap van EVC waardoor er bij hen meer veldcapaciteit nodig is. Bovendien kan Berend Botje zich uiteraard ook meer op sport richten als dit commercieel interessant is, zij zijn al perfect gesitueerd in de nabijheid van sportvoorzieningen.
Beoordelingscriteria voor haalbaarheidsonderzoek Criteria in de onderbouwing van het voorstel aan de raad zijn toch zeker arbitrair te noemen. Als voorbeeld “Toekomstbestendig bouwen” Hierbij wordt voor de locaties gekeken wat de impact is voor woningbouw op deze locatie in de komende 60 jaar. Hiermee wordt de open deur ingetrapt dat de bouw van een school de bestemming van een perceel voor de komende 60 jaar vastlegt, maar dit geld uiteraard voor zo’n beetje alle gebouwen die worden neergezet, ongeacht de locatie. Voor woningen kan de horizon zelfs honderden jaren zijn, kijkend naar de Edamse binnenstad. Locatiekeuze is een stedenbouwkundig vraagstuk, daarom is het voor een zorgvuldig besluitvormingsproces onbegrijpelijk dat locaties afgevallen zijn met slechts een oppervlakkig onderzoek, maar dat het voorkeursscenario stedenbouwkundig niet of nauwelijks is uitgewerkt. Uit geen van de stukken komt duidelijk naar voren waarom de raad zich achter een voorkeursscenario moet scharen voordat er uitgebreider onderzoek naar dit scenario plaats kan vinden.
Risicoinventarisatie ontsluiting De risicoinventarisatie in het document “Voorstel locatiekeuze EVC” is marginaal. Bij scenario 1 (locatie huidige Trimaran) wordt als voorwaarde genoemd dat het wegennet het verkeer aan moet kunnen. Bij scenario 2 (Locatie EVC) wordt ontsluiting echter niet als risico vermeld. Dit is zeer tegenstrijdig omdat er mogelijkheden zijn om locatie Trimaran aan te sluiten op een doorgaande weg die in meerdere richtingen ontsloten is, terwijl de ontsluiting van het EVC terrein uitsluitend mogelijk is via secundaire straten door woonwijken. Het voorsorteren op een locatiekeuze voordat de risico’s van ontsluiting in kaart zijn gebracht past meer in een casino dan in een raadszaal.
Ecologische risico’s Ecologische risico’s met betrekking tot de keuze voor het EVC terrein zijn ook een blinde vlek die geen enkele keer genoemd wordt in de informatie voor dit besluitvormingsproces. Dit terwijl de gemeente zich heeft verbonden aan de bescherming van kwetsbare natuur binnen de gemeentegrenzen en deze bescherming ook nationaal en Europees wordt afgedwongen. Onderschatting van ecologische risico heeft reeds vele bouwprojecten lang vertraagd voor onderzoek of juridische procedures tot aan de hoogste rechtscolleges. Dit terwijl het college er meerdere malen op aangedrongen heeft dat snelheid belangrijk is omdat de scholen niet lang meer op een nieuwe gebouw kunnen wachten gezien de staat en capaciteit van de huidige gebouwen.
Onterecht afvallen Eco school voorstel op locatie groenstrook Een zeer fraai uitwerkte alternatieve voorzet voor het gebruik van de groenstrook locatie tussen Edam en Volendam om hier een Eco school te realiseren, waarin de focus ligt op het behoud van de ecologische waarde van de groenstrook is in enkele zinnen door het college af geserveerd: In de groenstrook mag niet gebouwd worden omdat dit een onderdeel is van de hoofdgroenstructuur die door de gemeenteraad is vastgesteld. Lijkt wellicht een logisch argument. Echter als we het officiële groenbeleidsplan van de gemeente erop naslaan komt er een ander beeld naar boven. Hierin worden de groenblauwe structuren van de gemeente in kaart gebracht, waarin alle groene verblijfsruimten in kaart worden gebracht die onderdeel zijn van het plan: parken, groenstroken, maar ook recreatieterreinen en sportvelden! Op basis hiervan zou je dus ook verwachten dat een school op een EVC veld al bij het toetsen op het groenbeleidsplan zou zijn afgevallen. Het mogelijke argument dat een sportveld iets ander omvat als de hoofdgroenstructuur, waarbij dit laatste zwaarder beschermd moet worden, wordt door eerdere gemeentebeslissingen al omver gehaald. De nieuwe Zuiderzeeweg die binnenkort geopend zal worden is aangelegd op een trace dat gemarkeerd is als “te versterken structuur” in het groenbeleidsplan.
Daarnaast heeft het college onlangs voorgesteld om een terrein grenzend aan de nieuwe Zuiderzeeweg, dus ook gemarkeerd als “te versterken structuur” en bovendien aangemerkt als Bijzonder Provinciaal Landschap mee te nemen als grote kanshebber voor het bouwen van het nieuwe stadskantoor van de gemeente. Daarmee geeft de gemeente aan dat met een “goed plan” dus wel gebouwd kan worden in de groenstructuur en zou dus zeker een ecologisch plan voor een school op zijn merites beoordeeld moeten worden.