Besluit Verordening Gemeentelijke Adviescommissie Fysieke Leefomgeving EV.docx
Tekst van het document
Voorstelnummer 38-2022 B Agendanummer 8 Verordening op de gemeentelijke adviescommissie fysieke leefomgeving Edam-Volendam. De raad van de gemeente Edam-Volendam; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 12 april 2022; gelet op artikel 108 en 149 van de Gemeentewet en afdeling 17.2 van de Omgevingswet; B E S L U I T: vast te stellen de Verordening op de gemeentelijke adviescommissie fysieke leefomgeving EdamVolendam. Paragraaf 1. Algemene bepalingen Artikel 1. Definities In deze verordening wordt verstaan onder: - commissie: gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in artikel 17.9 van de wet, genaamd gemeentelijke adviescommissie fysieke leefomgeving Edam-Volendam; - goede omgevingskwaliteit; hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1.3 van de wet; - wet: de Omgevingswet. Paragraaf 2. Adviestaak Artikel 2. Taak en werkzaamheden 1. De commissie heeft als taak de raad en burgemeester te adviseren bij de uitoefening van hun taken en bevoegdheden op grond van de wet met het oog op het bereiken en in stand houden van een goede omgevingskwaliteit en al hetgeen daarmee verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn. Daaronder wordt in elk geval begrepen het geven van voorlichting over de doelstelling van een goede omgevingskwaliteit en over de werkzaamheden van de commissie. 2. Ter uitvoering van haar taak: a.
adviseert de commissie op verzoek van burgemeester en wethouders over een aanvraag om of een ontwerpbesluit voor een omgevingsvergunning voor: 1. een rijksmonumentenactiviteit met betrekking tot een monument; 2. een omgevingsplanactiviteit die betrekking heeft op een voor beschermd gemeentelijk of provinciaal monument of een gemeentelijk of provinciaal monument; 3. een omgevingsplanactiviteit in geval de commissie in het omgevingsplan als adviseur is aangewezen; 4. een andere activiteit in geval burgemeester en wethouders advies nodig achten met het oog op het bereiken en in stand houden van een goede omgevingskwaliteit;
PAGINA 1 VAN 6
b. adviseert de commissie op verzoek van burgemeester en wethouders over het door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap aanwijzen van een onroerende zaak als rijksmonument ingevolge artikel 3.1, eerste lid, van de Erfgoedwet, of over het aan een locatie geven, wijzigen of intrekken van de functie-aanduiding gemeentelijk monument of een functie-aanduiding anders dan een gemeentelijk monument die betrekking heeft op cultureel erfgoed op grond van artikel 4.2, eerste lid, van de wet; c. adviseert de commissie op verzoek van burgemeester en wethouders over het ontwikkelen van beleid inclusief omgevingsvisie, omgevingsplan en maatwerkregels voor de omgevingskwaliteit; d. adviseert de commissie op verzoek van burgemeester en wethouders in een geval van een verkenning als bedoeld in artikel 5.48 van de wet en in andere gevallen waarin burgemeester en wethouders een advies nodig achten in verband met een verkenning van een mogelijk bestaande of toekomstige opgave in de fysieke leefomgeving. e. informeert en begeleidt de commissie op verzoek van burgemeester en wethouders planindieners en ontwerpers gedurende het ontwerpproces; f. adviseert de commissie op verzoek van burgemeester en wethouders over initiatieven voorafgaand aan het indienen van een aanvraag; g.
adviseert de commissie op verzoek van burgemeester en wethouders over het stellen van maatwerkvoorschriften in verband met het uiterlijk van bouwwerken, de zorg voor cultureel erfgoed (en werelderfgoed) en andere zaken die de omgevingskwaliteit betreffen; h. adviseert de commissie op verzoek van burgemeester en wethouders over het geven van beschikkingen op grond van regels in verordeningen op grond van artikel 149 van de gemeentewet of de Verordening fysieke leefomgeving Edam-Volendam die een eis ten aanzien van de omgevingskwaliteit bevatten. Paragraaf 3. Aanwijzing van besluiten waarover verplicht advies moet worden gevraagd Artikel 3. Verplichte advisering Burgemeester en wethouders winnen advies van de commissie in omtrent een te nemen beslissing als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder a, onderdelen 1 tot en met 3, en onder b. Paragraaf 4. Samenstelling en inrichting Artikel 4. Samenstelling 1. De commissie als bedoeld in artikel 1 bestaat uit ten minste drie leden, de voorzitter daaronder begrepen. Bij incidentele afwezigheid van een lid wordt hij/zij vervangen door een deskundige met een gelijkwaardig profiel uit het “Register van plaatsvervangers” van de Stichting Mooi Noord-Holland. 2.
In afwijking van het eerste lid wordt de commissie uitgebreid met een monumentendeskundige in gevallen waarin specifieke deskundigheid op het gebied van monumenten en-of cultuurhistorie is vereist. 3. De leden, de monumentendeskundige daaronder begrepen, worden benoemd op persoonlijke titel op grond van de professionele deskundigheid die nodig is voor de advisering en op grond van maatschappelijke kennis en ervaring.
PAGINA 2 VAN 6
4. In afwijking van het eerste lid wordt de commissie uitgebreid met een burgerlid. Een burgerlid wordt op afroep toegevoegd als lid van de commissie voor de behandeling van plannen binnen de gebieden in Zeevang, het beschermde Stadsgezicht van Edam en het cultuurhistorisch attentiegebied binnen de Oude Kom van Volendam. 5. Burgerleden worden benoemd op persoonlijke titel en op grond van een zekere maat van deskundigheid en kennis op het gebied van (bouw) historie van een specifiek gebied binnen de gemeente. 6. De commissie telt gelet op artikel 17.9, eerste lid, van de wet enkele leden deskundig op het gebied van monumentenzorg. 7. De disciplines die de leden in gezamenlijkheid vertegenwoordigen zijn ten minste: cultuurhistorie, (lokale) bouw -en architectuurhistorie, restauratiearchitectuur, architectuur, landschapsarchitectuur, stedenbouw en monumentenzorg. 8. De leden en de plaatsvervangers zijn niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur. Artikel 5. Kandidaatstelling en benoeming 1. De leden van de commissie, de voorzitter en de monumentendeskundige daaronder begrepen, worden door Mooi Noord-Holland als kandidaat voorgedragen aan het college van burgemeester en wethouders. 2. De leden en burgerleden van de commissie worden op voorstel van het college van burgemeester en wethouders benoemd en ontslagen door de gemeenteraad. 3.
De leden van de commissie kunnen ten hoogste voor een termijn van vier jaar worden benoemd. Zij kunnen eenmaal worden herbenoemd voor een periode van ten hoogste vier jaar. 4. In afwijking van het derde lid kan een lid met kennis op het gebied van monumentenzorg onbeperkt worden herbenoemd. 5. Afgetreden leden zijn twee jaar na hun aftreden weer hernoembaar. 6. Omwille van de continuïteit worden de leden van de commissie benoemd en herbenoemd in een alternerend systeem. 7. De leden worden op eigen aanvraag ontslagen. Zij kunnen voorts door burgemeester en wethouders worden geschorst en door de raad worden ontslagen wegens ongeschiktheid, onbekwaamheid of op andere zwaarwegende gronden. Artikel 6. Ondersteuning. 1. Het secretariaat van de commissie berust bij Stichting Mooi Noord-Holland. 2. Het secretariaat wordt bij uitoefening van zijn taak rechtstreeks aangestuurd door de voorzitter. Paragraaf 5. Advisering en standpuntbepaling. Artikel 7. Termijn van advisering. 1. Burgemeester en wethouders kunnen aangeven binnen welke termijn een advies wordt verwacht. 2. In geval burgemeester en wethouders geen termijn hebben gesteld brengt de commissie advies uit binnen een termijn van 2 weken.
PAGINA 3 VAN 6
Artikel 8. Beraadslaging en standpuntbepaling 1. De vergaderingen waarin een of meer adviezen over aanvragen om omgevingsvergunning door of namens de commissie worden vastgesteld zijn openbaar. De agenda voor de vergadering van de commissie wordt tijdig op een geschikte wijze bekend gemaakt. Indien burgemeester en wethouders - al dan niet op verzoek van de aanvrager – een verzoek indienen tot niet-openbare behandeling, dan dienen burgemeester en wethouders daaraan klemmende redenen op grond van artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur ten grondslag te leggen. De openbaarheid geldt zowel voor de beraadslagingen, de beoordeling als de adviezen. 2. De aanvrager van de omgevingsvergunning of zijn gemachtigde heeft de mogelijkheid tot toelichting van de aanvraag ten overstaan van de commissie. Tijdens de beraadslagingen is er geen spreekrecht. 3. Over de uit te brengen adviezen wordt niet besloten dan in aanwezigheid van ten minste drie leden. Over een advies over een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een rijksmonumentenactiviteit met betrekking tot een monument of een activiteit voor een provinciaal of een gemeentelijk monument wordt niet besloten dan in aanwezigheid van ten minste twee leden met deskundigheid op het gebied van monumentenzorg. 4.
Leden die als opdrachtgever, ontwerper of anderszins betrokken zijn bij de uitvoering van een activiteit waarvoor een aanvraag is gedaan waarover de commissie adviseert, onthouden zich van medewerking aan het desbetreffende advies en zijn tijdens de behandeling van en de besluitvorming over het advies niet in de vergadering aanwezig. 5. De geheimhoudingsplicht als bedoeld in artikel 2:5, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing op de commissie en de daarvoor werkzame personen. Artikel 9. Afdoening onder verantwoordelijkheid van de commissie De commissie kan onverminderd het bepaalde in artikel 17.9, eerste lid, van wet de advisering over een aanvraag om een omgevingsvergunning of over de voorbereiding van een andere beschikking onder verantwoordelijkheid van de commissie overlaten aan een of meer daartoe aangewezen leden, of een subcommissie. Artikel 10. Adviseurs 1. De commissie kan zich voor het inwinnen van inlichtingen wenden tot daartoe door burgemeester en wethouders aangewezen ambtenaren. 2. De commissie kan zich doen bijstaan door andere personen, voor zover dat voor de vervulling van haar taak nodig is. 3. De in het eerste en tweede lid bedoelde personen kunnen op uitnodiging van de commissie als adviseur deelnemen aan de beraadslagingen. Artikel 11.
Verwerking van het advies In geval burgemeester en wethouders een beschikking geven in afwijking van het door de commissie uitgebrachte advies verzenden zij een afschrift van die beschikking aan de commissie.
PAGINA 4 VAN 6
Paragraaf 6. Werkwijze Artikel 12. Reglement van orde. 1. De commissie stelt haar werkwijze binnen de kaders van deze verordening nader vast in een reglement van orde. 2. In het reglement van orde komt ten minste aan de orde: a. de werkwijze bij de advisering zoals genoemd in artikel 2, tweede lid, onder b respectievelijk onder c; b. de inrichting van het adviseren over initiatieven zoals genoemd in artikel 2, tweede lid, onder f; c. de wijze waarop de agenda openbaar wordt gemaakt en belanghebbenden worden uitgenodigd; d. het vereiste quorum voor een besluitvormde vergadering, de vergaderorde en de orde van de beraadslaging, waarbij er een onderscheid wordt aangebracht tussen de toelichtende fase waarin het spreekrecht wordt uitgeoefend en de beraadslagingen; e. de notulering en dossiervorming; f. de wijze waarop de adviezen openbaar worden gemaakt; g. de instelling van subcommissies; h. de werkwijze bij afdoening onder verantwoordelijkheid van de commissie als bedoeld in artikel 9. 3. Burgemeester en wethouders dragen zorg voor bekendmaking van het door de commissie vastgestelde reglement van orde in het gemeenteblad. Artikel 13. Relatie met andere adviseurs.
Bij het aanstellen van een adviseur op het gebied van omgevingskwaliteit, niet zijde een lid of een adviseur van de commissie dragen burgemeester en wethouders zorg voor een goede afstemming tussen de werkzaamheden van deze adviseur en de commissie. Artikel 14. Vergoeding 1. De leden en de adviseurs als bedoeld in artikel 10, tweede lid, ontvangen van de Stichting Mooi Noord-Holland een vergoeding op basis van de contractuele verbintenis die zij hebben met de stichting. Mooi Noord-Holland brengt vervolgens kosten in rekening op grond van de dienstverleningsovereenkomst en de tariefregeling zoals door de gemeente overeengekomen met de Stichting Mooi Noord-Holland. 2. In afwijking van het eerste lid genieten de burgerleden een door de gemeente te betalen presentiegeld en een vergoeding van de reiskosten. Het college van burgemeester en wethouders kan de betaling van de aan de burgerleden uit te keren gelden uitbesteden aan de Stichting Mooi Noord-Holland.
PAGINA 5 VAN 6
Paragraaf 7. Jaarverslag Artikel 15. Jaarverslag 1. De commissie brengt jaarlijks verslag als bedoeld in artikel 17.9, zesde lid, van de wet uit van haar werkzaamheden. Het conceptverslag is voor 1 april gereed. Na evaluatieoverleg met de wethouder wordt het definitieve verslag aangeboden aan de gemeenteraad. 2. In het jaarverslag komt ten minste aan de orde: a. De wijze waarop toepassing is gegeven aan de kaders als bedoeld in artikel 17.9, derde lid, van de wet; b. De wijze waarop uitwerking is gegeven aan de openbaarheid van vergaderen. Paragraaf 8. Overgangs –en slotbepalingen Artikel 16. Overgangsrecht 1. De op grond van de Bouwverordening Edam-Volendam 2019 benoemde leden worden geacht te zijn benoemd op grond van dit besluit. De termijn van ten hoogste vier jaar als bedoeld in artikel 5 loopt vanaf de datum van de benoeming op grond van de Bouwverordening EdamVolendam 2019. 2. Als voor de inwerkingtreding van de wet een aanvraag om een besluit is ingediend, blijft het oude recht, met betrekking tot de commissie op het gebied van welstand en monumentenzorg van kracht, met dien verstande dat de gemeentelijke adviescommissie fysieke leefomgeving Edam-Volendam wordt geacht de in artikel 8 van de Woningwet, dan wel de in artikel 9.1, eerste lid, onder a, van de Erfgoedwet in samenhang met artikel 15 van de Monumentenwet 1988 en bedoelde commissie te zijn. Artikel 17.
Vervallen oude regeling De regels met betrekking tot de commissie in de Bouwverordening Edam-Volendam 2019 vervallen. Artikel 18. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt tegelijk met de wet van 23 maart 2016, houdende regels over het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving (Omgevingswet) in werking. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening op de gemeentelijke adviescommissie fysieke leefomgeving Edam-Volendam.
Aldus besloten door de gemeenteraad van Edam-Volendam in zijn openbare vergadering d.d. 19 mei 2022.
de griffier, mr. M. van Essen.
de voorzitter, L.J. Sievers.
PAGINA 6 VAN 6