12. Raadsvoorstel alle belastingverordeningen 2025
Tekst van het document
Raadsvergadering d.d. 12 december 2024 Voorstelnummer 88-2024 (A t/m L) Agendanummer 12 Zaaknummer Z24142711 Onderwerp: Belastingverordeningen 2025 Portefeuillehouder: Wethouder Dijkshoorn Aan de raad. Voorstel - te besluiten tot het vaststellen van de bijgaande belastingverordeningen voor het jaar 2025 - te besluiten tot het intrekken van de thans geldende verordeningen per 1-1-2025 Kern van het voorstel, samenvatting A) Verordening afvalstoffenheffing B) Verordening bruggeld C) Verordening grafrechten D) Verordening havengeld E) Verordening leges F) Verordening marktgeld G) Verordening precariobelasting H) Verordening reinigingsrechten I) Verordening rioolheffing
: aanpassing tarieven met 5% : aanpassing tarief van € 1,40 naar € 1,45 : indexering tarieven met 2% : indexering tarieven met 2% : indexering tarieven met 2% : indexering tarieven met 2% : aanpassing tarieven met 10% : aanpassing tarieven met 5% : - aanpassing tarief eigenaar van € 191,95 naar € 226,45 - aanpassing tarief gebruiker van € 6,30 naar € 7,42 J) Verordening toeristenbelasting : - aanpassing tarief campings van € 1,45 naar € 1,75 - aanpassing tarief overige accommodaties van € 3,40 naar € 3,85 K) Verordening watertoeristenbelasting : aanpassing minimum aanslaggrens L) Verordening onroerendezaakbelastingen : voorlopige tarieven. Zullen met terugwerkende kracht in de raad van januari 2025 definitief vastgesteld worden. Beleidsdoelstelling / Maatschappelijk effect Het doel van de belastingmaatregelen is enerzijds het verkrijgen van extra dekkingsmiddelen en anderzijds het (meer) kostendekkend maken van de betreffende diensten waarvoor de retributies worden geheven. Toelichting en argumenten Zie onderdeel Toelichting Kanttekeningen en alternatieven Het voorstel betreft een breed pakket van belastingmaatregelen. Op deze wijze worden de lasten zo breed mogelijk verdeeld. Financiële middelen en effecten begroting De financiële consequenties van de overige verordeningen zijn al verwerkt in de begroting 2025.
PAGINA 1 VAN 5
Uitvoering of vervolgproces Bij het vaststellen van de jaarrekening 2025 worden de opbrengsten nader geanalyseerd. Participatie en communicatie De vaststelling van de verordeningen door de raad wordt conform wettelijk voorschrift bekendgemaakt. Rapportage en evaluatie Bij het vaststellen van de jaarrekening 2025 worden de opbrengsten nader geanalyseerd. Achterliggende documenten en eerder genomen besluiten - kadernota 2025 - begroting 2025 Bijlagen A) verordening afvalstoffenheffing B) verordening bruggeld C) verordening grafrechten D) verordening havengeld E) verordening leges F) verordening marktgeld G) verordening precariobelastingen h) verordening reinigingsrechten I) verordening rioolheffing J) verordening toeristenbelasting K) verordening watertoeristenbelasting L) verordening onroerendezaakbelastingen Toelichting Algemeen In de paragraaf Lokale Heffingen bij de begroting 2025 wordt in grote lijnen weergegeven welk beleid de gemeente in het begrotingsjaar zal voeren ten aanzien van de lokale heffingen. Daarbij wordt onder meer een aantal van de voorgenomen aanpassingen van de tarieven vermeld. Voor de formele vaststelling van nieuwe tarieven of bepalingen in de belastingverordeningen is het noodzakelijk dat de betreffende verordeningen worden gewijzigd, dan wel in zijn geheel opnieuw door de raad worden vastgesteld.
Bijgaand treft u daartoe de belastingverordeningen 2025 ter vaststelling aan. A) Verordening afvalstoffenheffing 2025 Voor de afvalstoffenheffing wordt een tariefstijging toegepast van 5%. Het minimum aanslagbedrag en het minimum bedrag van de ontheffing van € 2,50 is in de verordening vervallen. In de praktijk komen deze aanslagen en ontheffingen niet voor. B) Verordening bruggeld 2025 Het tarief bruggeld wordt verhoogd van € 1,40 naar € 1,45 per brug. C) Verordening grafrechten 2025 Voor de grafrechten wordt een inflatiecorrectie toegepast van 2%. Naast de aanpassing van de tarieven zijn er verder geen inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van 2024.
PAGINA 2 VAN 5
D) Verordening havengeld 2025 Voor de havengelden wordt over het algemeen een inflatiecorrectie toegepast van 2%. Naast de aanpassing van de tarieven zijn er verder geen inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van 2024. E) Verordening leges 2025 Op de legestarieven wordt over het algemeen een inflatiecorrectie toegepast van 2%. Voor een aantal tarieven in de tarieventabel wordt van de algemene maatregel afgeweken. a. Om de dekking op dit product te verhogen worden de tarieven in Titel 1, artikel 15 (Verkeer en vervoer) voor de eerste parkeerontheffing en parkeervergunning verhoogd van € 22,85 naar € 42,00. Voor een tweede ontheffing/vergunning en het vervangen van een ontheffing/vergunning zijn nu eveneens tarieven opgenomen. Deze tarieven bedragen respectievelijk € 62,00 en € 42,00. b. Eveneens met het oogpunt de kostendekkendheid op deze producten te verhogen en om te kunnen voldoen aan de doelstelling de in de begroting geraamde opbrengst leges te realiseren, zijn ook de volgende tarieven extra verhoogd: o Titel 1, hoofdstuk 1, artikelen 12, 20, 21 en 22 o Titel 3, artikelen 1, 4, 5, 6, 7 en 9 c. In Titel 1, hoofdstuk 1, onderdelen 15.1.5 en 15.2, van de tarieventabel, zijn de tarieven voor de gehandicaptenparkeerkaart aangepast aan de verwachte werkelijke kosten in 2025.
Hierbij is rekening gehouden met het beleid om niet meer dan 50% van de kosten van het geneeskundig onderzoek door te berekenen. De kosten van het geneeskundig onderzoek voor de gehandicaptenparkeerkaart bedragen in 2024 € 125,20. 50% hiervan is € 62,60. d. In Titel 1, hoofdstuk 2, onderdeel 8, van de tarieventabel, zijn de tarieven voor de reisdocumenten aangepast aan de maxima als opgenomen in het Besluit paspoortgelden 2025. Ook het tarief voor het rijbewijs is aangepast. e. Bij de tarieven in Titel 2, dienstverlening en besluiten in het kader van de Omgevingswet, is sprake van een procentueel grote stijging. Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet met daarbij de Wet kwaliteitsborging (Wkb) in werking getreden. Dit heeft gevolgen gehad voor het gehele vergunningenproces. Voor 2024 is eveneens een grote terugloop in het aantal aanvragen te zien. Mede ook vanwege het feit dat er binnen de gemeente Edam-Volendam geen grote projecten plaatsvinden. De Broeckgouw is inmiddels zo goed als afgerond en de Lange Weeren is nog niet aangevangen. Omdat de leges voor een omgevingsvergunning voor kleine bouwwerken meer kostendekkend moeten zijn, heeft de raad bij het vaststellen van de Kadernota 2025 besloten dat de legestarieven van dergelijke kleine vergunningen verhoogd moeten worden.
Middels een extra verhoging van het tarief in de artikelen 2.5 en 2.6 voor bouwwerken met bouwkosten minder dan € 50.000 is hierin voorzien. De overige tarieven zijn in lijn hiermee aangepast. De verhoging van de overige tarieven is ook nodig om de geraamde opbrengst te kunnen realiseren. f. In de tabel zijn verder enige redactionele aanpassingen doorgevoerd. Hiermee worden geen inhoudelijke wijzigingen beoogd. F) Verordening marktgeld 2025 Op de tarieven marktgelden wordt een inflatiecorrectie toegepast van 2%. Naast de aanpassing van de tarieven zijn er verder geen inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van 2024.
PAGINA 3 VAN 5
G) Verordening precariobelasting 2025 Voor de precariobelasting wordt een tariefstijging toegepast van 10%. Naast de aanpassing van de tarieven zijn er verder geen inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van 2024. H) Verordening reinigingsrechten 2025 Op de tarieven reinigingsrechten wordt een tariefstijging toegepast van 5%. Naast de aanpassing van de tarieven zijn er verder geen inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van 2024. I) Verordening rioolheffing 2025 Het tarief 2025 wordt vastgesteld op € 226,45. Dit is gebaseerd op het tarief 2023 zijnde € 215,65 verhoogd met 5%. Middels een motie is het college eind 2023 opgeroepen de tarieven voor de rioolheffing 2024 ten opzichte van 2023 eenmalig te laten dalen zodat de totale woonlasten voor de inwoners in 2024 per saldo met maximaal 5% zouden stijgen. Het college is aan deze motie tegemoet gekomen. In de raad van januari 2024 is het tarief rioolheffing van 2023 verlaagd met 11% naar € 191,95. Omdat in de motie is opgenomen dat de verlaging eenmalig is staat in het raadsvoorstel van januari 2024 opgenomen dat bij het vaststellen van de uitgangspunten van de begroting 2025, het tarief van het jaar 2023 als basis wordt genomen bij de voorstellen over de nieuwe tarieven. In de verordening is uit overweging van een doelmatige heffing een minimum aanslaggrens opgenomen van € 10.
J) Verordening toeristenbelasting 2025 Voor het verkrijgen van extra inkomsten wordt voor de toeristenbelasting, naast de inflatiecorrectie, een extra opslag voor de overige accommodaties (geen camping) toegepast van € 100.000 (+ 13%). Het tarief voor deze accommodaties bedraagt in 2025 € 3,85. Het tarief voor campings wordt verhoogd met 20% tot € 1,75. De wijziging van de verordening ziet verder op een aanpassing van de minimum aanslaggrens. Deze grens is nu in overeenstemming met andere belastingverordeningen. K) Verordening watertoeristenbelasting 2025 Het tarief voor de watertoeristenbelasting wordt niet gewijzigd. De wijziging van de verordening ziet uitsluitend op een aanpassing van de minimum aanslaggrens. Deze grens is nu in overeenstemming met andere belastingverordeningen. L) Verordening onroerendezaakbelastingen 2025 In de verordening op de heffing en invordering van de onroerendezaakbelastingen is bepaald dat de heffingsmaatstaf voor de berekening van de verschuldigde belasting is de op de voet van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) voor de onroerende zaak vastgestelde waarde. De WOZwaarde wordt jaarlijks bepaald. De herwaardering voor het belastingjaar 2025 is nog niet afgerond. De tarieven voor de onroerendezaakbelastingen 2025 kunnen daarom nog niet definitief worden bepaald.
In de verordening 2025 die uw raad nu ter vaststelling wordt aangeboden, zijn de tarieven zodanig hoog vastgesteld dat deze bij wijzigingsverordening in de raadsvergadering van januari 2025 met terugwerkende kracht tot 1 januari 2025 kunnen worden verlaagd. Aanpassing van de tarieven met terugwerkende kracht is mogelijk indien deze aanpassing een lagere materiële belastingschuld tot gevolg heeft. Daarin is met de voorlopige tarieven voorzien.
PAGINA 4 VAN 5
Edam-Volendam, d.d. 5 november 2024 Het college van burgemeester en wethouders van Edam-Volendam, de secretaris, C. Rijnberg
de burgemeester, L.J. Sievers.
PAGINA 5 VAN 5