CConstaterende datEcht-Susteren
Koppel je AI →
Document · PDF

Voorlopige jaarrekening BsGW 2022

Gemeenteraad 1 juni 2023, gemeente Echt-SusterenBij agendapunt: Conceptbegroting 2024 GR BsGW en Begrotingswijziging 2023-113.164 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Jaarstukken 2022

Versie 30-03-2023 Bestuursverslag 2022_versie 1.0

Inhoudsopgave jaarstukken Jaarverslag 1 1.1

1.2 1.3

Programmaverantwoording Bestuur en organisatie 1.1.1 Deelnemers Gemeenschappelijke Regeling 1.1.2 Missie 1.1.3 Bestuur Beleidsvisie algemeen Overzicht realisatie per programma

3 3 3 3 4 6 6

2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7

Paragrafen Lokale heffingen Weerstandsvermogen en risicobeheersing Onderhouden kapitaalgoederen Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen Grondbeleid

11 11 11 16 16 18 21 21

3 3.1 3.2

Balans per 31 december 2022 Balans per 31 december 2022 Toelichting op de balans per 31 december 2022 3.2.1 Toelichting algemeen 3.2.2 Toelichting per balanspost

23 23 25 25 29

4 4.1 4.2

Rekening 2022 van lasten en baten naar soort Rekening 2022 van lasten en baten naar soort Toelichting

37 37 40

5 5.1 5.2 5.3

Overige gegevens Resultaatbestemming Gerealiseerde baten en lasten per taakveld (x € 1.000,-) Controleverklaring van de onafhankelijke accountant

42 42 42 42

1

Programmaverantwoording

Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen (hierna: BsGW) is een samenwerking voor zowel gemeenten als Waterschap Limburg. Uit de wetgeving volgt dat verslaggeving dient plaats te vinden conform Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Via de programmaverantwoording en de (verplichte) paragrafen wordt verantwoording afgelegd over de realisatie van het bij de begroting van 2022 voorgenomen beleid. Bij BsGW betreft dit het programma “Lasten heffing en invordering belastingen”. Daarnaast wordt verantwoording afgelegd over de gerealiseerde baten en lasten per programma, het overzicht van de algemene dekkingsmiddelen en inzicht gegeven in het gebruik van het geraamde bedrag voor de post onvoorzien. Ingevolge artikel 197 van de Gemeentewet (en de Wet Gemeenschappelijke Regelingen) legt het Dagelijks Bestuur van BsGW ieder jaar verantwoording af over het gevoerde financiële beheer, onder overlegging van de jaarrekening. Overeenkomstig deze wet wordt de jaarrekening aangevuld met het verslag ter zake van de accountant. 1.1

Bestuur en organisatie

1.1.1

Deelnemers Gemeenschappelijke Regeling

BsGW is als zelfstandige belastingsamenwerking opgericht per 1 april 2011. Per 1 januari 2022 zijn het Waterschap Limburg en de gemeenten Beek, Beekdaelen, Beesel, Bergen, Brunssum, EchtSusteren, Eijsden-Margraten, Gennep, Gulpen-Wittem, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Leudal, Maasgouw, Maastricht, Meerssen, Mook en Middelaar, Nederweert, Peel & Maas, Roerdalen, Roermond, Simpelveld, Sittard-Geleen, Stein, Vaals, Valkenburg aan de Geul, Venlo, Voerendaal en Weert deelnemers in BsGW. BsGW beoogt een zo groot mogelijk maatschappelijk rendement te halen uit samenwerking tussen lokale overheden op het gebied van belastingheffing en - inning. 1.1.2

Missie

Gemeenten en het waterschap verwerken als zelfstandige overheden ieder hun eigen decentrale belastingen. Deze organisaties voeren voor de heffing en invordering van hun belastingen nagenoeg dezelfde processen uit. Hiervoor maken zij voor een belangrijk deel gebruik van dezelfde gegevens en gegevensbronnen. Samenwerking tussen het waterschap en gemeenten biedt dan ook de nodige voordelen: veel werk wordt niet meer dubbel gedaan en de belastingheffing wordt efficiënter en dus goedkoper. Daarnaast biedt BsGW een verdergaande digitalisering om burgers en bedrijven beter te bedienen, zoals dat van de uitvoeringsprocessen van lokale overheden wordt verwacht. De missie verwoordt de reden van het bestaan van BsGW en de belangrijkste ambitie die zij in de uitvoering van haar taken nastreeft. Deze vloeit voort uit de taak en positionering als gemeenschappelijke uitvoeringsorganisatie van de deelnemende overheidsorganen. De missie van BsGW luidt als volgt: BsGW heft en int belastingen voor onze klanten, slim en doordacht, op een kosteneffectieve wijze. Inzichtelijk, voorspelbaar en betrouwbaar in wat we doen.

Jaarstukken 2022

Pagina 3 van 42

1.1.3

Bestuur

BsGW heeft, zoals is geregeld in de gemeenschappelijke regeling, twee bestuursorganen: Algemeen Bestuur Het hoogste orgaan van BsGW is het Algemeen Bestuur. De raad van iedere deelnemende gemeente respectievelijk het Algemeen Bestuur van het deelnemend waterschap wijst één lid van het Algemeen Bestuur aan. In 2022 heeft BsGW dertig deelnemers. De vergaderingen van het Algemeen Bestuur zijn openbaar. Het Algemeen Bestuur bestaat per 1-1-2022 uit: • J.H.G.M. Teeuwen Lid Dagelijks Bestuur Waterschap Limburg • R. Diederen Wethouder gemeente Beek • P.L.H.E. Janssen Wethouder gemeente Beekdaelen • B.C.M. Vostermans Burgemeester gemeente Beesel • M.H.E. Pelzer Burgemeester gemeente Bergen • P.M.J. Houben Wethouder gemeente Brunssum • G.H.C. Frische Wethouder gemeente Echt-Susteren • J.E.M. Custers Wethouder gemeente Eijsden-Margraten • J.A. Van Hulsteijn Wethouder gemeente Gennep • J.M.G.H. Hendriks Wethouder gemeente Gulpen-Wittem • A. Damen Wethouder gemeente Heerlen • H.D. Bejas Wethouder gemeente Kerkrade • C.P.G. Wilbach Wethouder gemeente Landgraaf • P.H.G. Verlinden Wethouder gemeente Leudal • M.H.E. Wilms Wethouder gemeente Maasgouw • J.J.M. Aarts Wethouder gemeente Maastricht • P.H. Hovens Wethouder gemeente Meerssen • G.J.M. Wienhoven Wethouder gemeente Mook en Middelaar • C.P.W.M. Dieteren Wethouder gemeente Nederweert • P.J.H.

Sanders Wethouder gemeente Peel en Maas • A.C.A.G. Smits Wethouder gemeente Roerdalen • F.C.M. Schreurs Wethouder gemeente Roermond • D.W.J. Schneider Waarnemend burgemeester gemeente Simpelveld • J.G.L.M. Bühler Wethouder gemeente Sittard-Geleen • N.T.P. Wingelaar Wethouder gemeente Stein • J.P.M.H. Kompier Wethouder gemeente Vaals • N.J.M.M. Dauven Wethouder gemeente Valkenburg a/d Geul • F.P.M. Schatorjé Wethouder gemeente Venlo • R.B.M. Braun Wethouder gemeente Voerendaal • W.P.J. van Eijk Wethouder gemeente Weert

* In de loop van 2022 hebben zich de volgende wijzigingen voorgedaan: J.L.W. van Dijk M.J.G. Gerritsen M.E.E. de Beer J.P.M. Paas H. van Helden H. Fokke Jaarstukken 2022

Wethouder gemeente Brunssum als opvolger van P.M.J. Houben Wethouder gemeente Eijsden-Margraten als opvolger van J.E.M. Custers Wethouder gemeente Heerlen als opvolger van A. Damen Wethouder gemeente Kerkrade als opvolger van H.J. Bejas Wethouder gemeente Leudal als opvolger van P.H.G. Verlinden Wethouder gemeente Maastricht als opvolger van J.J.M. Aarts Pagina 4 van 42

B.P.J. Molling A. F. Herings J.W. Franssen A.M.H.C. Mestrom D.W.H. Franssen

Wethouder gemeente Meerssen als opvolger van P.H. Hovens Wethouder gemeente Mook en Middelaar als opvolger van G.J.M. Wienhoven Wethouder gemeente Nederweert als opvolger van C.P.W.M. Dieteren Wethouder gemeente Peel en Maas als opvolger van P.J.H. Sanders Wethouder gemeente Roermond als opvolger van F.C.M. Schreurs

Dagelijks Bestuur Het Dagelijks Bestuur bestaat minimaal uit drie en maximaal uit zeven leden uit het Algemeen Bestuur, te benoemen door het Algemeen Bestuur. Per deelnemer kan niet meer dan één lid van het Dagelijks Bestuur worden aangewezen. Tot de bevoegdheden van het Dagelijks Bestuur behoort onder meer het voorbereiden van besluiten van het Algemeen Bestuur. Het Dagelijks Bestuur bestaat per 1-1-2022 uit: • M.H.E. Pelzer Burgemeester gemeente Bergen • J.H.G.M. Teeuwen Lid Dagelijks Bestuur Waterschap Limburg • G.H.C. Frische Wethouder gemeente Echt-Susteren • C.P.G. Wilbach Wethouder gemeente Landgraaf • J.G.L.M. Bühler Wethouder gemeente Sittard-Geleen • F.P.M. Schatorjé Wethouder gemeente Venlo • R.B.M. Braun Wethouder gemeente Voerendaal

**In de loop van 2022 heeft zich de volgende wijziging voorgedaan: H. Fokke Wethouder gemeente Maastricht als opvolger van J.G.L.M. Bühler gemeente Sittard Voorzitter De voorzitter wordt aangewezen door het Algemeen Bestuur. De voorzitter is onder meer belast met de leiding van de vergaderingen van het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur. Hij tekent de stukken die van het Algemeen Bestuur en van het Dagelijks Bestuur uitgaan. De voorzitter vertegenwoordigt BsGW in en buiten rechte. Gedurende heel 2022 was M.H.E. Pelzer, burgemeester van de gemeente Bergen, voorzitter van BsGW (met ingang van 1 oktober 2020, benoemd door het AB op 25 juni 2020).

Jaarstukken 2022

Pagina 5 van 42

1.2

Beleidsvisie algemeen

BsGW behartigt als uitvoeringsorganisatie van de deelnemende gemeenten en het waterschap de zorg voor het volledig, tijdig, rechtmatig, juist en doelmatig heffen en innen van de lokale belastingen en de uitvoering van de wet WOZ. BsGW werkt daarbij tegen de laagst mogelijke kosten, uitgaande van de beste prijs/prestatie-verhouding gekoppeld aan een optimaal niveau van dienstverlening. Hierbij hoort ook het zoveel mogelijk zoeken en daadwerkelijk aangaan van samenwerkingsverbanden met andere overheden wanneer deze efficiëntievoordelen opleveren.

1.3

Overzicht realisatie per programma

In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de mate waarin de doelstellingen van het programma “Lasten heffing en invordering belastingen” zijn gerealiseerd en de wijze waarop getracht is de beoogde maatschappelijke effecten te bereiken. De dienstverlening van BsGW bestaat uit het heffen en innen van lokale belastingen namens haar deelnemers, het beheren van de authentieke basisregistraties en de uitvoering van de wet WOZ. BsGW voert deze taken uit voor haar deelnemers, zijnde 29 gemeenten en het Waterschap Limburg. Doelstelling De strategische doelstellingen van BsGW zijn: daling kosten deelnemers; minimaal gelijkblijvende kwaliteit van de dienstverlening; vergroting digitale dienstverlening. Daling kosten deelnemers Eén van de doelstellingen die voortvloeien uit de missie van BsGW is kostenreductie door schaalvergroting. Het Waterschap Limburg en 29 van de 31 Limburgse gemeenten zijn deelnemer in de Gemeenschappelijke Regeling BsGW. De hiermee behaalde schaalvoordelen zijn verwerkt in de begroting van BsGW en hebben de afgelopen jaren geresulteerd tot lagere bijdragen in de nettokosten voor de deelnemers. Minimaal gelijkblijvende kwaliteit van de dienstverlening BsGW streeft ernaar om de kwaliteit van de dienstverlening in stand te houden en waar mogelijk te verbeteren. Zij rapporteert hierover periodiek in haar bestuursrapportages.

Vergroting digitale dienstverlening De overheid heeft zich ten doel gesteld een compacte, efficiënte overheid te realiseren met hoogwaardige dienstverlening. Digitalisering is hiervoor een vereiste en het digitale kanaal is dan ook het voorkeurskanaal. In dit kader zijn een aantal overheidsbrede voorzieningen gerealiseerd voor de basisregistraties, gegevensuitwisseling, digitale dienstverlening en de authenticatievoorzieningen (zoals DigiD). Deze voorzieningen worden in het kader van de Overheidsbrede visie op dienstverlening 2021 doorontwikkeld tot de Generieke Digitale Infrastructuur van de overheid (GDI). BsGW implementeert de voorzieningen van de GDI binnen haar informatievoorziening om het elektronische verkeer tussen de overheid (waaronder de deelnemers van BsGW), burgers en bedrijven op een efficiënte en effectieve wijze mogelijk te maken. BsGW sluit aan bij in de praktijk bewezen oplossingen. Ten aanzien van ICT maakt BsGW deel uit van een sterk veranderende omgeving, waarin de steeds verdere digitalisering van de informatievoorziening een belangrijke ontwikkeling is en impact heeft op de bedrijfsvoering en kostenontwikkeling van BsGW. Jaarstukken 2022

Pagina 6 van 42

Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan? Daling kosten deelnemers Sinds de oprichting van BsGW is het aantal deelnemers gegroeid naar 30. Het totale structurele schaalvoordeel als gevolg van het toetreden van gemeenten bedraagt € 5,675 miljoen. BsGW heeft zich gecommitteerd aan een taakstellende kostenreductie van 12% in de eerste 6 jaar na de verzelfstandiging en heeft in de jaren 2012-2017 daarom de kostenindexering van gemiddeld 2% per jaar niet doorberekend aan de deelnemers. De totale gerealiseerde kostenreductie loopt hiermee op tot € 1,565 miljoen per jaar. Daarnaast zijn nog enkele kostenreductieprogramma’s doorgevoerd, waardoor de netto kosten nog eens met € 1,284 miljoen zijn gedaald. BsGW heeft dit bewerkstelligd via efficiencyverbeteringen van de werkprocessen en aanbestedingstrajecten. De totale, cumulatieve verlaging van de netto-kosten in de begroting van BsGW vanaf 2011 loopt op tot € 8,523 miljoen. Naast voorgenoemde schaalvoordelen draagt de BsGW-organisatie de financiële lasten van de Stimuleringsregeling (incidenteel € 672 duizend), de projectkosten van het OOP (incidenteel € 4 miljoen) alsook de daaruit voortvloeiende bezuiniging (structureel € 1,3 miljoen). BsGW is hard op weg om in zowel de incidentele als structurele bezuinigingen te voorzien. De structurele bezuiniging komt vanaf 2028 tot uiting.

Minimaal gelijkblijvende kwaliteit van de dienstverlening BsGW heeft ook in 2022 verschillende kwaliteitsverbetertrajecten- en projecten uitgevoerd danwel opgestart: Kwaliteitsnormatiek BsGW heeft in 2021 besloten om kwaliteitsmanagement op basis van vooraf gedefinieerde kwaliteitsnormen in te voeren. Het is een instrument om meer (in)zicht te krijgen op de uitkomsten van de diverse werkprocessen. Hiermee wordt aangetoond dat (al dan niet) is voldaan aan alle afgesproken resultaten en aan de voorgeschreven kwaliteitseisen. In 2022 is dit verder uitgebouwd en opgenomen in de bestuursrapportage. Daarnaast vinden er interne en externe audits en controles plaats door BsGW, de Waarderingskamer en de accountant en wordt er (minimaal) jaarlijks een klanttevredenheidsonderzoek uitgevoerd. Project Samenwerkingsportaal Per 31 december 2021 is voor alle deelnemers het bestand van bruto inhoud naar gebruikersoppervlakte omgezet. De gegevens dienen actueel te worden gehouden en in beheer genomen te worden. De werkgroep voor het inrichten van de beheerfase - bestaande uit BAG- en/of contractmanagers van diverse gemeenten, Het Gegevenshuis (Landgraaf) en BsGW - heeft unaniem als oplossingsrichting gekozen om te gaan werken met een zogenaamd Samenwerkingsportaal.

Dit is een applicatie die in staat is om relevante gegevens voor zowel de BAG (gemeente) als de WOZ (BsGW) op een efficiënte manier uit te wisselen en te tonen, zowel administratief als geografisch. De samenhang tussen beide administraties blijft zo kwalitatief op peil, gegevens blijven 1 op 1 lopen en er is realtime inzicht in de verschillende databronnen. Het portaal is dus zowel voor de gemeenten, de op GEO-gebied aan de gemeente gerelateerde samenwerkingsverbanden, als ook voor BsGW van belang en voor alle partijen te benaderen en te gebruiken. Het project bevindt zich momenteel in de livefase en is inmiddels gefaseerd uitgerold over de deelnemers. Tot en met 2022 zijn er kosten gemaakt voor begeleiding van de Europese aanbesteding Samenwerkingsportaal, ontwikkelkosten softwareleverancier, beheer- en regiekosten en de reeds gemaakte onderzoekskosten voor de samenhangende objectenregistratie (SOR) voordat dit werd opgeschort voor in totaal € 284 duizend.

Jaarstukken 2022

Pagina 7 van 42

De kosten van de beheerfase en de verdere doorontwikkeling worden apart verantwoord onder het project Samenwerkingsportaal (voorheen Regieportaal) en zijn opgenomen in de begroting van BsGW voor de jaren 2022-2027. Bestuurlijke taakstellingen heffen en innen BsGW heeft haar taakstellingen met betrekking tot het heffen en innen van belastingen voor het belastingjaar 2022 gerealiseerd. Kwijtscheldingen, WOZ-bezwaren en overige bezwaren zijn in 2022 binnen de wettelijke afhandelnormen verwerkt. Inspecties Waarderingskamer De Waarderingskamer houdt toezicht op de uitvoering van de Wet WOZ. De taken en bevoegdheden van de Waarderingskamer zijn ontleend aan artikel 4 van de Wet WOZ. Op basis van de aan de Waarderingskamer geleverde informatie en de inspecties door de Waarderingskamer uitgevoerde inspecties, heeft zij ingestemd met de verzending van de WOZ-beschikkingen in februari 2022 van alle in BsGW deelnemende gemeenten. (Ten tijde van het opstellen van dit verslag heeft BsGW voor het tweede opeenvolgende jaar het predicaat ‘Goed’ ontvangen van de Waarderingskamer.) Accountantscontrole jaarafrekeningen belastingen en heffingen Door de accountant is bij de (eind)afrekeningen gemeentelijke belastingen en waterschapsheffingen 2022, net zoals in voorgaande jaren, een controleverklaring afgegeven met een goedkeurend oordeel.

Klachten BsGW heeft een eigen interne klachtenregeling en werkt daarbij nauw samen met de Nationale Ombudsman. Deze samenwerking verloopt naar wederzijdse tevredenheid. BsGW streeft ernaar om door snel en adequaat te reageren, de ontvangen klachten informeel af te handelen. Dat deze manier van werken vruchten afwerpt blijkt uit het lage aantal formele klachten en het feit dat de wettelijke termijnen gehaald worden. Klanttevredenheid en Visie op dienstverlening belastingplichtigen Eind 2020 is de visie op dienstverlening van BsGW - gericht op belastingplichtigen - gepresenteerd aan het bestuur. Deze visie bevat de kaders voor BsGW om richting en invulling te geven aan de wijze waarop wij onze klantcontacten inrichten en een goede waardering daarvoor van onze klanten (burgers en bedrijven) te realiseren. Vanaf 2022 worden de effecten middels de bestuursrapportages gerapporteerd en verantwoord.

Wat heeft het gekost?

Bedragen (x € 1.000)

Rekening 2022

Bijgestelde Oorspronkelijke begroting begroting 2022 2022

Rekening 2021

LASTEN BATEN

22.443 2.326

23.417 2.175

23.417 2.175

23.305 2.219

NETTO KOSTEN

20.117

21.242

21.242

21.086

BIJDRAGEN DEELNEMERS NETTO KOSTEN

20.909

21.242

21.242

19.520

792

0

0

-1.565

EXPLOITATIERESULTAAT

Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar paragraaf 4.2.

Jaarstukken 2022

Pagina 8 van 42

Verwachtingen 2023 Er zijn een aantal interne en externe ontwikkelingen die een majeure impact (gaan) hebben op (de bedrijfsvoering van) BsGW. Stortvloed aan bezwaren Daar waar 2022 een historisch laag aantal WOZ-bezwaren (circa 23.000) kende, kan bij het schrijven van deze tekst (eind maart 2023) al met zekerheid worden gesteld dat de aanslagronde 2023 een ongekend groot aantal WOZ-bezwaren zal opleveren (minimaal 50.000). Dit hoge aantal kan gerelateerd worden aan de onbekendheid van de gemiddelde belastingplichtige met de waardepeildatum (1 januari van het voorafgaande jaar), de hoge waarde van het vastgoed op de betreffende waardepeildatum en niet in de laatste plaats de intensieve campagne van de NCNPbedrijven in combinatie met de effecten van de inflatie. De door het kabinet, bij monde van de staatssecretaris van Fiscaliteit en Belastingdienst, aangekondigde maatregelen zullen eerst op zijn vroegst in 2024 effect sorteren. De stortvloed aan bezwaren, waarbij BsGW overigens niet afwijkt van het landelijke beeld, heeft naar verwachting een materieel effect op de financiën in de vorm van hogere uitkerings- en uitvoeringskosten. Implementatie applicaties Ortec en GouwIT Eind 2022 is het perceel ‘waarderen’ aan Ortec gegund.

Voor het perceel ‘belastingapplicaties’, waarvoor in eerste instantie geen inschrijvingen zijn ontvangen, is onder begeleiding van een externe inkoopspecialist, eind 2022 toch een opdracht verstrekt en wel aan GouwIT. De (ver)late gunning c.q. opdrachtverstrekking leidt ertoe dat de implementatie wordt doorgeschoven naar 2023. De externe kosten, die met de implementatie gemoeid zijn, worden ten laste van de bestemmingsreserve gebracht (besluit Algemeen Bestuur d.d. 8 december 2022). De implementatie vereist daarnaast ook een aanzienlijke inzet van eigen medewerkers, bovenop de eigenlijke en andere extra taken. De omvang en het eventuele effect op de bedrijfsvoering is bij het schrijven van deze tekst (eind maart 2023) nog niet bekend. CAO en inflatie Bij de CAO-onderhandelingen, die eind 2022 hebben geleid tot een akkoord over 2023, is tevens een eenmalige uitkering over 2022 overeengekomen. Dit ter compensatie van de inflatie in het algemeen en de extreme energiekosten in het bijzonder. Afhankelijk van mondiale ontwikkelingen (bijv. de oorlog in Oekraïne) en de uitkomst van lopende CAO-onderhandelingen in diverse sectoren kan op voorhand een herhaling van een eenmalige uitkering, die dan effect heeft op het boekjaar 2023, niet worden uitgesloten.

Daarnaast hanteren onze leveranciers veel hogere prijsindexen in 2023 welke naar verwachting extra druk leggen op de exploitatie van BsGW. Rechtmatigheidsverantwoording Vanaf het verslagjaar 2023 is het Dagelijks Bestuur verantwoordelijk voor het afgeven van de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening incl. een toelichting in de bedrijfsvoeringparagraaf van het jaarverslag. Bij het schrijven van deze tekst (eind maart 2023) rondt de externe deskundige zijn voorbereidende werkzaamheden (o.a. het schrijven van een Plan van Aanpak) af en is de sollicitatieprocedure voor de Verbijzonderde Interne Controle (VIC)-functionaris afgerond. Het effect van deze extra verantwoordelijkheid c.q. opgave voor de BsGW-organisatie (daar waar het Dagelijks Bestuur formeel verantwoordelijk is, is de BsGW-organisatie immers materieel verantwoordelijk) is moeilijk in te schatten. Dat de activiteiten in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording -naast de implementatie van Ortax en de conversie naar GouwIT, het harmonisatietraject/de (nieuwe) kostenverdeelmethode, de afhandeling van de grote hoeveelheid bezwaren etc.- tot een extra taakbelasting leiden, behoeft geen nader betoog.

Jaarstukken 2022

Pagina 9 van 42

Verbetering archiefbeheer BsGW De verbetering van het archiefbeheer is in 2022 stevig opgepakt. In 2023 moeten de resultaten significant zichtbaar worden in de vorm van het ‘handboek Vervanging’ en het document ‘Documentair Informatiebeleid 2022-2025’. Twee mogelijke knelpunten dienen zich aan. Voor de afronding van genoemd handboek en document dient bekend te zijn met welk Document Management Systeem BsGW gaat werken. Daarnaast is de voortgang afhankelijk van de beschikbaarheid van medewerkers (zie ook hierboven). Woo Openbaarheid De Wet Open Overheid (Woo) is de opvolger van de Wet Openbaarheid van Bestuur (Wob). De Woo, ingangsdatum 1 mei 2022, legt aan bestuursorganen een aantal verplichtingen op. Eén van deze verplichtingen betreft het geven van een impuls aan openbaarheid door in het verantwoordingsverslag in de jaarstukken aan te geven hoe rekening wordt gehouden met de bepalingen uit de Woo. De Wet Open Overheid kent, samengevat, een drietal belangrijke aspecten: 1. De verplichting voor ieder bestuursorgaan om een Woo contactfunctionaris aan te wijzen. 2. Verplichtingen gericht op passieve openbaarmaking en actieve openbaarmaking. 3. Het op orde brengen van de (digitale) informatiehuishouding. Woo contactfunctionaris De Woo contactfunctionaris is een nieuwe rol die per 1 mei 2022 per bestuursorgaan aangewezen dient te zijn.

Bij BsGW is de contactpersoon toegewezen aan meerdere functionarissen, te weten de juridisch adviseur/regisseur Juridische Zaken, adviseur communicatie, regisseur Bestuur & Management en adviseur Bestuurlijke Zaken. Passieve en actieve openbaarmaking Het grote verschil tussen de huidige Woo en de Wob betreft de actieve openbaarmaking van overheidsinformatie. Voor passieve openbaarmaking (openbaarmaking op verzoek) volgt dit initiatiefwetsvoorstel vrijwel geheel de Wob. De Woo stelt de verplichting om elf benoemde informatiecategorieën actief te publiceren. Deze verplichting zal niet voor alle elf categorieën tegelijk gelden. Over de ingangsdatum is nog geen zekerheid tijdens het schrijven van dit onderdeel (eind maart 2023) Openbaarheid, maar naar verwachting zullen begin 2023 de eerste categorieën gepubliceerd moeten worden. In 2023 zullen wij zorgen dat wij voldoen aan de Woo door de op dat moment verplichte informatiecategorieën actief te publiceren. Verder zal het proces van actieve openbaarmaking worden vormgegeven, zodat we op efficiënte, veilige, en AVG-conforme wijze kunnen publiceren. Tot slot is het beleidsvoornemen om in 2023 kritisch te blijven kijken naar de motivering betreffende eventuele geheimhouding van documenten. Dit met als doel te blijven werken aan de intentie van de wet: openbaarheid en transparantie.

Informatiehuishouding op orde De Woo verplicht dat de digitale informatiehuishouding binnen acht jaar op orde wordt gebracht. Dit betekent dat er op basis van een op te stellen meerjarenplan maatregelen moeten worden genomen om informatiebestanden duurzaam toegankelijk te maken en te houden. In 2023 zullen wij daarom doorgaan met het uitvoeren van de maatregelen i.c.m. de realisatie van het Informatiebeleidsplan 2022-2025 en het Verbetertraject Informatiehuishouding BsGW.

Jaarstukken 2022

Pagina 10 van 42

2

Paragrafen

2.1

Lokale heffingen

De paragraaf lokale heffingen is niet van toepassing voor BsGW.

2.2

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is een algemene reserve en bestaat uit de middelen waarover BsGW kan beschikken om niet begrote kosten te dekken plus de financiële gevolgen op te kunnen vangen van bedrijfsvoeringrisico’s waarvoor geen maatregelen zijn of kunnen worden getroffen. Het aanhouden van weerstandsvermogen voorkomt dat elke financiële tegenvaller dwingt tot directe begrotingsmaatregelen zoals bezuinigingen en het aanpassen van het vastgestelde beleidskader en de daaruit voortvloeiende programmadoelstellingen. Fluctuaties in de jaarlijkse bijdragen van de deelnemers aan BsGW kunnen hiermee worden voorkomen. Conform de begin 2021 uitgevoerde risico-analyse ten behoeve van de begroting 2022 en meerjarenraming 2022-2026 is het benodigd weerstandsvermogen vastgesteld op € 1,33 miljoen (zie ook 2.2 paragraaf Risicobeheersing). In 2022 is een positief resultaat behaald van € 792 duizend. Het weerstandsvermogen van BsGW per 31 december 2022 bedraagt € 1,982 miljoen. Financiële kengetallen Op grond van het wijzigingsbesluit BBV is een aantal financiële kengetallen verplicht voorgeschreven. Hiervan zijn drie financiële kengetallen relevant voor BsGW, zoals in onderstaande tabel weergegeven:

Kengetallen

JRR 2021

JRR 2022

Netto schuldquote

21,4%

15,3%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

21,4%

15,3%

Solvabiliteitsrisico

-4,0%

19,5%

Grondexploitatie

nvt

nvt

Structurele exploitatieruimte

nvt

nvt

Belastingcapaciteit

nvt

nvt

De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Een laag percentage is gunstig. De VNG adviseert om 130% als maximumnorm te hanteren en daarboven de schuld af te bouwen. Als gemeenschappelijke regeling, die middels bijdragen van de deelnemers haar exploitatie financiert, behaalt BsGW al jaren een lage netto schuldquote. Fluctuaties in de vlottende schulden dan wel vlottende activa zijn slechts tijdelijk (bijdragen worden eerder ontvangen dan uitgaven visa versa). Om deze tijdelijke fluctuaties op te vangen wordt - indien nodig - gebruik gemaakt van kasgeldleningen. Voor eventuele niet-reguliere activiteiten, heeft BsGW in 2022 gebruik gemaakt van een lening langer dan 1 jaar. BsGW verstrekt geen leningen waardoor beide schuldquotes gelijk zijn. BsGW blijft ruim onder de adviesnorm van de VNG en de verwachting is dat dit ook zo blijft.

Jaarstukken 2022

Pagina 11 van 42

De solvabiliteit geeft inzicht in de mate waarin BsGW in staat is aan haar financiële verplichtingen te blijven voldoen. Hoe hoger dit percentage, hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid van BsGW. Risicobeheersing De bedrijfsvoeringsrisico’s van de Gemeenschappelijke Regeling BsGW worden ingeschat door BsGW. Risico’s met betrekking tot de belastingopbrengsten behoren niet tot de bedrijfsrisico’s van BsGW. BsGW voert jaarlijks op basis van een consistente methode, een risicoanalyse uit op haar bedrijfsvoeringsrisico’s. In de risicoanalyse is voor elk van de risico’s de kans dat het zich voordoet realistisch ingeschat en worden de gevolgen benoemd met daarbij de omvang van de financiële impact. Door het treffen van effectieve beheersmaatregelen, kan BsGW de financiële gevolgen hiervan terugbrengen. Het geïdentificeerde risico na het nemen van de beheersmaatregelen (het restrisico) heeft bij de oprichting van BsGW geleid tot een berekend weerstandsvermogen van € 385 duizend, hetgeen ook door de founding fathers initieel is gestort. Begin 2021 is een risico analyse uitgevoerd voor de begroting 2022. De benodigde weerstandscapaciteit, exclusief risico frictiekosten, kwam uit op € 1,33 miljoen, circa 6,3% van de nettokosten 2022. Een toename van € 140 duizend.

Het weerstandsvermogen behoefde voor 2021 geen aanvulling, aangezien de ratio van 0,89 binnen de bandbreedte van 0,8 en 1,2 valt. Net als elk jaar is begin 2022 opnieuw een risicoanalyse uitgevoerd, welke is geactualiseerd op basis van de meest actuele begrotingscijfers 2022. Voor de begroting 2023 behoeft BsGW een hoger weerstandsvermogen (€ 1,421 miljoen) waarover in de jaarrekening 2023 wordt gerapporteerd.

Jaarstukken 2022

Pagina 12 van 42

Tabel: berekening weerstandsvermogen BsGW

Noot: De risico-analyse wordt elk jaar uitgevoerd, hierbij vervallen voormalige risico’s en/of worden nieuwe risico’s geïdentificeerd ten opzichte van voorgaande jaren uitgevoerde risico-analyses.

Voor elk van de risico’s is het bruto risico geïdentificeerd. Dit is het maximale bedrag dat nodig is indien het risico zich daadwerkelijk voordoet, in een situatie waar geen beheersmaatregelen worden genomen. Daarna is voor elk van de risico’s het netto risico gekwantificeerd. Dit is het bedrag dat kan optreden indien de geformuleerde beheersmaatregelen effectief zijn uitgevoerd. Vanuit het netto risico is het restrisico berekend. Het restrisico is het netto risicobedrag vermenigvuldigd met de kans die er bestaat dat het geïdentificeerde risico optreedt, ná het nemen van de geformuleerde beheersmaatregelen. Hierbij is de maximale kans genomen zoals die in de risico-analyse staat aangegeven. Dit leidt tot een conservatief weerstandsvermogen, dat wil zeggen: met het berekende weerstandsvermogen worden de risico’s afgedekt. Het Dagelijks Bestuur schat de risico’s nog steeds hetzelfde in en ziet op basis hiervan geen aanleiding deze in omvang bij te stellen.

Jaarstukken 2022

Pagina 13 van 42

Risico’s

Mogelijk(e)

Kans*

effect(en)

1.

Datalek met als

Impact**

Tabel: Risico’s en beheersmaatregelen m.b.t. de BsGW Mogelijk(e) oorza(a)k(en) Beheersmaatregel(en) (delen, verzekeren, terugdringen, beperken)

1 Boete Autoriteit G Hackersaanvallen, nalatigheid 1. Procedure

gevolg dat

Persoons-

vertrouwe-lijke

gegevens

medewerkers/ deelnemers

meldplicht

datalekken

BsGW 2. Informatiebeveiligingsbeleid

gegevens openbaar

besluit

worden gemaakt

en

gegevensverstrekking

en

privacy-protocol. 3. Bewustwording medewerkers/opleiding/elearning/mistery guest. 4. De FG en CISO toetsen/monitoren op naleving. 5. BsGW

zet

ICT-

beveiligingstoepassingen in zoals beveiligde

FTP-server

voor

uitwisselingen met de deelnemers of andere partijen, mail, adequate anti-virusbeveiligingen encryptie,

en

data-

Third

Party

Memorandum, ISAE 403-verkaring. 6. Verstrekking aan deelnemers alleen na een privacy toets/doelbinding. Hackersaanvallen

2 Aanvullende

G Bouwwerkzaamheden,

en overige ICT-

kosten door

hackaanvallen, onjuiste

storingen

productieverlies

temperatuur serverruimten

Ransomware/gijzel 4 Aanvullende software

G Hackersaanvallen

kosten door

Extra inzet externe capaciteit, uitwijk/back-ups.

1. Verzekeren 2. Leveranciersaansprakelijkheid

gijzeling/losgeld

contractueel vastleggen

betalen 2.

Uitbesteding van

1 Mindere

M Geen goed

1. Contractkwaliteit

niet

kwaliteit van de

opdrachtgeverschap/contract

2. SLA’s

kernactiviteiten

dienstverlening

management van BsGW aan

3. Stuurinformatie

(door derde aan

derde(n)

4. Controlemogelijkheden

BsGW, maar ook

5. Contract/SLA manager

van BsGW aan haar klanten) 3.

Fraude

1 Verlies ten gevolge van

M Geen sluitende interne controles

van

sluitende

interne

controles

(incasso/afdrach

2. Adequate functiescheidingen

t)fraude zal

3. Integriteit

BsGW dienen te

onder

blijven houden

compenseren

Jaarstukken 2022

1. Stelsel

Pagina 14 van 42

de

aandacht

Imagoschade BsGW 4.

Vervuiling van

2 Foutieve

K a. Geen goede afspraken over 1. Goede

en/of incomplete

aanslagen met

beheer,

gegevens

als gevolg veel

verantwoordelijkheid

bestanden

correctiewerkza amheden en

5.

Overschrijding van 2 begroting BsGW

afspraken

worden

vastgelegd in de UVO en 2. Stelsel van verbandscontroles ter

gebruik van gegevens b. Onzuivere

vaststelling

gegevens

van

juistheid

en

volledigheid administraties

daardoor hogere

worden aangeleverd door 3. Terugmelding foute gegevens aan

kosten

(externe) bronhouder

• Reserves

M a. Geen

bronhouder

goede 1. Begroting baseren op adequate

moeten

bedrijfsvoering

/

P&C

kostenramingen (jaarrekening t-1

worden

cyclus: ‘verrassingen’ in de

incl. nacalculatie i.g.v. relevante /

aangesproken

financiële huishouding van

substantiële afwijkingen): er is

• Zwaardere

BsGW

reëel

lasten

b. Externe

voor

deelnemers

oorzaken:

en

transparant

maar er bestaat altijd een kans op

gewijzigde

wet-

overschrijding.

Om

/regelgeving,

eisen

kunnen

vangen

Waarderingskamer/accoun tant,

cao-stijging

inflatie

hoger

de

rekenuitgangspunten e.d. c. Tegenvallende

dit

op

te is

weerstandsvermogen nodig

en/of 2. Taakstellende

dan

begroot,

budgetten

gekoppeld aan een strakke control 3. Aanhouden van voldoende (maar niet te veel) weerstandsvermogen

kostenbesparingen

uit

aanbestedingstrajecten, procesoptimalisatie, efficiencymaatregelen, kanaalsturing. 6.

Landelijke stijging

Hogere

Landelijke regelgeving,

WOZ-bezwaren

proceskostenver

verdienmodel NCNP’s

Actieplan proceskostenvergoeding

goedingen 7.

Ambitieuze raming 3

• Reserves

opbrengst

moeten

vervolgingskosten

worden

G a.

Achterblijvende opbrengst 1. Begroting baseren op adequate vervolgingskosten

b.

aangesproken

Hogere

kostenramingen (jaarrekening t-1

kosten

voor

invorderingsacties

substantiële afwijkingen)

• Zwaardere lasten

incl. nacalculatie i.g.v. relevante / 2. Taakstellende

voor

budgetten

gekoppeld aan een strakke control

deelnemers

3. Aanhouden van voldoende (maar niet te veel) weerstandsvermogen

8.

Kosten functie-

3 Hogere

G a.

BsGW is eigen risicodrager 1. Adequaat HRM beleid gericht op

ongeschiktheid en

ziekteverzuimko

WW

ziekteverzuimkoste

sten

bovenwettelijke

n

Outplacement-

bij alle ontslagen anders

kosten

en

verplichte

preventie

uitkering

herplaatsing

dan dwingende reden b.

–

zo

binnen

sluit

kwantitatief

en/of

kwalitatief niet aan op de

Pagina 15 van 42

–

buiten

BsGW -

Vrijwillige

mobiliteit

(geen

kosten) -

Verplichte

mobiliteit

(coaching/detachering dekking via OOP)

Jaarstukken 2022

nodig of

2. Mobiliteitsplan en budget

Personeelsbestand

(gewijzigde) eisen

en

etc.

c.

Personeelsbestand

is

-

Afscheid

bij

scheef

qua

ongeschiktheid

leeftijdsopbouw

(hoe 3. Strategisch HRM-beleid

leeftijdsopbouw) met als gevolg

hoog

veelal

(langdurig, niet-werk-

gerelateerd) ziekteverzuim maar ook extra

(tijdelijke)

kosten

om nieuwe medewerkers in te werken

* Kans van optreden:

1 = 0%-10%, 2 = 11%-25%, 3 = 26%-50%, 4 = 51%-100%

** Impact: G(root) / M(iddel) / K(lein)

2.3

Onderhouden kapitaalgoederen

De kapitaalgoederen van BsGW bestaan uit ICT-(innovatie)projecten en aanschaf inventaris. Op deze activa wordt afgeschreven. Kleine aanschaf van hard- en software wordt via de (begrotings)exploitatie afgehandeld. De kaders zoals deze zijn opgesteld in de nota financieel beleid zijn hierop van toepassing.

2.4

Financiering

Voor de financiering van (ICT-)investeringen, kunnen eventueel (langlopende) leningen worden aangetrokken. BsGW kan zelf leningen aangaan sinds de verzelfstandiging is geformaliseerd. Dit geldt ook voor de deelname aan het overige geldverkeer. De bedrijfsvoering heeft BsGW er niet toe genoodzaakt om in 2022 kasgeldleningen op te nemen. De netto-exploitatiekosten van BsGW worden geheel voorgefinancierd via vaste maandelijkse bijdragen van de deelnemers. Wel heeft BsGW net als in voorgaande jaren in 2022 enkele malen tijdelijk gebruik gemaakt van een kredietfaciliteit in rekening courant – roodstand - om tijdelijke fluctuaties op te vangen. Voor de financiering van de projectkosten van het Ondernemings- en ontwikkelplan 2018-2020 is in 2020 een lening met een looptijd van 7 jaar afgesloten (DB 31-5-2018). De rente wordt jaarlijks achteraf verrekend. Wet FiDO Met als doel het bevorderen van een solide financiering en kredietwaardigheid van de decentrale overheden, is per 1 januari 2001 de Wet FiDO (Financiering Decentrale Overheden) in werking getreden. Uit hoofde van deze wet is een treasurystatuut van toepassing, waarin onder andere de taken, bevoegd- en verantwoordelijkheden, beleid, doelstellingen en uitgangspunten omtrent de treasury functie zijn uitgewerkt.

Verplicht dient in de begroting en de jaarrekening in de treasuryparagraaf verslag te worden gedaan van de uitvoering van het treasurybeleid, bedoeld voor het sturen en beheersen van, verantwoorden over en toezicht houden op de treasury.

Jaarstukken 2022

Pagina 16 van 42

functie-

Treasurybeheer Het risicoprofiel van BsGW kan als laag worden gekwalificeerd. Onderkende risico’s in dit verband zijn: renterisico’s, kredietrisico’s en liquiditeitsrisico’s. Renterisicobeheer 1. Kasgeldlimiet Tijdelijke (exploitatie-)tekorten kunnen worden gefinancierd middels kasgeldleningen. Het renterisico op deze vlottende schuld wordt ingeperkt door het hanteren van de kasgeldlimiet: de maximaal toegestane netto korte schuld. De hoogte van de kasgeldlimiet is wettelijk bepaald op 8,2% van de totale brutolasten (€ 23,4 miljoen) en komt daarmee voor het begrotingsjaar 2022 uit op een bedrag van € 1,92 miljoen. BsGW voldoet aan de norm. bedragen * € 1.000,Kasgeldlening werkelijk Totale brutolasten

Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

-

-

-

-

22.443

22.443

22.443

22.443

Max. %

8,2%

8,2%

8,2%

8,2%

Maximale toegestane hoogte kasgeldlimiet

1.840

1.840

1.840

1.840

2. Renterisiconorm Naast de kasgeldlimiet geeft de renterisiconorm inzicht in de feitelijke risico’s op de vaste schuld. Het financieren en (op korte termijn) uitzetten van gelden houdt in dat er renterisico wordt gelopen. De renterisiconorm geeft het maximale leningbedrag aan dat binnen 1 jaar onderhevig mag zijn aan rentewijziging. Dit per jaar te berekenen normbedrag is wettelijk bepaald op 20% van de netto vaste schuld. Toepassing van deze norm heeft tot gevolg dat jaarlijks geen al te grote verschillen in rentelasten (en -baten) kunnen voorkomen. BsGW voldoet aan de norm. bedragen * € 1.000,Lening werkelijk < 1 jaar rentewijziging Netto vaste schuld Max. % Maximale leningbedrag rentewijziging < 1 jaar

Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

-

-

-

-

1.429

1.429

1.429

1.429

20% 286

20% 286

20% 286

20% 286

Kredietrisicobeheer Het kredietrisicobeheer (of debiteurenrisicobeheer) is het beheersen van risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid van een waardedaling van de vorderingspositie ten gevolge van het niet (tijdig) na kunnen komen van verplichtingen door de tegenpartij. Aangezien BsGW geen geldleningen heeft verstrekt aan derden geldt het kredietrisico uitsluitend voor de vorderingen op debiteuren. Dit risico is laag gezien het feit dat de bijdrage of vergoeding van de deelnemers/klanten van BsGW vooraf in vaste maandelijkse termijnen wordt ontvangen. Liquiditeitenbeheer Het te volgen financieringsbeleid ligt vast in het Financieringsstatuut en houdt in dat beleidsmatig wordt gestreefd naar een gemiddelde nulstand van het rekening-courantsaldo. Gezien het tijdens het jaar niet-synchroon lopen van ontvangsten en uitgaven zijn fluctuaties rond het nulpunt onvermijdelijk. Om deze (tijdelijke) fluctuaties op te kunnen vangen maakt BsGW gebruik van haar kredietfaciliteit. Kasbeheer Via verplicht schatkistbankieren zijn alle decentrale overheden verplicht om overtollige (liquide) middelen aan te houden in de schatkist. Dit betekent dat overtollige liquide middelen automatisch naar de schatkist zullen worden afgeroomd met als gevolg dat BsGW geen kasbeheer meer voert.

Jaarstukken 2022

Pagina 17 van 42

In verband met de noodzakelijk geachte scheiding tussen de heffingengeldstromen en de BsGWexploitatiegeldstromen, lopen deze geldstromen via twee aparte rekening-courantverhoudingen met de staat. 2.5

Bedrijfsvoering

Kostenverdeelmethode De processen voor het waterschap en de gemeenten overlappen elkaar in grote mate en de benodigde basisgegevens worden gelijktijdig voor alle deelnemers opgebouwd. Omdat BsGW de processen voor alle belastingsoorten integraal uitvoert, zijn de daarmee samenhangende kosten zodanig met elkaar verweven dat kosten niet per belastingsoort gedifferentieerd kunnen worden. De uitvoeringskosten van de productieprocessen worden om die reden toegerekend aan eenduidige, herkenbare hoofdprocessen, overeenkomstig de organisatieopzet van BsGW. Dit resulteert in vijf primaire producten van dienstverlening: Heffen, Waarderen, Innen, Klantzaken en het sub-product Parkeerbelasting. De verdeling van deze kosten over de deelnemers gebeurt hierna met behulp van eenheidstarieven per product van dienstverlening. De kosten van de activiteiten en processen op BsGW-niveau die dienen ter ondersteuning van de organisatie als geheel (zoals ICT, de ondersteuning van het personeel en de ontwikkeling van BsGW) worden eveneens als apart product inzichtelijk gemaakt zijnde Organisatieondersteuning & Ontwikkeling (O&O). Deze kosten zijn, zonder arbitraire verdeelsleutels, niet te splitsen naar de primaire processen en worden daarom verdeeld naar rato van het aandeel dat de deelnemers hebben in de kosten van de vijf producten van de primaire processen.

In het AB van 8 oktober 2020 is besloten de kosten uit hoofde van GDI apart in de begroting en doorbelasting op te nemen, omdat het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties (BZK) de beheerkosten verdeelt via de door haar vastgestelde verdeelsleutel 40% gemeenten/60% waterschap. De kosten voor het gemeentelijke deel worden vervolgens omgeslagen op basis van het aandeel in O&O. Fixeren productieaantallen ten behoeve van vaststellen verdeelsleutels De verdeelsleutels voor de kosten van de vijf primaire processen zijn gebaseerd op de productieomvang van de deelnemers: bruto-aanslagbiljetten, aanslagregels, gemeentelijke WOZobjecten en klantcontacten. De niet-reguliere belastingsoort Parkeerheffing – een zogenoemde exoot – wordt apart met de deelnemers afgerekend. Als verdeelsleutel geldt hierbij het aantal aanslagregels. De bijdrage per deelnemer dient een bestendige lijn te laten zien. Een jaarlijks schommelende bijdrage is voor de deelnemers niet gewenst en levert ook bij de voorstellen voor nieuwe toetreders een verkeerde verwachting over de te betalen bijdrage en per saldo te behalen voordeel in de toekomst. Afgesproken is zowel de aantallen die als verdeelsleutels gehanteerd worden bij de bijdragebepaling als ook de opzet van de kostenverdeelmethode te fixeren.

Alleen een wezenlijke, substantiële wijziging van belastingsoorten, kan invloed hebben op de opzet van de kostenverdeelmethode. Voor de berekening van de bijdragen 2022 liggen voor de huidige deelnemers de productiegetallen op hetzelfde niveau als in de voorgaande begrotingen (2013-2021). In de volgende tabel worden de productenaantallen en percentages per deelnemer weergegeven, zoals deze als verdeelsleutel zijn opgenomen in de kostenverdeelmethode.

Jaarstukken 2022

Pagina 18 van 42

Verdeelsleutels per deelnemer

aantal WOZaantal objecten aanslagregels

aantal biljetten

aandeel in de aandeel in de aantal aantal productkosten klantcontacten aanslagregels productkosten (GDI)

Gemeente Beek

31.000

8.250

15.000

3.442

0

1,12%

0,56%

Gemeente Beekdaelen

70.717

17.887

36.552

7.617

0

2,45%

1,22%

Gemeente Beesel

26.851

7.628

8.311

2.833

0

1,01%

0,50%

Gemeente Bergen

24.650

6.500

9.100

2.800

0

0,89%

0,44%

Gemeente Brunssum

65.100

16.350

18.800

6.073

0

2,22%

1,10%

Gemeente Echt-Susteren

66.115

17.500

14.000

6.698

0

2,37%

1,17%

Gemeente Eijsden-Margraten

108.165

13.247

50.278

5.217

0

2,11%

1,05%

Gemeente Gennep

45.426

8.507

14.826

3.595

0

1,24%

0,61%

Gemeente Gulpen-Wittem

25.204

7.741

7.475

3.012

0

1,02%

0,51%

Gemeente Heerlen

209.000

54.700

59.500

18.515

6.100

7,69%

3,82%

Gemeente Kerkrade

147.101

28.106

50.707

8.481

716

3,96%

1,97%

Gemeente Landgraaf

80.300

19.750

23.700

7.918

0

2,71%

1,35%

Gemeente Leudal

50.500

18.000

17.000

7.634

0

2,36%

1,17%

Gemeente Maasgouw

50.000

12.500

14.900

5.054

0

1,71%

0,85%

Gemeente Maastricht

276.000

69.600

69.750

25.316

0

9,41%

4,67%

Gemeente Meerssen

76.686

9.572

10.477

4.190

900

1,62%

0,80%

Gemeente Mook en Middelaar

16.184

4.221

11.319

1.633

0

0,57%

0,28%

Gemeente Nederweert

31.350

8.200

14.100

3.400

0

1,12%

0,55%

Gemeente Peel en Maas

59.200

22.100

21.900

8.983

0

2,86%

1,42%

Gemeente Roerdalen

38.500

11.000

13.000

4.493

0

1,48%

0,73%

Gemeente Roermond

100.500

30.000

36.500

11.575

4.000

4,24%

2,10%

Gemeente Simpelveld

22.550

5.700

6.600

2.270

0

0,78%

0,39%

Gemeente Sittard-Geleen

212.000

51.900

70.500

19.554

4.325

7,36%

3,65%

Gemeente Stein

71.500

12.900

12.500

5.330

0

1,90%

0,94%

Gemeente Vaals

33.100

6.300

15.600

2.050

0

0,88%

0,44%

Gemeente Valkenburg

26.735

9.846

8.665

3.465

0

1,25%

0,62%

Gemeente Venlo

165.000

56.000

53.000

51.500

17.000

9,82%

4,87%

Gemeente Voerendaal

25.300

6.250

7.300

2.634

0

0,86%

0,43%

Gemeente Weert

74.181

25.079

25.902

10.106

4.235

3,57%

1,77%

Waterschap Limburg

1.800.000

0

594.000

198.500

0

19,42%

60,00%

Totaal verdeelsleutels BsGW

4.028.915

565.334

1.311.262

443.887

37.276

100%

100%

Majeure projecten In 2022 kent BsGW twee majeure projecten waarvoor separate afspraken zijn gemaakt met betrekking tot de dekking van de projectkosten. Het eerste betreft het Ondernemings- en Ontwikkelplan BsGW voor de jaren 2018-2020 vastgesteld in de vergadering van het Algemeen Bestuur d.d. 14-12-2017. Het doel van het OOP is minder handwerk door meer te automatiseren en te digitaliseren, hetgeen moet leiden tot een kostenreductie. Om hier een realistisch beeld bij te krijgen, dient de uitkomst van de aanbesteding en implementatie Hosting en Applicaties te worden afgewacht in combinatie met de uitkomst van het Harmonisatietraject. De financieringswijze van het OOP is op 14 december 2017 door het Algemeen Bestuur vastgesteld. Er is destijds een investerings- en ontwikkelbudget vrijgegeven van € 4 miljoen. Er is hiervoor een geldlening van € 2 miljoen aangetrokken voor 7 jaar en de lening wordt vanaf 2021 in zeven termijnen lineair afgelost. Het OOP moet -conform besluitvorming door het Algemeen Bestuur d.d. 14 december 2017- met ingang van 2028 leiden tot een structurele reductie van de netto-kosten van € 1,3 miljoen. Project Aanbesteding Hosting en Applicaties Eind 2020 is gestart met de voorbereidingen op de noodzakelijke Europese aanbesteding voor zowel de applicaties als ook voor de hosting. In 2021 is na de marktconsultatie de aanbesteding gepubliceerd.

Op het perceel waarderen zijn in 2022 twee inschrijvingen ontvangen en na de concretiserings- en contractteringsfase heeft er een definitieve gunning plaatsgevonden. Voor wat betreft het andere perceel (belastingapplicaties) zijn er in eerste instantie helaas geen inschrijvingen ontvangen. Na het inwinnen van juridisch advies hebben, onder regie van de externe inkoopbegeleider, verkennende gesprekken (formeel: procedure van onderhandelen) plaatsgevonden met een geïnteresseerde marktpartij, niet zijnde de huidige leverancier. Voor de gestelde deadline van 15 september 2022 heeft deze partij een offerte ingediend. De offerte voldeed Jaarstukken 2022

Pagina 19 van 42

in formele zin aan de gestelde inhoudelijke voorwaarden en bleef in financieel opzicht beneden het plafond. Op basis hiervan is tot een definitieve gunning overgegaan. Het AB heeft op 30 juni 2022 besloten om voor de implementatiefase een bestemmingsreserve te creëren. De bestemmingsreserve wordt gevoed (dotatie) via een verhoging van de deelnemersbijdrage op basis van de vigerende kostenverdeelmethode. De implementatiekosten worden vervolgens onttrokken aan deze reserve. Als gevolg van het vertraagde gunningstraject schuiven de voor 2022 begrote implementatiekosten door naar 2023. De onttrekkingen aan de bestemmingsreserve starten in 2023. Formatie De bestuurlijk vastgestelde formatie van BsGW bedraagt per 1-1-2022 161,8 fte. De BsGW bezetting bedraagt per eind 2022 146,8 fte.

Formatie 2022

fte 161,8

Totale bezetting 31 december 2021 In dienst Uit dienst Meer/minder Stimulering Totale bezetting 31 december 2022

141,3 18,1 -11,6 0,2 -1,2 146,8

Bezetting 31 december 2022 Kosten stimuleringsregeling Totaal kosten 31 december 2022

146,8 8,0 154,8

In 2022 zijn twintig medewerkers (18,1 fte) in dienst getreden. In 2022 zijn zestien medewerkers (11,6 fte) uit dienst gegaan. BsGW-medewerkers kunnen tijdelijk enkele uren meer of minder werken met behoud van de formele aanstelling. Deze flexibiliteit is vastgelegd in de wet. Per saldo maakt per 31 december 0,2 fte gebruik van deze mogelijkheid. BsGW kent een stimuleringsregeling, waar medewerkers in 2020 voor het laatste jaar in kunnen stappen. De werkingsduur van deze regeling loopt tot en met 2029 wanneer de laatste deelnemers aan de regeling de pensioengerechtigde leeftijd bereiken. In 2022 maken 29 medewerkers gebruik van de stimuleringsregeling (15,97 fte). De stimuleringsregeling wordt voor de deelnemers in BsGW budget neutraal uitgevoerd. De kosten die hiermee gemoeid zijn, bedragen omgerekend naar fte bij benadering 8 fte. Eind 2019 is het interne plaatsingsproces afgerond. Als basis voor het plaatsingsproces gelden de afdelingsplannen die een nadere uitwerking zijn van het Ondernemings- en Ontwikkelplan BsGW. In de afdelingsplannen staat onder meer de gewenste bezetting per functiecategorie. De stand per 3112-2022 is een momentopname. Enkele functies zijn nog niet structureel ingevuld maar zijn in 2022 ingehuurd (diensten derden). Het ziekteverzuim van BsGW ligt in 2022 met 5,42% op het landelijk gemiddelde en onder het niveau van 2021 (6,8%).

Met het aantrekken van een nieuwe, meer pro-actieve arbodienst, is het doel gesteld te komen tot een verlaging van het ziekteverzuim. In onderstaande tabel wordt de procentuele verdeling van het aantal ziektedagen per periode weergegeven.

Jaarstukken 2022

Pagina 20 van 42

Per 31 december 2022 is sprake van vijf langdurige verzuimdossiers, waarvan vier medewerkers in opbouw van werkzaamheden zijn. Bij alle vijf langdurig zieken is de combinatie van werk en privé als grondslag aan te merken. Huisvesting Het kantoorpand van BsGW wordt gehuurd tegen een marktconforme (kale) huurprijs voor het gebouw plus parkeerplaatsen. Daarnaast zijn er servicecontracten afgesloten voor gas, water, licht, schoonmaak et cetera.

2.6

Verbonden partijen

Partijen worden als verbonden beschouwd indien de ene partij de zeggenschap over de andere partij bezit of belangrijke invloed kan uitoefenen op de financiële en operationele beslissingen van de andere partij en een financieel belang heeft. BsGW heeft geen verbonden partijen.

2.7

Grondbeleid

De paragraaf grondbeleid is niet van toepassing voor BsGW.

Jaarstukken 2022

Pagina 21 van 42

Jaarrekening 2022

Jaarstukken 2022

Pagina 22 van 42

3

Balans per 31 december 2022

3.1

Balans per 31 december 2022

Activa (x € 1.000,-)

31 december 2022

31 december 2021

Immateriële vaste activa (1 en 2)

651

927

Totaal immateriële vaste activa

651

927

Materiële vaste activa (3)

116

162

Totaal materiële vaste activa

116

162

768

1.089

Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar (4) Op openbare lichamen 97 Overige 4.807

166 3.558

Totaal uitzettingen rentetypische looptijd < 1 jaar 4.904

3.724

Vaste Activa

TOTAAL VASTE ACTIVA

Vlottende activa

Liquide middelen (5)

0

0

Totaal liquide middelen

0

0

Overlopende activa (6)

4.509

4.220

Totaal overlopende activa

4.509

4.220

TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA

9.413

7.944

10.181

9.033

TOTAAL ACTIVA

Bedrag recht op verliescompensatie krachtens de Wet Vpb 1969 bedraagt € 0,-.

Jaarstukken 2022

Pagina 23 van 42

Passiva (x € 1.000,-)

31 december 2022

31 december 2021

Eigen vermogen (7) Algemene reserve Resultaat boekjaar

1.190 792

1.203 -1.565

Totaal eigen vermogen

1.982

-362

Voorzieningen (9) Voorziening proceskosten Voorziening vervroegd pensioen

200 24

335 26

Totaal voorzieningen

224

361

Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar (8) Onderhandse lening van binnenlandse bank en overige financiële instellingen 1.429

1.714

Totaal vaste schulden

1.429

1.714

TOTAAL VASTE PASSIVA

3.635

1.713

Vaste passiva

1.713 Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met rentetypische looptijd < 1 jaar (10) Kortlopend krediet 0 Overige schulden 5.716

500 6.091

Totaal netto-vlottende schulden

5.716

6.591

Overlopende passiva (11)

829

728

Totaal overlopende passiva

829

728

6.546

7.320

10.181

9.033

TOTAAL VLOTTENDE PASSIVA

TOTAAL PASSIVA

De aan natuurlijke en rechtspersonen verstrekte borgstellingen of garantstellingen bedraagt € 0,-.

Jaarstukken 2022

Pagina 24 van 42

3.2

Toelichting op de balans per 31 december 2022

3.2.1

Toelichting algemeen

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De gehanteerde grondslagen voor waardering en resultaatbepaling zijn overeenkomstig het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Immateriële vaste activa Immateriële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs, zijnde de inkoopprijs en bijbehorende kosten. In navolging van de nota financieel beleid wordt voor investeringen een ondergrens van € 20 duizend gesteld aan het activeren van uitgaven. De afschrijvingen worden berekend volgens de lineaire methode op basis van de verwachte economische levensduur (nettomethode). Voor activa die gedurende het jaar in gebruik worden genomen, start de afschrijvingsperiode 1 januari van het jaar erop. De immateriële vaste activa worden lineair afgeschreven op basis van de verwachte economische levensduur van 5 jaar. In de waardering wordt rekening gehouden met duurzame waardeverminderingen indien deze zich voordoen. Materiële vaste activa Materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs, zijnde de inkoopprijs en bijbehorende kosten. In navolging van de nota financieel beleid wordt voor investeringen een ondergrens van € 20 duizend gesteld aan het activeren van uitgaven. De afschrijvingen worden berekend volgens de lineaire methode op basis van de verwachte economische levensduur (nettomethode).

Voor activa die gedurende het jaar in gebruik worden genomen, start de afschrijvingsperiode 1 januari van het jaar erop. De materiële vaste activa worden lineair afgeschreven op basis van de geschatte economische levensduur. Inventaris wordt afgeschreven in 10 jaar en hardware (ICT) in 5 jaar. In de waardering wordt rekening gehouden met duurzame waardeverminderingen indien deze zich voordoen. Vorderingen Vorderingen worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs onder aftrek van de noodzakelijk geachte voorzieningen wegens verwachte oninbaarheid. Deze voorziening wordt statisch bepaald. Liquide middelen Liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Overlopende activa Overlopende activa worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs. Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit de reserves en het resultaat na bestemming volgend uit de programmarekening. Algemene reserve Algemene reserves zijn reserves waar het bestuur geen specifieke bestemming aan heeft gegeven. Voorzieningen Voorzieningen worden gevormd ten behoeve van concrete of specifieke risico’s en verplichtingen die op de balansdatum bestaan en waarvan de omvang onzeker is doch redelijkerwijs in te schatten. Daarnaast worden voorzieningen gevormd voor kosten welke in een volgend begrotingsjaar worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong vindt in het begrotingsjaar of in een

Jaarstukken 2022

Pagina 25 van 42

voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van de lasten over een aantal begrotingsjaren. Voorzieningen worden tegen nominale waarde gewaardeerd. Lang- / kortlopende schulden Lang- en kortlopende schulden worden gewaardeerd tegen nominale waarde. De langlopende schulden betreffen leningen met een oorspronkelijke looptijd langer dan 1 jaar. Overige activa en passiva Voor zover in het bovenstaande niet anders is aangegeven worden activa en passiva gewaardeerd tegen nominale waarde. Wijze van resultaatbepaling De jaarrekening is opgesteld volgens het principe van het ‘Stelsel van baten en lasten’. In het stelsel van baten en lasten worden uitgaven en inkomsten toegerekend aan de jaren waarop ze betrekking hebben. Onder baten worden verstaan de opbrengsten uit dienstverlening als gemeenschappelijke regeling aan de deelnemers plus de overige baten die rechtstreeks aan het jaar zijn toe te rekenen en die in het jaar als gerealiseerd kunnen worden beschouwd. Vanwege het onzekere karakter van de opbrengsten worden deze verantwoord op het moment dat de inbaarheid verwacht wordt. De lasten worden bepaald met inachtneming van de hiervoor reeds vermelde grondslagen voor waardering en toegerekend aan het verslagjaar waarop zij betrekking hebben. Baten worden verantwoord in het jaar waarin de goederen zijn geleverd, c.q. de diensten zijn verricht.

Verliezen worden in aanmerking genomen in het jaar waarin deze voorzienbaar zijn. Resultaatbestemming Conform het BBV worden de mutaties in de reserves, zowel bij de begroting als de rekening, separaat verantwoord (via functie 980 in de programmarekening). Het jaarrekeningresultaat is hierdoor zowel vóór als na bestemming inzichtelijk. Verplichtingen c.q. risico’s niet blijkende uit de balans Huurovereenkomst BsGW heeft voor het huidige kantoorpand waarin het is gehuisvest een huurovereenkomst tot en met 31 oktober 2026. De jaarlijkse huurprijs bedraagt € 460 duizend (prijspeil 2023). De totale verplichting voor de resterende 3 jaar en 10 maanden bedraagt € 1,763 miljoen (prijspeil 2023). ICT BsGW heeft langlopende inkoopcontracten met betrekking tot ICT. Het betreft hier contracten voor applicaties (waarderen en belastingen) en hosting. De totale contractwaarde per jaareinde 2022 bedraagt € 7,273 miljoen (prijspeil 2022), inclusief € 0,826 miljoen eenmalige implementatiekosten van de waarderings- en belastingapplicatie. Juridische aangelegenheden In 2022 hebben zich geen juridische aangelegenheden voorgedaan.

Jaarstukken 2022

Pagina 26 van 42

Wet normering topfunctionarissen (WNT) De regels voor de (semi)publieke sector zijn vastgelegd in de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT). Bij BsGW wordt het bestuur (Algemeen Bestuur en Dagelijks Bestuur) beschouwd als topfunctionaris in de zin van de WNT. De governance van BsGW is in 2022 zo ingericht dat het bestuur de beslissingen neemt over aangelegenheden die de gehele organisatie betreffen. De bestuursleden van BsGW zijn niet in dienst bij BsGW en zijn onbezoldigd. De directeur is wel in dienst van BsGW en is verantwoordelijk voor de dagelijkse leiding van BsGW en is in die hoedanigheid een topfunctionaris in de zin van de WNT. De binnen onze organisatie geïdentificeerde leidinggevende topfunctionarissen met een dienstbetrekking hebben geen dienstbetrekking bij andere WNT-instellingen als leidinggevende topfunctionaris (die zijn aangegaan vanaf 1 januari 2022). In de volgende tabel is voor 2022 de topfunctionaris van BsGW zijn bezoldiging weergegeven. Daarna is een overzicht opgenomen van de onbezoldigde bestuursleden. bedragen x € 1

N.M.J.G. Lebens

Functiegegevens

Directeur

Aanvang en einde functievervulling in 2022

01-01 t/m 31-12

Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)

1

Dienstbetrekking?

ja

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

€ 147.922

Beloningen betaalbaar op termijn

€ 30.284

Subtotaal

€ 178.206

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

216.000

-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging

N.v.t. 178.206

Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan

N.v.t.

Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling

N.v.t.

Gegevens 2021 bedragen x € 1

N.M.J.G. Lebens

Functiegegevens

Directeur 01-01 t/m 31-12

Aanvang en einde functievervulling in 2021 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)

1

Dienstbetrekking?

ja

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

€ 125.400

Beloningen betaalbaar op termijn

€ 21.640

Subtotaal

147.040

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

209.000

Bezoldiging

147.040

Jaarstukken 2022

Pagina 27 van 42

Onbezoldigde bestuursleden Algemeen Bestuur (AB) / Dagelijks Bestuur (DB) 2022 Gemeente/Waterschap

Functie

Gemeente Bergen Waterschap Limburg

Voorzitter DB / AB M.H.E. Pelzer Vice-voorzitter DB / AB J.H.G.M. Teeuwen

Onbezoldigd Onbezoldigd

Gemeente Echt-Susteren Gemeente Landgraaf Gemeente Maastricht

Lid Lid Lid (3)(4)

DB / AB G.H.C. Frische DB / AB C.P.G. Wilbach DB / AB H. Fokke als opvolger voor J.J.M. Aarts

Onbezoldigd Onbezoldigd Onbezoldigd

Gemeente Venlo Gemeente Voerendaal Gemeente Beek Gemeente Beekdaelen Gemeente Beesel Gemeente Brunssum

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EchtSusteren&id=a7f91bd7-654d-4bad-9ddb-6a851f9753d6