Toelichting Bijlage 4 Onderzoek naar de waterdoorlatendheid ondergrond
Tekst van het document
Onderzoek naar de waterdoorlatendheid ondergrond Louerstraat ong. te Susteren
Onderzoek naar de waterdoorlatendheid ondergrond Louerstraat ong. te Susteren
Rapportnummer:
E223711.004/RKR
Datum:
21 oktober 2022
Naam opdrachtgever: Adres opdrachtgever:
Oude Rijksweg Noord 29, 6114 JA te SUSTEREN
Contactpersoon Aelmans Eco B.V.: Collegiale toets:
KvK 14048216 BTW NL8022.45.262.B.01 Bankrekening 15.48.06.137 BIC RABONL2U IBAN NL27 RABO 0154 8061 37
Aelmans Eco B.V. Kerkstraat 4 6367 JE Voerendaal T (045) 575 32 55
Kerkstraat 2 6095 BE Baexem T (0475) 459 260
info@aelmans.com
www.aelmans.com
Op onze dienstverlening zijn de algemene voorwaarden van Aelmans Eco B.V. van toepassing die u vindt op www.aelmans.com
Inhoud 1
Inleiding .............................................................................................................. 1 1.1 Opdrachtverlening .................................................................................................................. 1 1.2 Doel van het onderzoek.......................................................................................................... 1 1.3 Opzet van het onderzoek en de rapportage .......................................................................... 1
2
Schema�sering van de ondergrond ..................................................................... 3 2.1 Veldtesten .............................................................................................................................. 3 2.2 Classifica�e resultaten............................................................................................................ 4
3
Mogelijkheden voor infiltra�e ............................................................................. 5 3.1 Algemeen................................................................................................................................ 5 3.2 Toetsing .................................................................................................................................. 5 3.3 Duiding.................................................................................................................................... 6
4
Conclusie en aanbevelingen ................................................................................ 9
Figuur 1
Zoekgebied met situering infiltra�epunten
Bijlage 1
Meetwaarden veldtesten en uitwerking middels Hooghoudt
E223711.004/RKR
1 Inleiding 1.1
Opdrachtverlening
Aelmans Eco B.V. hee� van het verzoek gekregen een onderzoek naar de waterdoorlatendheid van de ondergrond ter hoogte van de Louerstraat ong. te Susteren te verrichten. In geval van een klacht over de uitvoering van onze werkzaamheden vragen wij u om dit, bij voorkeur via email (info@aelmans.com), aan ons te melden. Ook staat het u vrij om klachten te melden bij onze cer�fica�e-instelling Normec Cer�fica�e (info-cert@normec.nl).
1.2
Doel van het onderzoek
Het doel van een onderzoek naar de waterdoorlatendheid van de ondergrond, is vaststellen of infiltra�e van regenwater in de bodem ter plaatse van de onderzoek loca�e opportuun is. Eén en ander in het kader van duurzaam bouwen en het ontwerpen met regenwater. De doorlatendheid van de bodem is een van de bepalende factoren voor het dimensioneren en het (blijven) func�oneren van infiltra�e- en drainagesystemen. Daarnaast speelt de doorlatendheid een belangrijke rol bij grondwateroverlast. Inzicht in doorlatendheid is dus van groot belang bij de planvoorbereiding voor hemelwaterinfiltra�e of grondwaterdrainage.
1.3
Opzet van het onderzoek en de rapportage
Teneinde het infiltra�evermogen op de loca�e te onderzoeken, wordt een onderzoek verricht, welk ten doel hee� de waterdoorlatendheid van de ondergrond te bepalen. Deze kan op verschillende manieren worden onderzocht o.a.: -
ex-situ, off-site; labotesten (o.a. constant head of falling head test, a�ankelijk van de grondslag); in-situ, on-site; veldtesten (bijv. omgekeerde boorgatmethode, Ksat, falling head, sokeaway test).
Het bepalen van de geschiktheid van de bodem voor infiltra�e alsmede het vaststellen van de infiltra�esnelheid en de Gemiddeld Hoogste Grondwaterstand, maken onderdeel uit van dit onderzoek. Als er bij de gemeente geen informa�e over de waterdoorlatendheid van de bodem bekend is, dan is een uitgebreid onderzoek wenselijk. Het door ons aangeboden onderzoek is afgeleid van de Leidraad Riolering Module C2510, ‘Doorlatendheidsonderzoek voor infiltra�e en drainage’.
Onderzoek naar de waterdoorlatendheid ondergrond Louerstraat ong. te Susteren Aelmans Eco B.V.
1
E223711.004/RKR
Werkzaamheden worden verricht volgens de vigerende normen en richtlijnen. De boringen zijn effec�ef verricht onder BRL 2101 regime en zijn conform de NEN-EN-ISO 22475-1 uitgevoerd en beschreven volgens de NEN-EN-ISO 14688-1:2019+NEN 8990:2020; Geotechnisch onderzoek en beproeving - Iden�fica�e en classifica�e van grond - Deel 1: Iden�fica�e en beschrijving (incl. Nederlandse bijlage:2019).
Onderzoek naar de waterdoorlatendheid ondergrond Louerstraat ong. te Susteren Aelmans Eco B.V.
2
E223711.004/RKR
2 Schema�sering van de ondergrond 2.1
Veldtesten
In de Leidraad riolering module C2510 ‘Doorlatendheidsonderzoek voor infiltra�e en drainage’ (februari 2011) is een onderzoeksopzet opgenomen die ‘gehanteerd’ is bij het uitgevoerde veldonderzoek. Deze module beperkt zich tot de verzadigde doorlatendheid in stedelijk gebied, tot op maximaal maaiveld -4 meter. In rela�e tot de oppervlakte van het plangebied (<500 m2) én er van uitgaande dat de GHG na opleveren het terrein dieper zit dan maaiveld -1,5 meter zijn in totaal 3 boringen tot op maximaal een diepte van maaiveld -4 meter gemaakt. Ter hoogte van de boringen zijn tenslo�e doorlatendheidsme�ngen verricht. Het substrata is geïden�ficeerd conform de NEN-EN-ISO14688-1, beschrijvingsklasse B2. Middels veldtesten vindt de afleiding plaats van de doorlaa�actor voor infiltra�e. Op de projectloca�e zijn dus (in-situ) 3 doorlatendheidsproeven uitgevoerd. Hiertoe wordt tot op een bepaalde diepte een boring met bekende boordiameter uitgevoerd in, met name, de onverzadigde zone (= boven het grondwater). Vervolgens is in korte �jd het boorgat gevuld met een vooraf vastgestelde hoeveelheid water. De zakking van de waterstand in het boorgat is in de �jd waargenomen.
Indien opportuun wordt de test één tot tweemaal herhaald (een eerste me�ng gee� meestal een hogere doorlatendheid, omdat de aanwezige grond dan nog niet verzadigd is, bij de volgende me�ngen raakt de grond langzaam verzadigd waarbij de laatste me�ng normaliter maatgevend is voor de doorlatendheid). De proeven zijn uitgewerkt conform de omgekeerde Hooghoudt. In tabel 1-1 zijn de resultaten van de proeven weergegeven. In dezelfde tabel is ook het representa�eve profiel opgenomen omtrent de eerste 15 meter beneden het maaiveld ter plaatse. De meetwaarden zijn in bijlage 1 opgenomen. Situering van de infiltra�eproeven (IP-01 t/m IP-03) volgens figuur 1. Tabel 1-1: Resultaten doorlatendheidsproeven Nummer proef / boring IP-01
IP-02
IP-03
Site
Louerstraat ong. te Susteren
Coördinaten
X
187816
187802
187821
Y
342059
342067
342076
Z
33.07
33.76
33.18
3
4
4
(m+NAP) Diepte boring (m-mv) Grondwater (m-mv) Testdiepte (m-mv)
>4 3
4
4
Diameter boring (mm) Grondsoort
70 Zand zwak tot sterk sil�g, ma�g grindig
Onderzoek naar de waterdoorlatendheid ondergrond Louerstraat ong. te Susteren Aelmans Eco B.V.
3
E223711.004/RKR
Doorlaa�actor (m/d)
0,37
1,15
0,42
Hooghoudt BRO REGIS II v2.2
Coördinaten: 187799, 342068 (RD) Hoogte maaiveld t.o.v. NAP: +31.64 m 31.64 m – 30.36 m +NAP Forma�e van Boxtel, Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en fijn zand, met weinig zandige klei en grof zand en een spoor klei, veen en grind kh-waarde: 5.0E0 ≤ kh < 1.0E1 m/d 30.36 m – 20.89 m +NAP Forma�e van Beegden, Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit grof zand, grind en midden zand, met weinig zandige klei en fijn zand, een spoor klei en kans op stenen, keien en blokken kh-waarde: 1.0E2 ≤ kh < 2.0E2 m/d 20.89 m – 20.36 m +NAP Forma�e van Beegden, Kleiige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit zandige klei en klei, met weinig fijn en midden zand en een spoor veen, grof zand en grind kv-waarde: 1.0E-2 ≤ kv < 5.0E-2 m/d c-waarde 0.0E0 ≤ c < 5.0E1 dagen 20.36 m – 16.64 m +NAP Forma�e van Beegden, Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit grof zand, grind en midden zand, met weinig zandige klei en fijn zand, een spoor klei en kans op stenen, keien en blokken kh-waarde: 2.0E2 ≤ kh < 1.0E9 m/d
2.2
Classifica�e resultaten
De doorlatendheid van de ondergrond kan worden geclassificeerd als vermeld in tabel 1-2 (bron: Cultuurtechnisch Vademecum). De doorlaa�actoren van de geteste laag op de zoekloca�e zijn volgens deze classifica�e en de Hooghoudt-uitwerking ma�g tot goed. De doorlaa�actoren komen overeen met de waarden van k voor zeer fijn zand (k = 1 - 0,1 m/d) en fijn zand (k = 10 - 1 m/d). Tabel 1-2: Classifica�e doorlatendheid k (m/d) van
klasse tot < 0,01
Zeer slecht
0,01
0,10
Slecht
0,10
0,50
Ma�g
0,50
1,00
Vrij goed
1,00
10
Goed
>10
Zeer goed
Onderzoek naar de waterdoorlatendheid ondergrond Louerstraat ong. te Susteren Aelmans Eco B.V.
4
E223711.004/RKR
3 Mogelijkheden voor infiltra�e 3.1
Algemeen
Over het algemeen wordt gesteld, dat infiltra�e van neerslagwater interessant is indien: -
de doorlatendheid groter is dan ca. 0,3 m/d*; het grondwater dieper dan 0,5 à 0,7 meter minus maaiveld aanwezig is; het in te leiden neerslagwater niet is verontreinigd.
* Infiltra�e van neerslagwater behoort bij lagere doorlatendheden ook tot de mogelijkheden, mits hiervoor voldoende ruimte gereserveerd wordt om de geringe doorlatendheid te compenseren. Bij lagere doorlatendheden zal een voorziening voornamelijk als buffer dienen.
3.2
Toetsing
In tabel 1-1 zijn de maatgevende doorlatendheden weergegeven ter plaatse van de geteste bodemlagen op de zoekloca�e. De bodem is geclassificeerd en de doorlatendheid voldoet, overal aan de eerste eis. Aan de tweede eis wordt voldaan, aangezien het grondwater zich op een diepte van ≥ 4 meter min maaiveld bevindt. Aan de derde eis kan worden voldaan door alleen schoon regenwater te infiltreren. Voor infiltra�e van het water zal een zand- en slibvangsysteem moeten worden aangebracht. De mogelijkheden voor infiltra�e zijn als volgt: 1. Oppervlakkige infiltra�e via doorlatende verharde oppervlakten. Hierbij zal rekening moeten worden gehouden met een geroerde toplaag. Deze zal moeten worden verwijderd en vervangen door goed doorlatend materiaal. Oppervlakkige infiltra�e is sterk onderhoudsgevoelig en over het algemeen geen economisch aantrekkelijke op�e. Uitzondering hierop betre� een zogenaamde waterbergende weg (Aquaflow). 2. Infiltra�e in de ondiepe ondergrond. Hierbij valt te denken aan infiltra�e via een greppel (wadi) infiltra�ekoffers, pu�en en of infiltra�eriool. Dit behoort tot de mogelijkheden, de doorlatendheid van de ondiepe ondergrond is voldoende. 3. Infiltra�e naar de diepere zand-/grindlagen middels grindpalen. Dit behoort tot de mogelijkheden, de doorlatendheid van de diepe ondergrond zal toenemen met toename van de diepte. Infiltra�e beneden NAP +20 m is opportuun
Onderzoek naar de waterdoorlatendheid ondergrond Louerstraat ong. te Susteren Aelmans Eco B.V.
5
E223711.004/RKR
3.3
Duiding
Uit voorgaande paragraaf blijkt, dat infiltra�e van schoon regenwater in de ondiepe grond mogelijk is. De doorlatendheid is ter hoogte van alle testen voldoende en het grondwater bevindt zich op een op een diepte van meer dan maaiveld -4 meter. Tijdens de uitvoering van de testen werd géén grondwater tot op NAP +29,18 m (IP03) aangetroffen. Dit is echter een momentopname. Om een betere inscha�ng te maken van het grondwatergedrag is eigenlijk een langere meetreeks noodzakelijk, waaruit dan de GHG en GLG kan worden afgeleid. De gemiddelde seizoen fluctua�e van het grondwaterpeil is, zoals aangegeven te karakteriseren met twee variabelen: de gemiddelde hoogste [GHG] en de gemiddelde laagste grondwaterstand [GLG], uitgedrukt in meter onder maaiveld [m -mv]. Deze twee variabelen werden geïntroduceerd door van Heesen in 1970, die voorstelde om de GHG en GLG te berekenen als het gemiddelde van de drie hoogste/laagste peilen per jaar van minimaal acht jaren, waarbij de grondwaterstand tweemaal per maand wordt gemeten (op of omstreeks de 14de en 28ste dag). Met ‘jaren’ worden hier geen kalenderjaren, maar wel hydrologische jaren bedoeld, die beginnen op 1 april en eindigen op 31 maart. Indien onvoldoende meetgegevens beschikbaar zijn, kan een meetreeks worden aangevuld, met behulp van meteorologische data en een �jdsreeksmodel.
GHG en GLG zijn maar betekenisvol wanneer seizoen fluctua�es terug te vinden zijn in de �jdsreeks van grondwaterpeilen. Dat is niet al�jd het geval. Onderhavig veldwerk is medio oktober 2022 uitgevoerd, het grondwaterpeil fluctueert gedurende het jaar. Gewoonlijk wordt de hoogste grondwaterstand (GWS) eind maart bereikt en de laagste GWS doorgaans eind september. Daarnaast varieert het grondwaterpeil van jaar tot jaar. Het waterpeil dat bijvoorbeeld eind maart wordt bereikt, is a�ankelijk van de weerscondi�es in de periode die eraan vooraf gaat en die weerscondi�es zijn elk jaar lichtjes anders. Ter hoogte van het bouwplan Louerstraat ong. te Susteren zelf zijn in de literatuur (o.a. BRO REGIS II v2.2) géén meetreeksen gekend. De dichtstbijzijnde reeksen zijn op circa 630 meter ten zuidwesten en op circa 800 meter ten zuidzuidwesten gelegen (zie snede hieronder; bron BRO-DINOloket). Het bouwplan is trouwens in de rechterbovenhoek gelegen.
Onderzoek naar de waterdoorlatendheid ondergrond Louerstraat ong. te Susteren Aelmans Eco B.V.
6
E223711.004/RKR
Uit deze reeksen is ter hoogte van B60A2564 (Gildenlaan, 630 meter ZW) een GHG van NAP +28 m af te leiden en ter hoogte van B60A1745 (Baakhoverweg, 800 meter ZZW) een GHG van NAP +28,60 m. Ter hoogte van onderhavig plan is, ten �jde van het onderzoek, géén grondwater gemeten tot op NAP +29,18 m. Op basis van deze gegevens stellen wij voor, ter hoogte van de Louerstraat ong. een GHG van NAP +28,30 m te hanteren en een GLG van NAP +26,60 m.
Figuur A.1: Meetreeks Gildenlaan te Susteren (ligt op ca. 630 meter ten zuidwesten van planlocatie)
Onderzoek naar de waterdoorlatendheid ondergrond Louerstraat ong. te Susteren Aelmans Eco B.V.
7
E223711.004/RKR
Figuur A.2: Meetreeks Baakhoverweg te Susteren (ligt op ca. 800 meter ten zuidzuidwesten van de planlocatie)
Onderzoek naar de waterdoorlatendheid ondergrond Louerstraat ong. te Susteren Aelmans Eco B.V.
8
E223711.004/RKR
4 Conclusie en aanbevelingen Uit de gemeten doorlatendheden blijkt, dat infiltra�e van neerslagwater tot de mogelijkheden behoort ter hoogte van de Louerstraat ong. te Susteren. De doorlatendheid van de ondergrond ter plaatse van de testen IP-01 t/m IP-03 is ma�g tot goed. Het infiltreren zou dus direct in de ondiepe ondergrond moeten kunnen plaatsvinden. Een gereguleerde voeding/afvloeiing middels bijvoorbeeld een wadi en/of grindkoffers is opportuun. Ubachsberg, gemeente Voerendaal, 21 oktober 2022
Aelmans Eco B.V.
Projectleider/geotechnisch adviseur Rapport opgesteld door:
Projectleider/geotechnisch adviseur
Onderzoek naar de waterdoorlatendheid ondergrond Louerstraat ong. te Susteren Aelmans Eco B.V.
9
Bijlage 1 Meetwaarden veldtesten en uitwerking middels Hooghoudt
Opdracht: E223711 Project: k-waarde nieuwbouw met afkoppelontwerp Plaats Louerstraat te Susteren
200 IP01
190 180 170 Waterkolom [cm]
waterkolom in boorgat [cm] IP01 IP02 IP03 150 90 205 145 85 203 144 84 201 144 82 198 142 79 195 142 77 192 142 75 190 140 71 190 140 69 187 138 68 185 137 66 184 136 63 182 135 62 181 134 61 179 132 60 178 132 59 177 131 59 176 131 58 175 130 57 174 129 56 173 128 55 172 127 54 171 126 53 170 125 53 169 124 52 168 118 36 163
160 150 140 130 120 110 100 0
100
200
300
400
500
600
700
800
900
1000
Tijd [s]
100 90 IP02
80 70 Waterkolom [cm]
IP03 195 197 199 202 205 208 210 210 213 215 216 218 219 221 222 223 224 225 226 227 228 229 230 231 232 237
60 50 40 30 20 10 0 0
100
200
300
400
500
600
700
800
900
1000
Tijd [s]
240 IP03
220 200 Waterkolom [cm]
handpeilingen [cm-mv] IP01 IP02 0 150 310 10 155 315 20 156 316 30 156 318 40 158 321 50 158 323 60 158 325 90 160 329 120 160 331 150 162 332 180 163 334 210 164 337 240 165 338 270 166 339 300 168 340 330 168 341 360 169 341 390 169 342 420 170 343 450 171 344 480 172 345 510 173 346 540 174 347 570 175 347 600 176 348 900 182 364
tijd [s]
180 160 140 120
diameter boorgat [cm] diepte boorgat [m-mv] hoeveelheid toegevoegd water [l]
IP01 7 3 10
IP02 7 4 10
IP03 7 4 10
bepaling doorlatendheid IP01 IP02 IP03 tan alpha: 0,000107 0,0003293 0,000121 k-waarde (Hooghoudt) 0,37 m/d 1,15 m/d 0,42 m/d
100 0
100
200
300
400
500 Tijd [s]
600
700
800
900
1000