CConstaterende datEcht-Susteren
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting

Gemeenteraad 9 september 2021, gemeente Echt-SusterenBij agendapunt: Bestemmingsplan Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop16.470 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

4.2.3

Conclusie Het aspect luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor de vaststelling van het bestemmingsplan.

4.3

Archeologie, cultuurhistorie en landschap

4.3.1

Archeologie Beleidskader Op 1 september 2007 is de Wet op de archeologische monumentenzorg (Wamz) in werking getreden. De zorg voor het bodemarchief is door deze wet bij gemeenten komen te liggen. De gemeente is verplicht om bij het vaststellen van nieuwe bestemmingsplannen of aanpassing(en) van oude plannen, rekening te houden met archeologie. Toetsing Bij de aanlegwerkzaamheden kunnen eventuele in de bodem aanwezige archeologische resten worden verstoord. De zonnepanelen zijn vooral aan de noord- en noordwestkant van het plangebied voorzien. De verstoringsdiepte reikt naar verwachting tussen 1,5 en 2,0 meter onder maaiveld. In het vigerende bestemmingsplan is voor het merendeel van het plangebied de dubbelbestemming 'Waarde – Archeologie 3' opgenomen. Hierbij geldt een onderzoeksplicht voor grondwerkzaamheden dieper dan 0,4 meter en op een oppervlakte groter dan 500 m2 . Voor de noordwestelijke kant geldt geen dubbelbestemming. In het kader van de voorgenomen ontwikkeling vindt grondroering plaats over een oppervlakte groter dan 500 m2 . De locatie van de dubbelbestemming uit het bestemmingsplan komt overeen met de hoge en middelhoge verwachting in de verwachtingskaart. Voor het gebied met lage verwachting geldt geen dubbelbestemming. Bureauonderzoek Door Antea Group is een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd.

De resultaten van dit bureauonderzoek zijn opgenomen in het rapport 'Bureauonderzoek Dominicusweg te Maria Hoop' d.d. 9 maart 2021. Het rapport is opgenomen als bijlage 3 bij de toelichting. Hierna

blad 26 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

wordt ingegaan op de conclusies en aanbevelingen. De landschappelijke situatie en de uit de omgeving bekende vondsten duiden op een brede archeologische verwachting voor het plangebied. Hierbij gaat het vooral om de zuidelijke/zuidoostelijke helft van het gebied, maar ook in de rest van het gebied kunnen archeologische resten aanwezig zijn. Door de landschappelijke kenmerken is er een hoge verwachting op het aantreffen van archeologische resten van jagers-verzamelaars en boerengemeenschappen vanaf het laat-paleolithicum. Het plangebied is in het verleden in gebruik geweest als weiland, landbouwgronden of natuurgebied. Hierdoor kan eventueel enige verstoring van de bovenste lagen van het bodemprofiel zijn opgetreden. De kans dat er bij de uitbreidingswerkzaamheden archeologische resten zullen worden verstoord, is groot, en daarom dient voorafgaand aan de werkzaamheden archeologisch veldonderzoek te worden uitgevoerd. Voor de zone met een hoge verwachting wordt geadviseerd een inventariserend veldonderzoek d.m.v. boringen (verkennende fase). Ook voor de zone met een lagere verwachting wordt geadviseerd een aantal boringen te zetten, om te kunnen vaststellen of die lage verwachting gegrond is. Dit omdat het onderscheid tussen de hoge verwachtingsgebieden en de lage verwachtingsgebieden gebaseerd is op kaartmateriaal met een relatief grote schaal.

Ervaring leert dat aanduidingen ter plaatse van de overgangszone dan op de verwachtingskaarten (te) grof zijn gezet. Het strekt dan tot aanbeveling, teneinde toevalsvondsten bij uitvoering van de civieltechnische werkzaamheden te voorkomen, om juist ook de overgangsgebieden in een archeologisch booronderzoek mee te nemen. Vanwege de verwachte goede vondstzichtbaarheid aan het oppervlak, is het advies om het booronderzoek te combineren met een veldkartering. Als uit het inventariserend veldonderzoek volgt dat mogelijk archeologische resten aanwezig zijn, is vervolgonderzoek door middel van proefsleuven noodzakelijk. Booronderzoek Door RAAP is in februari 2021 een verkennend booronderzoek uitgevoerd ten behoeve van de zonneparken Bosserheide en de Dominicusweg. Het rapport is opgenomen als bijlage 4 bij de toelichting. Hierna wordt ingegaan op de conclusies en aanbevelingen. Hierna wordt ingegaan op de conclusies en aanbevelingen ten aanzien van het plangebied van het onderhavige bestemmingsplan. In het plangebied zijn zwak grindige Maasafzettingen aangetroffen, die bovenin vermoedelijk deels met dekzand vermengd zijn geraakt. Hier en daar ligt kleiig zand of zandige klei onder de bouwvoor. In alle boringen is sprake van een bouwvoor die meteen op de ongeroerde lichtgele natuurlijke ondergrond ligt.

Het plangebied is vrij nat, met uitzondering van het meest zuidoostelijke hoekje. Gave vindplaatsen van jager-verzamelaars uit de perioden paleolithicum en mesolithicum worden niet meer verwacht. Vindplaatsen uit latere perioden worden alleen in het uiterste zuidoostelijke hoekje van het plangebied nog verwacht. In het zuiden van het plangebied blijft de archeologische verwachting en dubbelbestemming 'Waarde - archeologie' gehandhaafd (zie ook de onderstaande figuur). Het grootste deel van het plangebied kan echter worden vrijgegeven. Deze uitkomsten zijn verwerkt in de verbeelding van het onderhavige bestemmingsplan.

blad 27 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

Figuur 4.1: Advieskaart m.b.t. dubbelbestemming archeologie. Bron: RAAP-RAPPORT-5044. Omdat de voorgenomen bodemingrepen in beide deelgebieden zeer beperkt van omvang zijn en bovendien erg versnipperd liggen, wordt voor beide gebieden geen vervolgonderzoek geadviseerd. Indien de ingrepen qua omvang of aaneengesloten oppervlakte toenemen, dient de noodzaak voor archeologisch vervolgonderzoek opnieuw te worden bepaald.

4.3.2

Cultuurhistorie en landschap Beleidskader Op 1 januari 2012 is de wet Modernisering monumentenzorg (Momo) in werking getreden. Een belangrijke doelstelling van de Modernisering van de Monumentenzorg is het versterken van de koppeling tussen erfgoed en ruimte. In het kader van de Momo dient in de toelichting van elk bestemmingsplan of ruimtelijke onderbouwing beschreven te worden op welke wijze met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden. Toetsing Provinciaal Omgevingsvisie Limburg 2014 (POL2014) Cultuurhistorie is in het POL2014 benoemd als een provinciale kernkwaliteit in de bronsgroene landschapszone en in het nationaal landschap Zuid-Limburg. De provincie herbergt waardevol ruimtelijk erfgoed, met name monumentaal erfgoed en

blad 28 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

cultuurhistorische landschappen. Dit ruimtelijk erfgoed herbergt een deel van onze geschiedenis en is daardoor van invloed op de regionale identiteit. De bronsgroene landschapszone en het nationaal landschap Zuid-Limburg zijn als cultuurhistorische kernkwaliteit opgenomen in de provinciale verordening. Op basis van de verordening zijn gemeenten verplicht om in de toelichting bij bestemmingsplannen aan te geven hoe binnen deze gebieden wordt omgaan met behoud en versterking van de kernkwaliteiten. Bronsgroene landschapszone In de gemeente Echt-Susteren liggen diverse gebieden die als bronsgroene landschapszone zijn aangeduid. Een deel van deze gebieden overlappen met de gebieden van cultuurhistorische waarden volgens de gemeentelijke cultuurhistorische en aardkundige waardenkaart (zie 2.4.1), maar voor een deel overlappen de gebieden niet. Dit heeft tot gevolg dat een deel van de cultuurhistorische kernkwaliteiten gelegen in de bronsgroene landschapszone op basis van de gemeentelijke beleidskaart niet worden beschermd. Derhalve worden deze gebieden eveneens onder de dubbelbestemming 'Waarde Cultuurhistorie' gebracht. Binnen het plangebied bevinden zich geen gebieden die zijn aangeduid als bronsgroene landschapszone.

Benutten leegstaande cultuurhistorische en beeldbepalende gebouwen Bij nieuwe ontwikkelingen wil de provincie dat leegstaande cultuurhistorische en beeldbepalende gebouwen zoveel mogelijk worden benut. Er moet gekeken worden of er een leegstaand rijksmonument, gemeentelijk monument, beschermd stads- of dorpsgezicht of ander leegstaand gebouw (in die volgorde) geschikt (te maken) is om deze functie te huisvesten. Herbenutting van deze bijzondere gebouwen kan bijdragen aan de instandhouding van deze gebouwen zelf, maar ook aan het behoud of verbeteren van het woon- en leefklimaat in het betreffende gebied. CultuurHistorische Waardenkaart Limburg (CHW Limburg) De provincie Limburg hecht veel waarde aan haar grote schat aan cultuurhistorie. Daarom heeft de provincie het initiatief genomen om alle archeologische, bouwhistorische en historisch geografische gegevens die over de provincie voorhanden waren, te inventariseren, en voor de hele provincie Limburg te presenteren. Het resultaat van deze inventarisatie is de CHW Limburg. De inventarisatiegegevens van de CultuurHistorische Waardenkaart hebben een informatieve en signaleringsfunctie, en maken de informatie zichtbaar die momenteel voorhanden is over de Limburgse cultuurhistorie. Ze vormen zo de startdocumenten om te komen tot een integrale cultuurhistorische waardenkaart voor de provincie Limburg.

Zij kunnen er toe bijdragen om de cultuurhistorische dimensie te betrekken bij ruimtelijke, toeristische en culturele ontwikkelingen en voornemens. Het is daarom de bedoeling om de gegevens verder te actualiseren en te complementeren. De informatie uit de provinciale CultuurHistorische Waardenkaart is ten behoeve van de rapportage "Fraaie landstreken, belangrijke wandelingen en indrukwekkende gedenktekens. Een cultuurhistorische en aardkundige waardenkaart van de gemeente Echt-Susteren" verder ingevuld en gedetailleerd. Deze rapportage dient als basis voor onderhavig bestemmingsplan. Fraaie landstreken, belangrijke wandelingen en indrukwekkende gedenktekens. Een cultuurhistorische en aardkundige waardenkaart van de gemeente Echt-Susteren In de cultuurhistorische en aardkundige waardenkaart van de gemeente Echt-Susteren is zichtbaar dat het plangebied zich in een jonge broekontginning bevindt. Tevens is de poel aangeduid op de kaart. Daarnaast is ook een beeldbepalend plan aangeduid binnen het plengebied. Binnen het plangebied is echter geen bebouwing (meer) aanwezig.

blad 29 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

Figuur 4.2: uitsnede cultuurhistorische en aardkundige waardenkaart gemeente Echt-Susteren. De gemeente heeft regels ter bescherming van de cultuurhistorische waarden. Voor de gronden in het onderhavige bestemmingsplan zijn die vastgelegd in het bestemmingsplan 'Buitengebied' (vastgesteld op 14 december 2017). Relevante dubbelbestemmingen en aanduidingen uit het vigerende plan worden overgenomen in het onderhavige bestemmingsplan. In het vigerend bestemmingsplan is de noordrand bestemd met de dubbelbestemming 'Waarde - Cultuurhistorisch waardevol ensemble', ten behoeve van het behoud en de bescherming van de waarde van het ensemble van cultuurhistorisch waardevolle landschappen, erfgoed en bouwwerken. Deze dubbelbestemming is overgenomen in dit bestemmingsplan.

4.3.3

Conclusie Het aspect cultuurhistorie vormt, met inachtneming van de dubbelbestemming 'Waarde Cultuurhistorisch waardevol ensemble' geen belemmering voor de vaststelling van het bestemmingsplan. De uitkomsten van het archeologisch booronderzoek zijn verwerkt in de verbeelding. De dubbelbestemming is behouden in de zuidoostelijke hoek van het plangebied, de rest is vrijgegeven. Voor de aanleg van het zonnepark is geen vervolgonderzoek noodzakelijk. Het aspect archeologie vormt geen belemmering voor de vaststelling van het bestemmingsplan.

4.4

Bedrijven en milieuzonering

4.4.1

Beleidskader Om te bepalen welke bedrijfsactiviteiten uit oogpunt van milieuhinder kunnen worden toegestaan, kan gebruik worden gemaakt van de systematiek van de VNG-brochure 'Bedrijven en milieuzonering' (editie 2009). In de VNG-brochure is een bedrijvenlijst opgenomen, die informatie geeft over de milieukenmerken van verschillende typen bedrijven. In de lijst is op basis van een aantal factoren (waaronder geluid, geur en gevaar) een indicatie gegeven van de afstand tussen bedrijven en hindergevoelige functies waarmee gemeenten bij ruimtelijke ontwikkelingen rekening kunnen houden. Het doel van milieuzonering is tweeledig:

blad 30 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

door het toepassen van milieuzonering wordt hinder ter plaatse van woningen of andere gevoelige objecten al in het ruimtelijk spoor voorkomen; door het toepassen van milieuzonering wordt aan bedrijven voldoende zekerheid geboden dat zij hun activiteiten duurzaam en binnen aanvaardbare voorwaarden kunnen uitoefenen. Op basis van de indicatieve afstanden zijn de bedrijven op de bedrijvenlijst in de VNG-handreiking ingedeeld in milieucategorieën die variëren van categorie 1 (indicatieve afstand van 10 meter) tot categorie 6 (indicatieve afstand van 1.500 meter). Als aan de indicatieve afstand kan worden voldaan, is een activiteit qua milieuhinder inpasbaar. Enerzijds is dan ter plaatse van omliggende milieugevoelige objecten (waaronder woningen) sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat, anderzijds heeft het bedrijf voldoende zekerheid dat de bedrijfsactiviteiten binnen aanvaardbare voorwaarden kunnen worden uitgeoefend. Omgevingstype In de VNG-brochure worden twee omgevingstypen onderscheiden, namelijk 'rustige woonwijk'/'rustig buitengebied' en 'gemengd gebied'. De richtafstanden uit de VNG-brochure zijn afgestemd op de omgevingskwaliteit zoals die wordt nagestreefd in een rustige woonwijk of een daarmee vergelijkbaar omgevingstype (zoals een rustig buitengebied).

De indicatieve afstanden zijn de afstanden die moeten worden aangehouden tot de gevels van woningen in een 'rustig buitengebied'. Voor woningen in een 'gemengd gebied' mag de indicatieve afstand worden gecorrigeerd en kan de afstand met één trede worden verlaagd, zonder dat dit ten koste gaat van het woon- en leefklimaat. In de volgende tabel zijn de milieucategorieën met bijbehorende indicatieve afstand weergegeven.

4.4.2

milieucategorie

richtafstand tot omgevingstype rustig buitengebied

richtafstand tot omgevingstype gemengd gebied

1

10 m

0m

2

30 m

10 m

3.1

50 m

30 m

3.2

100 m

50 m

4.1

200 m

100 m

4.2

300 m

200 m

5.1

500 m

300 m

5.2

700 m

500 m

5.3

1.000 m

700 m

6

1.500 m

1.000 m

Toetsing Zonneparken zijn niet opgenomen in de VNG-brochure 'Bedrijven en milieuzonering' en leveren geen hinder op voor de aspecten geluid, stof, geur of gevaar. Milieuhinder is niet aan de orde. Tevens is een zonnepark geen gevoelige functie, waardoor bedrijven in de omgeving niet worden belemmerd in het uitvoeren van de bedrijfsactiviteiten. Zonnepanelen leveren stroom die via een omvormer en transformator wordt afgegeven aan het elektriciteitsnet. Voor transformatorstations gelden wel richtafstanden. Deze richtafstanden zijn afhankelijk het transformatorvermogen. Voor een transformatorvermogen tussen de 10 en 100 MVA bedraagt de richtafstand 50 meter (SBI-code 35, C2), uitgaande van de ligging in een 'rustig buitengebied'. De dichtsbijzijnde woning ligt op het perceel van het agrarisch bedrijf aan de Dominicusweg 3, hier is ook een mini-camping gelegen. In het vigerende bestemmingsplan 'Buitengebied'

blad 31 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

ligt een bouwvlak op de Dominicusweg 3 waarbinnen maximaal 2 wooneenheden toegestaan zijn. Het inkoop/transformatorstation ligt op 85 meter van het bouwvlak. De camping ligt op ruim 140 meter. Er wordt dus voldaan aan de richtafstand van 50 meter. Verder ligt aan de oostelijke zijde van de Dominicusweg een woning op het perceel Dominicusweg 4. De afstand van het plangebied tot deze woning bedraagt 157 meter. De afstand van de woning Dominicusweg 4 naar het inkoop/transformatorstation is 262 meter. Er wordt voldaan aan de richtafstand van 50 meter.

4.4.3

Conclusie Het aspect bedrijven en milieuzonering vormt geen belemmering voor de vaststelling van het bestemmingsplan.

4.5

Bodem

4.5.1

Beleidskader Voor elke functiewijziging, al dan niet naar een gevoelige functie, dient een onderzoek te worden verricht naar de bodem- en grondwaterkwaliteit. De bodem moet geschikt zijn voor het voorgenomen gebruik.

4.5.2

Toetsing De bestaande bestemming 'Agarisch met waarden - Natuur- en landschapswaarden' wordt niet gewijzigd, er wordt wel een functie aan toegevoegd. Daarmee worden de gebruiksmogelijkheden verruimd. Door Antea Group is een historisch bodemonderzoek uitgevoerd om de bestaande bodemkwaliteit in beeld te brengen. De resultaten van dit historisch bodemonderzoek zijn opgenomen in de rapportage 'Historisch bodemonderzoek Zonnepark Dominicus' d.d. 22 oktober 2020. De rapportage is opgenomen als bijlage 5 bij de toelichting. Op basis van het vooronderzoek worden de volgende conclusies gegeven: De verzamelde informatie geeft geen aanwijzingen voor de aanwezigheid van (voormalige) bodembedreigende activiteiten op het onderzoeksterrein. Ook wordt niet verwacht dat de activiteiten op de omliggende percelen de bodemkwaliteit op het onderzoeksterrein negatief hebben beïnvloed. De locatie kan als onverdacht ten aanzien van asbest wordt aangemerkt omdat er geen aanwijzingen zijn voor bodembelastende activiteiten waarbij asbest op of in de bodem terecht is gekomen.

4.5.3

Conclusie Het aspect bodem vormt geen belemmering voor de vaststelling van het bestemmingsplan.

4.6

Ecologie

4.6.1

Beleidskader Ruimtelijke plannen dienen te worden beoordeeld op de uitvoerbaarheid in relatie tot actuele natuurwetgeving. Vanaf 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming (Wnb) van kracht geworden en vervangt de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Flora- en Faunawet.

blad 32 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

4.6.2

Toetsing Door Antea Group is een Natuurtoets uitgevoerd om inzicht te krijgen in de aanwezigheid van beschermde soorten en beschermde gebieden binnen de invloedssfeer van het plangebied en de effecten hierop. De resultaten van dit onderzoek zijn opgenomen in de rapportage 'Natuurtoets Zonnepark Dominicusweg' d.d. 11 maart 2021. De rapportage is opgenomen als bijlage 6 bij de toelichting. Hieronder zijn de conclusies en aanbevelingen opgenomen. Beschermde gebieden Natura 2000-gebieden in de omgeving zijn mogelijk binnen de invloedssfeer van het plan aanwezig. Ten aanzien van eventueel aanwezige ingekorven vleermuizen langs de bomenrijen rondom het plangebied zijn negatieve effecten te voorkomen door geen nachtelijke verlichting te gebruiken bij eventuele (aanleg)werkzaamheden tijdens de actieve periode van vleermuizen (globaal april-november). Als gevolg van de voorgenomen werkzaamheden is er mogelijk sprake van een tijdelijke toename in stikstofdepositie. De mogelijke, tijdelijke toename in stikstofdepositie dient te worden berekend middels het rekenprogramma Aerius-calculator. Een Aerius-berekening kan inzicht geven of er mogelijk een extern effect van stikstofdepositie optreedt voor de hiervoor zeer gevoelige habitattypen die in nabij gelegen Natura 2000-gebied Roerdal aanwezig zijn.

Zonder deze informatie kan niet met zekerheid gesteld worden dat de gebiedsbescherming de uitvoering van het plan niet belemmert. Het plangebied is geen onderdeel van de Goudgroene natuurzone, Zilvergroene natuurzone en/of Bronsgroene landschapszone. Negatieve effecten op gebieden vallend binnen het provinciaal natuurbeleid zijn hierdoor uitgesloten. Stikstofdepositie Bij het invoeren van de gegevens moet onderscheid gemaakt worden tussen de aanlegfase en gebruiksfase. Omdat zonnepanelen geen stikstof uitstoten en slechts incidenteel onderhoud aan de panelen zal plaatsvinden, is de stikstofemissie van de toekomstige situatie (gebruiksfase) verwaarloosbaar. Er is dan ook enkel een berekening gemaakt voor de aanlegfase. Tijdens de aanleg van het zonnepark zal gedurende enkele weken met (zware) voertuigen van en naar, maar ook in het plangebied worden gereden/gewerkt. De daarbij optredende stikstofemissies kunnen leiden tot extra stikstofdepositie op de nabij gelegen Natura 2000-gebieden. Om die reden is, door Solar Provider Group, de depositie van stikstof ten gevolge van de ontwikkeling van het zonnepark berekend met het programmapakket Aerius-calculator 2020. In bijlage 7 is een beschrijving van de uitgangspunten en een uitdraai van de Aerius-berekening opgenomen.

Voor de voorgenomen ontwikkeling toont Aerius Calculator voor de realisatiefase geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/jaar. Significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden kunnen dan ook worden uitgesloten. Voor wat betreft de gebiedsbescherming zijn er geen belemmeringen ten aanzien van de Wet natuurbescherming. Het plan is wat betreft de gebiedsbescherming uitvoerbaar. Beschermde soorten Uit de bureaustudie in combinatie met het terreinbezoek is gebleken dat (leefgebied van) de volgende in het kader van de Wet natuurbescherming beschermde soorten aanwezig zijn en/of mogelijk verwacht worden in het plangebied. Bij het bureauonderzoek is o.a. gebruik gemaakt van natuurgegevens van de provincie Limburg, waaronder de meest recente provinciale broedvogelkarteringen. Daarnaast is aangegeven of er sprake is van een overtreding van de Wet Natuurbescherming en onder welke voorwaarden het plan

blad 33 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

uitvoerbaar is. Vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten – huismus, kerkuil en torenvalk (nestplaatsen in directe omgeving, mogelijk essentieel foerageergebied binnen plangebied). Er is geen sprake van een overtreding: er blijft voldoende foerageergebied binnen het plangebied. Overige (algemeen voorkomende) broedvogels (mogelijke nestplaatsen in plangebied en directe omgeving). Er is geen sprake van een overtreding indien maatregelen worden genomen om het verstoren van broedgevallen te voorkomen. Vleermuizen (mogelijk essentieel foerageergebied en vliegroute in directe omgeving). Er is geen sprake van een overtreding indien maatregelen worden genomen om de verstoring van foerageergebied en vliegroute te voorkomen. Grondgebonden zoogdieren – das (mogelijk essentieel leefgebied). Er is geen sprake van een overtreding: er blijft voldoende foerageergebied binnen het plangebied. Amfibieën – kamsalamander, alpenwatersalamander, rugstreeppad (mogelijk voortplantingsplaatsen in poel binnen plangebied). Er is geen sprake van een overtreding: de voortplantingsplaats blijft behouden. Flora (mogelijk groeiplaatsen beschermde soorten binnen plangebied). Een overtreding is niet uit te sluiten.

Om te bepalen of met het plan eventuele verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming overtreden worden, is inzicht noodzakelijk in het voorkomen van beschermde soorten planten in te verwijderen vegetatie. Dit nader onderzoek dient plaats te vinden in de bloeiperiode (april-augustus) van de te verwachten beschermde soorten binnen het plangebied. Nader onderzoek Uit de natuurtoets is naar voren gekomen dat in het plangebied mogelijk standplaatsen aanwezig zijn voor beschermde planten. Het gaat hierbij om de soorten akkerogentroost, dreps, getande veldsla, glad biggenkruid, grote leeuwenklauw, kartuizer anjer en ruw parelzaad, welke worden aangetroffen in de omgeving van het plangebied. Om te bepalen of dit daadwerkelijk het geval is door Antea Group nader onderzoek uitgevoerd. De resultaten van dit onderzoek zijn beschreven in de memo 'Resultaten plantenonderzoek' d.d. 24 juni 2021. De memo is opgenomen als bijlage 10 bij de toelichting. In het plangebied zijn geen beschermde planten aangetroffen. De samenstelling van de planten laat een voedselrijke, ruderale begroeiing zien, met enkele akkersoorten (zoals koolzaad, raapzaad, klaproos en akkerviooltje). Het huidige gebruik van het plangebied is intensieve akkerbouw met monocultuur en tevens randen met kruiden. Voor beschermde soorten van akkergemeenschappen zijn geen geschikte standplaatsen aangetroffen.

Tevens is voor kartuizer anjer (een soort uit graslanden) geen geschikte standplaats aanwezig. Een tweede veldbezoek is om deze reden niet nodig. Op basis van het uitgevoerde onderzoek zijn beschermde planten in het plangebied uitgesloten. Er zijn voor wat betreft planten geen belemmeringen voor de uitvoering van het plan. Uitdroging grond De aanwezigheid van zonnepanelen kan op de lange termijn effect hebben op de grond eronder. Het dient te worden voorkomen dat de gronden met name onder de panelen uitdrogen en te weinig licht ontvangen waardoor de grond uitgeput raakt. Het doel is om de effecten op de bodem zo klein mogelijk te laten zijn zodat er geen ecologische schade wordt aangericht in de tijdelijke periode dat de zonnevelden zijn ingericht. Daarom is samen met lokale experts gekeken naar mogelijkheden om de effecten te voorkomen. Hieruit volgde de keuze om voor een oost-west opstelling met een meter tussen de rijen. Deze opstelling combineert een efficiënt gebruik van land met genoeg ruimte om water en zonlicht op de grond te laten komen. Ook is gesproken over het inzaaien van verschillende soorten om de organische stoffen in de grond te versterken. Op aanraden van de ecologische experts is dit niet gedaan, aangezien zij het beter vonden om de natuur hier blad 34 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

zijn gang te laten gaan. Op deze manier komen er vanzelf soorten naar boven die zich aanpassen aan de omstandigheden. Na de termijn van het zonnepark worden daarom geen problemen voorzien, ook dienen de gronden in oorspronkelijke staat opgeleverd te worden.

4.6.3

Conclusie Het aspect ecologie vormt geen belemmering voor de vaststelling van het bestemmingsplan.

4.7

Externe veiligheid

4.7.1

Beleidskader Externe veiligheid betreft het risico dat aan bepaalde activiteiten is verbonden voor niet bij de activiteit betrokken personen. Het externe veiligheidsbeleid richt zich op het beheersen van risicovolle bedrijfsactiviteiten en van risicovol transport. Het gaat daarbij om de bescherming van individuele burgers en groepen tegen ongevallen met gevaarlijke stoffen. Het veiligheidsbeleid in Nederland is gebaseerd op een tweetal begrippen, het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR): Het plaatsgebonden risico is de kans per jaar dat één persoon, die onafgebroken en onbeschermd op een plaats langs een transportroute of nabij een inrichting verblijft, komt te overlijden als gevolg van een incident met het vervoer, de opslag en/of de handeling van gevaarlijke stoffen. Daarbij is de omvang van het risico een functie van de afstand waarbij geldt: hoe groter de afstand, des te kleiner het risico. De risico's worden weergegeven in PR risicocontouren. Het groepsrisico is de kans per jaar dat een groep van 10 of meer personen in de omgeving van een transportroute of een inrichting voor handelingen met gevaarlijke stoffen in één keer het (dodelijk) slachtoffer wordt van een ongeval. In tegenstelling tot het plaatsgebonden risico geldt voor het groepsrisico geen grenswaarde maar een oriëntatiewaarde.

Deze oriëntatie-waarde kan gezien worden als een streefwaarde en heeft geen juridische status. Het overschrijden van de oriëntatiewaarde is mogelijk mits dit in de besluitvorming door het bevoegd gezag wordt gemotiveerd. Risicobronnen kunnen worden onderscheiden in risicovolle inrichtingen (waaronder lpg-tankstations), vervoer van gevaarlijke stoffen en buisleidingen. Om voldoende ruimte te scheppen tussen een risicobron en personen of objecten die risico lopen (kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten) moeten vaak afstanden in acht worden genomen. Ook ontwikkelingsmogelijkheden die ingrijpen in de personendichtheid kunnen om onderzoek vragen. Het beoordelingskader voor risicovolle inrichtingen wordt gevormd door het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi). Voor het vervoer van gevaarlijke stoffen geldt het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt), waarin de Basis-netten voor weg, spoor en water zijn vastgelegd. Voor buisleidingen geldt het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb).

4.7.2

Toetsing Risicobronnen In figuur 4.2 is een uitsende van de nationale risicokaart opgenomen. Hierin is te zien dat in de omgeving van het plangebied een aantal risicobronnen aanwezig zijn: Op het perceel Dominicusweg 3 bevindt zich een bovengrondse propaantank. Hiervoor geldt een risicoafstand (PR 10-6 ) van 20 meter. Het invloedsgebied reikt over het plangebied. Over de provinciale weg N572 (circa op 500 meter afstand van het plangebied) vindt het vervoer van gevaarlijke stoffen plaats. Hiervoor geldt een risicoafstand (PR 10-6 ) van 0 meter. Het invloedsgebied reikt niet over het plangebied.

blad 35 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

Ten noorden van het perceel liggen een aantal (aard)gasleidingen: 1. op circa 175 meter afstand van het plangebied bevindt zich een DPO-gasleiding met een uitwendige diameter van 273,05 mm en maximale werkdruk van 80,00 bar. In het handboek buisleidingen in bestemmingsplannen (Ministerie van Infrastructuur en Milieu, 2016) is op te maken dat voor een dergelijke buisleiding het invloedsgebied 160 meter geldt. 2. op circa 180 meter afstand van het plangebied bevindt zich een NEN 3650-aardgasleiding (A-520) met een uitwendige diameter van 610,00 mm en maximale werkdruk van 66,20 bar. In het handboek buisleidingen in bestemmingsplannen (Ministerie van Infrastructuur en Milieu, 2016) is op te maken dat voor een dergelijke buisleiding het invloedsgebied 310 meter geldt. 3. op circa 200 meter afstand van het plangebied bevindt zich een NEN 3650-aardgasleiding (A-578) met een uitwendige diameter van 1067,00 mm en maximale werkdruk van 66,20 bar. In het handboek buisleidingen in bestemmingsplannen (Ministerie van Infrastructuur en Milieu, 2016) is op te maken dat voor een dergelijke buisleiding het invloedsgebied 490 meter geldt. Het zonnepark is geen kwetsbaar of beperkt kwetsbaar object in de zin van het Besluit externe veiligheid inrichtingen. Er zijn niet permanent personen aanwezig.

Daarnaast veroorzaakt het zonnepark (inclusief de bijbehorende nutsvoorzieningen) zelf geen risico voor de externe veiligheid.

Figuur 4.3: risicobronnen in de omgeving (bron: risicokaart.nl) Brandveiligheid De initiatiefnemer (Solar Provider Group) heeft uitgebreid contact gehad met de Veiligheidsregio omtrent brandveiligheid. De Veiligheidsregio is akkoord met de technische tekening. De technische tekening wordt ingediend in het kader van de omgevingsvergunning voor bouwen.

blad 36 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

4.7.3

Conclusie Het aspect externe veiligheid vormt geen belemmering voor de vaststelling van het bestemmingsplan.

4.8

Water

4.8.1

Beleidskader Bij elke ruimtelijke ontwikkeling is de opstelling van een waterparagraaf verplicht gesteld, mede in relatie tot de watertoets. In deze paragraaf wordt verwoord hoe er in het plan met de aspecten water en ruimte rekening wordt gehouden, in relatie tot enerzijds het waterbeleid en anderzijds de waterhuishouding. Het doel van de watertoets voor de bestemmingsplanwijziging is waarborgen dat waterhuishoudkundige doelstellingen expliciet en op evenwichtige wijze in beschouwing worden genomen. Het gaat daarbij om alle waterhuishoudkundige aspecten, waaronder veiligheid, wateroverlast, watertekort, waterkwaliteit en verdroging, en om alle wateren: rijkswateren, regionale wateren en grondwater. Het is niet een toets achteraf, maar een proces dat de initiatiefnemer van een ruimtelijk plan en de waterbeheerder in een zo vroeg mogelijk stadium met elkaar in gesprek brengt.

4.8.2

Toetsing Huidige situatie Het plangebied bevindt zich in het noorden van de provincie Limburg, in de gemeente Echt-Susteren. Het gebied bestaat uit twee percelen agrarische grond gelegen in de dorpskern Pey. Deze percelen zijn in eigendom van de gemeente en de particuliere landeigenaar. De percelen zijn aan de noord-, oostzijde omgeven door agrarische gronden en aan de westzijde door natuur. De locatie is gelegen in het buitengebied, waarvan de omgeving hoofdzakelijk bestaat uit landelijk gebied wat gekenmerkt wordt door bos, agrarische bedrijven en recreatie. In de nabijheid van het plangebied liggen een watergang. In figuur 4.3 is de legger van het waterschap opgenomen. Hierin zijn de watergangen in beheer van het waterschap opgenomen. Uit de legger is op te maken dat de dichtstbijzijnde watergang, in beheer van het waterschap, op circa 400 meter afstand van het plangebied ligt. Met de voorgenomen ontwikkelingen worden er geen wijzigingen aangebracht aan de watergangen van het waterschap. Direct ten noorden van het plangebied ligt een watergang. Met de voorgenomen ontwikkelingen worden er geen wijzigingen aan de watergang aangebracht. Wel dient er genoeg ruimte te worden gegarandeerd voor het onderhoud van deze watergangen. Dit wordt door middel van het opnemen van de dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterlopen' geborgd.

Daarnaast is het van belang dat als infiltratie niet mogelijk is de leegloophoeveelheid op een bij het waterschap in beheer zijnde watergang niet meer dan 2 l/s/ha bedraagt

blad 37 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

Figuur 4.4: Legger waterschap (www.ws-limburg.maps.arcgis.com.) Toekomstige situatie Op circa 6,3 hectare van het plangebied worden zonnepanelen geplaatst. De verharding van alle panelen bij elkaar bedraagt 4,12 hectare. De panelen van het zonnepark worden gemonteerd op een metalen frame bevestigd aan de grond door middel van schroefpalen of een betonnen basis. Het waterschap ziet de zonnepanelen als verhard oppervlak. Doordat het regenwater dat op de panelen valt naar beneden stroomt en vrij kan infiltreren in de ondergrond zoals het ook al in huidige situatie doet is extra compensatie voor waterberging niet nodig. De ondergrond van het plangebied bestaat uit de Formatie van Sterksel. Dit is een zandige, soms zwak grindig. Infiltratie in de bodem is daarom geen probleem. Het plangebied is gelegen op circa 30 meter boven NAP. Aan de zuid- westzijde loopt dit op naar circa 32 m boven NAP. Het beekdal ten zuiden is gelegen op circa 29 meter boven NAP. De gronden ten noorden en ten westen van het plangebied zijn gelegen op circa 30 meter boven NAP. Er is dus weinig afschot en geringe kans dat er waterstromen ontstaan.

Bij de perceelsloot van de gemeente en een waterloop langs het plangebied is daarbij een extra brede groenstrook gepland waardoor er zeker wordt voorkomen dat er water tijdens een piekbelasting in het watersysteem terecht zal komen Naast de panelen zal er voor het inkoopstation en de transformators terrein verhard gaan worden. Dit is bij elkaar circa 175 m2 . Om deze gebouwen is ook een bestrating van 300 m2 gepland. Vanaf 1 april 2019 geldt voor het waterschap dat buien van 100 mm in 24 uur binnen het plangebied geborgen en geïnfiltreerd dienen te worden. Het hemelwater dat op deze bestrating valt kan vrij afstomen richting de groenstroken en daar infiltreren. Dit betekent dat er voor de verharding van het inkoopstation en de transformators een compensatie van 17,5 m3 aan ruimte gevonden moet worden gevonden. Aangezien de grond goed doorlatend is kan worden volstaan met een verlaging in de groenstroken, tussen de zonnepanelen en de landschappelijke inpassing, zoals in figuur 4.4 is weergegeven. Hier kan het water tijdelijk worden geborgen en infiltreren. Tevens bevindt zich binnen het plangebied een poel waar hemelwater kan worden opgevangen en kan infiltreren.

blad 38 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

Figuur 4.5: Landschappelijke inpassing zonnepark (CroonenBuro5) De neerslag die valt op de aan te brengen verharding in het plangebied wordt in het plangebied opgevangen en geïnfiltreerd . Daarmee word voldaan aan de eis van het waterschap om 100 mm per 24 uur per m2 aan toe te voegen verhard oppervlak in het plangebied te bergen. Voor dit initiatief is dit maximaal 17,5 m3 , waarbij de geplande groenstroken, tussen de zonnepanelen en de landschappelijk inpassing gebruikt kunnen worden. Enige verlaging van deze groenstroken maakt dat er voldoende water kan worden geborgen. Doordat het regenwater, wat op de panelen valt, vrij kan infiltreren onder de panelen en niet afstoomt, is watercompensatie niet noodzakelijk.

4.8.3

Conclusie De waterparagraaf is afgestemd met het waterschap en akkoord bevonden. Het aspect water vormt geen belemmering voor de vaststelling van het bestemmingsplan omdat regenwater dat op de zonnepanelen valt vrij kan infiltreren in de ondergrond, er een extra groenbuffer naast de waterlopen gepland staan zodat voorkomen wordt dat er water tijdens een piekbelasting in het watersysteem terecht zal komen.

4.9

Verkeer en parkeren

4.9.1

Beleidskader Bij ruimtelijke ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met de parkeerbehoefte en de verkeersgeneratie die daardoor ontstaat.

4.9.2

Toetsing Het zonnepark wordt via één in- en uitrit , via de Zandweg (ter hoogte van het inkoopstation), ontsloten op de Dominicusweg. Een zonnepark heeft geen verkeersaantrekkende werking. De verkeersbewegingen als gevolg van het onderhoudsverkeer is verwaarloosbaar. Ook het parkeren als gevolg van onderhoudsverkeer vormt geen belemmering voor het initiatief. Rondom het inkoopstation is voldoende ruimte om te parkeren op eigen terrein op te lossen.

blad 39 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

4.9.3

Conclusie Het aspect verkeer en parkeren vormt geen belemmering voor de vaststelling van het bestemmingsplan.

4.10

Lichtreflectie

4.10.1

Beleidskader Een mogelijk ruimtelijk effect van zonnepanelen op de omgeving (waaronder wegverkeer) is de reflectie van zonlicht. Niet alle inkomende zonnestralen die op zonnepanelen terecht komen worden geabsorbeerd en omgezet in electriciteit. Dit heeft te maken met dat de bovenste laag van de panelen van glas zijn gemaakt. Een deel van het zonlicht wordt hierdoor gereflecteerd. Deze schittering op omliggende objecten komt vooral voor bij zonsopgang en zonsondergang, wanneer de zon haaks op de panelen staat.

4.10.2

Toetsing Indien er sprake blijkt van schittering, kan deze door het nemen van maatregelen worden voorkomen. Dit kan bijvoorbeeld door een goede landschappelijke inpassing, waarmee de zonnepanelen aan het zicht worden onttrokken. In het plan zijn de zonnepanelen door groen afgeschermd. Daarnaast wordt een anti reflectie coating of folie toegepast op de panelen. Dit zal hinderlijke reflectie voorkomen tijdens normale weersituaties. Door Qing Sustainable is een schitteringsonderzoek uitgevoerd. De resultaten van dit onderzoek zijn verwerkt in het rapport 'Schittering bij Zonnepark Dominicusweg'. Dit rapport is opgenomen als bijlage 11 bij de toelichting. Uit het onderzoek blijkt dat er geen directe schittering zal optreden op de berekende hoogte van de ontvangstpunten bij zowel de westals de oost geörienteerde panelen. De Oost-West opstelling van het zonnepark, de baan van de zon gedurende de dag en door het jaar door, de lage hellingshoek van de panelen en de ligging van de ontvangstpunten reduceert de kans op direct schittering flink. Er kan alleen schittering optreden in de richting van de ontvangstpunten rond zonsopgang in de zomermaanden wanneer de zon in noordoostelijk richting opkomt en in noordwestelijke richting neergaat. De rest van de tijd staat de zon te hoog en is de hellingshoek te laag om te kunnen schittering in de richting van de ontvangstpunten.

De simulatie toont aan dat er ook op deze momenten geen hinderlijke direct schittering op zal treden in de richting van de aangegeven ontvangstpunten. Van hinder door schittering/lichtreflectie is geen sprake.

4.10.3

Conclusie Het aspect lichtreflectie vormt geen belemmering voor de vaststelling van het bestemmingsplan.

4.11

Straling

4.11.1

Beleidskader Elektrische, magnetische en elektromagnetische velden komen overal voor. Bekende natuurlijke vormen zijn UV-straling (zon), infrarode straling (warme voorwerpen) en zichtbaar licht. Elektromagnetische velden (EMV) zijn ook aanwezig bij bijvoorbeeld huishoudelijke elektrische apparaten, zoals de magnetron en de stofzuiger, en bij het transport van elektriciteit over lange afstanden (via hoogspanningsverbindingen).

blad 40 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

Zowel bij de omvormers als de transformatoren zullen extreem laagfrequente (ELF) magnetische velden vrijkomen. De zonnepanelen zelf wekken alleen gelijkstroom op, dit gaat niet gepaard met straling. De Europese Unie heeft - in een aanbeveling (1999/519/EG) - een referentieniveau van 100 µT (microtesla) voor bescherming van leden van de bevolking vastgelegd. Deze waarde wordt in Nederland op voor het publiek toegankelijke plaatsen niet overschreden, ook niet in de buurt van hoogspanningsverbindingen. Dit geldt ook bij andere bronnen van ELF-EM velden, zoals onderstations en transformatorstations. De straling bij de omvormers is in vergelijking met een hoogspanningsmast nihil. Op basis van de aanbeveling conform 1999/519/EC mag het EM veld aan de buitenzijde van het station, bij volle belasting, niet boven de 100 µT uitkomen. Het voorzorgsbeleid van het ministerie van VROM zoals dat is vastgelegd in het beleidsadvies uit 2005, gaat een stap verder. Gemeenten en netbeheerders worden geadviseerd nieuwe situaties te voorkomen waarin kinderen langdurig worden blootgesteld aan een veldsterkte die (jaargemiddeld) hoger is dan 0,4 µT.

Vandaar het advies om dit voorzorgsprincipe ook te hanteren bij de ontwikkeling van een zonnepark door de afstand van een zonnepark tot woningen en gevoelige bestemmingen zodanig te laten zijn dat de magnetische veldsterkte bij de gevoelige bestemmingen niet boven de advieswaarde van 0,4 µT komt. In het RIVM rapport over gezondheid en elektromagnetische velden wordt aandacht besteed aan elektromagnetische velden als gevolg van de aanwezigheid van transformatorstations. De sterkte van deze velden neemt sterk af wanneer de afstand tot de bron groter wordt. Uit het onderzoek blijkt dat 0,4 µT wordt bereikt op een afstand van maximaal 7 m van het transformatorstation.

4.11.2

Toetsing Gezien de relatief grote afstand van zowel omvormers als de transformatoren tot de dichtstbijzijnde woningen mag worden aangenomen dat elektromagnetische straling geen gezondheidsrisico vormt.

4.11.3

Conclusie Het aspect straling vormt geen belemmering voor de vaststelling van het bestemmingsplan.

4.12

Besluit m.e.r.

4.12.1

Beleidskader In bijlage C en D van het Besluit m.e.r. is aangegeven welke activiteiten in het kader van het bestemmingsplan planmer-plichtig (bijlage C en D), projectmer-plichtig (bijlage C) of m.e.r-beoordelingsplichtig (bijlage D) zijn. Voor deze activiteiten zijn in het Besluit m.e.r. drempelwaarden opgenomen. Sinds 7 juli 2017 is een aanpassing van het Besluit m.e.r. in werking getreden. Hierin is geregeld dat ook voor projecten die zijn opgenomen in bijlage D, maar beneden de drempelwaarden vallen, een besluit moet worden genomen of een MER nodig is. In dat kader wordt afgewogen of het plan – ondanks dat het ruim onder de drempelwaarde blijft mogelijk toch belangrijke negatieve milieueffecten heeft, op basis van de eerder genoemde omstandigheden. Dit is een “vormvrije” mer-beoordeling.

blad 41 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

4.12.2

Toetsing Realisatie van projecten met zonne-energie worden niet in het Besluit milieueffectrapportage (besluit m.e.r.) genoemd. Een zonnepark is niet opgenomen in bijlage C en D van het Besluit m.e.r. Op basis van jurisprudentie (ABRvS 14 augustus 2019, nr. 201807860/1/A1) hoeft er bij het realiseren van een zonnepark geen m.e.r.-beoordeling plaats te vinden en is het opstellen van een aanmeldnotitie en een MER niet noodzakelijk.

4.12.3

Conclusie Het besluit m.e.r. vormt geen belemmering voor de vaststelling van het bestemmingsplan.

blad 42 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

Hoofdstuk 5

Planopzet Het onderhavige bestemmingsplan heeft tot doel een juridisch-planologische regeling te scheppen voor het bouwen en het gebruik van gronden en gebouwen binnen het plangebied. In dit hoofdstuk is een toelichting op de systematiek en de inhoud van de verschillende toegekende bestemmingen van het bestemmingsplan gegeven.

5.1

Juridische planopzet De bij dit plan behorende regels zijn opgenomen in 4 hoofdstukken: hoofdstuk 1 – Inleidende regels; hoofdstuk 2 – Bestemmingsregels; hoofdstuk 3 – Algemene regels; hoofdstuk 4 – Overgangs- en slotregels. Deze hoofdstukindeling is conform de richtlijnen uit de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP 2012). In hoofdstuk 1 worden ter voorkoming van interpretatieproblemen in de regels gebruikte begrippen nader verklaard. Ook wordt aangegeven op welke wijze in de regels gebruikte afmetingen moeten worden gemeten. In hoofdstuk 2 worden de op de verbeelding aangegeven bestemmingen omschreven en voor welke doeleinden de in die bestemmingen opgenomen gronden en gebouwen mogen worden gebruikt. Daarnaast zijn per bestemming de bebouwingsmogelijkheden vermeld. In hoofdstuk 3 (Algemene regels) zijn de bepalingen opgenomen die betrekking hebben op meerdere bestemmingen. Hoofdstuk 4 bevat het overgangsrecht en de aanhalingstitel van het bestemmingsplan.

5.2

Beschrijving van de bestemmingen De gronden met de enkelbestemming Agrarisch met waarden - Landschapswaarden zijn bedoeld voor agrarisch grondgebruik en landschappelijke waarden. Binnen de bijbehorende functieaanduiding is een zonnepark toegestaan. Binnen de bijbehorende functieaanduiding is een zonnepark toegestaan. Tevens zijn de bestaande agrarische gebruiksmogelijkheden (die buiten een agrarisch bouwvlak zijn toegestaan) gehandhaafd. De dubbelbestemming Waarde - Archeologie 3 is opgenomen ter bescherming van de aanwezig archeologische waarden. De dubbelbestemming Waarde - Cultuurhistorisch waardevol ensemble is opgenomen ter bescherming van de waarde van het ensemble van cultuurhistorisch waardevolle landschappen, erfgoed en bouwwerken. De dubbelbestemming Waterstaat - Waterlopen is bedoeld voor het beheer en onderhoud van de aangrenzende waterloop. Ook beschermt het de ecologische waarden van de waterloop.

blad 43 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

blad 44 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

Hoofdstuk 6

Uitvoerbaarheid In dit hoofdstuk wordt de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan aangetoond. Een bestemmingsplan moet zowel in financieel als in maatschappelijk opzicht haalbaar zijn. Er wordt daarom een korte financiële toelichting gegeven en daarnaast worden de doorlopen procedures weergegeven.

6.1

Economische uitvoerbaarheid

6.1.1

Financiële uitvoerbaarheid De kosten die gemaakt worden bij de uitvoering van de ontwikkeling zijn voor rekening van de initiatiefnemer. De ontwikkeling heeft voor de gemeente geen negatieve financiële gevolgen. Het bestemmingsplan is hiermee financieel uitvoerbaar.

6.1.2

Kostenverhaal Wanneer met een bestemmingsplan een bouwplan, zoals gedefinieerd in artikel 6.2.1 Besluit ruimtelijke ordening, mogelijk wordt gemaakt, dient conform artikel 6.12 Wet ruimtelijke ordening een exploitatieplan te worden opgesteld. Deze eis geldt niet indien het kostenverhaal anderszins is verzekerd. Het kostenverhaal is door middel van een anterieure overeenkomst tussen de initiatiefnemer en de gemeente geborgd.

6.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

6.2.1

Omgevingsdialoog Het initiatief Zonnepark Dominicusweg is, aan de hand van het communicatie- en participatieplan, zoals opgenomen als bijlage 2 bij de toelichting, in grote mate tot stand gekomen door de uitgebreide communicatie en participatie dat heeft plaatsgevonden met lokale stakeholders. Vanaf het begin in januari 2020 is contact gelegd met de omwonenden, ecologische experts en lokale organisaties. Deze gesprekken hebben een substantiële bijdrage geleverd aan het initiatief. In het communicatie- en participatieproces is op verschillende momenten, waaronder diverse werksessies en een informatieavond, contact geweest met de stakeholders. Op deze manier zijn alle stakeholders persoonlijk geïnformeerd over de plannen. Met andere stakeholders zijn verschillende gesprekken georganisseerd om hun belang zo goed mogelijk te behartigen in de plannen. Op deze manier is samen met de omgeving een plan tot stand gekomen dat ook mogelijkheden biedt aan de natuur. In bijlage 8 bij de toelichting is een verslag van het communicatie- en participatieproces toegevoegd.

6.2.2

Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan 'BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop' wordt op grond van het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht gedurende 6 weken voor een ieder ter inzage worden gelegd.

blad 45 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

blad 46 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

Hoofdstuk 7

7.1

De procedure

De te volgen procedure Het bestemmingsplan doorloopt de volgende procedure: Voorbereiding: vooroverleg met overheidsinstanties: betrokken diensten van rijk en provincie, waterschap (watertoets), eventueel buurgemeenten gelijktijdig met inspraak voor burgers. Ontwerp: publicatie en terinzagelegging overeenkomstig afdeling 3.4 Awb en Wro. Een ieder kan gedurende deze terinzagelegging een zienswijze indienen bij de gemeenteraad. Vaststelling: vaststelling door de Raad. Mogelijkheid reactieve aanwijzing. Publicatie en terinzagelegging vastgesteld bestemmingsplan gedurende de beroepstermijn. Inwerkingtreding: na afloop van de beroepstermijn (tenzij binnen de beroepstermijn een verzoek om voorlopige voorziening wordt gedaan). Beroep: beroep bij Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. In het kader van deze procedure is het voor eenieder mogelijk om zijn/haar zienswijze (bij de gemeenteraad) kenbaar te maken. In publicaties met betrekking tot de diverse stappen die het plan moet doorlopen, wordt daarvan steeds melding gemaakt. Wanneer beroep wordt ingesteld, beslist uiteindelijk c.q. in hoogste instantie, de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State over het bestemmingsplan.

7.2

Vooroverleg Het voorontwerpbestemmingsplan 'BP Zonnepark Bosserheide Koningsbosch' is conform artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening in vooroverleg verzonden naar de betreffende personen en instanties. De vooroverlegreacties zijn verwerkt in het ontwerpbestemmingsplan. In bijlage 9 is de vooroverlegnotitie opgenomen. Hierin is de beantwoording van de vooroverlegreacties opgenomen.

7.3

Vaststelling Het ontwerpbestemmingsplan 'BP Zonnepark Domunicusweg Maria Hoop' is conform de procedure van artikel 3.8 en verder van de Wet ruimtelijke ordening ter inzage gelegd. Het ontwerpbestemmingsplan heeft tot en met 17 juni 2021 ter inzage gelegen, waarbij de mogelijkheid is geboden om zienswijzen in te dienen. Er zijn 19 zienswijzen binnen de daartoe voorgeschreven termijn ingediend. Daarmee zijn deze zienswijzen ontvankelijk. Eén zienswijze is buiten de daartoe voorgeschreven termijn ingediend. Deze zienswijze is daarom niet ontvankelijk. Verder is er 1 mededeling binnengekomen. De ontvankelijke zienswijzen zijn samengevat en voorzien van een gemeentelijke reactie in de 'Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen'. De nota is toegevoegd als bijlage 12 bij de toelichting. Enkele zienswijzen hebben geleid tot aanpassingen van het bestemmingsplan. Deze aanpassingen zijn verwerkt in het bestemmingsplan.

blad 47 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop

Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100

7.4

Coördinatieregeling Om de besluitvorming zo efficiënt mogelijk te laten verlopen heeft de gemeenteraad van Echt-Susteren besloten om voor de zonneparken Bosserheide en de Dominicusweg de coördinatieregeling ex artikel 3.30, lid 1 sub b van de Wet ruimtelijke ordening van toepassing te verklaren. Dat houdt in dat met het ontwerpbestemmingsplan ook de noodzakelijke vergunningen zoveel mogelijk tegelijkertijd ter inzage worden gelegd. Door toepassing van de coördinatieregeling worden de benodigde procedures voor de zonneparken (bestemmingsplan en omgevingsvergunningen) zoveel mogelijk in één keer doorlopen. Dat betekent ook dat er één keer gelegenheid is om zienswijzen tegen het ontwerpbestemmingsplan en/of ontwerpomgevingsvergunning(en) in te stellen. Ook voor het instellen van beroep tegen het bestemmingsplan en/of omgevingsvergunningen bij de Raad van State bestaat één mogelijkheid. Doordat de Crisis -en herstelwet (Chw) van toepassing is op dit bestemmingsplan is sprake van een versnelde beroepsprocedure, de bestuursrechter doet binnen 6 maanden na het aflopen van de beroepstermijn uitspraak.

blad 48 van 48

Ruimte - Antea Nederland B.V.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EchtSusteren&id=51654938-ab6e-4ec7-a2df-8448032f53e9