CConstaterende datEcht-Susteren
Koppel je AI →
Document · PDF

septoebijlage2

Gemeenteraad 2 maart 2023, gemeente Echt-SusterenBij agendapunt: Bestemmingsplan Woonzorgcomplex Susterderweg 31 Nieuwstadt4.922 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Infiltratieadvies t.b.v. nieuwbouw aan de Susterderweg 31 te Nieuwstadt GA220419.R01.V2.0 28 juli 2022

Inhoud 1

Inleiding ......................................................................... 4

2

Grondonderzoek ...........................................................5

2.1 2.2 2.3 2.4

Algemeen Boringen Doorlatendheidsmetingen Inmeting

3

Grondslag ....................................................................... 6

3.1 3.2 3.3 3.4

Terreingesteldheid Bodemopbouw Grondwater Doorlatendheid

4

Infiltratie hemelwater ............................................... 8

4.1 4.2

Toetsing Conclusie

5

Dimensionering infiltratievoorziening .............. 10

5.1 5.2 5.3 5.4

Uitgangspunten Ontwerpadvies Overige ontwerpaspecten Voorzuivering en onderhoud

5 5 5 5

6 6 6 6

8 9

10 11 11 11

Bijlagen Bijlage 1 Situatietekening Bijlage 2 Boringen Bijlage 3 Doorlatendheidsmetingen Bijlage 4 Dimensionering infiltratievoorziening

GA220419.R01.V2.0

3 van 12

1 Inleiding Door Holikiday B.V. werd aan Geonius Geotechniek B.V. opdracht gegeven een infiltratieonderzoek uit te voeren en een infiltratieadvies op te stellen. Dit onderzoek was nodig voor de afkoppeling van regenwater bij de nieuwbouw met parkeervoorziening aan de Susterderweg 31 te Sittard. Door ons bureau wordt tevens een geotechnisch onderzoek uitgevoerd zodra de huidige bebouwing is gesloopt, waarna een funderingsadvies zal worden opgesteld. De resultaten van het geotechnisch onderzoek en funderingsadvies worden separaat gerapporteerd. Eerder is rapport GA220419.R01.V1.0 verstrekt. Naar aanleiding van de gewijzigde uitgangspunten van de gemeente met betrekking tot de hoeveelheid afwatering per m2 is de rapportage aangepast. De rapportage GA220419.R01.V1.0 komt hiermee te vervallen. Voorliggend rapport bevat de resultaten van het infiltratieonderzoek en het infiltratieadvies. Voor de uitgangspunten voor het ontwerp van de infiltratievoorziening wordt verwezen naar hoofdstuk 5.1. De resultaten van het infiltratieonderzoek zijn getoetst aan de eisen van Waterschap Limburg.

Figuur 1.1 Geplande nieuwbouw met parkeervoorziening ter plaatse van de projectlocatie

GA220419.R01.V2.0

4 van 12

2 Grondonderzoek 2.1 Algemeen Ten behoeve van het infiltratieonderzoek zijn in april 2022 drie handboringen en drie doorlatendheidsmetingen uitgevoerd. Hieronder is het uitgevoerde infiltratieonderzoek verder beschreven.

2.2 Boringen Om de toplagen nader te verkennen en om doorlatendheidsmetingen uit te kunnen voeren, zijn op de locatie drie handboringen (genummerd GA220419 DB01 t/m DB03) tot respectievelijk ca. 2,1 m-, 1,9 m- en 3,0 mmaaiveld uitgevoerd. Boring DB01 en DB02 zijn voortijdig gestrand wegens het vastlopen op het onderliggende grind. Tijdens de boorwerkzaamheden is het bodemmateriaal lithologisch onderzocht. Bij het lithologisch onderzoek worden de grondsoorten geclassificeerd volgens NEN 5104. De boorstaten zijn opgenomen in de bijlagen.

2.3 Doorlatendheidsmetingen In de boorgaten zijn doorlatendheidsmetingen uitgevoerd. Deze zijn genummerd GA220419 DM01 t/m DM03 en zijn opgenomen in bijlagen. Doorlatendheidsmetingen DM01 t/m DM03 zijn gemeten volgens de omgekeerde open-boorgatmethode (Porchet) gemeten. Om de meting te kunnen uitvoeren, wordt allereerst een gat geboord tot de onderkant van de te beproeven laag. Vervolgens wordt in het boorgat water toegevoegd en wordt de daling van de grondwaterstand per tijdseenheid gemeten, hieruit kan de doorlatendheid worden berekend.

2.4 Inmeting De ligging van de onderzoekspunten is op situatietekening GA220419.T01 weergegeven. De boorstaten zijn getekend ten opzichte van NAP. Ter referentie is tevens de hoogte van Put A (= ca. NAP +33,82 m) ingemeten, zoals aangegeven op situatietekening GA220419.T01. De onderzoekspunten zijn met behulp van 06-GPS ingemeten t.o.v. het Rijksdriehoekstelsel en NAP (nauwkeurigheid ca. 0,10 m). Alle gegevens van de inmetingen zijn een momentopname en zijn alleen te gebruiken voor voorliggend onderzoek.

GA220419.R01.V2.0

5 van 12

3 Grondslag 3.1 Terreingesteldheid Het maaiveld lag ter plaatse van de boorpunten op een niveau van ca. NAP +34,1 tot +33,9 m. Het terrein kent hiermee een hoogteverschil van ca. 0,2 m.

3.2 Bodemopbouw De bodemopbouw kan op basis van de handboringen door middel van het volgende lagensysteem worden beschreven. Op basis van ervaring vanuit nabijgelegen projecten is tevens de diepere ondergrond op locatie beschouwd: Toplaag: Vanaf maaiveld tot ca. NAP +32,4 m à +31,9 m wordt een heterogene toplaag aangetroffen. Deze toplaag bestaat uit een mixture van matig vast gepakt zand, leem, klei en humeus materiaal. Onderlaag: Onder voornoemde toplaag worden tot een diepte van ca. NAP +26,5 à +24,5 m overwegend vast tot zeer vast gepakte zand- en zandgrindlagen aangetroffen.

3.3 Grondwater Tijdens het grondonderzoek is in de boorgaten naar de actuele grondwaterstand gepeild. Deze werd niet aangetroffen tot ca. 3,0 m- maaiveld, ofwel ca. NAP +31,1 m. Het betreft hierbij slechts een eenmalige meting, waardoor deze waarneming slechts als indicatie kan gelden. Daarnaast kan als gevolg van spanningswater, lagenopbouw en lokale omstandigheden een afwijkende waarde worden aangetroffen. Wij wijzen erop dat de grondwaterstand van seizoen tot seizoen kan verschillen en in nattere jaargetijden mogelijk hoger wordt aangetroffen dan thans het geval is. Exacte grondwaterstanden kunnen alleen middels peilbuismetingen worden verkregen.

3.4 Doorlatendheid Om de doorlatendheid van de bodem te bepalen zijn drie proeven uitgevoerd. Omdat de proeven boven het grondwaterniveau zijn uitgevoerd, is volgens de omgekeerde open-boorgatmethode (Porchet) gemeten. Bij de doorlatendheidsmetingen worden drie metingen uitgevoerd. De eerste meting geeft meestal een hogere doorlatendheid omdat de aanwezige grond dan nog niet verzadigd is. Bij de volgende twee metingen raakt de grond langzaam verzadigd. De derde meting is meestal maatgevend voor de doorlatendheid. De range van gemeten doorlatendheden is opgenomen in Tabel 3.1. De resultaten van de metingen zijn opgenomen in bijlage 4.

GA220419.R01.V2.0

6 van 12

Tabel 3.1: gemeten doorlatendheid

Meting

Traject [m- maaiveld]

Traject [m t.o.v. NAP]

DM01

1,0 – 2,0

DM02

0,9 – 1,8

DM03

2,0 – 2,9

GA220419.R01.V2.0

Grondsoort

Doorlatendheid [m/d]

+32,9 tot +31,9

Zand, zeer fijn, uiterst siltig

1,3 – 1,8

+33,1 tot +32,2

Zand, matig fijn, matig siltig

1,2 – 1,4

+32,1 tot +31,2

Zand, zeer grof, zwak siltig, matig grindig

0,5 – 0,7

7 van 12

4 Infiltratie hemelwater Over het algemeen wordt gesteld dat infiltratie van hemelwater interessant is indien: • de doorlatendheid groter is dan ca. 0,2 m/d*; • de grondwaterstand dieper dan 0,5 à 0,7 m minus maaiveld aanwezig is; • het in te leiden hemelwater niet is verontreinigd. *

Infiltratie van hemelwater behoort bij lagere doorlatendheden ook tot de mogelijkheden mits hiervoor voldoende ruimte gereserveerd wordt om de geringe doorlatendheid te compenseren. Bij lagere doorlatendheden zal een voorziening voornamelijk als buffer functioneren.

4.1 Toetsing In Tabel 4.1 zijn de maatgevende doorlatendheden weergeven ter plaatse van de metingen. De doorlatendheid van de bodem is geclassificeerd en tevens is weergegeven of de doorlatendheid aan de 1ste eis voldoet. Tabel 4.1: toetsing waterdoorlatendheid conform Cultuurtechnisch Vademecum (2008)

Meting

Traject

Traject [m t.o.v. NAP]

Maatgevende doorlatendheid [m/d]

Classificatie doorlatendheid bodem

Gunstige mogelijkheden voor infiltratie

[m- maaiveld] DM01

1,0 – 2,0

+32,9 tot +31,9

1,3

Goed

Ja

DM02

0,9 – 1,8

+33,1 tot +32,2

1,2

Goed

Ja

DM03

2,0 – 2,9

+32,1 tot +31,2

0,5

Vrij goed

Ja

Aan de tweede eis wordt voldaan aangezien het grondwater niet is aangetroffen tot een diepte van ca. 3,0 mmaaiveld ofwel NAP +31,1 m. Aan de derde eis kan worden voldaan door alleen het schone regenwater te infiltreren. Voor infiltratie van het water zal een zand- en slibvangsysteem moeten worden aangebracht. De mogelijkheden voor infiltratie zijn als volgt: 1. Infiltratie in de bovengrond (tot ca. 1,0 m- maaiveld) door middel van oppervlakkige infiltratie via doorlatende verharde oppervlakten. Dit behoort tot de mogelijkheden, maar is geen economisch aantrekkelijke oplossing en zeer gevoelig voor dichtslibben (met name in de aangetroffen silthoudende ondergrond). Doorlatende verhardingen kunnen wel toegepast worden om het af te koppelen oppervlak (en dus de toestroom van hemelwater) te beperken, bijvoorbeeld door de verhardingen met grind of grasbetontegels uit te voeren. Tevens zal rekening gehouden moeten worden met de humeuze toplaag, deze zal moeten worden verwijderd en vervangen door goed doorlatend materiaal. 2.

Infiltratie in de bovengrond (tot ca. 1,0 m- maaiveld) middels een open bovengronds systeem zoals een infiltratieveld, wadi of greppel. Dit behoort voor het merendeel van de locatie tot de mogelijkheden, maar zal ten koste gaan van de beschikbare ruimte. Afhankelijk van de beschikbare ruimte is dit wel een economisch aantrekkelijk, robuust en goed onderhoudbaar systeem.

GA220419.R01.V2.0

8 van 12

3.

Infiltratie in de ondiepe ondergrond (tot ca. 3,5 m- maaiveld) middels een ondergronds systeem. Hierbij valt te denken aan infiltratie via infiltratiekratten, infiltratiekoffers, putten en/of infiltratieriool. Dit behoort tot de mogelijkheden. Het gekozen infiltratiesysteem dient wel op voldoende afstand van de bestaande en nieuwbouw geprojecteerd te worden.

4.

Infiltratie naar de diepere ondergrond (dieper dan ca. 3,5 m- maaiveld). Dit kan middels grindpalen naar een dieper niveau, waarmee de leeglooptijd van de infiltratievoorziening kan worden verkort. Dit behoort tot de mogelijkheden, echter dient dan de doorlatendheid van de diepere ondergrond onderzocht te worden.

4.2 Conclusie Uit de gemeten doorlatendheden en grondwaterstand blijkt dat infiltratie van hemelwater tot de mogelijkheden behoort. De doorlatendheid van de ondergrond is (vrij) goed. Onderstaand is op basis van de verstrekte ontwerptekening (figuur 1.1) een greppel verder uitgewerkt.

GA220419.R01.V2.0

9 van 12

5 Dimensionering infiltratievoorziening 5.1 Uitgangspunten Op verzoek van de opdrachtgever en aangeleverde tekening is in voorliggend infiltratieadvies de dimensionering van een greppel uitgewerkt. Dit systeem is gezien de beschikbare ruimte geschikt voor deze locatie. Bij de dimensionering van het infiltratiesysteem is rekening gehouden met de verharde afmetingen van de geplande nieuwbouw en parkeervoorziening. In de berekeningen voor de greppel is rekening gehouden met infiltratie door de bodem en wanden. Om infiltratie te bevorderen en het ruimtebeslag te verkleinen kan het systeem via een bodemfilter en/of overstortvoorziening nog op een ondergronds pakket van poreus materiaal, infiltratiekratten of drainbuizen worden aangesloten. Bij het dimensioneren van de voorziening zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: • Opdrachtgever is voornemens om halfdoorlatende verhardingen toe te passen ter plaatse van een 20tal parkeerplaatsen van de in totaal 30 parkeerplaatsen. De overige 10 parkeerplaatsen worden middels verhard oppervlak uitgevoerd. • Het totaal aan afwaterend oppervlak is gebaseerd op door de opdrachtgever aangeleverde situatietekening, welke is afgebeeld in Figuur 1.1. Op basis hiervan bedraagt het totale afwaterend oppervlak voor de geplande nieuwbouw ca. 900 m2 (nieuwbouw met terras) en ca. 300 m2 (parkeerplaatsen met toegangsweg excl. halfverhard).

Het totaal aan afwaterend oppervlak voor de geplande nieuwbouw bedraagt hiermee ca. 1200 m2; • Conform opgave van de gemeente Echt-Susteren, dient de voorziening gedimensioneerd te worden op een bui T=100 (45 mm in 30 minuten). Als infiltreren aantoonbaar niet of nauwelijks mogelijk is kan middels een leegloopvoorziening van maximaal 2 l/s/ha vertraagd worden afgevoerd; • de hoeveelheid toestromend water is berekend op basis van het afwaterend oppervlak en de gehanteerde bui. De uitkomst van deze berekeningen bedraagt ca. 64 m3; • conform de richtlijnen van RIONED wordt een ledigingstijd van maximaal 24 uur gehanteerd Indien vanwege de doorlatendheid niet aan de ledigingstijd van 24 uur kan worden voldaan kan een leegloopvoorziening worden toegepast; • bij de dimensionering van de voorziening wordt uitgegaan van infiltratie tijdens de bui; • voor de doorlatendheid is op basis van de maatgevende doorlatendheidsmetingen een k-waarde gehanteerd van 0,5 m/dag; • conform ISSO-publicatie 70.1 is de afvloeiingscoëfficiënt aangehouden op 1; dat wil zeggen dat alle neerslag op het beschouwde oppervlak, in het infiltratiesysteem terecht komt.

• voor het infiltratieveld is uitgegaan van een talud van 1:1; • voor het infiltratieveld wordt ervan uitgegaan dat deze ontstaat door ontgraving van het terrein en begroeid zal zijn met gras; • voor de berekening is uitgegaan van een greppel met een diepte van 0,5 en een waakhoogte van 0,1 m. De maximale waterdiepte komt hiermee op 0,4 m; • voor het dimensioneren van een voorziening middels een wadi is als doorlatend oppervlak conform de Leidraad Riolering 40% van de hoogte van de wanden meegenomen en 100% van het bodemoppervlak;

GA220419.R01.V2.0

10 van 12

Indien wordt afgeweken van voornoemde uitgangspunten dan dient ons bureau te worden gecontacteerd daar dan het advies mogelijk moet worden aangepast.

5.2 Ontwerpadvies In tabel 5.2.1 is berekend welke dimensionering de voorzieningen minimaal moet hebben om aan de eisen te voldoen en of de voorziening daarmee aan de ledigingstijd voldoet. Afhankelijk van de beschikbare ruimte kunnen afwijkende afmetingen worden toegepast. De berekeningen zijn opgenomen in bijlage 5. In de berekeningen wordt uitgegaan van een 2-tal greppels (1x ten behoeve van de nieuwbouw, 1x ten behoeve van de parkeervoorziening). Tabel 5.2.1: Afmetingen infiltratievoorziening: wadi Locatie Bodem- Bodem- Diepte Waaklengte breedte [m] hoogte [m] [m] [m]

Talud

Ruimtebeslag [m2]

Berging [m3]

Vertraagde afvoer [l/s/ha]

Leeglo optijd [uur]

Parkeervoorziening

17,4

2,4

0,5

0,1

1:1

42

16,7

0

19

Parkeervoorziening

17,4

2,4

0,5

0,1

1:1

42

16,7

2

15

Nieuwbouw

49,4

243

0,5

0,1

1:1

119

47,4

0

19

Nieuwbouw

49,4

2,4

0,5

0,1

1:1

119

47,4

2

15

5.3 Overige ontwerpaspecten Indien de woningen van een kruipruimte of kelder worden voorzien, adviseren wij de greppel op voldoende afstand van de belendingen te plaatsen om wateroverlast in de kruipruimten/kelders te voorkomen. Het infiltratiesysteem dient van een noodoverstort te worden voorzien. Bij zeer intensieve buien (bijvoorbeeld T>100), zal het systeem het toestromende regenwater mogelijk niet kunnen verwerken en kan het regenwater gecontroleerd naar elders afstromen. Indien gekozen wordt voor een ondergrondse overstort op het gemeentelijke riool dan dient de overstort van een terugslagklep te worden voorzien. Om infiltratie te bevorderen en het ruimtebeslag te verkleinen kan het systeem via een bodemfilter en/of overstortvoorziening nog op een ondergronds pakket van poreus materiaal, infiltratiekratten of drainbuizen worden aangesloten. Tijdens de aanleg van de greppel dient te worden opgelet dat bouwverkeer de bodem niet dichtrijdt of verslempt. In deze fase vormt ook het dichtslibben van de bodem door bouwafval, zand en slib een risico welke de infiltratiecapaciteit negatief beïnvloedt. Wij adviseren de wadi van een bodemfilter te voorzien met humeus materiaal. Hierop kan vegetatie groeien, waarvan de beworteling zorgt voor een doorlopend poriënstelsel, hetgeen de infiltratie bevordert.

5.4 Voorzuivering en onderhoud Het maaien van de grasgedeeltes van de greppel dient in goede weersomstandigheden plaats te vinden. Er dient voorkomen te worden dat eventuele beplanting het infiltratieveld overwoekert. Afgevallen blad dient regelmatig uit de voorziening verwijderd te worden.

GA220419.R01.V2.0

11 van 12

Zonder regelmatige reiniging / doorspuiten hebben veel infiltratiesystemen na ca. 3 jaar nog maar 50% van de oorspronkelijke infiltratiecapaciteit beschikbaar, en functioneert het systeem na 5 tot 10 jaar enkel nog als buffer. Het dichtslibben van infiltratiesystemen is ook het gevolg van fijnstof, welke niet met een reguliere zandvang of bezinkput kan worden afgevangen en welke slechts deels uit een dichtgeslibd systeem te verwijderen is. Het te infiltreren hemelwater dient gezuiverd te worden door middel van een bodemfilter of zuiverend substraat. Voor infiltratie van het water zal een zand- en slibvangsysteem moeten worden aangebracht. We adviseren een bodemfilter aan te leggen in de toplaag van de wadi. Een bodemfilter bestaat uit een organische stof- en lutumhoudende toplaag waarin verontreinigingen zich binden. De samenstelling moet een compromis zijn tussen het bindend vermogen van verontreinigingen en de waterdoorlaatbaarheid van de toplaag. Aanbevolen wordt om een bodemfilter aan te leggen met een lutumgehalte van 3 - 5 % en een organische stofgehalte van 2 - 4 %. Indien organische stof wordt toegevoegd, dient dit te gebeuren in de vorm van stabiele humus, omdat ‘verse’ organische stof (amorfe humusdelen) gemakkelijk uitspoelt en dus ook de hieraan gebonden verontreinigingen. Er dient rekening gehouden te worden met het dichtslibben van het bodemfilter.

Het goed functioneren ervan zal dan ook sterk onderhoudsafhankelijk zijn. Er wordt dan ook geadviseerd de doorlatendheid van het bodemfilter periodiek te meten en indien nodig het bodemfilter te vervangen. Er zijn voorzuiveringssystemen beschikbaar waarmee tot ca. 80% van de vaste bestanddelen uit het te infiltreren water kunnen worden afgevangen. Zo kan toepassing van een goede voorzuivering en regelmatig onderhoud de levensduur van een infiltratiesysteem significant verlengen. Ook kan een vertraagde afvoer naar het riool of oppervlaktewater middels een regelbare debietbegrenzer worden toegepast, zodat de beschikbaarheid van de voorziening ook na een verminderde infiltratiecapaciteit kan worden gewaarborgd. Geonius heeft monitoringssystemen beschikbaar waarmee het waterpeil en de leeglooptijd van het systeem kan worden gemonitord. Deze kunnen worden toegepast ten behoeve van de controle van de werking van het systeem, op basis waarvan het onderhoudsregime kan worden bepaald. Indien gewenst kunnen we hierin nader adviseren, tevens kan het volledig ontwerp van de hemelwaterafvoer en de terreininrichting door ons bureau nader worden uitgewerkt.

GA220419.R01.V2.0

12 van 12

Bijlagen

GA220419.R01.V2.0

Bijlage 1 Situatietekening

GA220419.R01.V2.0

Coördinaten onderzoekspunten

Coördinaten vaste punten

Handboring met doorlatendheidsmeting Putdeksel Geplande nieuwbouw Project

Infilratie onderzoek

Locatie

Susterderweg 31 te Nieuwstadt

Onderdeel

Situatietekening

Projectnr

GA220419

Projectleider

R. Huijts

Bijlagenr

T01

Getekend

M. Vankan

Datum

15-4-2022

Formaat

A3

Geonius Geotechniek +31 (0) 88 1300 600

Schaal

De Asselen Kuil 10

6161 RD Geleen www.geonius.nl

Bijlage 2 Boringen

GA220419.R01.V2.0

Projectnummer:

GA220419

NEN 5104

Projectomschrijving: Infilratie onderzoek a/d Susterderweg 31 te Nieuwstadt

Boring:

DB01

Maaiveldhoogte:

33,9

Datum:

13-4-2022

m. t.o.v. N.A.P.

0,00 0,10

33,50

X-coördinaat:188303,64 Y-coördinaat:339301,72

DB02

Maaiveldhoogte:

33,95

Datum:

13-4-2022

groenstrook

Zand, matig grof, kleiïg, beige

0,65

Zand, zeer grof, zwak siltig, matig grindig, donkergeel Zand, zeer fijn, uiterst siltig, bruin, Vochtig

m. t.o.v. N.A.P.

0,00 0,08

Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, donkerbruin

0,45

33,00

Boring:

0,20

Zand, matig grof, matig siltig, bruingrijs

0,80

Zand, matig fijn, kleiïg, matig roesthoudend, geel

1,10

Zand, matig grof, kleiïg, bruin

33,00

Zand, matig fijn, matig siltig, zwak roesthoudend, grijs 32,50

1,50

Zand, zeer grof, zwak siltig, matig grindig, lichtgrijs, Vast op grind

1,80

2,10

Boring:

DB03

Maaiveldhoogte:

34,13

Datum:

13-4-2022

0,00 0,08 0,25

33,50

Zand, zeer grof, zwak siltig, sterk grindig, wit, Vast op grind

m. t.o.v. N.A.P.

34,00

Grijs, Klinker

0,50

Zand, matig grof, kleiïg, bruingrijs

32,00

klinker

Zand, matig grof, zwak siltig, geel 33,50

1,25

32,50

X-coördinaat:188297,06 Y-coördinaat:339271,53

1,90

X-coördinaat:188272,72 Y-coördinaat:339291,58

klinker Klinker Zand, zeer grof, zwak siltig, beige Zand, matig grof, zwak siltig, grijsbruin

0,70 0,90

33,00 1,30 1,50

32,50

1,70

32,00

2,20

Zand, matig fijn, kleiïg, matig roesthoudend, grijs Zand, matig fijn, kleiïg, matig roesthoudend, grijsbruin Zand, matig fijn, kleiïg, matig roesthoudend, bruingrijs Zand, matig grof, zwak siltig, matig grindig, grijs Zand, matig grof, zwak siltig, wit Zand, zeer grof, zwak siltig, matig grindig, lichtgrijs, Vanaf 2.70m-mv vochtig tot nat

31,50

3,00

Verticale schaal pagina 1 / 1

1: 50

Legenda (conform NEN 5104)

klei

grind

geur

Grind, siltig

Klei, zwak siltig

Grind, zwak zandig

Klei, matig siltig

geen geur zwakke geur matige geur sterke geur

Grind, matig zandig

Klei, sterk siltig

Grind, sterk zandig

Klei, uiterst siltig

uiterste geur

olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie Grind, uiterst zandig

Klei, zwak zandig

matige olie-water reactie sterke olie-water reactie

Klei, matig zandig

Klei, sterk zandig

zand

uiterste olie-water reactie

p.i.d.-waarde >0

Zand, kleiïg

>1 >10

Zand, zwak siltig

>100

leem

>1000 Zand, matig siltig

Leem, zwak zandig

Zand, sterk siltig

Leem, sterk zandig

>10000

monsters geroerd monster

Zand, uiterst siltig

overige toevoegingen

ongeroerd monster

zwak humeus volumering

veen Veen, mineraalarm

matig humeus

Veen, zwak kleiïg

sterk humeus

Veen, sterk kleiïg

zwak grindig

Veen, zwak zandig

matig grindig

Veen, sterk zandig

sterk grindig

overig bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand Gemiddeld laagste grondwaterstand slib

water

peilbuis

blinde buis

casing

hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting

grind afdichting filter

Bijlage 3 Doorlatendheidsmetingen

GA220419.R01.V2.0

Projectomschrijving: Susterdweg 31 Locatie: Nieuwstadt Boornummer: DB01

GA220419 Opdrachtnr. Traject (m-mv) 1.0 - 2.0 Meting DM01

Formule om de doorlatendheid volgens Porchet te bepalen : kf = 1,15 * r * (log(h0+r/2)-log(h1+r/2))/dt [cm/s] Hierbij is : h0 = waterhoogte in boorgat op tijdstip t = t0 h1 = waterhoogte in boorgat op tijdstip t = t1 r = boorgatradius dt = verlopen tijd van t = t0 tot t = t1 Onderzoekswaarden Diepte boorgat Standaardhoogte Radiusboorgat Grondwater

D: M: R W

210 cm 0 cm 3.5 cm 0 cm

140

waterspiegelhoogte (cm)

120 100 80 60 40 20 0 0

100

200

300

400

500

600

700

800

900

tijd (sec) meetsessie 1

t0 = h0 = t1 = h1 = kf = kf = rc =

Meetsessie 1 500 sec 28.83 cm 800 sec 19.61 cm 2.09E-05 m/s 1.81 m/dag -3.07E-04 m/s

Geonius Geotechniek BV Postbus 1097 6160 BB Geleen

t0 = h0 = t1 = h1 = kf = kf = rc =

meetsessie 2

Meetsessie 2 500 sec 49.65 cm 800 sec 33.43 cm 2.21E-05 m/s 1.91 m/dag -5.41E-04 m/s

meetsessie 3

t0 = h0 = t1 = h1 = kf = kf = rc =

Meetsessie 3 500 sec 59.68 cm 800 sec 45.33 cm 1.55E-05 m/s 1.34 m/dag -4.78E-04 m/s Tel. 088-130 06 00 Fax. 088-130 06 69 info@geonius.nl

Projectomschrijving: Susterdweg 31 Locatie: Nieuwstadt Boornummer: DB02

GA220419 Opdrachtnr. Traject (m-mv) 0.9 - 1.8 Meting DM02

Formule om de doorlatendheid volgens Porchet te bepalen : kf = 1,15 * r * (log(h0+r/2)-log(h1+r/2))/dt [cm/s] Hierbij is : h0 = waterhoogte in boorgat op tijdstip t = t0 h1 = waterhoogte in boorgat op tijdstip t = t1 r = boorgatradius dt = verlopen tijd van t = t0 tot t = t1 Onderzoekswaarden Diepte boorgat Standaardhoogte Radiusboorgat Grondwater

D: M: R W

190 cm 20 cm 3.5 cm 0 cm

140

waterspiegelhoogte (cm)

120 100 80 60 40 20 0 0

100

200

300

400

500

600

700

800

900

tijd (sec) meetsessie 1

t0 = h0 = t1 = h1 = kf = kf = rc =

Meetsessie 1 500 sec 31.24 cm 800 sec 24.07 cm 1.43E-05 m/s 1.23 m/dag -2.39E-04 m/s

Geonius Geotechniek BV Postbus 1097 6160 BB Geleen

t0 = h0 = t1 = h1 = kf = kf = rc =

meetsessie 2

Meetsessie 2 500 sec 48.28 cm 800 sec 37.19 cm 1.46E-05 m/s 1.26 m/dag -3.69E-04 m/s

meetsessie 3

t0 = h0 = t1 = h1 = kf = kf = rc =

Meetsessie 3 500 sec 53.12 cm 800 sec 39.12 cm 1.72E-05 m/s 1.48 m/dag -4.67E-04 m/s Tel. 088-130 06 00 Fax. 088-130 06 69 info@geonius.nl

Projectomschrijving: Susterdweg 31 Locatie: Nieuwstadt Boornummer: DB03

GA220419 Opdrachtnr. Traject (m-mv) 2 - 2.9 Meting DM03

Formule om de doorlatendheid volgens Porchet te bepalen : kf = 1,15 * r * (log(h0+r/2)-log(h1+r/2))/dt [cm/s] Hierbij is : h0 = waterhoogte in boorgat op tijdstip t = t0 h1 = waterhoogte in boorgat op tijdstip t = t1 r = boorgatradius dt = verlopen tijd van t = t0 tot t = t1 Onderzoekswaarden Diepte boorgat Standaardhoogte Radiusboorgat Grondwater

D: M: R W

300 cm 0 cm 3.5 cm 0 cm

160

waterspiegelhoogte (cm)

140 120 100 80 60 40 20 0 0

100

200

300

400

500

600

700

800

900

tijd (sec) meetsessie 1

t0 = h0 = t1 = h1 = kf = kf = rc =

Meetsessie 1 500 sec 61.13 cm 800 sec 55.93 cm 5.02E-06 m/s 0.43 m/dag -1.73E-04 m/s

Geonius Geotechniek BV Postbus 1097 6160 BB Geleen

t0 = h0 = t1 = h1 = kf = kf = rc =

meetsessie 2

Meetsessie 2 500 sec 70.22 cm 800 sec 64.04 cm 5.23E-06 m/s 0.45 m/dag -2.06E-04 m/s

meetsessie 3

t0 = h0 = t1 = h1 = kf = kf = rc =

Meetsessie 3 500 sec 77.75 cm 800 sec 67.13 cm 8.35E-06 m/s 0.72 m/dag -3.54E-04 m/s Tel. 088-130 06 00 Fax. 088-130 06 69 info@geonius.nl

Bijlage 4 Dimensionering infiltratievoorziening

GA220419.R01.V2.0

Geonius Geotechniek

Infiltratiesysteem

Projectnummer Omschrijving

GA220419 Aanleg infiltratievoorziening (nieuwbouw) Susterdseweg 31 Nieuwstadt

Datum

1-8-2022

Infiltratie met wadi, greppel of infiltratieveld uitgaande stationaire toestand met verhang van 1,0 m/m Uitgangspunten Neerslag [mm]

Eigenschappen bodem doorlatendheid 45 gemeten k [m/d] 300 veiligheid [-] 1 wand kw [m/d] 13,5 vloer kv [m/d] 1 verhang I [-] 0

hoeveelheid r [mm] oppervlak A [m2] reductie r [-] totaal R [m3] porositeit [p] vertraagde afvoer (l/s/ha)

Bodem- en wandfactoren 0,5 1 0,5 0,5 1,0

0,4 1

Afmetingen van de voorziening (bodem) Lengte [m] 17

breedte [m] 2

hoogte [m] 0,5

waakhoogte [m] 0,1

talud 1 op 1

ruimtebeslag [m x m] 18 x 3

Toetsing Berging [m3] 16,7

Infiltratie tijdens bui [m3] 0,4

Totale afvoercapaciteit [m3] benodigd beschikbaar 15,9 17,2

vertraagde afvoer tijdens bui [m3] 0,0 Leeglooptijd [uur] 18,7

controle voldoet

controle voldoet

Overzicht aanvoer regenwater en afvoercapaciteit van het systeem 2m

0,5 m

Overzicht aanvoer en capaciteit van het systeem 45 40

Hoeveelheid (m3)

35 30 25 20 15 Regenduurlijn 66 mm in 24 uur Afvoercapaciteit

10 5

0 0

120

240

360

480

600

720

840

tijd (min)

Kratten / grindkoffer

960

1080 1200 1320 1440

Geonius Geotechniek

Infiltratiesysteem

Projectnummer Omschrijving

GA220419 Aanleg infiltratievoorziening (nieuwbouw) Susterdseweg 31 Nieuwstadt

Datum

1-8-2022

Infiltratie met wadi, greppel of infiltratieveld uitgaande stationaire toestand met verhang van 1,0 m/m Uitgangspunten Neerslag [mm]

Eigenschappen bodem doorlatendheid 45 gemeten k [m/d] 300 veiligheid [-] 1 wand kw [m/d] 13,5 vloer kv [m/d] 1 verhang I [-] 2

hoeveelheid r [mm] oppervlak A [m2] reductie r [-] totaal R [m3] porositeit [p] vertraagde afvoer (l/s/ha)

Bodem- en wandfactoren 0,5 1 0,5 0,5 1,0

0,4 1

Afmetingen van de voorziening (bodem) Lengte [m] 17

breedte [m] 2

hoogte [m] 0,5

waakhoogte [m] 0,1

talud 1 op 1

ruimtebeslag [m x m] 18 x 3

Toetsing Berging [m3] 16,7

Infiltratie tijdens bui [m3] 0,4

Totale afvoercapaciteit [m3] benodigd beschikbaar 15,9 17,3

vertraagde afvoer tijdens bui [m3] 0,1 Leeglooptijd [uur] 15,0

controle voldoet

controle voldoet

Overzicht aanvoer regenwater en afvoercapaciteit van het systeem 2m

0,5 m

Overzicht aanvoer en capaciteit van het systeem 50 45

Hoeveelheid (m3)

40 35

30 25

20 15

Regenduurlijn 66 mm in 24 uur Afvoercapaciteit

10 5

0 0

120

240

360

480

600

720

840

tijd (min)

Kratten / grindkoffer

960

1080 1200 1320 1440

Geonius Geotechniek

Infiltratiesysteem

Projectnummer Omschrijving

GA220419 Aanleg infiltratievoorziening (nieuwbouw) Susterdseweg 31 Nieuwstadt

Datum

1-8-2022

Infiltratie met wadi, greppel of infiltratieveld uitgaande stationaire toestand met verhang van 1,0 m/m Uitgangspunten Neerslag [mm]

Eigenschappen bodem doorlatendheid 45 gemeten k [m/d] 900 veiligheid [-] 1 wand kw [m/d] 40,5 vloer kv [m/d] 1 verhang I [-] 0

hoeveelheid r [mm] oppervlak A [m2] reductie r [-] totaal R [m3] porositeit [p] vertraagde afvoer (l/s/ha)

Bodem- en wandfactoren 0,5 1 0,5 0,5 1,0

0,4 1

Afmetingen van de voorziening (bodem) Lengte [m] 49

breedte [m] 2

hoogte [m] 0,5

waakhoogte [m] 0,1

talud 1 op 1

ruimtebeslag [m x m] 50 x 3

Toetsing Berging [m3] 47,4

Infiltratie tijdens bui [m3] 1,3

Totale afvoercapaciteit [m3] benodigd beschikbaar 47,3 48,7

vertraagde afvoer tijdens bui [m3] 0,0 Leeglooptijd [uur] 18,7

controle voldoet

controle voldoet

Overzicht aanvoer regenwater en afvoercapaciteit van het systeem 2m

0,5 m

Overzicht aanvoer en capaciteit van het systeem 120

Hoeveelheid (m3)

100 80 60 40 Regenduurlijn 66 mm in 24 uur Afvoercapaciteit

20

0 0

120

240

360

480

600

720

840

tijd (min)

Kratten / grindkoffer

960

1080 1200 1320 1440

Geonius Geotechniek

Infiltratiesysteem

Projectnummer Omschrijving

GA220419 Aanleg infiltratievoorziening (nieuwbouw) Susterdseweg 31 Nieuwstadt

Datum

1-8-2022

Infiltratie met wadi, greppel of infiltratieveld uitgaande stationaire toestand met verhang van 1,0 m/m Uitgangspunten Neerslag [mm]

Eigenschappen bodem doorlatendheid 45 gemeten k [m/d] 900 veiligheid [-] 1 wand kw [m/d] 40,5 vloer kv [m/d] 1 verhang I [-] 2

hoeveelheid r [mm] oppervlak A [m2] reductie r [-] totaal R [m3] porositeit [p] vertraagde afvoer (l/s/ha)

Bodem- en wandfactoren 0,5 1 0,5 0,5 1,0

0,4 1

Afmetingen van de voorziening (bodem) Lengte [m] 49

breedte [m] 2

hoogte [m] 0,5

waakhoogte [m] 0,1

talud 1 op 1

ruimtebeslag [m x m] 50 x 3

Toetsing Berging [m3] 47,4

Infiltratie tijdens bui [m3] 1,3

Totale afvoercapaciteit [m3] benodigd beschikbaar 47,3 49,0

vertraagde afvoer tijdens bui [m3] 0,3 Leeglooptijd [uur] 14,9

controle voldoet

controle voldoet

Overzicht aanvoer regenwater en afvoercapaciteit van het systeem 2m

0,5 m

Overzicht aanvoer en capaciteit van het systeem 140

Hoeveelheid (m3)

120 100 80 60 40

Regenduurlijn 66 mm in 24 uur Afvoercapaciteit

20

0 0

120

240

360

480

600

720

840

tijd (min)

Kratten / grindkoffer

960

1080 1200 1320 1440

18

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EchtSusteren&id=0312d497-6103-48ce-b3b1-3116a954d2e3