Regels Bijlage 1 Landschapsplan
Tekst van het document
akkoord, 24022021
Landschapsplan Energiepark Groensebos Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost - februari 2021
Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost P204744 ir. L.A.W. (Leander) van Berkel bnt ir. D. (Dominik) Kriska februari 2021
Inhoudsopgave 1. Inleiding 4 1.1. Aanleiding 4 1.2. Plangebied 4 2. Analyse 6 2.1. Historie
6
2.2. Landschap en landschapselementen
8
2.3. Recreatieve routes 9 2.4. Ecologische structuur 10 2.5. Perceelranden en omgeving
12
3. Beleid 17 3.1. Bestemmingsplan ‘Cultuurhistorie Echt-Susteren’ 17 4. Landschappelijke inpassing
19
4.1. Uitgangspunten 19 4.2. Landschapsplan 19 4.3. Veldopstelling en inrichting randen
32
4.4. Effecten op dorpsranden en woonlocaties
35
4.5. Schuilgelegenheid met informatieborden als educatief rustpunt
36
4.6. Ecologische ontwerpprincipes landschappelijke inpassing
38
4.7. Creëren van een verzorgd totaalbeeld
39
4.8. Ademruimte voor de bodem
41
4.9. Maatregelen fauna 41 4.10. Tot slot 42
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
3
1. Inleiding 1.1.
Aanleiding
Energiecoöperatie Groensebos en Echt-Susteren Energie hebben het voornemen om tussen Sint Joost en Montfort Energiepark Groensebos te ontwikkelen. Het plangebied is gelegen in het gebied “Groensebos”, tussen de Heerdstraat en Groensebosweg, waar een cluster zonneweides van samen 10 hectare groot wordt voorzien. Onderhavig initiatief is één van de 5 pilots die door de gemeente Echt-Susteren is aangewezen als te realiseren project. Naar aanleiding van de positieve grondhouding vanuit de gemeente zijn initiatiefnemers voornemens het energiepark te realiseren conform voorliggend nader uitgewerkt landschapsplan. Het landschapsplan zal tevens deel gaan uitmaken van het bestemmingsplan voor de zonneweides. 1.2.
Plangebied
Het beoogde plangebied ligt tussen Sint Joost en Montfort op meer dan een kilometer afstand van beide dorpsranden, in een gebied dat deel uitmaakt van de jonge ontginningen van de “Landduinen”. Het plangebied beslaat 4 kadastrale percelen, samen ca. 10 hectare groot, gelegen aan de Groensebosweg, (noordzijde), aan weerszijden van de Hoofdbroekweg en aan de Heerdstraat (zuidzijde). De percelen maken
Plangebied aan de Heerdstraat en Groensebosweg.
deel uit van een agrarisch productielandschap waarin blokverkaveling, enkele robuuste bosranden en laanstructuren en per perceel wisselende teeltvormen met teeltondersteunende voorzieningen beeldbepalend zijn. Natuur- en stiltegebieden zijn op enige afstand van het plangebied gelegen.
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
4
Ligging planlocatie (luchtfoto PDOK). P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
5
2. Analyse 2.1.
Historie
Het plangebied ligt in het landschapstype jonge heideontginningslandschap; natte heide ten noorden van het plangebied,
18 50
19 00
19 50
19 70
drogere bos- en heide in en zuidelijk van het plangebied. In de 19de en begin 20ste eeuw bestond dit landschap voornamelijk uit heidevelden met bos en was de laagte van het beekdal nog beperkt ontgonnen gebied (zie reeks historische kaarten 1850-1950). In het beeld 1850 zijn de Heerdstraat als hoofdroute door het gebied en ook de Groensebosweg als pad door de heide zichtbaar. Op de heidevelden werden schapen geweid, de mest in de stallen werd gebruikt voor grondverbetering van de akkers. Na de uitvinding van de kunstmest verviel de functie van de heidevelden en werden deze ook ontgonnen tot landbouwgebied (zichtbaar in het tijdsverloop van 1850 tot 1900). De landschappelijke structuur van het jonge ontginningslandschap is overwegend grootschaliger met een rationelere verkaveling dan de oude ontginningen. De historische structuur is nog duidelijk herkenbaar in het landschap: de wegenstructuur, kavelgrenzen en de steilrand langs de Groensebosweg zijn in een eeuw tijd nauwelijks veranderd in het plangebied. Opvallend is ook dat rond 1900 alle percelen in het plangebied nog met bos beplant waren, waarbij het middelste perceel een overgang naar het heidegebied kende.
Daarna is door de cultuurtechnische optimalisatie het laaggelegen natte heidegebied ontgonnen en met strakke lijnen cultuurtechnisch geoptimaliseerd, wat rond 1970 leidde tot de huidige verkavelingsstructuur, met minder paden door het gebied en meer uitgevlakte landbouwkavels.
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
6
De historische waarde en betekenis van het landschap – primair vervat in de steilranden, de oude wegen met laanbeplanting en verder
19 90
20 20
de karakteristieken van de open ontginning als jongste cultuurlaag in het landschap – wordt in het gebied gerespecteerd en vormt een te behouden en verder te versterken casco, te gebruiken bij de landschappelijke inpassing van het zonnepark. Meer nog zal het zonnepark als tijdelijke toevoeging in het landschap na beëindiging en verwijdering weer het landschappelijke casco ‘teruggeven’ en een meerwaarde vormen op het landschap zoals dat in de eeuwen hiervoor is ontstaan.
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
7
2.2.
Landschap & landschapselementen
Het landschappelijke beeld is dat van een half open tot open landschap, met wegen gemarkeerd door lanen en een enkel solitair gelegen erf aan de Heerdstraat. Het gebied heeft uitsluitend een agrarische functie en wordt voor routegebonden vormen van recreatie gebruikt. Ten zuiden van de projectlocatie ligt een natuurgebied, tevens stiltegebied. De oude lijnen in het landschap zijn met de volgende elementen gemarkeerd: -
Een oudere tweezijdige beukenlaan langs de Heerdstraat; (1)
-
Een enkelzijdige, oude enkele eikenlaan aan de noordzijde van de onverharde Groensebosweg; (2)
-
(1)
(2)
(3)
(4)
Een jonge tweezijdige essenlaan langs de Hoofdbroekweg, met een onderbreking in de laanaanplant ter hoogte van het middelste veld in het plangebied van het zonnepark; (3)
-
Glooiing in het westelijke en middelste perceel van het plangebied en een steilrand langs het westelijke perceel, zijde Groensebosweg. (4)
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
8
2.3.
Recreatieve routes
Aan de rand van en in het plangebied liggen een aantal recreatieve wandel- en fietsroutes en ook ruiterroutes, waarvan veelvuldig gebruik wordt gemaakt. Naast themaroutes en rondgangen, gaat er ook een knooppuntennetwerk door en langs het plangebied. Belangrijke routes gaan naar de natuurgebieden en de dorpskernen rond het plangebied maar ook naar de ten noorden van de planlocatie gelegen verblijfsrecreatieve camping Reigershorst. Tot voor kort reden fietsers op de hoofdrijbaan van de Heerdstraat, waar 80 km per uur gereden mag worden. Om een meer veilige situatie tot stand te brengen voor deze recreatief intensief benutte route, is vrij recent voorzien in de aanleg van een vrijliggend fietspad. Daarbij is de kap van bomen zo veel als mogelijk vermeden; een doel dat bij het zonnepark ook volledig wordt ingevuld. Op recreatief gebied zal de locatie een meerwaarde gaan vormen als het als zonnepark is ingericht. Op de kruising van routes aan de Heerdstraat en Hoofdbroekweg wordt een recreatieve en educatieve verblijfsplek ingericht (zie toelichting hierna), met zit- en picknickbanken, info-panelen over landschap, cultuurhistorie en energielandschappen (die de tand des tijds kunnen doorstaan). De initiatiefnemers richten hiertoe een
Bestaande recreatieve routes
recreatief agrophotovoltaic en natureinclusive zonnepark op, als eerder in de pilotindiening aangegeven in samenspraak en coproductie met de omgeving en lokale ondernemers. Dit omdat de ideële doelstelling van de initiatiefnemers verder reiken dan alleen het duurzaam opwekken van energie. Een meerwaarde voor de omgeving, aan de belangrijke fietsroute langs de Heerdstraat, die voornamelijk wordt gebruikt door schoolgaande jeugd en als recreatief fietspad.
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
9
2.4.
Ecologische structuur
Het Provinciaal Omgevingsplan Limburg 2014 (POL 2014) is op 12 december 2014 door Provinciale Staten van de provincie Limburg vastgesteld. Het POL 2014 is vervolgens op 16 januari 2015 in werking getreden. Het POL 2014 bestaat uit een beleidsdocument en 12 themagerichte kaarten, waaronder natuur en landschap. Als gevolg van de realisatie van het zonnepark treedt geen oppervlakteaantasting en mogelijk verstoring van de aanwezige natuurwaarden op binnen de goudgroene (NNN) en zilvergroene natuurzone en de bronsgroene landschapszone. Wel leidt het zonnepark, vanwege de te realiseren ecologische en landschappelijke waarden, tot een meerwaarde op voor het functioneren van de omringende beschermde gebiedswaarden. Een duidelijke meekoppelkans is gelegen in de te realiseren aansluiting op de ‘groene ader’ die langs het nieuwe fietspad aan de Heerdstraat is voorzien. In het betreffende bestemmingsplan is daarover het volgende opgenomen. ‘Ter plaatse van de akkers blijft er tussen het fietspad en de Heerdstraat een ruime berm (circa 10 meter) over, welke ingericht wordt als natuurberm. Deze bermen worden ingezaaid met een bloemenrijk kruiden- en grasmengsel en extensief beheerd, zodat geschikt leefgebied
Ecologische structuur met beschermingszones natuur en landschap
wordt gecreëerd voor o.a. diverse insectensoorten en zodat diersoorten ook gewoon over kunnen blijven steken. De totale oppervlakte van de te realiseren natuurberm betreft circa 10.520 m2. Het fietspad doorsnijdt voor een kort deel de zilvergroene natuurzone, wat is aangeduid als ‘botanisch waardevol akkerland’ en ‘botanisch waardevol grasland’ in het provinciale natuurbeheerplan. De ontwikkeling van de natuurberm op de voormalige akkers langs de Heerdstraat vormt daarmee een versterking van de zilvergroene natuurzone en bronsgroene landschapszone.’
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
10
Voorliggend plan zal van vergelijkbare Kruiden- en faunarijke graslanden
De realisatie van de zonneweide biedt meekoppelkansen voor
worden voorzien, over een omvang van ca. 10 hectare. Hiermee wordt
natuurontwikkeling, die aansluit bij de grotere structuren van de
een structurele aanvulling gegeven op de ecologische doelen van
aanliggende natuurgebieden. Deze worden daarmee nog robuuster en
gemeente en provincie, zoals die bij het fietspad zijn gerealiseerd en
grootschaliger. Naast de natuurgebieden vervullen de perceelsranden
wordt ook boven het projectniveau uit een samenhangende regionale
met bomenrijen langs de wegen, toe te voegen hagen, hakhoutwallen en
ecologische dooradering bereikt. Bovendien wordt gedurende de
bermen een ecologische functie in het netwerk. Deze kunnen ecologisch
bestemmingsplanprocedure een ecologisch soortenonderzoek
worden versterkt, in combinatie met de landschappelijke inpassing van
uitgevoerd in het plangebied, waaruit zal blijken of er in het gebied
het zonnepark. Op de akkers binnen het plangebied wordt momenteel
nog eventuele compenserende of mitigerende ecologische waarden
intensief geteeld (asperges). De ecologische betekenis hiervan is nihil.
getroffen kunnen of moeten worden. Het landschapsplan laat daartoe
Door een ontwikkeling van droge natuur biedt het plangebied een
mogelijkheden open, bijvoorbeeld in de diverse vormen van struweel,
meerwaarde op de bestaande, voornamelijk droge (zuidzijde) en natte
hagen en hakhoutwallen op en rond het terrein en de afwisselend te
ecologische structuur (noordzijde).
realiseren bezonde en beschaduwde kruiden- en grasvegetaties. Bij het fietspad zijn verder nog de volgende concrete ecologische maatregelen voorzien die ook zullen doorwerken in het plangebied van zonneweide Groensebos. Er wordt langs het fietspad gebruik gemaakt van verlichting die zo min mogelijk brandt, bijvoorbeeld verlichting die pas aan gaat op het moment dat fietsers naderen, en met een lage en gefocuste lichtbron, zoals led verlichting met speciale armaturen, zodat zo min mogelijk verstrooiing optreedt, met een diervriendelijke kleur, zoals amberkleurige verlichting. De zonneweide vraagt zelfs geen verlichting. Het gebied is en blijft ecologisch van waarde vanwege de donkerte, vooral ook omdat het zonnepark en een ruime omgeving niet bewoond is.
Aspergeteelt binnen het plangebied
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
11
2.5.
Perceelranden en omgeving
In het veld is aan de hand van de boomkroonprojectie van de beukenlaan langs de Heerdstraat en de projectie van de eikenkronen langs de Groensebosweg bepaald dat de wortelzones van deze lanen tot in het plangebied kunnen reiken. In deze zone van ca. 10 meter uit de zuidelijke plangrens wordt daarom ook geen diepere bodemingreep voorgestaan bij de realisatie van de recreatieve en educatieve voorzieningen. Het grondwerk voor de aanplant van de landschappelijke inpassing wordt verricht tot de ploegvoordiepte, die nu ook reeds tot ca. 1 meter onder maaiveld regelmatig wordt omgezet en waarin geen
Hoofdbroekweg
boomwortelpakket aanwezig is. Dat geldt ook voor de strook van ca. 5 meter aan de noordrand van het plangebied; de zijde Groensebosweg en stroken aan beide zijden van de Hoofdbroekweg, waar de essen een wortelzone hebben.
Heerdstraat
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
Groensebosweg
12
De perceelranden van het plangebied zijn nu zonder uitzondering open en onbeplant en gaan over in de grasbermen waarin de bomenlanen staan. Dit maakt te meer dat de aspergebedden met teeltondersteunende witte en zwarte folies ‘kaal’ in het landschap liggen en het landschap daarmee een deels harde en productie-uitstraling geven. De perceelranden vormen de belangrijkste locatie voor de landschappelijke inpassing van het zonnepark. Door deze langs de wegen van maximaal 3 meter hoge hakhoutwallen en langs de overige randen van lage Limburgse hagen (1,5 tot 2 meter hoogte) te voorzien, blijft de verkavelingsstructuur behouden, als ook in voldoende mate het zicht in het open landschap naar de bomenlanen en bosranden. Tegelijkertijd wordt het bestaande beeldconflict, veroorzaakt door de afdekfolies die doorlopen tot kavelranden, opgeheven. De visuele kwaliteit maar ook ecologische waarde van de randen wordt van nihil naar een hogere waarde opgewaardeerd. Omdat het landschap open is en er alzijdig zicht op het plangebied is, is ervoor gekozen om alle perceelsranden van een landschappelijke inpassing te voorzien. Zo krijgen de percelen alzijdig een ‘groene plint’, ook wanneer ze niet aan een openbare weg grenzen. Naast de visuele meerwaarde hiervan (zo worden hekken altijd aan de binnenzijde van de hagen, dus niet
Perceelsranden en zichtrelaties
zichtbaar vanuit de omgeving, aangebracht), heeft dit ook een positief effect op de ecologische dooradering van het nu schrale gebied. De toepassing van zowel robuuster hakhout als ruige kniphagen (geen strakgeschoren hagen) dragen daar aan bij.
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
13
Profiel A huidig
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
14
Profiel B huidig
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
15
Profiel C huidig P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
16
3. Beleid 3.1.
Bestemmingsplan ‘Cultuurhistorie Echt-Susteren’
Binnen het plangebied geldt de dubbelbestemming “Waarde – Cultuurhistorie”. Deze is op vijf aardkundige ensembles van toepassing. Het plangebied is aangeduid binnen het bestemmingsplan met een functieaanduiding “specifieke vorm van waarde – aardkundig ensemble broek en hei”. Het Aardkundig waardevol gebied Broek en Hei is gelegen in de landschappelijke hoofdeenheden Maasterrassen, Dekzand en Rivierduin. Het Maasterras vormt de basis van het landschap, waar onder invloed van zandverstuiving eolische landvormen zijn ontstaan. De typerende landvormen bestaan uit terras(vlaktes), glooiingen, ruggen, duinen en bekkens. In dit gebied is de onderlinge samenhang dermate sterk en
Bestemmingsplan ‘Cultuurhistorie Echt-Susteren’ (Uitsnede Planviewer)
goed in het veld herkenbaar dat voor een ‘leek’ direct duidelijk is dat het hier een door de wind gevormd duingebied betreft. Uitgeblazen laagtes grenzen namelijk direct aan hoog opgewaaide duinen, waardoor op korte afstand reliëfverschillen voorkomen die hun gelijke alleen kennen in de duinen langs de kust. Kenmerkend en (met enige kennis) in het veld duidelijk herkenbaar, zijn de zogenaamde paraboolduinen, ontstaan door langdurige verstuiving en daardoor geleidelijke migratie van de duin. Deze duinvormen zijn typisch voor de aan het eind van de laatste ijstijd gevormd Maasduinen waarvan Broek en Hei in feite de meest zuidelijke verbreiding vormen. Bovendien omvat het gebied in het oosten de transitiezone tussen het met eolisch zand bedekte landschap
en de onbedekte Maasterrassen. Aardkundig waardevol gebied Broek en Hei kan op basis van deze kenmerken binnen de gemeente en de regio aangeduid worden als een typevoorbeeld van een eolisch beïnvloed landschap. Ingeklemd tussen Sint Joost en Montfort vormt dit gemeentegrens overschrijdende gebied een zeer reliëfrijk eiland te midden van de vlakkere, voor de landbouw ontgonnen Maasterrassen. Binnen de begrenzing zijn, rekening houdend met perceelsgrenzen, alle landvormen vertegenwoordigd. Het gebied overschrijdt de gemeentegrens omdat het grootste uitblazingsbekken (het Groot Broek) zich hier overheen uitstrekt.
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
17
Het plangebied ligt langs een cultuurhistorisch waardevolle
behouden. De structuurbepalende verkaveling van het gebied wordt
gemeentegrens. Deze veranderde in de afgelopen eeuwen alleen
aangehouden om onnodige fragmentatie te voorkomen. Bestaande
minimaal. Hier ligt ook een geomorfologische grens, van zuid naar
routes door het gebied worden behouden en versterkt door de komst
noord van een dalvlakteterras behorend bij de vormgroep heuvels
van een bezoekerscentrum aan genoemde wegkruising, bedoeld voor
en heuvelruggen naar een laagte zonder randwal behorend bij
educatie en informatie. Beeldbepalende bomenrijen en de aanwezige
de vormgroep niet-dalvormige laagten, en het is een belangrijke
bermaanplant worden aangevuld met uitsluitend inheemse beplanting.
uitwijkingsweg voor de gemeente. Ca. 1.000 jaar geleden is dit open gebied uitgewaaid. Het noordelijke bosgebied kan gezien worden als
Ook worden vanuit ecologische motieven de volgende uitgangspunten
de noordgrens van de uitwaaingslaagte en het zuidelijke bosgebied
gehanteerd:
als de zuidgrens. Het zuidelijke bosgebied is ook bekend als het meest zuidelijke houtwallengebied van Nederland.
-
Het reliëf in het plangebied wordt volledig behouden, waarbij het micro-reliëf het uitgangspunt zal zijn voor biodiversiteit in de
Waardering van het historisch cultuurlandschap
gras- en kruidlaag van het park en waarbij de steilrand langs de
Waardering van het historisch cultuurlandschap is aangegeven met laag-gemiddeld. Waarden die beschermd kunnen worden zijn de
Groensebosweg behouden en zichtbaar blijft. -
De inpassing van het zonnepark onderstreept de leesbaarheid
openheid/geslotenheid van het landschap, de spreiding en positionering
en herkenning van het bestaande mozaïeklandschap en leidt
van bebouwing, de specifieke wegen- en waterlopenstructuur met
tot een rijkere groene inrichting van de percelen binnen het
hun kenmerken (tracé, verharding of niet), de verkaveling en het
zonnepark, in ruil voor de bestaande monotone asperge-akkers
grondgebruik.
met (6 maanden per jaar) folieafdekking. -
Het zonnepark wordt ingericht als 3 ecologische stapstenen
Het landschapsplan zal de typerende landvormen in het gebied,
in een nu ecologisch zeer schraal gebied, maar strategisch
met name de landduinen, terrassen en glooiingen respecteren. De
goed gepositioneerd tussen omliggende bosstructuren en de
openheid van het gebied wordt zoveel mogelijk gewaarborgd door de
beekloop van de Putbeek en dat zonder de geomorfologische
paneelopstellingen relatief laag te houden. De groene inpassing rond om
en cultuurhistorische kenmerken wezenlijk aan te tasten.
de panelenvelden is hoger langs de wegen en lager langs de overige
-
Naast de toe te passen ruwe Limburgse kniphagen van 1,5 tot 2
randen, maar altijd bestaande uit een struiklaag tot maximaal 2 meter
meter hoog, worden ook hakhoutwallen toegepast van 3 meter
hoogte. Zo worden de bestaande landschappelijke lijnen geaccentueerd
hoogte, die jaarlijks 20% gedund worden. Door toepassing
en blijven vergezichten naar de veel hogere bosranden en bomenlanen
van beide haagtypen wordt de ecologische diversiteit en dooradering versterkt.
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
18
4. Landschappelijke inpassing 4.1.
Uitgangspunten
4.2.
Landschapsplan
Om te komen tot een goede landschappelijke inpassing worden
Het landschapsplan voegt een aantal ingrepen toe in het landschap
de volgende uitgangspunten gehanteerd voor de landschappelijke
die de natuurwaarde van het gebied versterken en de landschappelijke
inpassing:
kenmerken respecteert en/of verduidelijkt.
-
Zonneveld opstellen in parallelle lijnen: zuidgericht bij eenzijdige oriëntatie of oost- en west-gericht bij tweezijdige oriëntatie.
-
Ruime opstellingen met gepaste afstand tussen de rijen panelen, voor voldoende daglicht op de bodem en herstel hemelwaterinfiltratie. Bij de oostwest-opstelling worden daartoe lichtdoorlatende panelen ingezet waarbij ieder paneel een eigen vrije druiprand krijgt, zodat hemelwater verdeeld over het gebied ook onder de panelen kan infiltreren.
-
Lengten en breedten van de opstellingen voegen naar het landschappelijk mozaïek van kavels en aan de randen van de kavels, voor zover grenzend aan of zichtbaar vanuit het openbaar domein, een voldoende brede strook voor landschappelijke inpassing te benutten.
-
De beplanting rond de percelen is hoger langs de wegen en lager langs de overige randen zodat de bestaande landschappelijke lijnen en vergezichten behouden kunnen blijven.
-
Ter vergroting van de landschappelijke waarden en ecologische diversiteit, wordt een gemengde aanplant van gebiedseigen struikvormers toegepast conform het hierna uitgewerkte beplantingsplan, waarvan een deel bloeiend en vruchtdragend of notendragend is.
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
19
20
Profiel A nieuw
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
21
Profiel B nieuw
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
22
Profiel C nieuw P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
23
24
Vak
Omvang
Lat. Naam
Ned Naam
Procent
Plantafstand
Plantmaat
Verband
Aantal
VW r. l. kniphaag
482
m1
Crataegus monogyna
Eenstijlige meidoorn
25.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
1085
r. l. kniphaag
482
m1
Prunus spinosa
Sleedorn
25.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
1085
r. l. kniphaag
482
m1
Cornus mas
Gele kornoelje
25.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
1085
r. l. kniphaag
482
m1
Corylus avellana
Hazelaar
8.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
347
r. l. kniphaag
482
m1
Mespilus germanica
Wilde mispel
8.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
347
r. l. kniphaag
482
m1
Euonymus europaeus
Wilde kardinaalsmuts
8.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
347 68
Hakhoutwal
150
m1
Quercus robur
Zomereik
5.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
Hakhoutwal
150
m1
Fraxinus excelsior
Es
5.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
68
Hakhoutwal
150
m1
Crataegus monogyna
Eenstijlige meidoorn
23.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
311
Hakhoutwal
150
m1
Prunus spinosa
Sleedorn
23.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
311
Hakhoutwal
150
m1
Cornus mas
Gele kornoelje
23.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
311
Hakhoutwal
150
m1
Corylus avellana
Hazelaar
7.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
95
Hakhoutwal
150
m1
Mespilus germanica
Wilde mispel
7.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
95
Hakhoutwal
150
m1
Euonymus europaeus
Wilde kardinaalsmuts
7.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
95
Ruige Bermzone
2500
m2
Ruige Bermzone: barenbrug Bloemenmengsel Buitengebied
500 g per are
zaden
evenredig verspreid
13 kg
B.R.Grasland
23500
m2
Bloemrijk grasland: cruydthoeck Bloemenmengsel M5
500 g per are
zaden
evenredig verspreid
118 kg
Beplantingslijst Veld West
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
25
26
Vak
Omvang
Lat. Naam
Ned Naam
Procent
Plantafstand
Plantmaat
Verband
Aantal
VM r. l. kniphaag
387
m1
Crataegus monogyna
Eenstijlige meidoorn
25.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
871
r. l. kniphaag
387
m1
Prunus spinosa
Sleedorn
25.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
871
r. l. kniphaag
387
m1
Cornus mas
Gele kornoelje
25.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
871
r. l. kniphaag
387
m1
Corylus avellana
Hazelaar
8.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
279
r. l. kniphaag
387
m1
Mespilus germanica
Wilde mispel
8.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
279
r. l. kniphaag
387
m1
Euonymus europaeus
Wilde kardinaalsmuts
8.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
279
Hakhoutwal
348
m1
Quercus robur
Zomereik
5.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
157
Hakhoutwal
348
m1
Fraxinus excelsior
Es
5.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
157
Hakhoutwal
348
m1
Crataegus monogyna
Eenstijlige meidoorn
23.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
720
Hakhoutwal
348
m1
Prunus spinosa
Sleedorn
23.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
720
Hakhoutwal
348
m1
Cornus mas
Gele kornoelje
23.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
720
Hakhoutwal
348
m1
Corylus avellana
Hazelaar
7.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
219
Hakhoutwal
348
m1
Mespilus germanica
Wilde mispel
7.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
219
Hakhoutwal
348
m1
Euonymus europaeus
Wilde kardinaalsmuts
7.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
219
Ruige Bermzone
2900
m2
Ruige Bermzone: barenbrug Bloemenmengsel Buitengebied
500 g per are
zaden
evenredig verspreid
15 kg
B.R.Grasland
28000
m2
Bloemrijk grasland: cruydthoeck Bloemenmengsel M5
500 g per are
zaden
evenredig verspreid
140 kg
Beplantingslijst Veld Midden
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
27
28
Vak
Omvang
Lat. Naam
Ned Naam
Procent
Plantafstand
Plantmaat
Verband
Aantal
VO r. l. kniphaag
411
m1
Crataegus monogyna
Eenstijlige meidoorn
25.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
925
r. l. kniphaag
411
m1
Prunus spinosa
Sleedorn
25.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
925
r. l. kniphaag
411
m1
Cornus mas
Gele kornoelje
25.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
925
r. l. kniphaag
411
m1
Corylus avellana
Hazelaar
8.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
296
r. l. kniphaag
411
m1
Mespilus germanica
Wilde mispel
8.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
296
r. l. kniphaag
411
m1
Euonymus europaeus
Wilde kardinaalsmuts
8.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
296 242
Hakhoutwal
538
m1
Quercus robur
Zomereik
5.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
Hakhoutwal
538
m1
Fraxinus excelsior
Es
5.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
242
Hakhoutwal
538
m1
Crataegus monogyna
Eenstijlige meidoorn
23.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
1114
Hakhoutwal
538
m1
Prunus spinosa
Sleedorn
23.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
1114
Hakhoutwal
538
m1
Cornus mas
Gele kornoelje
23.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
1114
Hakhoutwal
538
m1
Corylus avellana
Hazelaar
7.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
339
Hakhoutwal
538
m1
Mespilus germanica
Wilde mispel
7.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
339
Hakhoutwal
538
m1
Euonymus europaeus
Wilde kardinaalsmuts
7.00%
3 planten per m., 1.00 m tussen de rij
200/250
verschoven groepen van 3-10
339
Ruige Bermzone
2800
m2
Ruige Bermzone: barenbrug Bloemenmengsel Buitengebied
500 g per are
zaden
evenredig verspreid
14 kg
B.R.Grasland
27700
m2
Bloemrijk grasland: cruydthoeck Bloemenmengsel M5
500 g per are
zaden
evenredig verspreid
139 kg
Struweel
Rosa rubiginosa
Egelantier
1.50 in de rij, 1.50 tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
56
Struweel
Frangula alnus
Sporkehout
1.50 in de rij, 1.50 tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
56
Struweel
Sambucus nigra
Gewone vlier
1.50 in de rij, 1.50 tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
56
Struweel
Amelanchier
Krentenboompje
1.50 in de rij, 1.50 tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
56
Struweel
Cornus mas
Gele kornoelje
1.50 in de rij, 1.50 tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
56
Struweel
Ribes rubrum
Aalbes
1.50 in de rij, 1.50 tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
56
Struweel
Ribes uva-crispa
Kruisbes
1.50 in de rij, 1.50 tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
56
Struweel
Vaccinium
Bosbes
1.50 in de rij, 1.50 tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
56
Struweel
Rubus idaeus
Framboos
1.50 in de rij, 1.50 tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
56
Struweel
Corylus avellana
Hazelaar
1.50 in de rij, 1.50 tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
56
Struweel
Euonymus europaeus
Wilde kardinaalsmuts
1.50 in de rij, 1.50 tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
56
Struweel
Mespilus germanica
Wilde mispel
1.50 in de rij, 1.50 tussen de rij
100/125
verschoven groepen van 3-10
56
Beplantingslijst Veld Oost
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
29
Beplantingsschema Hagen en Hakhoutwallen
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
30
Beplantingsschema Struweelzone
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
31
4.3.
Veldopstelling en inrichting randen
Kenmerkend voor deze jonge ontginningen is het halfopen karakter met een rationele verkavelingsstructuur, bestaande uit rechthoekige percelen. Zo ook hier. De vorm en omvang van het park volgt exact de bestaande verkavelingsstructuur en bovendien de maat van de landschapskamer, zoals die nu reeds wordt ingesloten door laanbeplantingen aan de noorden zuidzijde. Vanuit de rond de planlocatie gelegen wegen en paden zijn geen zichtlijnen aanwezig die over de planlocatie naar een verder gelegen object (zoals een kerktoren, molen) of andere bijzondere horizon leiden. Op microniveau zijn er vanuit de uitsluitend op grote afstand gelegen omliggende woningen geen zichtlijnen direct naar of over de planlocatie. Door de toepassing van lage hagen en maximaal 3 meter hoog hakhout, blijft in dit gebied de openheid en het vergezicht naar een horizon, lanen en bosranden zoveel mogelijk behouden. Bovendien zal het landschap vergroenen door het wegnemen van de teelten met afdekfolies en het plaatsen van de paneelopstellingen in een groene
Zuidopstelling op bloemrijk grasland
inrichting.
Detail zuid opstelling op Veld West en Veld Midden
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
32
Voor de realisatie van zonnevelden wordt uitgegaan van een opstelling in parallelle lijnen: zuidgericht bij eenzijdige oriëntatie van panelen in de westelijke helft van het zonnepark (westelijk van de Hoofdbroekweg) en oost- en west-gericht bij tweezijdige oriëntatie (oostelijk van de Hoofdbroekweg). Daarbij wordt de richting, de lengten en breedten van de opstellingen gevoegd naar het landschappelijk mozaïek van kavels en aan de randen van de kavels, voor zover grenzend aan of zichtbaar vanuit het openbaar domein. De lijnen worden daarom ongeveer parallel geplaatst aan de belendende wegen, die voldoende noord-zuid en oostwest gericht zijn. Een voldoende brede strook van 7 meter breed wordt alzijdig aangehouden voor landschappelijke inpassing. Daarin wordt van buiten naar binnen voorzien in: -
De Limburgse haag als ruwe kniphaag, langs de randen (niet grenzend aan wegen), 3 rijen dik aan te planten, 3 meter dik, op
OW opstelling met teelt ondersteunende voorzieningen
voldoende afstand van de perceelsranden; OF -
Hakhoutwal, langs de rand (grenzend aan wegen), 3 rijen dik aan te planten, 3 meter dik op voldoende afstand van de perceelsranden
-
Een zo laag mogelijk afschermend hek met een minimale verzekerbare hoogte. Dit hek (visueel afgeschermd door de haag) wordt aan de binnenzijde van de haag geplaatst;
-
Een fauna- en bloemrijke ruige bermzone van 4 meter breed; geschikt voor extensief onderhoud en als open zone voor de bezonning op de panelen.
Detail oost-west opstelling voor proefopstelling met teelt ondersteunende voorzieningen
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
33
De landschappelijke inpassing langs de openbare / zichtbare zijden van
De dichte gemengde Limburgse hagen aan perceelsranden die niet
het park (in dit geval de wegen Hoofdbroekweg , Groensebosweg en
langs wegen liggen, worden als volgt aangeplant. Een aanplant, 3
Heerdsestraat en aan de noordrand het pad parallel aan de bosrand), zal
rijen dik, onderlinge afstand tussen de rijen 1 meter en in de rij drie
plaatsvinden met de door de gemeente voorgestelde hakhoutwallen. De
per strekkende meter in driehoeksverband (dus een dichte, moeilijk
verkavelingsstructuur blijft hierbij behouden, als ook gedeeltelijk het zicht
doordringbare haag) gemengd in groepen, waarbij de meidoorn,
in het open landschap naar de bomenlanen en bosranden. Bovendien
sleedoorn en kornoelje 70% van de toe te passen soorten vormen en de
blijft het landschap daarmee in zijn schaal, maat en rechtlijnigheid
overige 30% bestaan uit andere bloeiende, vruchtdragende inheemse
herkenbaar, maar het directe zicht naar de draagconstructies en
soorten, die het verdragen om eens per jaar geknipt te worden..
techniek van de zonnevelden wordt daarmee afgeschermd. Aanvullende voorzieningen zoals omvormers worden ook waar mogelijk tot deze
De dichte hoog opgaande hakhoutwal aan perceelsranden die langs
hoogte van de zonne-opstellingen beperkt en eventueel onder de
wegen liggen, worden als volgt aangeplant. Een aanplant, 3 rijen dik,
panelen, uit het zicht gemonteerd.
onderlinge afstand tussen de rijen 1 meter en in de rij drie per strekkende meter in driehoeksverband (dus een dichte, moeilijk doordringbare wal). De basis voor de hakhoutwal vormt de Limburgse haag waarbij 10% wordt vervangen door boomvormers. Bomen die hier geschikt zijn voor een hakhoutwal zijn eiken en essen, waarbij jaarlijks 20% wordt gedund.
Detail oost-west opstelling voor Veld Oost
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
34
4.4.
Effecten op dorpsranden en woonlocaties
Het plangebied wordt aan de zuidzijde door bospercelen en een
-
De bedrijfslocatie met woning aan de Heerdstraat 73 keert zich
beukenlaan en aan de noordzijde door een eikenlaan ingesloten en
met de westelijke zijgevel van de woning in de richting van het
omgeven. Aan de oostzijde is een relatief open zichtrelatie tussen de
plangebied en is op eigen terrein aan de plangebiedszijde deels
kernrand van Montfort en het plangebied, dat op meer dan ca. 1,5
open (zicht parallel aan de weg) en deels afgeschermd (door
kilometer afstand van de kernrand is gelegen. Bij dergelijke afstanden
een bedrijfsgebouw naast de woning). De kortste afstand van
zal er geen zicht zijn op het zonnepark, zeker niet wanneer dit aan de
deze woning tot het plangebied is ca. 450 meter. Dit leidt ertoe
rand voorzien wordt van de voorgestelde aanplant. De andere zijden
dat, bij opvolging van voornoemde vuistregel waarbij de meest
rond het park bestaan op korte of ruimere afstand uit bossen, zonder
oostelijke rand met lage ruwe Limburgse kniphagen worden
tussenliggend dorpen of woongebieden.
beplant, er geen direct zicht zal zijn naar de zonnepanelen.
De meest nabijgelegen bebouwde erven binnen dit bereik zijn de
Overige woonobjecten zijn op grotere afstand gelegen met tussenliggend
volgende:
meerdere bossen of andere opgaande beplantingen. Dit is een zeer gunstig aspect; een unieke kans om een 10 hectare groot zonnepark te
-
De bedrijfslocatie met woning aan de Heerdstraat 69
ontwikkelen zonder enig effect op omwonenden.
keert zich af van het plangebied en is op eigen terrein aan de plangebiedszijde omgeven door opgaand groen. Bovendien ligt tussen de planlocatie en Heerdstraat 69 een bestaand bosperceel. De kortste afstand van deze woning tot het plangebied is ca. 650 meter. Aanvullende inpassingsmaatregelen zijn daarom niet nodig; desondanks wordt aan die zijde een ruwe Limburgse kniphaag van 1,5 tot 2 meter hoogte voorzien.
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
35
4.5.
Schuilgelegenheid met informatieborden als educatief rustpunt
Als aangegeven wordt door de Energiecoöperatie Groensebos een
aspecten van deze locatie tot een educatief level gebracht voor jong en
schuilgelegenheid geïntegreerd in het zonnepark. In een strook langs de
oud. Recreanten krijgen de kans om met het uitzicht op de zonneweide
Heerdsestraat, aan het snijpunt van de bestaande recreatieve routes,
informatie op te doen. Afhankelijk van de hoeveelheid informatie welke
een educatief rustpunt gerealiseerd.
ter beschikking gesteld moet worden, kunnen er ook informatieborden langs de randen van de zuidzijde van de zonneweide geplaatst worden.
De integratie van een schuilgelegenheid aan de zuidzijde van het meest
Dit kan de ervaring positief beïnvloeden. Voor scholen of andere
oostelijk gelegen perceel, zal de connectie tussen verduurzaming en
groepsverbanden kunnen hier informatiebijeenkomsten verzorgd worden
maatschappelijk draagvlak verder versterken. Energiepark Groensebos
waar duurzaamheid en natuur centraal staan.
zal met haar verschillende opstellingen en pilot locatie voor teelt onder glas-glas panelen, een locatie zijn waar verschillende aspecten van duurzaamheid en innovaties hun weg vinden naar praktische toepassingen. Zowel de zonneweide als de pilot opstelling zullen vanuit de schuilgelegenheid zichtbaar zijn door het gebruik van een zo laag mogelijk afschermend hek met een minimale verzekerbare hoogte. De schuilgelegenheid zal vorm krijgen als een 8 meter lange stenen muur bestaande uit schanskorven gevuld met maaskeien. Deze muur zal wat doorkijkjes bevatten om alzijdig zicht op de omgeving te behouden.Er wordt een overkapping van 8 x 4 meter voorzien zodat de informatieborden over de projectlocatie en de toegepaste oplossingen tot verduurzaming of verhogen van ecologische waarden beschut kunnen worden geraadpleegd. De schuilgelegenheid meet 8 x 4 meter. De hoogte bedraagt 3 meter. Met informatieborden worden verschillende
Referentiebeeld van een ‘hufterproof’ schuilgelegenheid.
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
36
Er zal informatie in te winnen zijn over de opwek van zonne-energie
Energiepark Groensebos, de teelt pilot en de bijbehorende faciliteiten
alsmede de essentie van natuurinclusiviteit voor behoud van het
sluiten zo aan bij het versterken van de positie van Echt-Susteren
landschap, een gezonde leefomgeving en een stabiel milieu. Naast
als zowel duurzame als cittaslow gemeente door een zonneweide te
de oost-west opstelling aan de noordelijke zijde van het perceel waar
ontwikkelen welke rekening houdt met het milieu en landschap, de
vanuit de schuilgelegenheid zicht op zal zijn. Biedt de teelt van fruit of
leefomgeving van mens en ecologie bevorderd, een gastvrije uitstraling
andere gewassen onder glas-glas panelen een ander perspectief op
heeft en geïntegreerd is met zowel de infrastructuur als zijnde het
de toepassing van de opwek van duurzame energie door middel van
stroomnet alsmede de recreatiestromen rondom de locatie.
multifunctioneel grondgebruik. De nabijgelegen wandel en fietsroutes creëren de mogelijkheid tot toestroom van recreanten naar deze locatie. Middels bewijzering langs deze routes kunnen recreanten gewezen worden op het energiepark. Door het faciliteren van zowel recreanten als het bieden van de mogelijkheid voor scholen of educatieve instellingen om op locatie inzicht te krijgen in hoe duurzaamheid in de praktijk vormgegeven wordt, pogen de coöperaties een verhoogde bewustwording te creëren van duurzaamheid bij verschillende generaties.
Impressiebeeld van de beoogde schuilgelegenheid.
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
37
4.6.
Ecologische ontwerpprincipes landschappelijke inpassing
De toe te passen gebiedseigen landschapselementen zullen qua
De meeste overgebleven kruidenrijke graslanden liggen in overhoekjes
beplantingssamenstelling divers zijn (sterke soortenmenging) en bestaan
van het agrarische gebied of komen voor in natuurgebieden. Daar kan
uit inheemse, gebiedseigen soorten. Er zal een sterke bijmenging
kruidenrijk grasland een tijdelijk fase zijn als de benodigde abiotische
worden toegepast van waardplanten, zoals vrucht- en nootdragers,
omstandigheden voor schraallanden niet of nog niet gerealiseerd kunnen
bloeiende heesters en Kruiden- en faunarijk grasland. Hiermee wordt
worden. Kortom: een optimale ecologische invulling die als vanzelf bij
de landelijk sterke teruggang van vlinderachtigen, bijen en vele andere
extensief beheer zal leiden tot bodemverschraling en regeneratie van
insecten gecompenseerd. Dit kan optimaal invulling krijgen door aan
bodemleven.
te sluiten bij natuurbeheerpakketten, in dit geval ‘Kruiden- en faunarijk grasland’ behorende bij de drogere standplaatsen. Kruiden- en faunarijk
Kruiden- en faunarijk grasland wordt bij een goede kwaliteit gekenmerkt
grasland omvat graslanden die kruidenrijk zijn, maar niet tot de
door variatie in structuur (ruigte en plaatselijk struweel, hogere en lage
schraallanden vochtig hooiland, zilt grasland en overstromingsgrasland
vegetatie) en een kruidenrijke graslandbegroeiing die rijk is aan kleine
of glanshaverhooiland behoren.
fauna. Gradiënten binnen (grond)waterpeil en voedselrijkdom zorgen voor diverse vegetatietypen. Het betreft grasland, de grasachtigen
Het beheertype Kruiden- en faunarijk grasland kan voorkomen op diverse
(monocotylen) zijn dominant, maar kruiden (dicotylen) en mossen
bodems van vochtig tot droog en heeft doorgaans een (matig) voedselrijk
hebben een oppervlakteaandeel van tenminste 20%. Er wordt geen
karakter. Het is daarom ook prima toepasbaar op de bestaande akkers,
bemesting toegepast. Het gebiedseigen reliëf wordt behouden en
in combinatie met verschralingsbeheer. Kruiden- en faunarijk grasland
zal zorgdragen voor diversiteit in beplanting, vanwege de natuurlijke
komt in vrijwel alle landschapstypen voor. Toch is het areaal de laatste
diversiteit in meer natte en droge overgangen.
veertig jaar enorm afgenomen door de gangbare landbouwpraktijk: sterke bemesting gecombineerd met periodiek doodspuiten van de grasmat en opnieuw inzaaien met hoog productieve grasvariëteiten.
Limburgse haag als ‘groene plint’ P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
38
4.7.
Creëren van een verzorgd totaalbeeld
Een meerwaarde van het plangebied is de grote omvang van de locatie
Door de verschillende behandeling van de randen van het plangebied,
(ecologische spot van betekenis) direct naast natuurgebieden binnen
zoals hiervoor toegelicht, wordt reeds een robuuste, sobere maar
het NNN. De overgang naar droge Kruiden- en faunarijk grasland langs
doeltreffende en samenhangende inrichting gerealiseerd, die als
en zuidelijk van de Heerdstraat is dus niet alleen een verruiming van
vanzelfsprekend aansluit bij de landschappelijke karakteristieken
natuurlijk areaal, maar ook een verbreding in soorten en typologie.
ter plaatse. In aanvulling daarop, wordt binnen het plangebied een
Door alzijdige aanplant van perceelsrandbeplanting in de vorm van
eenduidige, parallelle oostwest en een zuidopstelling gerealiseerd.
hakhoutwallen en gemengde Limburgse hagen (3 rijen dik, aan te
Aanvullende voorzieningen worden allen op de minst zichtbare plaats in
planten in 3-jarig plantmateriaal) is er vanaf het begin reeds een goed
het projectgebied, waardoor ze niet of nauwelijks zichtbaar zijn. Door de
groen kader voor het park, dat in de tijd nog zal groeien door extensief
plaatsing, de zichtafstanden en bescheiden maat en vormgeving, vallen
beheer. Overgangen van Kruiden- en faunarijk grasland naar zoom,
deze weg tegen het decor van de landschapsinrichting.
mantel en bosvegetatie bij de Heerdstraat zal als vanzelf ontstaan. De grote omvang van het gebied (10 ha) maakt het mogelijk om robuuste
Beheersmaatregelen: Kruidenrijk en bloemrijk grasland
en brede randen te realiseren en behouden en toch tot een efficiënte en
Het mengsel voor kruidenrijk en bloemrijk grasland wordt onder alle
ruimte-effectieve opstelling van panelen te komen. De feitelijke afstand
panelenvelden ingezaaid. Het grasland dient extensief begraasd te worden
tussen de zonneparkopstelling en de weg is relatief groot en de invulling
door schapen, danwel 2 maal per jaar sinusmaaien, waarbij 25% van het
van het tussenliggende gebied met diverse en dichte aanplant en behoud
grasland blijft staan. Gemaaid wordt met de cyclomaaier of de messenbalk
van de wortelzones voor de laanbomen, maakt dat er geen storende
ter bevordering van het natuurlijk uitzaaien, er mag niet worden gemaaid
zichten ontstaan of afbreuk aan de beleving van de landschappelijke
met een klepelmaaier. Maaisel enkele dagen laten liggen ter bevordering
karakteristiek.
van zaad verspreiding. Vervolgens afharken en afvoeren. Maaien gebeurt in juni en september.
Tot slot wordt toe te passen hekwerk rond de velden faunavriendelijk uitgevoerd, dus passeerbaar voor klein wild.
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
39
Beheersmaatregelen: Ruige bermzone
Beheersmaatregelen: ruwe Limburgse kniphaag
Het mengsel voor een ruige bermzone wordt in een 4 meter brede strook
De ruwe Limburgse kniphagen binnen het plangebied zullen eens per
rond om alle panelenvelden ca. 1 tot 2 cm diep ingezaaid. De strook
jaar worden geknipt of gedund waar deze te hoog of te breed wordt.
dient één keer per jaar worden gemaaid (met cyclomaaier of messenbalk
Tijdens de eerste 5 jaar wordt eens per jaar een inboetronde gedaan
ter bevordering van het natuurlijk uitzaaien). Er mag niet worden
waar eventueel afgestorven beplanting wordt vervangen. De haag mag
gemaaid met een klepelmaaier. Sinusbeheer wordt toegepast tijdens
uitgroeien tot ca. 2 meter en wordt ieder jaar in september geknipt op
het jaarlijks maaien in september. De aanbevolen maaihoogte is 10 cm.
1,5 meter hoogte. Op deze wijze is er doorlopend een gesloten haag
Maaisel enkele dagen laten liggen ter bevordering van zaad verspreiding.
aanwezig en kan de breedte en hoogte worden aangehouden die in het
Vervolgens afharken en afvoeren.
eindbeeld gewenst worden. Door dit beheer zal de takkenstructuur zich geleidelijk verdichten.
Beheersmaatregelen: Struweelzone De struweel zone vormt in de zomer een gesloten strook van beplanting.
Beheersmaatregelen: Hakhoutwal
In de winter is deze door zijn bladverliezende soorten semitransparant.
De hakhoutwallen binnen het plangebied mogen uitgroeien tot 3 meter
Tijdens de eerste 5 jaar wordt eens per jaar een inboetronde gedaan
hoog en 3 meter breed. Tijdens de eerste 5 jaar wordt eens per jaar
waar eventueel afgestorven beplanting wordt vervangen. Naar 5 jaar
een inboetronde gedaan waar eventueel afgestorven beplanting wordt
wordt de struweelzone jaarlijks uitgedund (maximaal 20% per keer) en
vervangen. Naar 5 jaar wordt de struweelzone jaarlijks uitgedund
dus één keer per 5 jaar worden afgezet. Het afzetten van het element en
(maximaal 20% per keer) en dus één keer per 5 jaar worden afgezet.
eventuele dunningswerkzaamheden worden verricht in de periode tussen
Het afzetten van het element en eventuele dunningswerkzaamheden
oktober en maart. Afzetten betekent dat de struiken en na verloop van
worden verricht in de periode tussen oktober en maart. Afzetten betekent
jaren de stobben tot 10 à 20 cm boven de grond worden afgezaagd. Om
dat de struiken en na verloop van jaren de stobben tot 10 à 20 cm boven
de variatie in leeftijd te waarborgen dient ieder jaar, 1/5 gedeelte van de
de grond worden afgezaagd. Om de variatie in leeftijd te waarborgen
zone te worden afgezet, evenwichtig verdeeld over de zone, zodat deze
dient ieder jaar, 1/5 gedeelte van de wal te worden afgezet, evenwichtig
een gesloten beeld behoudt en er altijd een menging is van 1, 2, 3, 4 en
verdeeld over de wal, zodat deze een gesloten beeld behoudt en er altijd
5-jarig hout.
een menging is van 1, 2, 3, 4 en 5-jarig hout.
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
40
4.8.
Ademruimte voor de bodem
4.9.
Maatregelen fauna
Het gebruik van het gebied als zonnepark zorgt voor langjarige lage
Bloemrijke graslanden trekken veel algemene soorten aan zoals insecten
bodemdynamiek, omdat bodembewerking niet meer plaatsvindt. Dit
(vlinders, bijen, hommels, zweefvliegen, sprinkhanen en kevers), die
zorgt voor herstel van het bodemleven en het opnieuw ontstaan van een
op hun beurt weer insectenetende vogels aantrekken. Insectenrijke
gezond en evenwichtig bodemsysteem. De versnelde waterafvoer en
graslanden langs struweelranden of bomenrijen zijn jachtplekken voor
bodemafdekking door folies wordt per direct stopgezet. De voldoende
vleermuizen. Bloemrijke graslanden vormen het leefgebied van diverse
ruime opstelling van glas-glas panelen, met per paneel aan de onderzijde
zoogdieren, zoals (spits)muizen, konijn, haas en egel. Daarnaast zullen
een druiprand waar hemelwater kan infiltreren, rijke begroeiing,
er in het plangebied enkele inrichtingsmaatregelen getroffen worden die
beëindiging van bemesting zal leiden tot ecologisch bodemherstel.
voor specifieke soorten een meerwaarde vormen:
Licht en water bereiken de bodem weer. Verschralingsbeheer (extensief maaien of extensieve schapenbegrazing) versneld dit proces. Het plan
-
Uilen: realisatie foerageergebied door extensief maaibeheer,
draagt bij aan de grondwaterbescherming (meststoffen, eutrofiëring e.d.)
kruidenzomen, planten met bessen/noten/vruchten in de hagen
door het uit de agrarische productie nemen van deze intensief gebruikte
en de struweelzone en op hekken aan de binnenzijde van de
akkers. De vervolgens steeds afnemende inzijging van meststoffen
hagen paaltjes (zitplaatsen) niet dicht langs de weg (donkerte
(fosfaat en stikstof) en bestrijdingsmiddelen leidt tot het herstel van
en rust).
een meer natuurlijk en evenwichtig bodemleven. Het beoogde kruiden
-
Bijen en zweefvliegen: insectenhotel in de struweelzone,
en faunarijke droge grasland zal vanaf het begin hier goed gedijen en
foerageergebied door toepassing stuifmeel- en nectarbloemen,
geleidelijk de verschraling en het bodemherstel ondersteunen.
extensief en gefaseerd maaibeheer.
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
41
4.10.
Tot slot
Het landschapsplan gaat uit van het behouden en versterken van het waardevolle landschap. Het bestaande landschap is hierin te beschouwen als een casco waarin het zonnepark als een nieuwe, tijdelijke landgebruiksfunctie kan worden geïntegreerd. Dit past in de dynamiek van voortdurend wisselende teelten op de velden. Wanneer het zonnepark na verloop van tijd verdwijnt, blijft het landschappelijke casco in een verbeterde vorm voortbestaan. Een nieuwe passende landgebruiksvorm kan worden ingepast zonder dat de landschapsstructuur hierdoor verloren gaat. Ondertussen is het bodemleven sterk verbeterd. De landschappelijke inpassing van het zonnepark heeft voornamelijk betrekking op de randen van het plangebied. Zichten vanuit de omgeving worden daarbij subtiel en passend in het landschap ingepast. Het zonnepark is daardoor redelijk vanzelfsprekend in het landschap gevoegd en vormt geen vreemde, industriële dissonant. Door het inzaaien en inplanten van een variëteit aan soorten, wordt de huidige monocultuur in vegetatie vervangen door een meer divers, ecologisch robuust vegetatiepakket. Daarmee ontstaat een basis voor meer soortenrijkdom aansluitend op de natuurwaarden in de omgeving.
P204744 Landschapsplan Energiepark Groensebos te Sint Joost
42