CConstaterende datEcht-Susteren
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarrekening 2024 deel II

Commissie Algemene Zaken 18 juni 2025, gemeente Echt-SusterenBij agendapunt: Jaarrekening 202426.296 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Programmaverantwoording en programmarekening - deel II 2024

In Echt-Susteren vieren we het goede leven. We zijn met trots een Cittaslow gemeente. Meer informatie op www.echt-susteren.nl/cittaslow.

Programmaverantwoording en – rekening deel II

2024

Inhoud Deel II JAARREKENING 1. Balans per 31 december 2. Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening 2.1. Rechtmatigheidsverantwoording 3. Toelichting op de balans 4. Incidentele baten en lasten 4.1. Incidentele baten en lasten per programma met toelichting 4.2. Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves 4.3. Incidentele en structurele baten en lasten 5. Aanwending post onvoorzien 6. Overzicht kredieten en toelichting 7. Taakvelden per programma 8. Bijlage: SISA 9. Bijlage: Staat van langlopende schulden

3 9 12 15 55 57 67 69 71 75 83 92 106

Deel II - 1 -

Deel II - 2 -

1. Balans

Jaarrekening

2024 Deel II - 3 -

Deel II - 4 -

ACTIVA

Vaste activa Immateriële vaste activa Kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen en het saldo van (dis)agio Kosten van onderzoek en ontwikkeling van een bepaald actief Bijdragen aan activa in eigendom van derden Projecten algemeen Materiële vaste activa Gronden uitgegeven in erfpacht Investeringen met een economisch nut Investeringen met economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan: deelnemingen gemeenschappelijke regelingen overige verbonden partijen Leningen aan: openbare lichamen als bedoeld in art. 1, onderdeel a, van de Wet financiering decentrale overheden woningbouwcorporaties deelnemingen overige verbonden partijen Overige langlopende leningen u/g Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Uitzettingen in de vorm van Nederlands schuldpapier met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer

Ultimo 2024

2.205.368 652.063 1.482.328 70.977

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen Verstrekte kasgeldeningen aan openbare lichamen als bedoeld in artikel 1, onderdeel a van de Wet financiering decentrale overheden Overige verstrekte kasgeldleningen Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Rekening-courantverhoudingen met niet financiële instellingen Uitzettingen in de vorm van Nederlands schuldpapier met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige vorderingen Liquide middelen Kassaldi Bank- en girosaldi Overlopende activa De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragendie ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel, uitgesplitst naar de nog te ontvangen bedragen van: Europese overheidslichamen Het Rijk Overige Nederlandse overheidslichamen Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen

1.046.596 334.236 712.360

111.391.458

105.983.393

38.682.184

36.090.136

33.015.348 39.693.926

32.351.936 37.541.321 10.691.386

10.558.308

6.322.297

6.322.537

1.282.895 1.857.936

1.339.560 1.857.953

1.228.258

1.038.258

0

0

Totaal vaste activa Vlottende activa Voorraden Grond- en hulpstoffen Onderhanden werk, waaronder gronden in exploitatie Gereed product en handelsgoederen Vooruitbetalingen

Ultimo 2023

124.288.213

117.588.297

2.419.102

2.976.627

2.418.244 858

2.974.569 2.058

28.295.862

36.388.155

9.419.252

8.801.911

1.600.000 14.687.341

16.300.000 9.378.484

2.589.269

1.907.760 485.140

8.757 476.382

555.612 4.973 550.639

6.740.492

0 960.768 1.195.138 4.584.585

3.344.231

0 175.005 67.668 3.101.558

Totaal vlottende activa

37.940.596

43.264.624

Totaal generaal

162.228.809

160.852.921

Deel II - 5 -

Deel II - 6 -

PASSIVA

Vaste passiva Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserves Gerealiseerde resultaat

Voorzieningen Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's Voorzieningen ter strekking tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren Voorzieningen voor bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen, waarvoor een heffing wordt geheven Voorzieningen voor middelen van derden waarvan de bestemming gebonden is

Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Obligatieleningen Onderhandse leningen van: binnenlandse pensioenfondsen en verzekeringsinstellingen binnenlandse banken en overige financiële instellingen binnenlandse bedrijven openbare lichamen als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, van de Wet financiering decentrale overheden overige binnenlandse sectoren buitenlandse instellingen, fondsen, banken, bedrijven en overige sectoren Waarborgsommen Overige leningen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Verplichtingen uit hoofde van financial-lease overeenkomsten Totaal vaste passiva Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar Kasgeldleningen aangegaan bij openbare lichamen als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, van de Wet financiering decentrale overheden Overige kasgeldleningen Bank- en girosaldi Overige schulden Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen De van de Europesche en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren, bestaande uit: Europese overheidslichamen het Rijk overige Nederlandse overheidslichamen Overige vooruitontvangen bedragen die ten bate van het volgende

begrotingsjaar komen

Ultimo 2024

Ultimo 2023

72.103.189 6.815.428 61.914.739 3.373.022

71.015.657 6.817.178 61.851.386 2.347.093

14.121.780 5.105.246 5.683.382

8.473.421 3.819.818 1.665.143 0

3.333.152

2.988.460

52.575.695

52.575.695

58.169.961

58.169.961

138.800.664

137.659.039

8.997.218

10.531.660

1.600.000 0 7.397.218

4.500.000 0 6.031.660 14.430.927

12.662.222

5.024.450

7.115.732

0 7.350.606 1.495.743 560.128

0 5.436.465 110.025 0

Totaal vlottende passiva

23.428.145

23.193.882

Totaal generaal

162.228.809

160.852.921

0

0

Gewaarborgde geldleningen

Deel II - 7 -

Deel II - 8 -

2. Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening

Jaarrekening

2024 Deel II - 9 -

Deel II - 10 -

Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening 2024 Programmanaam

Begroot primitief inkomsten

Begroot primitief uitgaven

Begroot primitief saldo

Bevolking en Bestuur

939.083

8.394.477

-7.455.394

773.083

8.818.461

-8.045.378

997.422

10.112.239

-9.114.818

Openbare orde en veiligheid

91.744

3.353.132

-3.261.388

91.744

3.504.324

-3.412.580

172.435

3.610.171

-3.437.735

9.455.410

16.124.554

-6.669.144

10.127.252

17.838.888

-7.711.636

10.553.898

17.504.241

-6.950.343

Onderwijs

639.449

2.171.963

-1.532.514

909.308

2.839.116

-1.929.808

763.132

2.052.970

-1.289.837

Cultuur & Sport

504.761

4.657.674

-4.152.913

960.264

5.512.903

-4.552.639

978.292

5.190.554

-4.212.262

Sociaal Domein

26.699.444

44.309.787

-17.610.343

34.196.234

56.343.971

-22.147.737

33.949.253

53.257.139

-19.307.886

Ruimtelijke ordening en volkshuisvesting

127.909

1.180.694

-1.052.785

247.909

1.590.682

-1.342.773

289.111

1.525.006

-1.235.895

Omgevingsrecht

958.508

3.871.795

-2.913.287

2.274.663

5.261.685

-2.987.022

1.823.635

4.498.512

-2.674.876

5.577.389

5.802.184

-224.795

5.257.776

8.940.415

-3.682.639

4.322.149

8.391.540

-4.069.391

44.993.697

89.866.260

-44.872.563

54.838.233

110.650.445

-55.812.212

53.849.328

106.142.371

-52.293.043

Beheer buiten

498.974

-498.974

0

767.083

-767.083

0

624.287

-624.287

Bestuursondersteuning

15.342

-15.342

0

15.342

-15.342

0

17.935

-17.935

Beheer openbare ruimte

Economische Zaken en grondexploitaties Subtotaal programma's

Begroot inkomsten Begroot uitgaven Begroot saldo

Werkelijke inkomsten

Werkelijke uitgaven Werkelijk saldo

Overhead

Financiën

7.000

5.000

2.000

7.000

5.000

2.000

7.396

12.251

-4.856

Huisvesting

41.734

1.725.382

-1.683.648

9.600

1.767.243

-1.757.643

9.892

1.421.489

-1.411.597

Innovatie, ontwikkeling en control

282.649

-282.649

0

236.739

-236.739

0

229.813

-229.813

Kabinet

169.330

-169.330

0

149.895

-149.895

0

150.827

-150.827

58.991

5.469.928

-5.410.937

91.125

6.167.582

-6.076.457

227.272

6.393.239

-6.165.967

107.725

8.166.605

-8.058.880

107.725

9.108.884

-9.001.159

244.560

8.849.841

-8.605.282

47.557.986

10.417

47.547.569

53.100.526

132.657

52.967.869

53.432.545

268.277

53.164.267

286.200

0

286.200

187.680

0

187.680

180.740

0

180.740

8.736.881

509.207

8.227.674

8.781.881

493.078

8.288.803

8.787.526

417.307

8.370.219

Overige algemene dekkingsmiddelen

88.000

1.495.901

-1.407.901

82.157

59.448

22.709

82.157

99.769

-17.612

Saldo financieringsfunctie

59.562

162.938

-103.376

709.562

162.938

546.624

929.736

609.949

319.787

0

0

0

31.545

-31.545

0

31.545

-31.545

56.728.629

2.178.463

54.550.166

62.861.806

879.666

61.982.140

63.412.704

1.426.848

61.985.856

Personeel Subtotaal overhead Algemene dekkingsmiddelen Algemene uitkeringen Dividend Lokale heffingen

Vennootschapsbelasting Subtotaal algemene dekkingsmiddelen Onvoorzien Onvoorziene lasten

0

103.500

-103.500

0

42.000

-42.000

0

Subtotaal onvoorzien

0

103.500

-103.500

0

42.000

-42.000

0

101.830.051

100.314.828

1.515.223

117.807.764

120.680.995

-2.873.231

14.000

16.000

-2.000

14.000

16.000

-2.000

14.000

16.000

-2.000

0

0

0

18.925

681.036

-662.111

139.165

574.719

-435.554

Gerealiseerde totaal van saldo baten en lasten

117.506.591

116.419.060

1.087.531

Mutaties reserves Bevolking en Bestuur Beheer openbare ruimte Onderwijs

0

0

0

60.423

200.000

-139.577

174.945

300.955

-126.010

Cultuur & Sport

25.000

0

25.000

25.000

500.000

-475.000

25.000

500.000

-475.000

Sociaal Domein

10.500

151.901

-141.401

548.249

551.344

-3.095

613.154

551.344

61.810

0

0

0

25.000

15.375

9.625

19.313

15.375

3.938

80.000

0

80.000

341.000

0

341.000

90.170

0

90.170

181.333

714.510

-533.177

1.227.818

2.452.754

-1.224.936

1.468.194

2.171.617

-703.424

1.626.304

154.436

1.471.868

13.780.338

8.251.013

5.529.325

13.416.052

9.044.492

4.371.560 -500.000

Ruimtelijke ordening en volkshuisvesting Omgevingsrecht Economische Zaken en grondexploitaties Algemene dekkingsmiddelen Overhead

0

0

0

0

500.000

-500.000

0

500.000

Resultaat

0

2.415.513

-2.415.513

0

0

0

0

0

0

1.937.137

3.452.360

-1.515.223

16.040.753

13.167.522

2.873.231

15.959.994

13.674.502

2.285.491

0

2.415.513

-2.415.513

0

0

0

0

0

0

103.767.188

103.767.188

0

133.848.517

133.848.517

0

133.466.585

130.093.563

3.373.022

Subtotaal mutaties reserves Gerealiseerd resultaat Totaal

Deel II - 11 -

2.1 Rechtmatigheidsverantwoording

Jaarrekening

2024 Deel II - 12 -

Deel II - 13 -

VIC document nog toevoegen

Deel II - 14 -

3. Toelichting op de balans

Jaarrekening

2024 Deel II - 15 -

Deel II - 16 -

Toelichting op de balans Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) daarvoor geeft. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en lasten zijn slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden vóór het einde van het begrotingsjaar, zijn in acht genomen indien zij vóór het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Dividenden moeten worden verantwoord in het jaar waarin het besluit tot toekenning van het dividend door de algemene vergadering van aandeelhouders is genomen. Met betrekking tot de eigen bijdragen die het CAK int en aan de gemeenten afdraagt geldt op basis van de Kadernota rechtmatigheid 2018 van de commissie BBV het volgende. Gemeenten kunnen op basis van de overzichten van het CAK wel de aantallen personen, soort en omvang van de zorgverlening beoordelen met de eigen WMO-administratie.

Probleempunt is dat door het ontbreken van inkomensgegevens op deze overzichten de informatie over de eigen bijdrage ontoereikend is om als gemeente de juistheid op persoonsniveau en volledigheid van de eigen bijdragen als geheel te kunnen vaststellen. Door de systematiek te kiezen van het vaststellen van de eigen bijdragen door het CAK, heeft de wetgever in feite bepaald, dat de verantwoordelijkheid voor de juistheid en volledigheid van de eigen bijdragen geen gemeentelijke verantwoordelijkheid is. Dat betekent dat door de gemeenten geen zekerheden over omvang en hoogte van de eigen bijdragen kunnen worden verkregen als gevolg van het niet kunnen vaststellen van de juistheid op persoonsniveau, zoals hiervoor is toegelicht. De gemeente zal deze onzekerheid in de jaarstukken moeten noemen, ook al ligt de oorzaak niet bij de gemeente. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Er is sprake van een formeel verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende aan arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten, vier jaar. Medewerkers kunnen op basis van de cao gemeenten onder andere vanaf 1 januari 2022 bovenwettelijke verlofuren sparen.

Met dit verlofsparen kunnen medewerkers passend bij hun levensfase hun bovenwettelijke verlofuren inzetten op een manier die aansluit bij hun persoonlijke levens-en carrièreplanning en het gemeentelijke vitaliteitsbeleid. De uren die zijn gespaard onder het verlofsparen verjaren niet. Conform de door de commissie BBV gepubliceerde “Nadere toelichting commissie BBV” moeten gemeenten een voorziening vormen voor alle categorieën bovenwettelijke verlofuren die in artikel 6.5 van de cao gemeenten zijn benoemd. Diverse persoonlijke lasten blijven echter ook in 2024 toegerekend aan de periode waarin de uitbetaling plaatsvindt. Daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals de ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden en de overlopende vakantiegeldaanspraken.

Deel II - 17 -

Balans Vaste activa Immateriële vaste activa  De immateriële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- c.q. vervaardigingsprijs verminderd met de afschrijvingen en waardeverminderingen die naar verwachting duurzaam zijn.  De kosten van onderzoek en ontwikkeling worden in maximaal 5 jaar lineair afgeschreven.  Afsluitkosten van opgenomen geldleningen worden afgeschreven in de looptijd van de betrokken geldlening. Materiële vaste activa  Algemeen Artikel 59 BBV beschrijft het onderscheid tussen investeringen met uitsluitend maatschappelijk nut in de openbare ruimte en investeringen met een (beperkt) economisch nut. Investeringen die op enigerlei wijze kunnen leiden tot of bijdragen aan het verwerven van inkomsten zijn investeringen met economisch nut. De vraag of de investering geheel kan worden terugverdiend is niet relevant voor de classificatie. De materiële vaste activa worden gewaardeerd op basis van de verkrijgings- of vervaardigingsprijs verminderd met de afschrijvingen en waardeverminderingen die naar verwachting duurzaam zijn. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten, welke rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend.

In de vervaardigingsprijs kunnen voorts worden opgenomen een redelijk deel van de indirecte kosten en de rente over het tijdvak dat aan de vervaardiging van het actief kan worden toegerekend; in dat geval vermeldt de toelichting dat deze rente is geactiveerd.  Investeringen met economisch nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Slijtende investeringen worden vanaf het moment van ingebruikneming lineair afgeschreven. In de verwachte gebruiksduur, hierbij wordt geen rekening gehouden met een eventuele restwaarde. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven.  Warme gronden Conform de notitie “Grondbeleid in begroting en jaarstukken (2023)” worden de gronden die zijn verworven met het oog op gebiedsontwikkeling, maar waarvoor nog geen operationele grondexploitatie is vastgesteld, opgenomen onder de materiele vaste activa tegen verkrijgingsprijs (artikel 52, lid 1, onderdeel a BBV). Dergelijke gronden worden in de regel aangeduid als “warme gronden”. Het hieraan toerekenen (activeren) van andere kosten is daarbij niet toegestaan.

Gronden die zijn verworven met het oog op concrete ontwikkeling door de gemeente, maar waarvoor nog geen operationele grondexploitatie is vastgesteld, mogen, voor wat betreft de toepassing van artikel 65, lid 1 BBV, worden gewaardeerd tegen de waarde volgens de toekomstige bestemming, mits op basis van de notitie “Grondbeleid in begroting en jaarstukken (2023)” en de “toepassing van de voorwaarden warme gronden” wordt voldaan aan de daarin genoemde voorwaarden. Over gronden vindt geen afschrijving plaats.  Investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven. Wanneer investeringen grotendeels of meer worden gedaan voor riolering, het inzamelen van huishoudelijk afval of andere alsook voor rechten die op grond van art. 229 lid 1 a en b Gemeentewet worden geheven, dan worden deze investeringen op de balans opgenomen in een aparte categorie: de investeringen met economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven. Deze activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs.

Deel II - 18 -

Investeringen in de openbare ruimte met uitsluitend maatschappelijk nut. Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut moeten worden geactiveerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Het gaat hierbij onder meer om zaken als wegen, straten, fietspaden, voetpaden, bruggen, viaducten, tunnels, verkeerslichtinstallaties, straatmeubilair, reconstructie openbare ruimte, parken en overig groen. In de nota “Afschrijvingsbeleid” is ten aanzien van deze investeringen bepaald dat hierop de bijdrage van derden en eigen gereserveerde middelen in mindering worden gebracht. Over het resterende bedrag wordt lineair afgeschreven conform de afgesproken termijnen, zoals ze zijn opgenomen in de nota “Afschrijvingsbeleid”.

Financiële vaste activa  Kapitaalverstrekkingen aan gemeenschappelijke regelingen en leningen u/g zijn opgenomen tegen nominale waarde. De voorziening in verband met risico en garantie nutsbedrijven is in mindering gebracht bij kapitaalverstrekking aan deelnemingen bij het item financiële vaste activa, dit in verband met balanspresentatie.  De obligatieportefeuille wordt gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs of lagere marktwaarde.  Participaties in het aandelenkapitaal van NV’s en BV’s (“kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen” in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Indien de marktwaarde van de aandelen onverhoopt structureel mocht dalen tot onder de verkrijgingsprijs zal afwaardering plaatsvinden. De actuele waarde ligt boven de verkrijgingsprijs.  Bijdragen aan activa van derden worden geactiveerd op het bedrag van de verstrekte bijdragen, verminderd met afschrijvingen. Vlottende activa Voorraden  De als onderhanden werken opgenomen bouwgronden in exploitatie zijn gewaardeerd tegen de vervaardigingsprijs, dan wel de lagere marktwaarde. De vervaardigingsprijs omvat de kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend (zoals grondaankopen en kosten van bouw- en woonrijp maken), alsmede een redelijk te achten aandeel in de rentekosten en de administratie- en beheerskosten.

Winsten uit de grondexploitaties worden genomen volgens de “Percentage of completion – methode” (POC-methode) zoals beschreven in de notitie “Grondbeleid in begroting en jaarstukken (2023)”. De voorziening verliezen grondexploitaties is gelijk aan het resultaat van de grondexploitatiebegroting op eindwaarde.  Gereed product is gewaardeerd tegen de kostprijs of tegen de marktwaarde indien de marktwaarde lager is dan de kostprijs. Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar  De uitzettingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde onder aftrek van een voorziening voor verwachte oninbaarheid. Een voorziening voor oninbaarheid wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen  De liquide middelen worden tegen nominale waarde opgenomen. Tenzij anders vermeld, staan de liquide middelen ter vrije beschikking van de gemeente. Overlopende activa  De overlopende activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Vaste passiva Eigen vermogen  Het eigen vermogen beslaat de reserves, bestaande uit de algemene reserve en de bestemmingsreserves, en het gerealiseerde resultaat over het begrotingsjaar. De algemene reserve betreft het bedrag aan reserve waaraan geen specifieke bestemming is gegeven door de gemeenteraad. De algemene reserve betreft de algemene buffer die een gemeente heeft om incidentele nadelen en risico’s te kunnen opvangen.

Een bestemmingsreserve is een reserve waaraan de gemeenteraad een bepaalde bestemming heeft gegeven. Een bestemmingsreserve wordt ingesteld op basis van een raadsbesluit. Deel II - 19 -

Voorzieningen  Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. De pensioenverplichting ten behoeve van de wethouders is gewaardeerd tegen contante waarde van de opgebouwde toekomstige uitkeringsverplichtingen.  De onderhoudsegalisatievoorziening “Onderhoud gemeentelijke gebouwen” is gebaseerd op een meerjarenraming van het uit te voeren groot onderhoud aan deze kapitaalgoederen.  De rioolvoorziening is verwerkt o.b.v. nominale waarde en met inachtneming van artikel 44, lid 2 BBV. Vanuit het GRP is er geen inzicht in de wijze waarop het riooltarief is opgebouwd en is een voorziening o.b.v. artikel 44, lid 1 BBV niet mogelijk. Vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer  Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rent typische looptijd van langer dan één jaar.

Netto-vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar  De netto-vlottende schulden met een rent typische looptijd van korter dan één jaar worden gewaardeerd tegen de nominale waarde Overlopende passiva  De overlopende passiva wordt gewaardeerd tegen de nominale waarde Borg- en Garantstellingen  Voor zover leningen door de gemeente gewaarborgd zijn, is buiten telling het totaalbedrag van de geborgde schuldrestanten per einde boekjaar opgenomen. Overigens is in de toelichting op de balans nadere informatie opgenomen.

Deel II - 20 -

Toelichting op de balans per 31 december

ACTIVA Vaste activa Als vergelijkende cijfers zijn de cijfers opgenomen per 31 december 2023, conform de eindbalans van de jaarrekening 2023 van de gemeente Echt-Susteren. Voor een overzicht van de beschikbaar gestelde kredieten en werkelijke bestedingen van de gedane investeringen in 2024 wordt verwezen naar de staat van restantkredieten. De immateriële vaste activa worden onderscheiden in:

Boekwaarde per 31-12-2024

Boekwaarde per 31-12-2023

Kosten onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief Bijdragen aan activa in eigendom van derden Projecten algemeen (uren)

652.063

334.236

1.482.328 70.977

712.360 0

Totaal

2.205.368

1.046.596

Het onderstaande overzicht geeft het verloop weer van de immateriële vaste activa gedurende het jaar 2024. Boekw. 31-12-23 Kosten onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief Bijdrage aan activa in eigendom van derden Projecten Algemeen Totaal

Balans correctie

Investeringen

334.236

317.827

712.360

802.622

Desinvesreringen

Afschrijvingen

1.191.426

Boekw. 31-12-24 652.063

32.654

70.977 1.046.596

Afwaarderingen

1.482.328

70.977 32.654

2.205.368

Kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief De raad geeft het college de ruimte om jaarlijks zonder voorafgaande tussenkomst van de raad tot een totaal bedrag van maximaal € 100.000 bestedingen te doen voor de voorbereiding van actieve en faciliterende grondexploitaties. Verwezen wordt naar de kadernota en begroting 2024. In de 1e bestuursrapportage 2024 is besloten om voor boekjaar 2024 aanvullend € 350.000 krediet bij te ramen. De totale investeringen 2024 bedroegen € 317.827 en hebben betrekking op onderzoek en ontwikkelingskosten met betrekking tot nog te openen actieve grondexploitaties Louersveld, Oud Roosteren, ontwikkeling Vonderen en Bleekwal. Bijdrage aan activa in eigendom van derden De raad heeft in de 1e bestuursrapportage 2022 ingestemd met de vraag naar het beoefenen van de padelsport te beantwoorden in de vorm van het bijdragen in de aanleg van padelbanen door derden ter hoogte van € 461.500. In de eerste wijziging van 2024 is eveneens een extra aanvraag goedgekeurd ter hoogte van € 350.000. Daarnaast heeft bij de 2e bestuursrapportage 2024 een brutering van het krediet plaatsgevonden ter hoogte van € 300.000. De investeringen in 2024 van

Deel II - 21 -

€ 802.622 hebben voornamelijk betrekking op de subsidievoorschotten aan de verenigingen en de begeleidings-en coördinatiekosten voor de aanleg van de padelbanen. De materiële vaste activa wordt onderscheiden in: Boekwaarde per 31-12-2024

Boekwaarde per 31-12-2023

Investeringen met een economisch nut Investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijke nut

38.682.184 33.015.348

36.090.136 32.351.936

39.693.926

37.541.321

Totaal

111.391.458

105.983.393

De investeringen met economisch nut kunnen als volgt worden onderverdeeld: Boekwaarde per 31-12-2024

Boekwaarde per 31-12-2023

per 31-12-2017

per 31-12-2017

Gronden en terreinen Woonruimten Gebouwen Grond-, weg- en waterbouwkundige werken Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa

3.424.250 0 31.096.174 996.720 70.187 81.618 3.013.235

1.906.912 0 30.407.792 1.038.093 75.586 84.783 2.576.970

Totaal

38.682.184

36.090.136

Deel II - 22 -

Het onderstaande overzicht geeft het verloop weer van de boekwaarde van de investeringen met economisch nut. Boekw. 31-122023

Gronden en terreinen Woonruimten Gebouwen Grond-, weg- en waterbouwkundige werken Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa Totaal

1.906.912

Balans correctie

Investeringen

-204.030

1.722.385

Desinvesteringen

Bijdragen derden

Afschrijvingen

1.017

Af wa arder inge n

Boekw. 31-122024

3.424.250

0

0

30.407.792

1.948.761

1.135.944

31.096.175

1.038.093

41.373

996.720

75.586

5.399

70.187

84.783

3.165

81.618

341.636

3.013.234

1.523.135

38.682.184

2.576.970

204.030

573.871

36.090.136

0

4.245.017

124.434

124.434

De balanscorrectie betreft een rubriceringswijziging van Gronden en terreinen naar Overige materiële vaste activa. Onder de materiële vaste activa, gronden en terreinen, zijn gronden opgenomen die bestemd zijn voor gemeentelijke gebiedsontwikkeling. De boekwaarde van deze gronden mbt de ontwikkeling van bedrijvenpark Vonderen bedroeg zowel per 31-12-2023 als 31-12-2024 € 102.123. In 2023 zijn gronden verworven m.b.t. woningbouwontwikkeling Louersveld waarbij in 2023 de inschatting is gemaakt dat € 293.014 wordt ingebracht in de te openen grondexploitatie (grex). In 2024 is de gemaakte inschatting aangepast naar € 301.270. In 2024 zijn aanvullend 2 percelen grond aangekocht voor deze ontwikkeling met een waarde van € 105.570. De boekwaarde van de gronden m.b.t. de ontwikkeling Louersveld per 31-12-2023 bedraagt € 301.270 en per 31-12-2024 € 406.840. In 2024 is vastgoed (gebouw en grond) aangekocht tbv de ontwikkeling Oud Roosteren, de grondwaarde bedraagt € 905.000. In 2024 is vastgoed (gebouw en grond) aangekocht tbv de ontwikkeling Bleekwal 4, 6 en 8, waarbij de grondwaarde € 185.000 is. De investeringen met economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven kunnen als volgt worden onderverdeeld:

Deel II - 23 -

Boekwaarde per 31-12-2024

Boekwaarde per 31-12-2023

Riool economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven Afval economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven Begraafplaats economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven

32.962.517

32.288.213

0

0

52.831

63.723

Totaal

33.015.348

32.351.936

Het onderstaande overzicht geeft het verloop weer van de boekwaarde van de investeringen met economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven: Boekw 31-12-2023

Riool economisch nut heffing Afval economisch nut heffing Begraafplaats economisch nut heffing

32.288.212

Totaal

32.351.936

Balanscorrectie

Investeringen

Desinvesteringen

1.425.602

4.000

Bijdragen derden

Afschrijvingen

Afwaar derin gen

747.297

Boekw 31-12-2024

32.962.517

0

0

63.724

1.425.602

4.000

10.893

52.831

758.190

33.015.348

Onder bijdragen van derden zijn opgenomen, die bijdragen die direct gerelateerd zijn aan de investering. Onder de afwaarderingen staan de afwaarderingen vermeld wegens duurzame waardeverminderingen. Het onderstaande overzicht geeft het verloop weer van de boekwaarde van de investeringen in de openbare ruimte met uitsluitend maatschappelijk nut: Boekw 31-12-2023

Grond-, weg- en waterbouwkundige werken

37.541.321

Overige materiële vaste activa Totaal

0 37.541.321

Balans correctie

Investeringen

Desinvesteringen

4.171.481

1.130.162

Bijdra gen der den

Afschrij vingen

888.714

Afwaarderin gen

Boekw 31-12-2024

39.693.926

0 4.171.481

1.130.162

888.714

39.693.926

Onder bijdragen van derden zijn bijdragen opgenomen , die direct gerelateerd zijn aan het betrokken actief. Onder de afwaarderingen staan de afwaarderingen vermeld wegens duurzame waardeverminderingen.

Deel II - 24 -

Het onderstaande overzicht geeft het verloop weer van de financiële vaste activa gedurende het jaar 2024: Boekw 31-12-2023

Investeringen

Desinvesteringen

Afschrijv./ Aflossing.

Afwaarderingen

Boekw 31-12-2024

Kapitaalverstrekkingen aan:  Deelnemingen  Voorziening deelneming  Gemeensch. regelingen  Overige verbonden partijen Leningen aan:

6.322.537 0 0 0

6.322.297 0 0 0

penb. Lich. als bedoeld in art.1a van de Wet financiering dec overheden  Woningbouwcorporaties

0

0

1.339.560

54.081

1.285.479

 Deelnemingen  Overige verbonden partijen Overige langlopende leningen Uitzetting in ‘s Rijks schatkist één jaar of langer

1.857.953 0 1.038.258

17

1.857.936 0 1.228.258

0

0

Overige uitzettingen met een looptijd > 1 jaar Bijdragen aan activa in eigendom van derden Totaal

0

0

0

0

10.558.308

200.000

200.000

10.000

64.098

10.693.970

De gemeente Echt-Susteren heeft per 31 december 2024 € 1.857.953 uitgezet als converteerbaar hybride lening bij Enexis. Dit bedrag is opgenomen onder de Financiële vaste activa – Deelnemingen. De overige langlopende leningen bestaan per 31 december 2024 uit een bedrag groot € 1.138.258 uitgezet bij het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting (SVn) ten behoeve van het verstrekken van startersleningen en een bedrag van € 90.000 inzake een verstrekte lening aan voetbalvereniging EVV. Vlottende activa De in de balans opgenomen voorraden worden uitgesplitst naar de volgende categorieën: Boekwaarde per 31-12-2024

Boekwaarde per 31-12-2023

Grond- en hulpstoffen Onderhanden werk, waaronder bouwgronden in exploitatie Gereed product en handelsgoederen Vooruitbetalingen

0 2.418.244 858 0

0 2.974.569 2.058 0

Totaal

2.419.102

2.976.627

Deel II - 25 -

Van de in exploitatie genomen bouwgronden kan het volgende overzicht worden gegeven: Boekw 31-122023

De Berk De Loop BPML Herstructurering locatie Burg. Willemeschool Nieuwstadt Bocage Livar Experience Centre Dakpannenlocatie Cuijpers Echt Uitbreiding bedrijventerrein De Berk III RvR Weijenpasweg Bedrijvenpark de Loop Echt Totaal

Investeringen

Opbrengsten

Winstuitname

Boekw. 31-12-2024

Voorziening verlieslatend complex

Boekw 31-12-2024

-168.172 596.305 170.696 -26.500

33.352 18.694 22.837 485

1.160 0 125.008 183

135.980 1.096 - 873 26.198

0 616.095 67.652 0

0 616.095 67.652 0

-10.807 22.723

231 17.814

66.800 0

49.473 0

-27.903 40.537

-41.695

-27.903 82.232

0

368

0

0

368

368

0

2.223.582

213.313

0

40

2.436.935

2.436.935

38.245

17.201

0

0

55.446

55.446

128.496

45.326

1.183.302

197.267

-812.213

-812.213

2.974.568

369.621

1.376.453

409.181

2.376.917

-41.327

2.418.244

Voorziening verliezen grondexploitaties Conform het BBV dient de voorziening verliezen grondexploitaties voldoende groot te zijn, om in de grondexploitatietekorten te voorzien. In 2023 stond grondexploitatie “Livar Experience Centre” te boek als een verlieslatende grondexploitatie, waarbij het geraamde verlies op eindwaarde zijnde € 41.695 in dat jaar is toegevoegd aan de voorziening verliezen grondexploitaties en in mindering is gebracht op de boekwaarde van het complex. Volgens de bijgestelde exploitatiebegroting 2024 is er sprake van een winstgevende grondexploitatie. Dit betekent in boekjaar 2024 een vrijval van de voorziening verliezen grondexploitaties van € 41.695, die conform de raadsbesluitvorming van december 2024 is teruggestort in de algemene reserve grondbedrijf. De boekwaarde van de verlieslatende grondexploitatie “Dakpannenlocatie Cuijpers Echt” is in 2024 toegenomen met € 368 en bedraagt € 53.652. Conform het BBV is de voorziening verliezen grondexploitaties navenant in mindering gebracht op onderhanden werk. Aan de passiefzijde van de balans wordt onder de voorzieningen het resterende gedeelte van de voorziening verliezen grondexploitaties, zijnde € 53.014 gepresenteerd.

Deel II - 26 -

Geraamde nog te maken kosten

Geraamde nog te realiseren opbr.

Geraamd eindresultaat

0 616.095 67.652

N.v.t. 25.335 8.052

N.v.t. 650.000 79.785

N.v.t. -8.570 -4.081

0

N.v.t.

N.v.t.

N.v.t.

-27.903 82.232 0

10.280 209.064 53.015

190.027 475.000 53.015

-207.650 -183.704 0

2.436.935

14.758.550

19.263.691

-2.068.206

55.446

65.518

207.180

-86.216

Bedrijvenpark de Loop Echt

-812.213

322.517

0

-489.696

Totaal

2.418.244

15.452.331

20.918.698

-3.048.123

Boekw. 31-12-2024 De Berk De Loop Businesspark Midden Limburg Herstructurering locatie Burg. Willemeschool Nieuwstadt Bocage Livar Experience Centre Dakpannenlocatie Cuijpers Echt Uitbreiding bedrijventerrein De Berk III RvR Weijenpasweg

De grondexploitatiecomplexen “de Berk” en “herstructurering locatie Burg. Willemeschool Nieuwstadt” zijn in 2024 afgesloten. Toelichting op de nog te maken kosten en opbrengsten: De Loop De te maken kosten (2025 en 2026) hebben betrekking op het beheer van de nog te verkopen kavel en interne en externe planontwikkelingskosten. De te realiseren opbrengst (2026) betreft de nog te verkopen bedrijfskavel. Businesspark Midden Limburg De te maken kosten (2025) hebben betrekking op afrondende kosten woonrijp maken. De te realiseren opbrengst (2025) betreft een bijdrage bovenwijkse voorzieningen. Bocage De te maken kosten (2025) hebben betrekking op planontwikkeling. De te realiseren opbrengsten (2025 tot en met 2028) betreft de bijdragen bovenwijkse voorzieningen. Livar Experience Centre De te maken kosten (2025) hebben betrekking op planontwikkeling en een door te betalen inpassingssubsidie. De te realiseren opbrengsten (2025) betreffen de grondverkoop en een te ontvangen kwaliteitsbijdrage.

Uitbreiding bedrijventerrein De Berk III De te maken kosten hebben betrekking op grondverwerving (2025 tot en met 2027), beheer terreinen (2025 tot en met 2029), planschade (2025 tot en met 2028), bouwrijp maken (2025 tot en met 2029), woonrijp maken (2025 tot en met 2028), interne en externe planontwikkelingskosten (2025 tot en met 2029), algemene verkoopkosten en acquisitie (2025 tot en met 2029) tevens is er voor de jaren 2025 tot en met 2029 rekening gehouden met een kostenpost onvoorzien. De te realiseren opbrengsten hebben betrekking op de verkoop van de bedrijfskavels (2025 tot en met 2029) de vergoeding inzake de bommenregeling (2025).. RvR Weijenpasweg De te maken kosten (2025 en 2026) hebben betrekking op een te betalen exploitatiebijdrage, interne en externe planontwikkelingskosten. De te realiseren opbrengst (2025) betreft de grondverkoop. Bedrijvenpark de Loop Echt De te maken kosten (2025) hebben betrekking op verbetering van de openbare ruimte en interne en externe planontwikkelingskosten. Deel II - 27 -

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar: Saldo 31-12-2024

9.419.252 0

Voorziening

313.875

Saldo 31-12-2023

Vorderingen op openbare lichamen Verstrekte kasgeld len. aan openb. Lich. als bedoeld in art.1a van de Wet financiering dec overheden Overige verstrekte kasgeldleningen Uitzettingen in Rijks schatkist rentetypische looptijd korter dan één jaar Rekeningcourantverhouding Overige vorderingen Debiteuren Soza

8.801.911 11.800.000

1.600.000 14.687.341

4.500.000 9.378.484

0 2.043.729 545.540

220.776 180.631

0 1.265.631 642.129

Totaal

28.295.862

715.282

35.746.026

De voorzieningen oninbare gemeentelijke belastingen en oninbare dubieuze debiteuren zijn conform het BBV in mindering gebracht op de vorderingen. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1) Drempelbedrag 778.254 Kwartaal Kwartaal Kwartaal Kwartaal 1 2 3 4 Kwartaalcijfer op dagbasis (2) buiten 's Rijks schatkist 294 743 807 347 aangehouden middelen Ruimte onder het drem(3a) = (1) > (2) 485 35 432 pelbedrag Overschrijding van het (3b) = (2) > (1) 29 drempelbedrag (1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar Begrotingstotaal verslag(4a) 103.767 jaar Het deel van het begro(4b) tingstotaal dat kleiner of 103.767 gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begro(4c) tingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat (1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met Drempelbedrag 778.254 een minimum van €250.000

Deel II - 28 -

(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal Kwartaal Kwartaal Kwartaal 1 2 3 4 Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aan(5a) gehouden middelen (ne26.716 67.656 74.271 31.893 gatieve bedragen tellen als nihil) (5b) Dagen in het kwartaal 91 91 92 92 Kwartaalcijfer op dagbasis (2) - (5a) / (5b) buiten 's Rijks schatkist 294 743 807 347 aangehouden middelen Toelichting De wet schatkistbankieren is op 15 december 2013 van kracht geworden. De wet verplicht alle decentrale overheden om hun overtollige (liquide) middelen aan te houden in de schatkist. Het woord ‘overtollig’ verwijst naar alle middelen die decentrale overheden niet onmiddellijk nodig hebben voor de publieke taak. Een decentrale overheid behoudt, op basis van de wet Fido, de mogelijkheid om leningen te verstrekken en uitzettingen te verrichten uit hoofde van de publieke taak. Deelname aan schatkistbankieren verandert daar niets aan. Voor Echt-Susteren heeft het schatkistbankieren weinig gevolgen, in die zin dat de gemeente geen renteverlies heeft door overtollige middelen bij de schatkist te parkeren. Door de gemeente zijn een drietal geldleningen aangetrokken van € 10 miljoen elk. Deze leningen hebben een negatieve rente.

De leningen zijn bedoeld als financieringsmiddel voor het meerjarig investeringsplan en het herfinancieren van de jaarlijkse aflossingen op de langlopende geldleningen. De overtollige middelen worden geparkeerd bij de schatkist tegen een rente die schommelt tussen 2% en 4%. Naar behoefte worden deze middelen aangewend om de uitgaven en investeringen van de gemeente te financieren. Hierdoor hoeven de eerste jaren geen kasgeldleningen meer te worden aangetrokken. De post liquide middelen kan als volgt onderscheiden worden: Boekwaarde 31-12-2024

Boekwaarde 31-12-2023

Kassaldi Banksaldi

8.757 476.382

4.973 550.639

Totaal

485.139

555.612

Overlopende activa De nog te ontvangen bedragen kunnen als volgt worden gespecifieerd:

Saldo 31-12-2024

Saldo 31-12-2023

Nog te ontvangen voorschotbedragen overheidslichamen Europese overheidslichamen het Rijk Overige Nederlandse overheidslichamen Vooruitbetaalde bedragen Overige nog te ontvangen bedragen

0 960.769 1.195.138 1.278.685 3.305.900

0 175.005 67.668 1.374.215 1.727.343

Totaal

6.740.492

3.344.231

Deel II - 29 -

In onderstaand overzicht wordt het verloop weergegeven van de overlopende activa: Saldo 31-12-2023

Europese overheidslichamen

Toevoegingen

Ontvangen bedragen

Saldo 31-12-2024

0

Het Rijk BCF 4e voorschot 2023 BTW suppletie 2022 Step in Control SPUK sport afrek.BTW 2023 SPUK 2023 afrek.normbedrag GOO SPUK 2023 afrek.normbedrag POO SPUK 2023 afrek. Leefgeld POO Subs. Jongerenwerk in het PO Segment 1 jeugd 2024 Subsidie 2022/2023 Jongeren Informatie Punt (JIP) Subsidieafrek Pilot VE Asielopvang 2022-2023 Subs. 2023 JB/JR SPUK H31 NEAS Conventus 03 2023 Afrekening rijk ink TOZO 2023 ZW WAZO UWV DEC-24 DIV Medewerkers SPUK B2 afr 2024 (MinFin) Uitgek verstrekk GOO&POO (leefgeld Oekr) Terugvordering SPUK GOO (normbedrag) Voorschot normbedrag POO Terug te vorderen loonheffing Saldo BTW

175.005 37.500 29.354 44.765 10.646 19.320 33.420 0 0 0

0 1.050.758

264.994 37.500 29.354 10.646 19.320 33.420 10.639 31.241

0 0 -10.639 469.332 -31.241

11.362

-11.362

81.512

469.332

0

960.769 0 0 44.765 0

0 0

4.579

-81.512 4.579

0 0

101.278 10.533

101.278 10.533

0 0

33.569 164.131

33.569 164.131

0

10.663

10.663

0 0 0

1.932 2.363 252.378

1.932 2.363 252.378

Overige Ned. Overheidslichamen SVB Afrek. 2023 Jeugd SVB Afrek. 2023 WMO MER afrekening 2023 MGR afrekening 2023 Gem. Roermond aug-dec 2023 RDW rijbewijs/spoed rijbewijs 2023 Subsidie opruiming drugsafval prov Limburg 2024 DVO Social Return 2024 var deel BsGW Afval 1pers huish HJ 2024 var deel BsGW Afval meerpers huish HJ 2024 var deel BsGW Reinigingsrecht Bedrijven 24 NTO Resultaat 2024 BsGW

67.668 2.500 7.900 3.077 14.226 39.207 758 0

1.195.138

60.000

1.195.138 0 0 3.077 0 0 0 60.000

0 0

50.735 176.657

50.735 176.657

0

820.028

820.028

0

7.434

7.434

0

80.284

80.284

Totaal

242.673

2.245.896

67.668 2.500 7.900 3.077 14.226 39.207 758

332.662

2.155.907

Deel II - 30 -

PASSIVA Eigen vermogen Het in de balans opgenomen eigen vermogen bestaat uit de volgende posten waarbij het onderstaande overzicht het verloop weergeeft gedurende het jaar 2024: Saldo

Toevoeging Onttrekking

31-12-2023

Bestemming Vermindering resultaat ter dekking vorig boek- van afschrijjaar ving.

Saldo 31-12-2024

Algemene reserve 6.817.178 52.288 2.401.131 Bestemmingsreserves 61.851.387 13.622.215 13.406.753 Gerealiseerd resultaat 2.347.093

2.347.093

6.815.428 152.110 61.914.739 3.373.022

Totaal

2.347.093

152.110 72.103.189

71.015.658 13.674.503 15.807.884

Onder “bestemming resultaat” staan de toevoegingen of onttrekkingen vermeld uit hoofde van de bestemming van het resultaat van het voorgaand boekjaar. Afschrijvingen op activa die gedekt worden uit een reserve, worden allen gedekt uit de reserve afschrijvingslasten investeringen. In onderstaand overzicht worden de bestemmingsreserves en hun verloop gespecificeerd: Nr.

Omschrijving

Saldo Toevoeging Onttrekking Saldo 31-12-2023 31-12-2024

Reserve met algemeen karakter 1 Algemene Reserve

6.817.178

2.399.381

2.401.131

6.815.428

9.783.187

1.981.397

6.104.624

5.659.960

16.600.365

4.380.778

8.505.755 12.475.388

16.842

16.000

14.000

18.842

2.500.000

0

191.692

2.308.308

22.994

501.344

386.494

137.844

2.000.000

0

0

2.000.000

226 Reserve SC MER OD

1.500.001

0

90.170

1.409.830

230 Reserve SC MER-SD

464.038

0

10.732

453.306

231 Reserve SC MER Bedrijfsvoering

792.750

0

126.715

666.035

7.296.625

517.344

819.803

6.994.165

208.039

0

8.039

200.000

25.000

0

11.275

13.726

233.039

0

19.314

213.726

181

Reserve Vermindering kapitaallasten Egalisatiereserves

21 Reserve verkiezingen Reserve Wet Maatschappelijke 101 Ondersteuning 206 Reserve Jeugdhulp 219

Reserve ink. voorz., re-integratie, soc. werkvoorz.

Vrije Reserves 7

Reserve stedebouwkundige adviezen

132 Reserve Regionale Woonvisie

Deel II - 31 -

Geblokkeerde Reserves 15

Reserve investeringssubsidies welzijn

118.987

0

12.021

106.966

17 Reserve welzijn en cultuur

231.872

0

25.000

206.872

39 Reserve BTW-compensatiefonds

201.000

0

49.800

151.200

40 Algemene reserve Grondbedrijf

7.168.807

604.165

226.619

7.546.353

73 Reserve parkeerplaatsen

22.000

137.500

0

159.500

95 Reserve Regiofonds

150.627

0

32.000

118.627

106 Reserve algemeen jeugdbeleid

351.590

50.000

12.215

389.375

162.096

0

24.499

137.597

1.000.000

0

807.034

192.966

73.990

300.955

174.945

200.000

13.337.184

351.920

1.149.897

15.375

0

1.165.272

109

Reserve uitvoering recreatief toeristisch beleid

117 Reserve Personeel & Bestuur 144 Reserve OAB 169

Reserve revolverende investeringen

186 Reserve kwaliteitsfonds

4.216 13.684.888

188

Reserve deelneming GEM Bocage C.V.

2.727.152

0

0

2.727.152

189

Reserve deelneming GEM Bocage beheer B.V.

9.000

0

0

9.000

203

Reserve kwaliteit verbeterende proj. buitengebied

82.000

26.858

43.621

65.237

1.000.000

24.200

257.431

766.769

238.476

0

217.846

20.629

3.512.990

2.481.687

3.512.991

2.481.686

1.000.000

0

0

1.000.000

213.448

2.609

103.824

112.233

1.275.642

574.719

139.165

1.711.196

984.823

78.486

819.785

243.524

250 Reserve opvang vluchtelingen

1.000.000

0

0

1.000.000

255 Reserve Beschermd Wonen

1.000.000

0

0

1.000.000

0

1.322.000

0

1.322.000

0

500.000

0

500.000

208 Reserve bedrijfsvoering 213

Reserve samenwerkingsovk Industriepark Swentibold

220 Reserve restant budgetten 224

Reserve integrale aanpak en huisv statushouders

225 Reserve winst grondexploitaties 227 Reserve duurzaamheid 233 Reserve majeure projecten

256 Reserve regiodeal 257

Reserve grootschalige evenementen

Deel II - 32 -

258

Reserve toekomstige ontwikkelingen gemeentewerf

0

500.000

0

500.000

37.011.581

6.970.474

6.463.012 37.519.042

7.526.955

4.153.000

152.110 11.527.845

68.668.565

16.021.596

15.959.994 68.730.166

Geblokkeerde reserve afschrijvingen 241

Reserve afschrijvingslasten investeringen

Totaal

Stille reserves Algemeen Bij stille reserves wordt gedacht aan grote verschillen tussen de actuele waarde en de boekwaarde van niet-bedrijfsgebonden bezittingen, zoals in pacht uitgegeven landbouwgronden. Aangezien in het verleden nogal eens bestemmingsreserves zijn afgeboekt op activa, zijn vele verschillen tussen de actuele waarde en de boekwaarde van diverse activa ontstaan. Een aantal van de verspreide percelen heeft geen boekwaarde. De totale werkelijke waarde is onbekend, maar de veronderstelling is dat deze (aanzienlijk) hoger is dan de boekwaarde. De overwaarde vertegenwoordigt een stille reserve. Landbouwgronden Per ultimo 2024 heeft de gemeente 867 ha landbouwgrond in bezit. Indien hieraan een waarde wordt toegekend, moet het volgende in acht worden genomen: a. de gronden in verpachte staat zijn, b. de gronden in grote mate op de markt brengen, inhoudt dat de waarde daalt. Derhalve wordt uitgegaan van een gemiddelde opbrengst van € 3 per m². De totale opbrengst zou daarom kunnen zijn: 867 ha x € 4 per m² = € 34,7 miljoen. Het BBV schrijft voor dat activa gewaardeerd moet worden tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Waardering zal moeilijk zijn omdat de historische verkrijgingsprijs in veel gevallen niet meer te achterhalen is. De landbouwgronden zijn alle vele tientallen jaren in gemeentelijk bezit.

Toelichting reserves In de kadernota 2025 heeft de Raad besloten een toevoeging aan reserves vóór resultaatbestemming achterwege te laten vanaf jaarrekening 2024 en incidenteel vrijvallende middelen bij de jaarrekening deel te laten uit maken van het jaarrekeningresultaat. 1 Algemene Reserve Deze reserve is bestemd voor dekking van het weerstandsvermogen en in die zin niet vrij besteedbaar. Rekeningsaldo 2023 Het rekeningsaldo 2023 (€ 2.347.093) is gestort in de algemene reserve. Vervolgens is het rekeningsaldo 2023 vanuit de algemene reserve ingezet als dekking voor de budgetten, uitvoeringskosten gebiedsgerichte aanpak (€ 32.595), einde lening inburgeringsplicht (€ 1.568), meerkosten Oekraïne (€ 14.809) en gestort in de reserve regiodeal (€ 1.322.000), de reserve grootschalige evenementen (€ 500.000), de reserve jeugdhulp (€ 363.500) en de reserve vermindering kapitaallasten (€ 112.621). Planschade en nadeelcompensatie In de 1e bestuursrapportage 2024 is een inschatting gemaakt van € 20.000 aan benodigde dekkingsmiddelen vanuit de algemene reserve voor wat betreft de aan planschade en nadeelcompensatie verbonden advieskosten. De werkelijke inzet van deze reserve bedroeg € 1.750. Deel II - 33 -

Interne planontwikkelingskosten grondexploitaties In 2024 heeft een toerekening van interne planontwikkelingskosten plaatsgevonden naar de grondexploitatiecomplexen “De Loop” (€ 3.600), “Herstructurering locatie Burg. Willemeschool Nieuwstadt” (€ 485), “Uitbreiding bedrijventerrein de Berk III” (€ 24.433), RvR Weijenpasweg voor een bedrag van € 8.245 en “Bedrijvenpark de Loop Echt” (€ 15.525). Conform nota reserves en voorzieningen 2023 en de raadsvoorstellen en -besluiten dd. 11 december 2024 zijn deze bedragen via de algemene reserve gestort in de reserve majeure projecten. 7 Reserve stedenbouwkundige adviezen Dit betreft een reserve ter dekking van voorgenomen planologische werkzaamheden, mede daar de gevolgen van de nieuwe Omgevingswet nog niet in te schatten zijn. Conform de nota reserves en voorzieningen 2023 heeft deze reserve een plafond van € 200.000. Het surplus van € 8.039 is gestort in de reserve vermindering kapitaallasten. 17 Reserve Welzijn en Cultuur Dit betreft een reserve ter dekking van de uitgaven die samen hangen met kosten op het gebied van sociale, maatschappelijke, culturele en andere gemeenschappelijke voorzieningen en activiteiten. Jaarlijks wordt € 25.000 aan de reserve onttrokken voor de bekostiging van culturele projecten . Het voor 2024 beschikbare budget is hoofdzakelijk besteed aan:

    

Subsidie project “Monniken en Ridders” Kunstwerk “Echt” Bijdrage Cultuur regio Noord Limburg Subsidie kunstproject “Zwentibold en de Graasboerin” Oetblinkersgala

In 2024 is de reserve conform de geldende uitgangspunten niet gevoed. 21 Reserve verkiezingen Deze reserve is gevormd ter egalisatie van de verkiezingskosten. Conform de begroting is een bedrag gestort van € 16.000. Verder heeft in 2024 een onttrekking uit de reserve verkiezingen plaatsgevonden conform begroting ten bedrage van € 14.000. 39 Reserve BTW-compensatiefonds Deze reserve is gevormd om de negatieve effecten van de invoering van het BTW-compensatiefonds per 1-1-2003 op te vangen. Omdat de gemeente niet heeft gekozen voor afwaarderen van de activa tot ultimo 2002, dient in het BCF-fonds niet alleen de BTW begrepen in de voorzieningen te worden gestort, maar ook de vrijvallende BTW uit de bestemmingsreserves. Tevens wordt in dit fonds het bedrag van de besparing wegens de vertraagde uitname uit de algemene uitkering gestort. Dit BCF-fonds dient vrij te vallen gedurende de resterende looptijd van de vaste activa per 31 december 2003. De meest juiste benadering is om de vrijval uit het BCF-fonds gelijk te laten lopen met de totale resterende looptijd van de oude activa. Omdat dit een zeer tijdrovende berekening is, is gekozen voor een meer pragmatische oplossing, nl. dat de vrijval is berekend over de gemiddelde restant afschrijvingsduur van de oude activa. Deze gemiddelde restant afschrijvingsduur is voor onze gemeente berekend op 15 jaar.

Hierdoor ontstaat vanaf 2017 een gat in de begroting van € 169.700. In 2006 is derhalve een afbouwregeling gecreëerd zodat de begroting 2017 niet in een keer met een tekort van € 169.700 wordt geconfronteerd. De regeling ziet als volgt uit: vanaf 2006 wordt de aanwending van de reserve cumulatief verlaagd met een bedrag van € 6.800. Op deze wijze loopt de afbouwregeling door tot en met het jaar 2028. Binnen de begroting moet dan ieder jaar voor € 6.800 dekkingsmiddelen worden gezocht. Voor 2024 bedraagt de onttrekking € 49.800.

Deel II - 34 -

40 Algemene reserve grondbedrijf De Algemene Reserve Grondbedrijf (ARG) dient als buffer voor het opvangen van onvoorziene en onvermijdbare kosten die samenhangen met grondexploitaties. Tevens worden aan de ARG de positieve exploitatieresultaten toegevoegd. Onderstaande winstnemingen 2024 (berekend volgens de “Percentage of completion- methode (Pocmethode) zijn toegevoegd aan deze reserve:  € 135.980 inzake de Berk (restresultaat in verband met afsluiting);;  € 1.096 inzake de Loop;  € 26.198 inzake herstructurering voormalige schoollocatie Burg. Willemeschool Nieuwstadt (restresultaat in verband met afsluiting);  € 49.473 inzake Bocage;  € 197.267 inzake bedrijvenpark de Loop Echt;  € 40 inzake uitbreiding bedrijventerrein de Berk III; De in het verleden volgens de “Percentage of completion- methode (Poc-methode) berekende gestorte winstneming inzake BPML is voor € 873 teruggedraaid binnen deze reserve. In 2024 is € 103.824 aan gerealiseerde winst BPML uit voorgaande jaren overgeboekt van de reserve winst grondexploitaties (RWG) naar de ARG. De vrijval van de voorziening verliezen grondexploitaties inzake “Livar experience Centre” (€ 41.695) is conform raadsbesluitvorming dd. 11 december 2024 gestort in onderhavige reserve.

Bovendien heeft, conform nota reserves en voorzieningen, een rente toevoeging van 0,69% (€ 49.465) over de stand van de algemene reserve grondbedrijf per 1 januari 2024 plaatsgevonden. Onttrekkingen hebben plaatsgevonden in het kader van:  Klooster Koningsbosch € 39.892 (conform 1e bestuursrapportage 2024);  Versterking economische structuur € 37.994 (conform 1e bestuursrapportage 2022 en 1e bestuursrapportage 2024);  Centrumplan Susteren archeologie € 14.334 (conform 2e bestuursrapportage 2022 en 2e bestuursrapportage 2023);  Ontwikkeling hoek Marktstraat-Willibrordusplein Susteren € 35.800 (conform 1e bestuursrapportage 2022, 2e bestuursrapportage 2023 en 1e en 2e bestuursrapportage 2024);  Activiteiten winkelhart programma centrum Echt € 37.943 (conform 1e bestuursrapportage 2024);  Reserve majeure projecten inzake restresultaat “herstructurering voormalige schoollocatie Burg. Willemeschool Nieuwstadt” € 26.198 (conform 2e bestuursrapportage 2021);  RWG inzake winstneming de Loop € 1.096;  RWG inzake winstneming uitbreiding bedrijventerrein de Berk III € 40;  Dotatie aan de voorziening voorbereidingskosten grondexploitaties > 5 jaar € 1.777 (conform raadsbesluit dd. 11 december 2024);  vennootschapsbelasting 2022 en 2024 € 31.545.

73 Reserve Parkeerplaatsen Deze reserve is gevormd ter dekking van kosten voortvloeiend uit overeenkomsten met derden ten behoeve van de verplichting tot aanleg van openbare parkeerplaatsen. Het saldo van de reserve was op 1 januari 2024 € 22.000 en is op 31 december 2024 € 159.500. In 2024 hebben 2 stortingen plaatsgevonden. Indien namelijk de ontwikkelaar niet kan voldoen aan de parkeernorm moet per parkeerplaats € 5.500 gedoteerd worden aan de gemeente. Door de ontwikkelaar van het bestemmingsplan Swentiboldstraat 2a Susteren is € 27.500 en door de ontwikkelaar van bestemmingsplan Bouwplan Chatelainplein Pey is € 100.000 betaald in verband met het niet kunnen realiseren van parkeerplaatsen. De gemeente verplicht zich ten opzichte van de ontwikkelaar om binnen een periode van 10 jaren, binnen een straal van 750 meter met het bouwwerk als middelpunt, het aantal openbare parkeerplaatsen te realiseren. Wanneer de gemeente hier niet in slaagt, heeft de ontwikkelaar recht op terugbetaling.

Deel II - 35 -

95 Reserve Regiofonds Deze reserve is gevormd ter dekking van incidentele lasten die samenhangen met regionale samenwerking waarvoor nog geen ruimte binnen de bestaande budgetten is. Voor verdere uitwerking en uitvoering van de Regio Deal is in de 1e bestuursrapportage 2024 € 32.000 beschikbaar gesteld met als dekking de reserve regiofonds. 101 Reserve Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo) Deze reserve is gevormd om de jaarlijkse fluctuaties op te vangen met betrekking tot inkomsten en uitgaven op het gebied van de uitvoering van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning. In 2024 is in totaal € 191.692 onttrokken uit de reserve. In verband met kosten voor de nieuwe inkoop van WMO begeleiding en kortdurend verblijf is € 108.864 onttrokken conform de 1e begrotingswijziging 2024. Verder is € 82.828 onttrokken door een nadelig saldo op de realisatie in 2024. Het nadelig saldo ontstaat met name door een stijging in de kosten voor hulp bij huishouden, begeleiding en materiële maatwerkvoorzieningen. Het verloop van deze reserve was in 2024 als volgt: Saldo 1-1-2024 Af: WMO begeleiding en kortdurend verblijf Af: nadelig saldo o.b.v. realisatie Wmo Saldo 31-12-2024

€ € € €

2.500.000 108.864 82.828 2.308.308

106 Reserve algemeen jeugdbeleid Deze reserve is gevormd voor het ontwikkelen en realiseren van voorzieningen voor jeugdigen tot 23 jaar. In 2024 is in totaal € 12.215 onttrokken aan de reserve. Dit betreft € 10.500 voor steunouder EchtSusteren conform de kadernota 2024. Verder is door de Raad in de 1e bestuursrapportage 2024 € 41.715 beschikbaar gesteld voor jongerenparticipatie. Hiervan is € 1.715 besteed in 2024 en € 40.000 lager onttrokken conform de 2e bestuursrapportage 2024. De totale storting in de reserve is € 50.000 in verband met een overheveling van € 50.000 voor praktijkondersteuners jeugd conform de 2e bestuursrapportage 2024. Het verloop van deze reserve was in 2024 als volgt: Saldo 1-1-2024 Af: dekking steunouder Af: dekking jongerenparticipatie Bij: praktijkondersteuner jeugd Saldo 31-12-2024

€ € € € €

351.590 10.500 1.715 50.000 389.375

109 Reserve uitvoering recreatief toeristisch beleid Deze reserve is gevormd om uitgaven te dekken die voortvloeien uit recreatief toeristisch beleid. Het structurele budget Uitvoering recreatief toeristisch beleid (€ 33.976) is in de 1e berap 2022 voor boekjaar 2024 verhoogd met € 58.333, waarbij dekking van de verhoging plaats vindt middels de reserve uitvoering recreatief toeristisch beleid. In de 2e berap is € 20.000 doorgeschoven naar 2025 en is een inflatie correctie geweest van € 3.125. De uitgaven op de post Uitvoering recreatief toeristisch beleid bedroegen in 2024 € 55.349. Conform 1e berap 2022 en nota reserves en voorzieningen 2024 is € 24.499 onttrokken aan de reserve uitvoering recreatief toeristisch beleid. 117 Reserve Personeel en bestuur Deze reserve is gevormd ter dekking van uitgaven die verband houden met kwaliteitsverbetering en uitkeringsverplichtingen van de bestuurlijke en ambtelijke organisatie.

Deel II - 36 -

In 2024 is een bedrag van € 807.034 onttrokken. Zie onderstaand overzicht: Onttrekkingen Bedrag 50.000 61.193 8.014 440.955 1.872 245.000

Omschrijving: 1e berap 2024 tijdelijk personeel paspoortpiek 2e berap 2024 organisatieontwikkeling 1e berap 2024 frictiekosten vanuit 2021 1e berap 2023 organisatieontwikkeling 1e berap 2023 thuiswerkfacilitering 2e berap 2023 organisatieontwikkeling

132 Reserve regionale woonvisie Deze reserve is gevormd om eventuele kosten voor het maken en actueel houden van de regionale woonvisie te kunnen dekken. Om onder andere inzicht te verkrijgen in de kwantitatieve en kwalitatieve woonbehoefte is in 2024 een nieuw regionaal woningmarktbehoefte onderzoek uitgevoerd, waarvoor € 25.000 budget ter beschikking gesteld, met als dekking de reserve regionale woonvisie. De werkelijke door de reserve regionale woonvisie te dekken kosten bedroegen € 11.275. 144 Reserve onderwijsachterstandenbeleid Deze reserve is gevormd ter dekking van het opvangen van de jaarlijkse fluctuaties van de rijksvergoedingen in het kader van onderwijsachterstandenbeleid. De Rijksvergoeding voor het onderwijsachterstanden beleid houdt geen tred met de toekomstige prijsontwikkelingen binnen de peuteropvang. In de 1ste bestuursrapportage 2024 is voorzien in een eenmalige storting van € 200.000 ten laste van de reserve vermindering kapitaallasten, zodat de toekomstige prijsontwikkelingen kunnen worden opgevangen. Vanaf 2024 is eveneens jaarlijks in de begroting rekening gehouden met een bijdrage vanuit deze reserve van € 40.000, wat eveneens in de 1ste bestuursrapportage van 2024 is vastgelegd.

De storting van de € 200.000 heeft plaatsgevonden, net als de storting van het saldo op de post professionele instellingen, waarop de niet door de rijksbijdrage onderwijsachterstandenbeleid gedekte subsidie geboekt wordt. Dit conform de nota reserves en voorzieningen, waarbij het gaat om een bedrag van € 100.955. In de nota reserves en voorzieningen is eveneens bepaald dat deze reserve een maximaal plafond heeft van € 200.000. Voor 2024 betekent dit dat het ontstane surplus op deze reserve (€ 174.945) is teruggestort ten gunste van de reserve vermindering kapitaallasten. 169 Reserve revolverende investeringen (voorheen Reserve Essent) Deze reserve is gevormd ter dekking van investeringen met als voorwaarde dat een rendement wordt behaald op de investering, waaronder duurzaamheid. Middels de nota reserves & voorzieningen 2019 is de reserve Essent omgezet naar de reserve revolverende investeringen daar de noodzaak om de reserve Essent aan te houden als buffer voor mogelijke beleggingsrisico’s sterk is afgenomen. Om die reden is de reserve Essent omgezet naar een reserve revolverende investeringen met als doel te investeren in innovatie en verduurzaming.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EchtSusteren&id=e00941bf-6d80-49ba-b818-17ee4292e0f3