Integriteitscode raad 2007
Tekst van het document
INTEGRITEITCODE LEDEN VAN DE GEMEENTERAAD Inleiding De leden van de gemeenteraad stellen bij hun handelen de kwaliteit van het openbaar bestuur centraal. Integriteit van het openbaar bestuur is daarvoor een belangrijke voorwaarde. De belangen van de gemeente, en in het verlengde daarvan de belangen van de burger, zijn het primaire richtsnoer. Bestuurlijke integriteit houdt in dat raadsleden de verantwoordelijkheid die met hun functie samenhangt, aanvaarden en dat zij bereid zijn over hun functioneren verantwoording af te leggen, aan bestuurders, de gemeenteraad, maar ook aan organisaties en burgers voor wie zij hun functie vervullen.
Kernbegrippen van bestuurlijke integriteit Dienstbaarheid Met hun bestuursfunctie staan leden van de gemeenteraad aan de frontlijn van de gemeente. Inzet voor de belangen van de gemeente en van burgers dient daarom het kenmerk te zijn van hun handelingen. Functionaliteit Handelingen van leden van de gemeenteraad dienen een aanwijsbaar verband te hebben met de functie die zij vervullen in het gemeentelijk bestuur en met het gemeentelijk belang als primaire richtsnoer. Onafhankelijkheid Leden van de gemeenteraad vermijden verhoudingen waarin hun persoonlijke belangen of belangen van groepen waarmee zij in contact staan enerzijds en de belangen van de gemeente anderzijds door elkaar lopen of kunnen gaan lopen. Voor zover het in hun vermogen ligt vermijden zij de schijn van belangenverstrengeling. Openheid Gegeven de democratische verhoudingen waarbinnen het openbaar bestuur opereert en de verantwoordingsbereidheid die van gemeente raadsleden wordt verwacht is openheid ten aanzien van handelingen en handelingsredenen een noodzakelijke vereiste. Betrouwbaarheid Kennis en informatie waarover leden van de gemeenteraad uit hoofde van hun functie beschikken wordt door hen op een zodanig wijze aangewend dat daarbij geen belangen van de gemeente of van derden worden geschaad.
Zorgvuldigheid Leden van de gemeenteraad verplichten zich ertoe aan alle individuen en instanties waarmee zij in de uitoefening van hun functie contact hebben respect te tonen, gelijke rechten toe te kennen en passende zorg te besteden.
1
De hier omschreven kernbegrippen dienen als achtergrond en toetssteen voor de nu volgende gedragsafspraken voor de leden van de gemeenteraad. Gedragingen dienen de toets van de kernbegrippen te kunnen doorstaan.
GEDRAGSREGELS Rol van raadslid ten aanzien van het ambtelijke apparaat Een raadslid dient de rol van de ambtenaar te respecteren. De verordening ambtelijke bijstand (besluit 2 januari 2003) dient gerespecteerd en nageleefd te worden. Belangenverstrengeling. Het kader om ongewenste belangenverstrengeling van raadsleden tegen te gaan, wordt in de eerste plaats gevormd door bepalingen in de Gemeentewet. Aanvullend hebben raadsleden hun eigen verantwoordelijkheid om ongewenste belangenverstrengeling en zelfs de schijn daarvan te vermijden. Raadsleden staan in het brandpunt van de maatschappij, waakzaamheid is derhalve geboden. Mocht een raadslid het gevoel hebben in een situatie te geraken waarbij er de mogelijkheid van belangenverstrengeling aanwezig zou kunnen zijn dan dient hij dit te bespreken primaire met de fractievoorzitter, griffier of burgemeester. Aanname geschenken & faciliteiten aangeboden door derden. Raadsleden kunnen geschenken aangeboden krijgen in de lobbysfeer, waarbij het de intentie van de gever is om een goede relatie te krijgen dan wel anderszins hen te beïnvloeden. Raadsleden dienen zich daarom bij de aanname van de geschenken te vergewissen dat zij steeds kunnen functioneren in de raad zonder last of ruggespraak.
Voorbeeldfunctie Raadsleden dienen zich ervan bewust te zijn dat zij in het brandpunt van de maatschappij staan, en een daarom een voorbeeldfunctie hebben voor de overige burgers. In dat kader is naleving van regels en wetten een vanzelfsprekendheid. Omgaan met vertrouwelijke informatie uit hoofde van de functie verkregen Van de raadsleden wordt verwacht dat zij vertrouwelijk omgaan met informatie en deze slechts gebruiken voor het doel waarvoor de informatie bedoeld is. Het oneigenlijk gebruik van kennis verkregen uit hoofde van het lidmaatschap van de Raad is niet aanvaardbaar.
2