CConstaterende datEcht-Susteren
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept Jaarverslag en jaarrekening 2022 RUD LN

Gemeenteraad 4 juli 2023, gemeente Echt-SusterenBij agendapunt: Conceptbegroting 2024 GR RUD Limburg Noord19.105 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Jaarverslag en Jaarrekening 2022 GR RUD Limburg Noord

Datum: 20 april 2023 Versie: 1.2

Inhoudsopgave Voorwoord

3

1 Inleiding 1.1 Algemeen 1.2 Voorschriften BBV 1.3 Bestuurlijke organisatie 1.4 Leeswijzer 1.5 Resultaat

6 6 6 6 7 7

2 Jaarverslag 2022 2.1 Programmaverantwoording 2.2 Wat hebben we bereikt? 2.3 Wat hebben we daarvoor gedaan? 2.4 Wat heeft het gekost?

8 8 8 9 27

3 Paragrafen 3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 3.2 Financiering 3.3 Onderhoud kapitaalgoederen 3.4 Bedrijfsvoering

28 28 30 32 32

4 Jaarrekening 2022 4.1 Balans inclusief toelichting 4.2 Overzicht van baten en lasten inclusief toelichting 4.3 Overzicht van incidentele baten en lasten inclusief toelichting 4.4 Overzicht van reserves en voorzieningen 4.5 Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) 4.6 Niet uit de balans blijkende verplichtingen en rechten

36 36 42

Besluit tot vaststelling

53

48 49 50 52

1

Controleverklaring van de onafhankelijke accountant

54

Bijlage 1 Dashboard RUD LN 2022

55

Bijlage 2 Jaarcijfers RUD LN 2022

56

Bijlage 3 Infographic RUD LN

57

Bijlage 4 SISA-Verantwoording

58

Bijlage 5 Risico-inventarisatie

59

Bijlage 6 Bijdrage per deelnemer

61

Bijlage 7 Berekening kengetallen

64

2

Voorwoord De Regionale Uitvoeringsdienst Limburg Noord (RUD LN) verzorgt een belangrijk deel van de vergunningverlening, het toezicht en de handhaving in Limburg Noord. Hierdoor dragen we bij aan de verbetering van de kwaliteit, gezondheid en veiligheid van de leefomgeving De gemeenten, provincie en gemeentelijke samenwerkingsverbanden werken binnen de RUD samen om de in onze regio beschikbare capaciteit en kennis zo goed mogelijk in te zetten. Het werkgebied van de RUD LN is congruent met de veiligheidsregio. De RUD LN bestaat al sinds 1 januari 2013 en is dus inmiddels 10 jaar actief. In 2018 is de organisatie overgegaan van een samenwerking op basis van een bestuursovereenkomst, naar een gemeenschappelijke regeling met 16 deelnemers; de 15 gemeenten in de veiligheidsregio Limburg Noord en de Provincie Limburg. Van Aartsen: Verbeteringen VTH stelsel Alle betrokken partners, gemeenten, provincies, ministeries en Omgevingsdiensten zijn ervan doordrongen dat verbeteringen in het stelsel nodig zijn én dat ze bij het realiseren ervan een rol hebben. Om milieuschade te voorkomen zullen diensten effectiever moeten werken en kennis die hiervoor nodig is op peil moeten brengen en houden. In die zin zijn de aanbevelingen van de commissie van Aartsen uit het voorjaar 2021 “geland”. Het afgelopen jaar is er landelijk begonnen met een Interbestuurlijk Programma (IBP) dat hierop toe ziet.

Het kabinet heeft extra middelen uitgetrokken om dit IBP uit te kunnen voeren. De middelen zijn geoormerkt door een zogenaamde SPUK (specifieke uitkering) voor de Omgevingsdiensten. De RUD LN heeft hiertoe een aanvraag ingediend. Deze is voor een bedrag van € 520.654 gehonoreerd over de periode eind 2022 tot en met eind 2023. In 2022 hebben voornamelijk voorbereidende werkzaamheden plaatsgevonden. Zoals een eerste aanlevering van documenten aan de trekkers van de pijlers via ODNL. Daarnaast is gestart met het uitzetten van opleidingen en zijn er al een aantal medewerkers die de eerste cursusdagen gevolgd hebben. Eigen plan van aanpak doorontwikkeling ODLN Op 7 juli 2022 stelde het Algemeen Bestuur een plan vast waarmee proactief op de aanbevelingen van Van Aartsen wordt ingespeeld en waarmee de RUD LN zich verder ontwikkelt tot een volwaardige Omgevingsdienst. Het “plan van aanpak doorontwikkeling Omgevingsdienst Limburg Noord” (kortweg PVA-ODLN) zet een ontwikkeling in gang die onze dienst robuust en toekomstbestendig zal maken en waardoor we in lijn werken met de aanbevelingen van de commissie Van Aartsen. Dit is een historische stap voor onze dienst. Het vraagt op onderdelen loslaten van lokale sturing (op de uitvoering), ten gunste van sturing als gezamenlijke dienst.

Het bestuur heeft deze stap bewust genomen, omdat duidelijk werd dat anders een vrije keuze voor ons netwerkconstruct in het gedrang zou komen.

3

Dit PVA-ODLN is afgestemd op de 6 pijlers van het landelijk verbeterplan (IBP). De benodigde incidentele middelen om dit plan te kunnen uitwerken zijn, na een consultatieronde bij de gemeenteraden, in december door het Algemeen Bestuur vastgesteld. In diezelfde vergadering werden al de eerste resultaten gepresenteerd en vastgesteld: - Regionaal VTH-Beleidskader - Kanteling van het Regionaal uitvoeringsprogramma De uitvoering van het plan wordt getrokken door een projectorganisatie die bestaat uit eigen managers en medewerkers, gecoördineerd door een hiertoe aangestelde externe programmamanager. Op onderdelen wordt extern advies ingewonnen. Hoewel de planning zeer krap is loopt het volgens plan. Er is hiervoor door managers en medewerkers werkelijk een titaneninspanning geleverd, die veel respect verdiend. In april 2023 zullen de volgende onderdelen van het PVA-ODLN worden voorgelegd. Werkdruk en arbeidsmarkt in relatie tot ontwikkelingen In 2021 domineerde de COVID-pandemie. In 2022 werd dit “overgenomen” door de impact van de oorlog in Oekraïne. Door de geëxplodeerde energieprijzen staan lopende inspanningen voor energiebesparing en alternatieve energiebronnen ineens in een ander daglicht. Dit maakt de krappe arbeidsmarkt voor gespecialiseerd personeel nog nijpender.

Waar er extra middelen vrijkomen (bijvoorbeeld voor toezicht op energiebesparing), is het lastig deze middelen te kunnen benutten. In 2022 kwam er een Specifieke Uitkering Toezicht en Handhaving Energiebesparing en Informatieplicht (SPUK THE) beschikbaar ten behoeve van het extra uitvoeren van energietoezicht. Hiervoor heeft de RUD LN een aanvraag ingediend. Deze is gehonoreerd. De voorbereidende werkzaamheden zijn in 2022 uitgevoerd, zoals het indienen van de aanvraag, het opstellen van het eerste plan en een opstart richting de werving van personeel. Dit laatste is, zoals gezegd, echter een grote uitdaging. Hoe dit vorm zal krijgen en of dit consequenties heeft voor de SPUK THE gelden zal in 2023 zichtbaar worden. VTH-applicatie: Op naar RX-mission Het gebruik van één (cloud)applicatie voor alle partners is voor een netwerkorganisatie van het grootste belang. Zo kunnen medewerkers overal in het netwerk worden ingezet. Door problemen bij de ontwikkelaar van het programma (Squit20/20) verliep de invoering traag. Het servicecentrum MER pakte deze uitdaging goed op. In 2022 werd overeenstemming bereikt over een aangepast programma en de oplossing van een aantal knelpunten (gaps). Iedereen droeg hieraan bij en er ontstond weer zicht op een bruikbare applicatie. Alle partners zouden in de loop van 2022 zijn overgegaan naar het verbeterde programma RX-mission.

Dit loopt echter door in 2023. Er komt eindelijk zicht op het verbeteren van data-uitwisseling en gebruik in ons netwerk. Op ICT-gebied was ook de aansluiting op Inspectieview (een landelijk platform waar toezichthouders informatie over inspecties en handhaving delen) een mooi succes.

4

Omgevingswet en WKB Opnieuw uitstel waar niemand meer van opkeek. Het lijkt een vast ritueel te worden. Ondanks dat, zijn voorbereidingen voor de overgang in volle gang en is het gedachtegoed van de nieuwe omgevingswet al dagelijkse praktijk geworden lijkt het. Opleidingen en trainingen lopen door en er is begonnen met de “omzetting” van het inrichtingenbestand. In de toekomst spreken we niet meer van “inrichtingen” (bedrijven), maar van milieubelastende activiteiten (MBA’s). Vergunningen en toezicht zijn niet op het bedrijf gericht maar op de activiteiten. De omzetting kost veel tijd. In 2022 is een specifieke tool aangeschaft, waarmee dit sneller en accurater kan plaatsvinden (Via-tool). Een mooie stap, want zeker gezien de personeelskrapte is iedere tijdwinst welkom.

Met vriendelijke groet, Namens het Dagelijks Bestuur,

K.G.MC. (Karel) Joosten Directeur RUD Limburg Noord

5

1 Inleiding 1.1 Algemeen De 15 gemeenten in Limburg Noord en de provincie zijn deelnemers van de GR RUD LN. De circa 140 medewerkers die taken verrichten onder de koepel van deze samenwerking hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid om (1) de kwaliteit van dienstverlening aan burgers, bedrijven en belanghebbenden te verbeteren bij de uitvoering van VTH-taken en (2) de kwaliteit, veiligheid en gezondheid van de leefomgeving te verbeteren.

1.2 Voorschriften BBV De wijze waarop decentrale overheden hun financiële administratie inrichten en verantwoorden is geregeld in het de Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). In 2016 is de BBV vernieuwd. Voor gemeenschappelijke regelingen is de vernieuwde BBV van kracht met ingang van 2018. De jaarrekening 2022 van de RUD LN is opgezet conform de nieuwe voorschriften van de BBV.

1.3 Bestuurlijke organisatie Het bestuur van de RUD LN bestaat uit een Algemeen en een Dagelijks Bestuur. Algemeen Bestuur Het Algemeen Bestuur bestond in 2022 uit 16 leden, waaronder de voorzitter. De colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten en Gedeputeerde Staten van de provincie hebben uit hun midden elk één lid en één plaatsvervangend lid aangewezen na de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2022 heeft er een wisseling van leden plaatsgevonden. Dagelijks Bestuur Het Dagelijks Bestuur is door en uit het Algemeen Bestuur gekozen. Het Dagelijks Bestuur bestond aan het begin van het jaar uit drie leden en één plaatsvervangend lid en na de verkiezingen uit vijf leden. Niet alleen is het Dagelijks Bestuur verbreed, maar ook is een portefeuilleverdeling ingevoerd. Door deze beide wijzigingen kan het Dagelijks Bestuur op een breder draagvlak in het Algemeen Bestuur rekenen, worden de leden van het Dagelijks Bestuur intensiever betrokken bij de lopende ontwikkelingen én wordt de bestuurlijke werkdruk beter verdeeld . De voorzitter De voorzitter van de RUD Limburg Noord is de heer Tim Snijckers, wethouder van de gemeente Maasgouw.

6

1.4 Leeswijzer In hoofdstuk 2 treft u het jaarverslag 2022 aan. Het betreft de programmaverantwoording, waarin op hoofdlijnen staat wat de RUD heeft bereikt, wat zij daarvoor heeft gedaan en wat het heeft gekost. In hoofdstuk 3 wordt inzicht gegeven in de verplichte paragrafen: weerstandsvermogen en risicobeheersing, financiering, onderhoud kapitaalgoederen en bedrijfsvoering. In hoofdstuk 4 treft u de jaarrekening 2022 aan. In de bijlagen vindt u: 1. Een visualisatie van de prestaties in 2022 (dashboard van de RUD LN 2022); 2. De visualisatie jaarcijgers RUD LN 2022; 3. De infographic RUD LN; 4. SISA-verantwoording; 5. De risico-inventarisatie; 6. De deelnemersbijdrage over 2022; 7. De berekening van kengetallen.

1.5 Resultaat Wij sluiten het boekjaar 2022 af met een saldo van € 135.041. In de gemeenschappelijke regeling RUD LN is het volgende opgenomen: “Alvorens het rekeningresultaat te bepalen, vindt een controle plaats op de opbrengsten en kosten in het kader van de vennootschapsbelasting. Een saldo op deze activiteiten zal worden verrekend met de betreffende opdrachtgevers. “Het jaarlijks saldo wordt verdeeld over de deelnemers conform de verdeelsleutels” . “In afwijking van het onder lid 5 bepaalde kan het Algemeen Bestuur incidenteel besluiten om saldo toe te voegen aan een nader te benoemen reserve of weerstandsvermogen”. Aan het Algemeen Bestuur wordt voorgesteld om na vaststelling van de jaarrekening tot resultaatbestemming over te gaan en het resultaat incidenteel te storten in een te vormen algemene reserve. Door een algemene reserve te vormen, verbetert het weerstandsvermogen van ‘ruim onvoldoende’ naar ‘ruim voldoende’. Met het besluit heeft de RUD LN voldoende middelen om de geïdentificeerde risico’s te dekken. Bovendien ontstaat er meer flexibiliteit om gedurende het begrotingsjaar in te spelen op ontwikkelingen. De voorwaarden voor de algemene reserve worden in de programmabegroting 2024 opgenomen. Voor een nadere specificatie van het bovenstaande wordt verwezen naar de toelichtingen in de volgende hoofdstukken.

7

2 Jaarverslag 2022 2.1 Programmaverantwoording Hierna wordt, via de programmaverantwoording en de paragrafen, verantwoording afgelegd over de realisatie van de bij de begroting 2022 voorgenomen uitvoering in het jaar 2022.

2.2 Wat hebben we bereikt? In de begroting 2022 is de doelstelling van het programma opgenomen: in een gezamenlijke verantwoordelijkheid met de deelnemers de kwaliteit van dienstverlening aan burgers, bedrijven en belanghebbenden verbeteren bij de uitvoering van VTH-taken én de kwaliteit, veiligheid en gezondheid van de leefomgeving te verbeteren. De GR RUD LN wil daarbij een innovatieve, flexibele, slagvaardige en efficiënte organisatie zijn. De dienstverlening wordt verbeterd door: 1. Een ‘level playing field’ (gelijke benadering en behandeling onder de GR RUD LN); 2. Minder toezichtlasten door efficiënte en innovatieve toezichtmethoden. De ambitie van de RUD Limburg Noord naar de omgevingswet toe is als volgt: • De RUD LN wil een vanzelfsprekende deskundige partner zijn in de regio voor het bereiken van de (kern)doelen van de Omgevingswet; • De RUD LN zit bij de partners aan tafel en werkzaamheden worden in gezamenlijkheid uitgevoerd. De RUD LN kan daarbij flexibel inspringen op veranderende behoeften vanuit haar deelnemers. • De RUD LN groeit van de uitvoeringsdienst zoals we nu zijn naar dé omgevingsadviseur in brede zin binnen onze leefomgeving, die input levert aan beleid, vergunningverlening, toezicht en handhaving en procesoptimalisatie.

De inhoud van het werk en te leveren kwaliteit in de uitvoering zijn daarbij altijd leidend; • De RUD LN voert dat uit op een ondernemende, innovatieve, betrouwbare én uitdagende manier.

8

De RUD heeft op onder meer de volgende wijze in 2022 bijgedragen aan de kwaliteitsverbetering van dienstverlening aan burgers, bedrijven en belanghebbenden bij de uitvoering van VTH-taken én verbetering van de kwaliteit, veiligheid en gezondheid van de leefomgeving: Initiatiefnemers, vergunninghouders en belanghebbenden werden ondersteund door ervaren medewerkers namens het bevoegd gezag. Specialismen werden, waar mogelijk, ingezet op de dossiers die specialistische kennis vereisten. Door toezicht werkzaamheden regionaal te (her)verdelen naar kundigheid en ervaring werden toezichthouders in hun “branche-expertise” ingezet. Gevolg is dat ondernemer en toezichthouder elkaar vaktechnisch beter begrijpen. Door het wegnemen van deze “afstand” werd de kans op naleving vergroot en werd de toezichthouder als toegevoegde waarde ervaren. Op basis van de probleemanalyse zijn controles uitgevoerd bij de objecten en activiteiten met de grootste risico’s. Nieuwe ontwikkelingen (zoals Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging bouwen) en toepassingen van innovatieve vormen van toezicht werden gevolgd met en door de kennisgroepen en er werden opleidingen hiervoor gegeven. De uitwerking van het plan van aanpak doorontwikkeling RUD Limburg Noord en het Interbestuurlijk Programma.

Omvorming en actualisatie van de website en de regelmatige nieuwsbrieven gaven een beter inzicht in het werk en in nieuwe ontwikkelingen. Door bijdragen te leveren aan het Bestuurlijk Platform Omgevingsrecht Limburg werd de samenwerking in de keten versterkt. Hierbij valt te denken aan de mestketen, waarin verschillende partijen kennis gedeeld hebben en samen optrokken zoals RIVM, OM en Omgevingsdiensten.

2.3 Wat hebben we daarvoor gedaan? Takenpakket De GR RUD LN heeft zorggedragen voor de uitvoering van tenminste de taken zoals opgenomen in het wettelijk basistakenpakket. Het betreft hier het wettelijke basistakenpakket als bedoeld in artikel 7.1 lid 1 van het Besluit Omgevingsrecht. Daarnaast heeft de RUD LN op verzoek van deelnemers zorggedragen voor de uitvoering van het brede milieutakenpakket, het Wabo-takenpakket inclusief de uitwisseling van specialisten en desgewenst APV en bijzondere wetten. Hieronder is het takenpakket in 2022 per deelnemer weergegeven.

9

Tabel 1

Partner

Ingebracht takenpakket per 1-1-2022 Basistakenpakket

Specialistische Wabo VTH taken

Milieu bij Niet-RUD bedrijven

Wabo breed

Beesel

Ja

Ja

Ja

Bergen

Ja

Deels

Echt-Susteren

Ja

Gennep Horst aan de Maas Leudal

BRIKS (bouwen/slopen en gebruik)

APV

Ja

Ja

Ja

Ja

Nee

Ja

Deels

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Ja

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Ja

Ja

Ja

Nee

Nee

Nee

Maasgouw

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Mook en Middelaar Nederweert

Ja

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Peel en Maas

Ja

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Roerdalen

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Roermond

Ja

Ja

Ja

Deels

Ja

Nee

Venlo

Ja

Deels

Nee

Nee

Nee

Nee

Venray

Ja

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Weert

Ja

Ja

Ja

Deels

Nee

Nee

Provincie Limburg

Ja*

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

* De provinciale taken, provinciale inrichtingen (BTP), in het werkgebied RUD LN zijn door de provincie ondergebracht bij de RUD Zuid. De Provincie heeft aangegeven dat zij geen gegevens meer over de voortgang van het uitvoeringsprogramma kunnen verstrekken. De reden hiervan is dat er beperkingen zijn vanuit het nieuwe VTH systeem, waarin geen onderscheid gemaakt kan worden tussen inrichtingen in het werkgebied van de RUD LN. Het Bestuur is hier momenteel over in overleg met de provincie. Aangezien de gegevens van de provincie niet voor handen zijn, is in deze jaarrekening net als in de bestuursrapportage, het programma van de provincie uit het regionaal uitvoeringsprogramma gehaald. Dit om te voorkomen dat de gemeentelijke partners een vertekend beeld krijgen van de werkelijke realisatie.

Werkwijze Uitvoering heeft plaatsgevonden door uitwisseling van specialistische kennis en capaciteit tussen de deelnemers. Naast de taken op het gebied van vergunningverlening, handhaving en toezicht zijn door de RUD LN ook coördinerende, afstemmende en adviserende taken verricht. De krapte op de arbeidsmarkt is verder toegenomen in het afgelopen jaar. Het werven van gekwalificeerde medewerkers verliep moeizaam en vacatures bleven relatief lang open staan. Omdat er wel reguliere uitstroom plaatsvond (doorstroom, pensionering), werd de vacaturedruk hoger en moest vaak op inhuur worden teruggevallen en/of werkzaamheden worden uitgesteld. Dit jaar zijn wel een tiental nieuwe medewerkers gestart die nog worden ingewerkt en geschoold. Extra taken in het kader van de verwachte

10

in werking treden van de Omgevingswet drukten en drukken op de regulier uit te voeren toezichttaken. Voor leidinggevenden zijn de extra werkzaamheden die ontstonden door de doorontwikkeling van de RUD LN taakverzwarend geweest. Borging kwaliteit Voor het takenpakket GR RUD LN stelt het Algemeen Bestuur kwaliteitseisen vast. Hierin zijn de geldende kwaliteitscriteria, de handhavingsarrangementen met het OM en de politie, de opdrachten van het Algemeen Bestuur en de vastgestelde landelijke prioriteiten verwerkt. Gemeentelijke deelnemers hanteerden een gezamenlijk, binnen de RUD overeengekomen, uniforme methode voor probleemanalyse, risicoanalyse, prioriteitstelling en programmering van het basistakenpakket. In de basis was daarmee het uitvoeringsniveau gelijk (level playing field). De risicoanalyse is echter uit 2016 en moet nog worden geactualiseerd. De gemeenteraden hebben met hun Verordening kwaliteit VTH vastgesteld dat uitvoering van de VTH-taken dient te voldoen aan de kwaliteitscriteria. Dit is ook zo vastgelegd in de Gemeenschappelijke Regeling van de RUD Limburg Noord. De kwaliteitscriteria zijn landelijk bepaald. Jaarlijks voert de RUD een beoordeling uit of voldaan wordt aan de kwaliteitscriteria voor de taken die in de RUD zijn belegd.

Voor deze beoordeling wordt gebruik gemaakt van Ervaringsprofielen (EVP’s); iedere RUD-medewerker dient minimaal 1x per 5 jaar een dergelijk EVP traject te doorlopen. Van de 208 medewerkers hebben er 185 een actueel EVP of doorlopen momenteel een EVP-traject voor één of meerdere taken. De overige (grotendeels nieuwe) medewerkers worden in 2023 gestimuleerd een EVP-traject te doorlopen. Met deze medewerkers voldoen we aan de kwaliteitscriteria voor het grootste takenpakket: casemanagement, toezicht en vergunningverlening milieu, bouwen en RO en bodem, evenals de juridische specialismen en technische specialismen sloop en asbest, bodem, geluid en energiebesparing. Voor het specialisme luchtkwaliteit beschikken we over voldoende menskracht, maar is het werkpakket van de RUD te klein. Een deel van de uren luchtkwaliteit is als specialistische taak onvoldoende in beeld. Met een specifieke werkverdeler voor luchtkwaliteit proberen we in 2023 de luchtkwaliteitstaken beter in beeld te krijgen én te bundelen bij de vier specialisten. Voor het specialisme externe veiligheid beschikken we over voldoende werk, maar is de capaciteit te beperkt. De werkverdeler externe veiligheid zoekt naar een oplossing om mensen op te leiden en/of expertise van buiten aan te trekken.

Voor de specialismen ketentoezicht, afvalwater, BOA, bouwfysica, groen en ecologie, stedenbouw en inrichting openbare ruimte, exploitatie en planeconomie en cultuurhistorie heeft de RUD een te klein werkpakket om te kunnen voldoen. Voor deze taken moet het

11

takenpakket van de RUD toenemen of moeten we met andere overheden zoeken naar een schaal van uitvoering, zodat werkzaamheden vanaf 2024 ook conform de kwaliteitscriteria uitgevoerd kunnen worden. Dit is bijvoorbeeld mogelijk door deze specialismen te beleggen bij een andere overheid die (in totaal) wel een voldoende groot werkpakket heeft. Samenspel op basis van de PCDA cyclus Het samenspel binnen de gemeenschappelijke regeling tussen het RUD-bestuur, het coördinatiecentrum en de deelnemers is ingericht op basis van de PDCA-cyclus. Deze is in het onderstaande figuur weergegeven:

Uitvoering De uit te voeren werkzaamheden zijn in overleg met de deelnemende partners opgenomen in het Regionaal Uitvoeringsprogramma (RUP) 2022. In 2022 is er met behulp van rapportages (dashboards) en de tussentijdse bestuursrapportage gerapporteerd aan de deelnemende partners. De werkzaamheden die de RUD Limburg Noord heeft uitgevoerd betreft de taken die wettelijk verplicht ondergebracht zijn bij de RUD, de zogenaamde Basistaken. Ook zijn er niet-basistaken uitgevoerd. Dit zijn vrijwillig ingebrachte werkzaamheden die passen bij het werkpakket dat de RUD Limburg Noord uitvoert. De kwaliteitseisen die aan de producten en diensten van de RUD worden gesteld, zijn verwoord in de Producten- en Dienstencatalogus (PDC). Voor de realisatie van producten en diensten is de PDC leidend. Voor een visueel overzicht van de resultaten in 2022 verwijzen wij onderstaande overzichten en naar bijlage 1 dashboard RUD LN 2022.

12

Monitoring Evenals voorgaande jaren blijft het monitoren op uitgevoerde werkzaamheden door de partners complex. Dit geldt met name voor het monitoren op producten die gemaakt worden buiten de reguliere “VTH-afdelingen” van de partners. Daarnaast heeft de overgang tussen de nieuwe workflowprogramma’s (Squit 20/20 en RX Mission) ervoor gezorgd dat gegevens in verschillende systemen zijn opgeslagen. Hierdoor was de productie “lastiger” inzichtelijk te maken. Het RUP betreft het totale werkpakket dat door de RUD LN wordt uitgevoerd. Het getoonde RUP is echter, zoals reeds vermeld, exclusief het uitvoeringsprogramma en de daaraan verbonden realisatie van de provincie. Dit aangezien deze gegevens alleen binnen de RUD Zuid voor handen zijn. Wij gaan hieronder in op de grootste onderdelen van het gerealiseerde RUP. Doordat de uitvoerende medewerkers in dienst zijn bij de deelnemers, worden de kosten van het RUP grotendeels verantwoord in de jaarrekeningen van de deelnemers. Alleen de werkzaamheden die onderling zijn uitgewisseld, komen tot uitdrukking in de financiën van de RUD. Dit jaar is 2% van het RUP via uitwisseling gerealiseerd. Deze uitwisseling is financieel zichtbaar bij het product Wabo-taken, taakveld 8.3 Wonen en Bouwen en als onderdeel bij het product Basis- en milieutaken, taakveld 7.4 milieubeheer.

In onderstaande grafiek is de realisatie van de hoofdrubrieken (RUP 2022) in uren uitgedrukt. Grafiek 1

Gerealiseerde uren in procenten t.o.v. de planning (R)UP 2022

2021 (excl. Provincie)

Totaal >>

89% 79%

1. Vergunningen milieu 2b. Toezicht milieu (uren)

77%

96%

89%

84%

3. Briks

94%

4. APV

78%

5. Juridisch en overig

91%

93% 0%

20%

40%

60%

80%

102%

100%

113% 120%

13

Om een goed vergelijk te kunnen maken tussen de jaren 2021 en 2022 is de productie van de provincie uit de cijfers van 2021 gehaald. Het totale realisatiepercentage is ten opzichte van 2021 toegenomen. Enerzijds komt dit doordat het RUP 2022 ten opzichte van 2021 (exclusief de provincie) verlaagd is met ruim 12.000 uur. Dit is met name ontstaan in de categorie juridisch en overig. Anderzijds doordat de absolute realisatie met bijna 3.000 uur gestegen ten opzichte van 2021 (exclusief de provincie). Over de hele linie is een stijgende lijn in de procentuele realisatie ten opzichte van 2021 zichtbaar, met uitzondering van vergunningverlening. Hieronder gaan wij dieper in op de vijf hoofdrubrieken. Vergunningen milieu In het RUP zijn producten in aantallen met bijbehorende kengetallen opgenomen, maar ook producten waar geen kengetallen voor zijn opgenomen. Deze producten worden in uren verantwoord. In grafiek 2 zijn het aantal geplande versus gerealiseerde vergunningen weergegeven in aantallen. Grafiek 2

aantal vergunningen uitgevoerd 2022

gepland 2022

13 18

IPPC industrieel

IPPC agrarisch

63

Overig vergunningplichtig

50

143

124 591 609

niet-vergunningplichtig 0

100

200

300

400

500

600

700

De gerealiseerde vergunningen is absoluut gezien iets lager dan vorig jaar. In het uitvoeringsprogramma was het project actualiseren vergunningen op de voorschriften rondom duurzaamheid (energie) opgenomen. Door de krapte op de arbeidsmarkt en de vacatures is de reguliere capaciteit, net als vorig jaar, ingezet op de reguliere productie en kon er geen invulling gegeven worden aan dit project.

14

In grafiek 3 is visueel weergegeven welke producten de grootste afwijkingen in uren vertonen ten opzichte van de planning. Het betreft hier zowel de producten die verantwoord zijn op aantallen maal kengetal als de producten die verantwoord zijn op uren. Grafiek 3

Grootste afwijkingen gerealiseerde uren t.o.v. planning (R)UP minder uitgevoerd dan gepland -3.088

2V Verg.verlening milieu bij agrarische IPPC inrichtingen

-1.515

3V Vergunningverlening milieu bij overige vergunningsplichtige inrichtingen

-846

12 Specialistisch advies (externe) veiligheid

15 Bodem, bouwstoffen en water

1.477

-2.270

16 Specialistisch advies geluid en trillingen

-1.099

19 Specialistisch advies energie en klimaat

20 Milieuadvies ruimtelijke plannen

855 -4.000

-3.000

-2.000

-1.000

0

1.000

2.000

Naast het feit dat vergunningverlening vaak vraag gestuurd is, is er nog steeds een tekort aan (agrarische) vergunningverleners en zijn er net als vorig jaar beduidend minder vergunningen (2V en 3V) gerealiseerd dan gepland. Geconcludeerd kan worden dat de actualisatieverplichting IPPC-inrichtingen op de best beschikbare technieken (BBT) nog niet tot uitvoer is gekomen. Evenals voorgaand jaar blijkt dat de behoefte aan inzet externe veiligheid hoger ingeschat is dan verantwoord. Complex is vaak, dat deze werkzaamheden over verschillende afdelingen binnen de gemeentelijke organisaties zijn geregeld. Op taakveld bodemadvies en toezicht zijn beduidend meer uren gerealiseerd dan gepland. Dit is conform het beeld van 2021. De daadwerkelijke werkzaamheden zijn nu beter in beeld. Deze moeten echter nog opgenomen worden in de probleem- en risicoanalyse en daarmee door vertaald worden in het RUP.

15

Doordat het project actualiseren vergunningen op de voorschriften rondom duurzaamheid (energie) niet is opgepakt is er dus minder ingezet op specialistisch advies energie en klimaat dan begroot. Toezicht milieu In het RUP zijn producten in aantallen met bijbehorende kengetallen opgenomen, maar ook producten waar geen kengetallen voor zijn opgenomen. Deze producten worden in uren verantwoord. In grafiek 4 zijn het aantal geplande versus gerealiseerde toezichtcontroles weergegeven in aantallen. Grafiek 4

Aantal toezichtcontroles bij bedrijven uitgevoerd 2022

gepland 2022 1175 1161

Volledige controles 180

Deelcontroles energie

256

6 0

Deelcontroles bodem Deelcontroles overig

112 101

Audit / administratieve controle

101

246 485

Hercontrole 64

Handhavingscontrole 0

935

152 200

400

600

800

1000

1200

1400

Er zijn dit jaar bijna 100 meer hercontroles uitgevoerd dan in 2021. Het geraamde aantal hercontroles blijkt te hoog te zijn. Mede doordat wel alle volledige controles zijn uitgevoerd. Deze tendens dient meegenomen te worden in de actualisatie van de probleem- en risicoanalyse. De partners zijn erop gewezen dat de uitgevoerde controles die vallen onder het programma versterkte uitvoering energie, en uitgevoerd zijn door een extern bureau, niet in het uitvoeringsprogramma verantwoord mogen worden. Bij het opstellen van het uitvoeringsprogramma hebben enkele partners deze productie wel geraamd. Hierdoor is het aantal deelcontroles energie in werkelijkheid lager uitgekomen dan begroot. Daarnaast zijn er in werkelijkheid 50 deelcontroles energie minder uitgevoerd dan in 2021.

16

Ook het aantal handhavingscontroles is lager dan begroot. Dit ligt in lijn met het aantal hercontroles. Naast aantallen voert de RUD ook producten uit die alleen geregistreerd worden op uren. Deze zijn hieronder in grafiek 5 weergegeven. Grafiek 5

Gerealiseerde uren toezicht controles bij niet bedrijven t.o.v. de planning (R)UP uitgevoerd 2022

gepland 2022

10T Toezicht op grondstromen, bouwstoffen en bodem

2247

11T Milieutoezicht opsporen milieucriminaliteit buitengebied

212

4291

700 5218 4894

26T Milieutoezicht bij sloop met asbest 30T Advies na meldingen, klachten en ongewone voorvallen

6665

4557 0

1000

2000

3000

4000

5000

6000

7000

De geplande ureninzet op milieutoezicht opsporen milieucriminaliteit buitengebied (11T) is ten opzichte van 2021 gehalveerd. De werkelijke inzet is ongeveer gelijk aan 2021. De Indruk bestaat dat er wel ureninzet op heeft plaatsgevonden, maar de monitoring op deze inzet niet (correct) wordt aangeleverd. Dit wordt onder andere veroorzaakt doordat deze inzet buiten de reguliere “VTH-afdelingen” van de partners gebeurd. Ook het toezicht op grondstromen, bouwstoffen en bodem is veel lager uitgekomen dan begroot. Bij de raming was rekening gehouden met de overdracht van bodemtaken in relatie tot de omgevingswet. In werkelijkheid zijn deze taken nog niet overgedragen. Melding , klachten en ongewone voorvallen maken geen onderdeel uit van de probleem- en risicoanalyse, maar worden lokaal op ervaringscijfers aangeleverd. Voor het nieuwe uitvoeringsprogramma zal hier aandacht aan besteed moeten worden. BRIKS De afkorting BRIKS staat voor de producten die vallen onder bouwen, ruimtelijke ordening, inritten, kappen van bomen en slopen van bouwwerken. Uitzondering hierop zijn de sloopwerkzaamheden met asbest. Deze zijn onder toezicht milieu verwerkt. De BRIKS producten zijn uiteen te zetten in vergunningverlening en specialistisch advies en toezicht. Deze zijn apart in onderstaande grafieken opgenomen.

17

Grafiek 6

Gerealiseerde uren vergunningverlening en specialistisch advies BRIKS t.o.v. planning (R)UP uitgevoerd 2022

gepland 2022

1912 1800

24 Specialistisch advies constructieve veiligheid

1968 2350

23 Specialistisch advies brandveiligheid

13416 14314

21V Vergunningverlening bouw (eenvoudig)

8348

21V Vergunningverlening bouw (complex)

6505 0

2000

4000

6000

8000

10000 12000 14000 16000

Zoals grafiek 1 weergeeft is met het programma BRIKS 102% gerealiseerd. De specificatie is weergeven in bovenstaande grafiek. Het programma is lastig te plannen, aangezien dit volledig marktafhankelijk is. Geconcludeerd kan worden dat de inschatting redelijk overeenkomt met de werkelijke vraag. Grafiek 7

Gerealiseerde uren BRIKS (top 3) t.o.v. planning (R)UP uitgevoerd 2022

gepland 2022

301

21T Toezicht gebruiksfase (bestaande bouw)

1997

6599

21T Toezicht bouwen en RO (complex) - realisatiefase

5831

3194

21T Toezicht bouwen en RO (eenvoudig) realisatiefase

1928 0

1000

2000

3000

4000

5000

6000

7000

18

Uit bovenstaand overzicht blijkt dat er een taakverschuiving heeft plaatsgevonden door te controleren op de realisatiefase. Diverse bouwprojecten zijn tot uitvoer gekomen, waarbij toezicht is gehouden. Deze hogere inzet is “ten koste” gegaan van het toezicht in de gebruiksfase. APV Met betrekking tot APV is in grafiek 1 aangeven dat 91% van het programma is behaald ten opzichte van 78% in 2021. Grafiek 8

Gerealiseerde uren APV (Top 5) t.o.v. planning (R)UP uitgevoerd 2022

gepland 2022

45T Advies gebiedstoezicht

5894

6531

1090 1050

Kermissen 285 318

Weekmarkten

575 757

Drank- en horecawet

1630

APV 0

1000

2000

2843 3000

4000

5000

6000

7000

Ondanks dat het programma op 45T met 1.000 verhoogd was ten opzichte van 2021 is de realisatie nog circa 650 uur hoger uitgekomen dan begroot. De cijfers rondom APV zijn volledig in lijn met die van 2021. Deze gegevens zullen betrokken moeten worden bij de opstelling van het nieuwe uitvoeringsprogramma. Juridisch en overig Op het onderdeel juridisch en overig ligt de productie procentueel gezien aanmerkelijk hoger dan vorig jaar, zie grafiek 1. In absolute aantallen is er echter bijna 14.000 uur minder gepland dan in 2021. In werkelijkheid zijn er circa 3.000 uur minder gerealiseerd dan in 2021. Doordat het programma dermate is verlaagd komt de productie procentueel gezien in 2022 dus hoger uit.

19

Grafiek 9

Gerealiseerde uren Juridisch en overig (top 7) t.o.v. (R)UP uitgevoerd 2022

gepland 2022

Lokale projecten/prioriteiten

13106

5367 1299

Regionale projecten/prioriteiten

5508 6976,25 6124

Landelijke projecten/prioriteiten 1765 2406

Overige (juridische) werkzaamheden

13506 12041

36T Juridisch Toezicht en Handhaving 36V Juridisch Vergunningverlening

7671

8881

285 900

33V Besluitvorming beschikking vergunning 0

2000

4000

6000

8000

10000 12000 14000 16000

Bovenstaande taken, projecten, zijn met name ingebracht door één partner. Er zijn meer projecturen gerealiseerd. Projecten die zijn opgepakt zijn: ‘aanpak ondermijning’, ‘aanpak onrechtmatige bewoning recreatiewoningen’ en ‘actualisatie APV’. Ook het project implementatie RX.Mission is hierop verantwoord. Bij de opstelling van het uitvoeringsprogramma was dit laatste project nog aangemerkt als regionaal project. Ook de implementatie Omgevingswet is uiteindelijk onder lokale projecten verantwoord. Door deze twee projecten komen de uren lokale projecten hoger uit dan geraamd en de regionale projecten lager.

Algemene onderdelen Tenslotte wordt hieronder nog ingegaan op enkele algemene onderdelen. Door het tekort aan personeel en het lastig kunnen invullen van vacatures is het percentage uitwisseling weer verder gedaald van 3% in 2021 naar 2% in 2022. Omdat tussen de partners niet altijd invulling gegeven kan worden aan verzoektaken, het uithelpen als het specialisme niet in eigen huis is, wordt door de vragende partner zelf ingehuurd. Deze inhuur wordt opgenomen als eigen productie en heeft daarmee een “negatieve” invloed op het uitwisselingspercentage. De uitwisseling heeft echter wel op alle vlakken plaatsgevonden, zowel op reguliere vergunningverlening en toezicht als op specialistische expertises, zoals bijvoorbeeld geluid, bodem en cultuurhistorie..

20

De 2% uitwisseling wordt verrekend met de vastgestelde uurtarieven van de RUD LN. Hierdoor is ervoor circa € 324.000 uitgewisseld. In 2021 was dit nog € 417.000. Deze uitwisseling is zichtbaar in de jaarrekening, voor € 220.000 onder het product Basismilieutaken, en voor € 104.000 op het product Wabo-taken. Hoewel het bereiken van een hoog uitwisselingspercentage geen doel op zich is, geeft het wel een indicatie van de onderlinge samenwerking weer. Het aantal controles bij milieu-inrichtingen waar één of meer overtredingen zijn geconstateerd was 16%. Dit percentage was in 2021 14%. In 2022 is net als in 2021 100% van de adviezen van de RUD Limburg Noord door de bevoegde gezagen overgenomen. Van deze adviezen is 89% binnen de voorgenomen termijn opgeleverd. Dit is een afname van 1% ten opzichte van 2021. Het niet tijdig af kunnen geven van adviezen heeft een relatie met de onderbezetting op personeel.

Bijzondere thema’s Aan onderstaande thema’s is in 2022 speciale aandacht besteed. Omgevingswet en wet kwaliteitsborging bouwen Het in werking treden van de Omgevingswet is wederom verder uitgesteld tot inmiddels 1 januari 2024. De WKB “lift mee” met de Omgevingswet. Beide wetten worden tegelijk ingevoerd. Het takenpakket van de RUD LN valt vrijwel volledig onder de reikwijdte van de Omgevingswet. Vanuit de projectleidersoverleggen Omgevingswet in Noord- en Midden Limburg vindt een terugkoppeling plaats naar de RUD LN. De veranderingen als gevolg van de Omgevingswet zitten, naast onder andere een andere werkwijze, veelal in de veranderingen in het gebruik van data. Er komen landelijke voorzieningen waar data moet worden aangeleverd en kan worden opgehaald. De data komt van de bevoegde gezagen (bron) maar wordt door het gebruik van de nieuwe applicatie gemakkelijker en voor meer partijen toegankelijk. Ook de burgers en bedrijven kunnen daardoor sneller inzage krijgen en dat is precies de bedoeling. Deze operatie is zo omvangrijk en complex, dat dit de planning van de invoering van de Omgevingswet bepaald. Een andere werkwijze vraagt ook veranderingen in werkprocessen.

Zo gaan we werken met milieubelastende activiteiten (MBA’s) in plaats van inrichtingen, verandert de vergunningplicht (meer algemene regels, minder vergunningen) en vinden er wijzigingen in het takenpakket van gemeenten en omgevingsdiensten plaats. Het grote aantal veranderingen vraagt naast bewustwording en gedragsverandering ook andere kennis en vaardigheden van medewerkers. In 2022 zijn we doorgegaan met het opleiden van medewerkers voor de Omgevingswet. Daarnaast is er vanuit het project ‘Van inrichting naar MBA’s’ een training ontwikkeld voor de ombouw van inrichting naar MBA en het omgaan met de Via-Tool voor de RUD LN medewerkers. Ter ondersteuning van de ombouw van inrichting naar MBA’s is voor een periode van een jaar de VIA-Tool

21

aangeschaft met 60 licenties. De ombouw van inrichtingen naar MBA’s moet in 2023 worden uitgevoerd. Energie Het toezicht op energiebesparing wordt jaarlijks vastgelegd in het uitvoeringsprogramma. Bij het toezicht op de informatieplicht energiebesparingen, waarbij bedrijven moeten melden wat ze hebben gedaan aan (verplichte) energiebesparing, heeft de RUD LN vanaf 2020 ondersteuning gekregen van een externe partij (REDO groep, gefinancierd door het Ministerie van EZK). Dit heeft geleid tot een grotere naleving van de voorschriften en daarmee tot een verdere energiebesparing. Ook in 2022 heeft REDO deze taken voortgezet en zal dit ook nog voor 2023 uitvoeren. Binnen de RUD LN hebben 7 personen zich bezig gehouden met het energietoezicht of advisering. Het energietoezicht en -advies bij bedrijven vanuit de RUD LN is en wordt afgestemd met de RES NML. Omdat er nu een vastgestelde energiestrategie in de regio is, werd met de RES organisatie ambtelijk verkend hoe tot een betere onderlinge afstemming gekomen kan worden. De doelstellingen van beide organisaties sluiten immers goed op elkaar aan en de opdrachtgevers zijn dezelfde gemeenten. Doordat de energietaken niet door alle partners volledig zijn ingebracht in de RUD LN is het moeilijk gebleken tot een uniforme benadering te komen. Dit kwam ook omdat in 2022 nog geen extra (rijks)middelen beschikbaar waren.

De kennisgroep Energie heeft een voorstel gedaan voor een branchegerichte benadering. Verder is er in 2022 een subsidie aanvraag gedaan voor een Specifieke Uitkering Toezicht en Handhaving Energiebesparing en Informatieplicht (SPUK THE) ten behoeve van het extra uitvoeren van energietoezicht. Deze subsidie bedraagt € 2.2 miljoen voor de jaren 2022 tot en met 2026. De subsidie is in december 2022 toegekend. Er zijn een aantal voorwaarden gesteld. Zo dienen de werkzaamheden uitgevoerd te worden door medewerkers in dienst van de RUD LN. Vandaar dat eind 2022 gestart is met een eerste wervingsprocedure. Ook dient 40% van het budget van 2022 en 2023 eind 2023 te zijn gespendeerd, anders kan dit consequenties tot gevolg hebben. De voornaamste werkzaamheden die in 2022 zijn verricht zijn van voorbereidende aard, zoals het opstellen van het plan, de planning, het indienen van de aanvraag en het opstarten van de eerste wervingsprocedure.

22

Implementatie gezamenlijk VTH -systeem De RUD LN, de RUD ZL, alle gemeenten in de regio Noord- en Midden-Limburg, de provincie en enkele gemeenten in de regio Zuid-Limburg implementeren gezamenlijk een nieuw VTHsysteem, Squit 20/20. Ze werken samen als SGIV (Samenwerking Gemeentelijk Informatiesysteem) en hebben een werkorganisatie opgezet die de implementatie begeleidt. De Provincie Limburg is als regiepartner de penvoerder. Beoogd resultaat is een kwalitatief betere en efficiëntere taakuitvoering, kostenbesparing en betere dienstverlening aan bedrijven en burgers. Daarnaast kunnen alle deelnemers zich hiermee gezamenlijk voorbereiden op de komst van de Omgevingswet. Het werd echter steeds duidelijker dat de oplevering van Squit 20/20 niet alleen tegen inhoudelijk problemen aanliep, maar dat ook de planning voor de oplevering, acceptatie en life-gang van de applicatie moeizaam verliep. In 2021 sloten, ondanks de problemen, steeds meer gemeenten aan op de nieuwe applicatie. Een aantal partners (Servicecentrum-MER, Venlo en Peel en Maas) gaven echter aan dit niet meer te gaan doen en te wachten op de upgrade (RX-mission) welke vanaf oktober 2022 binnen SGIV uitgerold werd. Roermond, Leudal en Beesel zijn in 2022 live gegaan met RX-Mission.

SGIV heeft in 2022 ook een verandering doorgemaakt, waarbij de projectleiding bij het Servicecentrum MER is belegd, en er nieuwe werkgroepen gevormd zijn. Deze werkgroepen begeleiden o.a. de implementatie van RX-mission, hebben een blauwdruk ontwikkeld voor de gezamenlijke inrichting voor alle deelnemers, beoordelen de functionaliteit van zowel Squit2020 als RX-mission en richten zich op de doorontwikkeling van RX-mission binnen SGIV. Ketentoezicht / samenwerkingen Ketentoezicht is de samenwerking tussen toezichthoudende organisaties waarbij één of meer toezichthouders controleren op naleving, kwaliteit of veiligheid op een bepaalde branche of (afval-)keten. Hierbij is het kenmerk dat de partijen(toezichthouders), als schakels in de keten, achtereenvolgens betrokken zijn op de naleving wet- en regelgeving. Ketentoezicht is een basistaak en behoort daarmee tot een onderdeel van de RUD-taken. In het BPO (Bestuurlijk Platform Omgevingsrecht) alsook in het APO (Ambtelijk Platform Omgevingsrecht) was de RUD LN als uitvoerende organisatie vertegenwoordigd in 2022. Deelnemers waren Waterschap Limburg, NVWA, Provincie Limburg, gemeenten, OM, Politie, RIEC, Staatsbosbeheer, RUD ZL en de RUD LN. Het BPO is in 2022 slechts eenmaal bij elkaar geweest op 31 oktober. Er is besloten om het BPO en APO om te vormen in bestuurlijke VTH bijeenkomsten.

In dit bestuurlijk VTH overleg/bijeenkomst ligt de focus op algemene zaken rondom vergunningen, toezicht en handhaving. Hierbij wordt gewerkt met themabijeenkomsten.

23

In 2022 is met name het project Gebiedsgerichte Handhaving Mest in De Peel (GGH Mest) voortgezet. Het project is door het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselvoorziening (: Ministerie van LNV) geïnitieerd. Het doel was om de samenwerking te verbeteren tussen de diverse partijen die zich bezighouden met toezicht en handhaving m.b.t. regelgeving die (direct of indirect) verband houdt met het onderwerp ‘mest’, met als gevolg een betere naleving daarvan en zodoende een positief effect op de water- en grondkwaliteit. De betrokken partijen zijn: Ministerie van LNV, NVWA, RVO, de provincies Noord-Brabant en Limburg, 4 waterschappen, 3 Omgevingsdiensten en diverse gemeenten. Voor Limburg Noord nemen de provincie Limburg, het waterschap Limburg en de RUD LN namens de deelnemende gemeenten (Nederweert, Venray, Horst aan de Maas en Peel en Maas) deel aan het project. Gedurende Fase 1 van GGH Mest/De Peel is de operationele samenwerking op het gebied van T&H tussen deze partijen (met name de uitvoerders) geïntensiveerd. Momenteel is Fase 2 van het project in voorbereiding. Het voorstel is om de operationele samenwerking in Fase 2 van GGH Mest/De Peel nog een stap verder te intensiveren, door de controles niet alleen gezamenlijk uit te voeren, maar ook gezamenlijk voor te bereiden. Het voorstel wordt in 2023 bestuurlijk besproken.

Interbestuurlijk programma (IBP) In 2020 en 2021 werden al verbeterslagen gemaakt naar aanleiding van het evaluatierapport van Lysias eind 2019. Door het verschijnen van het rapport van de commissie Van Aartsen in 2021 kwamen deze verbeterslagen in een ander daglicht te staan. De verbeteringen die in het interne rapport van de RUD LN getiteld “Schouders Eronder” uit 2020 werden voorgesteld waren noodzakelijk, maar gingen niet ver genoeg c.q. raakten niet of onvoldoende de kern die de commissie Van Aartsen in haar aanbevelingen neerzetten in maart 2021. Uiteindelijk zijn hieruit de 6 pijlers voortgekomen die in een interbestuurlijk programma (IBP) door het rijk zijn opgenomen, met de volgende onderwerpen voor stelselverbeteringen: 1. Robuuste Omgevingsdiensten en financiering 2. Bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving en vervolging 3. Informatievoorziening VTH 4. Kennisinfrastructuur en arbeidsmarkt 5. Onafhankelijke uitvoering van toezicht en handhaving 6. Monitoring kwaliteit milieutoezicht Het rapport van Van Aartsen was bij de RUD LN aanleiding om de reeds ingezette verbeteringen te intensiveren. In december 2021 gaf het bestuur opdracht hiervoor een plan uit te werken. Uiteindelijk is dit plan op 7 juli 2022 ter besluitvorming aangeboden met de titel Plan van aanpak doorontwikkeling Omgevingsdienst Limburg Noord.

Het plan is erop gericht de RUD LN verder te ontwikkelen tot een volwaardige robuuste Omgevingsdienst die kwalitatief kan voldoen aan de verbeteringen die uit de aanbevelingen in het rapport Van Aartsen worden voorgesteld, met behoud van de netwerkorganisatievorm. Hierdoor wordt de flexibiliteit behouden die straks onder de omgevingswet nodig is binnen een gemeentelijke organisatie.

24

Plan van aanpak doorontwikkeling RUD Limburg Noord (PVA ODLN) Op 7 juli 2022 heeft het Algemeen Bestuur het “plan van aanpak doorontwikkeling Omgevingsdienst Limburg Noord” (kortweg PVA-ODLN) vastgesteld. Het zet een ontwikkeling in gang die onze dienst robuust en toekomstbestendig zal maken en waardoor we in lijn werken met de aanbevelingen van de commissie Van Aartsen. Het plan van aanpak richt zich op 6 onderdelen en is afgestemd op de landelijke pijlers uit het IBP (zie hierboven). Omdat het gaat om een verbetering van de uitvoering zijn deze gebaseerd op het aanpassen van onderdelen uit de bedrijfsvoering, de zogenaamde big-8. De onderdelen waar we ons op hebben gericht en richten, zijn: Kaders voor het uitvoeringsbeleid Verbeteren regionaal Uitvoeringsplan Monitoring van de uitvoering Kwaliteit van de uitvoering Sturing op uitvoering taken en financiën Aanpassing van de juridische basis (de GR) In 2022 is hiervoor een projectorganisatie ingericht en is als ondersteuning een tijdelijke externe programmamanager aangesteld. De eerste resultaten, het regionaal VTHbeleidskader en de kanteling van het Regionaal Uitvoeringsprogramma, zijn in december gepresenteerd en vastgesteld. Daarmee is definitief ingezet op een nieuwe opzet van de RUD LN als Omgevingsdienst (ODLN).

Doel is de middelen die in onze regio door de deelnemers in de GR ter beschikking worden gesteld, zo in te zetten dat maximaal (milieu)rendement wordt bereikt en sprake is van één regionaal beleid voor toezicht en handhaving. Een onderdeel van de aanpak is het onderzoeken naar de sturing door middel van financiën. Een extern bureau onderzoekt welke financiële systematiek het beste past bij de beweging naar meer centrale sturing. Gevolgen capaciteitsproblematiek bij de partners De komst van de Omgevingswet, toenemende zorgen over ondermijning, complexiteit van dossiers, de toegenomen juridisering enz. vragen extra capaciteit vanuit het VTH-domein. Door vergrijzing (uitstroom) en doorstroom ontstonden veel vacatures in de regio. Het blijkt moeilijk tot hernieuwde invulling te komen. Hier doet de eerder geconstateerde arbeidsmarktproblematiek voor technisch/specialistisch personeel zich gelden. Verder werd de in 2021 heersende COVID-pandemie in 2022 “overgenomen” door de impact van de oorlog in Oekraïne. Door de geëxplodeerde energieprijzen stonden en staan lopende inspanningen voor energiebesparing en alternatieve energiebronnen ineens in een ander daglicht. Dit maakt de krappe arbeidsmarkt voor gespecialiseerd personeel nog nijpender. Hierdoor is de uitwisseling van werkzaamheden tussen partners geringer dan ooit geweest.

Bij de bestuursrapportage, die in juli 2022 verscheen, werd al geconstateerd dat zowel het tempo van de uitvoering van het UP net iets achterliep alsook de uitwisseling van personeel

25

achterbleef bij de raming/begroting. Het gebrek aan personeel leidde eigenlijk automatisch al tot minder uitwisseling en meer inhuur. Om tijdig te kunnen bijsturen is, naar aanleiding van de bestuursrapportage, afgesproken de informatie richting portefeuillehouders over de voortgang van het programma op te schroeven. Hiervoor is in 2022 voor de eerste keer een kwartaalbericht opgesteld. Dit zal worden voortgezet. Daarnaast is de voortgang van het UP nu een standaard agendapunt voor het lijnmanagersoverleg. Opleidingen Wij hebben blijvende aandacht voor de aanwezige kwaliteit en kennis bij de medewerkers. De RUD LN investeert permanent in kennis, kunde en competenties van de medewerkers werkzaam binnen de RUD LN. Hiertoe is een opleidingsplan 2022-2025 gemaakt. Het plan is opgesplitst in een beleidsdeel en een uitvoeringsdeel. Het uitvoeringsdeel wordt jaarlijks geactualiseerd en besproken in het Lijnmanagersoverleg. In 2022 zijn er diverse online trainingen en fysieke incompany trainingen georganiseerd in het kader van de Omgevingswet en ter verbetering van het deskundigheidsniveau van de medewerkers. Daarnaast heeft de RUD academie o.a. trainingen in het kader van de Omgevingswet en de VTA-Tool verzorgd. Vanuit het project GGH Mest is ook een training door de NVWA gegeven over de meststoffenwet aan toezichthouders van de RUD LN en de provincie Limburg.

Prestatie-indicatoren De afgelopen jaren heeft de RUD-monitoring uitgevoerd over de prestaties van de uitvoering. Vanuit deze metingen heeft de RUD voor 2020 een eerste opzet van prestatieindicatoren opgesteld. Deze indicatoren zullen gedurende de jaren verder uitgebreid en doorontwikkeld worden. Dit zal mede mogelijk worden door de invoering van het centrale VTH-systeem. De cijfers van 2021 zijn ook hier aangepast, exclusief de cijfers van de provincie. Tabel 2

Indicator

Norm 90%

Realisatie 2020 94%

Realisatie 2021 68%

Realisatie 2022 74%

% uitgevoerde milieucontroles (excl. hercontroles) % volledige controles % deelcontroles

90% 90%

98% 71%

84% 98%

101% 83%

% uren vanuit het RUP gerealiseerd

95%

77%

89%

96%

% adviezen binnen de termijn opgeleverd % adviezen overgenomen door de colleges

90%

94%

90%

89%

100%

100%

100%

100%

26

2.4 Wat heeft het gekost? In onderstaande tabel zijn de totale baten en lasten opgenomen voor de uitvoering. In paragraaf 4.2 als onderdeel van de jaarrekening is een nadere toelichting opgenomen op de lasten en baten. Tabel 3 Taakveld

Lasten 1 Programmauitvoering Basis- en milieutaken Projecten Wabotaken 2 Coordinatiecentrum 3 Onvoorzien 4 Vennootschapsbelasting 7 Betalingsverkeer Totaal lasten Baten 5 Programmauitvoering Bestuurskosten Overhead Onvoorzien Basis en milieutaken Projecten Wabotaken Wabotaken Totaal baten Resultaat Resultaat voor bestemming 6 Onttrekking reserve Resultaat te bestemmen

2022

primaire begroting

2022

2022 2022 2022 2022 2022 Administra Begrotingswij tieve Begrotings ziging 2022 wijziging Begrotingswij wijziging Bijgestelde Realisatie UE dekking 2022 ziging PVA SPUK THE begroting 2022 2022 Saldo

7.4 milieubeheer 7.4 milieubeheer 8.3 wonen en bouwen 0.1 bestuur 0.4 overhead 0.8 overige baten en lasten 0.9 vpb 0.5 Treasury

€ € € € € € € € €

771.000 € € 103.000 € 21.000 € 1.092.000 € 50.000 € € € 2.037.000 €

€ 35.000 € € € € € € € -69.000 € 68.000 € € € € € € € -69.000 € 103.000 €

0.1 bestuur 0.4 overhead 0.8 overige baten en lasten 7.4 milieubeheer 7.4 milieubeheer 8.3 wonen en bouwen 8.3 wonen en bouwen

€ € € € € € € €

21.000 € 1.092.000 € 50.000 € 741.000 € € 103.000 € € 2.007.000 €

€ -8.000 € € -61.000 € € € € -69.000 €

€ € €

-30.000 € 30.000 € €

-

0.10 mutaties reserves

68.000 68.000 €

€ -35.000 € € 35.000 € € €

2022

€ € 161.000 € € € 104.000 € -50.000 € € € 54.000 € 161.000 €

806.000 € 462.000 € 161.000 € 40.000 € 103.000 € 104.000 € 21.000 € 26.000 € 1.196.000 € 1.027.000 € € € € € € € 2.287.000 € 1.659.000 €

344.000 121.000 -1.000 -5.000 169.000 628.000

€ € € € € 161.000 € € € € 161.000 €

21.000 € 21.000 € 1.152.000 € 1.170.000 € 50.000 € 50.000 € 681.000 € 400.000 € 161.000 € 49.000 € 103.000 € 104.000 € € € 2.168.000 € 1.794.000 €

-18.000 281.000 112.000 -1.000 374.000

-119.000 € 119.000 € €

254.000 -119.000 135.000

-

-54.000 € 54.000 € €

-

€ € €

27

135.000 € € 135.000 €

3 Paragrafen In de BBV zijn meerdere verplichte paragrafen opgenomen voor provincies, gemeenten en hun gemeenschappelijke regelingen. Deze zijn niet allemaal relevant voor de RUD. De RUD int geen belastingen en heffingen, bezit geen grondposities en is zelf geen verbonden partij bij een andere organisatie. Om deze reden zijn de paragrafen lokale heffingen, grondbeleid en verbonden partijen niet opgenomen. Hieronder staan de paragrafen: 1. Weerstandvermogen en risicobeheersing; 2. Financiering; 3. Onderhoud kapitaalgoederen; 4. Bedrijfsvoering.

3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is de buffer om tegenvallers op te vangen. Het weerstandsvermogen is de verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de risico’s (benodigde weerstandscapaciteit) die de RUD LN loopt. Voor het beoordelen van het weerstandsvermogen is inzicht nodig in zowel de omvang en de achtergronden van de mogelijke risico’s als ook in de beschikbare weerstandscapaciteit. Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit wordt gedefinieerd als de middelen en mogelijkheden waarover de RUD LN kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. Het is een buffer om ervoor te zorgen dat de organisatiedoelstellingen niet in gevaar komen, als risico’s werkelijkheid worden. De RUD LN beschikte vooralsnog niet over een algemene reserve. Zij beschikt in de begroting wel over een post onvoorzien ter hoogte van € 50.000 die tot de weerstandscapaciteit gerekend kan worden. Risicobeheersing De RUD LN inventariseert de risico’s waaraan de RUD LN is blootgesteld. Een aantal risico’s zijn afgedekt met verzekeringen. Denk daarbij aan de aansprakelijkheidsen rechtsbijstandverzekering. Een tabel van de risico-inventarisatie is in bijlage 5 opgenomen. Opgemerkt dient te worden dat de tabel inzicht geeft in de verwachtingswaarde van de risico’s.

Wanneer een risico zich daadwerkelijk voordoet kan het effect groter of kleiner zijn dan de verwachtingswaarde.

28

Beoordeling weerstandsvermogen Voor de beoordeling van het weerstandsvermogen is gebruik gemaakt van de waarderingstabel die door het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement in samenwerking met de Universiteit van Twente is ontwikkeld (NARIS). Tabel 4

In de onderstaande tabel is de beoordeling van het weerstandsvermogen opgenomen. Uit de tabel blijkt dat het huidige weerstandsvermogen ‘ruim onvoldoende’ is. De toezichthouder heeft dit bij de vorige jaarrekening ook geconstateerd en verzocht om dit op orde te brengen. Het Dagelijks Bestuur had in 2022 ook geïnformeerd naar het instellen van een algemene reserve. Vanwege bovenstaande wordt het algemeen bestuur nu na vaststelling van de jaarrekening voorgesteld het positieve rekeningresultaat van afgerond € 135.000 te bestemmen voor de vorming van een algemene reserve. Hiermee stijgt het weerstandsvermogen naar ‘ruim voldoende’. Tabel 5

Weerstandsvermogen Weerstandscapaciteit • Algemene reserve • Post onvoorzien Totaal Risico’s Ratio Beoordeling

Voor resultaatbestemming

Na resultaatbestemming

€0 € 50.000 € 50.000 € 109.500 0,46 Ruim onvoldoende

€ 135.000 € 50.000 € 185.000 € 109.500 1,69 Ruim voldoende

Kengetallen In artikel 11 van het BBV staat dat gemeenten, provincies en gemeenschappelijke regelingen in de paragraaf Weerstandsvermogen een set van vijf financiële kengetallen dienen op te nemen. Dit zijn kengetallen voor: de netto schuldquote, solvabiliteitsratio, structurele exploitatieruimte, grondexploitatie en belastingcapaciteit. Gezien de RUD LN geen belastingen en heffingen int en geen grondposities bezit zijn de kengetallen voor grondexploitatie en belastingcapaciteit niet van toepassing. Hieronder zijn de (overige) ratio’s weergegeven. In bijlage 7 is de berekeningswijze uiteengezet.

29

Tabel 6

Kengetallen

Realisatie 2021

Realisatie 2022

Duiding

Beoordeling

- 14,00%

Primaire Begroting 2022 -5,88%

Netto schuldquote

-19,29%

Dit kengetal geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Hoe lager dit percentage hoe beter.

Netto schuldquote, gecorrigeerd voor verstrekte leningen

- 14,00%

-5,88%

-19,29%

Solvabiliteitsratio

19,59%

9,31%

23,83%

Structurele exploitatieruimte

-0,13%

-1,49%

9,81%

Bij verstrekte leningen bestaat onzekerheid op terugbetaling. Door deze leningen in mindering te brengen op de financiële activa wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en wat dat betekend voor de schuldenlast. Hoe lager dit percentage hoe beter. De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de RUD in staat is zijn financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger dit percentage hoe beter. Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte de RUD heeft om de eigen lasten te dragen. Hoe hoger dit percentage hoe beter.

De RUD beschikt alleen over een bestemmingsreserve die afneemt. Het uitgangspunt is om geen algemene reserve op te bouwen. De RUD heeft geen leningen verstrekt. Hierdoor wijkt het percentage niet af van de netto schuldquote.

Het uitgangspunt is om geen algemene reserve in te stellen. Eventuele resultaten worden verrekend met de partners.

3.2 Financiering Deze paragraaf gaat in op de wijze waarop de RUD LN zo adequaat mogelijk omgaat met het liquiditeitenbeheer. Hiervoor gelden niet alleen wettelijke kaders en regels, zoals vastgelegd in onder andere de wet FiDo (Financiering Decentrale Overheden) en RUDDO (Regeling Uitzettingen Derivaten Decentrale Overheden), maar ook interne richtlijnen; deze interne richtlijnen zijn vastgelegd in het treasurystatuut. Het statuut geeft de kaders aan waarbinnen het beleid wordt uitgevoerd. Bij de inwerkingtreding van de Wet Financiering decentrale overheden (FiDo) is het opnemen van een financieringsparagraaf in de begroting en in de jaarrekening verplicht voorgeschreven. In het Besluit Begroting en Verantwoording is neergelegd dat de financieringsparagraaf in elk geval de beleidsvoornemens voor het risicobeheer van de

30

financieringsportefeuille dient te bevatten. Onder risico’s worden in dit verband verstaan: renterisico’s, liquiditeitsrisico’s, koersrisico’s, kredietrisico’s en voor zover van toepassing valutarisico’s. De grondslag voor de treasuryfunctie van de RUD wordt gevormd door het treasury statuut. In het treasury statuut zijn de kaders opgenomen waarbinnen het Dagelijks Bestuur de financieringsfunctie mag uitoefenen. Treasurybeheer- en beleid De belangrijkste algemene doelstellingen van het treasurybeleid zijn: • Het verzekeren van duurzame toegang tot financiële markten tegen acceptabele condities; • Het beschermen van vermogens- en (rente-)resultaten tegen ongewenste financiële risico’s zoals renterisico’s, koersrisico’s, liquiditeitsrisico’s en kredietrisico’s; • Het verankeren van de treasuryactiviteiten in de (administratieve) organisatie; • Het minimaliseren van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities; • Het optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de wet Fido, RUDDO en de limieten en richtlijnen van het treasurystatuut; • Het bewaken van de financiële risico’s op afgegeven garanties.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EchtSusteren&id=dcdc42d1-d3af-49ff-af69-d9b4ff6ed7ee