CConstaterende datEcht-Susteren
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlagenboek

Gemeenteraad 24 april 2024, gemeente Echt-SusterenBij agendapunt: Bestemmingsplan Woningbouwontwikkeling Vlaskuilseweg Maria Hoop18.818 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bestemmingsplan ‘Woningbouwontwikkeling Vlaskuilseweg Maria Hoop’ Gemeente Echt-Susteren Bijlagenboek

Bestemmingsplan ‘Woningbouwontwikkeling Vlaskuilseweg Maria Hoop’ Gemeente Echt-Susteren Bijlagenboek

Rapportnummer:

P04888_bijlagen

IMRO-identificatienummer:

NL.IMRO.1711.BP20220905-VG01

Datum:

21 februari 2024

Opdrachtgever:

NuZekerheid B.V.

Projectteam BRO:

CVe

Bron foto kaft:

BRO

Beknopte inhoud:

Bestemmingsplan ten behoeve van 14 woningen aan de Vlaskuilseweg 67 te Maria Hoop

BRO Hoofdvestiging Bosscheweg 107 5282 WV Boxtel T +31 (0)411 850 400 E info@bro.nl

Woningbouwontwikkeling Vlaskuilseweg Maria Hoop

Inhoudsopgave

Bijlagen bij toelichting

3

Bijlage 1

Ladderonderbouwing

4

Bijlage 2

Milieuhygiënisch vooronderzoek bodem

15

Bijlage 3

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai

185

Bijlage 4

Akoestisch onderzoek industrielawaai

283

Bijlage 5

AERIUS-berekening stikstof

544

Bijlage 6

Quickscan flora en fauna

565

Bijlage 7

Afwateringsplan

582

Bijlage 8

Archeologisch onderzoek

584

Bijlage 9

Programma van Eisen Proefsleuvenonderzoek

606

Bijlage 10

Vooronderzoek ontplofbare oorlogsresten

658

Bijlage 11

Omgevingsdialoog

708

Bijlage 12

Vervolgonderzoeken Flora en Fauna

711

Bijlage 13

Verkennend bodemonderzoek

729

Bijlage 14

Akoestisch onderzoek parkeren

855

Bijlage 15

Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen

934

2

Bestemmingsplan "Woningbouwontwikkeling Vlaskuilseweg Maria Hoop" (vastgesteld)

Bijlagen bij toelichting

Bestemmingsplan "Woningbouwontwikkeling Vlaskuilseweg Maria Hoop" (vastgesteld)

3

Bijlage 1 Ladderonderbouwing

4

Bestemmingsplan "Woningbouwontwikkeling Vlaskuilseweg Maria Hoop" (vastgesteld)

Advies

advies

Woonladder Vlaskuilseweg Mariahoop

project Woonladder Vlaskuilseweg Mariahoop datum 30 maart 2023 opdrachtgever NuZekerheid projectnummer P04888

1 Inleiding 1.1 Aanleiding Aan de Vlaskuilseweg te Mariahoop (gemeente Echt-Susteren) zijn 14 woningen beoogd. Op basis van de Ladder voor duurzame verstedelijking moet worden onderzocht of het plan voorziet in een behoefte en of er sprake is van duurzaam ruimtegebruik.

opgesteld door DG, SJ

1.2 Toepassing Ladder voor Duurzame Verstedelijking

i.a.a. JvGo

Het functioneel gebruik van de gronden ten behoeve van de functie wonen wordt door het vigerend bestemmingsplan “Stedelijk gebied’ (vastgesteld op 17 december 2015) niet toegestaan. Op grond van dit bestemmingsplan heeft het perceel de bestemmingen ‘Agrarisch’ en ‘Horeca’, waarbinnen de gewenste functie wonen niet mogelijk is. Om de ontwikkeling formeel mogelijk te maken is een wijziging van het bestemmingsplan noodzakelijk.

De realisatie van de woningen geldt als een nieuwe stedelijke ontwikkeling: 1. Het plangebied heeft in het bestemmingsplan de bestemmingen ‘Horeca’ en ‘Agrarisch’. Op basis van dit bestemmingsplan is wonen op de locatie niet toegestaan en is een wijziging van de bestemming noodzakelijk. 2. Vanaf 12 nieuwe woningen is sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Aangezien het om de toevoeging gaat van maximaal 14 woningen, kan het initiatief gekwalificeerd worden als een ‘nieuwe stedelijke ontwikkeling’. Bij het opstellen van de bestemmingsregeling is het uitgangspunt dat niet méér dan 14 woningen mogelijk worden gemaakt. Het doel van de Ladder is zorgvuldig en duurzaam ruimtegebruik, met oog voor de toekomstige ruimtebehoefte en ontwikkelingen in de omgeving. De Ladder geeft daarmee invulling aan het nationaal ruimtelijk belang gericht op een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij ruimtelijke besluiten.

In art 3.1.6 Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is vastgelegd dat de toelichting bij een bestemmingsplan of projectafwijking moet voldoen aan de systematiek van de Ladder voor Duurzame Verstedelijking (hierna: ‘ladder’). De ladder is een wettelijk verplicht motiveringsinstrument waaraan iedere ‘nieuwe stedelijke ontwikkeling’(art 1.1.1 Bro) moet worden getoetst.

BRO Bosscheweg 107 5282 WV Boxtel T +31 (0)411 850 400 E info@bro.nl www.bro.nl

Per 1 juli 2017 luidt het tweede lid van art. 3.1.6. als volgt: “De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.”

1

Advies Woonladder Vlaskuilseweg Mariahoop

Planinitiatief Het planinitiatief is gelegen aan de Vlaskuilseweg, op de kruising met de Kerkweg in Mariahoop te gemeente Echt-Susteren. Het woningbouwprogramma bestaat uit koopwoningen, gericht op starters, senioren en gezinnen. De groottes van de woningen variëren tussen 104 en 170 m 2 BVO. Tabel 1 geeft inzicht in het type woningen.

Tabel 1

Woningbouwprogramma

Woningtype

Aantal

Vrijstaande gezinswoningen (€398.000,V.O.N.)

2

Senioren-/gezinswoningen (€375.000,V.O.N.)

8

Starterswoningen (€260.000,- V.O.N.)

4

Totaal

14

1.3 Opzet onderzoek Voor het initiatief wordt onderzocht of en op welke manier de toevoeging van 14 woningen te verantwoorden is vanuit de methodiek van de Ladder voor Duurzame Verstedelijking. De hoofdvraag van dit onderzoek luidt: Voorziet het initiatief in een (kwantitatieve en kwalitatieve) behoefte en is er sprake van duurzaam ruimtegebruik binnen het verzorgingsgebied? Voor het antwoord onderzoeken we zowel de kwantitatieve als kwalitatieve behoefte aan de ontwikkeling binnen het verzorgingsgebied. Ook wordt gekeken naar de locatieafweging binnen of buiten het bestaand stedelijk gebied. Bovendien worden door middel van het onderzoek de te verwachten effecten van de beoogde ontwikkeling in beeld gebracht. Met

donderdag 30 maart 2023

Figuur 1: Impressie initiatief

de resultaten van het onderzoek is de Ladder voor Duurzame Verstedelijking doorlopen.

 

Voor het bepalen van de behoefte en het duurzaam ruimtegebruik is onder andere gekeken naar:  Omgevingsverordening Limburg (2014)  Omgevingsverordening Limburg 2014 (Ontwerp Wijzigingsverordening 2022)  Omgevingsvisie Limburg (2021)  Limburgse Agenda Wonen 2020-2023 (2020)  Dashboard Bevolking en Wonen Provincie Limburg (Etil, 2020)

    

Structuurvisie Wonen Midden-Limburg 2018-2021 (2018) Ontwerp Structuurvisie Wonen Midden-Limburg 20222025 (2022) Woningmarktonderzoek Midden-Limburg 2018-2030 Structuurvisie Echt-Susteren 2012-2025 Woonvisie Sittard-Geleen 2016-2020 Woonwensenonderzoek Echt-Susteren 2018-2030 Woonwensenonderzoek Maria Hoop 2018-2030

2

Advies Woonladder Vlaskuilseweg Mariahoop

2 Toetsing aan de Ladder voor Duurzame Verstedelijking Bij de toetsing van het initiatief aan de ladder zijn de volgende aspecten van belang:  Het ruimtelijk verzorgingsgebied van de ontwikkeling: wanneer er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling, dient de toelichting van het bestemmingsplan een beschrijving van de behoefte te bevatten binnen het ruimtelijk verzorgingsgebied van de ontwikkeling.  De behoefte aan de voorgenomen ontwikkeling: bij de beoordeling van de behoefte dient het bestaande aanbod en vraag betrokken te worden. Bovendien dient inzichtelijk te worden gemaakt dat het plan geen zodanige leegstand tot gevolg zal hebben, dat dit tot een onaanvaardbare situatie zal leiden uit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening.  De ligging van de ontwikkeling binnen of buiten bestaand stedelijk gebied: op basis van met name de bestemming wordt beoordeeld of de ontwikkeling is gelegen binnen bestaand stedelijk gebied. Als de woningbouwontwikkeling buiten bestaand stedelijk gebied is gepland, moet volgens artikel 3.1.6 lid 2 Bro gemotiveerd worden waarom niet binnen bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Daarbij spelen de beschikbaarheid en geschiktheid van locaties binnen bestaand stedelijk gebied een rol.

donderdag 30 maart 2023

2.1 Conclusie: initiatief passend binnen behoefte van het ruimtelijk verzorgingsgebied Voor de onderbouwing van de woonbehoefte is gekeken naar de afbakening van de relevante regio, om zo de behoefte in beeld te brengen. Hiervoor is gekeken naar de regionale woningmarkt, die gedefinieerd wordt op basis van verhuisbewegingen. In dit behoefteonderzoek gaat het om gemeente Echt-Susteren en gemeente Sittard-Geleen.

zinswoningen. Met de woningen van dit initiatief zal ingespeeld worden op de urgente behoefte vanuit ouderen en starters. Kwantitatieve behoefte

Het initiatief wordt passend geacht binnen de Ladder voor Duurzame Verstedelijking. Hieronder volgt een beknopte toelichting. De volledige onderbouwing van de woningbehoefte is opgenomen in bijlage 1 van deze notitie.

In zowel gemeente Echt-Susteren en Sittard-Geleen zal het aantal inwoners de komende jaren afnemen. Het aantal huishoudens laat een andere ontwikkeling zien in gemeente Echt-Susteren, aangezien deze nog tot 2029 blijft toenemen. Echter zijn er voldoende harde plannen om in de kwantitatieve woningbehoefte te voorzien. In kwantitatieve zin is er dus geen aanvullende woningbehoefte in de gemeenten Echt-Susteren en Sittard-Geleen.

Passend binnen beleidskaders

Kwalitatieve behoefte

Het planinitiatief past binnen de gestelde beleidskaders en draagt bij aan de beleidsdoelstellingen van Rijk, provincie, regio en gemeente:  Inbreiding binnen bestaande kernen gaat boven uitbreiding over landelijk gebied. Dit initiatief voldoet hieraan, aangezien het gelegen is binnen bestaand stedelijk gebied (zie ook par. 2.3).  Naast inbreiding geeft gemeente Echt-Susteren de voorkeur aan woningbouw vlakbij knooppunten van openbaar vervoer. Aangezien dit initiatief vlakbij een bushalte ligt zal hieraan worden voldaan.  Er is provinciaal, regionaal en gemeentelijk vooral een kwalitatieve opgave. De huidige woningvoorraad sluit niet altijd aan op de behoefte. Er is vooral behoefte aan betaalbare en middeldure woningen voor starters en senioren. Dit zijn veelal kleinere en levensloopbestendige woningen. In de huidige woningvoorraad is er een overschot aan appartementen zonder lift en duurdere eenge-

Er is zowel regionaal als in de gemeenten voornamelijk behoefte aan woningen voor senioren. Dit betreffen zowel appartementen als grondgebonden seniorenwoningen. De komende jaren zullen het aantal jongere huishoudens in de regio afnemen. Om hen in de regio te houden streven de gemeenten ernaar om nieuwe woningbouw ook beter bij hun behoefte aan te laten sluiten. Deze behoefte betreft voornamelijk een grondgebonden woning in een natuurlijke omgeving.

2.2 Geen onaanvaardbare leegstandseffecten Het is niet de verwachting dat er als gevolg van het realiseren van 14 woningen onaanvaardbare leegstandseffecten zullen optreden. Er is in de gemeente Echt-Susteren en de rest van de regio een dusdanige kwalitatieve mismatch, dat er nieuwe woningen nodig zijn om in de veranderende behoefte te voorzien.

3

Advies Woonladder Vlaskuilseweg Mariahoop

2.3 Gesitueerd binnen bestaand stedelijk gebied Voor de onderbouwing via de Ladder is relevant of de ontwikkeling mogelijk wordt gemaakt binnen of buiten het bestaand stedelijk gebied. In artikel 1.1.1 onder h van het Bro is een nadere omschrijving van het begrip 'bestaand stedelijk gebied' vastgelegd. Als bestaand stedelijk gebied wordt aangemerkt: ‘bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur’.  Het plangebied heeft in het vigerende bestemmingsplan de bestemmingen ‘Horeca’ en (deels) ‘Agrarisch’. Dit betekent dat het plangebied met het horeca-gedeelte een stedelijke functie heeft.  In de directe omgeving zijn stedelijke functies gelegen. Op de aangrenzende percelen zijn de bestemmingen ‘Wonen’ en ‘Bedrijf’ vigerend. Gezien het voorgaande is dus sprake van een ligging ‘binnen bestaand stedelijk gebied’ en is een verder motivering op dit punt niet nodig.

donderdag 30 maart 2023

4

Advies Woonladder Vlaskuilseweg Mariahoop

Bijlage 1: Onderbouwing woningbouwbehoefte B1.1 Afbakening verzorgingsgebied Het verzorgingsgebied is het gebied waarbinnen vraag en aanbod van woonruimte plaatsvindt, ook wel de woningmarkt. De woningmarktafbakening verschilt per initiatief en valt niet per definitie samen met een bestuurlijke regio. Een belangrijke indicator voor het functioneren van de regionale woningmarkt is het aantal verhuisbewegingen/migratiestromen binnen en naar de betreffende gemeente/woonplaats. Volgens de verhuisbewegingen (CBS, 2020) komt circa 45% van de verhuizingen naar een woning in gemeente Echt-Susteren vanuit de eigen gemeente. Daarnaast komt zo’n 29% vanuit één van de omliggende gemeenten, waarbij gemeente Sittard-Geleen eruit springt met 12%. Bij het bepalen van de behoefte wordt primair uitgegaan van de gemeente EchtSusteren. Vanwege de relatief sterke verhuisrelatie wordt secundair gekeken naar de gemeente Sittard-Geleen.

Tabel 2: Verhuisbewegingen binnen en naar gemeente EchtSusteren Gemeenten

Verhuizingen

Echt-Susteren

45%

Sittard-Geleen

12% 1

1

Overige omliggende gemeenten

17%

Totaal

74%

B1.2 Kaderstellend beleid In deze paragraaf is het kaderstellend beleid van provincie, regio en gemeente in beeld gebracht. Op basis van dat beleid wordt voorliggend initiatief afgewogen Provincie Limburg Omgevingsvisie Limburg (2021) Op 1 oktober 2021 is de Provinciale Omgevingsvisie Limburg (POVI) vastgesteld. Deze is op 25 oktober 2021 in werking getreden en vervangt daarmee het Provinciaal Omgevingsplan Limburg uit 2014 (POL 2014). In de POVI Limburg geeft de provincie haar visie op de fysieke leefomgeving. De provinciale ambitie ten aanzien van wonen is een voortreffelijk woon- en leefklimaat waar mensen zich prettig voelen, met voldoende woningen van de juiste kwaliteit op de juiste plek. Grootste opgave omtrent woningbouw is het toekomstgeschikt maken van de huidige woningvoorraad. Deze woningen zijn verouderd of sluiten onvoldoende aan op de huidige vraag. Hierdoor is er op korte termijn een vraag naar woningen voor specifieke doelgroepen, terwijl er naar verwachting ook overschotten zullen ontstaan van andere type woningen. De provincie Limburg richt zich dus hoofdzakelijk op het passend maken van de woningvoorraad aan de woonbehoefte. De hoofdlijnen binnen het thema ‘wonen en leefomgeving’ zijn als volgt.  Een woningaanbod/planvoorraad waarbij vraag en aanbod in evenwicht zijn, zowel in kwalitatief als kwantitatief opzicht.

Dit betekent voldoende (betaalbare) woningen van de juiste kwaliteit op de juiste plek.

Woningbouwontwikkelingen worden bekeken vanuit een brede maatschappelijke context. Verduurzaming en levensloopbestendig maken van bestaande en nieuwe woningen wordt gestimuleerd. Het op orde brengen van de kwaliteit van bebouwd gebied heeft voorrang. Dat betekent dat eerst leegstaand vastgoed wordt hergebruikt en herbestemd en dat wonen in principe alleen toegestaan is in daarvoor bestemde woongebieden. Hierop kunnen uitzonderingen worden gemaakt in de vorm van een flexibele schil.

In de provinciale woonmonitor komt naar voren dat er woningtekorten zijn in de sociale- en middeldure huur, voor eenpersoonshuishoudens, zorgbehoevenden en senioren. Daarnaast streeft de provincie ernaar om op wijkniveau en in samenhang naar sociale en fysieke woonopgaven te kijken, waaronder dus wonen en zorg. Het doel hiervan is om segregatie tussen groepen te voorkomen, inbreiding te stimuleren en de leefbaarheid van wijken te verbeteren. Omgevingsverordening Limburg (2014) De provincie Limburg heeft op 12 december 2014 de Omgevingsverordening Limburg 2014 vastgesteld. Hierin staan de regels die nodig zijn om het omgevingsbeleid uit het voormalige Provinciaal Omgevingsplan Limburg 2014 (POL2014) juridische binding te geven. Het POL2014 is inmiddels komen te vervallen, maar de in 2014 vastgestelde omgevingsverordening blijft van kracht totdat een nieuwe omgevingsverordening op grond van de nieuwe POVI in werking treedt. Ingevolge het voormalige POL2014 zijn eind 2014 de hoofdlijnen voor de ambities, opgaven, rolopvatting en aanpak

Cranendonck, Maasgouw, Roermond en Roerdalen.

donderdag 30 maart 2023

5

Advies Woonladder Vlaskuilseweg Mariahoop

vastgesteld door Provinciale Staten. Samen met stakeholders hebben de gemeenten en provincie geconstateerd dat voor diverse thema’s meer uitvoeringsgerichte regionale bestuursafspraken nodig en wenselijk zijn. Het gaat om 8 thema's: wonen, detailhandel, bedrijventerreinen, kantoren, energie, land- en tuinbouw, vrijetijdseconomie en Nationaal Landschap Zuid-Limburg. Meer specifiek ten aanzien van het thema wonen hebben de bestuursafspraken geresulteerd in de vaststelling van een drietal woonvisies voor respectievelijk Noord-, Midden- en Zuid-Limburg. Hiermee heeft elke regio het regionale woonbeleid verankerd. Naar alle waarschijnlijkheid treedt op 1 januari 2024 de nieuwe Omgevingswet in werking. Vooruitlopend op de inwerkingtreding van de nieuwe Omgevingswet, en daarmee ook de inwerkingtreding van een nieuwe omgevingsverordening, zijn een tweetal wijzigingsverordeningen in procedure gebracht. De wijzigingsverordening met betrekking tot het onderwerp ‘wonen’ is vastgesteld op 30 september 2022 en maakt sindsdien onderdeel uit van de Omgevingsverordening Limburg 2014. Uit de wijzigingsverordening volgt dat de provincie Limburg over meer dan genoeg planvoorraad beschikt om aan de kwantitatieve vraag te voldoen (2x meer planvoorraad dan de vraag). Of met deze bestaande planvoorraad voldaan kan worden aan de kwalitatieve vraag is niet altijd duidelijk.

Daarbij zijn veel gemeenten na de vaststelling van het bestemmingsplan sterk afhankelijk van de bereidheid van de ontwikkelaar/initiatiefnemer om tot realisatie van de woningen te komen. Maar in papieren plannen kan niemand wonen. Om van de woningen op papier echte woningen te maken, om te stimuleren dat plannen worden gerealiseerd, in heel Limburg, in

donderdag 30 maart 2023

steden en op het platteland, is er een realisatietermijn voor woningbouwplannen in de omgevingsverordening opgenomen.  Alle onherroepelijke en niet gerealiseerde plannen van vóór 2015, dienen vóór 2025 te zijn gerealiseerd. Indien realisatie niet plaatsvindt, dan zal de gemeente deze plannen voor die termijn heroverwegen. Alle woningbouwplannen die tussen 2015 en 2021 onherroepelijk zijn geworden, zullen voor 2029 gerealiseerd moeten worden  Nieuwe woningbouwplannen vanaf 2022 die door de gemeente worden vastgesteld zullen binnen 5 jaar gerealiseerd moeten worden. Omgevingsverordening Limburg 2021 Met de komst van de Omgevingswet is een nieuwe omgevingsverordening nodig die past binnen de kaders en het instrumentarium van de Omgevingswet. Provinciale Staten hebben op 17 december 2021 de Omgevingsverordening Limburg 2021 vastgesteld. De inwerkingtreding is voorzien op het moment dat ook de nieuwe Omgevingswet in werking zal treden. Hoewel het ontwerp van de Omgevingsverordening Limburg (2021) hoofdzakelijk een beleidsneutrale omzetting van de Omgevingsverordening Limburg 2014 is, staan er enkele nieuwe of inhoudelijk aanmerkelijk gewijzigde onderwerpen in, waaronder ook voor het aspect wonen.

Omdat de Omgevingswet diverse keren is uitgesteld zijn deze nieuwe onderwerpen en aanvullende regels inmiddels juridisch verankerd in de vigerende Omgevingsverordening Limburg 2014, zodat ook al vóór de inwerkingtreding van deze nieuwe ‘Omgevingsverordening Limburg 2021 gebruik kan worden gemaakt van de nieuwe instructieregels.

Limburgse Agenda Wonen 2020-2023 (2020) De Limburgse Agenda Wonen bouwt voort op de Limburgse ambitie en geeft richting aan activiteiten. Doorstroming op de woningmarkt staat daarbij centraal en om dit voor elkaar te krijgen is actie nodig: versnellen, versterken en doorzetten. Het doel van de agenda is om een bijdrage te leveren aan een gezonde woningmarkt. Daarbij is het van belang dat mensen kunnen wonen in een woning en woonomgeving waar ze zich thuis voelen. Een gezonde woningmarkt heeft aanbod dat goed inspeelt op de volgende aspecten:  De huidige en toekomstige woningbehoeften;  Mogelijkheid tot doorstroming en wooncarrière maken;  Voor iedereen toegankelijke en betaalbare woningen;  Er zijn geen overschotten die leiden tot leegstand (met uitzondering van 2% frictieleegstand);  Flexibiliteit is noodzakelijk voor mensen die snel huisvesting nodig hebben;  Eigen keuze is van belang. Een woning past bij de leefstijl van een bewoner die tot op zekere hoogte ook kan bepalen hoe, in welke samenstelling en waar hij of zij wil wonen;  De woonomgeving is minstens zo belangrijk, net als de mogelijkheden die bewoners hebben om hier invloed op uit te oefenen. Urgent te realiseren woningen betreffen segmenten als seniorenwoningen, woningen voor bijzondere doelgroepen en woningen in de (sociale en middeldure) huursector.

Er is een grote behoefte aan zelfstandige woningen en nieuwe woonconcepten voor ouderen. Realisatie in dit segment bevordert de doorstroming. Op dit moment geldt, dat ouderen in hun (vaak te grote) woning noodgedwongen blijven wonen, vanwege het ontbreken van een alternatief. Als dat alternatief er wél is, komen meer woningen van ouderen vrij voor een doorstromer. Deze maakt op zijn beurt een (betaalbare) woning vrij voor een starter.

6

Advies Woonladder Vlaskuilseweg Mariahoop

Regio Midden-Limburg Structuurvisie Wonen Midden-Limburg 2022-2025 (2022) Op 6 juli 2022 is de ‘Structuurvisie Wonen Midden-Limburg 2022-2025’ vastgesteld. Deze structuurvisie is de opvolger van de ‘Structuurvisie Wonen Midden Limburg 2018 tot en met 2022’. De ‘Structuurvisie Wonen Midden-Limburg voor 2022-2025’ geeft een indicatie van de koers met betrekking tot woningbouw in de komende jaren. De focus zal (nog steeds) liggen op het bouwen van woningen die aansluiten bij de lokale en regionale behoefte.  Er is regionaal behoefte aan extra huurwoningen.  Er is een beperkte doorstroming van ouderen naar een passendere woning. Het inspelen op hun behoefte moet niet alleen met nieuwbouw worden gedaan, maar ook moet de huidige woningvoorraad hierop worden aangepast.  Er is een toenemende behoefte aan flexibele wooneenheden, waar zowel regulier wonen als wonen met zorg mogelijk is. Kwantitatieve en kwalitatieve kaders  Volgens de meest recente prognose van Etil (2021) wordt in de regio nog een toename in het aantal huishoudens verwacht, met een top in 2034. In de gemeente Echt-Susteren wordt de huishoudenstop naar verwachting bereikt in 2029.  Per gemeente zijn kwantitatieve afspraken gemaakt met betrekking tot woningbouw. Dit hangt samen met de verwachte behoefte op basis van de prognose en aanvullende lokale ambities.

 Terwijl in de leeftijdsgroepen tot 65 jaar een huishoudenskrimp zal ontstaan tot het jaar 2030, zal het aantal 65+ huishoudens 30% toenemen. De woonbehoeftes

donderdag 30 maart 2023

vanuit senioren zullen dus steeds zwaarder mee gaan wegen in de woningbouw. Er moet dan ook vooral ingezet worden ingezet op realisatie van seniorenwoningen (huur en koop, levensloopbestendig), 1- en 2-persoonswoningen en reguliere huurwoningen (sociale- en middenhuur). Kijkend naar de huidige woningvoorraad is er een kwalitatieve mismatch. Er ontstaat een overschot aan woningen zoals appartementen zonder lift en koopwoningen, en een groter tekort aan huurwoningen.

Gemeente Echt-Susteren Structuurvisie Echt-Susteren 2012-2025 In de structuurvisie sorteert de gemeente Echt-Susteren voor op de veranderende huishoudenssamenstelling door bevolkingsdaling en vergrijzing. Deze veranderende bevolking brengt ook een veranderende woningbehoefte. Ten aanzien van wonen komt uit de structuurvisie het volgende naar voren:  In het stedelijk gebied ligt de nadruk op inbreiden, herstructureren en temporiseren.  Er is een nadrukkelijke voorkeur van nieuwe woningen binnen kernen boven nieuwe woningen in het buitengebied.  In elke kern moet gebouwd worden naar de kwantitatieve en kwalitatieve behoefte.  Er is (op het moment van het opstellen van deze structuurvisie) een overschot aan duurdere eengezinswoningen, en een tekort aan zorg- en levensloopbestendige nultredenwoningen.  Nieuwbouw het liefst bij voorzieningen en/of op een knooppunt van openbaar vervoer.

Conclusie Het planinitiatief past binnen de gestelde beleidskaders en draagt bij aan de beleidsdoelstellingen van Rijk, provincie, regio en gemeente:  Inbreiding binnen bestaande kernen gaat boven uitbreiding over landelijk gebied. Dit initiatief voldoet hieraan, aangezien het gelegen is binnen bestaand stedelijk gebied.  Naast inbreiding geeft gemeente Echt-Susteren de voorkeur aan woningbouw vlakbij knooppunten van openbaar vervoer. Aangezien dit initiatief vlakbij een bushalte ligt zal hieraan worden voldaan.  Er is provinciaal, regionaal en gemeentelijk vooral een kwalitatieve opgave. De huidige woningvoorraad sluit niet altijd aan op de behoefte. Er is vooral behoefte aan betaalbare en middeldure woningen voor starters en senioren. Dit zijn veelal kleinere en levensloopbestendige woningen. In de huidige woningvoorraad is er een overschot aan appartementen zonder lift en duurdere eengezinswoningen. Met de woningen van dit initiatief zal ingespeeld worden op de urgente behoefte vanuit ouderen en starters.

B1.3 Kwantitatieve behoefte In deze paragraaf is de kwantitatieve behoefte in beeld gebracht. In tabel 2 is de vraagbehoefte aan woningen afgezet tegen het huidige aanbod en de nog te ontwikkelen woningen (harde plancapaciteit). Door de woningbehoefte te verminderen met de harde plancapaciteit blijkt of er nog extra kwantitatieve behoefte is aan extra woningen. Uit de kwantitatieve behoefteraming uit tabel 2 blijkt van boven naar beneden het volgende:

7

Advies Woonladder Vlaskuilseweg Mariahoop

Het aantal inwoners zal volgens de prognose in zowel gemeente Echt-Susteren als Sittard-Geleen afnemen. In Echt-Susteren zal het aantal huishoudens nog licht toenemen2. Dit ligt in lijn met de landelijke trends van de alsmaar kleiner wordende huishoudens. Het toekomstig aantal huishoudens bepaalt grotendeels de benodigde woningvoorraad (zie rij C). In de Ontwerp Structuurvisie Wonen Midden-Limburg (2022-2025) wordt voor gemeente Echt-Susteren de woningopgave geschat op 339 woningen totdat de huishoudenstop is bereikt in 2029. Van gemeente Sittard-Geleen zijn geen actuele woonambities bekent. Kijkend naar het aantal huishoudens zal daar (in kwantitatieve zin) de woningbehoefte afnemen. De plancapaciteit3 zijn woningen die zijn voorzien in alle woningbouwplannen. Hierin maken we onderscheid in harde en zachte plancapaciteit. De handreiking bij de Ladder schrijft voor dat we de harde plancapaciteit doorrekenen in de behoefteraming. Dit zijn plannen in een vergevorderd stadium.

De zachte plancapaciteit is minder relevant. Deze plannen bevinden zich nog in de idee- of ontwerpfase. Ervaring leert dat diverse zachte plannen uiteindelijk niet tot uitvoering worden gebracht. Als de harde plancapaciteit (rij D) wordt afgetrokken van de benodigde woningvoorraad (rij C) is in beide gemeenten sprake van een overschot aan woningbouwplannen (zie rij F). Een relevante nuance daarbij is dat ook harde plannen soms niet tot uitvoering komen. Toch schrijft jurisprudentie voor dat we de harde planvoorraad moeten doorrekenen. Er is in dat geval per saldo geen sprake van een kwantitatieve behoefte.

Conclusie kwantitatieve behoefte

Tabel 3: Kwantitatieve behoefteraming woningen in verzorgingsgebied

2 3

B1.4 Kwalitatieve behoefte In deze paragraaf is de kwalitatieve behoefte in beeld gebracht. Daarmee is ook het bestaande kwalitatieve aanbod en vraag betrokken in het onderzoek en is het initiatief op basis van deze resultaten afgewogen, conform de richtlijnen van de ladder. Landelijke trends en ontwikkelingen

In zowel gemeente Echt-Susteren en Sittard-Geleen zal het aantal inwoners de komende jaren afnemen. Het aantal huishoudens laat een andere ontwikkeling zien in gemeente Echt-Susteren, aangezien deze nog tot 2029 blijft toenemen. Echter zijn er voldoende harde plannen om in de kwantitatieve woningbehoefte te voorzien. In kwantitatieve zin is er

Echt-Susteren

dus geen aanvullende woningbehoefte in de gemeenten Echt-Susteren en Sittard-Geleen. Voor het planinitiatief is dat niet erg, mits er wel kwalitatieve behoefte is aangetoond en de eventuele effecten aanvaardbaar zijn. Zoals uit het beleid naar voren komt is er vooral een behoefte vanuit kwalitatief oogpunt, waar in de volgende paragraaf op in wordt gegaan.

Sittard-Geleen

2022

2032

Ontwikkeling

2022

2032

Ontwikkeling

A. Inwonertal

31.671

30.939

-2,3%

91.280

87.557

-4,1%

B. Huishoudens

14.403

14.558

+1,1%

45.127

44.348

-1,7%

C. Benodigde woningvoorraad

+339

-779

D. Harde plancapaciteit woningen

400

935

E. Zachte plancapaciteit woningen

108

954

F. Aanvullende woningbehoefte = C-D

-61

-1.714

De woningbehoefte in Nederland neemt op veel plekken toe en blijkt bovendien veel groter dan voorheen aangenomen. In tegenstelling tot eerdere onderzoeken verspreid de behoefte zich over grotere delen van het land, ook in de periferie (vraag volgt aanbod). Landelijk gezien is nadrukkelijk sprake van een aantal trends, zo ook in de gemeente Echt-Susteren.  De woningmarkt zit voor veel doelgroepen op slot. Zeker voor starters op de woningmarkt is het lastig om een geschikte én betaalbare woning te vinden. De huizenprijzen zijn de afgelopen jaren explosief gestegen, maar tegelijkertijd beschikken starters doorgaans over beperkte financiële middelen. Een groot deel van de woningmarkt is daardoor onbereikbaar. Het aanbod is bovendien beperkt, huizen staan vaak kort in de verkoop en (stevig) overbieden is meer regel dan uitzondering.

Provincie Limburg, Dashboard Bevolking en Wonen, (Etil 2020) Pcmlimburg.nl, geraadpleegd op 24-08-2022.

donderdag 30 maart 2023

8

Advies Woonladder Vlaskuilseweg Mariahoop

Ook de zogenaamde ‘middeninkomens’ hebben het lastig. Deze groep komt doorgaans niet in aanmerking voor sociale huur, maar heeft onvoldoende financiële middelen voor de meeste koopwoningen. Deze groep is veelal aangewezen op de vrije huursector. Om de positie van middeninkomens te verbeteren zijn veel meer betaalbare woningen nodig, zowel huur als koop. Veel gemeenten kampen met vergrijzing waardoor het aantal ouderen (fors) toeneemt. Op veel plekken wordt al gesproken van ‘dubbele vergrijzing’. Inwoners worden niet alleen ouder, maar ouderen blijven ook langer zelfstandig thuis wonen. Dit is enerzijds ingegeven vanuit persoonlijke voorkeuren, anderzijds heeft het ook te maken met veranderende wet- en regelgeving. Hierdoor neemt de behoefte aan levensloopbestendige woningen stevig toe, dan wel woningen die op termijn levensloopbestendig te maken zijn. Vergrijzing zorgt tevens voor een toename van kleinschalige huishoudens (één- en tweepersoons). Kleinschalige huishoudens nemen ook toe door individualisering in de samenleving. De toename van kleinschalige huishoudens resulteert in een grotere behoefte aan kleinere woningen zoals (nultreden) appartementen.

Kwalitatieve behoefte Behoefte Midden-Limburg In 2018 is door Etil een woningmarktonderzoek uitgevoerd voor de regio Midden-Limburg voor de periode tot en met 2030. Naast de kwantitatieve behoefte is hierin ook inzicht verkregen in de kwalitatieve behoefte, waaronder:  De toename van het aantal huishoudens bestaat voornamelijk uit ouderen en eenpersoonshuishoudens. Hierdoor wegen de woonwensen van deze doelgroepen steeds sterker mee. Figuur 2: Voorkeurskeuzes woontypologieën Echt-Susteren.

donderdag 30 maart 2023

9

Advies Woonladder Vlaskuilseweg Mariahoop

Kijkend naar de woonsegmenten blijkt dat de grootste tekorten ontstaan in onder andere grondgebonden seniorenwoningen in zowel de huur als koopsector. Het prijssegment waarbij een tekort dreigt is het sociale/goedkope prijssegment. De meeste behoefte komt vanuit senioren en jongere huishoudens. Dit zijn vaak kleinere huishoudens, die daardoor op zoek zijn naar betaalbare woningen. Jongere huishoudens hebben hierbij vooral behoefte aan grondgebonden koopwoningen (met name vrijstaand) in de prijsklasse €150.000,- tot €200.000,-. Vanuit de middenleeftijdsklasse (30-65 jaar) is er vooral behoefte aan vrijstaande woningen en twee-onder-eenkapwoningen vanaf €200.000,- in een rustige en groene omgeving. Tot slot is er vanuit senioren vooral behoefte aan huurappartementen met lift en grondgebonden seniorenwoningen.

Gemeentelijke behoefte Gemeente Echt-Susteren Ook is bij het woningmarktonderzoek door Etil specifiek ingegaan op gemeente Echt-Susteren en op de kern Maria Hoop. Hieruit komt het volgende naar voren over de kwalitatieve behoefte in de gemeente:  Na 2029 zal voornamelijk het aantal jongere huishoudens (< 55 jaar) afnemen. Het aantal ouderen zal nog toenemen, wat betekent dat het aandeel ouderen in de gemeente groter zal worden.  Er zal dan ook vooral een behoefte ontstaan aan appartementen met lift en grondgebonden seniorenwoningen, in zowel het huur als koopsegment.  Het aantal jongere huishoudens (tot 30 jaar) zal naar verwachting gaan afnemen. De belangrijkste vestigingsreden van deze doelgroep is dat zij een ruimere woning

donderdag 30 maart 2023

zochten in een natuurlijke omgeving. Een dergelijk aanbod kan er dus voor zorgen dat meer jongeren in gemeente Echt-Susteren komen of blijven wonen. Over de behoefte in de kern Maria Hoop komt het volgende naar voren:  Er is vooral behoefte aan grondgebonden woningen (bungalows en vrijstaande woningen).  Ook in Maria Hoop zal er vooral een behoefte ontstaan vanuit senioren.

Conclusie kwalitatieve behoefte Er is zowel regionaal als in de gemeenten voornamelijk behoefte aan woningen voor senioren. Dit betreffen zowel appartementen als grondgebonden seniorenwoningen. De komende jaren zullen het aantal jongere huishoudens in de regio afnemen. Om hen in de regio te houden streven de gemeenten ernaar om nieuwe woningbouw ook beter bij hun behoefte aan te laten sluiten. Deze behoefte betreft voornamelijk een grondgebonden woning in een natuurlijke omgeving.

Gemeente Sittard-Geleen Over de Sittard-Geleen is minder uitgebreide informatie over de kwalitatieve behoefte beschikbaar. In de woonvisie (20162020) komt hierover het volgende naar voren:  Er is sprake van een kwalitatieve mismatch. Er is meer behoefte aan woningen voor ouderen, en aan (instapklare) woningen voor starters en jonge gezinnen.  Door woningen te realiseren die beter passen bij de hedendaagse behoefte vanuit de jongere huishoudens kan ‘ontgroening’ van de gemeente worden tegengegaan. Leegstand 

Volgens het CBS (2021) stond in de gemeente EchtSusteren circa 3% van de woningen leeg. Dit is iets hoger dan het landelijk gemiddelde van 2%. Circa 46% van deze leegstaande woningen stond een jaar eerder ook leeg. Dit is hoger dan het landelijk gemiddelde van 34%. In gemeente Sittard-Geleen stond in 2021 circa 4% van de woningen leeg, wat ook iets hoger is dan het landelijk gemiddelde. Hiervan stond circa 35% ook leeg in het jaar ervoor, wat ongeveer gelijk ligt aan het landelijk gemiddelde.

10

Bijlage 2 M ilieuhygiënisch vooronderzoek bodem

Bestemmingsplan "Woningbouwontwikkeling Vlaskuilseweg Maria Hoop" (vastgesteld)

15

RAPPORTAGE Milieuhygiënisch vooronderzoek bodem Vlaskuilseweg 67 Maria Hoop

Rapportage milieuhygiënisch vooronderzoek bodem Vlaskuilseweg 67, Maria Hoop Opdrachtgever

BRO Postbus 4 5280 AA Boxtel

Rapportnummer

19356.001

Versienummer

D1

Status

Eindrapportage

Datum

3 november 2022

Opsteller

De heer S.L. Ehlen, BSc

Paraaf

Kwaliteitscontrole Paraaf

De heer drs. E. Hartingsveld

Daarom Econsultancy KWALITEITSZORG Econsultancy is lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodembeheer (VKB). De VKB is een vereniging van bodemadvies- en -onderzoeksbureaus en heeft als doel kwaliteitsborging en continue verbetering van de dienstverlening van haar leden op het gebied van bodembeheer. Het VKB keurmerk geeft opdrachtgevers de zekerheid dat het uitvoerend bureau werkt conform de eisen die de VKB aan haar leden stelt op het gebied van competenties en integriteit van medewerkers en het toepassen van vigerende normen en onderzoeksprotocollen. CERTIFICERING Econsultancy werkt volgens een dynamisch kwaliteits- en milieusysteem, zoals beschreven in het kwaliteits- en milieuhand-boek. Ons kwaliteits- en milieusysteem is gecertificeerd volgens de eisen in de NENEN-ISO 9001 en NEN-EN-ISO 14001. BETROUWBAARHEID Dit bodemonderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving. Een bodemonderzoek wordt in zijn algemeenheid echter uitgevoerd door het steekproefsgewijs bemonsteren van de bodem, waardoor het, op basis van de resultaten van een bodemonderzoek, onmogelijk is garanties af te geven ten aanzien van de milieuhygiënische bodemkwaliteit.

GELDIGHEID ONDERZOEK Het bodemonderzoek betreft een momentopname. Econsultancy accepteert op voorhand geen aansprakelijkheid ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Econsultancy uitgevoerde bodemonderzoek neemt.

INHOUDSOPGAVE 1

INLEIDING .................................................................................................................................................. 1

2

AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE VOORONDERZOEK .......................................................................... 1

3

GERAADPLEEGDE BRONNEN ..................................................................................................................... 1

4

HISTORISCH EN HUIDIG GEBRUIK ONDERZOEKSLOCATIE ......................................................................... 2

5

TOEKOMSTIGE SITUATIE ............................................................................................................................ 4

6

CALAMITEITEN ........................................................................................................................................... 4

7

UITGEVOERD(E) BODEMONDERZOEK(EN) OP DE ONDERZOEKSLOCATIE ................................................. 4

8

AANGRENZENDE TERREINDELEN/PERCELEN ............................................................................................. 8

9

INFORMATIE LOKALE/REGIONALE ACHTERGRONDGEHALTEN ................................................................. 9

10

BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE .................................................................................................... 9

11

TERREININSPECTIE ................................................................................................................................... 10

12

SAMENVATTING EN CONCLUSIES ............................................................................................................ 11

BIJLAGEN: 1. 2a. 2b. 3.

- Topografische ligging van de locatie - Locatieschets - Foto's onderzoekslocatie - Uitgevoerde bodemonderzoeken op locatie

1

INLEIDING

BRO heeft aan Econsultancy opdracht verleend voor het uitvoeren van een milieuhygiënisch vooronderzoek bodem op de locatie Vlaskuilseweg 67 te Maria Hoop. Het bodemonderzoek is uitgevoerd in het kader van de bestemmingsplanwijziging van de onderzoekslocatie. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem heeft tot doel te bepalen of er aanleiding bestaat voor het uitvoeren van een bodemonderzoek conform de NEN 5740 en/of NEN 5707, door middel van een archiefonderzoek, een interview met de eigenaar/gebruiker en een terreininspectie. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is verricht conform de NEN 5725:2017 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek".

2

AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE VOORONDERZOEK

Het vooronderzoek omvat de onderzoekslocatie en direct hieraan grenzende terreindelen binnen een afstand van 25 meter. De onderzoekslocatie (± 4.285 m²) is gelegen aan de Vlaskuilseweg 67 te Maria Hoop (zie bijlage 1). De onderzoekslocatie is kadastraal bekend gemeente Echt, sectie N, nummer 190, 205 en 206. Volgens het Actueel Hoogtebestand Nederland bevindt het maaiveld zich op een hoogte van circa 40,0 m +NAP en zijn de coördinaten van het midden van de onderzoekslocatie X = 195.555, Y = 343.930.

3

GERAADPLEEGDE BRONNEN

In tabel 3.1 zijn de in het kader van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem geraadpleegde bronnen weergegeven. Van de locatie en de directe omgeving zijn uit verschillende informatiebronnen gegevens verzameld over het historische, huidige en toekomstige gebruik, eventuele calamiteiten, eventueel eerder uitgevoerde bodemonderzoeken, de bodemopbouw en geohydrologie, verhardingen, kabels en leidingen.

19356.001 versie D1

1 / 11

Tabel 3.1

Geraadpleegde bronnen Onderdeel

Bron

Historisch, huidig en toekomstig gebruik

Opdrachtgever (contactpersoon mevrouw Lelieveld ), d.d. 22 augustus

Bouw-/milieudossier, ondergrondse tanks, calamiteiten, eerder uitgevoerd bodemonderzoek

Omgevingsdienst MER (contactpersoon mevrouw Kupers), d.d. 7 oktober 2022

Locatiegegevens van internet: - historisch topografisch kaartmateriaal - basisregistratie grootschalige topografie - kadastrale gegevens - hoogtekaart - luchtfoto's - Google streetview - provinciale bodeminformatie - bodemopbouw - geo(hydro)logie - kabels en leidingen

www.topotijdreis.nl www.pdok.nl www.kadaster.nl www.ahn.nl webservices.gbo-provincies.nl/lufo/services/wms maps.google.nl www.bodemloket.nl maps.bodemdata.nl www.dinoloket.nl www.kadaster.nl/klic-wion

Terreininspectie

Uitgevoerd door Econsultancy, d.d. 1 september 2022

4

HISTORISCH EN HUIDIG GEBRUIK ONDERZOEKSLOCATIE

Uit historisch kaartmateriaal (zie figuur 4.1) uit de periode 1899 - 2019 blijkt, dat vanaf 1900 de onderzoekslocatie bebouwd is met wat nu bekend is als café ‘t Centrum. Het weiland ten noorden en noordwesten van de onderzoekslocatie heeft zover bekend altijd een agrarische bestemming gehad. Momenteel is de locatie nog bebouwd en is het overige terrein braakliggend.

Figuur 4.1 Historisch kaartmateriaal

19356.001 versie D1

2 / 11

De onderzoekslocatie is gedeeltelijk in gebruik als parkeerplaats. De parkeerplaats is voorzien van een asfalt en grind verharding (± 450 m²). Het is onduidelijk vanaf wanneer de locatie geasfalteerd is. Voor zover bij de opdrachtgever en omgevingsdienst MER bekend, heeft er op de onderzoekslocatie nimmer opslag van oliehoudende producten in ondergrondse of bovengrondse tanks plaatsgevonden. Bij de omgevingsdienst MER zijn geen gegevens aanwezig waaruit blijkt of er asbesthoudende materialen zijn toegepast op of in de (voormalige) bebouwing. Op de luchtfoto’s (zie figuur 4.2) is te zien dat in 2016 drie kleine gebouwen/aanbouw op de locatie aanwezig zijn ten noorden van het café. In 2017 zijn 2 gebouwen verwijderd en in 2018 is het 3e gebouw ook verwijderd.

Figuur 4.2 Luchtfoto’s van de onderzoekslocatie 2016 – 2021

In bijlage 2a is de huidige situatie op een locatieschets weergegeven. Bijlage 2b bevat enkele foto's van de onderzoekslocatie.

19356.001 versie D1

3 / 11

5

TOEKOMSTIGE SITUATIE

De initiatiefnemer is voornemens 14 wooneenheden op de locatie te bouwen. Binnen het plangebied bevindt zich een opstal, die zal worden gesaneerd.

6

CALAMITEITEN

Voor zover bij de opdrachtgever bekend hebben zich op de onderzoekslocatie in het verleden geen calamiteiten met een bodembedreigend karakter voorgedaan. Ook uit informatie van de omgevingsdienst MER blijkt niet, dat er zich in het verleden bodembedreigende calamiteiten hebben voorgedaan.

7

UITGEVOERD(E) BODEMONDERZOEK(EN) OP DE ONDERZOEKSLOCATIE

In 2016 is op de onderzoekslocatie een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op de Vlaskuilseweg 67 te Maria Hoop door Antea (kenmerk 412036, d.d. 27 september 2016, zie figuur 7.1 en bijlage 3). Destijds zijn voor dit onderzoek 15 grondboringen verricht waarvan 1 boring is afgewerkt als peilbuis. Tijdens het uitvoeren van de werkzaamheden zijn in de bovengrond matige bijmengingen van brekerzand en in de ondergrond sporen van kolen aangetroffen. Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte plaatmaterialen aangetroffen. Uit de analyse is gebleken dat de bovengrond plaatselijk licht verontreinigd is met cadmium, zink en PCB. De ondergrond is licht verontreinigd met minerale olie en kobalt. Het grondwater is licht verontreinigd met barium.

Figuur 7.1 Locatieschets verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op de Vlaskuilseweg 67 te Maria Hoop door Antea (projectnummer MT-19376, d.d. 9 september 2019)

19356.001 versie D1

4 / 11

In 2019 is op de onderzoekslocatie een vooronderzoek uitgevoerd op de Vlaskuilseweg 67 te Maria Hoop door Rouwmaat groep (projectnummer MT-19376, d.d. 8 november 2019, zie figuur 7.2 en bijlage 3). Uit eerder uitgevoerd onderzoek blijkt dat de resultaten geen aanleiding geven tot het uitvoeren van vervolgonderzoek, omdat de gemeten concentraties kleiner zijn dan de betreffende interventiewaarde. De resultaten vormen geen milieuhygiënische belemmering voor het huidige gebruik en de voorgenomen nieuwbouw op de locatie. Opgemerkt word dat er geen boringen geplaatst zijn op de parkeerplaats. Indien werkzaamheden op de parkeerplaats uitgevoerd gaat worden, dan word geadviseerd om een gecombineerd onderzoek naar PAK en asbest uit te voeren vanwege de onbekende onderliggende gelaagdheid.

Figuur 7.2 Locatieschets milieuhygiënisch vooronderzoek uitgevoerd op de Vlaskuilseweg 67 te Maria Hoop door Rouwmaat groep (projectnummer MT-10376, d.d. 8 november 2019)

In 2012 is op en rondom de onderzoekslocatie een Risicoanalyse Conventionele Explosieven onderzoek uitgevoerd op de kerkweg te Maria Hoop door Cees van den Akker Advies (projectnummer 1201, d.d. 6 november 2012, zie figuur 7.3 en bijlage 3). Uit dit onderzoek is voortgekomen dat het algemeen beeld is dat de aanwezigheid van niet gesprongen conventionele explosieven niet kan worden uitgesloten binnen het onderzochte wegtracé. De locatie heeft mogelijk te maken met een verhoogd risico op voorkomen van niet gesprongen conventionele explosieven uit de tweede wereld oorlog (zie figuur 7-3). Het risico is gereduceerd op plekken waar aanwezige wegverhardingen, voetpaden, rioleringen, kabels en leidingen na 1945 zijn aangelegd. Het advies is als volgt, voorafgaande aan de uitvoering van risicovolle grondwerkzaamheden het verdachte gebied laten onderzoeken op mogelijke niet gesprongen conventionele explosieven en deze te laten verwijderen.

19356.001 versie D1

5 / 11

Figuur 7.3 Risicoanalyse CE, project riool-en wegconstructie Kerkweg te Maria Hoop, Cees van den Akker Advies, projectnummer 1201, d.d. 6 november 2012. (in rood gebied rondom locatie aangegeven)

In 2005 is op de onderzoekslocatie een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op de Valkuilseweg 67 te Maria Hoop door Inpijn-Blokpoel ingenieursbureau (rapportnummer MB-5805, d.d. 9 mei 2005, zie figuur 7.4 en bijlage 3). Destijds zijn voor dit onderzoek 13 grondboringen verricht. Tijdens het uitvoeren van de werkzaamheden zijn in de grond plaatselijk in verschillende gradaties puinbijmeningen (sporen tot volledig) aangetroffen. Tevens zijn resten koolas en zwak koolhoudende grond aangetroffen. Uit de analyses is gebleken dat de bovengrond licht verontreinigd is met PAK. In de ondergrond zijn geen verontreinigingen aangetoond. Het grondwater is niet binnen 5 m -mv gemeten. De zintuigelijk aangetroffen verontreinigen wat zijn geanalyseerd in mengmonster 1 bestond uit boring 7,10,11,12 en 13. Boring 11, 12 en 13 bevat lichte, matige en volledige puin verontreinigingen en bevinden zich op de plaats waar zich nu een geasfalteerde parkeerplaats bevindt. Het is onduidelijk of dat er in 2005 al asfalt lag maar de grond is alleen licht verontreinigd met PAK. Het aangetroffen puin kan mogelijk wel verdacht zijn op asbest zolang de herkomst van dit puin onduidelijk is.

19356.001 versie D1

6 / 11

Figuur 7.4 verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op de Vlaskuilseweg 67 te Maria Hoop door Inpijn-Blokpoel ingenieursbureau (rapportnummer MB-5805, d.d. 9 mei 2005)

In 2008 is op de onderzoekslocatie een vooronderzoek asbest uitgevoerd op de Vlaskuilseweg 67 te Nederweert door DHV B.V. (rapportnummer B7015-01-001, d.d. maart 2008, zie bijlage 3). Het maaiveld is geïnspecteerd op het voorkomen van asbest of asbesthoudende plaatmaterialen. Er zijn vervolgens geen bijzonderheden waargenomen. Inpandig heeft er geen inspectie plaatsgevonden. Dit onderzoek concludeert dat ter plaatse van de aanwezige parkeerplaats op het terrein slechts in geringe mate puindeeltjes zijn waargenomen en er geen puinlagen aangetoond zijn welke eventueel asbest verdacht kan zijn. Dit is echter in tegenspraak met het eerder genoemde onderzoek van 2005 waarin staat beschreven dat de boringen ter locatie van de parkeerplaats lichte, matige en zelfs volledige puin verontreinigingen heeft aangetroffen.

19356.001 versie D1

7 / 11

8

AANGRENZENDE TERREINDELEN/PERCELEN

In hoofdstuk 3 zijn de geraadpleegde informatiebronnen voor de omliggende terreindelen en aangrenzende percelen binnen 25 meter van de onderzoekslocatie opgenomen. Het bodemgebruik van de omliggende terreindelen is als volgt: • • • •

aan de noordzijde bevindt zich een woonhuis met bijbehorende siertuin ; aan de oostzijde bevindt zich een asfaltverharde weg met daarachter bosschage; aan de zuidzijde bevindt zich woonhuizen met bijbehorende siertuinen en een klinker verhard pleintje; aan de westzijde bevindt zich woonhuizen met bijbehorende siertuinen.

In 1997 is ten zuiden van de onderzoekslocatie een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op de hoek van de Vlaskuilseweg en de Diergaarderstraat door Envicon BV (rapportnummer 97060201, d.d. 2 juni 1997, zie figuur 8.1). Destijds zijn voor dit onderzoek 5 grondboringen verricht. Tijdens het uitvoeren van de werkzaamheden bleek de grond zintuiglijk plaatselijk licht verontreinigd met puin en kool. Uit de analyses is gebleken dat de bovengrond licht verontreinigd is met zink en PAK. De ondergrond is licht verontreinigd met nikkel.

Figuur 8.1 verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op de hoek van de Vlaskuilseweg en de Diergaarderstraat door Envicon BV (rapportnummer 97060201, d.d. 2 juni 1997)

In 2016 is de Vlaskuilseweg ten oosten van de onderzoekslocatie gesaneerd volgens het evaluatierapport van de provincie Limburg (Projectcode LI171100820, d.d. 3 maart 2016, zie figuur 8.2 en bijlage 3). De eerder BUS melding van 2 juni 2015 had betrekking op de sanering van een verontreiniging met PAK. Er is van 3 tot en met 23 september ontgraven tot een diepte van 0,3 m-mv. Ter plaatse is na aanvulling met een laag zand (5 cm) een duurzame aaneengesloten afdeklaag aangebracht in de vorm van beton. De achtergebleven sterk verontreinigde grond is goed te onderscheiden van de aangebrachte zandlaag die tevens als signalering laag dient.

19356.001 versie D1

8 / 11

Figuur 8.2 Saneringslocatie ten oosten van de onderzoekslocatie volgens de provincie Limburg (Projectcode LI171100820, d.d. 3 maart 2016)

Uit de verzamelde informatie blijkt, dat er vanuit de omliggende percelen geen grensoverschrijdende verontreinigingen te verwachten zijn.

9

INFORMATIE LOKALE/REGIONALE ACHTERGRONDGEHALTEN

De onderzoekslocatie is volgens de “Nota bodembeheer Limburg Noord 2020-2029” gelegen binnen bodemfunctieklasse zone “Landbouw/Natuur”. De onderzoekslocatie is met betrekking tot ontgravingskaart en de toepassingskaart voor zowel de boven- als ondergrond gelegen binnen de bodem-kwaliteitszone "Landbouw/Natuur”. Volgens de ‘PFAS-bodemkwaliteitskaart Regio Limburg Noord’ die in 2020 is opgesteld blijkt dat de gemiddelde PFAS-gehalten van zowel de boven- als de ondergrond ruim beneden de landelijke achtergrondwaarden liggen. Regionaal komen verhoogde concentraties van metalen in het grondwater voor. De provincie Limburg heeft specifieke beleidslijnen geformuleerd met betrekking tot deze regionaal verhoogde concentraties van metalen in het grondwater (zie “Beleidskader bodem, actualisatie 2016”, vastgesteld door Gedeputeerde Staten van Limburg op 26 juli 2016).

10 BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE De originele bodem bestaat volgens de bodemkaart van Nederland uit een vorstvaaggrond, die volgens de Stichting voor Bodemkartering voornamelijk is opgebouwd uit Lemig fijn zand. De afzettingen, waarin deze bodem is ontstaan, behoren geologisch gezien tot de Formatie van Boxtel.

19356.001 versie D1

9 / 11

De gemiddelde stand van het freatisch grondwater bedraagt ± 34,0 m +NAP, waardoor het grondwater zich op ± 6,0 m -mv zou bevinden. Het water van het eerste watervoerend pakket stroomt volgens de isohypsenkaart van de Dienst Grondwaterverkenning van TNO in noordwestelijke richting. Er liggen geen pompstations in de buurt van de onderzoekslocatie die van invloed zouden kunnen zijn op de grondwaterstroming ter plaatse van de onderzoekslocatie. De onderzoekslocatie ligt niet in een grondwaterbeschermings- en/of grondwaterwingebied.

11 TERREININSPECTIE Op 1 september 2022 is er een terreininspectie uitgevoerd. Deze is gericht op de identificatie van bronnen, die mogelijk hebben geleid of kunnen leiden tot een grond- en/of grondwaterverontreiniging. De tijdens de terreininspectie aangetroffen situatie komt overeen met de locatiegegevens, zoals deze zijn opgenomen in hoofdstuk 4. Afgezien van de potentiële bronnen voor een grond- en/of grondwaterverontreiniging, die in de voorgaande paragrafen zijn beschreven, zijn er tijdens de terreininspectie geen aanvullende potentiële bronnen aangetroffen. Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte (plaat)materialen waargenomen. Uit de terreininspectie blijkt dat er, ten opzichte van het voorgaand verkennend bodemonderzoek uit 2016, geen wezenlijke veranderingen hebben plaatsgevonden die mogelijk geleid kunnen hebben tot verslechtering van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem

19356.001 versie D1

10 / 11

12 SAMENVATTING EN CONCLUSIES BRO heeft Econsultancy opdracht verleend voor het uitvoeren van een milieuhygiënisch vooronderzoek bodem op de locatie Vlaskuilseweg 67 te Maria Hoop. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is uitgevoerd in het kader van de bestemmingsplanwijziging van de onderzoekslocatie. De locatie heeft mogelijk te maken met een verhoogd risico op voorkomen van niet gesprongen conventionele explosieven uit de tweede wereld oorlog. Het risico is gereduceerd op plekken waar aanwezige wegverhardingen, voetpaden, rioleringen, kabels en leidingen na 1945 zijn aangelegd. Voorgesteld word om eerst een NGO onderzoek uit te voeren en/of begeleid te boren onder toezicht van een geaccrediteerd explosieve onderzoek bedrijf. Op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem en de terreininspectie kan gesteld worden dat er milieuhygiënisch lichte verontreinigen te verwachten zijn op de onderzoekslocatie. Echter, gelet op de aard en mate van de verontreiniging, bestaat er géén reden voor een nader onderzoek en bestaan er met betrekking tot de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem géén belemmeringen voor de voorgenomen nieuwbouw op de onderzoekslocatie.

Echter uit het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem blijkt, dat er onder de geasfalteerde parkeerplaats (niet onderzocht tijdens het verkennend onderzoek uit 2016) sprake is van voormalige en/of huidige bodembelasting op de locatie, waardoor het vermoeden van bodemverontreiniging aanwezig is. Dit in verband met de bijmenging van puin. Verwacht wordt, dat er verspreid over locatie wisselende gehalten aan verontreinigende stoffen voorkomen. Tevens dient het gebied aan de achterzijde van het pand onderzocht te worden in verband met de sloop wat vanaf 2016 tot circa 2018 heeft plaatsgevonden zoals in figuur 4.2 te zien is De verwachte verontreinigende stoffen voor deze situatie zijn metalen, PAK, minerale olie en asbest. Op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is geconcludeerd, dat de parkeerplaats en de achterzijde van het pand onderzocht dient te worden volgens de strategie voor een "verdachte locatie met diffuse bodembelasting en een heterogene verontreiniging op schaal van monsterneming, niet lijnvormig" (VED-HE-NL). Het doel van het verkennend bodemonderzoek in deze situatie is het bepalen van de aard van de heterogeen verdeelde verontreinigende stof op schaal van monsterneming. Tevens wordt vastgesteld of de vermoede verontreinigende stof de achtergrondwaarde of het geldend achtergrondgehalte overschrijdt.

Algemeen Indien er bij werkzaamheden grond vrijkomt die niet op de locatie kan worden hergebruikt, zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit, het “Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie of de regionale bodemkwaliteitskaart van toepassing.

Econsultancy 3 november 2022

19356.001 versie D1

11 / 11

Legenda Symbolen:

Polygonen:

Boringen:

Asfalt

Ontgravingsvak

Boring tot 0,5 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 0,5 m -mv

Klinker

Saneringslocatie

Boring tot 1,0 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 1,0 m -mv

Beton

Partij ontgraven grond

Boring tot 1,5 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 1,5 m -mv

Ontgravingsdiepte (m -mv)

Toekomstige bebouwing

Boring tot 2,0 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 2,0 m -mv

Partijhoogte (m +mv)

Voormalige bebouwing

Boring tot 2,5 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 2,5 m -mv

Opnamerichting foto

Asfaltverharding

Boring tot 3,0 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 3,0 m -mv

Vloeistofdichte vloer

Reparatievak asfalt

Boring tot 3,5 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 3,5 m -mv

Prefab betonnen vloerplaat

Opslagtank (bovengronds)

Boring tot 4,0 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 4,0 m -mv

Tegels

Opslagtank (bovengronds in lekbak)

Boring tot 4,5 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 4,5 m -mv

Golfplaat (asbest verdacht)

Opslagtank (ondergronds)

Boring tot 5,0 m -mv

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 5,0 m -mv

Boom

Struweel

Peilbuis (diep)

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + peilbuis (diep)

Bos

Haag

Peilbuis

Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + peilbuis

Boring voorgaand onderzoek tot 0,5 m -mv

Kernboring 80 mm

Boring voorgaand onderzoek tot 1,0 m -mv

Kernboring 120 mm

Boring voorgaand onderzoek tot 1,5 m -mv

Kernboring 120 mm + boring tot 0,5 m -mv

Boring voorgaand onderzoek tot 2,0 m -mv

Kernboring 120 mm + boring tot 1,0 m -mv

Struiken Gras

Lijnen:

Water

Bebouwing

Braak

Grens onderzoekslocatie

Grind

Toekomstige bebouwing

Onverhard

Voormalige bebouwing

Puinverharding

Beschoeiing

Talud

Hekwerk

Boring voorgaand onderzoek tot 3,5 m -mv

Spoorlijn

Boring voorgaand onderzoek tot 4,0 m -mv

Wandmonster

Boring voorgaand onderzoek tot 4,5 m -mv

Kernboring 120 mm + boring tot 4,0 m -mv

Boring voorgaand onderzoek tot 5,0 m -mv

Kernboring 120 mm + boring tot 4,5 m -mv

Spoorbaan Fietspad Parkeerplaats

Verontreiniging:

Trafo Pomp Olie/vetafscheider Mangat Riool inspectieput Zinkput Ontluchting Vulpunt Sleuf asbestonderzoek 200x40x50cm

Boring voorgaand onderzoek tot 3,0 m -mv

Kernboring 120 mm + boring tot 1,5 m -mv Kernboring 120 mm + boring tot 2,0 m -mv Kernboring 120 mm + boring tot 2,5 m -mv Kernboring 120 mm + boring tot 3,0 m -mv Kernboring 120 mm + boring tot 3,5 m -mv

Peilbuis voorgaand onderzoek (diep)

Kernboring 120 mm + boring tot 5,0 m -mv

Niet verontreinigd

Peilbuis voorgaand onderzoek

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 0,5 m -mv

Gehalte >AW/S-waarde

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 1,0 m -mv

Gehalte >T-waarde

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 0,5 m -mv

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 1,5 m -mv

Gehalte >I-waarde

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 1,0 m -mv

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 2,0 m -mv

Niet verontreinigd

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 1,5 m -mv

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 2,5 m -mv

AW/S-waarde contour

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 2,0 m -mv

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 3,0 m -mv

T-waarde contour

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 2,5 m -mv

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 3,5 m -mv

I-waarde contour

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 3,0 m -mv

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 4,0 m -mv

Niet verontreinigd

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 3,5 m -mv

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 4,5 m -mv

AW/S-waarde contour

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 4,0 m -mv

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 5,0 m -mv

T-waarde contour

Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 4,5 m -mv

Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + peilbuis (diep)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EchtSusteren&id=d8c01981-5a08-4277-b0a2-01a4cd0140f8