Bijlagen bij de toelichting
Tekst van het document
Bestemmingsplan
BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop
Bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop
Projectnummer 0466049.100 Revisie definitief Datum 21 juli 2021
Auteur(s) T.J. Peelen
Opdrachtgever Solar Provider Group B.V. Vliegend Hertlaan 15 3526 KS Utrecht
datum vrijgave beschrijving revisie 21 juli 2021 vastgesteld
goedkeuring J.D. van den Broek
vrijgave P.J.H. Hoogerwerf
Copyright © Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs.
vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop
Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100
Inhoudsopgave Bijlagen bij de toelichting
3
Bijlage 1
Landschappelijk inpassingsplan
5
Bijlage 2
Communicatie- en participatieplan Dominicusweg
15
Bijlage 3
Archeologisch bureauonderzoek
39
Bijlage 4
Archeologisch booronderzoek
77
Bijlage 5
Historisch bodemonderzoek
127
Bijlage 6
Natuurtoets
143
Bijlage 7
Toelichting Aerius bouwfase
189
Bijlage 8
Communicatie- en participatieverslag Dominicusweg
199
Bijlage 9
Vooroverlegnotitie
225
Bijlage 10
Resultaten plantenonderzoek
241
Bijlage 11
Reflectie onderzoek
247
Bijlage 12
Nota van zienswijzen en ambsthalve wijzigingen
261
Bijlagen bij de toelichting
blad 3 van 286
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop
Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100
blad 4 van 286
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop
Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100
Bijlage 1
blad 5 van 286
Landschappelijk inpassingsplan
Ruimte - Antea Nederland B.V.
LANDCHAPPELIJKE INPASSING en MEERVOUDIG RUIMTEGEBRUIK akkoord, 30122020
L A N D D U I N E N 30 m +NAP
Zan d
nic mi Do
J O N G E O N T G I N N I N G
us we g
weg
29 m +NAP 32 m +NAP
B E E K D A L
Z O N N E PA R K D O M I N I C U S W E G GEMEENTE ECHT-SUSTEREN Laatste aanpassing 30/12/2021
P L A N G E B I E D E N O M G E V I N G - Z O N N E PA R K D O M I N I C U S W E G
L A N D D U I N E N
Gebiedskenmerken • Het plangebied is gelegen in het buitengebied - buiten beschermende natuurzones - zoals weergegeven in de Omgevingsvisie POL 2014. Het beekdal ten zuiden is 30 m +NAP aangewezen als Bronsgroene landschapszone en de bossen (landduinen) ten noorden zijn aangewezen als Goudgroene natuurzone en Zilvergroene natuurzone. • Het plangebied is gelegen in de jonge ontginningen. Kernkwaliteiten van dit landschapstype zijn: de openheid, rechtlijnige en rationele verkavelingsrichting, beplanting voornamelijk langs wegen en kavelgrenzen. Akkers en weiden afgewisseld met kleine bospercelen. • Het plangebied is gelegen tussen twee andere landschapstypes, namelijk de landduinen ten noorden (bosgebied) en aan de zuidzijde het beekdal van de Pepinusbeek. Verder is ten westen van het plangebied de provinciale weg N572 gelegen. De oostzijde van het plangebied bestaat verder uit open agrarisch gebied. • Het plangebied is hiermee op de rand van de jonge ontginningen gelegen. Het heeft de kenmerken van een jonge ontginning (openheid, rationale verkaveling, bomenrijen langs wegen), maar aan de randen gaat dit over in een ander (landschaps)type. • Het plangebied is gelegen op ca. 30 m + NAP. Aan de zuid- westzijde loopt dit op naar ca. 32 m + NAP. Het beekdal ten zuiden is gelegen op ca. 29 m + NAP. De gronden ten noorden en ten westen zijn gelegen op ca. 30 m + NAP.
• Het gebied is geschikt voor prioritaire soorten. Hierbij gaat het met name om zoogdieren zoals konijn, haas, das, ingekorven vleermuis en laatvlieger. Vogels zoals patrijs, veldleeuwerik en steenuil. Amfibieën zoals kamsalamander en boomkikker. Voornoemde soorten zijn in het gebied aanwezig en hun leefgebied kan met de landschappelijke inpassing van het zonnepark versterkt worden.
Zan d
nic mi Do
J O N G E O N T G I N N I N G
us we g
weg
29 m +NAP 32 m +NAP
B E E K D A L
Plangebied en omgeving - zonnepark Schaal: 1:5000 Formaat: A3
2
|
L A N D S C H A P P E L I J K E I N PA S S I N G - Z O N N E PA R K D O M I N I C U S W E G
O N T W E R P - Z O N N E PA R K D O M I N I C U S W E G LEGENDA Zonnepanelen Inkoopstation Hekwerk Bloemrijk grasland Patrijzenhaag
Z i c ht
Nieuwe bomen
lijn
Bestaande bomen
A
Plukjes struweel Fruitbomen Takkenril
A’
Keverbank Wandelpad Informatie- en rustpunt Bestaande poel
B
B’
Ontwerp - zonnepark Schaal: 1:2000 Formaat: A3
3
|
L A N D S C H A P P E L I J K E I N PA S S I N G - Z O N N E PA R K D O M I N I C U S W E G
P R O F I E L E N - Z O N N E PA R K D O M I N I C U S W E G
Profielen - zonnepark Schaal: 1:150 Formaat: A3
4
|
L A N D S C H A P P E L I J K E I N PA S S I N G - Z O N N E PA R K D O M I N I C U S W E G
U I T G A N G S P U N T E N O N T W E R P - Z O N N E PA R K D O M I N I C U S W E G LANDSCHAPPELIJKE INPASSING Het belangrijkste uitgangspunt is de balans tussen inpassen van het zonnepark en behouden van de kernkwaliteiten van de jonge ontginning. Dit wordt op de volgende wijze ingevuld: • Behoud van openheid en zichtlijnen is een belangrijk uitgangspunt bij de inpassing van het zonnepark. Het zonnepark wordt daarom opgedeeld in drie velden. Tussen de velden zijn twee groenzones aanwezig van 10 en 20 meter breed. Deze stroken worden ingezet om de ecologie en biodiversiteit te bevorderen, maar ook om ‘lucht’ te creëren binnen het zonnepark. Het zonnepark is hiermee vormgegeven als drie losse, rechtlijnige kavels. • De westzijde van het zonnepark wordt ingepast met een patrijzenhaag en een bloemrijke rand met fruitbomen. Hiermee wordt de westelijke kavelgrens van het zonnepark benadrukt en is het zonnepark vanaf de provinciale weg landschappelijk ingepast. De bloemrijke rand heeft als hoofddoel een rust- en schuilplek te bieden voor de patrijzen en andere insecten. Verspreid over het bloemrijk grasland worden groepjes fruitbomen geplant. Deze bomen zijn belangrijk in het voedselaanbod van de das. • De noordrand van het zonnepark wordt ingepast met een bomenrij zonder onderbegroeiing. Het volledig inpakken van het zonnepark is namelijk niet passend in dit landschapstype.
De bomenrij benadrukt de kavelgrens en is een passend element in dit landschapstype. • De oost- en zuidzijde van het plangebied worden ingepast met plukjes struweel. Tussen de plukjes struweel zijn doorzichten naar het zonnepark. Op die manier wordt het zicht op het zonnepark vanaf deze zijde gefilterd, maar blijven er toch nog een aantal doorzichten aanwezig. Met het oog op de mogelijke vestiging van de boomkikker wordt in de • directe nabijheid van de poel eveneens enkele struwelen aangeplant. MULTIFUNCTIONEEL RUIMTEGEBRUIK • Recreatief medegebruik wordt bevorderd door het realiseren van een openbaar wandelpad langs het zonnepark. Een informatiepunt vertelt over de patrijzen, de paddenpoel, het zonnepark en het omringende landschap. Verder wordt op deze plek een picknickbank geplaatst, waarvan een fraai uitzicht is op het landschap ten noorden van het plangebied. Het wandelpad en uitzichtpunt zijn een verrijking voor de bezoekers van de camping op een boerenperceel, maar zijn ook openbaar toegankelijk voor recreanten. • Verder wordt op het zonnepark ingezet op de bevordering van ecologie en biodiversiteit. Door het realiseren van inheemse gebiedseigen beplantingen, takkenrillen en keverbanken wordt een waardevol biotoop gecreëerd voor de lokale flora & fauna (zoals ingekorven vleermuis, steenuil, kamsalamander en das).
ECOLOGIE & BIODIVERSITEIT Bij de realisatie van het zonnepark is ruime aandacht voor ecologie en biodiversiteit. In het plangebied wordt de patrijs gestimuleerd en heeft de landeigenaar zich aangesloten bij het PARTRIDGE project. Er zijn momenteel struwelen aanwezig, maar dit gebied zou nog meer versterkt kunnen worden door diverse maatregelen te implementeren ten behoeve van de patrijs. Er wordt voorgesteld om een patrijzenhaag, bloemrijke rand, takkenrillen en keverbanken te realiseren. Deze elementen vormen een waardevolle biotoop voor de kleinere insecten en zijn erg belangrijk voor de patrijs. De landschappelijke inpassing is opgesteld in samenwerking met Jac Mulders, werkzaam als zelfstandig ecoloog voor o.a. Natuurrijk Limburg. Hij heeft meegedacht voor de ecologische versterkingen van Zonnepark Dominicusweg. Wij hebben zijn advies over inpassing en soorten meegenomen in de plannen. In de directe omgeving van het zonnepark wordt met agrarisch natuurbeheer gewerkt aan akkervogelbeheer.
Voor patrijzen en andere akkervogels komen een aantal belangrijke elementen terug in het zonnepark, die kunnen helpen bij het herstel van de soorten: • Half verharde paden om in te stofbaden; • Rand en overgang situaties tussen verschillende soorten vegetatie, bij uitstek van toepassing op zonneparken (patrijzenhaag, bloemrijke rand, takkenril en keverbank); • Verscheidenheid aan beplanting; • Mogelijkheden om onzichtbaar te blijven voor roofdieren, onder de panelen en in hoge begroeiing; • Insectenrijk habitat, dit vergroot de overlevingskans van de kuikens significant. Doordat het aantal akkervogels in Nederland al jaren terugloopt, kan dit project helpen bij het herstel van enkele soorten. Het beheer zal plaatsvinden op een manier ten gunste van de akkervogels, waarmee het herstel van de desbetreffende soorten bevorderd wordt. Deze beschermingsaanpak voor akkervogels kan samengaan met een spottersplek buiten het hekwerk van het park. Zodat vogelaars kunnen genieten van deze vogels. Verder is het gebied geschikt voor bedreigde diersoorten (rode lijst) en/of prioritaire soorten uit het natuurbeleid van de provincie. Hierbij gaat het met name om: • zoogdieren zoals konijn, haas, das, ingekorven vleermuis en laatvlieger. • vogels zoals patrijs, veldleeuwerik en steenuil. • Amfibieën zoals kamsalamander en boomkikker.
Voornoemde soorten zijn in het gebied aanwezig en hun leefgebied kan met de landschappelijke inpassing van het zonnepark versterkt worden.
Patrijzenhaag 5
|
Takkenrillen
L A N D S C H A P P E L I J K E I N PA S S I N G - Z O N N E PA R K D O M I N I C U S W E G
Bloemrijk grasland
Fruitbomen
B E P L A N T I N G E N B E H E E R - Z O N N E PA R K D O M I N I C U S W E G Patrijzenhaag Over de west- en zuidzijde wordt een patrijzenhaag aangeplant, de totale lengte bedraagt 570 meter. De haag is een ongeveer 2 meter hoog en kan tot 5 meter breed worden. De haag bestaat uit inheemse soorten, waaronder struweelvormers, besdragende struiken en/of fruitsoorten. Het plantverband is drie rijen met één plant per vierkante meter. De heesters worden groepsgewijs gemengd, 2-4 stuks per soort Ned. naam Eenstijlige meidoorn Hondsroos Gele kornoelje Hulst Vuilboom Gewone vlier
wet. naam Crataegus monogyna Rosa canina Cornus mas Ilex aquifolium Rhamnus frangula Sambucus nigra
percentage 30% 20% 15% 10% 15% 10%
stuks 855 stuks 570 stuks 428 stuks 285 stuks 428 stuks 285 stuks
plantmaat maat 60-80 maat 60-80 maat 60-80 maat 60-80 maat 60-80 maat 60-80
Plukjes struweel Het oostelijke perceel met zonnepanelen wordt aan de zuid- en oostzijde voorzien van plukjes struweel. Elk plukje struweel (22X) bestaat uit 10 heesters met een plantafstand van 1.5 m X 1.5 m. De heesters worden groepsgewijs gemengd, 2-4 stuks per soort. Er wordt gebruik gemaakt van inheemse soorten, waaronder bes- en vruchtdragende soorten. Ned. naam Eenstijlige meidoorn Gele kornoelje Gewone vlier Vuilboom
wet. naam Crataegus monogyna Cornus mas Sambucus nigra Rhamnus frangula
percentage 30% 20% 20% 30%
stuks 66 stuks 44 stuks 44 stuks 66 stuks
plantmaat maat 60-80 maat 60-80 maat 60-80 maat 60-80
De patrijzenhaag en plukjes struweel worden ecologisch beheerd. Dit houdt in dat de haag en plukjes struweel niet tegelijk wordt afgezet, maar ieder jaar een gedeelte. Vanaf het vijfde jaar na aanplant, wordt ieder jaar een 1/3 afgezet. Overhangende takken aan de zijkanten mogen maximaal 1 maal per 3 jaar worden teruggesnoeid. Op die manier ontbreekt het dieren niet aan voedsel, nestgelegenheid en schuilplekken. De afgezaagde takken worden op rillen gelegd. Een takkenril is namelijk een zeer waardevol element voor fauna om in te schuilen en de wintermaanden in door te brengen. Algemene eisen ten aanzien van inrichting en beheer • Het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen in het element is niet toegestaan m.u.v. pleksgewijze bestrijding van akkerdistel, ridderzuring, Jacobskruiskruid en Japanse duizendknoop en van ongewenste houtsoorten (Amerikaanse vogelkers, Amerikaanse eik en Robinia) middels een stobbenbehandeling; • Bij beweiding van de aanliggende gronden is een raster aanwezig waardoor schade door vraat stammen en hakhoutstobben en betreding van het element wordt voorkomen. Het raster mag niet bevestigt zijn aan stammen van het element zelf; • Grondbewerking van de aanliggende gronden wordt zodanig uitgevoerd dat schade aan het element wordt voorkomen; • Snoeiwerkzaamheden worden in beginsel alleen verricht in de periode tussen 1 november en 15 maart.
• Bestrijding van ongewenste houtsoorten kan in de periode tussen 15 juli en 15 maart plaats vinden.
6
|
L A N D S C H A P P E L I J K E I N PA S S I N G - Z O N N E PA R K D O M I N I C U S W E G
fruit- en notenbomen Verspreid over het bloemrijk grasland worden groepjes fruit- en notenbomen aangeplant, In totaal 12 fruitbomen en 4 notenbomen. Vanwege de grote hoeveelheid aan fruitrassen, wordt er geadviseerd om de specifiek rassen af te stemmen met een lokale kweker. Daarbij heeft het de voorkeur om te kiezen voor fruitrassen die van oudsher voorkomen in de streek. Ned. naam Appel Peer Kers Noot
wet. naam Malus sylvestris (oude appelrassen) Pyrus communis (oude peerrassen) Prunus avium (oude kersenrassen) Juglans regia
percentage 40% 20% 20% 20%
stuks 6 stuks 3 stuks 3 stuks 4 stuks
plantmaat halfstam - 150/250 cm halfstam - 150/250 cm halfstam - 150/250 cm halfstam - 150/250 cm
Algemene eisen ten aanzien van inrichting en beheer • Indien het appel of peer betreft wordt de boom tenminste éénmaal per 2 jaar gesnoeid. Andere soorten enkel vormsnoei indien nodig; • Er mag geen snoeihout verbrand worden in de directe omgeving van de bomen of versnipperd hout verwerkt worden in de boomgaard; • Er mogen geen gewasbeschermingsmiddelen, behalve bij bestrijding van ongewenste houtsoorten (Amerikaanse vogelkers, Amerikaanse eik, Robinia) middels een stobbenbehandeling, en de pleksgewijze bestrijding van Akkerdistel, Ridderzuring en Brandnetel in het element gebruikt worden; • De hoogstamfruitboom mag niet beschadigd worden door vee. Jonge bomen zijn voorzien van een boomkorf; • Snoeiwerkzaamheden kunnen gedurende het gehele jaar worden verricht. Takkenrillen In de groenstroken binnen het zonnepark worden takkenrillen aangelegd. De takkenril bestaat uit snoeihout dat afkomt van de bomen, hagen en struweel op het zonnepark. De takkenril vormt een waardevol element voor kleine insecten, maar ook voor de patrijs. Daarnaast dient het als schuilgelegenheid voor verschillende soorten fauna. Een takkenril is ca. 2 meter breed en kan variëren in lengte. De minimale lengte is 5 meter. Er worden 3 takkenrillen gerealiseerd. Keverbanken In de groenstroken binnen het zonnepark wordt een keverbank aangelegd.
Een keverbank is een verhoogde strook akkerland begroeid met ruige grassen en kruiden. De strook is een halve meter hoger gelegen dan de omliggende gronden, is 3 meter breed en 100 meter lang. Door de verhoogde ligging is een keverbank warmer en droger dan de omringende gronden en biedt zo een waardevol biotoop voor insecten, waaronder de loopkever. Voor de patrijs biedt een keverbank warmte, dekking, insecten als voedsel voor kuikens en een veilige plek om te nestelen.
B E P L A N T I N G E N B E H E E R - Z O N N E PA R K D O M I N I C U S W E G Bloemrijk grasland Buiten panelen Aansluitend aan de patrijzenhaag en langs de overige randen van het zonnepark wordt een bloemrijke rand gerealiseerd met een oppervlakte van 1.6 hectare. Ter hoogte van de patrijzenhaag heeft de bloemrijke rand een breedte van 18 meter. Bloemenrijke randen bieden veilige broedgelegenheid en voedsel voor kuikens van de patrijs. In de eerste twee weken van hun leven eten kuikens voornamelijk insecten. Dit eiwitrijke voedsel is essentieel voor hun groei. In het moderne boerenland zijn insecten echter schaars geworden en daarom lijden kuikens vaak honger. Bloemrijke randen met een grote variatie aan bloeiende kruiden trekken grote aantallen insecten aan. Daarnaast is er volop zaad te vinden in de herfst en winter én bladgroen aan het einde van de winter als de zaden op raken. Bovendien biedt de begroeiing dekking tegen predatoren en slechte weersomstandigheden. Grassen Timothee Rietzwenkgras Beemdlangbloem Kropaar Roodzwenkgras Kamgras Struisgras gewoon
Pheum pratense Festuca arundinacea Festuca pratensis Dactylis glomerata Festuca rubra commutata Cynosurus cristatus Agrostis capillaris
8% 6% 5% 5% 5% 3% 3%
Kruiden Rolklaver Pastinaak Cichorei wildtype Knoopkruid Luzerne Margriet Rode klaver Smalle weegbree Witte klaver Duizendblad Witte honingklaver Boerenwormkruid Wilde peen
Lotus corniculatus Pastinaca sativa Cichorium intybus Centaurea jacea Medicago sativa Chrysanthemum leucanthemum Trifolium pratense Plantago lanceolata Triflolium repens Achillea millefolium Melilotus albus Tanacetum vulgare Daucus carota
10% 6% 5% 5% 5% 5% 5% 5% 5% 4% 4% 3% 3%
Onder panelen Onder de zonnepanelen kan de zon beperkt toe treden en is over het algemeen veel schaduw. Bloemrijke mengsels kunnen onder panelen niet voldoende tot ontwikkeling komen. Om die reden wordt onder de zonnepanelen geen bloemrijk graslandmengsel toegepast, maar een standaard grasmengsel. Algemene eisen ten aanzien van inrichting en beheer • Maximaal 2 en minimaal 1 maal per jaar maaien en het maaisel wordt binnen 15 dagen na het maaien afgevoerd; • tussen 1 april en 1 juli is maaien niet toegestaan. • Het maaien van het zonnepark dient gefaseerd te worden uitgevoerd. De periode tussen twee maaibeurten is minimaal 3 maanden; • De rand wordt niet bemest en er wordt geen slootveegsel en/of – bagger opgebracht; • Het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen in het element is niet toegestaan m.u.v. pleksgewijze bestrijding van akkerdistel, ridderzuring, Jacobskruiskruid en Japanse duizendknoop;
7
|
L A N D S C H A P P E L I J K E I N PA S S I N G - Z O N N E PA R K D O M I N I C U S W E G
Solitaire bomen De noordzijde van het plangebied wordt afgebakend met een bomenrij. In totaal worden er 39 bomen aangeplant. De plantafstand bedraagt h.o.h. 10 meter. Er wordt gebruik gemaakt van de volgende inheemse en gebiedseigen soorten: Ned. naam wet. naam percentage stuks plantmaat Zomereik Quercus robur 30% 11 stuks 10-12 Zomerlinde Tilia platyphyllos 40% 16 stuks 10-12 Ruwe berk Betula pendula 30% 12 stuks 10-12 Algemene eisen ten aanzien van inrichting en beheer • De bomen kunnen periodiek worden gesnoeid, waarbij de kroon (onderste dikke tak tot de top) na het snoeien altijd meer dan 50% van de lengte van het takvrij stamstuk bedraagt; • Bij versnipperen van het takhout mogen de snippers niet in de strook zonder agrarisch gebruik worden verwerkt; • Bij verbranden van het takhout (indien dit mogelijk is in kader van APV) geen vuur maken onder de kronen van de bomen; • Het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen in het element is niet toegestaan m.u.v. pleksgewijze bestrijding van akkerdistel, ridderzuring, Jacobskruiskruid en Japanse duizendknoop en van ongewenste houtsoorten (Amerikaanse vogelkers, Amerikaanse eik en Robinia) middels een stobbenbehandeling; • Bij beweiding van de aanliggende gronden is een raster aanwezig waardoor schade door vraat stammen en betreding van het element wordt voorkomen.
Het raster mag niet bevestigt zijn aan stammen van het element zelf; • Grondbewerking van de aanliggende gronden wordt zodanig uitgevoerd dat schade aan het element wordt voorkomen; • Snoeiwerkzaamheden worden alleen verricht in de periode tussen 1 augustus en 15 maart.
Vestiging Oosterhout
Vestiging Maastricht
Vestiging Oosterhout
Beneluxweg 125
Wim Duisenbergplantsoen 21
Beneluxweg 125
Postbus 40
Postbus 959
Postbus 40
4900 AA Oosterhout
6200 AZ Maastricht
4900 AA Oosterhout
+31 (0) 162 487 500
+31 (0) 43 325 32 23
+31 (0) 162 487 000
info@croonenburo5.com
www.croonenburo5.com
info.nl@anteagroup.com
vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop
Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100
blad 14 van 286
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld bestemmingsplan BP Zonnepark Dominicusweg Maria Hoop
Gemeente Echt-Susteren Projectnummer 0466049.100
Bijlage 2
blad 15 van 286
Communicatie- en participatieplan Dominicusweg
Ruimte - Antea Nederland B.V.
Communicatie- en participatieplan Zonnepark Dominicusweg I Inhoudsopgave 1.
2.
3.
Inleiding .......................................................................................................................................... 2 1.1
Onze projectlocatie ................................................................................................................ 2
1.2
Leeswijzer ............................................................................................................................... 3
Stakeholderanalyse ......................................................................................................................... 4 2.1
Inventariseren belanghebbenden .......................................................................................... 4
2.2
Bevindingen stakeholderanalyse ........................................................................................... 5
2.3
Invloed belanghebbenden...................................................................................................... 5
2.4
Vastlegging en monitoren afspraken ..................................................................................... 5
Thema analyse ................................................................................................................................ 7 3.1
Landelijke thema’s .................................................................................................................. 7
3.1.1. Omgevingswet ...................................................................................................................... 7
4.
5.
6.
3.2
Regionale thema’s................................................................................................................... 7
3.3
Lokale thema’s ........................................................................................................................ 9
Participatietraject ......................................................................................................................... 10 4.1
Onze aanpak ......................................................................................................................... 10
4.2
Proces per projectfase ........................................................................................................... 10
4.2.1
Fase 1: Voorbereiding / tenderfase .............................................................................. 10
4.2.2
Fase 2: Uitwerken ......................................................................................................... 11
4.2.3
Fase 3: Realisatie ........................................................................................................... 16
4.2.4
Fase 4: Exploitatie ......................................................................................................... 16
Projectcommunicatie ................................................................................................................... 17 5.1
Communicatievisie ............................................................................................................... 17
5.2
Communicatiestrategie per fase........................................................................................... 17
Onze samenwerking met u .......................................................................................................... 20
Bijlage V.I: Inventarisatie stakeholders Zonnepark Dominicusweg I ............................................... 21 Bijlage V.II: Analyse stakeholders Zonnepark Dominicusweg I ....................................................... 22 Bijlage V.III: Gesprekken stakeholders Zonnepark Dominicusweg I ............................................... 23 Pagina 1 van 23
1. Inleiding Echt-Susteren wil in 2040 een energieneutrale gemeente zijn. Dit betekent dat energie die wordt gebruikt, van hernieuwbare bronnen moet komen, opgewekt binnen de gemeentegrenzen. De belangrijkste reden om dit te willen, is het tegengaan van klimaatverandering. Het stadium van goede voornemens is voorbij. Het gaat nu heel concreet over maatregelen die effect hebben op ons leven en onze leefomgeving. Huizen worden geïsoleerd of klimaatneutraal gebouwd, we gaan elektrisch rijden, er komen meer windmolens op land en we zetten meer zonnepanelen op daken en in velden. De energietransitie gaan we daardoor op steeds meer plekken zien. Toch komt de gemeente nog duurzame energieopwekking te kort om binnen Echt-Susteren evenveel duurzame energie op te wekken als er wordt verbruikt. 1.1 Onze projectlocatie Binnen de gemeentelijke grenzen hebben wij, de Solar Provider Group B.V. (SPG), naar de mogelijkheden gezocht voor een combinatie van het opwekken van zonne-energie en (het behoud van) landbouw, groen en water. De locatie aan de Dominicusweg en de Zandweg komt als kansrijk naar voren (zie Afbeelding 1).
Afbeelding 1: Projectlocatie in rood weergegeven (bron: www.maps.google.com)
Pagina 2 van 23
Deze locatie is geschikt om een zonnepark te ontwikkelen, omdat het aansluitingspunt dichtbij gelegen is. Deze afstand naar het elektriciteitsnet is een belangrijke factor voor een potentiele locatie. Dit omdat de afstand mede bepalend is voor de realisatiekosten van het zonnepark. Voor dit initiatief ligt het aansluitingspunt op 1600 meter waardoor deze specifieke locatie lage maatschappelijke kosten met zich mee brengt. Door de maatschappelijk kosten zo laag mogelijk te houden, kan er meer geïnvesteerd worden in de omgeving. Verder is de locatie geschikt omdat er in de omgeving verschillende mogelijkheden zijn geïdentificeerd om maatschappelijke en natuurlijke meerwaarde te creëren. Wij zien mogelijkheden om het patrijzen project te stimuleren en een kans voor educatie mogelijk te maken. Zo kunnen er met de twee nabij gelegen campings opties voor natuur, recreatie en educatie gecreëerd worden. Deze twee factoren maken dat wij als initiatiefnemer dit project als kansrijk zien voor het ontwikkelen van een zonnepark en daarom aangedragen bij de gemeente. 1.2 Leeswijzer Voor een soepele ontwikkeling van een nieuw zonnepark is het participeren en communiceren met de omgeving cruciaal. Een goede samenwerking met de omgeving verkleint de weerstand.
Minder weerstand betekent minder telefoontjes naar het bevoegd gezag die frustrerend kunnen werken, minder zienswijzen op vergunningen, minder klachten die om maatregelen vragen, etc. Goede communicatie helpt dus in een soepel projectverloop. In dit ‘Communicatie- en participatieplan’ leest u op welke wijze hieraan invulling wordt geven. Allereerst hebben wij een stakeholderanalyse uitgevoerd, zodat we een volledig beeld hebben van de belanghebbenden in de omgeving, en welke invloed zij mogelijk op het project kunnen uitoefenen. De resultaten van deze analyse, alsmede de wijze waarop wij afspraken met de belanghebbenden vastleggen en monitoren treft u in hoofdstuk 2 aan. Vervolgens analyseerden we welke thema’s er in de omgeving spelen. Hierbij hebben wij verder gekeken dan de landelijke thema’s zoals natuur en beleid. In hoofdstuk 3 lichten wij de te verwachten thema’s al verder toe waarvan wij verwachten dat die naar voren zullen komen tijdens de gesprekken. In hoofdstuk 4 leest u op welke wijze wij de participatie met de omgeving inrichten en in hoofdstuk 5 hoe wij de projectcommunicatie richting de omgeving vormgeven. Als laatste gaan wij in hoofdstuk 6 in op onze samenwerking met u.
Pagina 3 van 23
2. Stakeholderanalyse Zonneparken zijn een nieuw landschapselement waar we als inwoner nog niet aan zijn gewend. Kenmerkend voor deze parken is dat ze relatief vaak in een open en landelijke gebied worden geplaatst. De combinatie van beide punten kan tot discussie leiden. Daarom kijkt SPG verder dan alleen de direct omwonenden. 2.1 Inventariseren belanghebbenden Wij onderscheiden acht categorieën stakeholders bij Zonnepark Dominicusweg I, te weten 1) gemeente Echt-Susteren, 2) landeigenaar, 3) primair omwonenden, 4) secundair omwonenden, 5) belangenverenigingen, 6) lokale energie coöperatie, 7) netbeheerders en nutsbedrijven en 8) overige. Voor de categorieën primair en secundair omwonenden is gekeken naar een aantal elementen om deze van elkaar te onderscheiden. Van belang is de afstand van de omwonenden tot de projectkavel. Zo wonen primair omwonenden binnen een straal van 500m en secundair omwonenden binnen een straal van 750m. Naast de afstand houden wij ook rekening met de zichtlijnen vanaf de woonhuizen naar het zonnepark. Zo kan het zijn dat omwonenden die verder van het project wonen, maar een open zichtlijn hebben naar het park, toch nog als primair omwonende worden geïdentificeerd. Op de onderstaande afbeelding zijn de landeigenaar, de primair omwonenden en de secundair omwonenden visueel weergegeven.
De volledige inventarisatie van de belanghebbenden treft u in bijlage V.I ‘Inventarisatie stakeholders Zonnepark Dominicusweg I’ aan.
Legenda L: Landeigenaar PO: Primair omwonende SO: Secundair omwonende
Afbeelding 2: Overzicht primair en secundair omwonenden (bron: www.maps.google.com)
Pagina 4 van 23
2.2 Bevindingen stakeholderanalyse Uit onze inventarisatie zijn een aantal bevindingen naar voren gekomen die wij in dit plan willen benadrukken, te weten: • •
De gemeente wordt nauw betrokken in het proces aangezien het plangebied gemeentelijke gronden bevat. PO4 heeft een zakelijk belang aangezien hier een grote camping wordt uitgebaat.
2.3 Invloed belanghebbenden Wij hebben nog geen keukentafelgesprekken kunnen voeren met alle stakeholders om een totaalbeeld te geven van hun invloed. Dit stond voor begin maart op de planning, maar is door de maatregelen omtrent het Covid-19 virus niet door kunnen gaan. Er is wel telefonisch contact geweest met de camping Marisheem, Stichting Pergamijn en basisschool Bolleberg. Uit deze gesprekken kan worden opgemaakt dat zij verder willen worden betrokken als de gemeente een beslissing heeft genomen over de selectie van zonneparken. Verder is met de gemeente overleg geweest op 8 oktober 2018 (met onder andere mevrouw Kuipers en de heer Botjes) en nogmaals op 26 februari en 27 maart om het gebruik van de gemeentelijke gronden te bespreken. Hierdoor heeft de gemeente een aanzienlijke invloed in Zonnepark Dominicusweg I. •
Gemeente Echt-Susteren – eigenaar deel van projectgebied o
De gemeente is eigenaar van ongeveer 6 hectare grond (blauw omlijnd) wat nu wordt verpacht aan de naburige landeigenaar (rood omlijnd). De gemeente, landeigenaar en SPG hebben al een verkennend gesprek gehad over uitbreiding van het project. Mocht de gemeente niet overtuigd zijn van de plannen of mocht er geen akkoord worden
bereikt
tussen
de
gemeente
en
landeigenaar, kan dit het project belemmeren. Een project met meer oppervlakte, geeft meer mogelijkheden op het gebied van natuur en recreatie. 2.4 Vastlegging en monitoren afspraken Elk contactmoment met een stakeholder leggen wij vast in ons stakeholderdossier. Zo is in één oogopslag duidelijk welke contactmomenten er hebben plaatsgevonden, welke documenten de Pagina 5 van 23
betreffende stakeholder heeft ontvangen en op welke wijze de terugkoppeling van de afspraken hebben plaatsgevonden. Tijdens de tenderfase zullen de eerste contactmomenten zo snel mogelijk worden uitgevoerd gezien de restricties voor bezoeken. Deze zal als bijlage ‘Gesprekken stakeholders Zonnepark Dominicusweg I’ worden aangemaakt en in de loop der tijd worden aangevuld na elk contactmoment. Dit dossier houden wij up-to-date en stellen wij u ter beschikking.
Pagina 6 van 23
3. Thema analyse Het in kaart brengen van belangrijke thema’s en belangen die spelen binnen de omgeving is cruciaal voor het omgevingsmanagement. Elke omgeving is uniek met een eigen karakter, geschiedenis en behoeften. Daarom is een eerste analyse hiervan nuttig. 3.1 Landelijke thema’s 3.1.1. Omgevingswet De nieuw ingevoerde Omgevingswet biedt gemeenten de mogelijkheid om met overzichtelijkere regels de leefomgeving meer in samenhang in te richten. Het biedt daarnaast meer ruimte voor lokaal maatwerk en leidt tot een betere en snellere besluitvorming. De wet is ook veelomvattend. Hier is alle informatie gebundeld die voor gemeenten relevant is. Binnen de Omgevingswet is “participatie in de omgevingsvergunning” (Artikel 16.55 lid 6) van toepassing voor SPG aangezien voor het Zonnepark Dominicusweg I een omgevingsvergunning wordt aangevraagd. In Artikel 16.55 lid 6 wordt aangegeven dat de initiatiefnemer duidelijk moet aangeven of, en hoe, er overleg is geweest met stakeholders. Dit is een belangrijk element om voor de omgevingsvergunning voor Zonnepark Dominicusweg I in aanmerking te komen.
Het doel van SPG is daarom om een communicatie- en participatieplan op te stellen wat inzicht biedt in welke stakeholders relevant zijn, hoe deze stakeholders worden betrokken en aangeeft wat de uitkomsten zijn van deze betrekkingen in de vormgeving van de plannen voor het initiatief. Dit plan moet voor het indienen van het princiepverzoek gerealiseerd zijn. Door het opstellen van dit document en in een vroeg stadium met de stakeholders in gesprek te gaan wil SPG dit doel realiseren. 3.2 Regionale thema’s 3.2.1. Gemeentelijk beleid Uit het vooronderzoek van SPG is duidelijk dat de gemeente Echt-Susteren proactief aan de slag wil met duurzaamheid. Ook is het duidelijk dat de gemeente niet wil dat haar inwoners hierin over het hoofd worden gezien. Dit blijkt uit het feit dat er werksessies zijn georganiseerd om de burger te betrekken in het opstellen van het beleid. Na studie en beraad heeft de gemeente actie ondernomen om een specifiek beleid op te stellen voor grootschalige opwek van duurzame energie. Er is door de gemeente besloten om alle ingediende projecten te toetsen aan de opgestelde beoordelingsmatrix. In de matrix worden drie pijlers onderscheiden, namelijk Ruimte en Landschappelijke inrichting, Pagina 7 van 23
(Financiële) Participatie en Maatschappelijk draagvlak. Dit geeft initiatiefnemers een kader waarbinnen projecten kunnen worden ontworpen. Het is de ambitie van SPG om voor alle pijlers een beoordeling te halen van 5 op 5. Dit willen wij realiseren door waarde te creëren op het gebied van landschappelijke inpassing, door 50% financiële participatie te organiseren en door de stakeholders zo vroeg mogelijk in het proces te betrekken. Door het opstellen van een realistisch landschappelijk inpassingsplan willen wij aan de eerste pijler voldoen. Verder is SPG in gesprek om met de energie coöperatie Echt Susteren Energie een intentie verklaring te tekenen en de 50% financiële participatie te organiseren om zo aan de tweede pijler tegemoet te komen. Voor de derde pijler hebben wij dit plan opgesteld en in een vroeg stadium de stakeholders betrokken. De eerste gesprekken hebben wij moeten uitstellen vanwege het Covid-19 virus, maar er zij al enkele telefonische gesprekken gevoerd en zullen wij zo het mogelijk is langs gaan bij de omwonenden. 3.2.2. Gebruik van landbouwgrond Een thema dat vaak speelt binnen een gemeente met een sterk agrarisch karakter is het gebruik van landbouwgronden voor de opwek van duurzame energie. Dit is natuurlijk een gevoelig onderwerp waar de omgeving vaak veel vragen over heeft.
SPG gaat hiermee om door transparant te communiceren en eerlijk antwoord te geven op de vragen. Het gebruik van landbouwgronden biedt namelijk ook kansen voor de omgeving omdat deze gronden aantrekkelijker zijn dan bijvoorbeeld industriegronden. Hierdoor kunnen wij juist meer maatschappelijke meerwaarde creëren en betere investeringsmogelijkheden aanbieden voor de omgeving. Bovendien is een zonnepark een ‘tijdelijk’ element in het landschap. Aan het einde van de looptijd ontmantelen we het complete systeem. Alle onderdelen van het zonnepark voeren we af en het perceel herstellen wij weer naar de huidige agrarische staat. Hiervoor reserveren wij een bankgarantie. Onze doelstelling voor het gebruik van landbouwgronden is tweeledig. Ten eerste, wil SPG natuurlijke meerwaarde creëren dat passend is binnen de lokale omgeving in en rond de planlocatie. Het initiatief bevindt zich in een open omgeving waar patrijzen aanwezig zijn en wij hebben hiervoor speciale maatregelen genomen die de flora en fauna versterken. Ten tweede, hebben wij als doel de waarde van de grond na het opleveren van het zonnepark weer terug te brengen in zijn oorspronkelijke staat. Om dit te bereiken, planten wij een speciale kruidenmix onder de panelen
Pagina 8 van 23
zodat de ecologische waarden behouden blijven. Op deze manier kunnen wij de omgeving verzekeren dat de grond weer voor agrarische activiteiten kan worden gebruikt in de toekomst. 3.2.3. Lokale betrekking Een ander thema dat SPG identificeert binnen de gemeente Echt-Susteren, is de aandacht voor lokale betrekking en het creëren van versterkingsmogelijkheden voor de omgeving. De gemeente stimuleert dit door initiatieven zoals RESCoop Limburg en coöperatie Echt-Susteren Energie te steunen. Dit helpt natuurlijk om de lokale omgeving te betrekken bij de energietransitie. Dit is een thema wat wij als SPG ook belangrijk vinden. SPG heeft als doel dat er voor Zonnepark Dominicusweg I met ten minste één externe lokale partij een samenwerking wordt opgezet. Het aangaan van relaties met lokale partijen versterkt namelijk het initiatief. Hiervoor zijn wij in gesprek met de energie coöperatie en zijn wij de laatste hand aan het leggen aan een intentieverklaring om eventueel samen te werken. Wij hopen zo snel mogelijk deze intentie te formaliseren. 3.3 Lokale thema’s Om de lokale thema’s en belangen die in de omgeving spelen te achterhalen. Gezien de situatie van afgelopen maanden, hebben wij nog geen gesprekken kunnen voeren met de omwonden. Wel hebben wij enkele stakeholders telefonisch gesproken. Om de lokale thema’s te achterhalen moeten deze gesprekken eerst plaats vinden.
Het belang van elke omwonenden is verschillend en uniek. Na het voeren van de eerste gesprekken zullen wij analyseren welke thema’s er spelen.
Pagina 9 van 23
4. Participatietraject Uit uw aanvraag maken wij op dat u het belang van burgerparticipatie onderstreept. Daarbij gaat het erom dat de mensen die in de buurt van het zonnepark wonen, ook meedenken over de inrichting. Deze intensieve samenwerking met de direct omwonenden draagt bij aan het draagvlak in Pey. Samenwerken is voor ons meer dan louter afstemmen van belangen. Het is essentieel dat wij ons kunnen verplaatsen in de positie van de omgeving, maar ook in de opdrachtgeverskant. Het is een formule die wij al vaker hebben toegepast in relatie tot burgerparticipatie, maar het vraagt wel de nodige inspanning van alle deelnemers. Het gewenste resultaat van deze samenwerking is een door de omgeving gedragen landschappelijke inpassing van het zonnepark zodat de kans op bezwaren op de omgevingsvergunningen wordt geminimaliseerd. 4.1 Onze aanpak Het participatieniveau is niet alleen afhankelijk van de projectfase, maar ook van het type stakeholder. Met de tijdens de keukentafelgesprekken verkregen informatie, kunnen wij de standpunten en belangen per individuele stakeholder analyseren en een participatieniveau toekennen. Het participatieniveau valt te onderscheiden in informeren, raadplegen, adviseren, coproduceren en (mee)beslissen. In de bijlage ‘Analyse stakeholders Zonnepark Dominicusweg I’ zal het participatieniveau per individuele stakeholder worden omschreven.
Dit niveau blijft de basis voor elke projectfase. Dit zal gedaan worden nadat de eerste gesprekken hebben plaatsgevonden. Omgevingsmanager
| Om
dit
initiatief
tot
een
succes te
maken
positioneren wij
omgevingsmanagement in het hart van onze organisatie door omgevingsmanager George Overbeke aan te stellen in het projectteam. De omgevingsmanager heeft oog voor de omgeving en verzorgt de communicatie met stakeholders en doet dit in nauwe samenwerking met u. De intensieve betrokkenheid van George stelt ons in staat om te anticiperen op bewegingen vanuit de omgeving, zowel in de voorbereiding, uitwerking als in de realisatiefase van dit project. 4.2 Proces per projectfase 4.2.1 Fase 1: Voorbereiding / tenderfase In januari, maart en april hebben wij op diverse momenten contact hebben met de direct belanghebbenden. Deze stakeholdergesprekken zullen worden vastgelegd in ons stakeholderdossier en zullen als bijlage terug te vinden zijn. In onderstaande tabel treft u op hoofdlijnen de resultaten Pagina 10 van 23
van deze gesprekken aan. Er is nog niet met alle stakeholders een gesprek gestart vanwege het Covid-19 virus. Zodra dit weer mogelijk is, zullen wij ook bij de primaire en secundaire omwonenden langsgaan. Onderstaande tabel geeft een samenvatting van de gesprekken die zijn gevoerd.
Tabel 1: Samenvatting gesprekken
Tijdens de tenderfase betreft het participatieniveau met de omgeving informeren en raadplegen. Op het moment dat het project aan SPG gegund wordt, verandert het participatieniveau bij fase 2 in adviseren en coproduceren. De samenwerking met u als gemeente is tijdens de tenderfase beperkt tot de contactmomenten zoals deze in het tendertraject zijn vastgelegd.
Resultaat: de directe omgeving is geïnformeerd over het zonnepark initiatief van Solar Provider Group. 4.2.2 Fase 2: Uitwerken Om te komen tot een door de omgeving gedragen vormgeving van het zonnepark, maken wij gebruik van de methode van haal-, werk-, en brengsessie. Tijdens elke sessie participeren wij op een Pagina 11 van 23
ander niveau. Onze aanpak maakt dat wij het burgerparticipatietraject zeer efficiënt doorlopen, en dat wij naast een zichtbaar resultaat ook werken aan een voelbaar resultaat onder bewoners en betrokkenen. Wij nemen hier het voortouw en ontzorgen u door alle benodigde acties naar ons toe te trekken. Echter, wij zorgen dat u nauw betrokken blijft opdat u het proces goed kunt volgen. Deze volgende aspecten zijn kenmerkend voor onze aanpak: 1. De aanpak hangen wij op aan onze beproefde methode van haal-, werk- en brengsessies (zie kader volgende pagina); 2. Wij doorlopen het inhoudelijke proces in samenwerking met de belanghebbenden van onze stakeholderanalyse; 3. Wij hanteren het open-keuken-principe: bewoners zijn aan zet en gaan samen met ons ontwerpen; 4. Wij zorgen voor verwachtingsmanagement, zodat voor bewoners bij start duidelijk is wat zijn van ons kunnen verwachten en vice versa; 5. Wij zorgen voor eenduidige communicatie en transparantie van het proces; 6. Wij spreken met één mond; Gemeente Echt-Susteren en SPG bereiden het burgerparticipatieproces samen tijdens het startoverleg middels heldere afspraken goed voor, waardoor alle neuzen dezelfde kant op staan; 7. Wij werken zoveel mogelijk met (referentie)beelden, omdat dat meer zegt dan 1.000 woorden.
Onze beproefde methode van haal-/ werk- en brengsessies Om met de omgeving op interactieve en snelle wijze te komen tot een gedragen vormgeving van het zonnepark, maken wij gebruik van drie type sessies. 1. Haalsessie: een plenaire informatieavond waarin wij alle bewoners informeren over het proces, maar dit moment ook direct benutten om zoveel mogelijk input (vooral knelpunten) bij belanghebbenden op te halen; 2. Werksessie: geïnteresseerden gaan in werksessies actief aan de slag met het bepalen van de oplossingsrichtingen; 3. Brengsessie: een informatieavond waarop bewoners het resultaat kunnen zien van wat wij met de geïnteresseerden hebben bereikt: een ontwerp met de vormgeving van het zonnepark.
Pagina 12 van 23
De haalsessie Wij starten de sessie met een presentatie over de aanpak, planning, kaders en spelregels. Wij geven aan dat tijdens het proces de belangen zo goed als mogelijk worden gewogen, maar dat niet alle wensen en ideeën zijn te honoreren. Er moeten immers keuzes worden gemaakt en elke keuze brengt een consequentie met zich mee. Het maken van keuzes doen de geïnteresseerden samen met hulp van ons en binnen de geldende kaders. Na het plenaire deel zijn aanwezigen aan zet en brengen zij knelpunten in. Denk aan thema’s als geluidshinder, zichtlijnen, natuurcompensatie, landschappelijke inrichting ed.. Ze delen hun ervaringen en gaan met elkaar in gesprek. Wij ondersteunen en bieden alvast ruimte om na te denken over mogelijke oplossingen. Want hoe meer input, hoe gerichter wij het vervolgproces kunnen doorlopen. Door deze interactie, op basis van informeren en raadplegen, ontstaat betrokkenheid bij het zonnepark. Aan het einde van de bijeenkomst formeren wij uit de aanwezigen een klankbordgroep. Hierbij streven wij naar een samenstelling die minimaal de primair en secundair omwonenden bevat. Uit de haalsessie blijkt welke thema’s er bij de overige bewoners in de omgeving spelen. Met de klankbordgroep gaan wij de werksessies in om te komen tot een gedragen en haalbaar ontwerp van het zonnepark.
Resultaat: Belanghebbenden en bewoners zijn op de hoogte waarom er mogelijk een zonnepark bij hen in het dorp komt, waarom dit proces georganiseerd wordt, welke kaders er gelden, de planning; wanneer welke fase plaatsvindt, en welke rol zij als belanghebbenden kunnen vervullen in het geheel. Werksessie 1 Wij structureren, categoriseren en analyseren de verkregen informatie tijdens de haalsessie zodat duidelijk is wat de uitgangssituatie is: waar liggen de aandachtspunten en wat is de achtergrond? Dit wordt allemaal vastgelegd in een database waarbij geen onderscheid wordt gemaakt tussen wat wel en niet relevant is. Daarmee heeft u als gemeente het complete overzicht van aandachtspunten die leven in de omgeving. Daarnaast vormt dit voor ons een belangrijk middel om de input te valideren aan de gekozen oplossingsrichtingen. Vervolgens gaan we aan de slag met de eerste schets van de inrichting van het zonnepark.
Pagina 13 van 23
In de werksessie nemen wij de klankbordgroep eerst mee in de (on)mogelijkheden van aangedragen ideeën, rekening houdend met de gemeentelijke en landelijke kaders. Zij reageren vervolgens op onze eerste aanzet van oplossingen. Zij zijn aan zet en bepalen samen waar, waarom en in welke vorm zij graag aanpassingen en verbeteringen zien. Denk aan meer of andere beplanting, andere alternatieven voor natuurcompensatie, de wijze van realisatie ed.. Wij ondersteunen, adviseren, structureren en houden grip. Wij nemen de bewoners ook mee in de effecten van maatregelen op de nabije omgeving. Het eindresultaat van deze werksessie is een voorkeursvariant dat door de aanwezigen gedragen wordt.
Resultaat: reactie van de belanghebbenden op het eerste vormgevingsontwerp en een overzicht van oplossingen/maatregelen die vragen om nader te worden uitgewerkt (de voorkeursvariant). Werksessie 2 Tijdens de 2e werksessie leggen wij het gedetailleerde vormgevingsontwerp en de (on)mogelijkheden voor aan de klankbordgroep. Wij geven een toelichting op hoe de inrichtingsoplossingen in samenhang staan en welke keuzes zijn te maken. Daarbij geven wij de aanwezigen, indien gewenst, ook een gevoel bij de kosten en de mogelijkheden die er zijn om zelf mee te investeren. Wij geven aan dat elke keuze een zekere consequentie met zich mee brengt en dat kortom, niet alle wensen en eisen zijn te honoreren. De aanwezigen coproduceren met onze hulp en advies. Samen komen wij tot een gezamenlijk definitief vormgevingsontwerp. Wij stellen ons als doel dat aan het einde van de tweede werksessie de aanwezigen trots zijn op het ontwerp en dat de omgeving zegt: ‘Wij hebben mogen meedenken in de landschappelijke inpassing van het zonnepark en het is een resultaat “van òs”’.
Resultaat: Een coproductie van het definitief vormgevingsontwerp samen met de omgeving. De brengsessie De brengsessie geven wij vorm middels een plenaire sessie voor alle betrokkenen. Aanwezigen krijgen de gelegenheid vragen te stellen en opmerkingen te plaatsen. Om het “van òs” gevoel te versterken, vragen wij de klankbordgroep leden aanwezig te zijn bij deze sessie en hun buren te informeren over de gemaakte keuzes. Uiteraard alleen als zij dit wensen en met hulp van onze projectleden.
Resultaat: Vormgevingsontwerp getoond aan bewoners. Uit de brengsessie kunnen de laatste aandachtspunten en nuanceringen voortkomen. Pagina 14 van 23
Communicatieplanning Er moet in eerste instantie zo snel mogelijk met de primair en secundair omwonden gesprekken plaatsvinden. Dit om alle stakeholder te informeren over de plannen, zodat in een latere fase iedereen kan meepraten en denken over het initiatief.
Mocht het initiatief voor Zonnepark Dominicusweg I worden goedgekeurd stellen wij de volgende planning voor om te doorlopen voor de uitwerkingsfase. Gezien deze fase na gunning van start gaat, is het belangrijk al een idee te schetsen hoe wij de communicatieplanning willen doorlopen. Er wordt hier uitgegaan dat de beslissing van de gemeente voor eind juli 2020 plaats zal hebben gevonden.
Belangrijk is om zo snel mogelijk de omwonden rond het initiatief te spreken door middel van keukentafelgesprekken. Dit voorzien wij z.s.m.. Gezien de zomervakantie kan er dan op zijn vroegst eind augustus of begin september met de gemeente verder worden gecommuniceerd. Tijdens het startoverleg zal de inhoud van deze communicatie worden besproken en ook een datum worden gekozen waarop de eerste informatieavond kan plaatsvinden. Wij voorzien dat deze twee weken later gepland kan worden. Er kan dan ook breder bekend worden gemaakt via een gezamenlijk nieuwsbericht en de Facebook pagina dat Zonnepark Dominicusweg I verder wordt gerealiseerd. De uitnodiging voor de omgeving zal minimaal twee weken van te voren worden verstuurd.
Half september voorzien wij een eerste informatieavond te organiseren. De informatieavond zal in buurt centrum plaatsvinden. Tijdens de informatieavond wordt en een presentatie gegeven door SPG waarna vragen kunnen worden gesteld. Ook willen wij dan een klankbordgroep vormen om verder aan de plannen te werken in de werksessies. In dezelfde week willen wij de website voor het Zonnepark live hebben, zodat geïnteresseerde via dit platform informatie kunnen krijgen. De twee werksessies staan nu gepland voor begin oktober en begin november. Met de klankbordgroep zal verder worden overlegd op welke concrete manier zij de plannen voor het zonnepark willen vorm geven. Dit gaat dan over bijvoorbeeld over soorten beplanting en zicht. De resultaten zullen worden verwerkt in de plannen die tijdens de brengsessie. De brengsessies houdt een informatieavond in eind november waar de resultaten aan de aanwezigen worden gepresenteerd.
Pagina 15 van 23
Tabel 2: Communicatieplanning Zonnepark Dominicusweg I
4.2.3 Fase 3: Realisatie De realisatie van het zonnepark vindt plaats conform het samen met de omgeving opgestelde vormgevingsontwerp, de afgestemde wijze van uitvoeren en de eventuele aanvullende punten die voortvloeien uit de verleende omgevingsvergunning. Zonder een vergunde omgevingsvergunning start de bouw niet. Voorafgaand aan de werkzaamheden informeren wij de direct omwonenden door middel van een bewonersbrief. In deze bewonersbrief beschrijven wij de werkzaamheden en de mogelijke hinder die zij van de bouw kunnen ervaren. De overige in te zetten projectcommunicatie leest u in hoofdstuk 5 terug. Het participatieniveau tijdens deze fase betreft informeren. 4.2.4 Fase 4: Exploitatie De formele organisatie voor de financiële participatie start als het principeverzoek is gegeven en loopt parallel aan fase 2 en 3. Afhankelijk van de samenwerkingsvorm met de Coöperatie EchtSusteren Energie kan dit proces enkele maanden duren om te formaliseren. Op het moment dat de exploitatiefase start, is de financiële participatie met de omgeving rond en betreft het participatieniveau informeren.
Pagina 16 van 23
5. Projectcommunicatie We willen een sterk en duurzaam draagvlak, door niet alleen te informeren over de werkzaamheden die we uitvoeren, maar ook door te luisteren naar de omgeving. Dat we actief met de omgeving in gesprek blijven en dat we dit zorgvuldig en met respect doen. Dat we open zijn in wanneer we aangedragen ideeën vanuit de omgeving in zullen zetten, maar ook wanneer en waarom we dat niet doen. En dat we ons woord daarin houden. Onze ambitie is een voorbeeld te stellen voor toekomstige zonneparkprojecten en luidt als volgt:
‘Het proactief en interactief managen van stakeholders, met als doel draagvlak te creëren en te behouden’. 5.1 Communicatievisie Onze communicatievisie bestaat uit een aantal onderdelen: ➢ ‘Een goede en duurzame relatie met de omgeving’ We willen een relatie opbouwen met de omgeving: dat zij ons gaandeweg steeds beter leert kennen en weet wat ze van ons kan verwachten. Dat betekent: zeggen wat we doen en doen wat we zeggen: zowel in communicatie als in participatie. ➢ ‘Managen van verwachtingen van de omgeving’ We zijn open over de mate waarin de belanghebbenden kunnen participeren en wanneer we wel en niet aangedragen ideeën vanuit de omgeving integreren. Als we hierin de verwachtingen goed managen, leidt dit minder snel tot weerstand. ➢ In ons gedrag zijn we daarnaast persoonlijk, zorgvuldig, respectvol en proactief. We willen een goede buur zijn. ➢ ‘Op tijd communiceren’ We zijn tijdig in onze communicatie en dus proactief. Dit geeft de omgeving de kans om te wennen aan het idee van het zonnepark, en eventueel mee te denken over de landschappelijke inpassing. Het geeft ons kans om eventuele geconstateerde weerstand tijdens de voorbereiding voor uitvoering nog te verkleinen. ➢ ‘Op tijd reageren – op vragen, klachten en opmerkingen’. Voortvarend en oplossingsgericht. Want een snelle reactie geeft goodwill.
5.2 Communicatiestrategie per fase Zonder de inzet en persoonlijke betrokkenheid van de omgeving zal het burgerparticipatietraject niet slagen. Het is daarom van groot belang dat de direct omwonenden uitgenodigd worden om mee te denken en te doen. Wij motiveren ze om in beweging te komen en hun kennis in te brengen. Maar hoe komen de bewoners in beweging? Dit maken wij mogelijk door het inzetten van een mix Pagina 17 van 23
van communicatiemiddelen. Ons belangrijkste middel is onze omgevingsmanager George Overbeke. Hij is bij elke projectfase te allen tijde bereikbaar voor vragen en opmerkingen aangaande het zonnepark. Zijn contactgegevens vermelden wij in elk communicatiemiddel. Hieronder is per projectfase een overzicht van de in te zetten middelen: Fase 1 Voorbereiding/tenderfase I Tijdens de tenderperiode van december 2019 tot 8 mei 2020 maken wij normaliter gebruik van keukentafelgesprekken. Dit is voor Zonnepark Dominicusweg I aangepast gezien de Covid-19 maatregelen. Wij hebben meer telefonisch contact gezocht met de stakeholders. Fase 2 Uitwerken I Na definitieve gunning start de projectcommunicatie met de omgeving om het burgerparticipatietraject aan te kondigen. Hiervoor zetten wij diverse middelen in: •
Bewonersbrief o
Alle huishoudens in Maria Hoop ontvangen een brief waarin wij in heldere taal uitleggen waarom het traject wordt georganiseerd, wat dit voor hun betekent en dat een succesvol ontwerp alleen mogelijk is door samen te werken. Vanuit het duurzaamheidsaspect verspreiden wij alleen bewonersbrieven als andere communicatiemiddelen
ons
inziens
ontoereikend
zijn
om
de
communicatieboodschap te verspreiden. •
Telefoongesprekken o
Twee dagen na het verspreiden van de bewonersbrief nemen wij telefonisch contact op met de belanghebbenden die binnen een straal van 750 m van de projectlocatie liggen. Doel van dit contactmoment is de bewoner de gelegenheid te geven tot het stellen van vragen en ze te motiveren om deel te nemen aan het proces. Dit betreft namelijk de belangrijkste doelgroep, te weten de primair en secundair omwonenden.
•
Website o
Wij zetten een website op waar we alle relevante informatie aangaande het initiatief op vermelden. Onze omgevingsmanager maakt een afspraak met de afdeling communicatie van de gemeente om afspraken te maken betreffende het aanleveren van informatie voor deze projectwebsite.
•
Nieuwsberichten
Pagina 18 van 23
o
In samenspraak met u adviseren wij om in dezelfde week dat de bewonersbrief wordt verstuurd, ook een nieuwsbericht op de website van de gemeente te plaatsen. Hierdoor vergroten wij het bereik. Onze omgevingsmanager maakt een afspraak met de afdeling communicatie van de gemeente om afspraken te maken betreffende het aanleveren van informatie voor dit nieuwsbericht.
•
Facebook pagina van de gemeente o
Gemeente Echt-Susteren is heel actief op facebook, met name op gebied van afval en milieu. Wij adviseren dit middel in te zetten om uw duurzame energie beleid te promoten en zo het burgerparticipatieproces voor dit zonnepark, alsmede de andere projecten
die
in
juli
gegund
worden,
aan
te
kondigen.
Fase 3 Realisatie I Vier weken voor aanvang bouwwerkzaamheden start de projectcommunicatie met de omgeving. Het type communicatiemiddel en de frequentie is afgestemd op de individuele stakeholder en de invloed die zij mogelijk tijdens de bouw kunnen uitoefenen. Een persoonlijke benadering door middel van een keukentafelgesprek is dan ook cruciaal. Tijdens dit gesprek informeren wij over de planning van de werkzaamheden, de uitvoeringswijze alsmede de hinder die zij mogelijk kunnen ervaren. De overige bewoners en bedrijven binnen een straal van 750 meter van de projectlocatie ontvangen een op maat gemaakte bewonersbrief. Daarnaast plaatsen we een nieuwsbericht op de projectpagina en de facebookpagina van de gemeente als ook in lokale media zoals om het bereik te vergroten. Fase 4 Exploitatie I Tijdens de exploitatiefase communiceren wij enkel door middel van digitale communicatie met diegene die betrokken zijn bij de financiële participatie. De frequentie van de projectcommunicatie is in het begin van de exploitatie fase intensiever. Naarmate de looptijd van het zonnepark zal de projectcommunicatie afnemen tot circa twee keer per jaar.
Pagina 19 van 23
6. Onze samenwerking met u Startoverleg | Vier weken na definitieve gunning organiseren wij met u een startoverleg. In dit startoverleg bespreken wij elkaars verwachtingen, nemen de aanpak, planning en overlegmomenten door en maken concrete afspraken over de inhoud van onze aanbieding en het proces. Communicatie overleg I Om een uniforme en zorgvuldige communicatie met de omgeving te borgen, is het van belang dat onze omgevingsmanager nauw samenwerkt met de gemeentelijke communicatie afdeling. Daarom organiseert onze omgevingsmanager tijdens fase 2 ‘Uitwerken’ en fase 3 ‘Realisatie’ een communicatieoverleg om de in dit plan genoemde maatregelen, communicatievisie, -strategie en –middelen in relatie tot de gemeentelijke communicatierichtlijn nader af te stemmen. Het product van dit overleg is een communicatiekalender. De communicatiekalender is een overzicht waarop alle communicatiemomenten met de bijbehorende middelen gekoppeld zijn aan de uitvoeringsplanning. Zo weet de communicatie afdeling op welk moment zij een communicatiemiddel ter afstemming voorgelegd krijgen en wanneer zij hier een reactie op dienen te geven. Van ieder overleg zal onze omgevingsmanager een verslag opmaken en deze binnen 1 week via email delen met de communicatie afdeling, de projectleider van de opdrachtgever en ons projectteam.
Verder stemmen wij met de gemeentelijke communicatie afdeling of dat SPG de pers te allen tijde doorverwijst richting opdrachtgever. Onze omgevingsmanager staat ter beschikking om de informatie hiervoor aan te leveren. Technisch overleg I Tijdens de uitwerkingsfase (fase 2) is er intensief contact met de omgeving aangaande het vormgevingsontwerp. Ook met u als opdrachtgever is er veelvuldig contact. Voorafgaand aan de haal-, werk-, en brengsessies vindt er een technisch overleg met u plaats. Doel van dit overleg is om het ontwerp met u af stemmen.