Bijlage 1 (toelichting) Landschappelijk inpassingsplan
Tekst van het document
Om de beplantingen te langs de perceel rand te completeren is het volgende sortiment opgesteld: Boomvormers: 3 st. Tilia cordata 3 st. Alnus incana 2 st. Acer campestre 2 st. Betula pendula 5 st. Craetegus laevigata Bosplantsoen: 50 st. Sambusus nigra 50 st. Prunus avium 50 st. Viburnum opulus 50 st. Amelanchier lamarckii 50 st. Corylus avellana 50 st. Rhamnus frangula 50 st. Rosa rubiginosa 50 st. Symphoricarpus albus 50 st. Eleagnus angustifolia.
a
p ide
n
e ard
we p o
lo
Uit
Het bosplantsoen wordt in een wildverband aangeplant in groepen van 3 tot 5 stuks met een onderlinge afstand van minimaal 1 meter. De bomen worden verspreid langs de rand aangeplant en ingepast in de open ruimten van de beplantingsrand en ter plaatse van de gekapte coniferen. De bomen voorzien van 2 boompalen en boomband ter verankering.
d)
n taa
s
be g(
aa
h en k u
Be g
tin h c i inr s k c a do f gr d o Pa
en uk
Be
B
ing g r e
ha ag
d)
an en uk ha ag
f
e ati en) c o l l (l epa e e b Pri r te de na
Be
aa gr ed
o Vl
B
sta (be
ing ard erh lfv g Ha tin ich inr ck as do f gr o
d Pa
A
Nieuwe opslagloods 15x30m
Bestaande opstal
sta (be d)
an
*
g
tin ch nri k i ras oc dd of g Pa
A B
gaas hekwerk bekleed met doek
0
5
10
15
20
25m
N
P218478 20210917 Landschappelijke inpassing Mouwweg 1, Nieuwstadt (Echt-Susteren)
Talud bestaand met bovenop een beukenhaag
Coniferen verwijderen Taxus verwijderen Locatie te planten bomen en bosplantsoen nader te bepalen aan de hand van locatie bestaand bomenbestand
Pouderoyen Tonnaer is een handelsnaam van Tonnaer Adviseurs in Omgevingsrecht B.V. Vestigingen te Nijmegen, Vught, Baexem en Voerendaal
Toelichting en plantenlijst Mouwweg 1, Nieuwstad. Aanleiding: De initiatiefnemer, de heer Ubachs heeft het buurceel verworven ten noorden en ten westen van zijn huidige terrein. Op het perceel aan de westzijde van de planlocatie wil de heer Ubachs een opslagloods plaatsen. De maatvoering is 15x30 m2 totaal 450 m2. Daarnaast De locatie voor de loods en berging is zo gekozen dat deze op grote afstand ligt ten opzichte van de woonbebouwing aan de westzijde van de vloedgraaf en aansluit bij de huidige bebouwingsconcentratie van de bestaande paardenhouderij. De ontsluiting van het perceel en de toegang naar de opslagloods vind plaats via de aanwezige ontsluiting aan de noordzijde van de haag, over het verworven perceel aan de noordzijde. Op het perceel aan de westzijde, waar de nieuwe bebouwing gepland is, is door de recente storm een groot deel van de boom- en groenopstanden verloren gegaan door stormschade. Inmiddels is de stormschade verwijderd en opgeruimd. Hierdoor is de voormalige robuuste groenstructuur op het perceel gedeeltelijk verloren gegaan. In het verlengde van het voornemen van het plaatsen van een opslagloods wordt de groenstructuur aan de westrand van het perceel, langs de vloedgraaf, herstel en aangevuld. Om te komen tot een gebiedseigen groenstructuur wordt geadviseerd om de aanwezige uitheemse coniferen langs de westrand te kappen.
Een deel van deze coniferen is tijdens de storm al omgewaaid. Het betreft een rij uitgegroeide coniferen welke geen landschappelijke waarde hebben en afbreuk doen aan het landschappelijke beeld. Daarnaast wordt geadviseerd om de aanwezige taxus beplantingen te verwijderen. Taxus is een giftige plant voor paarden. Landschappelijke inrichting van de perceelrand. Ten oorden van het perceel is, langs de vloedgraaf, een robuuste, ecologisch waardevolle, groenstructuur aanwezig. Met de aanplant van gebiedseigen bosplantsoen en boomvormers langs de perceelrand wordt deze groenstructuur doorgetrokken langs het perceel van de initiatiefnemer waardoor door de ecologische structuur naar het zuiden wordt versterkt.
J218536.006/FLI, pagina 2 van 2
De groenstructuur langs de perceel rand krijg een breedte van minimaal 10 meter gemeten vanaf de bovenzijde van het talud. Op het talud is een beukenhaag aangeplant welke de basis vormt voor de visuele begrenzing van het perceel richting de woonbebouwing aan de westzijde. Langs de vloedgraaf aan de westzijde is, naast een brede grasstrook, ook een brede struweelrand aanwezige doorlopend tot de beukenhaag op het talud. Aan de oostzijde is er eveneens sprake een brede struweel- en bomenrand die echter op meerder plaatsen is verdwenen als gevolg van de genoemde stormschade. Om de groenstructuur over de volle breedte van het perceel aan te vullen tot een breedte van minimaal 10 meter zal ca. 600 m2 bosplantsoen en boomvormers moeten worden aangeplant. Met name aan de noord-westzijde van het perceel is veel beplanting verdwenen. Om de beplantingen te langs de perceel rand te completeren is het volgende sortiment opgesteld: Boomvormers:
5 st. Tilia cordata 5 st. Alnus incana 5 st. Acer campestre 5 st. Betula pendula 10 st. Craetegus laevigata Bosplantsoen:
50 st. Sambusus nigra 50 st. Prunus avium 50 st. Viburnum opulus 50 st. Amelanchier lamarckii 50 st. Corylus avellana 50 st. Rhamnus frangula 50 st. Rosa rubiginosa 50 st. Symphoricarpus albus 50 st. Eleagnus angustifolia. Het bosplantsoen wordt in een wildverband aangeplant in groepen van 3 tot 5 stuks met een onderlinge afstand van minimaal 1 meter. De bomen worden verspreid langs de rand aangeplant en ingepast in de open ruimten van de beplantingsrand en ter plaatse van de gekapte coniferen. De bomen voorzien van 2 boompalen en boomband ter verankering.