CConstaterende datEcht-Susteren
Koppel je AI →
Document · PDF

Beleidsnota Buurt- en speelplekken

Gemeenteraad 30 mei 2024, gemeente Echt-SusterenBij agendapunt: Actualisatie beleid buurt- en speelplekken11.633 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Buurt- en speelplekken van de Toekomst 2024-2034 Dichtbij huis buitenspelen, ontmoeten, bewegen en sporten voor jong en oud

Inhoudsopgave Voorwoord Leeswijzer Samenvatting

3 4 5

1. Inleiding

6

2. Het voormalige Speelruimtebeleid 2012-2020 en subsidieregeling 2.1 De subsidieregeling speeltuinorganisaties Echt-Susteren 2015 (geldend tot en met 2023) 2.2 Speelruimtebeleid 2012-2020 2.3 De samenwerking tussen gemeente, stichtingen en andere partners 2.4 Budgetten voor speelvoorzieningen

9 10

3. Wettelijke en beleidsmatige randvoorwaarden voor het nieuwe beleid 3.1 Wet- en regelgeving 3.2 Aanpalende beleidskaders 3.3 Trends en ontwikkelingen

13 14 14 17

4. Evaluatie en beleidsvoornemens 4.1 De samenwerking tussen gemeente en burgerinitiatief (stichting) 4.2 De subsidieregeling 4.3 De functie van buurt- en speelplekken 4.4 De ligging van de buurt- en speelplekken 4.5 Burgerparticipatie is het fundament onder de buurt- en speelplekken

19 20 20 21 21 22

5. Samen aan de slag 5.1 Categorieën plekken 5.2 Financiële middelen 5.3 Burgerinitiatieven aan zet

23 24 26 29

6. Bijlagen 6.1 De buurt- en speelplekken in Echt-Susteren

31 32

2

11 12 12

Voorwoord Voor u ligt het beleid “buurt- en speelplekken van de toekomst 2024-2034” van de gemeente Echt-Susteren. Hierin staat beschreven hoe we de komende jaren willen omgaan met spelen en bewegen in de openbare ruimte. Spelen en bewegen is een belangrijke ambitie uit het “Hoofdlijnenakkoord (2022-2026)”. Wij vinden goede buurt- en speelplekken belangrijk en willen hierin blijven voorzien in de toekomst. Immers speel-, sport- en buurtplekken dragen bij aan de leefbaarheid van onze kernen en wijken en aan de gezondheid en het welzijn van onze inwoners. Het is daarbij niet het doel om op zoveel mogelijk plekken speeltoestellen te plaatsen. We willen in goed overleg met de inwoners en speeltuinstichtingen variëren in speel- en beweegvoorzieningen, zodat iedereen gestimuleerd wordt om te spelen, te bewegen en elkaar te ontmoeten.

Kim Leurs

Wethouder

Gemeente Echt-Susteren

|

Buurt- en speelplekken van de Toekomst 2024-2034

3

Leeswijzer In de INLEIDING wordt uitgelegd wat de functie van de buurt- en speelplekken is en waarom nieuw beleid gewenst is. In het hoofdstuk SPEELRUIMTEBELEID 2012-2020 EN SUBSIDIEREGELING wordt het voormalige speelruimtebeleid 2012-2020 en de Subsidieregeling speeltuinorganisaties Echt-Susteren 2015 samengevat. Verder wordt ingegaan op de rolverdeling tussen gemeente en particulier initiatief en tot slot wordt toegelicht welke budgetten voor het speelruimtebeleid beschikbaar zijn. In het hoofdstuk WETTELIJKE EN BELEIDSMATIGE RANDVOORWAARDEN wordt van toepassing zijn de wet- en regelgeving beschreven, evenals lokale, regionale en landelijke beleidskaders, die mede de basis vormen voor het buurt- en speelplekkenbeleid. Daarnaast worden relevante trends en ontwikkelingen benoemd. Hiermee wordt aangeduid welke belangrijke functies buurt- en speelplekken kunnen vervullen en ook waar samenwerkingsmogelijkheden met andere beleidsterreinen liggen. Het hoofdstuk EVALUATIE EN BELEIDSVOORNEMENS beschrijft belangrijke aandachtspunten uit de evaluatie van het Speelruimtebeleid 2012-2020 en tot welke beleidsvoornemens dit voor de komende 10 jaar heeft geleid. In het hoofdstuk SAMEN AAN DE SLAG wordt beschreven hoe samen met burgers vorm wordt gegeven aan Buurt- en speelplekken voor de Toekomst.

Hier wordt ingegaan op de verschijningsvormen, de benodigde budgetten en de samenwerking met burgerinitiatieven.

4

Samenvatting Buurt- en speelplekken van de Toekomst 2024-2034 is een voortzetting van het Speelruimtebeleid 2012-2020. Het beleid is voor een groot deel tot stand gekomen na een evaluatie van het speelruimtebeleid 2012-2020 met de 11 stichtingen die in de diverse kernen van de gemeente vorm hebben gegeven aan het speelruimtebeleid. Zij exploiteren in goede samenwerking met de gemeente in totaal 16 speelplekken. Deze plekken hebben intussen een veel bredere functie dan alleen buitenspelen van kinderen. Het gaat daarnaast ook om bewegen, ontmoeten en sporten in de buitenruimte. Niet alleen voor de jeugd, maar ook voor volwassenen. Daarom spreken we nu van buurt- en speelplekken, die jong en oud uitnodigen om meer naar buiten te gaan. Belangrijk voor de sociale cohesie, maar ook voor de gezondheid van mensen. De kennis en ervaring en ook het netwerk van de lokale stichtingen vormt de basis om deze plekken verder door te ontwikkelen. Binnen de gemeente zijn nog witte vlekken waar in de toekomst soortgelijke initiatieven kunnen ontstaan. De gemeente zal deze net als de 11 al bestaande stichtingen faciliteren. Draagvlak en betrokkenheid van burgers is en blijft een belangrijke voorwaarde. Buurt- en speelplekkenbeleid is vooral ook integraal beleid.

Het heeft raakvlakken met tal van andere beleidsterreinen op het gebied van onder andere ruimtelijke ontwikkeling, groen, sport, gezondheid, jeugd en ook ouderen. Het leggen van dwarsverbanden is noodzakelijk voor het behalen van betere resultaten. Het beleid is mede gebaseerd op maatschappelijke trends en ontwikkelingen, zoals het belang van burgerparticipatie, beweegrichtlijnen en overgewicht, vergrijzing en kinderen die opgroeien in armoede. Het buurt- en speelplekkenbeleid past binnen het Cittaslow-keurmerk, dat de gemeente met trots draagt. Buurt- en speelplekken vervullen een belangrijke functie voor iedereen. Ze zijn er voor alle mensen van alle leeftijden met en zonder beperking. Er is een goede spreiding van buurt- en speelplekken over de gemeente. In witte vlekken waar nu nog geen buurt- en speelplekken zijn, worden in de komende jaren inspanningen geleverd om die alsnog te realiseren. Buurt- en speelplekken blijven dynamisch om zoveel als mogelijk op de behoefte te laten aansluiten. Om die dynamiek te behouden is samenwerking met betrokken burgers van belang. Dit hebben de 11 stichtingen bewezen die vanuit hun regierol de motor van de buurt- en speelplekken zijn. Het grootste deel van de beschikbare financiële middelen wordt besteed via de stichtingen. Het beleid vormt de kaders voor een nieuwe subsidieregeling.

Deze vormt de financiële grondslag voor het beheer en onderhoud, organisatiekosten, activiteiten en de vervanging van speel- en beweegobjecten. De nieuwe regeling moet beter aansluiten op de werkelijke kosten per organisatie. Ook biedt een nieuwe subsidieregeling een betere financiële startpositie voor nieuwe initiatieven en innovatieve projecten, die voldoen aan de criteria van deze subsidieregeling. Het nieuwe beleid biedt voor zowel gemeente als burgers handvatten om samen aan de slag te gaan met buurt- en speelplekken voor alle inwoners van Echt-Susteren, jong en oud, vitaal en minder vitaal.

5

1. Inleiding

1. Inleiding Het samen veilig kunnen buitenspelen is voor kinderen van levensbelang. Ravotten in de tuin als die ruimte er al is, op straat, op de speelplek in de buurt, of in de wilde natuur. Het liefst samen met andere kinderen. Dit buitenspelen, bewegen, ontmoeten en sporten beïnvloedt niet alleen de fysieke maar ook de mentale gezondheid van het kind. Datzelfde geldt ook voor volwassenen. Dit is een belangrijke reden om mensen meer te stimuleren om buiten te gaan sporten en bewegen én het buitenspelen. Daarbij draagt het elkaar ontmoeten in de buitenruimte bij aan het tegengaan van vereenzaming. De hedendaagse speelplekken vervullen daarom een veel bredere functie dan buitenspelen alleen. Het is een plek van en voor de buurt! De openbare ruimte moet dan wel uitnodigend, inspirerend en beweeg- en kindvriendelijk zijn ingericht. Nauwe betrokkenheid van burgers draagt in hoge mate bij aan de kwaliteit van zo’n uitnodigende woonomgeving. De bredere functie die aan de openbare ruimte wordt toebedeeld, verklaart dat in dit beleidsplan is gekozen voor de term buurt- en speelplekken in plaats van alleen speelplekken.

Dit beleidsplan met de titel ‘Buurt- en speelplekken van de toekomst’ is de komende 10 jaar voor de gemeente, burgerinitiatieven en andere partners de leidraad voor het samen creëren van een buitenruimte die jong en oud uitnodigt tot bewegen, ontmoeten, sporten en buitenspelen. De aanleiding voor het nieuwe beleid De gemeente Echt-Susteren werkt de laatste decennia in toenemende mate nauw samen met burgerinitiatieven aan een kindvriendelijke openbare ruimte. Deze samenwerking is een belangrijk uitgangspunt van het Speelruimtebeleid 2012-2020. Daarin zijn naast een ‘Visie op spelen’ criteria opgenomen voor de situering en realisatie van speelvoorzieningen (speeltuinen). Verder is de wijze van samenwerking tussen de gemeente en het particulier initiatief bij realisatie en beheer beschreven. Op basis daarvan zijn in de meeste kernen stichtingen opgericht, die samen met de gemeente speelvoorzieningen hebben gerealiseerd en daarna zelfstandig exploiteren. Met de Subsidieregeling speeltuinorganisaties Echt-Susteren 2015 wordt het werk ook financieel mogelijk gemaakt. Inmiddels zijn 11 stichtingen actief, die ieder binnen de geldende kaders op hun eigen manier vormgeven aan hun speelvoorziening(en) in hun dorp of wijk. Dit ondernemerschap van deze stichtingen leidt tot nieuwe inzichten over de functie van de voorzieningen en het exploiteren en doorontwikkelen ervan.

Datzelfde geldt ook voor een groot aantal kleinere speelplekken die door de gemeente worden beheerd. Veel van deze speelplekken hebben een beperkte functie en soms nauwelijks speelwaarde, terwijl ze misschien wel in een grotere behoefte zouden kunnen voorzien. Ook zijn er binnen de gemeente nog ‘witte vlekken’ waar (nagenoeg) geen voorzieningen zijn, maar waaraan wellicht wel behoefte is. Naast deze formele buurt- en speelplekken, moet bij de (her)inrichting van de openbare ruimte ook meer aandacht komen voor de informele ruimte voor bewegen, ontmoeten en buitenspelen. Deze nieuwe inzichten vragen samen met actuele maatschappelijke ontwikkelingen, aanpalend beleid en trends om een evaluatie en bijstelling van het huidige speelruimtebeleid en de bijbehorende subsidieregeling. Uitgangspunt is dat meer recht wordt gedaan aan de bredere functie die alle speelvoorzieningen in de gemeente vervullen en de inzet van burgerinitiatieven hierbij. Daarbij wordt ook gekeken naar witte vlekken binnen de gemeente. Vanwege deze bredere functie wordt in het nieuwe beleid niet meer gesproken over speelvoorzieningen maar over buurt- en speelplekken. De weg naar het nieuwe beleid Gezien de belangrijke rol van de 11 stichtingen bij de uitvoering van het Speelruimtebeleid 2012-2020, ligt het voor de hand dat zij nauw bij de evaluatie zijn betrokken.

Hun praktijkervaringen zijn opgehaald met een interview door Claessen advies met iedere stichting en twee plenaire creatieve sessies met alle stichtingen, de gemeente en Claessen advies. Als laatste een persoonlijke presentatie aan elk bestuur, waarbij feedback is gevraagd op de beleidsvoornemens en de voorgestane nieuwe subsidiemethodiek.

Gemeente Echt-Susteren

|

Buurt- en speelplekken van de Toekomst 2024-2034

7

Ook de medewerkers van de gemeente die in het beheer nauw samenwerken met de stichtingen hebben aan de evaluatie deelgenomen. Zij beheren daarnaast de resterende speelplekken, die niet in beheer zijn van de stichtingen. Ook medewerkers die betrokken zijn bij aanpalende beleidsterreinen zoals sport, bewegen, jongeren en preventie hebben aan de evaluatie deelgenomen, evenals professionals van Menswel die zorgdragen voor de uitvoering van een groot deel van het gemeentelijk beleid op het gebied van jeugd, sport en bewegen, cultuur en preventie. Daarnaast is rekening gehouden met van toepassing zijnde wet- en regelgeving, aanpalend lokaal en landelijk beleid, trends en ontwikkelingen. Het doel van het nieuwe beleid Het uiteindelijke doel van het beleid ‘Buurt- en speelplekken van de toekomst’ is om iedereen in Echt-Susteren de komende 10 jaar meer te laten spelen, ontmoeten, bewegen en sporten in de buitenruimte. De visie van het beleid ‘Buurt- en speelplekken van de toekomst’ Een buurt- en speelplek is een deel van de openbare ruimte waar jong en oud, vitaal en minder vitaal speelt, beweegt, sport en ontmoet. Deze buurt- en speelplekken komen tot stand met grote betrokkenheid van de mensen die er wonen en van de openbare ruimte gebruikmaken.

Die betrokkenheid resulteert in een hogere kwaliteit van de buurt- en speelplekken en versterkt de sociale cohesie ten gunste van de leefbaarheid van de buurt. De ambities voor de komende 10 jaar Nieuw beleid straalt ook nieuwe ambities uit. In dit beleidsplan worden deze uitdagingen die de gemeente graag met haar burgers wil aangaan beschreven. Daarop vooruitlopend een aantal ambities, die hier als een rode draad doorheen lopen. • Buurt- en speelplekken dichtbij huis: Alle burgers kunnen op elk moment dichtbij huis sporten, bewegen, spelen en ontmoeten. Uitnodigende buurt- en speelplekken stimuleren jong en oud om naar buiten te gaan. • Eigenaarschap burgers: Bij de realisatie en het beheer van buurt- en speelplekken wordt een hoge mate van betrokkenheid van burgers (en eventuele andere partners) nagestreefd. Daarbij horen ook kinderen, tieners en jongeren. • ‘Witte vlekken’ invullen: Op basis van de behoefte worden samen met burgers (en eventuele andere partners) buurt- en speelplekken gerealiseerd op plekken waar die nu nog ontbreken. • Aandacht voor buurt- en speelplekken bij herinrichting of nieuwbouw: Meer aandacht en ruimte voor de (informele) buurt- en speelplekken bij de (her)inrichting van de openbare ruimte en de ontwikkeling van nieuwbouwprojecten.

• Bestaande gemeentelijke plekken evalueren: Samen met burgers wordt onderzocht of bestaande (kleine) plekken die niet of nauwelijks worden gebruikt met een opwaardering in een behoefte kunnen voorzien.

8

Gemeente Echt-Susteren

|

Buurt- en speelplekken van de Toekomst 2024-2034

2. Het voormalige Speelruimtebeleid 2012-2020 en subsidieregeling

2. Het voormalige Speelruimtebeleid 2012-2020 en subsidieregeling In 2011 heeft de gemeente Echt-Susteren voor het eerst een speelruimtebeleidsplan opgesteld. In de periode daarvoor was er wel al een subsidieregeling voor speeltuinen. De uitvoering van deze subsidieregeling en de steeds intensievere samenwerking met meer bewonersinitiatieven (met name de stichtingen) waren de opmaat naar het Speelruimtebeleid 2012-2020.

2.1 De subsidieregeling speeltuinorganisaties Echt-Susteren 2015 (geldend t/m 2023)

De eerste versie van deze subsidieregeling dateert van 1997. De toenmalige gemeente Echt kreeg in datzelfde jaar te maken met het Besluit veiligheid attractie- en speeltoestellen. Alle speeltoestellen moesten vanaf dat moment aan strenge wettelijke veiligheidseisen voldoen. In de aanloop naar 1997 werd al op deze nieuwe eisen geanticipeerd. In die periode waren er drie speeltuinen, namelijk in Hingen, Sint Joost en Berkelaar. De laatste twee zijn in respectievelijk 1994 en 1998 geopend. Beide speeltuinen voldeden al aan de nieuwe wettelijke veiligheidseisen en ook in de veel oudere speeltuin Hingen is toen hard gewerkt om aan de nieuwe eisen te voldoen. Om de veiligheid en kwaliteit voor deze en toekomstige speeltuinen te borgen is op basis van de ervaringsgegevens van deze drie speeltuinen de eerste subsidieregeling voor speeltuinen opgesteld. Het werd een unieke regeling waarmee niet alleen financieel werd bijgedragen aan de kosten voor het beheer en onderhoud van de speeltuinen, maar ook aan de afschrijving van speeltoestellen. Hierdoor werden de stichtingsbesturen in staat gesteld om geld te reserveren om op termijn voor de vervanging van speeltoestellen en infrastructuur te kunnen zorgdragen.

Deze regeling is bij de vorming van de nieuwe gemeente Echt-Susteren voortgezet en tussentijds enkele keren geactualiseerd tot de Subsidieregeling speeltuinorganisaties Echt-Susteren 2015. Intussen maken alle 11 stichtingen gebruik van deze regeling. Investeringskosten voor de eerste inrichting De regeling voorzag in een eenmalige bijdrage van 50% van de investeringskosten voor de eerste inrichting, tot een maximum bijdrage van 25.000 euro per speeltuin. Alle 11 stichtingen hebben deze eenmalige bijdrage aangevraagd en ontvangen.

10

Gemeente Echt-Susteren

|

Buurt- en speelplekken van de Toekomst 2024-2034

Jaarlijkse exploitatielasten Daarnaast voorzag de regeling in een financiële bijdrage in de jaarlijkse exploitatielasten tot een totaal maximum van 9.000 euro per speeltuin. Als jaarlijkse exploitatielasten worden de kosten voor afschrijving, onderhoud, beheer en festiviteiten aangemerkt. Kosten voor afschrijving: Om te kunnen reserveren voor vervanging op het einde van de levensduur subsidieerde de gemeente afschrijvingskosten. Voor gebouwen gold een bedrag van 3% van de stichtingskosten, voor speeltoestellen 10% van de historische aanschafkosten en 6% van de historische realisatiekosten van de terreininfrastructuur. Deze percentages waren gebaseerd op de verwachte gemiddelde levensduur. Daarmee subsidieerde de gemeente de volledige aanschafprijs. Er werd geen rekening gehouden met prijsstijgingen. In de beginjaren van de regeling werden die gecompenseerd met rente op het gereserveerde banktegoed. Kosten voor onderhoud: Voor het noodzakelijke onderhoud droeg de gemeente bij in die kosten. Hierbij werd uitgegaan van gemiddelde onderhoudskosten over de totale levensduur. In de beginjaren zijn die lager en in de loop van de levensduur zullen deze stijgen.

De jaarlijkse bijdrage in de kosten bedroeg voor gebouwen 2% van de stichtingskosten, voor speeltoestellen 2% van de historische aanschafkosten en voor het terrein 2% van de historische realisatiekosten van de terreininfrastructuur. Kosten voor beheer: Als jaarlijkse kosten voor beheer werden de aantoonbare kosten aangemerkt die naar oordeel van het college voor een goede exploitatie van de speeltuin redelijk en noodzakelijk zijn tot een bedrag van maximaal 1.000 euro. Kosten van festiviteiten: Het subsidiebedrag voor het organiseren van festiviteiten in de speeltuin voor de reguliere bezoekersdoelgroep van de speeltuin was gelijk aan de aantoonbaar hiervoor gemaakte kosten, echter tot een bedrag van maximaal 1.000 euro per speeltuin, per jaar. Streefbedrag eigen inkomsten Door het college werd een ‘streefbedrag eigen inkomsten’ vastgesteld, dat de speeltuinorganisatie geacht werd aan eigen middelen in te brengen in de exploitatie van de speeltuin. Het streefbedrag was voor alle speeltuinen vastgesteld op 1.361 euro, met uitzondering van Stichting Dierenpark Echt (Dierenpark & Kinderboerderij 't Hertenspoor in Echt) en Stichting Speelvoorziening St. Joost (De Speelkoel). Omdat bij deze twee organisaties de verwachte eigen inkomsten hoger werden ingeschat was hier het streefbedrag op 4.765 euro vastgesteld.

Berekening van de subsidie De speeltuinen hadden jaarlijks recht op de berekende financiële bijdrage aan de jaarlijkse exploitatielasten minus het vastgestelde streefbedrag aan eigen inkomsten. Het maximum jaarlijks uit te keren subsidiebedrag was 9.000 euro per speeltuinorganisatie.

2.2 Speelruimtebeleid 2012-2020

In dit beleid zijn de kaders gesteld om te komen tot voldoende kwalitatief goede speelgelegenheden voor de jeugd tot 18 jaar. Zowel formeel aangelegde speelvoorzieningen als informele speelruimte. Bij belangenafweging in het kader van de inrichting van de woonomgeving dienden de belangen van jeugdigen en jongeren nadrukkelijk aan de orde te komen. Participatie van burgers was een absolute voorwaarde voor het realiseren van speelgelegenheid. Wanneer burgers zich willen inzetten voor een (nieuwe) speelplek is altijd samen met hen gezocht naar draagvlak bij de gebruikers en de (direct) omwonenden. Deze burgers vormden bij voorkeur een (nieuwe) stichting, die zorgt voor hoge betrokkenheid vanuit de buurt. Op die manier wordt bijgedragen aan de leefbaarheid van de buurt. Alhoewel in het beleid vaak wordt gesproken over speeltuin(en), blijkt dit in de praktijk meestal geen traditioneel afgebakende tuin meer te zijn om alleen in te spelen. Daarom is later gesproken over (speel)voorzieningen en ook deze naam dekt de lading niet meer. De functie is breder geworden dan alleen buitenspelen voor de jeugd tot 18 jaar. Nieuwe initiatieven kiezen daarom voor een creatieve naam die beter aansluit bij het doel van de plek(ken).

Gemeente Echt-Susteren

|

Buurt- en speelplekken van de Toekomst 2024-2034

11

Met dit beleid is ernaar gestreefd om in elke kern minimaal één speeltuin, beheerd door een speeltuinorganisatie te realiseren. In grotere kernen of een kern die door een moeilijk te nemen barrière wordt gescheiden zou te overwegen zijn om twee speeltuinen aan te leggen. Met kleinere speelplekken in het verzorgingsgebied van een speeltuin wordt voor wat betreft beheer en onderhoud gestreefd naar samenwerking met de betreffende speeltuinorganisatie. Op dit moment is er een redelijk goede spreiding over de gemeente, maar er zijn ook nog witte vlekken. De samenwerking met kleinere speelplekken of het adopteren ervan is nog minimaal. Speelruimtebeleid is integraal beleid. Ruimtelijk beleid, jeugdbeleid, kernenbeleid en de sportvisie worden als de belangrijkste pijlers hiervoor genoemd.

2.3 De samenwerking tussen gemeente, stichtingen en andere partners

De samenwerking tussen de gemeente en de stichtingen kan het beste worden omschreven als een partnerschap op gelijkwaardig niveau met een duidelijke rolverdeling. De stichting in de regierol en de gemeente in de faciliterende rol. In het gemeentelijk beleid en in de subsidieverordening zijn de kaders vastgelegd, waarbinnen wordt samengewerkt bij het realiseren en exploiteren van de speelvoorzieningen. De regierol van de stichtingen bestaat uit de kartrekkersfunctie bij de eerste aanleg of renovatie en het creëren van draagvlak in de buurt. Als ‘zelfstandig ondernemers’ bepalen zij samen met de buurt hoe de voorziening er uit gaat zien. Ook zorgen zij voor extra financiële middelen via fondsenwerving, sponsors en acties. Zij nemen een groot deel van het beheer en onderhoud voor hun rekening en organiseren regelmatig activiteiten voor de buurt. De faciliterende rol van de gemeente bestaat in eerste instantie uit het adviseren over alle facetten van de projectmatige aanpak om te komen tot een goed georganiseerde speelvoorziening, die aansluit op de behoefte van de buurt. Naast kennis en informatie levert de gemeente ruimte en geld om de voorziening te realiseren en in stand te houden. Ook worden de stichtingen ondersteund met civieltechnische werkzaamheden en de jaarlijkse veiligheidsinspecties.

Andere belangrijke samenwerkingspartners zijn de opbouwwerkers of jongerenwerkers van Menswel, basisscholen en de wijkagenten. Zij worden op momenten dat dit van belang is ingeschakeld.

2.4 Budgetten voor speelvoorzieningen

Bij aanvang van het beleidsplan in 2012 was de financiële ruimte van het subsidieprogramma vrijwilligersorganisaties € 54.000 (toen er nog maar 5 georganiseerde verenigingen waren). In de meerjarenbegroting is voor subsidieverlening aan speeltuinorganisaties inmiddels jaarlijks een budget beschikbaar van € 98.109 (kostenplaats: Speelvoorzieningen / Speeltuincomités FCL/ECL 66700013 / 42450). Op basis van de Subsidieregeling speeltuinorganisaties 2015 is in 2023 totaal 96.808,68 euro aan subsidie uitgekeerd aan de 11 speeltuinorganisaties. Dit budget is voor 2024 en volgende jaren structureel met 10% verhoogd van € 98.109 naar jaarlijks € 107.920. Verder is een structureel werkbudget Speelvoorzieningen / Speelplaatsenplan FCL / ECL 66700013 / 42143) beschikbaar voor het uitvoeren van de jaarlijkse veiligheidsinspecties, beheer en onderhoud van gemeentelijke voorzieningen en voor beperkte investeringen voor vervanging en uitbreiding van deze gemeentelijke voorzieningen. Dat budget is in 2023 structureel verhoogd van € 30.000 naar jaarlijks € 35.000. De investeringssubsidie van eenmalig € 25.000, die werd verstrekt aan nieuwe initiatieven die voldoen aan het speelruimtebeleid, zijn beschikbaar gesteld na bestuurlijke besluitvorming. Hiervoor waren geen reserves of voorzieningen beschikbaar.

In het geval van nieuwe initiatieven is deze investeringssubsidie via de budgetcyclus georganiseerd.

12

Gemeente Echt-Susteren

|

Buurt- en speelplekken van de Toekomst 2024-2034

3. Wettelijke en beleidsmatige randvoorwaarden voor het nieuwe beleid

3. Wettelijke en beleidsmatige randvoorwaarden voor het nieuwe beleid Het beleid dat de realisatie, instandhouding en verdere ontwikkeling van buurt- en speelplekken mogelijk maakt is mede gebaseerd op van toepassing zijnde wet- en regelgeving en ook op lokale, regionale en landelijke beleidskaders. Daarnaast wordt ingespeeld op relevante trends en ontwikkelingen. Met deze wettelijke en beleidsmatige randvoorwaarden wordt aangeduid welke belangrijke functie buurt- en speelplekken kunnen en/of moeten vervullen en ook waar samenwerkingsmogelijkheden met andere beleidsterreinen liggen.

3.1 Wet- en regelgeving Het VN-Kinderrechtenverdrag Kinderen hebben het recht op spelen. Dit is beschreven in het verdrag inzake de Rechten van Het Kind (20-11-1989). In dit Kinderrechtenverdrag staan 54 artikelen met afspraken over de rechten van kinderen en jongeren tot 18 jaar. In artikel 31 staat dat Ieder kind het recht heeft op vrije tijd, spelen en het recht mee te doen aan culturele of artistieke activiteiten. Warenwetbesluit Attractie- en Speeltoestellen (WAS) De veiligheid van speeltoestellen is geregeld in het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen (WAS). Dit Warenwetbesluit heeft betrekking op het ontwerp- en fabricageproces, de keuring voor de ingebruikname, Nederlandstalige gebruiksaanwijzing met aanwijzingen, veiligheidsinstructies, waarschuwingen en andere relevante informatie, het bijhouden van een logboek of actueel dossier en het verrichten van onderhoudswerkzaamheden. De gemeente leeft de regels uit het WAS (samen met de stichtingen) strikt na. Zo wordt gezorgd dat de speeltoestellen op de buurt- en speelplekken te allen tijde veilig zijn. Omgevingswet en omgevingsvisie De Omgevingswet streeft het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit na. De gemeente is gestart met het opstellen van een Omgevingsvisie voor de hele gemeente EchtSusteren.

Deze omgevingsvisie biedt een unieke kans om samen met politiek en samenleving een integrale visie op de leefomgeving te formuleren. De omgevingsvisie is één van de kerninstrumenten van de Omgevingswet. Een instrument dat een cruciale rol speelt in het omgevingsbeleid van gemeenten en provincies. Buurt- en speelplekken dragen in hoge mate bij aan een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit en verdienen daarom een prominente plek in de Omgevingsvisie. Daarnaast zijn gemeenten volgens de wet verplicht om alle belanghebbenden in een project vroegtijdig te betrekken bij de besluitvorming. Ook dit is een goede basis voor het buurt- en speelplekkenbeleid.

3.2 Aanpalende beleidskaders Lokaal Sportakkoord 2.0 Herijking Lokaal Sportakkoord Echt-Susteren Het Lokaal Sportakkoord is opgesteld met onder andere als doel zoveel mogelijk inwoners van EchtSusteren met plezier te laten sporten en bewegen. Daarnaast heeft het Lokaal Sportakkoord de intentie bestuursleden, het technisch kader en de vrijwilligers van de verenigingen te ondersteunen, begeleiden en adviseren. De ambities van het Lokaal Sportakkoord zijn dan ook 'vitale sportaanbieders' en 'sport, bewegen en gezondheid voor iedereen'. Het Lokaal Sportakkoord 2.0 is geënt op het Landelijke Sportakkoord II “Sport versterkt”, een initiatief van het Ministerie van VWS, Platform Ondernemende Sport, NOC*NSF, VNG en de Vereniging Sport en Gemeenten (VSG).

14

Gemeente Echt-Susteren

|

Buurt- en speelplekken van de Toekomst 2024-2034

Steeds meer mensen sporten en bewegen in de openbare ruimte, bijvoorbeeld wandelen, hardlopen, wielrennen en bootcamp. Om meer mensen te stimuleren dit te doen en het buitenspelen te bevorderen, moeten de bestaande sportparken meer worden benut voor recreatief gebruik en moet de openbare ruimte uitnodigend, inspirerend en beweegvriendelijk zijn ingericht. Ruimtelijke ordening is hierin essentieel. De waarde van en ruimte voor sport en bewegen wordt echter nog niet altijd meegenomen in de gebiedsontwikkelingen. Het beleid Buurt- en speelplekken van de toekomst heeft veel raakvlakken met de ambities uit het Sportakkoord. Concrete voorbeelden zijn: • Sport en bewegen in de openbare ruimte stimuleren met beweegactiviteiten voor jeugd, volwassenen en senioren. • Het bevorderen van een gezonde leefomgeving mee leidend te laten zijn voor de op te stellen Omgevingsvisie voor de gemeente Echt-Susteren. • Sport, cultuur en gezondheid met elkaar verbinden en inzetten om de leefbaarheid van de directe leefomgeving te vergroten. • Kinderen op een laagdrempelige manier kennis laten maken met diverse sporten en bewegingsvormen. • Meer openbare schoolpleinen/ beweeg- speelplekken (speelgroen) in de wijk, en beweegpaden op weg naar school maken. • Stimuleren gebruik van bestaande ruimte, zoals schoolpleinen, voor meerdere doelgroepen.

Echt-Susteren Samen Gezond Lokaal Preventieakkoord Echt-Susteren 2021-2024 Het Lokaal Preventieakkoord sluit aan op het Nationaal Preventieakkoord. Daarin hebben 70 landelijke organisaties afspraken gemaakt om de gezondheid van alle Nederlanders te bevorderen. Het akkoord richt zich op het terugdringen van gezondheidsschade als gevolg van roken, problematisch alcoholgebruik en overgewicht. In het Lokaal Preventieakkoord Echt-Susteren wordt een vertaalslag gemaakt naar een lokale aanpak, die moet leiden tot een gezonder Echt-Susteren. Een gemeente waarin gezonde keuzes maken vanzelfsprekend wordt, waar sport en bewegen voor jong en oud aantrekkelijk en haalbaar is en waar voldoende ruimte is om volop te ontspannen. Dit doen we door specifieke activiteiten in te zetten die bijdragen aan een gezondere leefstijl en leefomgeving en door bestaande projecten binnen onze gemeente te versterken en te verbinden. Dat doen we niet alleen. Samen met onze partners én met onze inwoners focussen we ons de komende jaren op een preventieve aanpak met de volgende ambities: 1. Gezonde voeding 2. Bewegen en sporten 3. Rookvrije generatie 4.

Sociaal en actief leven Met het beleid Buurt- en speelplekken voor de toekomst sluiten we met name aan op de ambities ‘Bewegen en Sporten’, ‘Rookvrije generatie’ en ‘Sociaal en actief leven’ uit het Lokaal Preventieakkoord: Bewegen en Sporten: Het aanbrengen van extra voorzieningen in de openbare ruimte zoals wandelpaden, fietspaden, speelplekken en meer groenvoorzieningen. We laten het echter niet alleen bij het realiseren van dit soort voorzieningen, maar zetten vooral in op het stimuleren van het gebruik ervan. Rookvrije generatie: Buurt- en speelplekken zijn / worden rookvrij. Sociaal en actief leven: Uit de Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2022 blijkt dat 53% van de inwoners van 18 jaar en ouder uit onze gemeente zich eenzaam voelt. Dit kan uiteindelijk leiden tot een slechte mentale en fysieke gezondheid. Buurt- en speelplekken stimuleren ontmoeting en bieden mogelijkheden voor vrijwilligerswerk met vaak nieuwe sociale contacten.

Gemeente Echt-Susteren

|

Buurt- en speelplekken van de Toekomst 2024-2034

15

Integraal Veiligheidsplan (IVP) 2023-2026 Het IVP beschrijft de gemeentelijke veiligheidsprioriteiten en de aanpak daarvan in de komende jaren, overige belangrijke veiligheidsthema’s en de wijze waarop de sturing en coördinatie wordt vormgegeven. Een van de prioriteiten in het kader van ondermijning is de thematische aanpak van jeugd/ jonge aanwas in de criminaliteit. Buurt- en speelplekken zijn locaties waar jongeren elkaar treffen en zijn daarmee cruciaal om in beeld te hebben en geregeld te laten bezoeken door jongerenwerkers. Op deze manier blijven we in gesprek met de jongeren en kan op deze locaties snel worden ingezet op voorkomen van overlast of criminaliteit. Regiovisie Jeugd en Gezin De kern van de in 2022 door de Raad vastgestelde regiovisie is dat de gemeente de jeugdhulp méér nabij en passend wil organiseren, gericht op de situatie en behoeften van de jeugdige, diens gezin en omgeving. Meer laagdrempelig en nabij de hulpvraag oppakken en organiseren, waardoor er op termijn voor de jeugdige minder (snel) inzet van specialistische jeugdhulp nodig zal zijn. Dit vraagt om een doorontwikkeling op zowel lokaal als (boven)regionaal niveau én een goede verbinding tussen beiden. Met een steviger regionale samenwerking. We blijven leren en doorontwikkelen en gaan meer datagericht werken met input van hen die in de wijk werken.

Domeinoverstijgend werken is belangrijk, zo wordt nauw samengewerkt met de domeinen gezondheid, veiligheid, onderwijs enzovoort. We zijn in de wijk en werken samen met de partners binnen de lokale wijkteams. Buurt- en speelplekken maken deel uit van de omgeving waarbinnen jeugdigen zich bewegen en zijn daarom ook een vindplek van de groep waar het minder goed mee gaat. De kadernota regie op groen 2016 De openbare ruimte is van ons allemaal en vervult tal van ondersteunende functies op het gebied van transport en bereikbaarheid, waterafvoer, en kabels en leidingen. Ook voor de leefbaarheid is de beschikbaarheid en de inrichting van de openbare ruimte van groot belang. Het is de plek voor ontmoeting voor informeel spelen en sporten. Het areaal openbaar groen is ingedeeld in een aantal functie categorieën die richtinggevend zijn voor de wijze van inrichten en beheren en de manier waarop burgers worden betrokken bij planvorming en -realisatie. In de kadernota regie op groen 2016 worden de volgende functies beschreven: Structurerend groen: hiertoe behoren bijvoorbeeld de in de Bomennota vastgestelde boomstructuren. Verder betreffen het groenvoorzieningen die (als onderdeel van een stedenbouwkundig planontwerp) samen een groter geheel vormen. Maatschappelijk groen: vervult een duidelijke functie voor burgers, bedrijven, verenigingen of instellingen.

Voorbeelden zijn de elf georganiseerde speeltuinen, de sportcomplexen, parken en de begraafplaatsen Annahof en Elsene. Maar ook de zogenaamde pareltjes in een wijk of buurt. Pareltjes onderscheiden zich ten opzichte van het overige wijk- en buurtgroen door een meer exclusieve inrichting. Verder vervullen pareltjes meestal een duidelijke verblijfsfunctie: het is dé plek waar buurtbewoners elkaar treffen en ontmoeten. Ook groen rond de winkelcentra in de centrumgebieden horen tot de maatschappelijk groenfunctie. Pareltjes zijn dus eigenlijk de voorlopers van de buurt- en speelplekken van de toekomst. Functioneel groen: vervult een specifieke functie. Hierbij kan gedacht worden aan het inpassen van een bedrijventerrein of het aan het zicht onttrekken van minder fraaie gebouwen / loodsen / gevels. Ook groen gericht op het opvangen en infiltreren van hemelwater -in wadi’s- valt binnen deze categorie. Maar ook het groen ter verfraaiing van wijken en buurten behoort tot het functioneel groen. Natuurlijk groen: betreft de gemeentelijke bos-en natuurterreinen. Verder vallen de ecologische verbindingen vanuit het buitengebied richting de kernen, groen langs een beekdal, langs een weg of kanaal of groen aan de rand van een bebouwingskern onder natuurlijk groen.

Ook de groene lobben die aansluiten op het buitengebied en biotopen / leefgebieden van specifieke soorten vallen onder natuurlijk groen.

16

Gemeente Echt-Susteren

|

Buurt- en speelplekken van de Toekomst 2024-2034

3.3 Trends en ontwikkelingen Demografische gegevens Landelijk gezien neemt het aantal kinderen in de basisschoolleeftijd (4 tot 12 jaar) af tot 2025 en zal daarna stijgen om na 2040 weer te gaan dalen. Het aantal huishoudens in Echt-Susteren blijft tot 2035 stabiel. Verder valt op dat in 2021 tweeduizend 80-plussers in de gemeente Echt-Susteren wonen en dit worden er drieduizend in 2035 en vierduizend in 2050 (Regionale bevolkings- en huishoudensprognose, 2022). Deze groei geeft aan dat het aantrekkelijk maken van de openbare ruimte voor deze leeftijdsgroep nog meer dan nu wenselijk is. Buurt- en speelplekken van de Toekomst hebben hierin een belangrijke functie. Burgerparticipatie In Echt-Susteren is burgerparticipatie inmiddels een vanzelfsprekend begrip als het gaat om de inrichting van de openbare ruimte. Daar waar burgers worden betrokken bij (de vormgeving van) hun woon- en leefomgeving levert dat direct resultaat op in de kwaliteit van de openbare ruimte en een duurzamere betrokkenheid van burgers. Dat hebben de 11 stichtingen inmiddels bewezen. In de Omgevingswet is deze betrokkenheid een verplichting. Bij het opstellen van de Omgevingsvisie maakt de gemeente al werk van duurzamere betrokkenheid van burgers. Nieuw beleid sluit beter aan op de behoeften en zorgt voor draagvlak.

Met burgerparticipatie wordt echter niet alleen betrokkenheid van volwassenen bedoeld, maar vooral ook nauwe betrokkenheid van de jeugd tot 18 jaar. Ook deze groep moet volwaardig worden betrokken bij onderwerpen die hen aangaan. Hier wordt bewust gesproken over betrokkenheid, wat impliceert dat participatie meer is dan alleen inspraak. Belangrijke bijvangst van deze betrokkenheid is toename van de sociale cohesie. Dit is gebleken bij de realisatie van de vele buurt- en speelplekken met een geoliede organisatie er omheen. Burgers voelen zich medeverantwoordelijk voor het resultaat van hun inspanningen. Zij leveren daarmee een belangrijke bijdrage aan de leefbaarheid van hun buurt en ook aan de gezondheid van de mensen die er wonen. Ook zal burgerparticipatie op deze manier bijdragen aan het wederzijds vertrouwen tussen de gemeente en haar inwoners. Beweegrichtlijnen en overgewicht De beweegrichtlijnen zijn opgesteld door de Gezondheidsraad en houden in dat volwassenen elke week verdeeld over meerdere dagen ten minste 2,5 uur matig of zwaar intensief bewegen zoals wandelen en fietsen. Voor kinderen is dat elke dag minstens 1 uur. Daarnaast moeten volwassenen minimaal 2 keer per week aan spier- en botversterkende activiteiten doen en kinderen minimaal 3 keer per week. In 2021 voldeed 47% van de Nederlandse bevolking hieraan en in 2022 nog maar 44%.

De overheid streeft naar een percentage van 75% in 2040. De gezondheidsmonitor 2022 van het RIVM geeft aan dat 56% van de inwoners vanaf 18 jaar in de gemeente Echt-Susteren minder dan eenmaal per week sport en 53% voldoet niet aan de beweegrichtlijn. In deze leeftijdsgroep kampt 56% met overgewicht (BMI > 25) en 18% kampt zelfs met ernstig overgewicht (BMI > 30). Het Nederlands Jeugdinstituut (NJI) meldt dat in 2022 11,5% van de kinderen van 4 tot 12 jaar kampt met overgewicht. Van de 12 tot 16 jarigen is dit 13,8% en van de 16 tot 20 jarigen 19%. Deze cijfers tonen het belang van sporten en bewegen aan. Een aantrekkelijke openbare ruimte die mensen hiertoe uitnodigt, levert een belangrijke bijdrage leveren aan een gezondere levensstijl. Bewegen/sporten Bij het bewegen en sporten is een toename te zien van het in georganiseerd verband sporten in een team of bij een vereniging naar het individuele sporten en bewegen of het sporten in zelfgeorganiseerde groepen. Deze trend is terug te zien in de groei van bepaalde sporten: wielrennen, hardlopen en fitnessen (24/7). Dit komt voort vanuit een individualisering en flexibilisering van de maatschappij. Ook bij de inrichting van buurt- en speelplekken moet hier rekening mee gehouden worden.

Gemeente Echt-Susteren

|

Buurt- en speelplekken van de Toekomst 2024-2034

17

Groenbeleving: van kijkgroen naar gebruiksgroen Creatief spel van kinderen speelt zich bij voorkeur af in onbestemde zones. In België noemen ze dat "wildland". Kenmerk van zo'n gebied is de grote invulbaarheid ervan. De verkeer omgeving is veilig; de bodem is niet verhard; er zijn talloze kleuren, geuren, bloeiwijzen en vruchten in de groenvoorziening; er zijn niveauverschillen en er is ruimte voor ontmoeting. Creëer een openbare ruimte waar kijkgroen ook gebruiksgroen is, zoals klimbomen, fruitbomen, kastanje- en notenbomen, stevige heesters of wilgen. Dit gebruik kan zich in principe in alle van de eerdergenoemde groenfuncties voordoen. De functies maatschappelijk groen, functioneel groen en natuurlijk groen lenen er zich bij uitstek voor. Het is dan ook van belang om bij inrichting en beheer aandacht te hebben voor deze koppelkansen. Bij bewonersbijeenkomsten wordt de jongste doelgroep makkelijk vergeten, kinderen zitten meestal niet aan tafel met plannenmakers en het gaat tijdens infobijeenkomsten vaak over de hardware, de weg, de inrit, het riool, het groen. Gelukkig merken we dat er steeds meer aandacht is voor klimaatbestendigheid, biodiversiteit en variatie. Die aspecten bieden vaak natuurlijke kansen en spelaanleidingen.

Niet ieder kind kan erop uit met zijn ouders/verzorgers Nederland is een rijk en welvarend land, waar voor kinderen de meeste zaken goed geregeld zijn. Toch geldt dit helaas nog niet voor alle kinderen in ons land. Zo groeit één op de negen kinderen in Nederland op in armoede. Dit heeft tot gevolg dat uitstapjes naar speel- of attractieparken, waar hoge kosten aan zijn verbonden, er voor hun niet inzitten. Zij zijn meer dan andere kinderen aangewezen op laagdrempelige voorzieningen in de directe omgeving en allerhande activiteiten die daar voor alle kinderen worden georganiseerd. Georganiseerde buurt- en speelplekken voorzien hierin, ook vaak met allerhande leuke activiteiten.

18

Gemeente Echt-Susteren

|

Buurt- en speelplekken van de Toekomst 2024-2034

4. Evaluatie en beleidsvoornemens

4. Evaluatie en beleidsvoornemens Het in de afgelopen jaren gevoerde speelruimtebeleid en de daaraan gekoppelde subsidieregeling zijn samen met de 11 stichtingen en de betrokken ambtenaren geëvalueerd. Daarbij is gekeken naar de functie van de speelvoorzieningen die onder dit beleid vallen en hoe gemeente en burgers hier nóg beter vorm aan kunnen geven. Een belangrijke conclusie is dat al deze speelplekken intussen een veel bredere functie hebben dan alleen buitenspelen voor kinderen. Ook ontmoeten, bewegen en sporten voor zowel jong als oud zijn belangrijke functies, die in de toekomst kunnen worden versterkt. Vandaar ook de titel van dit beleidsplan: Buurt- en speelplekken van de toekomst. In dit hoofdstuk worden belangrijke aandachtspunten uit de evaluatie beschreven en tot welke beleidsvoornemens voor de komende 10 jaar dit heeft geleid.

4.1 De samenwerking tussen gemeente en burgerinitiatief (stichting)

De wijze van samenwerking tussen de gemeente en de stichtingen wordt door beide als zeer positief ervaren. De 11 stichtingen hebben samen met de gemeente prachtige voorzieningen gerealiseerd die aansluiten op de behoefte van het dorp of de wijk. Dit is niet alleen financieel mogelijk gemaakt door de gemeente, maar ook met fondsenwerving, sponsoring en financiële actie. Daarnaast nog de nodige zelfwerkzaamheid om kosten te sparen. Deze inzet heeft geleid tot een breed draagvlak voor deze voorzieningen en grote waardering van allen die ervan gebruik maken. Zo zijn de stichtingen verworden tot trotse ondernemers die hun voorzieningen laten floreren. Vanuit hun regierol doen zij alles wat hiervoor nodig. De gemeente staat hen bij vanuit haar faciliterende rol: Daar waar gewenst adviseren, uitvoeren van werkzaamheden infrastructuur en het verstrekken van subsidie. Gezien de positieve ervaringen met de 11 stichtingen en de resultaten die dit in de praktijk heeft opgeleverd, geeft de gemeente de voorkeur aan georganiseerde buurt- en speelplekken boven semigeorganiseerde buurt- en speelplekken en steunplekken. Daar waar de mogelijkheid zich voordoet wordt bekeken of deze kunnen worden omgevormd of worden aangehaakt bij een van de bestaande stichtingen. Bij deze stichtingen is veel kennis en ervaring in huis, waarmee nieuwe initiatiefnemers hun voordeel kunnen doen.

De praktische werkafspraken tussen gemeente en stichtingen zijn vastgelegd in een werkdocument dat regelmatig wordt geëvalueerd en bijgesteld. Eén keer per 3 jaar wordt de samenwerking tussen de gemeente en de afzonderlijke stichtingen geëvalueerd. Bespreekpunten zijn onder andere de vitaliteit van de stichting, stand van zaken en ontwikkelingen van de buurt- en speelplek, toekomstplannen, financieel beleid en beheer, maatschappelijke kansen en uitdagingen.

4.2 De subsidieregeling

Uit de evaluatie van de voormalige subsidieregeling is gebleken dat deze niet meer aansluit op de werkelijkheid. Zo vallen de laatst aangelegde voorzieningen veel duurder uit dan de 50.000 euro, waar de subsidieregeling vanuit gaat. Ook wordt het steeds lastiger om 50% cofinanciering te genereren. Daarom wordt in de nieuwe regeling de bijdrage voor eerste aanleg en voor innovatieve projecten 70% van de aanlegkosten met een maximum van 50.000 euro. De stichtingen exploiteren buurt- en speelplekken van verschillende omvang. De subsidieregeling sluit hier te weinig op aan. Grotere voorzieningen komen door het subsidieplafond van 9.000 euro tekort en kleinere voorzieningen, die hier ruim onder blijven, krijgen in feite te veel, omdat de 10% afschrijving blijft doorlopen. In de nieuwe regeling wordt dit opgelost door de afschrijvingstermijn van speeltoestellen op 15 jaar vast te stellen. De maximale afschrijvingskosten worden dan 13.000 euro per jaar. Hiermee sluit de reservering die de stichtingen hiermee kunnen doen beter aan op het te vervangen areaal. De gemeente voert al een groot deel van de infrastructurele werkzaamheden uit (afrastering, paden, ondergrond en groenvoorziening). Daar wordt nu één lijn in getrokken voor alle buurt- en speelplekken, waardoor deze werkzaamheden nu geheel voor rekening van de gemeente zijn, behoudens kleine klussen.

Voor deze werkzaamheden krijgt elke stichting jaarlijks een vast bedrag van 500 euro. De bijdrage voor afschrijvingskosten van een gebouw komt te vervallen. Bij noodzakelijk te maken kosten voor het gebouw kan een beroep worden gedaan op een innovatieve subsidie. Stichtingen die een of meer gebouwen in gebruik hebben komen in aanmerking voor een maximale bijdrage van 1.000 euro per jaar op basis van werkelijke kosten. Dit zijn onderhoudskosten, verzekeringen, belasting en de kosten voor nutsvoorzieningen. Deze regel geldt ook voor stichtingen die alleen een aansluiting voor nutsvoorzieningen hebben.

20

Gemeente Echt-Susteren

|

Buurt- en speelplekken van de Toekomst 2024-2034

Activiteiten worden gesubsidieerd met een bedrag van 125 euro per geplande activiteit tot een maximumbedrag van 1.500 euro. De levende have van Stichting Dierenpark & Kinderboerderij ’t Hertenspoor in Echt komt tot op heden niet voor subsidie in aanmerking. In de nieuwe regeling wordt hiervoor een maximaal bedrag van 5.000 euro opgenomen. Met deze aanpassingen van de subsidieregeling ontstaat een eerlijker systeem dat recht doet aan de daadwerkelijke huishouding van de stichtingen. Hiermee wordt het zelfstandig ondernemerschap dat de gemeente en de stichtingen als een groot goed ervaren gestimuleerd. De stichtingen voeren samen met hun wijk of dorp de regie over hun buurtspeelplek(ken). De stichtingen zijn zelf verantwoordelijk voor alle vervangingen van de (gesubsidieerde) speel- en beweegobjecten op termijn. Om die zelfstandig te kunnen doen, bouwen zij met de jaarlijkse subsidie een groeiende financiële reserve op. Dit vraagt om een goed financieel beleid en beheer. Uit de evaluatie is gebleken dat de stichtingen dit goed op orde hebben en zich ook houden aan de richtlijnen van de Wet Bestuur Toezicht en Rechtspersonen (WBTR). Het financieel beleid en beheer is onderdeel van de periodieke evaluatie met de afzonderlijke stichtingen.

4.3 De functie van buurt- en speelplekken

Buurt- en speelplekken zijn meer dan alleen een speelplek voor kinderen. Zij vervullen een belangrijke functie voor iedereen die in het ‘verzorgingsgebied’ woont. Het zijn plekken waar jong en oud, vitaal en minder vitaal, elkaar ontmoet, speelt, beweegt en sport. Het is een leeromgeving voor kinderen. Zij leren er samenspelen met andere kinderen. De buurt- en speelplek biedt voldoende afwisseling van spelvormen: Bewegingsspel: rennen, fietsen, klimmen, balanceren en glijden. Kinderen kunnen hun energie kwijt en oefenen zo hun motorische vaardigheden. Constructiespel: spelen met zand, steen, water en hout. De (on)mogelijkheden van het materiaal testen en gebruiken. Regel- en wedstrijdspel: verstoppertje, voetbal, tikkertje. Kinderen kunnen hun prestaties vergelijken met anderen en het stimuleert ze om zichzelf te verbeteren. Rollenspel: vadertje en moedertje, politie en boeven. Kinderen gebruiken hun fantasie en leren omgaan met emoties. Ontmoeten, kijken, rust: Kinderen bekijken elkaar, kletsen en leren omgaan met anderen. Het is van groot belang dat ook kinderen met een beperking er samen met ander kinderen kunnen spelen. Het streven is dat zoveel mogelijk plekken voldoen aan de norm van het SamenSpeelAkkoord (100% welkom, 70% bereikbaar, 50% speelbaar). Ook voor senioren die moeilijk ter been zijn moet de buurt- en speelplek goed toegankelijk zijn en vertier bieden.

Daarbij moet er ook plek zijn voor de oudere jeugd, die vooral wil kunnen chillen (ontmoeten), bewegen en sporten. Zo worden de buurt- en speelplekken van en voor iedereen en dragen ze bij aan een inclusieve openbare ruimte in de gemeente Echt-Susteren. De buurtspeelplekken zijn bij voorkeur openbaar toegankelijk. Op elk moment dat kinderen en volwassenen buiten wil bewegen, ontmoeten, sporten en buitenspelen moet dat kunnen. Ook in de wintermaanden zijn die momenten er.

4.4 De ligging van de buurt- en speelplekken

De plekken zijn voor de doelgroep op een veilige manier te bereiken en te gebruiken. Dit geldt niet alleen voor de inrichting, maar ook voor de weg ernaartoe. Zoals kinderen, senioren met rollator of ouders/verzorgers met een buggy. De afstand en de veilige route ernaar toe is van belang. Bij de realisatie wordt rekening gehouden met (verkeers)barrières die bijvoorbeeld voor kinderen niet zijn te overbruggen. Verkeersonveilige situaties worden opgelost met passende verkeersmaatregelen, zoals een voetgangersoversteekplaats of verkeersremmende maatregelen. Bij de planning van (nieuwe) buurt- en speelplekken is het belangrijk te kijken naar alle plekken in de buurt waar mensen al bewegen, sporten, ontmoeten en spelen. Een goede samenhang zorgt ervoor

Gemeente Echt-Susteren

|

Buurt- en speelplekken van de Toekomst 2024-2034

21

dat verschillende plekken elkaar versterken en niet tegenwerken. Denk aan een trapveld, jeu de boulesbaan, een ontmoetingsplek of schoolspeelplaats. Een openbare schoolspeelplaats die ook na schooltijd vertier biedt kan een waardevolle aanvulling zijn. Zeker als de beschikbare openbare ruimte schaars is en al met andere functies moet worden gedeeld, zoals doorgaand verkeer en parkeren. De ontwikkeling van schoolpleinen van grijs naar groen-blauw biedt veel nieuwe kansen, waarop met buurtspeelplekken kan worden aangesloten. Veilige routes, waarop ook nog ‘wat te doen is’, tussen de verschillende plekken in de wijk of het dorp maken het gebruik ervan nog veel uitdagender. Zo’n routes kennen we ook als een schoolroute, een ommetje of beweeglint. Al in het Speelruimtebeleidsplan was het voornemen opgenomen om bij de belangenafweging die er in het kader van de inrichting van de woonomgeving dient plaats te vinden, de belangen van jeugdigen en jongeren nadrukkelijk aan de orde te laten komen. In dit praktijk gebeurt dit nog beperkt. Bij het toekomstig ontwikkelen en herzien van bestemmingsplannen en de ontwikkeling van gebiedsvisies wordt ook de benodigde ruimte voor bewegen, ontmoeten, sporten en buitenspelen nadrukkelijk betrokken.

4.5 Burgerparticipatie is het fundament onder de buurt- en speelplekken

Zoals eerder al vermeld is het succes van de huidige buurt- en speelplekken gebaseerd op de betrokkenheid van de mensen die in de wijk of het dorp wonen. Het begint bij inspraak bij de planvorming en verwordt in de loop van het traject naar actief meedoen. Of als gebruiker van de gerealiseerde voorziening of als vrijwilliger die een bepaalde taak uitvoert. Zowel volwassenen als kinderen worden met creatieve activiteiten bij het proces betrokken. Zo wordt het een plan van iedereen, vaak ook van notoire tegenstanders die vervolgens medestanders worden. In dit stadium is samenwerking met ander organisaties (school, buurthuis, jeugd- of seniorenvereniging, sportclub) van absolute meerwaarde. De buurt- en speelplekken dragen bij aan de sociale cohesie van de buurt en versterken het ‘wijgevoel’. Door de hoge betrokkenheid tijdens het proces voelen bewoners zich mede-eigenaar en is er ook relatief weinig vandalisme. Dit wij-gevoel gaat vaak gepaard met nieuwe buurtactiviteiten, waarbij mensen elkaar beter leren kennen.

22

Gemeente Echt-Susteren

|

Buurt- en speelplekken van de Toekomst 2024-2034

5. Samen aan de slag

5. Samen aan de slag In het hoofdstuk SAMEN AAN DE SLAG wordt beschreven hoe onderstaande ambities gerealiseerd kunnen worden. • Buurt- en speelplekken dichtbij huis: Alle burgers kunnen op elk moment dichtbij huis sporten, bewegen, spelen en ontmoeten. Uitnodigende buurt- en speelplekken stimuleren jong en oud om naar buiten te gaan. • Eigenaarschap burgers: Bij de realisatie en het beheer van buurt- en speelplekken wordt een hoge mate van betrokkenheid van burgers (en eventuele andere partners) nagestreefd. Daarbij horen ook kinderen, tieners en jongeren. • ‘Witte vlekken’ invullen: Op basis van de behoefte worden samen met burgers (en eventuele andere partners) buurt- en speelplekken gerealiseerd op plekken waar die nu nog ontbreken. • Aandacht voor buurt- en speelplekken bij herinrichting of nieuwbouw: Meer aandacht en ruimte voor de (informele) buurt- en speelplekken bij de (her)inrichting van de openbare ruimte en de ontwikkeling van nieuwbouwprojecten. • Bestaande gemeentelijke plekken evalueren: Samen met burgers wordt onderzocht of bestaande (kleine) plekken die niet of nauwelijks worden gebruikt met een opwaardering in een behoefte kunnen voorzien.

Om deze ambities beleidsmatig te onderbouwen en te komen tot realisatie wordt ingegaan op: • de wat-vraag (de categorieën buurt- en speelplekken), • de investering-vraag (financiële middelen) en • de hoe-vraag (burgerinitiatieven aan zet).

5.1 Categorieën plekken

De gemeente Echt-Susteren kent voor buurt- en speelplekken vier verschijningsvormen: • gebied overstijgende voorzieningen, • georganiseerde buurt- en speelplekken, • semi-georganiseerde buurt- en speelplekken en • steunplekken. De 11 stichtingen exploiteren een georganiseerde buurt- en speelplek. Daarnaast zijn ook de informele aanleidingen voor spelen, ontmoeten en bewegen in de openbare ruimte van belang. In de bijlage Buurt- en speelplekken in Echt-Susteren is een overzicht opgenomen van alle plekken inclusief het aantal objecten per plek. Gebied overstijgende voorziening Een gebied overstijgende voorziening is een centrale plek in de gemeente voor omliggende kernen en niet gericht op de specifieke behoefte van een buurt. Dit zijn grotere voorzieningen die primair gericht zijn op jongeren van 12 jaar en ouder. De inrichting is met name gericht op skaten, balspelen, sporten en bewegen. Voorbeelden zijn de skatebaan en balspelkooi op het park In de Bandert in Echt en de balspelkooi bij Jongerencentrum Haaze in Susteren. Deze plekken komen tot stand in samenwerking met de jongeren en het professionele jongerenwerk. De jongeren spelen na realisatie een belangrijke rol in het schoonhouden van de plek en het naleven van de met elkaar afgesproken (sociale) spelregels.

Het professionele jongerenwerk begeleidt de jongeren hierbij en gebruikt deze waardevolle plekken ook als vindplaats voor jongeren waar het minder goed mee gaat. Georganiseerde buurt- en speelplekken De organiseerde buurt- en speelplekken zijn plekken in een buurt, waarvan het initiatief bij de burgers ligt en met grote vrijwillige inzet tot stand zijn gekomen. Burgers richten een stichting op, die een duurzame samenwerking met de gemeente aangaat. De stichting is verantwoordelijk voor het (financieel) beheer en onderhoud en ontvangt hiervoor een jaarlijkse subsidie. Bij de eerste inrichting komt een stichting in aanmerking voor een eenmalige initiatiefsubsidie van 70% van de inrichtingskosten tot een maximum van 50.000 euro. Daarnaast haalt een stichting veel verdiensten uit zelfwerkzaamheden en cofinanciering (fondsenwerving en sponsoring).

24

Gemeente Echt-Susteren

|

Buurt- en speelplekken van de Toekomst 2024-2034

Het is mogelijk dat een stichting verspreid over de wijk of het dorp meerdere buurt- en speelplekken met verschillende functies realiseert. Dit wordt bepaald op basis van de behoefte, die vooraf wordt gepeild. Daardoor kunnen de inrichtingselementen per buurt- en speelplek erg verschillend zijn, denk aan speeltoestellen, fietscrossbaan, skatebaan, bewegingstoestellen, groenspeelplek of jeu de boulesbaan. De gemeente en stichting leggen de afspraken over het gebruik en het beheer en onderhoud vast in een beheerovereenkomst. Het eigenaarschap dat bij de stichting ligt en de betrokkenheid van de buurt zorgen voor een hoge mate van sociale controle. Semi-georganiseerde buurt- en speelplekken Naast de georganiseerde buurt- en speelplekken, zijn er ook buurt- en speelplekken waarbij wel grote betrokkenheid is van buurtbewoners, maar niet georganiseerd in een stichting. De semigeorganiseerde buurt- en speelplekken zijn kleine plekken in een buurt, waarvan het initiatief bij (direct) omwonenden of een bewonersorganisatie ligt. Alhoewel de gemeente verantwoordelijk is voor plaatsing en het beheer en onderhoud van de plek, dragen buurtbewoners toch hun steentje bij. Dat kan in de vorm van een extra financiële bijdrage (bijvoorbeeld sponsoring of actie) en/of taken in het (groen)beheer en onderhoud.

Deze plekken zijn kleiner van opzet en zijn meer gericht op kleine speeltoestellen, natuurlijke speelaanleidingen en veel groen. Door de betrokkenheid van burgers bij deze buurt- en speelplekken ontstaat een hogere sociale controle. Steunplekken Steunplekken zijn alle kleine plekken die de gemeente in beheer heeft en waar nauwelijks of geen buurtbewoners bij betrokken zijn. Toch kunnen deze plekken een belangrijke functie hebben voor kinderen die wat verder van een buurt- en speelplek wonen, of voor senioren die deze plek als rustplaats tijdens een ommetje gebruiken. Komt zo’n plek aan het einde van zijn levensduur, dan wordt contact gezocht met de buurt. Bij voorkeur in samenwerking met een stichting die een of meer georganiseerde buurt- en speelplekken beheert. Is er geen draagvlak en geen behoefte meer, dan wordt de plek ontmanteld. Op deze plekken is weinig sociale controle.

Gebied overstijgende voorziening

Georganiseerde buurt- en speelplekken

Semigeorganiseerde buurt- en speelplekken

Steunplekken

Spreiding

Gemeenteniveau

Buurtniveau

Buurtniveau

Willekeurig

Doelgroep

12 jaar en ouder

Alle leeftijden

Alle leeftijden

4 - 12 jaar

Middel

Hoog

Middel

Laag

Burgerparticipatie

Gemeente

Stichting

Gemeente

Gemeente

Projectbudget

€ 50.000,-

€ 5.000,-

€ 2.000,-

Cofinanciering

Jaarlijkse subsidie

Regierol Max. bijdrage gemeente

Beheerovereenkomst

  

Beheer en onderhoud

Gemeente

Stichting/

Gemeente i.s.m.

Gemeente

Gemeente

omwonenden

+++

++

++

Sociale controle

+

Verschijningsvormen buurt- en speelplekken.

Gemeente Echt-Susteren

|

Buurt- en speelplekken van de Toekomst 2024-2034

25

Informele aanleidingen voor spelen, ontmoeten en bewegen in de openbare ruimte Naast bovengenoemde vier categorieën moet bij de inrichting van de openbare ruimte ook rekening gehouden worden met het feit dat de gehele openbare buitenruimte kan worden aangemerkt als informele speel-, ontmoet- en beweegruimte. In de openbare ruimte staan veel objecten die aanleiding geven tot bewegen. Enkele voorbeelden: • Een fietsaanleunbeugel wordt niet alleen gebruikt om fietsen te stallen, maar ook als duikelrek, doeltje, hangbank of als onderdeel van een speelparcours. • Een betonblok is niet alleen een barrière voor automobilisten, maar ook een podium, een zitplek of een onderdeel voor freerun. • Paaltjes zijn niet alleen een barrière in het verkeer, maar ook ideaal om mee te bokspringen, omheen te draaien, op te zitten of voor een potje voetbal. Dit geldt ook voor trappen, trapleuningen, trottoirs, lijnen op de grond, paaltjes en ga zo maar door. Daarnaast biedt de keuze van kunstobjecten ook kansen. Er zijn ook veel (interactieve) bespeelbare kunstobjecten. Verder worden ook geluidswallen steeds vaker benut als decoratie, educatiewand voor diversiteit of als klimwand. De objecten in deze categorie worden meegenomen in de financiering en realisatie van (nieuwbouw) projecten. De gemeente draagt zorg voor het beheer en onderhoud van deze objecten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EchtSusteren&id=3153e6a4-789e-4c2d-bc83-837e5bc8a103