1e Bestuursrapportage 2025
Tekst van het document
1e Bestuursrapportage 2025
In Echt-Susteren vieren we het goede leven. We zijn met trots een Cittaslow gemeente. Meer informatie op www.echt-susteren.nl/cittaslow.
1e bestuursrapportage 2025
1e bestuursrapportage 2025
1
1e bestuursrapportage 2025
2
Inhoudsopgave 1.
Inleiding
5
2.
Samenvatting
12
3. 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8 3.9 3.10
Bestuursrapportage per programma Bevolking en bestuur Openbare orde en veiligheid Beheer openbare ruimte Onderwijs Cultuur en sport Sociaal domein Ruimtelijke ordening en volkshuisvesting Omgevingsrecht Economische zaken en grondexploitaties Algemene dekkingsmiddelen
13 13 15 16 21 22 23 34 35 37 41
4.
Overhead
43
5.
Bedragen kleiner dan € 50.000
44
6.
Reserves en voorzieningen
49
7.
Voorbereidingskredieten
51
8. 8.1 8.2
Begrotingswijzigingen Begrotingswijziging restantbudgetten uit reserves Budgettair neutrale begrotingswijziging
53 53 56
1e bestuursrapportage 2025
3
1e bestuursrapportage 2025
4
1. Inleiding Met deze 1e bestuursrapportage 2025 wordt een jaarschijf 2025 gepresenteerd met een positief saldo van € 338.137. Deze 1e bestuursrapportage 2025 is een rapportage over de eerste vier maanden van het jaar. In deze bestuursrapportage worden recente mee- en tegenvallers gemeld ten opzichte van de begroting 2025. Dat geeft inzicht in het financiële kader voor de begroting 2026, die mede wordt bepaald door de meicirculaire. Bij het opstellen van deze bestuursrapportage was de meicirculaire 2025 nog niet bekend. Alleen de doorrekening van de Voorjaarsnota Rijk is al in deze bestuursrapportage verwerkt. Structurele doorwerking De 1e bestuursrapportage is in principe gericht op bijstelling van het jaar 2025. Voorstellen in 2025 met een meerjarige werking worden cijfermatig al vertaald in deze bestuursrapportage. In de raadsvergadering van 9 november 2023 is de verordening ex artikel 212 vastgesteld. In artikel 6, tussentijdse rapportage, lid 1 is bepaald dat: “Het college informeert de raad door middel van twee bestuursrapportages over de realisatie van de begroting van de gemeente van het lopende boekjaar en de hieruit voortvloeiende meerjarige effecten. In de tabel van hoofdstuk 2 – samenvatting - zijn de structurele effecten weergegeven. Deze tabel maakt ook deel uit van de kadernota 2026.
Rapporteren In de raadsvergadering van 9 november 2023 is de verordening ex artikel 212 vastgesteld. In artikel 6, tussentijdse rapportage, is in lid 3 bepaald dat: “In de bestuursrapportages worden afwijkingen op de oorspronkelijke ramingen van de baten en lasten van taakvelden in de begroting groter dan € 50.000 toegelicht. Bedragen beneden € 50.000 worden enkel in de begrotingswijziging verwerkt zonder verdere toelichting”. Wel is een overzicht opgenomen van mutaties kleiner dan € 50.000. Peildatum De 1e bestuursrapportage 2025 kent als peildatum 15 april 2025. Voorjaarsnota Rijk Zoals gebruikelijk stelt het ministerie van Financiën de Voorjaarsnota op. De Voorjaarsnota 2025 is vrijdag 18 april 2025 gepubliceerd en geeft een vooruitblik op de Rijksbegroting voor de komende jaren. Over de gevolgen worden de gemeenten geïnformeerd via de meicirculaire 2025. Onderstaand volgt een korte toelichting en doorrekening op enkele actuele onderwerpen van de Voorjaarsnota 2025. De volgende actuele onderwerpen worden kort toegelicht: Accres Jeugd Wmo BTW compensatiefonds
1e bestuursrapportage 2025
5
Effecten op macro-niveau Mutaties Voorjaarsnota 2025 Accres Demping terugval GF 2026 Bijstelling accres Jeugd Hervormingsagenda Jeugd, Aanvullende post Tekorten voor rekening Rijk
2025
2026
2027
2028
2029
2030
422 543
412 561
414 653
424
370
400 495
414
356 414
274 414
313 414
342 414
342 414
498
447 -260 -68
-260 -68
-260 -68
-507
-507
-507
865
988
345
Groeipad maatregelen Hervormingsagenda Eigen bijdrage Jeugdzorg Sturen op trajectduur Jeugdzorg Indexeren opbrengst Hervormingsagenda WMO Uitstel vervanging abonnementstarief BTW-compensatiefonds
225
Afrekening ruimte onder plafond 2024
-115
Totaal macro-niveau
669
2.388
2.100
Accres Demping terugval gemeentefonds in 2026 In de Voorjaarsnota 2025 zijn structurele middelen opgenomen om de terugval van het gemeentefonds in 2026 te dempen. De terugval van ongeveer € 2,4 miljard wordt in 2026 met € 400 miljoen gedempt, oplopend naar € 424 miljoen in 2030. Dan blijft dus nog ongeveer € 2 miljard ravijn in 2026 over. Jeugdzorg Hervormingsagenda Jeugd, Aanvullende Post De bedragen, die bij het Ministerie van Financiën op de Aanvullende Post (AP) voor de Hervormingsagenda Jeugd waren gereserveerd, worden toegevoegd aan het gemeentefonds. Het gaat om een bedrag van € 356 miljoen in 2026, € 274 miljoen in 2027 oplopend tot € 342 miljoen in 2030. Een eventuele stelpost voor nog te ontvangen middelen jeugd komt hierdoor te vervallen! Tekorten voor rekening Rijk De deskundigencommissie Van Ark adviseerde op 30 januari 2025 om het structurele tekort in de jeugdzorg van € 828 miljoen gelijk te verdelen over Rijk en gemeenten. In de Voorjaarsnota 2025 is voor het gemeentefonds vanaf 2025 structureel € 414 miljoen extra opgenomen. Ook heeft de deskundigencommissie Van Ark het Rijk geadviseerd de helft van de tekorten op de jeugdzorg van 2023 (€ 628 miljoen) en 2024 (€ 828 miljoen) te compenseren. De gemeenten zouden dus voor 2023 en 2024 € 728 miljoen compensatie moeten krijgen, maar deze tekorten zijn niet gecompenseerd in de Voorjaarsnota 2025.
Groeipad maatregelen Hervormingsagenda Het ingroeipad van de maatregelen van de Hervormingsagenda wordt voor de jaren 2026 en 2027 verzacht met € 498 miljoen respectievelijk € 447 miljoen. De volledige besparing van de Hervormingsagenda wordt in 2028 gerealiseerd.
1e bestuursrapportage 2025
6
Nieuw financieel arrangement Jeugdzorg Vanaf 2028 komt er een nieuw ‘financieel arrangement’ voor Jeugdzorg. In 2028 komt ook het volgende advies van de deskundigencommissie. Om hier niet op vooruit te lopen, heeft het Kabinet geen extra middelen toegevoegd vanaf 2028 en is er dus nog geen structurele oplossing. Eigen bijdrage Jeugdzorg Er wordt een eigen bijdrage ingevoerd voor jeugdzorg per 1 januari 2028. De maatregel moet € 260 miljoen opleveren. Sturen op trajectduur jeugdzorg Rijk en gemeenten gaan met de sector afspraken maken over hoe beter te sturen op trajectduur. Deze maatregel moet € 68 miljoen opleveren vanaf 2028. Indexeren opbrengst Hervormingsagenda De besparingsopgave van de Hervormingsagenda is in prijs- en volumepeil 2019 ingeboekt. Er is vanaf 2028 een hogere besparing van € 507 miljoen te veronderstellen aangezien prijs- en volume sinds 2019 zijn gestegen. Wmo Aanvullende indexatie Wmo voor 2030 Het Rijk en de VNG werken aan de beheersbaarheid van de uitgaven van gemeenten in relatie tot de wettelijke zorgtaken van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).
Vooruitlopend op de gekozen bekostigingsvorm wordt onderzoek gedaan naar een passende geobjectiveerde indexering, die ook rekening houdt met kostenontwikkeling en demografie/vergrijzing In de Voorjaarsnota 2025 wordt voor 2030 een vijfde tranche van € 75 miljoen toegevoegd voor aanvullende indexatie voor demografie/vergrijzing. Hierdoor is vanaf 2030 structureel een totaal van € 375 miljoen gereserveerd. Uitstel vervanging abonnementstarief Wmo De invoering van de inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage wordt uitgesteld tot 1 januari 2027. De geplande uitname uit het gemeentefonds van € 225 miljoen in 2026 wordt daardoor teruggedraaid en gaat nu pas in vanaf 2027. BTW compensatiefonds Het BTW compensatiefonds (BCF) heeft een plafond. Gemeenten zijn in 2024 € 332 miljoen onder dit plafond gebleven met declaraties. In de septembercirculaire 2024 werd al een voorschot van € 447 miljoen uitbetaald. De definitieve afrekening BCF bedraagt hierdoor € 115 miljoen lager en dit bedrag wordt in 2025 incidenteel onttrokken aan het gemeentefonds. Effecten voor onze gemeente Bovenstaande posten zijn omgerekend naar de financiële gevolgen voor onze gemeente. In onderstaande tabel zijn deze effecten weergegeven: Mutaties Voorjaarsnota 2025 Accres Demping terugval GF 2026 Bijstelling accres Jeugd
2025
2026
2027
2028
2029
2030
625.000
767.000 772.000
887.000 756.000
839.000 804.000
894.000 709.000 889.000
Hervormingsagenda Jeugd, Aanvullende post Tekorten voor rekening Rijk Groeipad maatregelen Hervormingsagenda Eigen bijdrage Jeugdzorg Sturen op trajectduur Jeugdzorg
1e bestuursrapportage 2025
7
Mutaties Voorjaarsnota 2025
2025
Indexeren opbrengst Hervormingsagenda WMO
700.000 2.300.000 2.000.000
Uitstel vervanging abonnementstarief BTW-compensatiefonds Afrekening ruimte onder plafond 2024 Totaal gemeente EchtSusteren
2026
2027
2028
2029
2030
-200.000
-100.000 -100.000
P.M.
-194.000 1.131.000 3.839.000 3.643.000 1.443.000 1.683.000 609.000
Accres Demping terugval gemeentefonds in 2026 Onze gemeente ontvangt vanaf 2026 een bedrag van € 767.000. De jaren erna loopt dit bedrag op om in 2030 weer af te nemen. Daarnaast vindt een bijstelling van het accres plaats voor de loon- en prijsontwikkeling. Deze bedragen zijn doorgerekend tot en met 2029, het laatste jaar van onze meerjarenbegroting 2026-2029. Over 2026 een bedrag van € 625.000 opkopend tot € 889.000 in 2029. Jeugdzorg Op macro-niveau is de bijdrage Jeugdzorg uitgesplitst in een aantal posten. Op gemeentelijk niveau is deze berekening niet gemaakt. Wel worden de effecten voor onze gemeente gepresenteerd. Over het jaar 2025 ontvangt de gemeente € 700.000. Voor het jaar 2026 en 2027 een bedrag van € 2.300.000 respectievelijk € 2.000.000. De jaren vanaf 2028 laten weer een afname zien van € 200.000 voor 2028 en daarna € 100.000 voor de jaren vanaf 2029. Onderstaand overzicht geeft een weergave van de tekorten op het onderdeel Jeugdzorg en het effect van de Voorjaarsnota:
Jeugdhulpbudgetten (3.6.17) Basisformatie CJG (3.6.12) Pilot 315-route (3.6.11) POH Jeugd (K.3.64) Voorjaarsnota Rijk Totaal lasten
2025 719.777 45.100 70.000
2026 3.402.564 431.000 140.000 180.000
2027 3.234.177 682.000 140.000 180.000
2028 3.689.651 682.000 140.000 180.000
2029 4.054.306 682.000 140.000 180.000
-700.000 134.877
-2.300.000 1.853.564
-2.000.000 2.236.177
200.000 4.891.651
100.000 5.156.306
Met de extra middelen die via de Voorjaarsnota Rijk aan de gemeenten worden toegekend voor het onderdeel jeugdzorg, is het probleem bij lange na niet opgelost. In de brief van de VNG d.d. 18 april 2025 inzake “Uitkomsten Overhedenoverleg en Voorjaarsnota” wordt vermeld dat: Begin citaat brief: Het kabinet heeft via de Voorjaarsnota 2025 middelen toegevoegd aan het gemeentefonds voor de jaren 2025, 2026 en 2027. Daarmee is voor deze jaren de belangrijkste financiële klem voor gemeenten weggenomen. Het kabinet voldoet onder meer aan onze inzet om de financiering van de jeugdzorg vanaf 2025 te laten aansluiten op de feitelijke uitgaven in 2024. Voor de gemeenten blijft wel sprake van een taakstelling van € 414 miljoen, conform de desbetreffende aanbeveling 1e bestuursrapportage 2025
8
van de commissie Van Ark om het tekort over 2023 en 2024 gelijkelijk over het Rijk en gemeenten te verdelen. Per 2028 wijzigt het financiële beeld. Het kabinet gaat ervan uit dat de maatregelen uit de Hervormingsagenda dan hun beoogde effect zullen hebben. Daarnaast wil het kabinet inzetten op extra maatregelen om de kosten van het stelsel verder te beheersen. Aanvullende afspraken kabinet en VNG In aanvulling op de vermelde toevoegingen aan het Gemeentefonds heeft de VNG met het kabinet de volgende aanvullende afspraken gemaakt. Compensatie tekorten 2023 en 2024 Bij de toevoegingen in de bovenstaande tabel is nog geen sprake van compensatie met terugwerkende kracht van de (helft van de) tekorten over 2023 en 2024. Het kabinet heeft ons toegezegd de komende maanden naar ruimte te zoeken om gemeenten alsnog daarvoor te compenseren. Dit betreft in totaal een bedrag van € 728 miljoen. Het kabinet heeft de VNG met klem gevraagd om de aangekondigde ingebrekestelling op te schorten tot aan de augustusbesluitvorming. De VNG zal de Staat in gebreke stellen als niet aan de wettelijke verplichting op basis van de Gemeentewet wordt voldaan om gemeenten te compenseren voor de uitgaven die zijn gedaan voor de jeugdzorg in de jaren 2023 en 2024.
Gelet op het dringende appèl van de minister-president om deze procedure op te schorten, rekent de VNG erop dat gemeenten alsnog (zonder dat een procedure nodig is) in of kort na augustus voor de tekorten worden gecompenseerd. Tweede advies Commissie Van Ark en status Op ons verzoek wordt de Commissie Van Ark gevraagd om haar tweede advies niet in het eerste kwartaal van 2028 uit te brengen maar een jaar eerder: in het eerste kwartaal van 2027. Dat hangt onder andere samen met onze weging van het financieel kader vanaf 2028. Het kabinet en de VNG maken over de opdracht en status van de commissie na het meireces verdere afspraken. Artikel 108, lid 3 Gemeentewet vormt hiervoor het kader. Het tweede advies betreft in elk geval de volgende elementen: een uitspraak over de ontwikkelingen 2025 – 2027 en de compensatie van eventuele tekorten en gemiste indexeringen. een uitspraak over een reëel financieel kader voor de periode vanaf 2028. De VNG informeert de gemeenten zo snel mogelijk over de exacte opdracht en status van de commissie. Einde citaat brief. Gemeenten moeten dus nog afwachten of er extra geld komt van het Rijk en zo ja hoeveel. Om die reden worden nu de extra middelen uit de voorjaarsnota als ontvangsten geraamd voor het onderdeel jeugd en een gelijk bedrag aan uitgaven.
Het resterende ontbrekende bedrag wordt als pm-post opgenomen in afwachting van verdere onderhandelingen tussen de VNG en het kabinet. De voorstellen in de 1e Bestuursrapportage 2025 en Kadernota 2026 betreffen investeringen die nu nodig zijn om de uitgaven voor jeugdzorg komende jaren beheersbaar te houden. Zij dragen ook positief bij aan de kwaliteit van ondersteuning. Denk hierbij aan investeringen in voorliggende voorzieningen binnen de gemeentelijke sociale basis (zoals het jongerenwerk in scholen) en de versterking van lokale uitvoeringsteams (zoals de basisformatie van het CJG en de praktijkondersteuners voor huisartsen). Deze voorstellen leveren niet alleen een bijdrage aan het organiseren van passende en laagdrempelige hulp voor gezinnen, maar dragen ook bij aan het remmen van stijgende jeugdzorgkosten. Het betreft een lokale vertaling van de landelijke opgaves uit de Hervormingsagenda Jeugd en het recente rapport hieromtrent van de Deskundigencommissie Van Ark. Wmo De effecten voor de Wmo zijn op gemeentelijk niveau op dit moment niet te berekenen. In overleg met de externe adviseur van PAUW is aangegeven dat beter gewacht kan worden op de meicirculaire 2025 omdat de effecten per gemeente te verschillend, zijn om hiervan een berekening te maken. Om die re-
1e bestuursrapportage 2025
9
den is de post als p.m. opgenomen. In onze begroting wordt deze post neutraal verwerkt omdat het gebruikelijk is dat de ontvangsten voor de Wmo met een gelijk bedrag als uitgaven worden geraamd. Verwerking in de 1e bestuursrapportage 2025 en kadernota 2026 Bovenstaande mutaties hebben uiteraard effect op de cijfers uit de concept-1e bestuursrapportage 2025 en kadernota 2026. In de kadernota 2026 zijn onderstaande saldi van de 1e bestuursrapportage 2025 en kadernota 2026 gepresenteerd. 2025
2026 937.500
2027 832.500
2028 803.500
2029 683.500
1e bestuursrapportage 2025
-201.137
-47.610
613.188
539.868
483.548
Totaal overschot Totaal tekort
-201.137 889.890
1.445.688
1.343.368
1.167.048
Kadernota 2026
In eerste instantie is de stelpost verrekening algemene uitkering en de areaal-uitbreiding OZB ingezet om als dekking te dienen voor het gepresenteerde tekort. Met de extra middelen die op basis van de Voorjaarsnota Rijk worden ontvangen, kan de meerjarenbegroting sluitend worden gemaakt. Ten behoeve van de dekking worden de extra middelen voor de demping terugval en accres ingezet. Onderstaand beeld kan dan gepresenteerd worden: 2025 Kadernota 2026
2026
2027
2028
2029
937.500
832.500
803.500
683.500
1e bestuursrapportage 2025
-201.137
-47.610
613.188
539.868
483.548
Totaal tekort
-201.137
889.890
1.445.688
1.343.368
1.167.048
-500.000
-500.000 -500.000 -500.000 -100.000 -200.000 -200.000 P.M. P.M. P.M.
Stelpost verrekening alg uitkering Areaal-uitbreiding OZB Inzet reserves Demping terugval Bijstellen accres Saldo overschot
P.M.
-625.000
-767.000 -772.000
-887.000 -756.000
-839.000 -804.000
-894.000 -889.000
-826.137
-1.149.110
-797.312
-999.632
-1.315.952
Voorstel bestemming saldi 2025 – 2029 Een aantal posten worden genoemd waarvoor nog middelen beschikbaar moeten worden gesteld, maar waarvan de hoogte van het bedrag nog niet bekend is. Daarnaast zijn er ontwikkelingen die tot bijstelling van de begroting leiden: 1. 2. 3. 4. 5.
De vorming van de Regionale Uitvoeringsdienst Nieuwbouw Reinigingsdienst Westelijke Mijnstreek Formatieonderzoek KCC Versterken weerbaarheid en continuïteit samenleving De stelpost leges Omgevingsdienst SC MER is geraamd tot en met 2027 op een bedrag van € 600.000 en vanaf 2028 op € 300.000. Gelet op de laatste ontwikkelingen is zelfs het bedrag van € 600.000 niet toereikend. Voorgesteld wordt de bedragen vanaf 2028 in ieder geval op te hogen met € 300.000.
1e bestuursrapportage 2025
10
6. De stelpost toekomstige ontwikkelingen algemene uitkering is voor de jaren 2026, 2028 en 2029 nihil. Voor de jaren 2025 en 2027 afgerond € 190.000 respectievelijk € 140.000. Voorgesteld wordt voor de jaren 2026, 2028 en 2029 een bedrag te ramen van € 100.000. 7. De cao-onderhandelingen 2025-2026 zijn in een afrondende fase. De verwachting is dat de huidige stelpost in de begroting 2025-2029 toereikend is om de cao-gevolgen te dekken. Echter vanaf 2027 zullen weer cao-onderhandelingen volgen voor de cao vanaf 2027. Voorgesteld wordt om vanaf 2027 de stelpost met € 400.000 op te hogen en vanaf 2029 met € 500.000. 8. De taakstelling in de begroting voor de jaren 2027 – 2028 – 2029 kan nu volledig worden afgeraamd. 9. Uit het saldo 2025 en 2026 wordt € 500.000 toegevoegd aan de reserve gemeenschapshuizen. 10. Het restant kan worden gepresenteerd als voorlopig begrotingsresultaat. Samenvattend: 2025 Saldo overschot
2026
2027
2028
2029
-826.137 -1.149.110 -797.312 -999.632 -1.315.952
1 GR RUD P.M. P.M. P.M. P.M. P.M. 2 Nieuwbouw Reinigingsdienst WesP.M. P.M. P.M. P.M. P.M. telijke Mijnstreek / afvalbegroting 3 Formatie KCC P.M. P.M. P.M. P.M. P.M. 4 Versterken weerbaarheid en contiP.M. P.M. P.M. P.M. P.M. nuïteit samenleving 5 Stelpost leges Omgevingsdienst SC MER 300.000 300.000 6 Stelpost toekomstige ontwikkelingen 100.000 100.000 100.000 7 Stelpost cao-ontwikkelingen 400.000 400.000 500.000 8 Afboeken taakstelling 220.542 199.003 156.448 9 Reserve gemeenschapshuizen 500.000 500.000 10 Voorlopig begrotingsresultaat
-326.137
-549.110 -176.770
-629
-259.504
Tot slot: Bovenstaande berekeningen zijn gemaakt op basis van de Voorjaarsnota Rijk 2025. De gevolgen van de Voorjaarsnota worden vertaald in de meicirculaire 2025. De uitkomsten in de meicirculaire 2025 kunnen afwijken van voornoemde berekeningen. Mutaties uit de meicirculaire 2025 worden meegenomen in de 2e bestuursrapportage 2025 of de 1e begrotingswijziging 2026.
1e bestuursrapportage 2025
11
2. Samenvatting
De bestuursrapportage betreft de bijstelling van de jaarschijf 2025. Echter omdat een aantal voorstellen een meerjarig effect hebben, worden deze eveneens in deze bestuursrapportage meegenomen. 2025
2026
2027
2028
2029
128.100
475.000
475.000
475.000
475.000
712.000 -225.000
189.000 50.000 31.200
231.880 50.000 112.200
189.760 50.000 112.200
133.640 50.000 112.200
-
-
-
-
-
01. Bevolking en bestuur 02. Openbare orde en veiligheid 03. Beheer openbare ruimte 04. Onderwijs 05. Cultuur en sport 06. Sociaal domein 07. Ruimtelijke ordening en volkshuisvesting 08. Omgevingsrecht 09. Economische zaken en grondexploitaties 10. Algemene dekkingsmiddelen Overhead Subtotaal
284.300
14.000
13.800
13.600
13.400
-1.569.712 125.000 -545.312
-937.118 -177.918
-400.000 482.880
-400.000 440.560
-400.000 384.240
Mutaties onder de € 50.000
344.175
130.308
130.308
99.308
99.308
Totaal programma's
-201.137
-47.610
613.188
539.868
483.548
1e bestuursrapportage 2025
12
3. Bestuursrapportage per programma 3.1 Bevolking en Bestuur Wat gaan we doen? 3.1.1 Bijdrage Servicecentrum-MER (SC MER) Het SC MER heeft begrotingswijziging 2025-1 opgesteld met een doorrekening voor de jaren 2026 tot en met 2028. Vertaling van de financiële gevolgen voor de gemeentelijke begroting zijn als volgt. Incidentele kosten voor 2025 bedragen € 455.700 en voor 2026 € 73.500. Deze kosten kunnen gedekt worden door te beschikken over de reserve SC MER - bedrijfsvoering. De structurele kosten bedragen voor 2025 € 128.100 en voor de jaren vanaf 2026 ongeveer € 475.000.
3.1.2 Regio Deal Midden-Limburg In de raadsvergadering van 3 juli 2024 is besloten een deel van het positieve rekeningsaldo over 2023 te bestemmen als reserve Regio Deal Midden-Limburg. Het betreft een bedrag van € 1.322.000. De regio Midden-Limburg (SML) heeft in het kader van de 5e tranche regio deals van het Rijk een bedrag van € 20.000.000 toegekend gekregen, onder de voorwaarde dat de provincie en regio een zelfde bedrag aan cofinanciering beschikbaar stellen. Deze cofinanciering is geregeld doordat de provincie Limburg € 10.000.000 heeft toegekend aan de regio en de 7 regiogemeenten garant staan voor nog eens € 10.000.000. Naar rato van inwonertal betekent dit voor Echt-Susteren een bedrag van € 1.322.000. Het totale investeringsvolume van de Regio Deal Midden-Limburg bedraagt daarmee € 40.000.000. Inmiddels is gestart met de voorbereiding van de uitvoering van de Regio Deal. Onderdeel daarvan is dat de regiogemeenten in 3 tranches het beschikbare gestelde bedrag aan cofinanciering moeten overmaken aan de provincie Limburg (via de gemeente Roermond), die de kassiersfunctie op zich heeft genomen. Het plan is dat er in 3 tranches programma's en projecten worden beschikt, zodat de in het Convenant Regio Deal Midden-Limburg beoogde doelen en resultaten kunnen worden bereikt.
Momenteel zijn de tijdstippen en de omvang van de betalingen naar de provincie Limburg nog niet bekend. Voorgesteld wordt om € 1.322.000 op de begroting 2025 te plaatsen, met als dekkingsmiddel de reserve Regio Deal. Dat deel van het bedrag van € 1.322.000 dat niet in 2025 wordt besteed, wordt doorgeschoven naar 2026 en 2027.
3.1.3 Cao SC MER 2025-2026 In de 1e begrotingswijziging 2025 van het SC MER zijn bedragen opgenomen voor de effecten van de cao-onderhandelingen 2025-2026. Voor de vier programma's van het SC MER samen moet een bedrag bijgeraamd worden van € 238.614 in 2025 en strucureel vanaf 2026 een bedrag van € 561.257. Dekking van deze lasten wordt gevonden binnen de stelpost cao-ontwikkelingen, zodat dit budgettair neutraal verwerkt wordt.
Wat mag het kosten? Omschrijving 3.1.1 SC MER kosten bedrijfsvoering incidenteel 3.1.1 SC MER kosten bedrijfsvoering structureel 3.1.1 Reserve SC MER Bedrijfsvoering incidenteel 3.1.2 Regiodeal Midden Limburg 3.1.2 Reserve regiodeal 3.1.3 SC MER BV cao 20252026 3.1.3 SC MER B en O cao 2025-2026 1e bestuursrapportage 2025
2025
2026
455.700
73.500
128.100
475.000
-455.700
-73.500
2027
2028
2029
475.000
475.000
475.000
1.322.000 -1.322.000 82.682
198.857
198.857
198.857
198.857
3.454
8.313
8.313
8.313
8.313 13
Omschrijving 3.1.3 SC MER Sociaal domein cao 2025-2026 3.1.3 SC MER Omgevingsdienst cao 2025-2026 3.1.3 Stelpost caoontwikkelingen TOTAAL
1e bestuursrapportage 2025
2025
2026
2027
2028
2029
73.894
171.667
171.667
171.667
171.667
78.584
182.421
182.421
182.421
182.421
-238.614
-561.258
-561.258
-561.258
-561.258
128.100
475.000
475.000
475.000
475.000
14
3.2 Openbare orde en veiligheid
3.1.2 Versterken weerbaarheid en continuïteit samenleving Er zijn steeds verder toenemende spanningen op het wereldtoneel. De samenleving moet zich voorbereiden op onverwachte situaties en weerbaarder worden. De gemeente moet zich beschermen tegen eventuele verstoringen en ontwrichtingen. Communicatie is cruciaal om de maatschappelijke weerbaarheid te verhogen. Daarin ligt een rol voor ons allemaal. Gemeenten spelen een cruciale rol in een weerbare samenleving. Als eerste overheid staat de gemeente dichtbij onze inwoner. Ook het borgen van continuïteit van de dienstverlening is hierbij van groot belang. Landelijk-, regionaal- en lokaal zijn er tal van ontwikkelingen om de weerbaarheid en continuïteit te versterken. Via deze bestuursrapportage (5.2.1) zijn bijvoorbeeld middelen gevraagd om de (crisis)communicatie met inwoners en ondernemers in de lucht te houden bij grootschalige stroomuitval door middel van een alternatief communicatienetwerk (portofoons). Gezien alle ontwikkelingen en de rol die de gemeente vervult, is het mogelijk dat een extra beroep op onze begroting wordt gedaan. Het is niet mogelijk om hier ultimo april 2025 concreet invulling aan te geven.
Wat mag het kosten? Omschrijving 3.2.2 Versterken weerbaarheid en continuïteit samenleving Totaal
2025
2026
P.M.
2027
P.M. -
2028
P.M. -
2029
P.M. -
P.M. -
-
1e bestuursrapportage 2025
15
3.3 Beheer openbare ruimte Wat gaan we doen? 3.3.1 Revisie en optimalisatie toegangssysteem Centrum Echt Het centrum van Echt is in 2013 afgesloten middels Bollards (zakpalen). Deze Bollards kennen normaliter een levensduur van circa 8 jaar. De afgelopen 12 jaar heeft geen grootschalig onderhoud plaatsgevonden aan dit toegangssysteem waarmee deze de laatste tijd meerdere gebreken kennen en hiermee erg storingsgevoelig zijn. Daarnaast kent het centrum van Echt grootschalige ontwikkelingen die van invloed zijn op de verkeerscirculatie. In samenspraak met de omgeving en ondernemers is gekomen tot nieuw verkeerscirculatieplan waarbij de Bollards tevens worden geherpositioneerd. Dit verplaatsen wordt in één gang gecombineerd met het grootschalig onderhoud. De eenmalige kosten hiervan bedragen € 95.000.
3.3.2 Aanpassing infra Brachterzijde St. Joost Het wegprofiel van de parallelweg Brachterzijde in St.Joost is te smal. Bij het passeren van tegemoetkomend verkeer is het onoverkomelijk dat één van de voertuigen door de wegberm rijdt. Parkeren op de weg is ook niet mogelijk; alleen parkeren in de berm is mogelijk. Gaten in de berm en modder op de rijbaan zijn hiervan het gevolg en zorgt voor onveilige verkeerssituaties. Door het verbreden van de weg en het aanleggen van parkeerplaatsen kan dit probleem verholpen worden. Voorgesteld wordt een nieuw krediet ter waarde van € 150.000. Afgeschreven wordt in 25 jaar en de rente bedraagt 2%. Afschrijving bedraagt € 6.000 per jaar en de rente is vanaf 2026 € 3.000 en daarna aflopend.
3.3.3 Vervanging rioolreinigingsmachine De rioolreinigingsmachine wordt voor allerhande klussen ingezet zoals het verhelpen van rioolverstoppingen- en storingen en reinigingswerkzaamheden zoals lijngoten, fonteinen, grachten, graffitivervuiling enz. Ook is de rioolreinigingsmachine ingericht om calamiteiten zoals oliesporen op wegen te bestrijden. Deze incidenten komen met enige regelmaat voor. De huidige machine is 11 jaar oud en technisch afgeschreven. Het is daarom noodzakelijk om deze machine te vervangen door een soortgelijke machine om flexibel te kunnen optreden bij voorkomende werkzaamheden en calamiteiten. Ook uit oogpunt van betrouwbaarheid is het noodzakelijk om deze dienstverlening aan inwoners en externe partners blijvend te garanderen. De kosten voor aanschaf van een nieuwe rioolreinigingsmachine bedraagt € 55.000. Voorgesteld wordt om dit te dekken vanuit de voorziening riolering.
3.3.4 Verbeteren en renoveren laanstructuur Peijerstraat - Bosstraat Echt In 2007 is de Peijerstraat - Bosstraat in Echt heringericht. Destijds is deze straat - en in mindere mate het verlengde van de Zuiderpoort - voorzien van een boomstructuur bestaande uit 35 st. essen die in een technische groeiplaats met boomgranulaat zijn aangebracht. Helaas zien we 18 jaar later dat deze boomstructuur zich op geen enkele wijze verder heeft ontwikkeld en de bomen niet bijdragen aan aan de omgevingskwaliteit van deze straat in zijn totaliteit, en niet bijdraagt aan het afgeven van de noodzakelijke ecosysteemdiensten (ecologie / biodiversiteit en kroonvolume om hittestress tegen te gaan). De reden dat deze bomen zich niet hebben ontwikkeld ligt aan het feit dat boomkeuze, het type groeiplaats en de noodzakelijke ondergrondse ruimte onvoldoende op elkaar zijn afgestemd. Daarom wordt voorgesteld deze structuur in zijn geheel te vervangen door nieuwe bomen en de huidige ondergrondse groeiplaatsen te vervangen en uit te breiden zonder verlies aan parkeerplaatsen. De huidige inrichting blijft hierbij zo veel als mogelijk gehandhaafd. Aangezien deze investering de middelen uit de beheerbegroting ruimschoots overstijgen wordt een additionele bijdrage gevraagd van € 185.000 om deze werkzaamheden (voorbereiding en uitvoering) te bekostigen.
Voornoemde doelstelling heeft een relatie met het bomenbeleid wat in maart 2024 door de raad is vastgesteld en de hierin opgenomen beleidsdoelen zoals onder andere het feit dat entree/gebiedsontsluitingswegen binnen bebouwde kom worden voorzien van een robuuste en omgevingsbepalende boomstructuur die bijdraagt aan de herkenbaarheid en vergroening van de gemeente. Gedeeltelijke dekking kan plaatsvinden uit de budgetten van de Bomennota voor € 10.000 en de Groenstructuur voor € 23.000.
1e bestuursrapportage 2025
16
3.3.5 Budgetverhoging boomonderhoud Het onderhoudscontract snoeien bomen is per 1 maart 2025 afgelopen en wordt opnieuw aanbesteed. De kosten van het boomonderhoud zijn - net zoals in andere marktsectoren - flink gestegen. Dat heeft te maken met de volgende zaken: - Stijgende loonkosten; - Gestegen kosten voor aanschaf en onderhoud van materiaal; - Gestegen kosten voor brandstof; - Indexeringen over de contractjaren. De verwachting is dat de gemiddelde onderhoudskosten voor het boomonderhoud gemiddeld € 9 á € 10 per boom per jaar gaat bedragen. Op basis van onze huidig boomareaal van 26.000 stuks bomen en de noodzakelijke snoeifrequentie bedraagt dit ca. € 250.000 jaarlijks. De gereserveerde middelen in de beheerbegroting bedragen momenteel € 160.000 per jaar. Op basis hiervan betekent dit een tekort van € 90.000 jaarlijks per 2025. Voorgesteld wordt het budget structureel te verhogen vanaf 2025 met € 90.000 exclusief jaarlijkse indexatie.
3.3.6 Uitvoering bestrijding invasieve exoten In de raadsvergadering van 4 juli 2023 is de motie aangenomen om de Japanse duizendknoop te bestrijden. Naar aanleiding hiervan is een plan van aanpak exotenbeheersing opgesteld. In het plan is de toekomstige aanpak van een aantal invasieve (exotische) plantsoorten beschreven. De nadruk ligt op de aanpak van de Aziatische duizendknoop soorten, waarvan de Japanse duizendknoop deel uitmaakt. Op basis van het plan van aanpak zijn locaties bepaald waar bestrijding van de Aziatische duizenknoop plaatsvindt. De bestrijding wordt voor meerdere jaren georganiseerd, inclusief nazorg. Hiervoor zijn structurele middelen noodzakelijk in het beheerbudget. Voorgesteld wordt het budget structureel te verhogen in 2025 met € 120.000, 2026 € 90.000, 2027 € 90.000, 2028 € 86.000 en 2029 € 30.000.
3.3.7 Opstellen Leidraad Inrichting Openbare Ruimte (LIOR) Het handboek openbare ruimte Echt-Susteren (HORES) is aan vervanging toe. Het betreffende handboek voorziet ontwikkelaars, adviesbureaus en derden aan inrichtingsvoorschriften en beschrijft specifiek verschillende aspecten van de openbare ruimte, waaronder verkeersveiligheid, groenbeheer, geo-taken, waterbeheer en verlichting. Het bevat praktische richtlijnen en aanbevelingen voor het ontwerp, onderhoud en beheer van de openbare ruimte. Het huidige handboek sluit onvoldoende aan bij de huidige doelstellingen zoals digitale toegankelijkheid, opvolging van keuzes, revisies etc. Daarom is het noodzakelijk om een nieuw digitaal handboek leidraad inrichting openbare ruimte (LIOR) op te stellen wat € 30.000 bedraagt aan voorbereiding en implementatie.
3.3.8 Aanpassing Prior Gielenstraat De Prior Gielenstraat is door waterschade en erosie afgesloten voor weggebruikers. Parallel aan de Prior Gielenstraat loopt de Aasterbergerweg die fungeert als doorgaande hoofdweg. De huidige toestand van de weg is onveilig en de kosten van het herstel staan niet in verhouding met het gebruik door weggebruikers. De weg heeft zonder herstel geen functie meer en wordt, bij ongewijzigde omstandigheden, onttrokken uit de openbaarheid. De kosten om de weg rijp te maken voor ontrekking uit de openbaarheid bedragen € 75.000.
3.3.9 Pater Sangersbrug In 2025 zijn de plannen voor de nieuwbouw van de Pater Sangersbrug in de fase dat gestart kan worden met de realisatie. Om alle afspraken tussen de Vlaamse Waterweg NV en de gemeente Echt-Susteren vast te leggen zijn afspraken gemaakt over de ruil van gronden, de overname van een weggedeelte en de realisatie van voet- en fietspaden. Om dit te realiseren wordt voorgesteld in 2025 een gemeentelijke exploitatiebijdrage te doen van € 150.000. De door de Vlaamse Waterweg te realiseren verbinding in dit Smalste Stukje Nederland is immers een project van algemeen, openbaar en gezamenlijk belang, waarbij de Vlaamse Waterweg extra kosten moet maken omdat voldaan moet worden aan de wet- en regelgeving van 2 landen. Daarnaast wordt de verkeersveilig-
1e bestuursrapportage 2025
17
heid door het nieuwe ontwerp van de brug en de toegangsweg aanzienlijk verbeterd en wordt door het ontwerp ook een bijdrage geleverd aan een betere doorstroming van de Maas. Naast deze exploitatiebijdrage moet een bedrag beschikbaar worden gesteld voor de realisatie van nieuwe parkeerplaatsen. Het huidige halfverharde parkeerterrein wordt overgedragen aan WML en parallel aan de ontsluitingsweg van Schansberg 5 en 7 worden, op gemeentelijke grond, nieuwe parkeerplaatsen gerealiseerd. De realisatiekosten daarvoor worden geraamd op € 43.000. Realisatie vindt plaats in 2027. Om de over te dragen delen (groen, wegen en een mussenhotel) in de toekomst te beheren wordt voorgesteld het budget onderhoud gebouwen vanaf 2028 structureel op te hogen met € 5.000.
3.3.10 Duurzaamheid: NIP 2.0 De gemeente heeft een aanvraag ingediend voor de Specifieke Uitkering (Spuk) Lokale Aanpak Isolatie om 1.149 slecht geïsoleerde woningen met (energielabel D, E, F of G) te isoleren (ontzorgingsprogramma). Voor gemeente Echt-Susteren is destijds het maximaal beschikbaar budget aangevraagd en toegekend van € 1.677.837. Hiervan is in 2024 reeds € 29.550 uitgegeven zodat op 31 december 2024 nog resteert € 1.648.287. Daarnaast is in 2024 door het Rijk een tweede tranche opengesteld. Ook hiervoor is een bijdrage aangevraagd en toegekend van in totaal € 2.345.707. Het totale beschikbare budget is daarmee € 3.993.994. De verwachting is dat de eerste uitgaven voor deze tweede tranche pas in 2026 gaan plaatsvinden. Daarom wordt voorgesteld de uitgaven en inkomsten (€ 2.345.707) van de tweede tranche budgettair te ramen voor 2026.
3.3.11 Duurzaamheid PES subsidie In 2022 is subsidie aangevraagd in het kader van de regeling voor heropstart en professionalisering energiecoöperaties, de zogenaamde PES subsidie. Deze subsidie is gekoppeld aan het ontzorgingsprogramma voor onze inwoners in de verduurzaming en het levensloopbestendig maken van de woning. De subsidie is toegekend voor maximaal € 100.000. Voorwaarde hierbij is dat de gemeente eveneens minimaal hetzelfde bedrag bijdraagt als de provincie, de zogenaamde cofinanciering. Het ontvangen voorschot bedrag is in afwachting van besteding boekhoudkundig geparkeerd. Eind 2024 is het project van start gegaan met in totaal € 92.910 aan uitgaven. Hiervan is € 46.454 gedekt uit de ontvangen provinciale PES subsidie. Voor 2025 wordt de resterende € 107.090 in de begroting opgenomen als uitgaven. Hiervan wordt de helft gedekt uit de resterende provinciale bijdrage van € 53.545 en de overige € 53.545 komt uit een overheveling vanuit het budget duurzame energie. Het project moet eind 2025 zijn afgerond.
3.3.12 Subsidie Tijdelijke impulsregeling klimaatadaptatie De gemeente heeft op basis van de regeling Tijdelijke impulsregeling klimaatadaptatie 2021-2027 een subsidie ontvangen van € 260.610 voor het project Susteren West. Dit project richt zich op het voorkomen van wateroverlast door middel van klimaatadaptieve maatregelen, waarbij specifiek het afkoppelen van regenwater wordt gestimuleerd. Deze maatregelen zijn bedoeld om zowel wateroverlast als droogte tegen te gaan. Voorgesteld wordt de verkregen subsidie te gebruiken voor het krediet en dus zowel de uitgaven als de inkomsten van het project Susteren West te verhogen.
3.3.13 Energiearmoede Gemeenten ontvingen in 2022 en 2023 een SPUK-bijdrage voor de aanpak energiearmoede. Een deel van deze rijksbijdrage is destijds uitgegeven aan de groene bon. In 2025 wordt doorgepakt met het gemeentebrede ontzorgingstraject (inclusief energiearmoede) op het gebied van duurzaamheid. Als onderdeel van het ontzorgingstraject worden, voor extra maatregelen in het kader van energiearmoede, aanvullende regelingen opgesteld. Voorgesteld wordt om de overgebleven gelden van € 598.775 voor 2025 in de begroting op te nemen met als dekking de ontvangen SPUK-bijdrage. Eind 2027 moeten de SPUK-bijdragen besteed zijn.
3.3.14 Programma Centrum Echt Vanaf 2019 is de gemeente bezig met de uitvoering van het Programma Centrum Echt. Uiteindelijk doel is een compact, toekomstbestendig centrum te realiseren, waar het prettig winkelen, werken, wonen en verblijven is. Veel maatregelen zijn al uitgevoerd, vooral infrastructurele werken en kwaliteitsverbeteringen van de openbare ruimte. Recent is ook een traject ingezet dat moet leiden tot een
1e bestuursrapportage 2025
18
betere positionering van het centrum. De ondernemers, vastgoedeigenaren en inwoners worden hierbij nauw betrokken. De uitvoering van het Programma Centrum Echt strekt zich uit over een langjarige periode en kent een sterke dynamiek. Dit heeft positieve kanten. Zo worden nieuwe kansen en ambities gezien en benut. Bijvoorbeeld de realisatie van de nieuwe bibliotheek. Maar er zijn ook negatieve kanten. De stijging van de kosten is de laatste jaren enorm geweest en ook zijn er vertragingen geweest als gevolg van langlopende juridische procedures. Deze werken kostenverhogend. Dit alles bijeen heeft geleid tot een tekort op de benodigde financiële middelen voor het Programma Centrum Echt. Concreet spitst zich dit toe op de maatregelen die nog moeten worden uitgevoerd op de Plats en nabij de Landricuskerk. De Plats is aan groot onderhoud toe en ook het gebied nabij de kerk heeft een kwaliteitsverbetering nodig. Daarbij gaat het vooral om klimaatadaptieve maatregelen, zoals de verbetering van de afwatering en infiltratie in het gebied en flinke vergroening. Het totale benodigde bedrag is € 1.000.000. De dekking van dit bedrag kan deels worden gevonden in de exploitatiebudgetten van riool die geegaliseerd worden middels de Voorziening Riolering (€ 300.000). De overige € 700.000 worden gevraagd vanuit de Regio Deal Midden-Limburg.
Samen met de gemeenten Roermond en Weert doet onze gemeente een aanvraag voor de realisatie van klimaatadaptieve maatregelen in de stedelijke centra. Besluitvorming hierover vindt echter pas plaats in de tweede helft van dit jaar. Er kan dus niet met zekerheid worden gesteld dat de gemeente de € 700.000 daadwerkelijk binnenhaalt. Daarom wordt als alternatieve dekking voor het bedrag van € 700.000 voorgesteld - indien nodig - een beroep te doen op de Reserve vermindering kapitaallasten. Wat mag het kosten? Omschrijving 3.3.1 Onderhoud VRI 3.3.2 Aanpassing infra Brachterzijde 3.3.2 Aanpassing infra Brachterzijde 3.3.3 Vervanging rioolreinigingsmachine 3.3.3 Vervanging rioolreinigingsmachine 3.3.4 Verbeteren en renoveren laanstructuur Peijerstraat - Bosstraat Echt 3.3.4 Verbeteren en renoveren laanstructuur Peijerstraat - Bosstraat Echt 3.3.4 Verbeteren en renoveren laanstructuur Peijerstraat - Bosstraat Echt 3.3.5 Boomonderhoud 3.3.6 Uitvoering bestrijding invasieve exoten 3.3.7 Opstellen Leidraad Inrichting Openbare Ruimte (LIOR) 3.3.8 Aanpassing Prior Gielenstraat 3.3.9 Pater Sangersbrug / exploitatiebijdrage 3.3.9 Pater Sangersbrug / realisatiekosten parkeerplaatsen
1e bestuursrapportage 2025
2025
2026
2027
2028
2029
95.000 3.000
2.880
2.760
2.640
6.000
6.000
6.000
6.000
-23.000 90.000
90.000
90.000
90.000
90.000
120.000
90.000
90.000
86.000
30.000
55.000 -55.000
185.000
-10.000
30.000 75.000 150.000
43.000
19
Omschrijving 3.3.9 Pater Sangersbrug / beheerskosten mussenhotel 3.3.10 Bijstellen budgetten SPUK Lokale aanpak isolatie 3.3.10 Bijstellen bijdrage SPUK lokale aanpak isolatie 3.3.11 uitgaven PES subsidie 3.3.11 uitgaven PES subsidie overheveling budget duurzame energie 3.3.11 Provinciale bijdrage PES Subsidie 3.3.12 Subsidie Tijdelijke impulsregeling klimaatadaptatie 3.3.12 Subsidie Tijdelijke impulsregeling klimaatadaptatie 3.3.13 Middelen aanpak energiearmoede (uitg.) 3.3.13 Middelen aanpak energiearmoede (ink.) 3.3.14 Programma onderhoud Centrum Echt - Riolen onderhoud 3.3.14 Programma onderhoud Centrum Echt - onderhoud 3.3.14 Programma onderhoud Centrum Echt - Voorziening riolering 3.3.14 Reserve vermindering kapitaalslasten Totaal
2025
2026
2027
2028
2029
5.000
5.000
2.345.707 -2.345.707 107.090
-53.545 -53.545
260.610
-260.610 598.775 -598.775
300.000
700.000
-300.000 -700.000 712.000
189.000
231.880
189.760
133.640
2025
2026
2027
2028
2029
Investeringen Investeringen 3.3.2 Aanpassing infra Brachterzijde St. Joost Totaal
1e bestuursrapportage 2025
150.000 150.000
-
-
-
-
20
3.4 Onderwijs Geen mutaties.
1e bestuursrapportage 2025
21
3.5 Cultuur en Sport Wat gaan we doen? 3.5.1 Beheer en exploitatie gemeentelijke binnensportaccommodatie Stichting Menswel Sport huurt, beheert en exploiteert de gemeentelijke binnensportaccommodaties. De afspraken hierover zijn vastgelegd in de huur- en exploitatieovereenkomst. Hierin zijn jaarlijkse indexeringsafspraken opgenomen die van toepassing zijn op de exploitatiebijdrage. Voor 2025 leidt dit tot een verhoging van 7,16%, vooral door de sterk gestegen loonindex als gevolg van landelijke cao-afspraken. De indexeringssystematiek in de overeenkomst is bedoeld om de financiële stabiliteit van de stichting te waarborgen, zodat de exploitatie van de binnensportaccommodaties gewaarborgd blijft. Door de hoge indexaties van de afgelopen jaren is het huidige budget niet langer toereikend. Voorgesteld wordt om het budget in 2025 met (afgerond) € 40.000 te verhogen en deze verhoging structureel door te zetten, met een (voorlopige) indexatie van 4,8% in 2026 en 2% vanaf 2027 structureel. Dekking komt uit de stelposten toekomstige ontwikkelingen en stelpost cao. Om administratieve redenen wordt het bestaande budget van de exploitatievergoeding (€ 1.007.294) meerjarig neutraal overgeheveld naar een ander deelproject.
3.5.2 Investeringssubsidies sociaal-culturele en sportaccommodaties Jaarlijks is in de reguliere begroting een bedrag van € 12.500 opgenomen voor het verlenen van investeringssubsidies ten behoeve van sociaal-culturele en sportaccommodaties. Het subsidieplafond is vastgesteld op € 62.500. Jaarlijks wordt beoordeeld in hoeverre er extra budget nodig is voor het verlenen van investeringssubsidies. Dit extra bedrag wordt volgens de nota reserves en voorzieningen onttrokken aan de reserve investeringssubsidies. Bij eventuele onderbesteding wordt het restant teruggestort in de reserve. Voor 2025 wordt voorgesteld een onttrekking uit de reserve te doen. In plaats van elk jaar via de bestuursrapportages extra budget te onttrekken uit de reserve, wordt voorgesteld om het budget vanaf 2026 structureel te verhogen met € 50.000 naar het volledige subsidieplafond van € 62.500. Dit biedt de mogelijkheid om sneller zekerheid te bieden aan verenigingen, zodat zij eerder kunnen starten met hun investeringsplannen.
Wat mag het kosten? Omschrijving 3.5.1 Binnensport accommodaties indexering exploitatiebijdrage 3.5.1 Binnensport accommodaties BTW labeling 3.5.1 Binnensport accommodaties BTW labeling 3.5.1 Stelpost toekomstige verplichtingen en stelpost cao ontwikkelingen 3.5.2 Verhoging budget investeringssubsidie 3.5.2 Onttrekking reserve investeringssubsidie welzijn Totaal
1e bestuursrapportage 2025
2025
2026
2027
2028
2029
40.000
93.000
117.000
140.000
165.000
-1.007.294
-1.007.294
-1.007.294
-1.007.294
-1.007.294
1.007.294
1.007.294
1.007.294
1.007.294
1.007.294
-40.000
-93.000
-117.000
-140.000
-165.000
50.000
50.000
50.000
50.000
50.000
50.000
50.000
50.000
50.000
-50.000 -
22
3.6 Sociaal domein Wat gaan we doen? 3.6.1 Vervanging afgekeurde speeltoestellen Tijdens de jaarlijkse keuring van de gemeentelijke speeltoestellen in 2024 zijn verschillende gemeentelijke speeltoestellen wegens veiligheidsredenen afgekeurd. De uitgevoerde keuringen zijn verplicht vanuit het Warenwetbesluit attracties en speeltoestellen (Was). Conform wet- en regelgeving zijn de afgekeurde speeltoestellen verwijderd. Om het aanbod aan speeltoestellen in de gemeente op peil te houden moeten de verwijderde speeltoestellen vervangen worden. De kosten om de afgekeurde en verwijderde speeltoestellen te vervangen met gelijkwaardige toestellen zijn geraamd op € 75.000. Voorgesteld wordt om € 75.000 ter beschikking te stellen voor het plaatsen van gelijkwaardige speeltoestellen.
3.6.2 Stelpost GGD De continuïteit en kwaliteit van de wettelijke taken staan structureel onder druk, waardoor deze niet naar behoren uitgevoerd kunnen worden. Het budget voor GGD Limburg-Noord was de afgelopen jaren niet meegegroeid met de uitbreiding en intensivering van de wettelijke taken, waardoor achterstanden zijn ontstaan. Jaarlijks is er € 4,5 miljoen meer nodig dan het huidige budget, blijkt uit een interne analyse en vergelijking met andere GGD’en. Samen met de gemeenten is in 2024 gestart met een versterkingstraject: 'Toekomstbestendige GGD'. In de gemeentelijke begroting 2025 en volgende jaren is een stelpost ad € 300.000 opgenomen voor kosten in verband met uitbreiding personeel bij de veiligheidsregio Limburg-Noord, onderdeel GGD. Bij het opnemen van de stelpost in 2024 was nog niet bekend welk bedrag voor rekening van onze gemeente zou komen. De extra kosten 2025 zijn binnen de begroting van de GGD gedekt door inzet van reserves. Volgens de laatste berekeningen betreft het een bedrag van € 184.000 voor het jaar 2026 en € 265.000 vanaf 2027. Deze bedragen worden van de stelpost afgeboekt en toegevoegd aan het budget voor de GGD. Het restant van de stelpost kan vrijvallen ten gunste van het saldo van deze bestuursrapportage.
3.6.3 Normbedrag 2025 Gemeentelijke Opvang Oekraïne Vanaf maart 2022 zijn gemeente en overheid druk bezig met de opvang van Oekraïense vluchtelingen. De gemeente Echt-Susteren heeft voor de opvang vijf locaties ingezet. In totaal zijn 170 opvangplekken beschikbaar voor de opvang. De verwachting is dat ook in 2025 gedurende het hele jaar nog gebruik wordt gemaakt van deze opvangplekken. Net als voorgaande jaren is het voor de gemeente mogelijk om een voorschot aan te vragen voor kosten die gemoeid zijn met de opvang van de vluchtelingen. Dit voorschot is een vast bedrag van € 44 per beschikbare opvangplek per dag (normbedrag 2025). De gemeente heeft een voorschot aangevraagd voor heel 2025. Het totale aangevraagde voorschot bedraagt € 2.730.200. Voorgesteld wordt om dit bedrag neutraal in de begroting op te nemen. Hierbij wordt een bedrag van € 2.463.350 als uitgaven opgenomen als dekking voor de huur van de opvanglocaties. Een bedrag van € 100.000 wordt opgenomen als dekking voor de uitvoeringskosten van het Servicecentrum MER en een bedrag van € 141.350 wordt opgenomen als dekking voor alle overige kosten die samen gaan met de uitvoering van deze taak. Daarnaast wordt voorgesteld een bedrag van € 40.500 op te nemen voor coördinatiekosten/kosten projectleiding. De kosten voor het uitgekeerde leefgeld worden vergoed op basis van de werkelijke uitgaven.
Deze worden dus niet vanuit het normbedrag bekostigd. Wel kan er een voorschot Leefgeld aangevraagd worden. Op basis van de uitgaven Leefgeld 2024 is er voor 2025 een bedrag van € 110.000 voorschot aangevraagd. Voorgesteld wordt in 2025 een bedrag van € 110.000 op te nemen als inkomsten en uitgaven. In 2025 wordt tot slot ook een voorschot aangevraagd voor de uitvoeringskosten POO (particuliere opvang). Het voorschot bedraagt € 48 per maand per geregistreerde vluchteling in de POO. Voor 2025 wordt uitgegaan van 26 vluchtelingen per maand. Het voorschotbedrag bedraagt daarmee (afgerond) € 15.000.
1e bestuursrapportage 2025
23
3.6.4 Rijksbijdrage Wet Inburgering en onderwijsroute Rijksbijdrage Wet Inburgering (WI2021) Voor de uitvoering van de Wet Inburgering 2021 (WI2021) is van het Rijk voor 2025 een specifieke uitkering (SPUK) ontvangen van € 656.709. Vanuit 2024 is bovendien nog € 315.067 beschikbaar van de SPUK 2024 en te besteden in 2025 vanuit de vooruit ontvangen tussenrekening. Beiden uitkeringen zijn nog niet in de gemeentelijke begroting opgenomen. Voorgesteld wordt het totaalbedrag van € 971.776 budgettair neutraal in de begroting op te nemen. Rijksbijdrage Onderwijsroute Voor de uitvoering van de onderwijsroute is van het Rijk ook een SPUK ontvangen voor 2025 van € 27.245. Vanuit 2024 is bovendien nog € 31.618 beschikbaar van de SPUK 2024 en te besteden in 2025 vanuit de vooruit ontvangen tussenrekening. Beiden uitkeringen zijn nog niet in de gemeentelijke begroting opgenomen. Voorgesteld wordt het totaalbedrag van € 58.863 budgettair neutraal in de begroting op te nemen.
3.6.5 Werkplan 2025 Stichting Menswel is partner van de gemeente als het gaat om het welzijnswerk. Jaarlijks geeft Stichting Menswel uitvoering aan het Werkplan. Als gevolg van de hoge indexaties de afgelopen jaren zijn de huidige budgetten niet langer toereikend. Voorgesteld wordt de diverse budgetten die betrekking hebben op de uitvoering van het welzijnswerk bij te stellen met (afgerond) € 110.000 in 2025 en dit ook voor de komende jaren bij te stellen steeds rekening houdend met 4% indexatie. De bijstelling loopt op tot (afgerond) € 320.000 in 2029. Dekking van de bijstelling kan worden gevonden binnen het programma, doordat de gemeentelijke uitvoering (Servicecentrum MER) op een aantal taken in gaat zetten op structurele inzet in plaats van (duurdere) inhuur. Betreffende budgetten kunnen daarom worden afgeraamd.
3.6.6 Herverdeling maatwerkbudgetten sociaal domein Binnen de (maatwerk)voorzieningen Sociaal Domein is de impact van de hoge indexatie op de tarieven enerzijds en de zwaardere problematiek op onderdelen (WMO, participatie/re-integratie) anderzijds zichtbaar in de toenemende kosten. Op basis van de realisatiecijfers 2024 is een prognose gemaakt op het totaal van de (maatwerk)voorzieningen. Op basis van deze prognose is een herverdeling gemaakt van de begrote bedragen voor 2025 en meerjarig. De tekorten (2025: € 755.300, 2026: € 869.353, 2027: € 720.757, 2028: € 608.357, 2029: € 633.983) worden deels opgevangen binnen de beschikbare budgetten en via dekking vanuit het regionaal budget Beschermd Wonen (versterken van de sociale basis) en het budget Sociaal Domein Algemeen. Het regionaal budget Beschermd Wonen vloeit voort uit het saldo van de regionale begroting Beschermd Wonen en is (onder andere) bedoeld om de kostenstijging binnen het maatwerk Wmo op te vangen. In 2025 en 2026 wordt voorgesteld een onttrekking te doen aan de reserve Wmo van € 255.300 en € 319.353. De grootste tekorten en overschotten worden hieronder benoemd. Inkoop trajecten / participatie Participatietrajecten worden als gevolg van een zwaarder wordende doelgroep meer en intensiever ingezet. Daarnaast worden de trajecten duurder als gevolg van de toegepaste indexatie.
In 2025 wordt voorgesteld het budget bij te ramen met € 40.000 en vanaf 2026 en verder met € 189.813. Individuele studietoeslag Studenten met een medische beperking kunnen vaak niet bijverdienen naast hun studie. Deze studenten kunnen mogelijk een studietoeslag krijgen. Ze ontvangen wel studiefinanciering of een basistoelage als tegemoetkoming voor scholieren. Daarnaast hebben ze geen recht op een Wajonguitkering. Gebleken is dat de uitgaven de afgelopen 2 jaar hoger zijn geworden (waarbij deze wel afhankelijk zijn van het aantal studenten dat zich meldt). Voorgesteld wordt het budget voor 2025 en meerjarig bij te ramen met een bedrag van € 6.000. Algemeen Maatschappelijk Werk Rekening houdend met een verwachte indexatie van de loonkosten door cao-verhoging wordt voorgesteld voor 2026 het budget met 6,75% te indexeren en voor 2027 en volgende jaren het
1e bestuursrapportage 2025
24
budget met 4% te indexeren. Dit betekent een verhoging van het budget met € 37.453 in 2026 oplopend tot € 111.412 in 2029. Wmo Met name in de materiele maatwerkvoorzieningen was in 2024 sprake van een forse stijging als gevolg van een aantal dure woningaanpassingen. Ook de kosten voor huishoudelijke hulp zijn in 2024 opnieuw toegenomen door indexeringen en toegenomen aantallen. Voorgesteld wordt deze budgetten bij te ramen vanuit een herverdeling van het totale Wmo budget. Kinderopvang sociaal medische indicatie De kosten voor de kinderopvang voor mensen met een sociaal medische indicatie zijn in 2024 gedaald. Voorgesteld wordt dit budget structureel af te ramen met € 37.627.
3.6.7 Handhaving Handhaving is elke (re)actie van de gemeente die erop gericht is de naleving van de geldende weten regelgeving te bevorderen en te bewerkstelligen. Zo nodig ook door het opleggen van sancties. Het gaat om het beïnvloeden van het gedrag van inwoners voor wie de betreffende regels gelden met als doel: naleving. Door de drie MER gemeenten is een nalevings- en handhavingsbeleidsplan 2025-2029 opgesteld. Hierop zal een plan van aanpak volgen voor het uitvoeringsbeleid, dat in 2025 van start moet gaan. Vooruitlopend op het nog vast te stellen nalevings- en handhavingsbeleidsplan 2025-2029 en uitvoeringsbeleid wordt voorgesteld een bedrag van € 50.000 per jaar voor de duur van 3 jaar beschikbaar te stellen in de vorm van een pilot voor de uitbreiding van de capaciteit voor de uitvoering van handhaving. Voorgesteld wordt dit jaarlijkse bedrag in 2025, 2026 en 2027 te onttrekken uit de Reserve inkomensvoorzieningen, re-integratie en sociale werkvoorzieningen.
3.6.8 Werkgeversservicepunt (WSP) Het WerkgeversServicePunt (WSP) Midden-Limburg is een netwerkstructuur waarin de 8 regiogemeenten, ontwikkelbedrijven Westrom en Risse/Werk.Kom en UWV samenwerken rondom het gecoördineerd en laagdrempelig aanbieden van werkgeversdienstverlening. De financiering van het WSP is geborgd via financiering van de 8 individuele gemeenten en middelen van Arbeidsmarktregio Midden-Limburg. Hierbij gaat het om de uitvoering van dienstverlening en van projecten. Afgelopen jaren is het WSP in personele bezetting uitgebreid om de dienstverlening voldoende te waarborgen. Hiervoor is een extra bijdrage voor 2025 nodig van € 65.000 door de gemeente EchtSusteren. De gemeente Roermond heeft tot op heden deze extra kosten gedragen. Deze extra kosten zijn noodzakelijk voor het kunnen blijven inzetten van jobhunttrajecten specifiek voor Statushouders en Jongeren. Met betrekking tot de kosten van statushouders ad. € 35.000 wordt voorgesteld deze over te hevelen vanuit het budget Inburgering. Met betrekking tot de kosten van jongeren wordt voorgesteld € 30.000 voor 2025 te onttrekken uit de reserve inkomensvoorzieningen, re-integratie en sociale werkvoorzieningen. In het eerste half jaar van 2025 lopen gesprekken hoe de inzet van het WSP en de hieraan verbonden bijdrage vanaf 2026 worden vormgegeven.
3.6.9 Ontmoetingswinkel Leger des Heils In 2024 heeft het Leger des Heils ten behoeve van het opzetten van een ontmoetingwinkel in Echt een incidentele subsidie ontvangen. De ontmoetingswinkel is een succes. Vele vrijwilligers en inwoners zijn wekelijks aanwezig in de ontmoetingswinkel. De winkel is een ontmoetingsplek voor veelal eenzame mensen (jong en oud) die bij het reguliere aanbod in de sociale basis geen aansluiting vinden. Inmiddels is de ontmoetingswinkel al meerdere dagdelen geopend en vraagt het Leger des Heils of de gemeente structureel een bijdrage wil geven. De landelijke organisatie van het Leger des Heils stelt zelf hiervoor ook budget beschikbaar en ze schrijven allerlei fondsen aan voor extra financiering. Voorgesteld wordt een bedrag van € 15.100 incidenteel voor opstartkosten en € 15.000 voor structurele subsidie in 2025 beschikbaar te stellen. Voor 2026 en volgende jaren wordt voorgesteld een bedrag van € 15.000 beschikbaar te stellen. In 2025 en 2026 worden de kosten gedekt
1e bestuursrapportage 2025
25
vanuit het budget specifieke uitkering GALA, onderdeel versterken sociale basis. Vanaf 2027 is structureel dekking binnen het lokale budget voor het versterken van de sociale basis.
3.6.10 Gemeentelijke bijdrage Westrom Op 20 november 2024 is door het algemeen bestuur van GR Westrom het definitieve besluit genomen om de uitvoeringsorganisatie van Westrom per 1 januari 2025 over te dragen aan de gemeente Roermond. Naar aanleiding van het onderhandelingsresultaat en de financiële positie van Westrom is alles eraan gedaan om de gemeentelijke bijdrage zo veel mogelijk te reduceren. Als gevolg van diverse ontwikkelingen die van invloed zijn op de begroting van Westrom (onder andere loonkostenstijgingen) is dit niet volledig gelukt, waardoor voor de jaren 2025 t/m 2028 een (geringe) gemeentelijke bijdrage nodig is. Voor de gemeente Echt-Susteren gaat het om de volgende bedragen: € 152.197 (2025), € 144.418 (2026), € 125.490 (2027), € 35.275 (2028). Na 2028 vervalt de gemeentelijke bijdrage. Voorgesteld wordt om de gemeentelijke bijdrage voor 2025 tot en met 2028 te dekken vanuit de reserve inkomensvoorzieningen, re-integratie en sociale werkvoorziening. In deze reserve is voldoende dekking aanwezig. De oorspronkelijk geraamde gemeentelijke bijdrage kan dan worden ingezet voor de ontwikkeling van het lokale Mensontwikkelbedrijf.
3.6.11 Pilot samenwerking niet-gemeentelijke verwijzers Ongeveer de helft van de gemeentelijke kosten van geïndiceerde jeugdhulp komt voort uit verwijzingen via niet-gemeentelijke verwijzers (denk hierbij aan huisartsen, gecertificeerde instellingen, medisch specialisten en rechters). De gemeente wil beter samenwerken met deze nietgemeentelijke verwijzers. Door de inzet van een gedragsdeskundige vanuit de gemeente is het de bedoeling om de samenwerking met niet-gemeentelijke verwijzers te versterken, nog beter passende indicaties tot stand te brengen en grip te krijgen op de uitgaven via deze verwijs-routes. De inzet van deze gedragsdeskundige is aanvullend op de inzet van de POH-J. Daar waar de POH-J aan de voorkant zit (en afstemming zoekt met huisarts voordat een verwijzing tot stand is gekomen), kijkt de gedragsdeskundige mee met verwijzingen die reeds zijn afgegeven. De doorontwikkeling van POH-J en deze pilot lopen dus parallel en mogelijk wordt in de toekomst voor een andere positionering van de taken van de gedragsdeskundige gekozen. Hij kijkt echter ook naar andere nietgemeentelijke verwijsroutes, zoals de gecertificeerde instellingen. Deze pilot laat al inhoudelijk en financieel positieve resultaten zien sinds de start begin 2024.
De samenwerking met (een aantal) aanbieders is verbeterd en er zijn meerdere toewijzingen, op basis van overleg, naar een reëlere omvang bijgesteld. Er zijn middelen nodig om deze pilot van de tweede helft 2025 tot eind 2026 te verlengen. Het betreft een bedrag van € 70.000 voor de tweede helft 2025 en een bedrag van € 140.000 voor 2026. Hiermee kan een gedragsdeskundige (of een vergelijkbare professional) tot en met 2026 de pilot continueren, waarbij het gesprek gevoerd wordt over mogelijke regionale samenwerking. Tegelijkertijd wordt bezien of en hoe deze functie structureel te positioneren is. Wanneer structurele positionering mogelijk en wenselijk is, dan wordt dit meegenomen in de kadernota 2027. Op basis van het landelijke advies van de Deskundigencommissie Van Ark over de Hervormingsagenda Jeugd verwachten gemeenten extra middelen om te investeren in lokale teams en vrijtoegankelijke voorzieningen voor jeugd. Hiermee kunnen de kosten (deels) worden gedekt.
3.6.12 Versterken basisformatie Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) Het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) voert namens gemeenten in Midden-Limburg taken uit op het gebied van ondersteuning aan gezinnen en jeugdigen. Het CJG heeft een breed takenpakket waarvoor zij jaarlijks subsidie ontvangt. Het CJG heeft een preventieve consultatiefunctie, biedt zelf ambulante hulpverlening, maar verwijst ook namens de gemeente door naar specialistische jeugdzorg en het gedwongen kader. Het doel is zoveel mogelijk jeugdigen laagdrempelig en vrij toegankelijk te helpen, zonder doorverwijzing naar specialistische zorg. Waar dit laatste wel nodig is, trekt het CJG samen met het gezin en andere professionals op en schaalt ook tijdig weer af. Bij de decentralisatie in 2015 zijn regionale afspraken gemaakt over de basisformatie van elk lokaal CJG