DOED vragen voorjaarsnota_. TIP met antwoorden_2
Tekst van het document
T = Technisch (moeten voorafgaand aan de politieke avond worden beantwoord) I = Informatief (Worden tijdens de politieke avond beantwoord en moeten daarna schriftelijk bij de griffie worden aangeleverd) P = Politiek (worden tijdens de politieke avond door de portefeuillehouder mondeling beantwoord) Voorjaarsnota Duiven 2024 Overzicht bezuinigingsmogelijkheden en Voorstellen Pag. 8/9 het verhogen de tarieven van marktgelden. En Pag. 74 Hogere marktgelden kan zorgen voor minder aanbod op de markt. Nu is het 6% voor marktgelden. Om te verhogen naar 100% is 94% verhoging van het bedrag. Vraag: Is het niet een betere oplossing om er standplaatsen van te maken? I Antwoord: Deze oplossing is niet onderzocht. Er is vooralsnog zuiver gekeken naar de mogelijkheden t.a.v. de legesverordening. Er wordt vanaf 2024 stroomkosten berekend. Vraag: waarom is dit niet eerder gedaan? I - Gebruiken alle 3 kramen stroom? I Antwoord: Het klopt dat de elektriciteitskosten die de standhouders gebruiken sinds 1 januari 2024 worden doorberekend aan de standplaatshouders. De opbrengst hiervan is nog niet in de begroting verwerkt; dat zal alsnog gebeuren. Het is voor zover bekend geen bewuste keuze geweest dat niet eerder te doen.
Vragen VJN 2024 p.9 “Het tweede scenario vergt een bescheiden extra investering (€ 75.000 per jaar), maar heeft als grote voordeel dat het door de inwoners gewenste initiatievenloket robuust kan worden ingericht met de benodigde begeleiding aan burgerinitiatieven. Ook kunnen initiatieven op basis van het uitdaagrecht wel worden opgepakt in dit scenario.” Vraag: 75k per jaar is een huidige begroting en te maken keuzes niet bescheiden; waarom wordt wederom een apart loket opgericht en niet allereerst in een derde scenario naar integratie met en optimalisatie van bestaande loketten gezocht? P p.22 “SHO …. medemogelijkmaakbedrag (€ 47.000).” Vraag: waarvoor worden deze bedragen aangewend? T Was is het effect wanneer dit niet meer medemogelijkwordtgemaakt? I
Antwoord: Met het gevraagde bedrag kan SHO initiatieven uit de samenleving medemogelijkmaken. De afgelopen 4 jaar was er sprake van een subsidie aan SHO in twee delen. Een (basis)subsidie voor reguliere activiteiten die in 2023 is vastgesteld op € 138.000 en de extra subsidie voor de rol van medemogelijkmaker van € 47.000. De basissubsidie is begroot tot en met 2028 en het extra medemogelijkmaakbedrag is begroot tot en met 2024. Voor de periode 2025 t/m 2026 werken we aan een nieuwe overeenkomst tussen Stichting SHO en Gemeente Duiven waarin de medemogelijkmaakrol een structurele plek heeft gekregen. Met het extra gevraagde bedrag van € 47.000 in de voorjaarsnota, is de begrote subsidie toereikend voor de nieuwe overeenkomst. Als het medemogelijkmaakbedrag niet wordt toegekend dan zal de invulling van de overeenkomst 2025-2026 anders worden. SHO zal minder kunnen betekenen voor het medemogelijkmaken van initiatieven uit de samenleving; denk aan het aanjagen, stimuleren en faciliteren van nieuwe initiatieven en het ad hoc organiseren van bijvoorbeeld een vrijheidsontbijt op aanvraag van de gemeente. p.29 “Door de afgelopen jaren zijn de prijzen door onvoorziene omstandigheden fors gestegen. Hierdoor ontstaat er een prijsverhoging van € 290.000 per jaar.
Dit bedrag wordt voor een bedrag € 85.000 gedekt uit het budget dat beschikbaar is gesteld voor onderhoud openbaar groen bij vaststelling van IBOR (Integraal Beheerplan Openbare Ruimte). Het overige deel van € 205.000 moet worden bijgeraamd.” Vraag: Wat zijn de onvoorzien omstandigheden, hadden deze voorkomen kunnen worden en waardoor worden deze gerechtvaardigd? I Antwoord: Door o.a. Covid, de energiecrisis, maar ook de krapte op de arbeidsmarkt zijn de prijzen fors gestegen ten opzichte van het prijspeil 2019/2020. Deze omstandigheden waren niet voorzien op moment van inschrijving. Tot op heden is er niet geïndexeerd. Juridisch gezien heeft de aannemer recht op bijbetaling.
p.40 “3.A.1 Uitvoeren Woonvisie/Versnellen woningbouw” Vraag: kan een onderbouwing/opbouw worden gegeven van het aanvullend budget voor de programmabegroting 2022-2026 voor de realisatie van woningbouwplannen tot 1 oktober 2026 vastgelegd? I Antwoord: Deze budgetten zijn nodig om extra kennis en ervaring in te huren of aan te nemen om de gewenste versnelling mogelijk te maken. Naast de reguliere werkzaamheden (op basis van basisformatie) vraagt de woningbouwversnelling om aanvullende capaciteit. Voor extra woningbouwprojecten van bijvoorbeeld 300
woningen (deze passen niet in onze basisformatie) zijn er aanvullende projectteams nodig. Deze bestaan grofweg uit een projectleider, een adviseur RO, een verkeerskundige, een ecoloog/groenspecialist, jurist, communicatieadviseur, een planeconoom, een vergunningverlener en specialisten op milieuthema’s als bodem, geluid en lucht. Grofweg gaat het dan om 3 extra fte, verspreid over de benodigde thema’s. Inschaling tussen de thema’s kent een variatie tussen schaal 9 (85.000 euro/jaar) en schaal 11 (106.000 euro/jaar) met eigen mensen. Inhuur kost al snel het dubbele.
p.46 “Voor de uitvoering van de programmalijn Klimaatadaptatie is totaal € 1.042.510 ter beschikking gesteld t/m 2027.” Vraag: Wat zijn de mogelijkheden om deze programmalijn over een langere periode uit te zetten t/m 2023. Welke geplande ontwikkeling kunnen later worden in gepland worden of wellicht uit gefaseerd om de druk op de begroting 2025-2028 te reduceren? I Antwoord: Het is een mogelijkheid om bijvoorbeeld de uitvoeringsperiode met één jaar te verlengen tot en met 2028. Hierover moet wel afstemming plaatsvinden met gemeente Zevenaar en Westervoort en het Waterschap omdat er binnen de werkregio bestuurlijke afspraken liggen in het gezamenlijk uitvoeren van het Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie. Wel past temporiseren bij de beperkte personele capaciteit en workload die er op dit moment ligt en er naar verwachting nog aan komt. Verder blijven bij temporiseren de risico’s van niet klimaatadaptief zijn langer bestaan en daarmee ook de financiële risico’s. Welke financiële ‘besparing’ dit oplevert op de jaarbegroting moet nader worden uitgezocht. Faseren op kredieten (geld vanuit de oplegger en specifiek voor gemeente Duiven geplande uitvoeringsprojecten) kan niet enkel vanuit budgetten van klimaatadaptatie omdat het onderdeel klimaatadaptatie verweven is met de integrale aanpak van de openbare ruimte.
Dergelijke projecten zullen dan in totaliteit getemporiseerd moeten worden. Dit vraagt om een integrale zwaarwegende besluitvorming. Er liggen grote risico’s zowel in veiligheid van de openbare ruimte, toezeggingen aan inwoners en cofinanciers (subsidies die wegvallen). Daarnaast heeft het faseren van kredieten een bezuiniging die nihil is omdat het alleen om de kapitaallasten gaat. p. 47 “3.4.2 Extra capaciteit riolering” Vraag: kan deze extra capaciteit in samenwerking met omliggende gemeenten worden in gevuld in een Liemers samenwerking? I Welke potentieel effect heeft dat op de begroting? I
Antwoord: De Liemers kent een intensieve samenwerking op dit gebied. Binnen die samenwerking zijn er geen mogelijkheden om deze capaciteit in te vullen. p.54 Vraag: Hoeveel % is deze verlaging tov het totale jaarlijkse huidige budget? I
Antwoord: Verlagen vrijw.budget = 40% zie voorstel 15 programma 2 pagina 47, hier staat alles Verlagen mantelzorg = €20.000 op € 64.766. Zie voorstel 16 programma 2 pag 49 Verlagen subsidie vrijw.organisaties = 10% zie voorstel 17 programma 2 pag 50 Verlagen eenzaamheid = 50% zie voorstel 18 programma 2 pag 51. Vraag: Wat is het maatschappelijk effect van stilzetten van het MDT budget? I Hoeveel jong volwassen kunnen hierdoor niet meer deelnemen jaarlijks aan een MDT project? I Antwoord: Zie voorstel 11 programma 2 pag 28. Er doen gemiddeld 65 jongeren per jaar mee. Door stopzetten kunnen zij niet meer mee doen. Ongeveer een derde van deze deelnemers zal daardoor een beroep doen op (dure maatwerk) jeugdhulp. p.56: Vraag: Wat is het gevolg voor de uitvoering van de Liemerse Uitdaging van het stilzetten van deze bijdrage? I Antwoord: Het stopzetten van de bijdrage uit Duiven zal betekenen dat de Liemerse Uitdaging geen matches meer tot stand brengt op basis van verzoeken en hulpvragen van Duivense verenigingen en stichtingen. Daarnaast valt hiermee voor de Uitdaging een inkomstenbron weg. Besluiten meerdere gemeenten/partijen hiertoe, dan kan dat wellicht gevolgen hebben voor het voortbestaan van de Liemerse Uitdaging.Is de gemeente Duiven de enige gemeente die bijdraagt? T Antwoord: Hier dragen de gemeenten Duiven, Zevenaar, Westervoort en Montferland financieel aan bij.