DOED vragen strategisch beheerplan spelen TIP - antw
Tekst van het document
T = Technisch (moeten voorafgaand aan de politieke avond worden beantwoord) = Informatief (moeten voorafgaand aan de politieke avond worden beantwoord) P = Politiek (worden tijdens de politieke avond door de portefeuillehouder mondeling beantwoord)
Politieke avond 13 januari 2026 Vraag over A.2
- Strategisch beheerplan spelen
Men gaat uit van 20 jaar levensduur van toestellen. Vraag: Is dit gebaseerd op objectieve ervaringscijfers uit Duiven of andere gemeenten, en wat gebeurt er financieel als blijkt dat toestellen in de praktijk tóch maar 12–15 jaar meegaan? I Dit is gebaseerd op langjarige ervaringscijfers uit Duiven. We hebben een uitgebreid digitaal logboek voor alle speeltoestellen, waarbij het jaartal van aanleg is opgenomen. We zien dat sommige toestellen wel meer dan 30 jaar mee gaan en sommige houten toestellen maar 12 jaar. Door bij nieuwe aanleg en renovatie typen toestellen en materialen toe te passen, waarvan we weten dat ze lang meegaan, kunnen we de gemiddelde levensduur positief beïnvloeden. Klopt het dat in het voorliggende beheerplan geen expliciete paragraaf is opgenomen over meldingen, aanspreekpunten en verantwoordelijkheden richting inwoners? I Dat klopt. Deze onderwerpen zijn vaak integraal met andere vakgebieden opgenomen in andere stukken die gaan over bijvoorbeeld participatie en dienstverlening. De verantwoordelijkheden op het gebied van veiligheid van speeltoestellen zijn wettelijk vastgelegd. Aanspreekpunten zijn te bereiken via onze reguliere kanalen (telefoon, fixi, website, etc.).
Is het college voornemens deze informatie alsnog expliciet in of bij het beheerplan op te nemen, en zo ja op welke wijze? I Het werkt eerder verwarring in de hand als we deze informatie in het beheerplan vermelden. Wijzigingen in organisatie of personeel kunnen daarmee verouderen en tot verwarring leiden. Als we dit centraal organiseren via onze reguliere kanalen, dan komt dit de serviceverlening naar onze inwoners ten goede. Hanteert de gemeente bij het beheerplan een norm of richtlijn voor de maximale loopafstand tot een speelplek voor kinderen per leeftijdscategorie? T Zo ja, welke afstanden worden daarbij gehanteerd en waar zijn deze vastgelegd? Zo nee, op basis waarvan is dan beoordeeld dat de afname van 82 naar 71 speelplekken niet leidt tot een onevenredige verslechtering van de bereikbaarheid voor kinderen in bepaalde wijken? T Nee, we hanteren geen afstand, maar het begrip ‘speelbuurt’ (bladzijde 23). Het is veel belangrijker dat er geen barrière, zoals een drukke weg, ligt tussen de woning en de speelplek voor de jongere doelgroep. Met deze benadering treedt er geen onevenredige verslechtering op.